VERSLAG     ***I
PDF 778kWORD 527k
29.9.2015
PE 546.598v02-00 A8-0270/2015

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 715/2007 en (EG) nr. 595/2009 met betrekking tot de vermindering van verontreinigende emissies van wegvoertuigen

(COM(2014)0028 – C8-0027/2014 – 2014/0012(COD))

Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid

Rapporteur: Albert Deß

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 ADVIES van de Commissie interne markt en consumentenbescherming
 ADVIES van de Commissie vervoer en toerisme
 PROCEDURE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 715/2007 en (EG) nr. 595/2009 met betrekking tot de vermindering van verontreinigende emissies van wegvoertuigen

(COM(2014)0028 – C8-0027/2014 – 2014/0012(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2014)0028),

–  gezien artikel 294, lid 2, en artikel 114 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C8‑0027/2014),

–  gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité van 29 april 2014(1),

–  gezien artikel 59 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid en de adviezen van de Commissie interne markt en consumentenbescherming en de Commissie vervoer en toerisme (A8-0270/2015),

1.  stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;

2.  verzoekt om hernieuwde voorlegging indien de Commissie voornemens is ingrijpende wijzigingen in haar voorstel aan te brengen of dit door een nieuwe tekst te vervangen;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

Amendement    1

Voorstel voor een verordening

Overweging 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 bis) Luchtverontreiniging en klimaateffecten veroorzaakt door het wegverkeer vormen een omvangrijk en complex probleem. Om een alomvattende aanpak van de emissies van het wegverkeer te verzekeren, moet ervoor worden gezorgd dat kleine veranderingen in de wetgeving die conflicten kunnen veroorzaken met de doelstellingen van andere wetgeving en die onevenredige gevolgen kunnen hebben voor de concurrentie tussen fabrikanten die de wetgeving naleven, worden vermeden.

Amendement    2

Voorstel voor een verordening

Overweging 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(2) Hoewel methaanemissies geen bekend direct schadelijk effect hebben op de menselijke gezondheid, is methaan een sterk broeikasgas. Daarom moet de Commissie, in overeenstemming met de mededeling van de Commissie over de toepassing en de toekomstige ontwikkeling van de Gemeenschapswetgeving met betrekking tot emissies van lichte bedrijfsvoertuigen en de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie (Euro 5 en Euro 6)2 en met artikel 14, lid 1, van Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad3, overwegen om methaanemissies op te nemen in de berekening van CO2-emissies.

(2) Hoewel methaanemissies geen bekend direct schadelijk effect hebben op de menselijke gezondheid, is methaan een sterk broeikasgas. Daarom moet de Commissie, in overeenstemming met de mededeling van de Commissie over de toepassing en de toekomstige ontwikkeling van de Gemeenschapswetgeving met betrekking tot emissies van lichte bedrijfsvoertuigen en de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie (Euro 5 en Euro 6)2 en met artikel 14, lid 1, van Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad3, overwegen om methaanemissies op te nemen in de berekening van CO2-emissies voor de periode na 2020, nadat zij een duidelijke en gedetailleerde effectbeoordeling heeft verricht om de juiste omzetting van methaanemissies in CO2-emissies en de haalbaarheid daarvan in het kader van de herziening van de EU-wetgeving betreffende de vermindering van de CO2-emissies van lichte bedrijfsvoertuigen en personenauto’s te evalueren.

____________________

____________________

PB C 182 van 19.7.2008, blz. 17.

PB C 182 van 19.7.2008, blz. 17.

3 Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2007 betreffende de typegoedkeuring van motorvoertuigen met betrekking tot emissies van lichte personen- en bedrijfsvoertuigen (Euro 5 en Euro 6) en de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie (PB L 171 van 29.6.2007, blz. 1).

3 Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2007 betreffende de typegoedkeuring van motorvoertuigen met betrekking tot emissies van lichte personen- en bedrijfsvoertuigen (Euro 5 en Euro 6) en de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie (PB L 171 van 29.6.2007, blz. 1).

Amendement    3

Voorstel voor een verordening

Overweging 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(3) Om de introductie van aardgasvoertuigen te vergemakkelijken moeten de huidige grenswaarden voor de totale emissie van koolwaterstoffen (THC) worden verhoogd en moet het effect van methaanemissies worden meegerekend en uitgedrukt als CO2-equivalent voor wetgevende doeleinden en informatie voor consumenten.

(3) Om voertuigen op aardgas en voertuigen op benzine volgens gelijke normen te beoordelen wat emissies betreft, moeten de huidige grenswaarden voor de totale emissie van koolwaterstoffen (THC) worden herzien op basis van een duidelijke en gedetailleerde effectbeoordeling en moet worden overwogen om het effect van methaanemissies mee te rekenen en uit te drukken als CO2-equivalent.

Amendement    4

Voorstel voor een verordening

Overweging 3 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 bis) De testprocedure die de basis vormt voor de verordeningen betreffende EG-typegoedkeuring met betrekking tot emissies moet de emissiepercentages weerspiegelen die worden vastgesteld in reële rijomstandigheden. Daarom moeten de emissiecontrolesystemen en de testcycli worden ontworpen in reële rijomstandigheden, in het bijzonder in stedelijke gebieden, waar de rijomstandigheden variëren.

Amendement    5

Voorstel voor een verordening

Overweging 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(4) Moderne dieselvoertuigen stoten hoge en stijgende hoeveelheden NO2 uit als deel van de totale NOx-emissies, hetgeen niet werd voorzien toen Verordening (EG) nr. 715/2007 werd goedgekeurd. De meeste problemen wat betreft de luchtkwaliteit in de betrokken stedelijke gebieden lijken direct verband te houden met NO2-emissies. Daarom moeten passende emissiegrenswaarden worden vastgesteld.

(4) Moderne dieselvoertuigen stoten hoge en stijgende hoeveelheden NO2 uit als deel van de totale NOx-emissies, hetgeen niet werd voorzien toen Verordening (EG) nr. 715/2007 werd goedgekeurd. De meeste problemen wat betreft de luchtkwaliteit in de betrokken stedelijke gebieden lijken direct verband te houden met NO2-emissies. De Commissie moet dan ook na een gedetailleerde en grondige effectbeoordeling overwegen of er wetgevingsmaatregelen nodig zijn waarmee naast de bestaande grenswaarden voor de uitstoot van NOx afzonderlijke grenswaarden voor NO2 worden vastgesteld, of nieuwe grenswaarden voor de uitstoot van NOx.

Amendement    6

Voorstel voor een verordening

Overweging 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(5) De huidige grenswaarden voor CO-emissies en voor de totale emissie van koolwaterstoffen (THC) bij koude start bij een lage temperatuur zijn overgedragen uit de Euro 3-voorschriften die bij Richtlijn 98/69/EG van het Europees Parlement en de Raad4 zijn vastgesteld, en die gedateerd lijken te zijn in het licht van de bestaande voertuigtechnologie en luchtkwaliteitvereisten. Bovendien suggereren problemen met de luchtkwaliteit en de resultaten van de metingen van voertuigemissies dat passende grenswaarden voor NOx/NO2-emissies moeten worden vastgesteld. Daarom moeten de grenswaarden worden herzien overeenkomstig artikel 14, lid 5, van Verordening (EG) nr. 715/2007.

(5) De huidige grenswaarden voor CO-emissies en voor de totale emissie van koolwaterstoffen (THC) bij koude start bij een lage temperatuur zijn overgedragen uit de Euro 3-voorschriften die bij Richtlijn 98/69/EG van het Europees Parlement en de Raad4 zijn vastgesteld, en die gedateerd lijken te zijn in het licht van de bestaande voertuigtechnologie en de vereiste optimale luchtkwaliteit die geen gevaar voor de volksgezondheid vormt. Bovendien suggereren problemen met de luchtkwaliteit en de resultaten van de metingen van voertuigemissies dat passende grenswaarden voor NOx/NO2-emissies moeten worden vastgesteld. Daarom moeten de grenswaarden, ook voor moderne dieselvoertuigen, worden herzien overeenkomstig artikel 14, lid 5, van Verordening (EG) nr. 715/2007.

__________________

__________________

4 Richtlijn 98/69/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 1998 met betrekking tot maatregelen tegen luchtverontreiniging door emissies van motorvoertuigen en tot wijziging van Richtlijn 70/220/EEG van de Raad (PB L 350 van 28.12.1998, blz. 1).

4 Richtlijn 98/69/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 1998 met betrekking tot maatregelen tegen luchtverontreiniging door emissies van motorvoertuigen en tot wijziging van Richtlijn 70/220/EEG van de Raad (PB L 350 van 28.12.1998, blz. 1).

Amendement    7

Voorstel voor een verordening

Overweging 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(6) De grenswaarde voor NH3-emissies die is vastgesteld in Verordening (EG) nr. 595/2009 van het Europees Parlement en de Raad is bedoeld om ammoniakslip uit NOx te beperken na behandelingstechnieken die een ureumreagens gebruiken voor de vermindering van NOx. De toepassing van de grenswaarde voor NH3 moet daarom alleen gelden voor die technologieën en niet voor motoren met elektrische ontsteking.

Schrappen

_____________

 

5 Verordening (EG) nr. 595/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juni 2009 betreffende de typegoedkeuring van motorvoertuigen en motoren met betrekking tot emissies van zware bedrijfsvoertuigen (Euro VI) en de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie, tot wijziging van Verordening (EG) nr. 715/2007 en Richtlijn 2007/46/EG en tot intrekking van de Richtlijnen 80/1269/EEG, 2005/55/EG en 2005/78/EG (PB L 188 van 18.7.2009, blz. 1).

 

Amendement    8

Voorstel voor een verordening

Overweging 6 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(6 bis) De mogelijkheden om door doelmatig rijgedrag, d.w.z. milieubewust rijden, het brandstofverbruik en daarmee de uitstoot van verontreinigende stoffen en broeikasgas te verminderen, worden onvoldoende benut. Dat is hoofdzakelijk te wijten aan het feit dat bestuurders onvoldoende kennis hebben of zich onvoldoende bewust zijn van wat milieubewust rijden betekent. De technische middelen om milieubewust rijden te vergemakkelijken bestaan voornamelijk in twee in het voertuig ingebouwde systemen: brandstofverbruiksmeters (fuel consumption meters) en schakelindicatoren (gear shift indicators). Bovendien zou de verplichte installatie van brandstofverbruiksmeters geen zware belasting betekenen voor fabrikanten van voertuigen. Naar aanleiding van de effectbeoordeling bij deze verordening zou de Commissie dan ook voor de invoering van verplichte brandstofverbruiksmeters voor lichte en zware vrachtwagens moeten zorgen door Verordening (EG) nr. 715/2007 en Verordening (EG) nr. 595/2009 te wijzigen. De Commissie moet overwegen om de momenteel uitsluitend voor personenauto’s verplichte installatie van schakelindicatoren uit te breiden tot alle lichte en zware vrachtwagens

Amendement    9

Voorstel voor een verordening

Overweging 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7) Teneinde de EU-doelstellingen inzake luchtkwaliteit te behalen en te garanderen dat onverminderd wordt gestreefd naar een vermindering van de voertuigemissies, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) gedelegeerde handelingen vast te stellen ten aanzien van uitvoeringsbepalingen voor de toepassing van Verordening (EG) nr. 715/2007 op voertuigen van de categorieën M1, M2, N1 en N2 met een referentiemassa van meer dan 2 610 kg maar met een maximale massa van hoogstens 5 000 kg, de specifieke procedures, tests en voorschriften voor de typegoedkeuring, de voorschriften voor de implementatie van het verbod op het gebruik van manipulatie-instrumenten die de doelmatigheid van de emissiecontrolesystemen verminderen, de maatregelen die nodig zijn voor de implementatie van de verplichting van fabrikanten onbeperkte en gestandaardiseerde toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie te bieden, de vervanging van de informatie over de massa aan CO2-emissies in het certificaat van overeenstemming door informatie over de totale massa aan emissies van CO2 equivalenten, de verhoging of schrapping van de grenswaarde voor de totale emissies van koolwaterstoffen voor motoren met elektrische ontsteking, de wijziging van Verordening (EG) nr. 715/2007 om de op deeltjesmassa gebaseerde grenswaarden aan te passen en op het deeltjesaantal gebaseerde grenswaarden vast te stellen die grotendeels aansluiten bij de grenswaarden voor de deeltjesmassa voor benzine- en dieselmotoren, het vaststellen van een herziene meetprocedure voor deeltjes en een grenswaarde voor het deeltjesaantal, een grenswaarde voor NO2-emissies en grenswaarden voor uitlaatemissies bij lage temperaturen voor goedgekeurde voertuigen die voldoen aan de Euro 6-emissiegrenswaarden. De Commissie moet bij de voorbereiding en opstelling van de gedelegeerde handelingen ervoor zorgen dat de desbetreffende documenten tijdig en op gepaste wijze gelijktijdig worden toegezonden aan het Europees Parlement en aan de Raad.

(7) Teneinde de EU-doelstellingen inzake luchtkwaliteit zoals vastgesteld in de EU-normen voor luchtkwaliteit en in Richtlijn 2008/50/EG van het Europees Parlement en van de Raad1 bis te behalen en te garanderen dat onverminderd wordt gestreefd naar een vermindering van de voertuigemissies, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) gedelegeerde handelingen vast te stellen ten aanzien van uitvoeringsbepalingen voor de toepassing van Verordening (EG) nr. 715/2007 op voertuigen van de categorieën M1, M2, N1 en N2 met een referentiemassa van meer dan 2 610 kg maar met een technisch toelaatbare maximummassa van hoogstens 5 000 kg, de specifieke procedures, tests en voorschriften voor de typegoedkeuring, de voorschriften voor de implementatie van het verbod op het gebruik van manipulatie-instrumenten die de doelmatigheid van de emissiecontrolesystemen verminderen, de maatregelen die nodig zijn voor de implementatie van de verplichting van fabrikanten onbeperkte en gestandaardiseerde toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie te bieden, de wijziging van Verordening (EG) nr. 715/2007 om de op deeltjesmassa gebaseerde grenswaarden aan te passen en op het deeltjesaantal gebaseerde grenswaarden vast te stellen die grotendeels aansluiten bij de grenswaarden voor de deeltjesmassa voor benzine- en dieselmotoren. De Commissie moet bij de voorbereiding en opstelling van de gedelegeerde handelingen ervoor zorgen dat de desbetreffende documenten tijdig en op gepaste wijze gelijktijdig worden toegezonden aan het Europees Parlement en aan de Raad.

 

__________________

 

1 bis Richtlijn 2008/50/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2008 betreffende de luchtkwaliteit en schonere lucht voor Europa (PB L 152 van 11.6.2008, blz. 1).

Amendement    10

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 1

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 2 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Na publicatie van de gedelegeerde handelingen die zijn aangenomen overeenkomstig de tweede alinea en op verzoek van de fabrikant is deze verordening van toepassing op voertuigen van de categorieën M1, M2, N1 en N2 zoals gedefinieerd in bijlage II bij Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad* met een referentiemassa van meer dan 2 610 kg maar met een maximale massa van hoogstens 5 000 kg.

2. Na publicatie van de gedelegeerde handelingen die zijn aangenomen overeenkomstig de tweede alinea en op verzoek van de fabrikant is deze verordening van toepassing op voertuigen van de categorieën M1, M2, N1 en N2 zoals gedefinieerd in bijlage II bij Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad* met een referentiemassa van meer dan 2 610 kg maar met een technisch toelaatbare maximummassa van hoogstens 5 000 kg.

De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 14 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot uitvoeringsbepalingen voor de toepassing van deze verordening op voertuigen van de categorieën M1, M2, N1 en N2 zoals gedefinieerd in bijlage II bij Richtlijn 2007/46/EG met een referentiemassa van meer dan 2 610 kg maar met een maximale massa van hoogstens 5 000 kg. De gedelegeerde handelingen zorgen er in het bijzonder voor dat bij een rollenbanktest op de juiste manier rekening wordt gehouden met de daadwerkelijke operationele massa van het voertuig bij het vaststellen van het traagheidsequivalent en andere vaste vermogens- en belastingsparameters.

De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 14 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot uitvoeringsbepalingen voor de toepassing van deze verordening op voertuigen van de categorieën M1, M2, N1 en N2 zoals gedefinieerd in bijlage II bij Richtlijn 2007/46/EG met een referentiemassa van meer dan 2 610 kg maar met een technisch toelaatbare maximummassa van hoogstens 5 000 kg. De gedelegeerde handelingen zorgen er in het bijzonder voor dat bij een rollenbanktest op de juiste manier rekening wordt gehouden met de daadwerkelijke operationele massa van het voertuig bij het vaststellen van het traagheidsequivalent en andere vaste vermogens- en belastingsparameters.

____________________

____________________

* PB L 263 van 9.10.2007, blz. 1

* PB L 263 van 9.10.2007, blz. 1

Amendement    11

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 2 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 5 – lid 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 bis) Aan artikel 5 wordt het volgende lid toegevoegd:

 

"1 bis. Overeenkomstig de bepalingen van deze verordening rusten de fabrikanten alle binnen het toepassingsgebied van deze verordening vallende voertuigcategorieën uit met brandstofverbruiksmeters."

Amendement    12

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 3 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 5 – lid 3 – letter e bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 bis) In artikel 5, lid 3, wordt het volgende punt toegevoegd:

 

"(e bis) uitrusting van voertuigen met brandstofverbruiksmeters die de bestuurder nauwkeurige en voortdurend zichtbare informatie verstrekken over het werkelijke brandstofverbruik van het voertuig, met ten minste de volgende gegevens: het momentane brandstofverbruik (l/100 km of mpg), het gemiddelde brandstofverbruik (l/100 km of mpg), het brandstofverbruik bij stationair draaien (l/uur of m/uur), alsmede een schatting van de actieradius van het voertuig op basis van het actuele brandstofniveau;"

Amendement    13

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 3 ter (nieuw)

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 5 – lid 3 – letter i bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 bis) In artikel 5, lid 3, wordt het volgende punt toegevoegd:

 

"(i bis) een conformiteitsfactor, die de ratio weergeeft van het maximale emissieniveau van een bepaalde vervuilende stof met meting in reële omstandigheden ten opzichte van de in de regelgeving bepaalde Euro 6-grenswaarde voor dezelfde vervuilende stof, die op een zo laag mogelijke waarde moet worden vastgesteld;"

Amendement    14

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 3 quater (nieuw)

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 5 – lid 3 – alinea 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 quater) In artikel 5, lid 3, wordt de volgende alinea toegevoegd:

 

"De Commissie stelt uiterlijk op 31 december 2016 een gedelegeerde handeling vast met betrekking tot de aanvulling van de bepalingen van lid 1 bis en punt e bis) van dit lid. Met ingang van 1 januari 2018 weigeren de nationale autoriteiten EG-typegoedkeuring of nationale typegoedkeuring te verlenen voor nieuwe voertuigtypen die niet aan die voorschriften voldoen. Met ingang van 1 januari 2019 beschouwen de nationale autoriteiten certificaten van overeenstemming van nieuwe voertuigen die niet aan die voorschriften voldoen, als niet meer geldig en verbieden zij de registratie, de verkoop of het in het verkeer brengen van deze voertuigen."

Amendement    15

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 5 – letter a

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 14 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Zonder afbreuk te doen aan het niveau van milieubescherming in de Unie is de Commissie bevoegd overeenkomstig artikel 14 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot:

1. Zonder afbreuk te doen aan het niveau van milieubescherming in de Unie stelt de Commissie indien nodig wetgevingsmaatregelen voor met betrekking tot:

(a) de vervanging van de in artikel 18 van Richtlijn 2007/46/EG bedoelde informatie over de massa aan CO2-emissies in het certificaat van overeenstemming door informatie over de totale massa aan emissies van CO2-equivalenten, die gelijk staat aan de som van de massa aan CO2-emissies en methaanemissies, uitgedrukt als de equivalente massa aan CO2-emissies met betrekking tot hun broeikaseffect;

(a) de herziening van de in artikel 18 van Richtlijn 2007/46/EG bedoelde informatie over de massa aan CO2-emissies in het certificaat van overeenstemming, in het kader van de herziening van Verordening (EG) nr. 443/2009, op basis van informatie over de totale massa aan emissies van CO2-equivalenten, die beschouwd dient te worden als de som van de massa aan CO2-emissies en methaanemissies, uitgedrukt als de equivalente massa aan CO2-emissies met betrekking tot hun broeikaseffect;

(b) de verhoging of schrapping van de grenswaarde van totale emissies van koolwaterstoffen (THC) voor motoren met elektrische ontsteking.

(b) de grenswaarde van totale emissies van koolwaterstoffen (THC) voor motoren met elektrische ontsteking, die zal worden herzien op basis van een gedetailleerde effectbeoordeling.

Amendement    16

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 5 – letter a

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 14 – lid 2 – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Na de afronding van het VN/ECE-deeltjesmeetprogramma, dat wordt uitgevoerd onder leiding van het Wereldforum voor de harmonisatie van voertuigreglementen (World Forum for Harmonization of Vehicle Regulations) en uiterlijk bij de inwerkingtreding van Euro 6, is de Commissie bevoegd om, zonder afbreuk te doen aan het niveau van milieubescherming in de Unie, overeenkomstig artikel 14 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de goedkeuring van de volgende maatregelen:

2. Na de afronding van het VN/ECE-deeltjesmeetprogramma, dat wordt uitgevoerd onder leiding van het Wereldforum voor de harmonisatie van voertuigreglementen (World Forum for Harmonization of Vehicle Regulations) en uiterlijk bij de inwerkingtreding van Euro 6, is de Commissie bevoegd om, zonder afbreuk te doen aan het niveau van milieubescherming in de Unie, overeenkomstig artikel 14 bis onverwijld gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de goedkeuring van de volgende maatregelen:

Amendement    17

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 5 – letter a

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 14 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De Commissie beoordeelt regelmatig de procedures, tests en voorschriften zoals bedoeld in artikel 5, lid 3, evenals de testcycli voor het meten van emissies. Blijkt bij deze beoordeling dat deze niet langer adequaat zijn of niet langer de feitelijke emissies weerspiegelen, dan handelt de Commissie in overeenstemming met artikel 5, lid 3, om ze aan te passen teneinde adequaat de emissies bij reëel rijden op de weg te weerspiegelen.

3. De Commissie beoordeelt regelmatig de procedures, tests en voorschriften zoals bedoeld in artikel 5, lid 3, evenals de testcycli voor het meten van emissies.

 

De Commissie voert een emissietest in reële rijomstandigheden in voor alle voertuigen die vanaf 2015 een typegoedkeuring krijgen of worden geregistreerd om te waarborgen dat de emissiecontrolesystemen doeltreffend genoeg zijn om ervoor te zorgen dat het voertuig aan deze verordening en de uitvoeringsmaatregelen daarbij kan voldoen, met een conformiteitsfactor die alleen rekening houdt met de mogelijke toleranties van de meetprocedure voor emissies tegen 2017.

Amendement    18

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 5 – letter b

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 14 – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 14 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen om, naast de bestaande grenswaarde voor de totale emissies van NOx, een grenswaarde vast te stellen voor de NO2-emissies van goedgekeurde voertuigen die voldoen aan de Euro 6-emissiegrenswaarden zoals vastgesteld in de tabel 2 van bijlage I. De grenswaarde voor NO2-emissies wordt vastgesteld op basis van een effectbeoordeling, houdt rekening met de technische uitvoerbaarheid en weerspiegelt de doelstellingen op het gebied van luchtkwaliteit die zijn vastgesteld in Richtlijn nr. 2008/50/EG van het Europees Parlement en de Raad.*

De Commissie stelt, naast de bestaande grenswaarde voor de totale emissies van NOx, wetgevende maatregelen voor ten aanzien van een grenswaarde voor de NO2-emissies van goedgekeurde voertuigen die voldoen aan de Euro 6-emissiegrenswaarden zoals vastgesteld in de tabel 2 van bijlage I. De grenswaarde voor NO2-emissies wordt vastgesteld op basis van een duidelijke en gedetailleerde effectbeoordeling, houdt rekening met de technische uitvoerbaarheid en weerspiegelt daarenboven de doelstellingen op het gebied van luchtkwaliteit die zijn vastgesteld in Richtlijn nr. 2008/50/EG van het Europees Parlement en de Raad.*

Amendement    19

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 5 – letter c

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 14 – lid 5

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 14 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen om tabel 4 van bijlage I te wijzigen en aan te vullen teneinde grenswaarden vast te stellen voor uitlaatemissies bij lage temperaturen voor goedgekeurde voertuigen die voldoen aan de Euro 6-emissiegrenswaarden zoals vastgesteld in tabel 2 van bijlage I. De grenswaarden voor emissies van NOx en NO2 worden vastgesteld op basis van een effectbeoordeling, houden rekening met de technische uitvoerbaarheid en weerspiegelen de doelstellingen op het gebied van luchtkwaliteit die zijn vastgesteld in Richtlijn nr. 2008/50/EG van het Europees Parlement en de Raad.

5. Indien nodig dient de Commissie volgens de gewone wetgevingsprocedure een voorstel in bij het Europees Parlement en de Raad om tabel 4 van bijlage I te wijzigen en aan te vullen teneinde grenswaarden vast te stellen voor uitlaatemissies bij lage temperaturen voor goedgekeurde voertuigen die voldoen aan de Euro 6-emissiegrenswaarden zoals vastgesteld in tabel 2 van bijlage I. De grenswaarden voor uitlaatemissies bij lage temperaturen worden vastgesteld op basis van een effectbeoordeling voor koolstofmonoxide (CO), koolwaterstoffen (HC), stikstofoxiden (NOx) en stikstofdioxide (NO2), houden rekening met de technische uitvoerbaarheid en weerspiegelen beter de doelstellingen op het gebied van luchtkwaliteit die zijn vastgesteld in Richtlijn nr. 2008/50/EG van het Europees Parlement en de Raad.

Amendement    20

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 6

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 14 bis – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De in artikel 2, lid 2, tweede alinea, artikel 5, lid 3, artikel 8 en artikel 14, leden 1 tot en met 5, bedoelde bevoegdheidsdelegatie wordt aan de Commissie toegekend voor onbepaalde tijd met ingang van [...] [Publications Office, please insert the exact date of entry into force].

2. De in artikel 2, lid 2, tweede alinea, artikel 5, lid 3, artikel 8 en artikel 14, lid 2, bedoelde bevoegdheidsdelegatie wordt aan de Commissie toegekend voor vijf jaar met ingang van [de datum van inwerkingtreding van deze verordening] [Publications Office, please insert the exact date of entry into force]. Uiterlijk negen maanden vóór het verstrijken van de termijn van vijf jaar stelt de Commissie een verslag op over de bevoegdheidsdelegatie. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend met termijnen van dezelfde duur verlengd, tenzij het Europees Parlement en de Raad zich uiterlijk drie maanden voor het einde van elke termijn tegen deze verlenging verzetten.

Amendement    21

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – punt 1 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 595/2009

Artikel 5 – lid 2 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 bis) Aan artikel 5 wordt het volgende lid toegevoegd:

 

"2 bis. Overeenkomstig de bepalingen van deze verordening rusten de fabrikanten alle binnen het toepassingsgebied van deze verordening vallende voertuigcategorieën uit met brandstofverbruiksmeters."

Amendement    22

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – punt 1 ter (nieuw)

Verordening (EG) nr. 595/2009

Artikel 5 – lid 4– inleidende formule

 

Bestaande tekst

Amendement

 

(1 ter) In artikel 5, lid 4, wordt de inleidende formule vervangen door:

4. De Commissie stelt maatregelen voor de uitvoering van dit artikel vast, onder meer maatregelen met betrekking tot:

"4. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 12 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de ontwikkeling van de specifieke procedures, tests en voorschriften voor de typegoedkeuring, vastgelegd in dit artikel, onder meer voorschriften met betrekking tot:".

Amendement    23

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – punt 1 quater (nieuw)

Verordening (EG) nr. 595/2009

Artikel 5 – lid 4 – letter e bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 quater) In artikel 5, lid 4, wordt het volgende punt toegevoegd:

 

"(e bis) uitrusting van voertuigen met brandstofverbruiksmeters die de bestuurder nauwkeurige en voortdurend zichtbare informatie verstrekken over het werkelijke brandstofverbruik van het voertuig, met ten minste de volgende gegevens: het momentane brandstofverbruik (l/100 km of mpg), het gemiddelde brandstofverbruik (l/100 km of mpg), het brandstofverbruik bij stationair draaien (l/uur of m/uur), alsmede een schatting van de actieradius van het voertuig op basis van het actuele brandstofniveau;"

Amendement    24

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – punt 1 quinquies (nieuw)

Verordening (EG) nr. 595/2009

Artikel 5 – lid 4 – alinea 2

 

Bestaande tekst

Amendement

 

(1 quinquies) Artikel 5, lid 4, tweede alinea, wordt vervangen door:

Die maatregelen, die beogen niet-essentiële onderdelen van deze verordening te wijzigen, onder meer door haar aan te vullen, worden vastgesteld volgens de in artikel 13, lid 2, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing.

 

"De Commissie stelt uiterlijk op 31 december 2016 een gedelegeerde handeling vast voor de aanvulling van de voorschriften in lid 2 bis en punt e bis) van dit lid. Met ingang van 1 januari 2018 weigeren de nationale autoriteiten EG-typegoedkeuring of nationale typegoedkeuring te verlenen voor nieuwe voertuigtypen die niet aan die voorschriften voldoen. Met ingang van 1 januari 2019 beschouwen de nationale autoriteiten certificaten van overeenstemming van nieuwe voertuigen die niet aan die voorschriften voldoen, als niet meer geldig en verbieden zij de registratie, de verkoop of het in het verkeer brengen van deze voertuigen."

Amendement    25

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – punt 1 sexies (nieuw)

Verordening (EG) nr. 595/2009

Artikel 12 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 sexies) Het volgende artikel wordt ingevoegd:

 

"Artikel 12 bis

 

Uitoefening van de bevoegdheidsdelegatie

 

1. De bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen wordt aan de Commissie toegekend onder de in dit artikel neergelegde voorwaarden.

 

2. De in artikel 5, lid 4, bedoelde bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen wordt aan de Commissie toegekend voor een periode van vijf jaar vanaf [de datum van inwerkingtreding van deze verordening]. Uiterlijk negen maanden vóór het verstrijken van de termijn van vijf jaar stelt de Commissie een verslag op over de bevoegdheidsdelegatie. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend met termijnen van dezelfde duur verlengd, tenzij het Europees Parlement en de Raad zich uiterlijk drie maanden voor het einde van elke termijn tegen deze verlenging verzetten.

 

3. De in artikel 5, lid 4, bedoelde bevoegdheidsdelegatie kan te allen tijde door het Europees Parlement of de Raad worden ingetrokken. Het besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.

 

4. Zodra de Commissie een gedelegeerde handeling heeft vastgesteld, doet zij daarvan gelijktijdig kennisgeving aan het Europees Parlement en de Raad.

 

5. Een krachtens artikel 5, lid 4, vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking als het Europees Parlement noch de Raad binnen een termijn van twee maanden na de datum van kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement of de Raad daartegen bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad de Commissie voor het verstrijken van deze termijn heeft meegedeeld geen bezwaar te zullen maken. Die termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden verlengd.".

Amendement    26

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – punt 2

Verordening (EG) nr. 595/2009

Bijlage I – tabel "Euro VI-emissiegrenswaarden" – rij die overeenkomt met "WHTC (elektrische ontsteking)"

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2) In bijlage I wordt in de tabel "Euro VI-emissiegrenswaarden" de rij die overeenkomt met "WHTC (elektrische ontsteking)" vervangen door:

Schrappen

"WHTC (PI)

 

4 000

 

160

 

500

 

460

 

-

 

10

 

( 3 )".

 

Amendement    27

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 3 bis

 

De Commissie beoordeelt de wenselijkheid voorschriften in te voeren inzake de installatie van schakelindicatoren in andere voertuigen met een handgeschakelde versnellingsbak dan die van categorie M1, waarvoor in de huidige wetgeving van de Unie reeds in een voorschrift is voorzien. Op basis van deze beoordeling dient de Commissie indien nodig bij het Europees Parlement en de Raad een voorstel in voor een uitbreiding van het toepassingsgebied van artikel 11 van Verordening (EC) nr. 661/2009 van het Europees Parlement en de Raad1 bis naar bijkomende categorieën van voertuigen.

 

_______________

 

1 bis Verordening (EG) nr. 661/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende typegoedkeuringsvoorschriften voor de algemene veiligheid van motorvoertuigen, aanhangwagens daarvan en daarvoor bestemde systemen, onderdelen en technische eenheden (PB L 200 van 31.7.2009, blz. 1).

(1)

  PB C 311 van 12.9.14, blz. 55.


TOELICHTING

Dit voorstel bestaat uit een reeks relatief heterogene maatregelen die er voornamelijk op gericht zijn emissies van voertuigen die schadelijk zijn voor de menselijke gezondheid te verminderen. De maatregelen hebben met name betrekking op het vaststellen van specifieke drempels voor de uitstoot van NO2 binnen de bredere waaier van NOx-emissies, het schrappen van de ammoniakdrempel voor verbrandingsmotoren in zware bedrijfsvoertuigen, het wijzigen van de uit vorige ‘Euro’-fasen overgeërfde drempels voor de uitstoot bij een koude start, het aanpassen van de totale emissie van koolwaterstoffen (THC) met het oog op een vlottere invoering van aardgasvoertuigen, het toevoegen van methaan als het equivalent van een broeikasgas aan de totale CO2-uitstoot die elke autofabrikant in acht moet nemen, en het invoeren van de mogelijkheid om het gewicht van voertuigen die aan de emissievoorschriften voor lichte bedrijfsvoertuigen moeten voldoen, te verhogen van 2 840 kg tot 5 000 kg. Een tweede reeks maatregelen is eerder technisch en regelgevend van aard. Zij betreffen een aantal gevallen waarin wordt voorgesteld de uitvoeringsbevoegdheden in de huidige wetgeving af te stemmen op het Verdrag van Lissabon. Met het oog op de uitvoering van sommige van de voorgestelde maatregelen is er ook sprake van een aantal nieuwe uitvoeringsbevoegdheden.

In theorie zijn maatregelen tot verbetering van de luchtkwaliteit een goede zaak, vooral als hierbij een goed evenwicht wordt getroffen tussen de kosten van de maatregelen en de impact ervan in de vorm van leefbaardere en duurzamere steden, waar zich immers steeds meer mensen vestigen, en een afname van de kosten voor gezondheidszorg. Autofabrikanten mogen echter niet plots maatregelen opgelegd krijgen die voor hen een buitensporige last betekenen. We moeten ons ervan bewust zijn dat de autosector nog altijd niet over de recente economische crisis heen is en dat extra kosten en bureaucratie zo laag mogelijk moeten blijven.

De rapporteur wijst op bepaalde specifieke elementen in het Commissievoorstel en de voorgestelde amendementen.

•  Methaan is op zich geen vervuilend gas en houdt geen gevaar in voor de menselijke gezondheid. Aardgasvoertuigen stoten ongeveer 25 % minder CO2 uit dan benzinevoertuigen en er heerst geen enkele zekerheid over het marktaandeel dat aardgasvoertuigen in de toekomst zullen verwerven. Momenteel is het aantal aardgasvoertuigen maar een fractie van het totale aantal in gebruik zijnde voertuigen. Bovendien zorgt het resultaat van de emissietests bij reëel rijden voor onzekerheid over hoe de uitstoot (niet alleen methaan) precies moet worden gemeten. De rapporteur zou deze kleine categorie voertuigen die bijdragen tot een vermindering van de uitstoot van broeikasgassen liever niet meteen penaliseren. De herziening waarvan sprake is in artikel 14, lid 3, of anders een herziening van de CO2-wetgeving voor voertuigen moet de garantie bieden dat de Commissie nieuwe wetgeving kan voorstellen indien methaanemissies een probleem worden.

•  De uitbreiding van het scala aan voertuigen dat op verzoek van de fabrikant onder de emissievoorschriften voor lichte voertuigen kan vallen, is een lovenswaardig initiatief van de Commissie. De rapporteur zou zelfs willen dat de gewichtsdrempel hiervoor wordt opgetrokken tot 7 500 kg. Dubbele goedkeuringsprocedures en andere onnodige administratieve stappen worden op deze manier vermeden.

•  Ammoniak wordt uitgestoten door zware bedrijfsvoertuigen die op diesel rijden. In dergelijke voertuigen wordt ammoniak gebruikt in een zogeheten ureumreagens, een nabehandelingstechniek voor de vermindering van NOx-emissies. In het geval van zware bedrijfsvoertuigen die op aardgas rijden, is de uitstoot van ammoniak een rechtstreeks gevolg van de verbranding van het aardgas; het wordt niet gebruikt voor de neutralisering van NOx aangezien er nagenoeg geen NOx wordt geproduceerd. Voor de handhaving van de ammoniakdrempel voor zware bedrijfsvoertuigen waarvan de motoren met elektrische ontsteking functioneren, zouden dure emissiereductiesystemen nodig zijn, wat discriminatoir zou zijn voor deze categorie voertuigen aangezien het zou verhinderen dat alternatieve brandstoftechnologieën zoals lpg en aardgas economisch haalbaar worden. De toepassing van de NH3-grenswaarde voor motoren met elektrische ontsteking moet dan ook worden geschrapt, zoals de Commissie voorstelt, en de bestaande grens van 10 ppm voor voertuigen met compressieontsteking (dieselvoertuigen), die de meerderheid van het totale aantal voertuigen uitmaken, zou worden behouden.

•  Wat de afstemming op het Verdrag van Lissabon betreft, heeft het voorstel tot doel oude comitéprocedures overeenkomstig de artikelen 290 en 291 van het VWEU aan te passen aan de gedelegeerde handelingen en uitvoeringshandelingen. Dit zou de Commissie in staat stellen dergelijke handelingen vast te stellen voor een brede waaier aan voorschriften, procedures en grenswaarden met betrekking tot de toepassing van de Euro 5 en 6-normen. Zoals voor de grote meerderheid van handelingen het geval is, moet de bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen aan de Commissie worden toegekend vanaf de inwerkingtreding tot 30 juni 2019, hetzij het einde van de huidige zittingsperiode, en niet zoals wordt voorgesteld voor een onbepaalde duur; voorts moeten de standaardbepalingen inzake het verslag van de Commissie over de bevoegdheidsdelegatie en over de stilzwijgende verlenging worden toegepast.


ADVIES van de Commissie interne markt en consumentenbescherming (2.7.2015)

aan de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid

inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 715/2007 en (EG) nr. 595/2009 met betrekking tot de vermindering van verontreinigende emissies van wegvoertuigen

(COM(2014)0028 – C7-0027/2014 – 2014/0012(COD))

Rapporteur voor advies: Róża Gräfin von Thun und Hohenstein

BEKNOPTE MOTIVERING

Het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 715/2007 en (EG) nr. 595/2009 met betrekking tot de vermindering van verontreinigende emissies van wegvoertuigen is bedoeld om een oplossing aan te reiken voor specifieke probleemgebieden waar tekortkomingen van de markt en de regelgeving een belemmering vormen bij het algemene streven naar een betere luchtkwaliteit in dichtbevolkte gebieden in Europa, alsook voor de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen en giftige stoffen, in het kader van de opwarming van de aarde, de verontreiniging van het milieu en de inspanningen voor een efficiënter gebruik van hulpbronnen.

Volgens ramingen sterven ongeveer 400 000 Europeanen vroegtijdig als gevolg van de slechte luchtkwaliteit, terwijl tegen 17 lidstaten inbreukprocedures zijn ingeleid wegens het niet naleven van de richtlijn luchtkwaliteit (RLK). De wijze waarop emissies in tests worden gemeten wijkt ook significant af van de feitelijke emissies, waarbij de laatste aanzienlijk hoger liggen, terwijl beide ongeveer identiek zouden moeten zijn.

In het licht van het bovenstaande is het in eerste instantie de bedoeling wijzigingen voor te stellen die ervoor moeten zorgen dat de tekst zodanig wordt verbeterd dat de meeste problemen worden aangepakt, waarbij evenwel geen afbreuk wordt gedaan aan de doeltreffendheid van de verordening en aan de rechtszekerheid, terwijl ook een deel van de administratieve lasten wordt gereduceerd.

Methaan is een zeer sterk broeikasgas en wordt momenteel niet meegerekend in de totale broeikasgasemissies van voertuigen. Daarom dient de rapporteur een amendement in om het voorstel op dit vlak te verduidelijken door methaan op te nemen in de emissieberekeningen via de methode van CO2-equivalent. Voorts vergt de huidige maximalemassagrenswaarde voor lichte bedrijfsvoertuigen meerdere typegoedkeuringen voor bepaalde voertuigplatformen, wat een aanzienlijke last voor de fabrikanten van dergelijke voertuigen met zich brengt. Bijgevolg is het amendement van de rapporteur om de maximalemassagrenswaarde te verhogen bedoeld om dit probleem aan te pakken, en wil het ook een bepaling invoeren om de toegang voor diagnostische ondersteuning op afstand op deze voertuigen te verplichten overeenkomstig de recentste technologische ontwikkelingen.

Hoewel er de afgelopen jaren aanzienlijke vooruitgang is geboekt bij de vermindering van de emissie van deeltjes, is de rapporteur van mening dat nanodeeltjes in aanmerking moeten worden genomen bij de berekening van de emissie van deeltjes.

Aangezien de emissies van voertuigen rechtstreeks verband houden met het brandstofverbruik en verplichte totaalverbruikmeters en schakelindicatoren op het dashboard ook in lichte bedrijfsvoertuigen mogelijks voordelen kunnen opleveren, wordt de Commissie verzocht hiervan een effectbeoordeling uit te voeren en vervolgens een wetgevingsvoorstel in te dienen als de resultaten van de effectbeoordeling dit verantwoorden.

Aangezien de technologische ontwikkelingen in deze sector niet stilstaan, moeten aan de Commissie bevoegdheden worden verleend om bepaalde niet-essentiële onderdelen van de wetgevingshandeling te wijzigen, zodat indien nodig snel maatregelen kunnen worden genomen. Daar de huidige testcycli bovendien niet overeenstemmen met de reële omstandigheden, vraagt de rapporteur dringend een herziening en aanpassing van de testcycli om te voorkomen dat de consument wordt misleid en producten worden ontwikkeld op basis van gemanipuleerde en onjuiste gegevens. Ook moet de nauwkeurigheid van testcycli regelmatig worden beoordeeld, aangezien de rijomstandigheden en de mate van verkeerscongestie in de loop der jaren veranderen. Hiertoe vraagt de rapporteur de nauwkeurigheid van de testcycli regelmatig, d.w.z. om de twee jaar, te beoordelen.

AMENDEMENTEN

De Commissie interne markt en consumentenbescherming verzoekt de ten principale bevoegde Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid onderstaande amendementen in aanmerking te nemen:

Amendement    1

Voorstel voor een verordening

Overweging 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(2) Hoewel methaanemissies geen bekend direct schadelijk effect hebben op de menselijke gezondheid, is methaan een sterk broeikasgas. Daarom moet de Commissie, in overeenstemming met de mededeling van de Commissie over de toepassing en de toekomstige ontwikkeling van de Gemeenschapswetgeving met betrekking tot emissies van lichte bedrijfsvoertuigen en de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie (Euro 5 en Euro 6)2 en met artikel 14, lid 1, van Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad3, overwegen om methaanemissies op te nemen in de berekening van CO2-emissies.

(2) Hoewel methaanemissies geen bekend direct schadelijk effect hebben op de menselijke gezondheid, is methaan een sterk broeikasgas. Daarom moet de Commissie, in overeenstemming met de mededeling van de Commissie van 19 juli 2008 over de toepassing en de toekomstige ontwikkeling van de Gemeenschapswetgeving met betrekking tot emissies van lichte bedrijfsvoertuigen en de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie (Euro 5 en Euro 6)1 en met artikel 14, lid 1, van Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad2, overwegen om methaanemissies op te nemen in de berekening van CO2-emissies, in het kader van de herziening van Verordening (EG) nr. 443/2009 van het Europees Parlement en van de Raad3 bis, nadat zij een duidelijke en gedetailleerde effectbeoordeling heeft verricht om de juiste omzetting van methaanemissies in CO2-emissies en de haalbaarheid daarvan te evalueren.

__________________

__________________

PB C 182 van 19.7.2008, blz. 17.

2 PB C 182 van 19.7.2008, blz. 17.

3 Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2007 betreffende de typegoedkeuring van motorvoertuigen met betrekking tot emissies van lichte personen- en bedrijfsvoertuigen (Euro 5 en Euro 6) en de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie (PB L 171 van 29.6.2007, blz. 1).

3 Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2007 betreffende de typegoedkeuring van motorvoertuigen met betrekking tot emissies van lichte personen- en bedrijfsvoertuigen (Euro 5 en Euro 6) en de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie (PB L 171 van 29.6.2007, blz. 1).

 

3 bis Verordening (EG) nr. 443/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 2 april 2009 tot vaststelling van emissienormen voor nieuwe personenauto’s, in het kader van de communautaire geïntegreerde benadering om de CO2-emissies van lichte voertuigen te beperken (PB L 140 van 5.6.2009, blz. 1).

Amendement    2

Voorstel voor een verordening

Overweging 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(3) Om de introductie van aardgasvoertuigen te vergemakkelijken moeten de huidige grenswaarden voor de totale emissie van koolwaterstoffen (THC) worden verhoogd en moet het effect van methaanemissies worden meegerekend en uitgedrukt als CO2-equivalent voor wetgevende doeleinden en informatie voor consumenten.

(3) Om de introductie van aardgasvoertuigen te vergemakkelijken moeten de huidige grenswaarden voor de totale emissie van koolwaterstoffen (THC) worden herzien op basis van een duidelijke en gedetailleerde effectbeoordeling en moet worden overwogen om het effect van methaanemissies mee te rekenen en uit te drukken als CO2-equivalent voor wetgevende doeleinden en informatie voor consumenten.

Amendement    3

Voorstel voor een verordening

Overweging 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(4) Moderne dieselvoertuigen stoten hoge en stijgende hoeveelheden NO2 uit als deel van de totale NOx-emissies, hetgeen niet werd voorzien toen Verordening (EG) nr. 715/2007 werd goedgekeurd. De meeste problemen wat betreft de luchtkwaliteit in de betrokken stedelijke gebieden lijken direct verband te houden met NO2-emissies. Daarom moeten passende emissiegrenswaarden worden vastgesteld.

(4) Moderne dieselvoertuigen stoten hoge en stijgende hoeveelheden NO2 uit als deel van de totale NOx-emissies, hetgeen niet werd voorzien toen Verordening (EG) nr. 715/2007 werd goedgekeurd. De meeste problemen wat betreft de luchtkwaliteit in de betrokken stedelijke gebieden lijken verband te houden met giftige NOx-emissies en directe NO2-emissies. Daarom moeten passende emissiegrenswaarden dringend worden vastgesteld.

Amendement    4

Voorstel voor een verordening

Overweging 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(5) De huidige grenswaarden voor CO-emissies en voor de totale emissie van koolwaterstoffen (THC) bij koude start bij een lage temperatuur zijn overgedragen uit de Euro 3-voorschriften die bij Richtlijn 98/69/EG van het Europees Parlement en de Raad4 zijn vastgesteld, en die gedateerd lijken te zijn in het licht van de bestaande voertuigtechnologie en luchtkwaliteitvereisten. Bovendien suggereren problemen met de luchtkwaliteit en de resultaten van de metingen van voertuigemissies dat passende grenswaarden voor NOx/NO2-emissies moeten worden vastgesteld. Daarom moeten de grenswaarden worden herzien overeenkomstig artikel 14, lid 5, van Verordening (EG) nr. 715/2007.

(5) De huidige grenswaarden voor CO-emissies en voor de totale emissie van koolwaterstoffen (THC) bij koude start bij een lage temperatuur zijn overgedragen uit de Euro 3-voorschriften die bij Richtlijn 98/69/EG van het Europees Parlement en de Raad4 zijn vastgesteld, en die gedateerd lijken te zijn in het licht van de bestaande voertuigtechnologie en luchtkwaliteitvereisten. Bovendien suggereren problemen met de luchtkwaliteit en de resultaten van de metingen van voertuigemissies dat passende grenswaarden voor NOx/NO2-emissies moeten worden vastgesteld. Het verkeer is verantwoordelijk voor 41 % van de NOx-emissies en daarmee verreweg de belangrijkste bron van die emissies. De grote efficiëntie van de nieuwste motoren is te danken aan de hogere verbrandingstemperaturen die weer grotere hoeveelheden NOx produceren. Anderzijds is NO2 verantwoordelijk voor ozonvorming, zure regen en irritatie van de menselijke luchtwegen. Daarom moeten de grenswaarden worden herzien overeenkomstig artikel 14, lid 5, van Verordening (EG) nr. 715/2007.

__________________

__________________

4 Richtlijn 98/69/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 1998 met betrekking tot maatregelen tegen luchtverontreiniging door emissies van motorvoertuigen en tot wijziging van Richtlijn 70/220/EEG van de Raad (PB L 350 van 28.12.1998, blz. 1).

4 Richtlijn 98/69/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 1998 met betrekking tot maatregelen tegen luchtverontreiniging door emissies van motorvoertuigen en tot wijziging van Richtlijn 70/220/EEG van de Raad (PB L 350 van 28.12.1998, blz. 1).

Amendement    5

Voorstel voor een verordening

Overweging 6 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(6 bis) De mogelijkheden om door zuinig rijgedrag het brandstofverbruik en daarmee de uitstoot van verontreinigende stoffen en broeikasgas te verminderen, worden nog niet voldoende benut. Dat is hoofdzakelijk te wijten aan het feit dat bestuurders onvoldoende kennis hebben of bewust zijn van wat milieubewust rijden betekent. De technische middelen om milieubewust rijden te vergemakkelijken moeten voornamelijk bestaan uit twee in het voertuig ingebouwde systemen: brandstofverbruiksmeters (FCM) en schakelindicatoren (GSI).

Amendement    6

Voorstel voor een verordening

Overweging 6 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(6 ter) Volgens de effectbeoordeling van de Commissie zou een verplichte installatie van brandstofverbruiksmeters geen grote belasting vormen voor fabrikanten van voertuigen. De kosten van de installatie daarvan zijn relatief laag. Momenteel zijn brandstofverbruiksmeters vaak niet verkrijgbaar of worden ze verkocht als onderdeel van keuzepakketten, waardoor ze niet op grote schaal worden gebruikt. Bovendien zijn dergelijke instrumenten, als ze wel geïnstalleerd zijn, vaak zo aangebracht dat ze niet geschikt zijn om milieubewust rijden te stimuleren (bijvoorbeeld niet permanent zichtbaar, geen onmiddellijke informatie over brandstofverbruik, verschillen tussen het getoonde en het werkelijke verbruik). Tegelijkertijd zou een brede beschikbaarheid van brandstofverbruiksmeters gebruikers van voertuigen helpen om het emissieniveau te verminderen en het brandstofverbruik te controleren en bijgevolg bijdragen aan de mogelijkheid van consumenten om beter geïnformeerde beslissingen te nemen bij de aankoop van voertuigen. Ten slotte zouden consumenten, met name bij de aankoop van gebruikte voertuigen, hun besluit kunnen baseren op realistische informatie over het brandstofverbruik.

Amendement    7

Voorstel voor een verordening

Overweging 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7) Teneinde de EU-doelstellingen inzake luchtkwaliteit te behalen en te garanderen dat onverminderd wordt gestreefd naar een vermindering van de voertuigemissies, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) gedelegeerde handelingen vast te stellen ten aanzien van uitvoeringsbepalingen voor de toepassing van Verordening (EG) nr. 715/2007 op voertuigen van de categorieën M1, M2, N1 en N2 met een referentiemassa van meer dan 2 610 kg maar met een maximale massa van hoogstens 5 000 kg, de specifieke procedures, tests en voorschriften voor de typegoedkeuring, de voorschriften voor de implementatie van het verbod op het gebruik van manipulatie-instrumenten die de doelmatigheid van de emissiecontrolesystemen verminderen, de maatregelen die nodig zijn voor de implementatie van de verplichting van fabrikanten onbeperkte en gestandaardiseerde toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie te bieden, de vervanging van de informatie over de massa aan CO2-emissies in het certificaat van overeenstemming door informatie over de totale massa aan emissies van CO2-equivalenten, de verhoging of schrapping van de grenswaarde voor de totale emissies van koolwaterstoffen voor motoren met elektrische ontsteking, de wijziging van Verordening (EG) nr. 715/2007 om de op deeltjesmassa gebaseerde grenswaarden aan te passen en op het deeltjesaantal gebaseerde grenswaarden vast te stellen die grotendeels aansluiten bij de grenswaarden voor de deeltjesmassa voor benzine- en dieselmotoren, het vaststellen van een herziene meetprocedure voor deeltjes en een grenswaarde voor het deeltjesaantal, een grenswaarde voor NO2-emissies en grenswaarden voor uitlaatemissies bij lage temperaturen voor goedgekeurde voertuigen die voldoen aan de Euro 6-emissiegrenswaarden. De Commissie moet bij de voorbereiding en opstelling van de gedelegeerde handelingen ervoor zorgen dat de desbetreffende documenten tijdig en op gepaste wijze gelijktijdig worden toegezonden aan het Europees Parlement en aan de Raad.

(7) Teneinde de doelstellingen van de Unie inzake luchtkwaliteit te behalen en te garanderen dat onverminderd wordt gestreefd naar een vermindering van de voertuigemissies, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) handelingen vast te stellen ten aanzien van uitvoeringsbepalingen voor de toepassing van Verordening (EG) nr. 715/2007 op voertuigen van de categorieën M1, M2, N1 en N2 met een referentiemassa van meer dan 2 610 kg maar met een maximale massa van hoogstens 7 500 kg, de specifieke procedures, tests en voorschriften voor de typegoedkeuring, de voorschriften voor de implementatie van het verbod op het gebruik van manipulatie-instrumenten die de doelmatigheid van de emissiecontrolesystemen verminderen, de maatregelen die nodig zijn voor de implementatie van de verplichting van fabrikanten onbeperkte en gestandaardiseerde toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie te bieden, met inbegrip van diagnostische ondersteuning op afstand, de vervanging van de informatie over de massa aan CO2-emissies in het certificaat van overeenstemming door informatie over de totale massa aan emissies van CO2-equivalenten, de verhoging van de grenswaarde voor de totale emissies van koolwaterstoffen voor motoren met elektrische ontsteking, de wijziging van Verordening (EG) nr. 715/2007 om de op deeltjesmassa gebaseerde grenswaarden aan te passen en op het deeltjesaantal gebaseerde grenswaarden vast te stellen die grotendeels aansluiten bij de grenswaarden voor de deeltjesmassa voor benzine- en dieselmotoren, het vaststellen van een herziene meetprocedure voor deeltjes, met inbegrip van nanodeeltjes, en een grenswaarde voor het deeltjesaantal, een grenswaarde voor NO2-emissies en grenswaarden voor uitlaatemissies bij lage temperaturen voor goedgekeurde voertuigen die voldoen aan de Euro 6-emissiegrenswaarden. Het is van bijzonder belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden tot passende raadpleging overgaat, onder meer op deskundigenniveau. De Commissie moet bij de voorbereiding en opstelling van de gedelegeerde handelingen ervoor zorgen dat de desbetreffende documenten tijdig en op gepaste wijze gelijktijdig worden toegezonden aan het Europees Parlement en aan de Raad.

Amendement    8

Voorstel voor een verordening

Overweging 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(8) Bij het Verdrag van Lissabon heeft de wetgever de mogelijkheid gekregen om aan de Commissie de bevoegdheid te delegeren om niet-wetgevingshandelingen van algemene strekking vast te stellen ter aanvulling of wijziging van bepaalde niet-essentiële onderdelen van een wetgevingshandeling. De maatregelen waarop de in artikel 290, lid 1, van het VWEU bedoelde bevoegdheidsdelegatie betrekking kan hebben, zijn in beginsel dezelfde als die welke vallen onder de regelgevingsprocedure met toetsing die is ingevoerd bij artikel 5 bis van Besluit 1999/468/EG6 van de Raad. Het is daarom noodzakelijk de bepalingen in Verordening (EG) nr. 715/2007 die voorzien in het gebruik van de regelgevingsprocedure met toetsing aan te passen aan artikel 290 van het VWEU.

(8) Bij het VWEU heeft de wetgever de mogelijkheid gekregen om aan de Commissie de bevoegdheid te delegeren om niet-wetgevingshandelingen van algemene strekking vast te stellen ter aanvulling of wijziging van bepaalde niet-essentiële onderdelen van een wetgevingshandeling. De maatregelen waarop de in artikel 290, lid 1, van het VWEU bedoelde bevoegdheidsdelegatie betrekking kan hebben, zijn in beginsel dezelfde als die welke vallen onder de regelgevingsprocedure met toetsing die is ingevoerd bij artikel 5 bis van Besluit 1999/468/EG6 van de Raad. Het is daarom noodzakelijk de desbetreffende bepalingen in Verordening (EG) nr. 715/2007 die voorzien in het gebruik van de regelgevingsprocedure met toetsing aan te passen aan artikel 290 van het VWEU. Een dergelijke bevoegdheidsdelegatie wordt aan de Commissie verleend vanaf de inwerkingtreding van deze verordening voor een periode van vier jaar, en kan stilzwijgend worden verlengd met periodes van dezelfde duur.

__________________

__________________

6 Besluit 1999/468/EG van de Raad van 28 juni 1999 tot vaststelling van de voorwaarden voor de uitoefening van de aan de Commissie verleende uitvoeringsbevoegdheden (PB L 184 van 17.7.1999, blz. 23).

6 Besluit 1999/468/EG van de Raad van 28 juni 1999 tot vaststelling van de voorwaarden voor de uitoefening van de aan de Commissie verleende uitvoeringsbevoegdheden (PB L 184 van 17.7.1999, blz. 23).

Amendement    9

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 1

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 2 – lid 2 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Na publicatie van de gedelegeerde handelingen die zijn aangenomen overeenkomstig de tweede alinea en op verzoek van de fabrikant is deze verordening van toepassing op voertuigen van de categorieën M1, M2, N1 en N2 zoals gedefinieerd in bijlage II bij Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad* met een referentiemassa van meer dan 2 610 kg maar met een maximale massa van hoogstens 5 000 kg.

Na publicatie van de gedelegeerde handelingen die zijn aangenomen overeenkomstig de tweede alinea en op verzoek van de fabrikant is deze verordening van toepassing op voertuigen van de categorieën M1, M2, N1 en N2 zoals gedefinieerd in bijlage II bij Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad* met een referentiemassa van meer dan 2 610 kg maar met een maximale massa van hoogstens 7 500 kg.

____________________

____________________

* PB L 263 van 9.10.2007, blz. 1.

* PB L 263 van 9.10.2007, blz. 1.

Amendement    10

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 1

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 2 – lid 2 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 14 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot uitvoeringsbepalingen voor de toepassing van deze verordening op voertuigen van de categorieën M1, M2, N1 en N2 zoals gedefinieerd in bijlage II bij Richtlijn 2007/46/EG met een referentiemassa van meer dan 2 610 kg maar met een maximale massa van hoogstens 5 000 kg. De gedelegeerde handelingen zorgen er in het bijzonder voor dat bij een rollenbanktest op de juiste manier rekening wordt gehouden met de daadwerkelijke operationele massa van het voertuig bij het vaststellen van het traagheidsequivalent en andere vaste vermogens- en belastingsparameters.

De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 14 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot uitvoeringsbepalingen voor de toepassing van deze verordening op voertuigen van de categorieën M1, M2, N1 en N2 zoals gedefinieerd in bijlage II bij Richtlijn 2007/46/EG met een referentiemassa van meer dan 2 610 kg maar met een maximale massa van hoogstens 7 500 kg. De gedelegeerde handelingen zorgen er in het bijzonder voor dat bij een rollenbanktest op de juiste manier rekening wordt gehouden met de daadwerkelijke operationele massa van het voertuig bij het vaststellen van het traagheidsequivalent en andere vaste vermogens- en belastingsparameters.

Amendement    11

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 1 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 3 – lid 1 – punt 17 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 bis) In artikel 3 wordt het volgende punt ingevoegd:

 

"(17 bis) "brandstofverbruiksmeter": een voorziening die de bestuurder nauwkeurige informatie biedt over het werkelijke brandstofverbruik van het voertuig en ten minste de volgende gegevens toont: het momentane brandstofverbruik (l/100 km), het gemiddelde brandstofverbruik (l/100 km), het brandstofverbruik bij stationair toerental (l/uur) en het totale brandstofverbruik tijdens de levenscyclus van de motor (l)."

Amendement    12

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 1 ter (nieuw)

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 3 – lid 1 – punt 17 ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 ter) In artikel 3 wordt het volgende punt ingevoegd:

 

"(17 ter) "normaal gebruik": weg- en rijomstandigheden die zich kunnen voordoen op het Europees vervoersnetwerk."

Amendement    13

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 2 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 5 – lid 1

 

Bestaande tekst

Amendement

 

(2 bis) Artikel 5, lid 1, wordt vervangen door:

1. De fabrikanten rusten hun voertuigen zo uit dat de onderdelen die van invloed kunnen zijn op de emissies zodanig ontworpen, geconstrueerd en gemonteerd zijn dat het voertuig onder normale gebruiksomstandigheden aan deze verordening en de uitvoeringsmaatregelen ervan kan voldoen.

1. De fabrikanten rusten hun voertuigen zo uit d2at de onderdelen die van invloed kunnen zijn op de emissies zodanig ontworpen, geconstrueerd en gemonteerd zijn dat het voertuig onder normale gebruiksomstandigheden aan deze verordening en de uitvoeringsmaatregelen ervan kan voldoen. Indien bij testprocedures die emissies in reële omstandigheden meten gebruik wordt gemaakt van correctiefactoren, geven die correctiefactoren slechts de onzekerheid van de meetapparaten weer.

 

Fabrikanten waarborgen de doeltreffendheid van emissiecontrolesystemen met betrekking tot de grenswaarden die ook voor NOx en NO2 zijn vastgesteld.

 

De fabrikant voorziet de voertuigen van brandstofverbruiksmeters overeenkomstig de voorschriften van deze verordening en de uitvoeringsmaatregelen daarvan.

Amendement    14

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 3 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 5 – lid 3 – letter i bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 bis) Het volgende punt wordt ingevoegd:

 

"i bis) FCM's"

Amendement    15

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 4

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 8

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 14 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de toepassing van artikelen 6 en 7. Deze maatregelen omvatten de vaststelling en actualisering van de technische specificaties voor de wijze waarop de OBD en reparatie- en onderhoudinformatie van het voertuig ter beschikking worden gesteld, waarbij bijzondere aandacht wordt besteed aan de specifieke behoeften van kleine en middelgrote ondernemingen.

De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 14 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de toepassing van artikelen 6 en 7. Deze maatregelen omvatten de vaststelling en actualisering van de technische specificaties voor de wijze waarop de OBD- en reparatie- en onderhoudinformatie van het voertuig, met inbegrip van diagnostische ondersteuning op afstand, ter beschikking worden gesteld, waarbij bijzondere aandacht wordt besteed aan de specifieke behoeften van kleine en middelgrote ondernemingen.

Amendement    16

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 5 – letter a

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 14 – lid 1 – letter a

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a) de vervanging van de in artikel 18 van Richtlijn 2007/46/EG bedoelde informatie over de massa aan CO2-emissies in het certificaat van overeenstemming door informatie over de totale massa aan emissies van CO2-equivalenten, die gelijk staat aan de som van de massa aan CO2-emissies en methaanemissies, uitgedrukt als de equivalente massa aan CO2-emissies met betrekking tot hun broeikaseffect;

a) de herziening van de in artikel 18 van Richtlijn 2007/46/EG bedoelde informatie over de massa aan CO2-emissies in het certificaat van overeenstemming, in het kader van de herziening van Verordening (EG) nr. 443/2009, op basis van informatie over de totale massa aan emissies van CO2-equivalenten, die beschouwd dient te worden als de som van de massa aan CO2-emissies en methaanemissies, uitgedrukt als de equivalente massa aan CO2-emissies met betrekking tot hun broeikaseffect;

Amendement    17

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 5 – letter a

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 14 – lid 1 – letter b

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b) de verhoging of schrapping van de grenswaarde van totale emissies van koolwaterstoffen (THC) voor motoren met elektrische ontsteking.

b) de verhoging van de grenswaarde van totale emissies van koolwaterstoffen (THC) voor motoren met elektrische ontsteking.

Amendement    18

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 5 – letter a

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 14 – lid 2 – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Na de afronding van het VN/ECE-deeltjesmeetprogramma, dat wordt uitgevoerd onder leiding van het Wereldforum voor de harmonisatie van voertuigreglementen (World Forum for Harmonization of Vehicle Regulations) en uiterlijk bij de inwerkingtreding van Euro 6, is de Commissie bevoegd om, zonder afbreuk te doen aan het niveau van milieubescherming in de Unie, overeenkomstig artikel 14 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de goedkeuring van de volgende maatregelen:

2. Na de afronding van het VN/ECE-deeltjesmeetprogramma, dat wordt uitgevoerd onder leiding van het Wereldforum voor de harmonisatie van voertuigreglementen (World Forum for Harmonization of Vehicle Regulations) en uiterlijk bij de inwerkingtreding van Euro 6, is de Commissie bevoegd om, zonder afbreuk te doen aan het niveau van milieubescherming in de Unie, overeenkomstig artikel 14 bis onverwijld gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de goedkeuring van de volgende maatregelen:

Amendement    19

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 5 – letter a

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 14 – lid 2 – letter b

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b) vaststelling van een herziene meetprocedure voor deeltjes en een grenswaarde voor het deeltjesaantal.

b) vaststelling van een herziene meetprocedure voor deeltjes, met inbegrip van nanodeeltjes, en een grenswaarde voor het deeltjesaantal.

Amendement    20

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 5 – letter a

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 14 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De Commissie beoordeelt regelmatig de procedures, tests en voorschriften zoals bedoeld in artikel 5, lid 3, evenals de testcycli voor het meten van emissies. Blijkt bij deze beoordeling dat deze niet langer adequaat zijn of niet langer de feitelijke emissies weerspiegelen, dan handelt de Commissie in overeenstemming met artikel 5, lid 3, om ze aan te passen teneinde adequaat de emissies bij reëel rijden op de weg te weerspiegelen.";

3. De Commissie beoordeelt zo spoedig mogelijk de procedures, tests en voorschriften zoals bedoeld in artikel 5, lid 3, evenals de testcycli voor het meten van emissies. Na deze beoordeling past de Commissie via gedelegeerde handelingen als bedoeld in artikel 5, lid 3, de procedures, testcycli en voorschriften aan teneinde adequaat de emissies bij reëel rijden op de weg te weerspiegelen. Deze beoordeling vindt om de twee jaar plaats.

Amendement    21

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 6

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 14 bis – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De in artikel 2, lid 2, tweede alinea, artikel 5, lid 3, artikel 8 en artikel 14, leden 1 tot en met 5, bedoelde bevoegdheidsdelegatie wordt aan de Commissie toegekend voor onbepaalde tijd met ingang van [...] [Publications Office, please insert the exact date of entry into force].

2. De in artikel 2, lid 2, tweede alinea, artikel 5, lid 3, artikel 8 en artikel 14, leden 1 tot en met 5, bedoelde bevoegdheidsdelegatie wordt aan de Commissie toegekend voor een termijn van vier jaar te rekenen vanaf …*. De Commissie stelt uiterlijk negen maanden voor het einde van de termijn van vier jaar een verslag op over de bevoegdheidsdelegatie. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend met termijnen van dezelfde duur verlengd, tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden voor het einde van elke termijn tegen deze verlenging verzet.

 

___________

 

* PB: gelieve de datum van inwerkingtreding van deze verordening in te voegen.

Amendement    22

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – punt 1 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 595/2009

Artikel 3 – punt 16 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 bis) In artikel 3 wordt het volgende punt toegevoegd:

 

"16 bis. "brandstofverbruiksmeter" (FCM): een voorziening die de bestuurder nauwkeurige informatie biedt over het werkelijke brandstofverbruik van het voertuig en ten minste de volgende gegevens toont: het momentane brandstofverbruik (l/100 km), het gemiddelde brandstofverbruik (l/100 km), het brandstofverbruik bij stationair toerental (l/uur) en het totale brandstofverbruik tijdens de levenscyclus van de motor (l)."

Amendement    23

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – punt 1 ter (nieuw)

Verordening (EG) nr. 595/2009

Artikel 5 – lid 2 – alinea 2 (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 ter) Het volgende punt wordt toegevoegd:

 

De fabrikant voorziet de voertuigen met brandstofverbruiksmeters overeenkomstig de voorschriften van deze verordening en de uitvoeringsmaatregelen daarvan.

Amendement    24

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – punt 1 quater (nieuw)

Verordening (EG) nr. 595/2009

Artikel 5 – lid 4 – letter k bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 quater) Aan artikel 5, lid 4, wordt het volgende punt toegevoegd:

 

"k bis) FCM's"

Amendement    25

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – punt 2

Verordening (EG) nr. 595/2009

Bijlage I – tabel "Euro VI-emissiegrenswaarden" – kolom 9

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(3)".

(2) 6,0 x 1011".

Amendement    26

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 3 bis

 

Schakelindicatoren

 

De Commissie beoordeelt uiterlijk 30 juni 2016 of het wenselijk is voorschriften in te voeren inzake de installatie van schakelindicatoren in andere voertuigen met een handgeschakelde versnellingsbak dan die van categorie M1, waarvoor in de huidige wetgeving van de Unie reeds in een voorschrift is voorzien. Op grond van die beoordeling dient de Commissie, in voorkomend geval, een wetgevingsvoorstel in waarmee het toepassingsgebied van artikel 11 van Verordening (EG) nr. 661/2009 van het Europees Parlement en de Raad1a wordt uitgebreid tot aanvullende categorieën voertuigen.

 

________________

 

1a Verordening (EG) nr. 661/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende typegoedkeuringsvoorschriften voor de algemene veiligheid van motorvoertuigen, aanhangwagens daarvan en daarvoor bestemde systemen, onderdelen en technische eenheden (PB L 200 van 31.7.2009, blz. 1.)

PROCEDURE

Titel

Vermindering van verontreinigende emissies van wegvoertuigen

Document- en procedurenummers

COM(2014)0028 – C7-0027/2014 – 2014/0012(COD)

Commissie ten principale

 Datum bekendmaking

ENVI

6.2.2014

 

 

 

Advies uitgebracht door

 Datum bekendmaking

IMCO

6.2.2014

Rapporteur voor advies

 Datum benoeming

Róża Gräfin von Thun und Hohenstein

3.12.2014

Behandeling in de commissie

6.5.2015

4.6.2015

22.6.2015

 

Datum goedkeuring

29.6.2015

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

20

9

1

Bij de eindstemming aanwezige leden

Dita Charanzová, Carlos Coelho, Sergio Gaetano Cofferati, Lara Comi, Daniel Dalton, Nicola Danti, Pascal Durand, Vicky Ford, Evelyne Gebhardt, Antanas Guoga, Sergio Gutiérrez Prieto, Robert Jarosław Iwaszkiewicz, Liisa Jaakonsaari, Eva Paunova, Marcus Pretzell, Virginie Rozière, Christel Schaldemose, Andreas Schwab, Olga Sehnalová, Igor Šoltes, Ivan Štefanec, Catherine Stihler, Róża Gräfin von Thun und Hohenstein, Mylène Troszczynski, Marco Zullo

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Lucy Anderson, Pascal Arimont, Birgit Collin-Langen, Roberta Metsola, Lambert van Nistelrooij


ADVIES van de Commissie vervoer en toerisme (19.6.2015)

aan de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid

inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 715/2007 en (EG) nr. 595/2009 met betrekking tot de vermindering van verontreinigende emissies van wegvoertuigen

(COM(2014)0028 – C7‑0027 – 2014/0012(COD))

Rapporteur voor advies: Elżbieta Katarzyna Łukacijewska

BEKNOPTE MOTIVERING

I. Commissievoorstel

Dit voorstel heeft tot doel een aantal wijzigingen aan te brengen in Verordening (EG) nr. 715/2007 en Verordening (EG) nr. 595/2009 met betrekking tot de vermindering van verontreinigende emissies van wegvoertuigen. Het voorstel bestaat uit vijf maatregelen waarmee de volgende doelen worden nagestreefd:

–  vermijden dat de huidige grenswaarden voor ammoniak (NH3) voor zware voertuigen een belemmering vormen voor de marktintroductie van bepaalde voertuigen met elektrische ontsteking, met name aardgasvoertuigen;

–  de maximale massa van Verordening (EG) nr. 715/2007 verhogen, zodat de fabrikanten de mogelijkheid krijgen te kiezen of zij de typegoedkeuring krachtens de wetgeving inzake lichte voertuigen of die inzake zware voertuigen aan te vragen;

–  de Commissie machtigen om strengere grenswaarden in te voeren voor emissies bij lage temperaturen voor lichte voertuigen van de categorie Euro 6;

–  de Commissie machtigen om strengere grenswaarden in te voeren voor NO2-emissies voor lichte voertuigen van de categorie Euro 6;

–  de Commissie machtigen deregulering van de methaanemissies (CH4) onder de wetgeving inzake lichte voertuigen voor te stellen, op voorwaarde dat die methaanemissies als CO2-equivante emissies worden opgenomen in de EU-wetgeving waarin verplichte CO2-emissiedoelstellingen worden vastgesteld voor personenauto's en lichte bedrijfsvoertuigen.

II. Algemeen standpunt van de rapporteur

Uw rapporteur is ingenomen met het Commissievoorstel, met name wat betreft de voorschriften voor de invoering van NO2-emissiegrenswaarden en striktere grenswaarden voor emissies bij lage temperaturen voor lichte bedrijfsvoertuigen en de schrapping van onnodige administratieve lasten voor de typegoedkeuring van voertuigen die geen milieuwinst opleveren.

Verontreiniging van zowel de binnen- als van de buitenlucht vormt een ernstig milieurisico voor de menselijke gezondheid. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) schat dat alleen al de buitenluchtvervuiling in de steden jaarlijks wereldwijd 1,3 miljoen slachtoffers eist. Langdurige en sterke blootstelling kan talrijke gezondheidseffecten hebben die kunnen variëren van minder ernstige aandoeningen tot vroegtijdige sterfte. Twee vervuilende stoffen, troposferische ozon (O3) en stofdeeltjes (PM2,5) worden algemeen als het meest problematisch beschouwd. Alleen al hoge ozonconcentraties zouden verantwoordelijk zijn voor 21 000 gevallen van vroegtijdige sterfte in de EU. Volgens de WHO vermindert de blootstelling aan stofdeeltjes de levensverwachting van elke persoon in Europa met gemiddeld bijna een jaar.

Uitlaatgassen van lichte en zware voertuig en dragen significant bij aan de luchtvervuiling. Dit is vooral een probleem in stedelijke gebieden, waar meer motorvoertuigen rijden en meer mensen wonen. Het wegvervoer veroorzaakt meer dan 40% van de NOx-emissies. Afgezien van de rechtstreekse gezondheidsgevolgen, vormt NO2, een component van NOx, ook de belangrijkste bron van nitraat aerosolen, die een belangrijk deel van de stofdeeltjes en, bij ultraviolet licht, van O3 vertegenwoordigen. Dit mechanisme leidt ertoe dat NO2-emissies de verontreinigingsproblemen in verband met O3 en PM2.5 versterken. Nieuwe motoren zijn gemiddeld energie-efficiënter en stoten minder vervuilende stoffen uit dan oudere. Als gevolg van de aanhoudende toename van het wegvervoer levert dit per saldo echter geen vermindering van de luchtverontreiniging en de broeikasgasuitstoot van het wegvervoer op.

Interessant genoeg heeft het Commissievoorstel tot doel enkele van deze problemen aan te pakken door de emissiegrenswaarden voor ammoniak (NH3) voor zware vrachtwagens met een elektrische ontsteking en voor methaan (CH4) van lichte bedrijfsvoertuigen met elektrische ontsteking te versoepelen. Op deze wijze moet de markt voor op aardgas rijdende voertuigen, die moeilijkheden hebben om aan de huidige emissiegrenswaarden voor NH3 en CH4 te voldoen, gestimuleerd worden. Naar verwachting zou een grootscheepsere vervanging van voertuigen met een dieselmotor door op aardgas rijdende voertuigen vooral in stedelijke gebieden aanzienlijke milieuwinst opleveren voor wat betreft de NOx- en CO2-uitstoot.

De Commissie stelt echter voor dat er tegenover deze positieve milieugevolgen eventueel iets hogere NH3 (ammoniak)- en CH4 (methaan)-emissies staan. Uit de effectbeoordeling blijkt dat de toename van de NH3-emissies als gevolg van de afschaffing van de grenswaarde voor zware vrachtwagens die op aardgas rijden, nauwelijks noemenswaardig is. Daarom kan de algemene milieu-impact van deze optie als positief worden beschouwd, rekening houdend met de verlaging van de NOx- en CO2-emissies die verwezenlijkt wordt dankzij een veelvuldiger gebruik van voertuigen op aardgas, waarvan het marktaandeel momenteel nog marginaal is. Wat de methaanemissies betreft, zou de Commissie de grenswaarden voor de totale emissie van koolwaterstoffen (THC) voor lichte bedrijfsvoertuigen met een elektrische ontsteking alleen moeten verhogen als dat gecompenseerd wordt door een algehele vermindering van het broeikasgaseffect van de gecombineerde totale CO2- en methaanemissies Uw rapporteur wil benadrukken dat de Commissie de evolutie van de ammoniak- en methaanemissies van voertuigen met een elektrische ontsteking die op de markt worden gebracht, op de voet moet blijven volgen en dat zij indien nodig passende maatregelen moet voorstellen.

Tot slot acht de rapporteur het ook van belang dat nieuwe motorvoertuigen worden uitgerust met systemen die de bestuurder helpen om milieubewust te rijden, teneinde het brandstofverbruik en daarmee de uitstoot van vervuilende stoffen en broeikasgassen terug te dringen. In haar effectbeoordeling heeft de Commissie zich grondig gebogen over de voordelen van brandstofverbruiksmeters (fuel consumption meters (FCM)) en schakelindicatoren (gear shift indicators (GSI)), die tegen geringe kosten in nieuwe voertuigen kunnen worden geïnstalleerd. Daarom acht zij het noodzakelijk deze systemen als standaardkenmerken van nieuwe voertuigen in te voeren, hetgeen aansluit bij de conclusies van de effectbeoordeling van de Commissie.

AMENDEMENTEN

De Commissie vervoer en toerisme verzoekt de ten principale bevoegde Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid onderstaande amendementen in aanmerking te nemen:

Amendement    1

Voorstel voor een verordening

Overweging 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(2) Hoewel methaanemissies geen bekend direct schadelijk effect hebben op de menselijke gezondheid, is methaan een sterk broeikasgas. Daarom moet de Commissie, in overeenstemming met de mededeling van de Commissie over de toepassing en de toekomstige ontwikkeling van de Gemeenschapswetgeving met betrekking tot emissies van lichte bedrijfsvoertuigen en de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie (Euro 5 en Euro 6)2 en met artikel 14, lid 1, van Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad3, overwegen om methaanemissies op te nemen in de berekening van CO2-emissies.

(2) Hoewel methaanemissies geen bekend direct schadelijk effect hebben op de menselijke gezondheid, is methaan een sterk broeikasgas. Daarom moet de Commissie, in overeenstemming met de mededeling van de Commissie over de toepassing en de toekomstige ontwikkeling van de Gemeenschapswetgeving met betrekking tot emissies van lichte bedrijfsvoertuigen en de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie (Euro 5 en Euro 6)2 en met artikel 14, lid 1, van Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad3, overwegen om methaanemissies op te nemen in de berekening van CO2-emissies, na de belanghebbenden te hebben geraadpleegd en, indien nodig, een effectbeoordeling te hebben verricht in de context van de herziening van Verordening (EG) nr. 443/2009 en Verordening (EU) nr. 510/2011.

__________________

__________________

2 PB C 182 van 19.7.2008, blz. 17.

2 PB C 182 van 19.7.2008, blz. 17.

3 Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2007 betreffende de typegoedkeuring van motorvoertuigen met betrekking tot emissies van lichte personen- en bedrijfsvoertuigen (Euro 5 en Euro 6) en de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie (PB L 171 van 29.6.2007, blz. 1).

3 Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2007 betreffende de typegoedkeuring van motorvoertuigen met betrekking tot emissies van lichte personen- en bedrijfsvoertuigen (Euro 5 en Euro 6) en de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie (PB L 171 van 29.6.2007, blz. 1).

Amendement    2

Voorstel voor een verordening

Overweging 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(3) Om de introductie van aardgasvoertuigen te vergemakkelijken moeten de huidige grenswaarden voor de totale emissie van koolwaterstoffen (THC) worden verhoogd en moet het effect van methaanemissies worden meegerekend en uitgedrukt als CO2-equivalent voor wetgevende doeleinden en informatie voor consumenten.

(3) Om de introductie van aardgasvoertuigen te vergemakkelijken moeten de huidige grenswaarden voor de totale emissie van koolwaterstoffen (THC) worden verhoogd. De maximaal toegelaten THC-emissies moeten echter worden vastgesteld op een niveau dat waarborgt dat de mogelijke toename van methaanemissies van lichte bedrijfsvoertuigen met een elektrische ontsteking gecompenseerd wordt door een algehele vermindering van het broeikasgaseffect van de gecombineerde totale CO2- en methaanemissies van die voertuigen.

Amendement    3

Voorstel voor een verordening

Overweging 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 bis) De resultaten van de testprocedure die ten grondslag ligt aan de verordeningen betreffende EG-typegoedkeuring met betrekking tot emissies, moeten een emissieniveau weerspiegelen dat is waargenomen in reële rijomstandigheden, rekening houdend met de resultaten en evaluaties van het door de EU gefinancierde Artemisproject. Daarom moeten de emissiecontrolesystemen en de testcycli worden ontworpen om reële rijomstandigheden te weerspiegelen, in het bijzonder in stedelijke gebieden, waar de rijomstandigheden veel vluchtiger zijn dan in de gereguleerde testcyclus.

Amendement    4

Voorstel voor een verordening

Overweging 3 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 ter) Om de doelstellingen inzake vermindering van de milieu-impact van de verontreinigende emissies die afkomstig zijn van het wegvervoer, te kunnen verwezenlijken moet worden voorzien in een geleidelijke overstap van brandstoffen met een hoog koolstofgehalte naar andere brandstoffen met een lager koolstofgehalte, bijvoorbeeld aardgas, hoewel het echt ecologisch duurzaam maken van het wegvervoer op de lange termijn de invoering vereist van nieuwe technologieën met een lage milieu-impact, zoals voertuigen op elektriciteit, waterstof en perslucht.

Amendement    5

Voorstel voor een verordening

Overweging 5 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(5 bis) Hoge concentraties luchtvervuiling die worden veroorzaakt door uitgestoten precursoren voor O3 (hoge ozonconcentratie, samen met hoge temperaturen in de zomer) en door dieseldeeltjes en andere emissies (die samen met zogeheten inversie leiden tot smog in de winter) moeten worden voorkomen door voorzorgsmaatregelen. Met name intensieve samenwerking met meteorologische diensten moet leiden tot tijdige en passende maatregelen.

Amendement    6

Voorstel voor een verordening

Overweging 6 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(6 bis) De mogelijkheden om door doelmatig rijgedrag, d.w.z. milieubewust rijden, het brandstofverbruik en daarmee de uitstoot van verontreinigende stoffen en broeikasgas te verminderen, worden onvoldoende benut. Dat is hoofdzakelijk te wijten aan het feit dat bestuurders onvoldoende weten of beseffen wat milieubewust rijden betekent. De technische middelen om milieubewust rijden te vergemakkelijken bestaan voornamelijk in twee in het voertuig ingebouwde systemen: brandstofverbruikmeters (fuel consumption meters (FCM's)) en schakelindicatoren gear shift indicators (GSI's)). Een brandstofverbruiksmeter is een apparaat dat de bestuurder nauwkeurige informatie verstrekt over het werkelijke brandstofverbruik van het voertuig, inclusief het momentane brandstofverbruik, het gemiddelde brandstofverbruik, het brandstofverbruik bij stationair draaien, het totale brandstofverbruik tijdens de hele levenscyclus en een schatting van de actieradius van het voertuig op basis van het actuele brandstofniveau. Een schakelindicator geeft aan welke versnelling het best gebruikt kan worden, als die verschilt van de gekozen versnelling, en wat de bestuurder moet doen (hogere of lagere versnelling kiezen) om zo weinig mogelijk brandstof te verbruiken. Het doel van deze indicator is de bestuurder van een voertuig met handgeschakelde versnellingsbak een visuele waarschuwing te geven wanneer hij een andere versnelling moet kiezen. Schakelindicatoren zijn al verplicht in nieuwe personenvoertuigen van categorie M1 met een handgeschakelde versnellingsbak, maar niet in andere soorten motorvoertuigen zoals lichte bedrijfsvoertuigen, vrachtwagens of bussen. Brandstofverbruiksmeters zijn daarentegen nog in geen enkele categorie motorvoertuigen verplicht. Uit studies blijkt dat het potentieel van milieubewust rijden beter benut kan worden wanneer beide systemen tegelijk worden gebruikt. Bovendien kunnen brandstofverbruiksmeters de consument helpen om voertuigen met een laag brandstofverbruik te kiezen. Dat zou met name van belang zijn voor zware voertuigen, waarvoor vermelding van de verbruiksefficiëntie en van de CO2-emissies van te koop aangeboden voertuigen nog niet voorgeschreven is. Het installeren van brandstofverbruiksmeters en schakelindicatoren kost de fabrikant weinig, maar deze instrumenten zijn vaak toch niet beschikbaar of worden als onderdeel van een optiepakket verkocht, en dat vormt een belemmering voor een wijdverbreid gebruik ervan. Bovendien zijn dergelijke instrumenten, als ze wel geïnstalleerd zijn, vaak zo aangebracht dat ze niet geschikt zijn om milieubewust rijden te stimuleren (bijv. niet permanent zichtbaar, geen onmiddellijke informatie over brandstofverbruik, verschillen tussen het getoonde en het werkelijke verbruik).

Amendement    7

Voorstel voor een verordening

Overweging 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7) Teneinde de EU-doelstellingen inzake luchtkwaliteit te behalen en te garanderen dat onverminderd wordt gestreefd naar een vermindering van de voertuigemissies, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) gedelegeerde handelingen vast te stellen ten aanzien van uitvoeringsbepalingen voor de toepassing van Verordening (EG) nr. 715/2007 op voertuigen van de categorieën M1, M2, N1 en N2 met een referentiemassa van meer dan 2 610 kg maar met een maximale massa van hoogstens 5 000 kg, de specifieke procedures, tests en voorschriften voor de typegoedkeuring, de voorschriften voor de implementatie van het verbod op het gebruik van manipulatie-instrumenten die de doelmatigheid van de emissiecontrolesystemen verminderen, de maatregelen die nodig zijn voor de implementatie van de verplichting van fabrikanten onbeperkte en gestandaardiseerde toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie te bieden, de vervanging van de informatie over de massa aan CO2-emissies in het certificaat van overeenstemming door informatie over de totale massa aan emissies van CO2-equivalenten, de verhoging of schrapping van de grenswaarde voor de totale emissies van koolwaterstoffen voor motoren met elektrische ontsteking, de wijziging van Verordening (EG) nr. 715/2007 om de op deeltjesmassa gebaseerde grenswaarden aan te passen en op het deeltjesaantal gebaseerde grenswaarden vast te stellen die grotendeels aansluiten bij de grenswaarden voor de deeltjesmassa voor benzine- en dieselmotoren, het vaststellen van een herziene meetprocedure voor deeltjes en een grenswaarde voor het deeltjesaantal, een grenswaarde voor NO2-emissies en grenswaarden voor uitlaatemissies bij lage temperaturen voor goedgekeurde voertuigen die voldoen aan de Euro 6-emissiegrenswaarden. De Commissie moet bij de voorbereiding en opstelling van de gedelegeerde handelingen ervoor zorgen dat de desbetreffende documenten tijdig en op gepaste wijze gelijktijdig worden toegezonden aan het Europees Parlement en aan de Raad.

(7) Teneinde de EU-doelstellingen inzake luchtkwaliteit te behalen en te garanderen dat onverminderd wordt gestreefd naar een vermindering van de voertuigemissies, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) gedelegeerde handelingen vast te stellen ten aanzien van uitvoeringsbepalingen voor de toepassing van Verordening (EG) nr. 715/2007 op voertuigen van de categorieën M1, M2, N1 en N2 met een referentiemassa van meer dan 2 610 kg maar met een technisch toelaatbare maximummassa van hoogstens 7 500 kg, de specifieke procedures, tests en voorschriften voor de typegoedkeuring, de voorschriften voor de implementatie van het verbod op het gebruik van manipulatie-instrumenten die de doelmatigheid van de emissiecontrolesystemen verminderen, de maatregelen die nodig zijn voor de implementatie van de verplichting van fabrikanten onbeperkte en gestandaardiseerde toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie te bieden, de vervanging van de informatie over de massa aan CO2-emissies in het certificaat van overeenstemming door informatie over de totale massa aan emissies van CO2-equivalenten, de verhoging of schrapping van de grenswaarde voor de totale emissies van koolwaterstoffen voor motoren met elektrische ontsteking, de wijziging van Verordening (EG) nr. 715/2007 om de op deeltjesmassa gebaseerde grenswaarden aan te passen en op het deeltjesaantal gebaseerde grenswaarden vast te stellen die grotendeels aansluiten bij de grenswaarden voor de deeltjesmassa voor benzine- en dieselmotoren, het vaststellen van een herziene meetprocedure voor deeltjes en een grenswaarde voor het deeltjesaantal, een grenswaarde voor NO2-emissies en grenswaarden voor uitlaatemissies bij lage temperaturen voor goedgekeurde voertuigen die voldoen aan de Euro 6-emissiegrenswaarden. De Commissie moet bij de voorbereiding en opstelling van de gedelegeerde handelingen ervoor zorgen dat de desbetreffende documenten tijdig en op gepaste wijze gelijktijdig worden toegezonden aan het Europees Parlement en aan de Raad.

Motivering

Volgens de huidige wetgeving zijn er twee typegoedkeuringen nodig voor verschillende varianten van hetzelfde soort voertuig. Dat levert onnodige administratieve lasten op en heeft geen positieve milieugevolgen. Als de technisch toelaatbare maximummassa wordt opgetrokken tot 7 500 kg kunnen voertuigen met een hogere massa dan de huidige grenswaarden voor lichte voertuigen (2610/2840 kg) naar keuze van de fabrikant worden goedgekeurd volgens de wetgeving inzake lichte voertuigen of die inzake zware voertuigen.

Amendement    8

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 1

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 2 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Na publicatie van de gedelegeerde handelingen die zijn aangenomen overeenkomstig de tweede alinea en op verzoek van de fabrikant is deze verordening van toepassing op voertuigen van de categorieën M1, M2, N1 en N2 zoals gedefinieerd in bijlage II bij Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad* met een referentiemassa van meer dan 2 610 kg maar met een maximale massa van hoogstens 5 000 kg.

Na publicatie van de gedelegeerde handelingen die zijn vastgesteld overeenkomstig de tweede alinea en op verzoek van de fabrikant is deze verordening van toepassing op voertuigen van de categorieën M1, M2, N1 en N2 zoals gedefinieerd in bijlage II bij Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad* met een referentiemassa van meer dan 2 610 kg maar met een technisch toelaatbare maximummassa van hoogstens 7 500 kg.

De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 14 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot uitvoeringsbepalingen voor de toepassing van deze verordening op voertuigen van de categorieën M1, M2, N1 en N2 zoals gedefinieerd in bijlage II bij Richtlijn 2007/46/EG met een referentiemassa van meer dan 2 610 kg maar met een maximale massa van hoogstens 5 000 kg. De gedelegeerde handelingen zorgen er in het bijzonder voor dat bij een rollenbanktest op de juiste manier rekening wordt gehouden met de daadwerkelijke operationele massa van het voertuig bij het vaststellen van het traagheidsequivalent en andere vaste vermogens- en belastingsparameters.

De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 14 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot uitvoeringsbepalingen voor de toepassing van deze verordening op voertuigen van de categorieën M1, M2, N1 en N2 zoals gedefinieerd in bijlage II bij Richtlijn 2007/46/EG met een referentiemassa van meer dan 2 610 kg maar met een technisch toelaatbare maximummassa van hoogstens 7 500 kg. De gedelegeerde handelingen zorgen er in het bijzonder voor dat bij een rollenbanktest op de juiste manier rekening wordt gehouden met de daadwerkelijke operationele massa van het voertuig bij het vaststellen van het traagheidsequivalent en andere vaste vermogens- en belastingsparameters

____________________

____________________

* PB L 263 van 9.10.2007, blz. 1.".

* PB L 263 van 9.10.2007, blz. 1.".

Motivering

Als de technisch toelaatbare maximummassa wordt opgetrokken tot 7 500 kg kunnen voertuigen met een hogere massa dan de huidige grenswaarden voor lichte voertuigen (2610/2840 kg) naar keuze van de fabrikant worden goedgekeurd volgens de wetgeving inzake lichte voertuigen of die inzake zware voertuigen. De technisch toelaatbare maximummassa is de totale massa van de combinatie van het motorvoertuig en de aanhanger(s) volgens de verklaring van de fabrikant.

Amendement    9

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 2 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 5 – lid 1

 

Bestaande tekst

Amendement

 

(2 bis) Artikel 5, lid 1, wordt als volgt gewijzigd:

"De fabrikanten rusten hun voertuigen zo uit dat de onderdelen die van invloed kunnen zijn op de emissies zodanig ontworpen, geconstrueerd en gemonteerd zijn dat het voertuig onder normale gebruiksomstandigheden aan deze verordening en de uitvoeringsmaatregelen ervan kan voldoen."

"De fabrikanten rusten hun voertuigen zo uit dat de onderdelen die van invloed kunnen zijn op de emissies zodanig ontworpen, geconstrueerd en gemonteerd zijn dat het voertuig in reële rijomstandigheden aan deze verordening en de uitvoeringsmaatregelen ervan kan voldoen.

 

De fabrikanten zorgen ervoor dat de emissiecontrolesystemen doeltreffend zijn door een conformiteitsfactor in acht te nemen die alleen rekening houdt met de mogelijke toleranties van de meetprocedure voor emissies."

Amendement    10

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 2 ter (nieuw)

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 5 – lid 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 ter) Aan artikel 5 wordt het volgende lid toegevoegd:

 

"1 bis. De fabrikanten zien erop toe dat de voertuigen worden uitgerust met brandstofverbruiksmeters overeenkomstig deze verordening en de op grond daarvan vastgestelde gedelegeerde handelingen."

Amendement    11

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 3 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 5 – lid 3 – letter a

 

Bestaande tekst

Amendement

 

3 bis) Artikel 5, lid 3, onder a), wordt als volgt gewijzigd:

"a) uitlaatemissies, met inbegrip van testcycli, emissies bij lage omgevingstemperatuur, emissies bij stationair toerental, rookopaciteit en de correcte werking en regeneratie van de nabehandelingssystemen;"

"a) uitlaatemissies, met inbegrip van testcycli op basis van de uitstoot in reële rijomstandigheden (real driving emissions, RDE), het gebruik van draagbare emissiemeetsystemen (portable emissions measurement systems, PEMS), emissies bij lage omgevingstemperatuur, emissies bij stationair toerental, rookopaciteit en de correcte werking en regeneratie van de nabehandelingssystemen;"

Amendement    12

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 3 ter (nieuw)

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 5 – lid 3 – letter e bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 ter) In artikel 5, lid 3, wordt de volgende alinea toegevoegd:

 

"i bis) uitrusting van voertuigen met brandstofverbruiksmeters die de bestuurder nauwkeurige informatie verstrekken over het werkelijke brandstofverbruik van het voertuig, met ten minste de volgende gegevens: het momentane brandstofverbruik (l/100 km), het gemiddelde brandstofverbruik (l/100 km), het brandstofverbruik bij stationair draaien (l/uur) en het totale gebruik tijdens de hele levenscyclus (l), alsmede een schatting van de actieradius van het voertuig op basis van het actuele brandstofniveau;"

Amendement    13

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 3 quater (nieuw)

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 5 – lid 3 – letter i bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 quater) In artikel 5, lid 3, wordt de volgende alinea toegevoegd:

 

"i bis) een conformiteitsfactor, die de ratio weergeeft van het maximale emissieniveau van een bepaalde vervuilende stof gemeten in reële omstandigheden ten opzichte van de in de regelgeving bepaalde Euro 6-grenswaarde voor dezelfde vervuilende stof, die op een zo laag mogelijke waarde moet worden vastgesteld;"

Amendement    14

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 3 quinquies (nieuw)

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 5 – lid 3 – alinea 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 quinquies) In artikel 5, lid 3, wordt de volgende alinea toegevoegd:

 

"De Commissie stelt uiterlijk op 31 december 2016 de gedelegeerde handeling vast met betrekking tot de aanvulling van de bepalingen van lid 1 bis en punt e bis) van dit lid. Met ingang van 1 januari 2018 weigeren de nationale autoriteiten EG-typegoedkeuring of nationale typegoedkeuring te verlenen voor nieuwe voertuigtypen die niet aan die voorschriften voldoen. Met ingang van 1 januari 2019 beschouwen de nationale autoriteiten certificaten van overeenstemming van nieuwe voertuigen die niet aan die voorschriften voldoen, als niet meer geldig en verbieden zij de registratie, de verkoop of het in het verkeer brengen van deze voertuigen."

Amendement    15

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 5 – letter a

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 14 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Zonder afbreuk te doen aan het niveau van milieubescherming in de Unie is de Commissie bevoegd overeenkomstig artikel 14 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot:

1. De Commissie overweegt methaangasemissies op te nemen in de berekening van van CO2-emissies, in die zin dat het broeikaseffect van methaangasemissies in aanmerking wordt genomen en wordt uitgedrukt als CO2-equivalent voor doeleinden in verband met regelgeving en consumentenvoorlichting. Te dien einde dient de Commissie indien nodig een wetgevingsvoorstel in bij het Europees Parlement en de Raad met het oog op de herziening van Verordening (EG) nr. 443/2009 en Verordening (EU) nr. 510/2011.

a) de vervanging van de in artikel 18 van Richtlijn 2007/46/EG bedoelde informatie over de massa aan CO2-emissies in het certificaat van overeenstemming door informatie over de totale massa aan emissies van CO2-equivalenten, die gelijk staat aan de som van de massa aan CO2-emissies en methaanemissies, uitgedrukt als de equivalente massa aan CO2-emissies met betrekking tot hun broeikaseffect;

 

b) de verhoging of schrapping van de grenswaarde van totale emissies van koolwaterstoffen (THC) voor motoren met elektrische ontsteking.

 

Amendement    16

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 5 – letter a

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 14 – lid 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. De Commissie is bevoegd om, zonder afbreuk te doen aan het niveau van milieubescherming in de Unie, overeenkomstig artikel 14 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de verhoging van de grenswaarde voor de totale emissies van koolwaterstoffen (THC) voor voertuigen met een elektrische ontsteking. De maximaal toegelaten THC-emissies worden vastgesteld op een zodanig niveau dat de mogelijke toename van methaanemissies van lichte bedrijfsvoertuigen met een elektrische ontsteking gecompenseerd wordt door een algehele vermindering van het broeikasgaseffect van de gecombineerde totale CO2- en methaanemissies van die voertuigen.

Amendement    17

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 6

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 14 bis – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De in artikel 2, lid 2, tweede alinea, artikel 5, lid 3, artikel 8 en artikel 14, leden 1 tot en met 5, bedoelde bevoegdheidsdelegatie wordt aan de Commissie toegekend voor onbepaalde tijd met ingang van [...] [Publications Office, please insert the exact date of entry into force].

2. De in artikel 2, lid 2, tweede alinea, artikel 5, lid 3, artikel 8 en artikel 14, leden 1 bis tot en met 5, bedoelde bevoegdheidsdelegatie wordt aan de Commissie toegekend voor een periode van vijf jaar met ingang van [datum van inwerkingtreding van deze richtlijn]. Uiterlijk negen maanden vóór het verstrijken van de termijn van vijf jaar stelt de Commissie een verslag op over de bevoegdheidsdelegatie. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend met termijnen van dezelfde duur verlengd, tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden voor het einde van elke termijn tegen deze verlenging verzet.

Amendement    18

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 7 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 715/2007

Artikel 18 – lid 3

 

Bestaande tekst

Amendement

 

7 bis) In artikel 18 wordt lid 3 vervangen door:

"3. De wijzigingen of uitvoeringsmaatregelen zoals bedoeld in artikel 5, lid 3, en artikel 14, lid 6, worden goedgekeurd uiterlijk op 2 juli 2008."

"3. De wijzigingen of gedelegeerde handelingen zoals bedoeld in artikel 2, lid 2, artikel 5, lid 3, en artikel 14, lid 1 bis tot en met 5, worden vastgesteld uiterlijk op [één jaar na de inwerkingtreding van deze verordening]."

 

Amendement    19

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – punt 1 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 595/2009

Artikel 5 – lid 2 bis (nieuw)

 

Bestaande tekst

Amendement

 

1 bis) Aan artikel 5 wordt het volgende lid toegevoegd:

 

"2 bis. De fabrikanten zien erop toe dat de voertuigen worden uitgerust met brandstofverbruiksmeters overeenkomstig deze verordening en de op grond daarvan vastgestelde gedelegeerde handelingen."

Amendement    20

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – punt 1 ter (nieuw)

Verordening (EG) nr. 595/2009

Artikel 5 – lid 4 – inleidende formule

 

Bestaande tekst

Amendement

 

1 ter) Artikel 5, lid 4, eerste zin, wordt vervangen door:

4. De Commissie stelt maatregelen voor de uitvoering van dit artikel vast, onder meer maatregelen met betrekking tot:

"4. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 12 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de ontwikkeling van de specifieke procedures, tests en voorschriften voor de typegoedkeuring, vastgelegd in dit artikel, onder meer voorschriften met betrekking tot:".

Amendement    21

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – punt 1 quater (nieuw)

Verordening (EG) nr. 595/2009

Artikel 5 – lid 4 – letter e bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 quater) In artikel 5, lid 4, wordt de volgende alinea toegevoegd:

 

"e bis) uitrusting van voertuigen met brandstofverbruiksmeters die de bestuurder nauwkeurige informatie verstrekken over het werkelijke brandstofverbruik van het voertuig, met ten minste de volgende gegevens: het momentane brandstofverbruik (l/100 km), het gemiddelde brandstofverbruik (l/100 km), het brandstofverbruik bij stationair draaien (l/uur) en het totale gebruik tijdens de hele levenscyclus (l), alsmede een schatting van de actieradius van het voertuig op basis van het actuele brandstofniveau."

Amendement    22

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – punt 1 quinquies (nieuw)

Verordening (EG) nr. 595/2009

Artikel 5 – lid 4 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 quinquies) In artikel 5, lid 4, wordt de tweede alinea vervangen door:

 

"De Commissie stelt uiterlijk op 31 december 2016 de gedelegeerde handeling vast voor de aanvulling van de voorschriften in lid 2 bis en punt e bis) van dit lid. Met ingang van 1 januari 2018 weigeren de nationale autoriteiten EG-typegoedkeuring of nationale typegoedkeuring te verlenen voor nieuwe voertuigtypen die niet aan die voorschriften voldoen. Met ingang van 1 januari 2019 beschouwen de nationale autoriteiten certificaten van overeenstemming van nieuwe voertuigen die niet aan die voorschriften voldoen, als niet meer geldig en verbieden zij de registratie, de verkoop of het in het verkeer brengen van deze voertuigen."

Amendement    23

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – punt 1 sexies (nieuw)

Verordening (EG) nr. 595/2009

Artikel 12 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 sexies) Het volgende artikel wordt toegevoegd:

 

"Artikel 12 bis

 

Uitoefening van de bevoegdheidsdelegatie

 

1. De bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen wordt aan de Commissie toegekend onder de in dit artikel neergelegde voorwaarden.

 

2. De in artikel 5, lid 4, bedoelde bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen wordt aan de Commissie toegekend voor een periode van vijf jaar met ingang van [datum van inwerkingtreding van deze verordening]. Uiterlijk negen maanden vóór het verstrijken van de termijn van vijf jaar stelt de Commissie een verslag op over de bevoegdheidsdelegatie. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend met termijnen van dezelfde duur verlengd, tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden voor het einde van elke termijn tegen deze verlenging verzet.

 

3. Het Europees Parlement of de Raad kan de in artikel 5, lid 4, bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Het besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.

 

4. Zodra de Commissie een gedelegeerde handeling heeft vastgesteld, doet zij daarvan gelijktijdig kennisgeving aan het Europees Parlement en de Raad.

 

5. Een overeenkomstig artikel 5, lid 4, vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking als het Europees Parlement noch de Raad binnen een termijn van twee maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement of de Raad daartegen bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad voor het verstrijken van die termijn de Commissie hebben meegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Die termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden verlengd.".

Amendement    24

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 3 bis

 

Schakelindicatoren

 

De Commissie beoordeelt of het wenselijk is voorschriften in te voeren inzake de installatie van schakelindicatoren in andere voertuigen met een handgeschakelde versnellingsbak dan die van categorie M1, waarvoor in de huidige wetgeving van de Unie reeds in een voorschrift is voorzien. Op basis van deze beoordeling dient de Commissie indien nodig bij het Europees Parlement en de Raad een voorstel in voor een uitbreiding van het toepassingsgebied van artikel 11 van Verordening (EG) nr. 661/2009 van het Europees Parlement en de Raad1bis tot andere voeruigencategorieën.

 

_______________

 

1bis Verordening (EG) nr. 661/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende typegoedkeuringsvoorschriften voor de algemene veiligheid van motorvoertuigen, aanhangwagens daarvan en daarvoor bestemde systemen, onderdelen en technische eenheden (PB L 200 van 31.7.2009, blz. 1).

PROCEDURE

Titel

Vermindering van verontreinigende emissies van wegvoertuigen

Document- en procedurenummers

COM(2014)0028 – C7-0027/2014 – 2014/0012(COD)

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

ENVI

6.2.2014

 

 

 

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

TRAN

6.2.2014

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Elżbieta Katarzyna Łukacijewska

26.11.2014

Behandeling in de commissie

5.5.2015

15.6.2015

 

 

Datum goedkeuring

16.6.2015

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

35

8

1

Bij de eindstemming aanwezige leden

Lucy Anderson, Inés Ayala Sender, Izaskun Bilbao Barandica, Michael Cramer, Luis de Grandes Pascual, Andor Deli, Karima Delli, Isabella De Monte, Ismail Ertug, Jacqueline Foster, Dieter-Lebrecht Koch, Stelios Kouloglou, Miltiadis Kyrkos, Bogusław Liberadzki, Peter Lundgren, Marian-Jean Marinescu, Gesine Meissner, Cláudia Monteiro de Aguiar, Renaud Muselier, Jens Nilsson, Markus Pieper, Gabriele Preuß, Christine Revault D’Allonnes Bonnefoy, Dominique Riquet, Massimiliano Salini, David-Maria Sassoli, Claudia Schmidt, Jill Seymour, Claudia Tapardel, Keith Taylor, Pavel Telička, Peter van Dalen, Wim van de Camp, Janusz Zemke, Roberts Zīle, Kosma Złotowski

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Ivo Belet, Daniel Dalton, Kateřina Konečná, Werner Kuhn, Ulrike Rodust, Patricija Šulin, Henna Virkkunen

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Jarosław Wałęsa


PROCEDURE

Titel

Vermindering van verontreinigende emissies van wegvoertuigen

Document- en procedurenummers

COM(2014)0028 – C7-0027/2014 – 2014/0012(COD)

Datum indiening bij EP

31.1.2014

 

 

 

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

ENVI

6.2.2014

 

 

 

Medeadviserende commissies

       Datum bekendmaking

ITRE

6.2.2014

IMCO

6.2.2014

TRAN

6.2.2014

 

Geen advies

       Datum besluit

ITRE

12.2.2014

 

 

 

Rapporteurs

       Datum benoeming

Albert Deß

10.7.2014

 

 

 

Behandeling in de commissie

10.11.2014

6.5.2015

25.6.2015

 

Datum goedkeuring

23.9.2015

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

66

2

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Marco Affronte, Margrete Auken, Pilar Ayuso, Zoltán Balczó, Ivo Belet, Simona Bonafè, Lynn Boylan, Cristian-Silviu Buşoi, Mireille D’Ornano, Miriam Dalli, Seb Dance, Angélique Delahaye, Jørn Dohrmann, Ian Duncan, Stefan Eck, Eleonora Evi, José Inácio Faria, Karl-Heinz Florenz, Francesc Gambús, Elisabetta Gardini, Jens Gieseke, Julie Girling, Matthias Groote, Françoise Grossetête, Andrzej Grzyb, Jytte Guteland, György Hölvényi, Anneli Jäätteenmäki, Jean-François Jalkh, Benedek Jávor, Karin Kadenbach, Kateřina Konečná, Giovanni La Via, Peter Liese, Norbert Lins, Valentinas Mazuronis, Susanne Melior, Miroslav Mikolášik, Gilles Pargneaux, Piernicola Pedicini, Bolesław G. Piecha, Pavel Poc, Frédérique Ries, Michèle Rivasi, Daciana Octavia Sârbu, Annie Schreijer-Pierik, Renate Sommer, Tibor Szanyi, Estefanía Torres Martínez, Nils Torvalds, Jadwiga Wiśniewska, Damiano Zoffoli

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Guillaume Balas, Nikolay Barekov, Paul Brannen, Renata Briano, Albert Deß, Herbert Dorfmann, Ismail Ertug, Giorgos Grammatikakis, Gesine Meissner, Anne-Marie Mineur, Ulrike Müller, James Nicholson, Marijana Petir, Gabriele Preuß

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Martin Häusling, Judith Sargentini

Datum indiening

29.9.2015

Juridische mededeling