Nationale parlementen van de lidstaten

 

Het Europees Parlement hecht grote waarde aan het onderhouden van nauwe banden met de nationale parlementen van de lidstaten door middel van regelmatig overleg. Dit geldt nog sterker sinds de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon, ook wel "verdrag van de parlementen" genoemd.

 
 
Betrekkingen van de nationale parlementen met het Europees Parlement

De Conferentie van voorzitters is het orgaan dat bevoegd is voor de betrekkingen met de nationale parlementen van de lidstaten. In december 2009 stelde de Conferentie van voorzitters een "stuurgroep betrekkingen met de nationale parlementen" in die zich moet bezinnen op de uitvoering van de bepalingen inzake nationale parlementen in het Verdrag van Lissabon, de interne coördinatie binnen het EP op dit gebied moet bevorderen en met voorstellen moet komen voor een vast activiteitenprogramma.

Het Europees Parlement houdt de nationale parlementen regelmatig op de hoogte van zijn activiteiten. De parlementaire commissies nodigen regelmatig leden van de nationale parlementen voor hun vergaderingen uit, onder meer om van gedachten te wisselen over nieuwe wetgevingsvoorstellen van de Commissie. Het Europees Parlement organiseert elk halfjaar samen met het parlement van de lidstaat die het EU-voorzitterschap bekleedt, een gezamenlijk parlementair beraad over belangrijke onderwerpen op de politieke agenda van de EU.

Conferentie van commissies voor EU-aangelegenheden (COSAC)

De COSAC is een overlegorgaan van vertegenwoordigers van de nationale parlementaire commissies voor Europese zaken en het Europees Parlement. In protocol nr.1 (bij het Verdrag van Lissabon) betreffende de rol van de nationale parlementen in de Europese Unie wordt expliciet verwezen naar een "conferentie van de organen van de parlementen die gespecialiseerd zijn in de aangelegenheden van de Unie".

COSAC komt twee keer per jaar bijeen. Zij bestaat uit zes vertegenwoordigers van elk nationaal parlement en zes leden van het Europees Parlement, waaronder de twee ondervoorzitters belast met de betrekkingen met de nationale parlementen.

Zie ook:
Europees centrum voor parlementair onderzoek en documentatie (ECPRD)

Het ECPRD is een netwerk van 70 parlementen, waarvan 40 in EU-landen. Het gaat terug op een initiatief van het Europees Parlement en de Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa. Deze twee instellingen benoemen de twee codirecteurs van het ECPRD. Het EP verzorgt het secretariaat en de website.

  • het bevorderen van de uitwisseling van informatie, ideeën en ervaringen over onderwerpen die van gemeenschappelijk belang zijn voor het Europees Parlement en de nationale parlementen,
  • het versterken van de reeds bestaande nauwe samenwerking tussen de onderzoeks- en documentatiediensten van de aangesloten parlementen.

De voornaamste activiteiten zijn het verstrekken van vergelijkende gegevens en het organiseren van seminars, waarvoor een actuele website is opgezet. Het besloten gedeelte van de website is alleen voor de aangesloten parlementen toegankelijk.

Zie ook:
Inter-parliamentary EU Information Exchange (IPEX)

Omwille van de onderlinge informatie-uitwisseling hebben de nationale parlementen in samenwerking met het Europees Parlement een eigen databank en website opgezet: www.ipex.eu.

IPEX bevat de parlementaire stukken en informatie over de Europese Unie. De hoofdbestanddelen van de IPEX-databank zijn de parlementaire stukken, die door elk parlement worden geüpload. De stukken zijn ingedeeld op grond van het specifieke EU-document waar ze betrekking op hebben.

Zie ook: