Procedure : 2014/2042(BUD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0004/2014

Ingediende teksten :

A8-0004/2014

Debatten :

Stemmingen :

PV 17/09/2014 - 9.2
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2014)0017

VERSLAG     
PDF 196kWORD 98k
11.9.2014
PE 536.166v02-00 A8-0004/2014

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering, overeenkomstig punt 13 van het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer (aanvraag EGF/2014/001 EL/Nutriart)

(COM(2014)0376 – C8‑0032/2014 – 2014/2042(BUD))

Begrotingscommissie

Rapporteur: Georgios Kyrtsos

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
 TOELICHTING
 BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE WERKGELEGENHEID EN SOCIALE ZAKEN
 BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE REGIONALE ONTWIKKELING
 UITSLAG VAN DE EINDSTEMMING IN DE COMMISSIE

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering, overeenkomstig punt 13 van het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer (aanvraag EGF/2014/001 EL/Nutriart)

(COM(2014)0376 – C8‑0032/2014 – 2014/2042(BUD))

Het Europees Parlement,

–       gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2014)0376 – C8‑0032/2014),

–       gezien Verordening (EU) nr. 1309/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (2014-2020) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1927/2006(1) (EFG-verordening),

–       gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(2), en met name artikel 12,

–       gezien het Interinstitutioneel Akkoord tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie van 2 december 2013 betreffende de begrotingsdiscipline, samenwerking in begrotingszaken en goed financieel beheer(3) (IIA van 2 december 2013), en met name punt 13,

–       gezien de trialoogprocedure als bedoeld in punt 13 van het IIA van 2 december 2013,

–       gezien de brief van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken,

–       gezien de brief van de Commissie regionale ontwikkeling,

–       gezien het verslag van de Begrotingscommissie (A8-0004/2014),

A. overwegende dat de Europese Unie wetgevings- en begrotingsinstrumenten in het leven heeft geroepen om extra steun te geven aan werknemers die de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen ondervinden, en hen te helpen bij hun terugkeer op de arbeidsmarkt;

B.  overwegende dat financiële steun van de Unie aan ontslagen werknemers flexibel moet zijn en zo snel en efficiënt mogelijk ter beschikking moet worden gesteld, overeenkomstig de gezamenlijke verklaring van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie die is goedgekeurd op het overleg van 17 juli 2008, en met eerbiediging van het IIA van 2 december 2013 wat betreft het nemen van besluiten om gebruik te maken van het EFG;

C. overwegende dat Griekenland aanvraag EGF/2014/001 EL/Nutriart heeft ingediend voor een financiële bijdrage uit het EFG naar aanleiding van ontslagen bij Nutriart S.A. en bij 25 leveranciers en downstreamproducenten en 24 zelfstandigen die hun werkzaamheden, die van de primaire onderneming in Griekenland afhankelijk waren, hebben beëindigd tijdens de referentieperiode van 16 juli 2013 tot 16 november 2013, waarbij 508 werknemers in aanmerking komen voor maatregelen met medefinanciering door het EFG;

D. overwegende dat de aanvraag voldoet aan de subsidiabiliteitscriteria die zijn vastgelegd in de EFG-verordening;

E. overwegende dat 66,34% van de werknemers waarop de maatregelen betrekking hebben man is, en 33,66% vrouw; overwegende dat de grote meerderheid (86,42%) van de werknemers tussen de 30 en 54 jaar oud is; overwegende dat 8,07% van de werknemers tussen de 55 en 64 jaar oud is;

1.  is het met de Commissie eens dat is voldaan aan de voorwaarden van artikel 4, lid 1, onder a), van de EFG-verordening en dat Griekenland bijgevolg recht heeft op een financiële bijdrage op grond van die verordening;

2.  merkt op dat de Griekse autoriteiten de aanvraag voor een financiële bijdrage van het EFG op 5 februari 2014 hebben ingediend en tot 2 april 2014 aanvullende informatie hebben verstrekt, en dat de Commissie haar beoordeling op 24 juni 2014 openbaar heeft gemaakt; is ingenomen met de snelle beoordeling in vier maanden;

3.   merkt op dat dit de eerste aanvraag is die wordt ingediend en beoordeeld volgens de EFG-verordening voor het meerjarig financieel kader 2014-2020;

4.  is van mening dat de ontslagen bij Nutriart S.A. en bij 25 leveranciers en downstreamproducenten en de 24 zelfstandigen die hun werkzaamheden, die van de primaire onderneming in Griekenland afhankelijk waren, hebben beëindigd, verband houden met de wereldwijde financiële en economische crisis, onder verwijzing naar het feit dat de Griekse economie sinds 2008 met in totaal 5% van het bbp is gekrompen en weliswaar langzaam uit de recessie raakt, maar nog steeds niet in staat is nieuwe werkgelegenheid te scheppen en het historisch hoge werkloosheidspercentage van 26 à 27% van de beroepsbevolking te verminderen;

5.  neemt er nota van dat de ontslagen drie belangrijke oorzaken hadden: (1) de daling van het beschikbare gezinsinkomen (ingevolge de hogere belastingdruk, de dalende lonen, zowel in de privé- als in de overheidssector, en de stijgende werkloosheid), die een zeer sterke daling van de koopkracht tot gevolg had en een zeer negatieve invloed op het verbruik van een reeks producten had, (2) de vertraging waarmee de meeste klanten van Nutriart betaalden, en 3) de drastische afname van de leningen aan ondernemingen en particulieren door de inspanningen van het Griekse bankstelsel om de uitstaande leningen af te bouwen;

6.  benadrukt dat de 508 ontslagen de werkloosheidssituatie in Attica en Centraal-Macedonië verder zullen verslechteren, aangezien de werkloosheid daar in het vierde kwartaal respectievelijk 28,2 en 30,3% bedroeg(4); merkt voorts op dat Attica 43% van het Griekse bbp vertegenwoordigt en dat de gevolgen van de sluiting van ondernemingen die in deze regio gevestigd zijn, zich bijgevolg in de hele Griekse economie zullen laten voelen; merkt ook op dat de toenemende werkloosheid in de twee grootste stadcentra van Griekenland de sociale cohesie heeft verzwakt en sociale spanningen heeft vergroot;

7.  is verheugd dat de Griekse autoriteiten, om de werknemers snel bijstand te verlenen, hebben beslist om met de uitvoering van de individuele dienstverlening aan de getroffen werknemers te beginnen op 30 april 2014, lang vóór het definitieve besluit over de toekenning van EFG-steun voor het voorgestelde gecoördineerde pakket;

8.  is zeer verheugd dat de Griekse autoriteiten niet alleen aan 508 ontslagen werknemers door het EFG medegefinancierde individuele dienstverlening zullen verstrekken, maar ook aan maximaal 505 jongeren jonger dan 30 jaar die geen werk hebben en evenmin onderwijs of een opleiding volgen (NEET's), zodat het totale aantal beoogde begunstigden 1 013 bedraagt; benadrukt dat dit de eerste keer is dat deze nieuwe bepaling van de EFG-verordening wordt gebruikt;

9.   merkt op dat 150 geselecteerde werknemers en NEET's die een eigen bedrijf oprichten, het maximale bedrag van 15 000 EUR zullen ontvangen als bijdrage in de oprichtingskosten; benadrukt dat deze maatregel tot doel heeft ondernemerschap te bevorderen door financiering te verstrekken, wat op de middellange termijn moet leiden tot het creëren van extra banen;

10. neemt er nota van dat het gecoördineerde pakket van individuele dienstverlening waarvoor medefinanciering wordt aangevraagd, maatregelen ten behoeve van ontslagen werknemers, zelfstandigen die hun werkzaamheden hebben beëindigd en NEET's omvat, zoals loopbaanbegeleiding, opleiding, omscholing en beroepsopleiding, begeleiding bij het oprichten van een eigen bedrijf, een bijdrage aan het opstarten van een bedrijf, een toelage voor het zoeken naar werk en mobiliteitstoelagen; is zeer verheugd dat medefinanciering door het EFG voor het eerst ook naar zelfstandigen gaat;

11. is verheugd over het plan om een starterscentrum voor innovatieve nieuwe bedrijven te ontwikkelen;

12. is verheugd dat het gecoördineerde pakket van individuele dienstverlening is opgesteld in overleg met de vertegenwoordigers van de beoogde begunstigden, de vakbond GSEE(5) en de Helleense Confederatie van ondernemingen, en dat een beleid van gelijkheid van mannen en vrouwen en non-discriminatie zal worden toegepast in de verschillende stadia van de uitvoering van het EFG en bij de toegang ertoe;

13. herinnert aan het belang van een verbetering van de inzetbaarheid van alle werknemers door aangepaste opleiding en de erkenning van de in de loop van het beroepsleven opgedane vaardigheden en bekwaamheden; verwacht dat de opleiding die in het gecoördineerde pakket wordt aangeboden, niet alleen is afgestemd op de behoeften van de ontslagen werknemers, maar ook op het huidige ondernemingsklimaat;

14. merkt op dat de informatie die is verstrekt over het gecoördineerde pakket van individuele diensten dat uit het EFG moet worden gefinancierd, gegevens bevat over de complementariteit met maatregelen die worden gefinancierd uit de structuurfondsen; benadrukt dat de Griekse autoriteiten bevestigen dat voor de subsidiabele maatregelen geen steun uit andere financieringsinstrumenten van de Unie wordt ontvangen; herhaalt zijn oproep aan de Commissie om in haar jaarverslagen een vergelijkende evaluatie van deze gegevens op te nemen om ervoor te zorgen dat de bestaande verordeningen volledig in acht worden genomen en dubbel gebruik van door de Unie gefinancierde diensten wordt voorkomen;

15. waardeert de verbeterde procedure die de Commissie op verzoek van het Parlement in het leven heeft geroepen om de toekenning van subsidies te versnellen; stelt vast dat de Commissie binnen twaalf weken na de ontvangst van de volledige aanvraag heeft beoordeeld of de aanvraag voldoet aan de voorwaarden voor het verlenen van een financiële bijdrage;

16. benadrukt dat er overeenkomstig artikel 9 van de EFG-verordening op moet worden toegezien dat de EFG-steun beperkt blijft tot hetgeen noodzakelijk is om aan de beoogde begunstigden solidariteit te betonen en tijdelijke, eenmalige steun te verlenen, en niet in de plaats komt van maatregelen waartoe bedrijven verplicht zijn krachtens hun nationale wetgeving of collectieve overeenkomsten;

17. is ingenomen met de vaststelling van de nieuwe EFG-verordening, die vorm geeft aan de overeenkomst tussen het Europees Parlement en de Raad om het criterium "crisisafwijking" opnieuw in te voeren, om de financiële bijdrage van de Unie te verhogen tot 60% van de totale geschatte kosten van de voorgestelde maatregelen, om de efficiëntie voor de behandeling van EFG-aanvragen in de Commissie en door het Europees Parlement en de Raad te verhogen door de termijn voor beoordeling en goedkeuring te verkorten, om de subsidiabele maatregelen en begunstigden uit te breiden door zelfstandigen en jongeren toe te voegen en om stimuleringsmaatregelen voor de oprichting van een eigen bedrijf te financieren;

18. hecht zijn goedkeuring aan het bij deze resolutie gevoegde besluit;

19. verzoekt zijn Voorzitter dit besluit samen met de voorzitter van de Raad te ondertekenen en zorg te dragen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie;

20. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie, met inbegrip van de bijlage, te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

(1)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 855.

(2)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.

(3)

PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(4)

Bron: ELSTAT, Arbeidskrachtenenquête Q4 2013.

(5)

Algemene Confederatie van Griekse werknemers.


BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering, overeenkomstig punt 13 van het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer (aanvraag EGF/2014/001 EL/Nutriart)

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 1309/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (2014-2020) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1927/2006(1), en met name artikel 15, lid 4,

Gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(2), en met name artikel 12,

Gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(3), en met name punt 13,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)      Het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) is opgericht om steun te verlenen aan werknemers die werkloos zijn geworden en zelfstandigen die hun werkzaamheden hebben beëindigd als gevolg van uit de globalisering voortvloeiende grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen, doordat de in Verordening (EG) nr. 546/2009(4) behandelde wereldwijde financiële en economische crisis aanhoudt, of door een nieuwe wereldwijde financiële en economische crisis, en hen te helpen om op de arbeidsmarkt terug te keren.

(2)      Zoals vastgesteld in artikel 12 van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 mag het EFG het jaarlijks maximumbedrag van 150 miljoen EUR (prijzen 2011) niet overschrijden.

(3)      Griekenland heeft een aanvraag ingediend om middelen uit het EFG ter beschikking te stellen voor ontslagen bij de onderneming Nutriart S.A. en 25 leveranciers en downstreamproducenten: AR.ZIGAS & SIA en 24 zelfstandigen die hun werkzaamheden, die afhankelijk waren van de primaire onderneming, hebben beëindigd, en heeft overeenkomstig artikel 8, lid 3, van Verordening (EU) nr. 1309/2013 aanvullende gegevens verstrekt. Deze aanvraag voldoet aan de voorwaarden voor een financiële bijdrage uit het EFG overeenkomstig artikel 13 van Verordening (EU) nr. 1309/2013.

(4)      Griekenland heeft besloten om door het EFG medegefinancierde individuele dienstverlening overeenkomstig artikel 6, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1309/2013 ook te verlenen aan NEET's.

(5)      Er moeten dan ook middelen uit het EFG beschikbaar worden gesteld om een financiële bijdrage van 6 096 000 EUR te leveren aan de door Griekenland ingediende aanvraag,

HEBBEN HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Ten laste van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2014 wordt een bedrag van 6 096 000 EUR aan vastleggings- en betalingskredieten beschikbaar gesteld uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering.

Artikel 2

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel,

Voor het Europees Parlement                      Voor de Raad

De Voorzitter                                                De Voorzitter

(1)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 855.

(2)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.

(3)

PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(4)

PB L 167 van 29.6.2009, blz. 26.


TOELICHTING

I. Achtergrond

Het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) is opgericht om extra steun te geven aan werknemers die de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen ondervinden.

Overeenkomstig de bepalingen van artikel 12 van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(1) en van artikel 15 van Verordening (EG) nr. 1309/2013(2) mag het jaarlijkse maximumbedrag ten behoeve van het fonds niet meer dan 150 miljoen EUR bedragen (prijzen 2011). De benodigde bedragen worden als voorziening opgenomen in de algemene begroting van de Europese Unie.

Overeenkomstig punt 13 van het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(3) verloopt de procedure om het fonds te activeren als volgt: na een positieve beoordeling van een aanvraag legt de Commissie een voorstel tot beschikbaarstelling van middelen uit het fonds aan de begrotingsautoriteit voor, samen met een bijbehorend overschrijvingsverzoek. Indien er geen eensgezindheid bestaat, wordt een trialoogprocedure ingeleid.

II. De aanvraag voor Nutriart en het voorstel van de Commissie

Op 24 juni 2014 nam de Commissie een nieuw voorstel voor een besluit aan betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering aan Griekenland om de terugkeer naar de arbeidsmarkt te steunen van werknemers die als gevolg van de wereldwijde financiële en economische crisis zijn ontslagen bij de onderneming Nutriart S.A. en 25 leveranciers en downstreamproducenten in Griekenland.

Deze aanvraag voor de beschikbaarstelling van een totaalbedrag van 6 096 000 EUR uit het EFG voor Griekenland is de zesde die in het kader van de begroting 2014 wordt behandeld. Het betreft 508 ontslagen werknemers bij Nutriart S.A. (de primaire onderneming) en 25 leveranciers en downstreamproducenten: AR.ZIGAS & SIA en 24 zelfstandigen die hun werkzaamheden, die afhankelijk waren van de primaire onderneming, hebben beëindigd. De Griekse autoriteiten zullen individuele dienstverlening verstrekken die door het EFG wordt medegefinancierd aan maximaal 505 jongeren die geen werk hebben en evenmin onderwijs of een opleiding volgen (NEET's) en die op de datum van de indiening van de aanvraag jonger waren dan 30 jaar, aangezien alle ontslagen die in punt 8 worden vermeld zich voordoen in de NUTS II-regio's Centraal-Macedonië (EL12) en Attica (EL30), die voor het Jeugdwerkgelegenheidsinitiatief in aanmerking komen. Het geschatte totale aantal beoogde begunstigden dat naar verwachting aan de maatregelen zal deelnemen, met inbegrip van NEET's, bedraagt bijgevolg 1 013. De aanvraag werd op 5 februari 2014 bij de Commissie ingediend en tot en met 2 april 2014 werd er aanvullende informatie verstrekt. De Commissie heeft overeenkomstig alle toepasselijke bepalingen van de EFG-verordening geconcludeerd dat de aanvraag aan de voorwaarden voor het toekennen van een financiële bijdrage uit het EFG voldoet.

De Griekse autoriteiten voeren aan dat de Griekse economie al zes jaar op rij een recessie doormaakt en dat het bbp met in totaal 25% is gedaald. Sinds 2008 zijn volgens Elstat (het Griekse bureau voor de statistiek) het Grieks bbp met 25%, de overheidsconsumptie met 21% en de particuliere consumptie met 32,3% gedaald, terwijl de werkloosheid vrijwel is verviervoudigd tot 26 à 27% van de beroepsbevolking. Bovendien heeft het dalende bbp de kloof tussen het Grieks bbp per hoofd en het bbp per hoofd in de EU groter gemaakt, waardoor de vooruitgang die Griekenland in de periode 1995-2007 heeft geboekt om tot economische convergentie te komen, ongedaan wordt gemaakt.

Doordat ondernemingen uit de secundaire sector, zoals Nutriart S.A., failliet gaan, bevindt de Griekse economie zich in een "desinvesteringsproces" (zij verliest met andere woorden haar productiecapaciteit). Volgens de OESO zijn de bruto-investeringen in vaste activa(4) in de periode 2008-2013 met 20% gedaald. Door de ontslagen bij Nutriart zal het aantal werkzoekenden in de regio toenemen, terwijl het aantal beschikbare banen ingevolge het verlies aan productiecapaciteit door het faillissement van de onderneming zal afnemen. De ontslagen kunnen bijgevolg worden geacht zeer negatieve gevolgen te hebben voor de regionale en plaatselijke economie. Volgens de officiële statistieken zijn de meeste werklozen langdurig werkloos en treft de werkloosheid zowel de jongere generatie als vijftigers, die het moeilijk hebben om een andere baan te vinden. Ten slotte bevond in 2012 23% van de Grieken zich onder de armoedegrens(5).

De individuele dienstverlening die aan werknemers die zijn ontslagen, zelfstandigen die hun werkzaamheden hebben beëindigd en NEET's moet worden verstrekt, bestaat uit de volgende maatregelen die samen een gecoördineerd pakket van individuele dienstverlening vormen: loopbaanbegeleiding, opleiding, omscholing en beroepsopleiding, begeleiding bij het oprichten van een eigen bedrijf, een bijdrage aan het opstarten van een bedrijf, een toelage voor het zoeken naar werk en mobiliteitstoelagen.

Volgens de Commissie zijn de beschreven maatregelen actieve arbeidsmarktmaatregelen die behoren tot de in artikel 7 van de EFG-verordening vastgestelde subsidiabele acties. Deze acties komen niet in de plaats van maatregelen die gericht zijn op een passieve sociale bescherming.

De Griekse autoriteiten hebben op de volgende punten de nodige garanties geboden:

•   bij de toegang tot de voorgestelde acties en hun uitvoering zullen de beginselen van gelijke behandeling en non-discriminatie worden gerespecteerd;

•   aan de voorschriften van de nationale en EU-wetgeving betreffende collectieve ontslagen is voldaan;

•   Nutriart S.A. is haar wettelijke verplichtingen bij ontslagen nagekomen en heeft voor haar werknemers dienovereenkomstig de nodige maatregelen getroffen;

•   Nutriart S.A. heeft het faillissement aangevraagd en de uitspraak van de betrokken rechtbank wordt in het najaar van 2014 verwacht; Nutriart is niet van plan om achteraf haar werkzaamheden te hervatten;

•   de voorgestelde acties zullen steun verlenen aan individuele werknemers en zullen niet worden gebruikt om ondernemingen of sectoren te herstructureren;

•   de voorgestelde acties zullen geen financiële steun ontvangen van andere fondsen of financiële instrumenten van de Unie, en dubbele financiering zal worden voorkomen;

•   de voorgestelde maatregelen zullen complementair zijn met acties die door de structuurfondsen worden gefinancierd;

•   de financiële bijdrage van het EFG zal voldoen aan de procedurele en materiële EU-regels inzake overheidssteun.

Griekenland heeft de Commissie meegedeeld dat de financiële bijdrage door dezelfde instanties wordt beheerd en gecontroleerd die de financiering van het Europees Sociaal Fonds (ESF) in Griekenland beheren en controleren. De Autoriteit coördinatie en monitoring ESF-maatregelen (EYSEKT) zal als beheersinstantie fungeren en het Comité fiscale audits (EDEL) als controle-instantie.

III. Procedure

Om middelen uit het fonds te kunnen inzetten, heeft de Commissie de begrotingsautoriteit een overschrijvingsverzoek doen toekomen voor een totaalbedrag van 6 096 000 EUR uit de EFG-reserve (40 02 43) naar de EFG-begrotingslijn (04 04 51).

Dit is het zesde voorstel tot overschrijving voor de beschikbaarstelling van middelen uit het fonds dat tot op heden in 2014 naar de begrotingsautoriteit is gezonden.

Indien er geen eensgezindheid bestaat, wordt overeenkomstig artikel 15, lid 4, van de EFG de trialoogprocedure ingeleid.

Conform een interne afspraak moet de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken bij dit proces worden betrokken, zodat zij op constructieve wijze kan bijdragen aan de beoordeling van de aanvragen voor steun uit het EFG.

(1)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.

(2)

PB L 347 van 30.12.2013, blz. 855.

(3)

PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(4)

Bruto-investeringen in vaste activa (BIVA) worden in de nationale rekeningen gedefinieerd als het saldo van de aan- en verkopen van geproduceerde vaste activa, m.a.w. activa die bedoeld zijn om te worden gebruikt voor de productie van andere goederen en diensten voor een periode van meer dan een jaar.

(5)

In Griekenland ligt de armoedegrens op 5 508 EUR per jaar per persoon (voor alleenstaanden) en op 11 986 EUR voor gezinnen met twee volwassenen en twee kinderen tot 14 jaar.


BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE WERKGELEGENHEID EN SOCIALE ZAKEN

ZP/ch D(2014)39264

De heer Jean Arthuis

Voorzitter van de Begrotingscommissie

ASP 09G205

Betreft: Advies inzake de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) in dossier EGF/2014/001 EL/Nutriart uit Griekenland (COM(2014)376 final)

Geachte voorzitter,

De Commissie werkgelegenheid en sociale zaken (EMPL) en haar werkgroep EFG hebben de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG in dossier EGF/2014/001 EL/Nutriart onderzocht en het volgende advies goedgekeurd.

De Commissie werkgelegenheid en sociale zaken en de werkgroep EFG zijn voorstander van de beschikbaarstelling van middelen uit het Fonds voor het verlangde doel. De commissie formuleert in dit verband een aantal opmerkingen, zonder evenwel de betaling op de helling te willen zetten.

Bij haar beraadslagingen is de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken uitgegaan van de volgende overwegingen:

A)  overwegende dat deze aanvraag is ingediend op grond van artikel 4, lid 1, onder a), van Verordening (EU) nr. 1309/2013 (EGF-verordening) en bedoeld is voor steun aan 508 werknemers die werden ontslagen bij de primaire onderneming Nutriart S.A en bij de downstreamproducent AR.ZIGAS & SIA, alsook aan 24 zelfstandigen die hun werkzaamheden, die afhankelijk waren van de primaire onderneming, hebben beëindigd in de referentieperiode tussen 16 juli 2013 en 16 november 2013;

B)  overwegende dat Griekenland overeenkomstig artikel 6, lid 2, van de EFG-verordening heeft besloten eveneens door het EFG medegefinancierde individuele dienstverlening te verstrekken aan 505 jongeren jonger dan 30 jaar die geen werk hebben en evenmin onderwijs of een opleiding volgen (NEET's);

C)  overwegende dat de Griekse autoriteiten aanvoeren dat de ontslagen het gevolg zijn van de daling van het beschikbare gezinsinkomen, die heeft geleid tot een enorme afname van de particuliere consumptie, met name van andere producten dan basisvoedingsmiddelen, de vertraging waarmee de meeste klanten van het bedrijf betaalden, en de drastische afname van de leningen door het gebrek aan liquide middelen in de Griekse banken;

D)  overwegende dat 66,34 % van de werknemers waarop de maatregelen betrekking hebben, mannen zijn en 33,66 % vrouwen; overwegende dat de grote meerderheid (86,42%) van de werknemers tussen de 30 en 54 jaar oud is; overwegende dat 8,07% van de werknemers tussen de 55 en 64 jaar oud is;

E)  overwegende dat de ontslagen plaatsvonden in de regio's Attica en Centraal-Macedonië, waar de werkloosheid respectievelijk 28,2% en 30,3% bedroeg, en dat beide regio's gekenmerkt worden door te weinig vacatures en veel langdurige werkloosheid;

Daarom verzoekt de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken de ten principale bevoegde Begrotingscommissie onderstaande suggesties in haar ontwerpresolutie over de Griekse aanvraag op te nemen:

1.  is het met de Commissie eens dat is voldaan aan de interventiecriteria van artikel 4, lid 1, onder a), alsook aan de voorwaarden van artikel 13, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1309/2013, en dat Griekenland bijgevolg recht heeft op een financiële bijdrage op grond van die verordening;

2.  merkt op dat dit de eerste aanvraag is die wordt ingediend en beoordeeld volgens de EFG-verordening voor het meerjarig financieel kader 2014-2020;

3.  merkt op dat de Griekse autoriteiten de aanvraag voor een bijdrage uit het EFG op 5 februari 2014 hebben ingediend en tot 2 april 2014 aanvullende informatie hebben verstrekt;

4.  wijst erop dat de Griekse autoriteiten besloten hebben gebruik te maken van de nieuwe bepalingen van de verordening en individuele dienstverlening zullen verstrekken aan maximaal 505 jongeren die geen werk hebben en evenmin onderwijs of een opleiding volgen (NEET' s); uit zijn bezorgdheid over de onduidelijke methode die de Griekse autoriteiten zullen hanteren om de beoogde NEET's-jongeren te identificeren; verzoekt de Griekse autoriteiten de sociale criteria in acht te nemen en ervoor te zorgen dat bij de selectie van de ontvangers van EFG-steun de beginselen van niet-discriminatie en gelijke kansen ten volle worden geëerbiedigd;

5.  benadrukt het belang van de financiële tussenkomst gezien het feit dat de ontslagen de werkloosheidssituatie in de getroffen regio's nog erger maken;

6.  is ingenomen met het feit dat de Griekse autoriteiten op 30 april 2014 begonnen zijn met het verstrekken van de individuele dienstverlening aan de beoogde begunstigden; herinnert eraan dat de nieuwe verordening bepalingen bevat om de voor de behandeling benodigde tijd terug te brengen en de procedures te vereenvoudigen en er zo voor te zorgen dat er snel een besluit wordt genomen over de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG;

7.  merkt op dat 150 geselecteerde werknemers en NEET's die een eigen bedrijf oprichten, het maximale bedrag van 15 000 EUR zullen ontvangen als bijdrage in de oprichtingskosten; benadrukt dat deze maatregel tot doel heeft ondernemerschap te bevorderen door financiering te verstrekken, wat op de middellange termijn moet leiden tot het creëren van extra banen;

8.  is verheugd over het plan om een starterscentrum voor innovatieve nieuwe bedrijven te ontwikkelen;

9.  merkt op dat de totale kosten voor voorlichtings- en publiciteitsacties worden geraamd op 100 000 EUR en dat deze acties zeer gericht moeten zijn om de EFG-bijdrage meer bekendheid te geven en de rol van de Unie erin meer in de schijnwerpers te plaatsen;

10.  herinnert eraan dat in artikel 7 van de EFG-verordening is bepaald dat bij het samenstellen van het gecoördineerde pakket van individuele dienstverlening rekening moet worden gehouden met toekomstperspectieven op de arbeidsmarkt en de vereiste vaardigheden, en dat het gecoördineerde pakket gericht moet zijn op de overgang naar een grondstoffenefficiënte en duurzame economie.

Hoogachtend,

Marita ULVSKOG,

Waarnemend voorzitter, eerste ondervoorzitter


BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE REGIONALE ONTWIKKELING

De heer Jean ARTHUIS

Voorzitter

Begrotingscommissie

Europees Parlement

Asp 09g205B-1047 Brussel

Geachte heer Arthuis,

Betreft:            Beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering

Vier afzonderlijke Commissievoorstellen voor een besluit om middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) beschikbaar te stellen werden voor advies doorverwezen naar de Commissie regionale ontwikkeling. Ik heb begrepen dat het de bedoeling is dat er op 11 september verslagen over elk van deze voorstellen worden aangenomen in de Begrotingscommissie.

De regels die van toepassing zijn op de financiële bijdragen uit het EFG zijn vastgesteld in Verordening (EU) nr. 1309/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (2014-2020) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1927/2006, en in punt 13 van het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer.

-          COM (2014) 0376 betreft een voorstel voor een EFG-bijdrage van 6 096 000 EUR voor de re-integratie op de arbeidsmarkt van 508 ontslagen werknemers van Nutriart S.A en 25 leveranciers en downstreamproducenten (AR.ZIGAS & SIA en 24 zelfstandigen die hun werkzaamheden, die afhankelijk waren van de primaire onderneming, hebben beëindigd), en 505 jongeren die geen werk hebben en evenmin onderwijs of een opleiding volgen (NEET's) van jonger dan 30, in de regio's Attica en Centraal-Macedonië (Griekenland).

-          COM (2014) 0255 betreft een voorstel voor een EFG-bijdrage van 3 571 150 EUR voor de re-integratie op de arbeidsmarkt van 1 000 ontslagen werknemers van SC Mechel Campia Turzii SA en één downstreamproducent (SC Mechel Reparatii Targoviste SRL) in Roemenië.

-          COM (2014) 0456 betreft een voorstel voor een EFG-bijdrage van 960 000 EUR voor de re-integratie op de arbeidsmarkt van 280 ontslagen werknemers in 661 ondernemingen die actief zijn in NACE Rev. 2-afdeling 56 ("Eet- en drinkgelegenheden") in de NUTS II-regio Aragón (ES24), Spanje.

-          COM (2014) 0455 betreft een voorstel voor een EFG-bijdrage van 1 625 781 EUR voor de re-integratie op de arbeidsmarkt van 475 ontslagen werknemers in 89 ondernemingen die actief zijn in de NACE Rev. 2-afdeling 41 ("Bouw van gebouwen") in de NUTS II-regio's Gelderland en Overijssel, Nederland.

De commissiecoördinatoren hebben deze voorstellen besproken tijdens hun vergadering van 23 juli. Ze hebben me verzocht u schriftelijk te melden dat de Commissie regionale ontwikkeling geen bezwaar heeft tegen de beschikbaarstelling van de voornoemde bedragen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering, zoals door de Commissie voorgesteld.

Hoogachtend,

Iskra MIHAYLOVA


UITSLAG VAN DE EINDSTEMMING IN DE COMMISSIE

Datum goedkeuring

11.9.2014

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

29

4

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Nedzhmi Ali, Richard Ashworth, Jean-Paul Denanot, Gérard Deprez, José Manuel Fernandes, Eider Gardiazabal Rubial, Jens Geier, Esteban González Pons, Heidi Hautala, Iris Hoffmann, Kaja Kallas, Bernd Kölmel, Vladimír Maňka, Siegfried Mureşan, Victor Negrescu, Liadh Ní Riada, Jan Marian Olbrycht, Pina Picierno, Pedro Silva Pereira, Patricija Šulin, Eleytherios Synadinos, Paul Tang, Indrek Tarand, Marco Valli, Monika Vana, Marco Zanni

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Georgios Kyrtsos, Alain Lamassoure, Giovanni La Via, Ivan Štefanec, Anders Primdahl Vistisen, Tomáš Zdechovský

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Albert Deß

Juridische mededeling