Procedure : 2014/2115(DEC)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0100/2015

Ingediende teksten :

A8-0100/2015

Debatten :

PV 28/04/2015 - 16
CRE 28/04/2015 - 16

Stemmingen :

PV 29/04/2015 - 10.33
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2015)0142

VERSLAG     
PDF 182kWORD 77k
30.3.2015
PE 539.703v02-00 A8-0100/2015

over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Bureau voor visserijcontrole voor het begrotingsjaar 2013

(2014/2115(DEC))

Commissie begrotingscontrole

Rapporteur: Ryszard Czarnecki

1. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

1. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Bureau voor visserijcontrole voor het begrotingsjaar 2013

(2014/2115(DEC))

Het Europees Parlement,

–       gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Bureau voor visserijcontrole voor het begrotingsjaar 2013,

–       gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van het Europees Bureau voor visserijcontrole voor het begrotingsjaar 2013, tezamen met de antwoorden van het Bureau(1),

–       gezien de verklaring van de Rekenkamer(2) voor het begrotingsjaar 2013 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–       gezien de aanbeveling van de Raad van 17 februari2015 betreffende de aan het Bureau te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2013 (05304/2015 – C8-0054/2015),

–       gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–       gezien Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad van 25 juni 2002 houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen(3),

–       gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(4), en met name artikel 208,

–       gezien Verordening (EG) nr. 768/2005 van de Raad van 26 april 2005 tot oprichting van een Communautair Bureau voor visserijcontrole en houdende wijziging van Verordening (EEG) nr. 2847/93 tot invoering van een controleregeling voor het gemeenschappelijk visserijbeleid(5), en met name artikel 36,

–       gezien Verordening (EG, Euratom) nr. 2343/2002 van de Commissie van 19 november 2002 houdende de financiële kaderregeling van de organen zoals bedoeld in artikel 185 van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen(6),

–       gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(7), en met name artikel 108,

–       gezien artikel 94 en bijlage V van zijn Reglement,

–       gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie visserij (A8-0100/2015),

1.      verleent de uitvoerend directeur van het Europees Bureau voor visserijcontrole kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Bureau voor het begrotingsjaar 2013;

2.      formuleert zijn opmerkingen in onderstaande resolutie;

3.      verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Bureau voor visserijcontrole, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (serie L).

2. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over de afsluiting van de rekeningen van het Europees Bureau voor visserijcontrole voor het begrotingsjaar 2013

(2014/2115(DEC))

Het Europees Parlement,

–       gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Bureau voor visserijcontrole voor het begrotingsjaar 2013,

–       gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van het Europees Bureau voor visserijcontrole voor het begrotingsjaar 2013, tezamen met de antwoorden van het Bureau(8),

–       gezien de verklaring van de Rekenkamer(9) voor het begrotingsjaar 2013 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–       gezien de aanbeveling van de Raad van 17 februari2015 betreffende de aan het Bureau te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2013 (05304/2015 – C8-0054/2015),

–       gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–       gezien Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad van 25 juni 2002 houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen(10),

–       gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(11), en met name artikel 208,

–       gezien Verordening (EG) nr. 768/2005 van de Raad van 26 april 2005 tot oprichting van een Communautair Bureau voor visserijcontrole en houdende wijziging van Verordening (EEG) nr. 2847/93 tot invoering van een controleregeling voor het gemeenschappelijk visserijbeleid(12), en met name artikel 36,

–       gezien Verordening (EG, Euratom) nr. 2343/2002 van de Commissie van 19 november 2002 houdende de financiële kaderregeling van de organen zoals bedoeld in artikel 185 van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen(13),

–       gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(14), en met name artikel 108,

–       gezien artikel 94 en bijlage V van zijn Reglement,

–       gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie visserij (A8-0100/2015),

1.      stelt vast dat de definitieve jaarrekening van het Europees Bureau voor visserijcontrole overeenkomt met de weergave in de bijlage bij het verslag van de Rekenkamer;

2.      hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Europees Bureau voor visserijcontrole voor het begrotingsjaar 2013;

3.      verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Bureau voor visserijcontrole, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (serie L).

3. ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

met de opmerkingen die een integrerend deel uitmaken van het besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Bureau voor visserijcontrole voor het begrotingsjaar 2013

(2014/2115(DEC))

Het Europees Parlement,

–       gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Bureau voor visserijcontrole voor het begrotingsjaar 2013,

–       gezien artikel 94 en bijlage V van zijn Reglement,

–       gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie visserij (A8-0100/2015),

A.     overwegende dat volgens de financiële staten de begroting van het Europees Bureau voor visserijcontrole (hierna "het Bureau") voor het begrotingsjaar 2013 9 216 900 EUR bedroeg; overwegende dat de begroting van het Bureau volledig wordt gefinancierd met middelen van de begroting van de Unie;

B.     overwegende dat de Rekenkamer in haar verslag over de jaarrekening van het Europees Bureau voor visserijcontrole voor het begrotingsjaar 2013 (hierna "het verslag van de Rekenkamer") verklaard heeft redelijke zekerheid te hebben gekregen dat de jaarrekening van het Bureau betrouwbaar is en de onderliggende verrichtingen wettig en regelmatig zijn;

Follow-up van de kwijting voor 2012

1.      maakt uit het verslag van de Rekenkamer op dat naar aanleiding van de in het verslag van de Rekenkamer van 2011 geformuleerde opmerking die in het verslag van de Rekenkamer van 2012 als "loopt nog" aangemerkt was, corrigerende maatregelen getroffen zijn en dat de opmerking in het verslag van de Rekenkamer van 2013 als "afgerond" aangemerkt is; merkt voorts op dat naar aanleiding van de twee in het verslag van de Rekenkamer van 2012 geformuleerde opmerkingen, corrigerende maatregelen getroffen zijn en dat één opmerking nu als "afgerond" en de andere als "niet van toepassing" aangemerkt is;

2.      verneemt van het Bureau dat het een procedure heeft ingesteld om overdrachten te voorspellen teneinde het niveau van de overdrachten te verlagen; verzoekt het Bureau te blijven zoeken naar manieren om de omvang van de overdrachten te verminderen en niet-geplande overdrachten te vermijden;

3.      verneemt van het Bureau dat op zijn website informatie over de impact van de activiteiten van het Bureau op de burgers van de Unie wordt verstrekt, hoofdzakelijk door middel van de jaarlijkse publicatie van strategische documenten zoals zijn jaarlijks activiteitenverslag of de resultaten van controles en inspectiecampagnes; neemt er nota van dat het Bureau momenteel aan een nieuwe website werkt met het oog op meer zichtbaarheid en transparantie;

4.      verneemt van het Bureau dat het voortdurend nieuwe mogelijkheden bekijkt om synergieën met andere agentschappen te ontwikkelen, bv. door overeenkomsten inzake dienstverleningsniveau om de interne auditcapaciteit te delen, coördinatie van opleidingscursussen en controles achteraf die samen met andere in Spanje en Portugal gevestigde agentschappen worden uitgevoerd; neemt er voorts nota van dat het Bureau momenteel het Europees Agentschap voor maritieme veiligheid (EMSA) bijstaat met een extra verbinding met "S-TESTA" en bekijkt of zijn externe website op de secundaire IT-site van het EMSA kan worden gehost; neemt er nota van dat het Bureau en het EMSA samenwerken aan het gezamenlijk project van de monitoringdienst ter bestrijding van piraterij (MARSURV-1);

Begrotings- en financieel beheer

5.      stelt vast dat de inspanningen op het gebied van begrotingstoezicht gedurende het begrotingsjaar 2013 hebben geresulteerd in een uitvoeringspercentage van de begroting van 98,64 % en dat het uitvoeringspercentage van de betalingskredieten 83,85 % bedroeg; verneemt uit het verslag van de Rekenkamer dat het hoge algemene niveau van de vastleggingskredieten in 2013 aangeeft dat de vastleggingen tijdig zijn gedaan;

Vastleggingen en overdrachten

6.      stelt met bezorgdheid vast dat het niveau van naar 2014 overgedragen vastgelegde kredieten hoog was, namelijk 38 % voor titel II (administratieve uitgaven) en 43 % voor titel III (beleidsuitgaven); maakt uit het antwoord van het Bureau op dat de overdrachten voor titel II deels te verklaren zijn door het bedrag en het tijdstip van mogelijke betalingen voor salarisaanpassingen met terugwerkende kracht voor 2011 en 2013, hetgeen in november 2013 is opgelost; verneemt uit het verslag van de Rekenkamer dat de overdrachten voor titel III hoofdzakelijk het gevolg waren van het grote aantal IT-projecten dat gedurende 2013 werd gestart of liep;

Aanbestedings- en aanwervingsprocedures

7.      verneemt van het Bureau dat het zijn "meerjarig personeelsbeleidsplan voor 2015-2017" overeenkomstig de richtsnoeren van de Commissie in maart 2014 heeft goedgekeurd; stelt vast dat het Bureau op 31 december 2013 een personeelsformatie van 68 toegestane posten had, waaronder tijdelijke functionarissen, arbeidscontractanten en gedetacheerde nationale deskundigen, en dat daarvan 65 posten ingevuld waren;

Voorkoming van en omgang met belangenconflicten en transparantie

8.      verneemt van het Bureau dat zijn omvattend beleid voor de voorkoming van en omgang met belangenconflicten in oktober 2014 door zijn raad van bestuur is goedgekeurd en op zijn website beschikbaar is; vraagt dat het Bureau de kwijtingsautoriteit op de hoogte brengt van de concrete resultaten van het nieuw vastgestelde beleid en tegen eind juni 2015 een overzicht geeft van behandelde zaken;

9.      stelt vast dat dit beleid enkel de verplichting inhoudt om de belangenverklaringen van de leden van de raad van bestuur, de uitvoerend directeur en de afdelingshoofden openbaar te maken, maar niet hun cv's, die op vrijwillige basis openbaar worden gemaakt; verneemt van het Bureau dat die verplichting niet geldt voor de leden van de adviesraad, wier onafhankelijkheid ook gewaarborgd moet zijn; roept het Bureau op dit beleid te herzien en de cv's van de uitvoerend directeur, de afdelingshoofden en de leden van de raad van bestuur verplicht openbaar te maken; vraagt het Bureau ook de cv's en belangenverklaringen van leden van de adviesraad openbaar te maken, met het oog op meer transparantie; 

Interne controle

10.    neemt kennis van het feit dat de dienst Interne Audit (IAS) van de Commissie een audit heeft uitgevoerd om na te gaan of het internecontrolesysteem (ICS) wat de strategische planning van gezamenlijke inzet betreft, adequaat is opgezet en effectief wordt toegepast; neemt er kennis van dat de IAS heeft geconcludeerd dat het ICS redelijke zekerheid biedt om de bedrijfsdoelstellingen voor de strategische planning van gezamenlijke inzet te verwezenlijken;

11.    stelt vast dat de IAS aan de hand van stukken de uitvoering van zijn vroegere aanbevelingen aan het Bureau is nagegaan en heeft geconcludeerd dat er op 31 december 2013 geen kritieke of zeer belangrijke aanbevelingen meer openstonden;

Overige opmerkingen

12.    onderkent de kwaliteit en het belang van de taken van het Bureau, en is ingenomen met zijn doeltreffendheid en bestendigheid en met de uitstekende resultaten die sinds zijn oprichting zijn geboekt;

13.    benadrukt het belang van de rol van het Bureau bij de uitvoering en de verwezenlijking van de doelstellingen van het gemeenschappelijk visserijbeleid, met name ten aanzien van de aanlandingsplicht en de eisen wat betreft de follow-up en de controle van en het toezicht op de visserij;

14.    vraagt het Bureau te zorgen voor een adequate coördinatie en structurering van dit soort activiteiten in alle lidstaten;

o

o       o

15.    verwijst voor andere, horizontale opmerkingen bij zijn kwijtingsbesluit naar zijn resolutie van … 2015(15) over de prestaties en het financiële beheer van en het toezicht op de agentschappen.

25.2.2015

ADVIES van de Commissie visserij

aan de Commissie begrotingscontrole

inzake het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Bureau voor visserijcontrole voor het begrotingsjaar 2013

(2014/2115(DEC))

Rapporteur voor advies: Alain Cadec

SUGGESTIES

De Commissie visserij verzoekt de ten principale bevoegde Commissie begrotingscontrole onderstaande suggesties in haar ontwerpresolutie op te nemen:

1.  onderkent de kwaliteit en het belang van de taken van het Europees Bureau voor visserijcontrole ("het Bureau"); is ingenomen met de doeltreffendheid en bestendigheid van dit bureau en met de uitstekende resultaten die sinds de oprichting ervan zijn geboekt;

2.  benadrukt het belang van de rol van het Bureau bij de uitvoering en de verwezenlijking van de doelstellingen van het gemeenschappelijk visserijbeleid (GVB), met name ten aanzien van de aanlandingsplicht en de eisen wat betreft de follow-up en de controle van en het toezicht op de visserij;

3.  acht het noodzakelijk dat het Bureau de juiste coördinatie en uitvoering van de controleactiviteiten in alle lidstaten waarborgt;

4.  onderstreept dat in de beleidsdoelstellingen van het hervormde GVB een cruciale rol is weggelegd voor controles, en dat het bijgevolg noodzakelijk is de financiële middelen en het personeelsbestand van het Bureau de komende jaren te verhogen; verlangt een garantie voor de bedragen die in de volgende begrotingen moeten worden opgenomen om te voldoen aan de gestelde eisen en de geformuleerde ambities; verzoekt het Bureau en de lidstaten om met de hulp en de ondersteuning van de Commissie toe te zien op een goede coördinatie van de controles en de optimale benutting van de kredieten, zo ook de bedragen uit het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij;

5.  neemt kennis van het jaarverslag van de Rekenkamer over het begrotingsjaar 2013 van het Bureau, alsmede van het jaarlijkse activiteitenverslag van het Bureau;

6.  is tevreden over de verklaring van de Rekenkamer ten aanzien van de wettigheid en de regelmatigheid van de verrichtingen bij de jaarrekening over het begrotingsjaar 2013;

7.  onderstreept het uitstekende uitvoeringspercentage voor de vastleggingskredieten C1 (99 %) en de betalingskredieten C1 (84 %), aangezien beide percentages zijn gestegen ten opzichte van het vorige begrotingsjaar; spoort het Bureau aan zijn inspanningen met het oog op een optimale besteding van de toegekende kredieten voort te zetten;

8.  neemt kennis van de geplande kredietoverdrachten voor 2013; neemt kennis van de specifieke en volstrekt normale aard van deze overdrachten; is ingenomen met het bestedingsniveau van de overgedragen kredieten, met een uitvoeringspercentage van 90 %;

9.  constateert dat de goedgekeurde kredieten voor het geheel aan activiteiten van het Bureau niet onderbenut zijn gebleven en dat de omvang daarvan overeenkomt met de huidige behoeften; benadrukt dat deze kredieten de komende jaren kunnen worden verhoogd;

10. merkt op dat het Bureau zich doeltreffende inspanningen getroost om zijn procedures te verbeteren;

11. stelt voor de uitvoerend directeur van het Bureau kwijting te verlenen voor de uitvoering van de begroting van het Bureau voor het begrotingsjaar 2013.

UITSLAG VAN DE EINDSTEMMING IN DE COMMISSIE

Datum goedkeuring

24.2.2015

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

18

3

3

Bij de eindstemming aanwezige leden

Marco Affronte, Clara Eugenia Aguilera García, Renata Briano, Alain Cadec, Richard Corbett, Diane Dodds, Linnéa Engström, João Ferreira, Raymond Finch, Ian Hudghton, Carlos Iturgaiz, Werner Kuhn, António Marinho e Pinto, Gabriel Mato, Norica Nicolai, Liadh Ní Riada, Ulrike Rodust, Remo Sernagiotto, Ricardo Serrão Santos, Isabelle Thomas, Ruža Tomašić, Jarosław Wałęsa

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Ole Christensen, Sylvie Goddyn

UITSLAG VAN DE EINDSTEMMING IN DE COMMISSIE

Datum goedkeuring

23.3.2015

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

21

5

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Inés Ayala Sender, Ryszard Czarnecki, Dennis de Jong, Tamás Deutsch, Martina Dlabajová, Ingeborg Gräßle, Bernd Kölmel, Bogusław Liberadzki, Verónica Lope Fontagné, Monica Macovei, Georgi Pirinski, Petri Sarvamaa, Claudia Schmidt, Bart Staes, Michael Theurer, Marco Valli, Derek Vaughan, Anders Primdahl Vistisen, Joachim Zeller

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Caterina Chinnici, Iris Hoffmann, Monika Hohlmeier, Benedek Jávor, Andrey Novakov, Julia Pitera, Miroslav Poche

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Laura Ferrara

(1)

PB C 442 van 10.12.2014, blz. 152.

(2)

PB C 442 van 10.12.2014, blz. 152.

(3)

PB L 248 van 16.9.2002, blz. 1.

(4)

PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

(5)

PB L 128 van 21.5.2005, blz. 1.

(6)

PB L 357 van 31.12.2002, blz. 72.

(7)

PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.

(8)

PB C 442 van 10.12.2014, blz. 152.

(9)

PB C 442 van 10.12.2014, blz. 152.

(10)

PB L 248 van 16.9.2002, blz. 1.

(11)

PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

(12)

PB L 128 van 21.5.2005, blz. 1.

(13)

PB L 357 van 31.12.2002, blz. 72.

(14)

PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.

(15)

Aangenomen teksten van die datum, P8_TA-PROV(2015)0000.

Juridische mededeling