Procedure : 2014/2072(BUD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0073/2014

Ingediende teksten :

A8-0073/2014

Debatten :

Stemmingen :

PV 17/12/2014 - 10.6
Stemverklaringen
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2014)0091

VERSLAG     
PDF 270kWORD 88k
15.12.2014
PE 539.615v03-00 A8-0073/2014

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Solidariteitsfonds van de Europese Unie, overeenkomstig punt 11 van het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer (overstromingen in Italië, aardbevingen in Griekenland, ijzel in Slovenië en ijzel en overstromingen in Kroatië)

(COM(2014)0565 – C8‑0137/2014 – 2014/2072(BUD))

Begrotingscommissie

Rapporteur: Patricija Šulin

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
 TOELICHTING
 BIJLAGE– BRIEF VAN DE COMMISSIE REGIONALE ONTWIKKELING
 UITSLAG VAN DE EINDSTEMMING IN DE COMMISSIE

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Solidariteitsfonds van de Europese Unie, overeenkomstig punt 11 van het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer (overstromingen in Italië, aardbevingen in Griekenland, ijzel in Slovenië en ijzel en overstromingen in Kroatië)

(COM(2014)0565 – C8‑0137/2014 – 2014/2072(BUD))

Het Europees Parlement,

–       gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2014)0565 – C8‑0137/2014),

–       gezien Verordening (EG) nr. 2012/2002 van de Raad van 11 november 2002 tot oprichting van het Solidariteitsfonds van de Europese Unie(1),

–       gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(2), en met name artikel 10 hiervan,

–       gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(3), en met name punt 11 hiervan,

–       gezien de gezamenlijke conclusies die het Europees Parlement en de Raad op 8 december 2014 hebben goedgekeurd,

–       gezien de brief van de Commissie regionale ontwikkeling,

–       gezien het verslag van de Begrotingscommissie (A8-0073/2014),

1.      hecht zijn goedkeuring aan het bij deze resolutie gevoegde besluit;

2.      verzoekt zijn Voorzitter dit besluit samen met de voorzitter van de Raad te ondertekenen en zorg te dragen voor de publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie;

3.      verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie, met inbegrip van de bijlage, te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

(1)

PB L 311 van 14.11.2002, blz. 3.

(2)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.

(3)

PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.


BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Solidariteitsfonds van de Europese Unie

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 2012/2002 van de Raad van 11 november 2002 tot oprichting van het Solidariteitsfonds van de Europese Unie(1), en met name artikel 4, lid 3,

Gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(2), en met name punt 11,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)         De Europese Unie heeft een Solidariteitsfonds van de Europese Unie ("het fonds") opgericht om solidariteit te tonen met de bevolking van door rampen getroffen regio's.

(2)         Artikel 10 van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad(3) staat de beschikbaarstelling van middelen uit het fonds toe binnen het jaarlijkse maximum van 500 miljoen EUR (in prijzen van 2011).

(3)         Verordening (EG) nr. 2012/2002 bevat de voorwaarden waaronder middelen uit het fonds beschikbaar kunnen worden gesteld.

(4)         Italië heeft een aanvraag voor steun uit het fonds ingediend in verband met overstromingen.

(5)         Griekenland heeft een aanvraag voor steun uit het fonds ingediend in verband met een aardbeving.

(6)         Slovenië heeft een aanvraag voor steun uit het fonds ingediend in verband met ijsstormen.

(7)         Kroatië heeft een aanvraag voor steun uit het fonds ingediend in verband met ijsstormen gevolgd door een overstroming.

HEBBEN HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Ten laste van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2014 wordt uit het Solidariteitsfonds van de Europese Unie 46 998 528 EUR aan vastleggingskredieten beschikbaar gesteld.

Ten laste van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2015 wordt uit het Solidariteitsfonds van de Europese Unie 46 998 528 EUR aan betalingskredieten beschikbaar gesteld.

Artikel 2

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te

Voor het Europees Parlement                      Voor de Raad

De voorzitter                                                 De voorzitter

(1)

             PB L 311 van 14.11.2002, blz. 3.

(2)

             PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(3)

             Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020 (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884).


TOELICHTING

De Commissie stelt voor om overeenkomstig punt 11 van het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 middelen uit het Europees Solidariteitsfonds beschikbaar te stellen voor overstromingen in Italië (Sardinië) in november 2013, een aardbeving in Griekenland (Kefalonia), ijsstormen in Slovenië en dezelfde ijsstormen, gevolgd door overstromingen, in Kroatië eind januari-begin februari 2014.

Natuurrampen van uiteenlopende aard (overstromingen, aardbevingen, ijsstormen) hebben aanzienlijke schade aangericht in de EU-lidstaten die een aanvraag hebben ingediend. De rampen die Italië en Griekenland troffen, stonden los van elkaar; de bijzonder omvangrijke schade in met name Slovenië en Kroatië was het gevolg van één van de ergste winterstormen in Europa die verschillende landen trof.

Niettegenstaande Verordening (EU) nr. 661/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2012/2002 van de Raad tot oprichting van het Solidariteitsfonds van de Europese Unie op 28 juni 2014 in werking is getreden, hebben essentiële regels ervan geen terugwerkende kracht. De Commissie heeft de aanvragen derhalve grondig onderzocht in het licht van de oorspronkelijke bepalingen van Verordening (EG) nr. 2012/2002 van de Raad tot oprichting van het Solidariteitsfonds van de Europese Unie, en met name de artikelen 2, 3 en 4.

Sardinië (Italië) werd op 18 en 19 november 2013 getroffen door extreme regenval, waardoor heel wat rivieren buiten hun oevers traden, met grootschalige overstromingen als gevolg. Tussen 26 januari en 3 februari 2014 is Kefalonia (Griekenland) getroffen door een zware aardbeving ten noordoosten van het eiland met een kracht van 5,8 op de schaal van Richter, en tientallen zware naschokken, waarbij verschillende slachtoffers zijn gevallen en 3 000 mensen dakloos zijn geworden.

De Italiaanse autoriteiten hebben de totale rechtstreekse schade geraamd op 652 418 691 EUR, onder de drempel van 3,8 miljard EUR die in 2014 voor grote rampen voor Italië geldt (3 miljard EUR in prijzen van 2002). De Griekse autoriteiten hebben de totale directe schade geraamd op 147 332 790 EUR, onder de drempel van 1,2 miljard EUR die in 2014 voor grote rampen voor Griekenland geldt (nl. 0,6% van het bni op basis van gegevens van 2012). Volgens de EUSF-verordening wordt geen van beide rampen dus als "grote natuurramp" gekwalificeerd.

Omdat de totale schade onder de drempel van grote ramp blijft die geldt om een beroep te kunnen doen op het Solidariteitsfonds, is de aanvraag getoetst aan het criterium van de zogenaamde "buitengewone regionale ramp" , dat is neergelegd in artikel 2, lid 2, laatste alinea, van Verordening (EG) nr. 2012/2002, waarin de voorwaarden worden beschreven waaronder " in uitzonderlijke gevallen " een beroep op het Solidariteitsfonds kan worden gedaan. Volgens deze criteria kan uitzonderlijk ook steun uit het fonds worden verstrekt aan een regio die is getroffen door een buitengewone ramp, vooral een natuurramp, welke het grootste deel van de bevolking treft en ernstige en langdurige gevolgen voor de levensomstandigheden en de macro-economische stabiliteit van de regio heeft. De Europese Commissie erkent dat de twee voorgaande rampen voldoen aan de voorwaarden om als "buitengewone regionale ramp" gekwalificeerd te worden.

Slovenië werd getroffen door sommige van de ergste winterstormen sinds decennia die in delen van Europa woedden en verscheidene landen troffen. Die waren voor Slovenië het hevigst tussen 30 januari en 27 februari 2014; ongeveer de helft van de bossen van het land liep ijsschade op en één op vier huishoudens zat zonder stroom omdat elektriciteitspalen en -leidingen het begaven onder het gewicht van de sneeuw. Kroatië werd getroffen door hetzelfde weerfenomeen dat Slovenië ertoe bracht om steun uit het EU-Solidariteitsfonds te vragen. Het ergst te lijden hadden met name het noordwesten en een stuk van het noordelijke deel van de Adriatische regio. Bovendien leidde smeltende sneeuw en ijs vanaf 12 februari tot overstromingen en additionele schade aan belangrijke collectieve basisinfrastructuur en particuliere en openbare gebouwen.

De Sloveense autoriteiten hebben de totale directe schade geraamd op 428 733 722 EUR. Dit is 1,23% van het Sloveense bni, waarbij de normale drempel om een beroep te doen op het Solidariteitsfonds, die in 2014 voor Slovenië 209,6 miljoen EUR bedraagt (namelijk 0,6% van het bni op basis van gegevens van 2012), wordt overschreden. De Kroatische autoriteiten hebben de totale directe schade geraamd op 291 904 630 EUR. Dit is 0,69% van het Kroatische bni, waarbij de normale drempel om een beroep te doen op het Solidariteitsfonds, die in 2014 voor Kroatië 254,2 miljoen EUR bedraagt (namelijk 0,6% van het bni op basis van gegevens van 2012), wordt overschreden. Omdat de geraamde totale directe schade in beide landen de drempel overschrijdt, kan de ramp als een "grote natuurramp" worden gekwalificeerd. De totale directe schade dient als basis voor de berekening van het bedrag van de financiële steun. De financiële steun mag alleen worden gebruikt voor noodacties inzake eerste levensbehoeften zoals gedefinieerd in artikel 3 van de verordening.

Na te hebben geverifieerd of dit verzoek aan de criteria van Verordening (EG) nr. 2012/2002 van de Raad voldoet, stelt de Commissie voor om een totaalbedrag van 46 998 528 EUR uit het fonds ter beschikking te stellen.

De methode voor de berekening van steun uit het Solidariteitsfonds werd uiteengezet in het jaarverslag 2002-2003 voor het Solidariteitsfonds en is goedgekeurd door de Raad en het Europees Parlement.

Er wordt voorgesteld dezelfde percentages toe te passen en de volgende steunbedragen toe te wijzen:

Ramp

Rechtstreekse schade

(EUR)

Drempel

(miljoen EUR)

Bedrag op basis van 2,5 %

(EUR)

Bedrag op basis

van 6 %

(EUR)

Totaal voorgesteld

steunbedrag

(EUR)

Italië – overstroming

652 418 691

3 752,330

16 310 467

~

16 310 467

Griekenland – aardbeving

147 332 790

1 168,231

3 683 320

~

3 683 320

Slovenië – ijsstormen

428 733 722

209,587

5 239 675

13 148 803

18 388 478

Kroatië – ijsstorm / overstroming

291 904 630

254,229

6 355 725

2 260 538

8 616 263

TOTAAL

46 998 528

Dit is het eerste besluit in 2014 om middelen beschikbaar te stellen, waardoor het totale hierboven voorgestelde steunbedrag verenigbaar is met het maximum dat is vastgelegd in de verordening betreffende het meerjarig financieel kader (MFK), nl. 530,6 miljoen EUR (500 miljoen EUR in prijzen van 2011) en tevens gewaarborgd is dat op 1 oktober 2014 een kwart van dat bedrag nog beschikbaar zal zijn voor de behoeften tot het einde van het jaar.

Naast dit voorstel voor de beschikbaarstelling van middelen uit het Solidariteitsfonds heeft de Commissie een ontwerp van gewijzigde begroting (OGB nr. 5/2014 van 17.10.2014) ingediend om in de begroting voor 2014 de nodige vastleggingskredieten op te nemen, overeenkomstig punt 26 van het Interinstitutioneel Akkoord; de overeenkomstige betalingskredieten worden naar de begroting 2015 verschoven. Het standpunt van de Raad over OGB nr. 5/2014, betreffende de financiering van dit besluit, houdt een wijziging in van het oorspronkelijke voorstel van de Commissie. Het standpunt van het Parlement wordt vastgesteld bij de goedkeuring van zijn standpunt over OGB nr. 5/2014.

Overeenkomstig punt 26 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 leidt de Commissie een vereenvoudigde trialoogprocedure in om van de twee takken van de begrotingsautoriteit instemming te verkrijgen betreffende de noodzaak van het fonds gebruik te maken en betreffende het vereiste bedrag.

Overeenkomstig een interne afspraak met de Commissie regionale ontwikkeling (REGI) dient deze commissie bij het proces te worden betrokken, teneinde constructieve steun te kunnen bieden en bij te dragen tot de uitvoering van het Solidariteitsfonds van de Europees Unie. Na beoordeling van de aanvragen heeft de Commissie REGI van het Europees Parlement haar standpunt over de beschikbaarstelling van middelen uit het Fonds te kennen gegeven, zoals blijkt uit het bij dit verslag gevoegde advies in briefvorm.

De rapporteur stelt voor om het voorstel van de Commissie voor een besluit, dat bij dit verslag is gevoegd, goed te keuren.


BIJLAGE– BRIEF VAN DE COMMISSIE REGIONALE ONTWIKKELING

De heer Jean ARTHUIS

Voorzitter

Begrotingscommissie

Europees Parlement

ASP 09G205

1047 Brussel

Geachte heer Arthuis,

Betreft:            Beschikbaarstelling van middelen uit het Solidariteitsfonds van de Europese Unie ten behoeve van Italië, Griekenland, Slovenië en Kroatië

De Europese Commissie heeft het Europees Parlement haar voorstel toegestuurd voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Solidariteitsfonds van de Europese Unie (COM(2014)0565) op grond van de verzoeken om bijstand uit het fonds die Italië, Griekenland, Slovenië en Kroatië hebben ingediend. De ingediende verzoeken betreffen overstromingen in Sardinië (Italië) in november 2013, een aardbeving in Kefalonia (Griekenland) in januari 2014 en ijsstormen in januari en februari 2014 in Slovenië en Kroatië, gevolgd door overstromingen in Kroatië.

De Commissie stelt voor om middelen uit het Solidariteitsfonds beschikbaar te stellen, waarbij de schade per ramp en per land als volgt wordt geraamd:

Ramp

Rechtstreekse schade

(EUR)

Drempel

(miljoen EUR)

Bedrag op basis van 2,5 %

(EUR)

Bedrag op basis

van 6 %

(EUR)

Totaal voorgesteld

steunbedrag

(EUR)

Italië – overstroming

652 418 691

3 752,330

16 310 467

~

16 310 467

Griekenland – aardbeving

147 332 790

1 168,231

3 683 320

~

3 683 320

Slovenië – ijsstormen

428 733 722

209,587

5 239 675

13 148 803

18 388 478

Kroatië – ijsstorm / overstroming

291 904 630

254,229

6 355 725

2 260 538

8 616 263

TOTAAL

46 998 528

Daarnaast heeft de Commissie een ontwerp van gewijzigde begroting (OGB) nr. 5 voor het begrotingsjaar 2014 (COM(2014)0564) ingediend om de bovengenoemde voorgestelde beschikbaarstelling van 46 998 528 EUR uit het Solidariteitsfonds te dekken door in de begroting voor 2014 onder begrotingspost 13 06 01 de nodige vastleggings- en betalingskredieten op te nemen.

De commissiecoördinatoren van REGI hebben deze voorstellen besproken tijdens hun vergadering van 22 september 2014. Zij hebben mij gevraagd u per brief mee te delen dat de commissie REGI geen bezwaar heeft tegen de beschikbaarstelling van middelen uit het Solidariteitsfonds van de Europese Unie en haar goedkeuring hecht aan het overeenkomstige door de Commissie ingediende OGB nr. 5.

Hoogachtend,

Iskra MIHAYLOVA


UITSLAG VAN DE EINDSTEMMING IN DE COMMISSIE

Datum goedkeuring

15.12.2014

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

37

0

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Jean Arthuis, Richard Ashworth, Reimer Böge, Lefteris Christoforou, Jean-Paul Denanot, Gérard Deprez, José Manuel Fernandes, Eider Gardiazabal Rubial, Jens Geier, Iris Hoffmann, Monika Hohlmeier, Bernd Kölmel, Zbigniew Kuźmiuk, Vladimír Maňka, Sophie Montel, Clare Moody, Siegfried Mureşan, Victor Negrescu, Jan Olbrycht, Younous Omarjee, Pina Picierno, Paul Rübig, Petri Sarvamaa, Patricija Šulin, Eleftherios Synadinos, Isabelle Thomas, Inese Vaidere, Marco Valli, Monika Vana, Daniele Viotti, Marco Zanni

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Tamás Deutsch, Pablo Echenique, Ernest Maragall, Andrej Plenković, Sergei Stanishev, Nils Torvalds

Juridische mededeling