Procedure : 2016/0002(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0219/2016

Ingediende teksten :

A8-0219/2016

Debatten :

PV 11/03/2019 - 17
CRE 11/03/2019 - 17

Stemmingen :

PV 12/03/2019 - 9.14
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2019)0148

VERSLAG     ***I
PDF 478kWORD 395k
27.6.2016
PE 580.424v02-00 A8-0219/2016

over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad, betreffende de uitwisseling van informatie over onderdanen van derde landen en betreffende het Europees Strafregister Informatiesysteem (Ecris), en ter vervanging van Besluit 2009/316/JBZ van de Raad

(COM(2016)0007 – C8-0012/2016 – 2016/0002(COD))

Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken

Rapporteur: Timothy Kirkhope

AMENDEMENTEN
ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 PROCEDURE VAN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad, betreffende de uitwisseling van informatie over onderdanen van derde landen en betreffende het Europees Strafregister Informatiesysteem (Ecris), en ter vervanging van Besluit 2009/316/JBZ van de Raad

(COM(2016)0007 – C8-0012/2016 – 2016/0002(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2016)0007),

–  gezien artikel 294, lid 2, en artikel 82, lid 1, onder d), van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C8-0012/2016),

–  gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien artikel 59 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken (A8-0219/2016),

1.  stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;

2.  verzoekt om hernieuwde voorlegging indien de Commissie voornemens is ingrijpende wijzigingen in haar voorstel aan te brengen of dit door een nieuwe tekst te vervangen;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

Amendement    1

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(1)  De Unie heeft zich ten doel gesteld haar burgers een ruimte van vrijheid, veiligheid en recht te bieden zonder binnengrenzen, waarin het vrije verkeer van personen gewaarborgd is in combinatie met passende maatregelen met betrekking tot voorkoming en bestrijding van criminaliteit.

(1)  De Unie heeft zich ten doel gesteld haar burgers een ruimte van vrijheid, veiligheid en recht te bieden zonder binnengrenzen, waarin het vrije verkeer van personen gewaarborgd is in combinatie met passende maatregelen met betrekking tot voorkoming en bestrijding van criminaliteit, en de interne veiligheid te waarborgen.

Amendement    2

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(4)  Het juridisch kader van ECRIS biedt evenwel geen afdoende dekking van de details van verzoeken betreffende onderdanen van derde landen. Het is nu weliswaar mogelijk om via ECRIS gegevens uit te wisselen over onderdanen van derde landen, maar er is geen procedure of mechanisme waarmee dat efficiënt kan worden gedaan.

(4)  In het bestaande juridisch kader van Ecris komen de details van verzoeken betreffende onderdanen van derde landen evenwel niet voldoende aan bod. Het is weliswaar al mogelijk om via Ecris gegevens uit te wisselen over onderdanen van derde landen, maar er is geen gemeenschappelijke procedure of gemeenschappelijk mechanisme op Europees niveau waarmee dat efficiënt kan worden gedaan.

Amendement    3

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(6)  Dergelijke algemene verzoeken leiden tot een administratieve last voor alle lidstaten, inclusief de lidstaten die niet beschikken over informatie over de betrokken onderdaan van een derde land. Dit negatieve effect weerhoudt de lidstaten er in de praktijk van om informatie op te vragen over onderdanen van derde landen en leidt ertoe dat lidstaten de strafregistergegevens beperken tot de gegevens in hun eigen nationale register.

(6)  Dergelijke algemene verzoeken leiden tot een onevenredige administratieve last voor alle lidstaten, inclusief de lidstaten die niet beschikken over informatie over de betrokken onderdaan van een derde land. Dit negatieve effect weerhoudt de lidstaten er in de praktijk van om bij andere lidstaten informatie op te vragen over onderdanen van derde landen, hetgeen de uitwisseling ervan tussen de lidstaten ernstig belemmert, wat leidt tot een beperking van de strafregistergegevens in hun eigen nationale register. Hierdoor neemt het risico op inefficiënte en onvolledige gegevensuitwisseling tussen de lidstaten toe, hetgeen van invloed is op het niveau van veiligheid en bescherming dat wordt geboden aan de burgers en personen die in de Unie verblijven.

Amendement    4

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7)  De uitwisseling van informatie over strafrechtelijke veroordelingen is belangrijk voor iedere strategie in de strijd tegen criminaliteit en terrorisme. De strafrechtelijke reactie op radicalisering tot terrorisme en gewelddadig extremisme zou erbij gebaat zijn als de lidstaten ECRIS ten volle zouden benutten.

(7)  De uitwisseling van informatie over strafrechtelijke veroordelingen is belangrijk voor iedere strategie in de strijd tegen criminaliteit en terrorisme en om de veiligheid in de Unie te waarborgen. Als de lidstaten Ecris ten volle zouden benutten, zou het de strafrechtelijke reactie van de lidstaten op de radicalisering die leidt tot terroristische daden en gewelddadig extremisme versterken, de bescherming van kwetsbare personen verhogen en de aanhoudende en ernstige gevolgen van grensoverschrijdende georganiseerde criminele netwerken helpen bestrijden.

Amendement    5

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(8)  De recente terroristische aanvallen wijzen met name op de urgentie van een verbeterd systeem voor het delen van relevante informatie, vooral wat betreft de uitbreiding van ECRIS naar onderdanen van derde landen.

Schrappen

Amendement    6

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 8 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 bis)  Om het nut van gegevens over veroordelingen en ontzettingen als gevolg van veroordelingen wegens seksuele misdrijven tegen kinderen te vergroten, is in Richtlijn 2011/93/EU van het Europees Parlement en de Raad1bis vastgesteld dat de lidstaten de nodige maatregelen moeten treffen om te waarborgen dat werkgevers bij de aanwerving van een persoon voor een functie die direct of regelmatig contact met kinderen behelst, het recht hebben om informatie te vragen over de strafrechtelijke veroordelingen of ontzettingen als gevolg van die veroordelingen van die persoon. De lidstaten moeten trachten te voorzien in soortgelijke waarborgen met betrekking tot personen die met gehandicapten of ouderen willen werken. Het doel is ervoor te zorgen dat een wegens een seksueel of gewelddadig misdrijf tegen een kind of kwetsbaar persoon veroordeelde persoon deze veroordeling of ontzetting niet meer kan verzwijgen om in een andere lidstaat dergelijk werk te verrichten.

 

____________

 

1bis Richtlijn 2011/93/EU van het Europees Parlement en de Raad van 13 december 2011 ter bestrijding van seksueel misbruik en seksuele uitbuiting van kinderen en kinderpornografie, en ter vervanging van Kaderbesluit 2004/68/JBZ van de Raad (PB L 335 van 17.12.2011, blz. 1).

Motivering

De rapporteur is van mening dat niet alleen personen die met kinderen werken aan antecedentenonderzoek moeten worden onderworpen, maar ook degenen die met kwetsbare personen werken, met inbegrip van personen met een handicap, alsook degenen die meer in het algemeen in de gezondheidszorg of het onderwijs werkzaam zijn.

Amendement    7

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(9)   Er dient dan ook een systeem in het leven te worden geroepen dat de centrale autoriteit van een lidstaat in staat stelt snel en efficiënt na te gaan in welke andere lidstaat strafregistergegevens over een onderdaan van een derde land zijn opgeslagen, zodat vervolgens het bestaande ECRIS-kader gebruikt kan worden.

(9)   Er dient dan ook een systeem in het leven te worden geroepen dat de centrale autoriteit van een lidstaat in staat stelt onmiddellijk en efficiënt na te gaan welke andere lidstaat beschikt over strafregistergegevens over een onderdaan van een derde land.

Amendement    8

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 10

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(10)   Tot de verplichtingen van lidstaten ten aanzien van veroordelingen van onderdanen van derde landen moet ook het nemen van vingerafdrukken behoren, ten behoeve van een goede identificatie. Deze verplichting omvat het opslaan van gegevens, waaronder vingerafdrukken, het beantwoorden van verzoeken om informatie van andere centrale autoriteiten, waarborgen dat een door een onderdaan van een derde land opgevraagd uittreksel is aangevuld, indien van toepassing, met informatie uit andere lidstaten, en het doorvoeren van technische wijzigingen ten behoeve van de toepassing van geavanceerde technologieën die nodig zijn voor het doelmatig functioneren van het systeem voor gegevensuitwisseling.

(10)   Tot de verplichtingen van lidstaten ten aanzien van veroordelingen van onderdanen van derde landen moet ook het nemen van vingerafdrukken behoren wanneer dit nodig is voor een goede identificatie. Deze verplichting omvat het opslaan van gegevens, waaronder vingerafdrukken, het beantwoorden van verzoeken om informatie van andere centrale autoriteiten, waarborgen dat een door een onderdaan van een derde land opgevraagd uittreksel is aangevuld, indien van toepassing, met informatie uit andere lidstaten, en het doorvoeren van technische wijzigingen ten behoeve van de toepassing van geavanceerde technologieën die nodig zijn voor het doelmatig functioneren van het systeem voor gegevensuitwisseling.

Amendement    9

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 11

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(11)  Als in een bepaalde lidstaat geen informatie over een specifieke onderdaan van een derde land is opgeslagen, biedt gedecentraliseerde informatietechnologie de centrale autoriteiten van de lidstaten de mogelijkheid na te gaan in welke andere lidstaat strafregistergegevens zijn opgeslagen. Te dien einde verspreidt elke centrale autoriteit een indexfilter onder de andere lidstaten waarin de geanonimiseerde identiteitsgegevens zijn opgenomen van onderdanen van derde landen die in haar lidstaat zijn veroordeeld. De persoonsgegevens worden zodanig geanonimiseerd dat zij niet tot de betrokkene herleid kunnen worden. De ontvangende lidstaat kan deze gegevens vervolgens koppelen aan zijn eigen informatie op basis van een zoeksysteem met treffers, en op deze wijze vaststellen of er in andere lidstaten strafregistergegevens beschikbaar zijn en, in geval van een treffer, in welke lidstaten die gegevens zich bevinden. De ontvangende lidstaat kan de treffer vervolgens nader onderzoeken met behulp van het ECRIS-kader. Wat betreft onderdanen van derde landen die ook onderdaan zijn van een lidstaat, dient de informatie in de index beperkt te blijven tot de informatie die over hen beschikbaar is als onderdaan van een lidstaat.

(11)  Ter compensatie van het feit dat de informatie over een specifieke veroordeelde onderdaan van een derde land niet is opgeslagen in een gecentraliseerde databank van de Unie, biedt een gedecentraliseerd informatietechnologiesysteem de centrale autoriteiten van de lidstaten de mogelijkheid na te gaan in welke andere lidstaat strafregistergegevens over deze specifieke onderdaan van een derde land zijn opgeslagen. Te dien einde verspreidt elke aangewezen centrale autoriteit een indexfilter onder de andere lidstaten waarin de gepseudonimiseerde identiteitsgegevens zijn opgenomen van onderdanen van derde landen die in haar lidstaat zijn veroordeeld. De persoonsgegevens in het indexfilter worden zodanig gepseudonimiseerd dat zij niet rechtstreeks tot de betrokkene herleid kunnen worden. De ontvangende lidstaat kan deze gegevens vervolgens koppelen aan zijn eigen informatie op basis van een zoeksysteem met treffers, en op deze wijze vaststellen of er in andere lidstaten strafregistergegevens beschikbaar zijn en, in geval van een treffer, in welke lidstaten die gegevens zich bevinden. De ontvangende lidstaat kan de treffer vervolgens nader onderzoeken met behulp van het Ecris-kader. Wat betreft onderdanen van derde landen die ook onderdaan zijn van een lidstaat, dient de informatie in het indexfilter beperkt te blijven tot de informatie die over hen beschikbaar is als onderdaan van een lidstaat.

Amendement    10

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 11 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(11 bis)   Wanneer een lidstaat in het kader van een strafrechtelijke procedure, op basis van bilaterale overeenkomsten die in overeenstemming zijn met het recht van de Unie, informatie ontvangt over een door een gerechtelijke autoriteit in een derde land uitgesproken veroordeling wegens terroristische misdrijven of ernstige strafbare feiten van een onderdaan van een derde land die op het grondgebied van de Unie verblijft, moet deze lidstaat een indexfilter met deze informatie kunnen creëren en delen met andere lidstaten, binnen de grenzen van de bilaterale overeenkomsten. Deze uitwisseling van informatie moet volledig in overeenstemming zijn met, in het bijzonder, de beginselen van evenredigheid en noodzakelijkheid en het recht op een eerlijk proces in het derde land.

Amendement    11

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 11 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(11 ter)   De Commissie moet alle nodige maatregelen nemen om interoperabiliteit en een onderlinge koppeling tot stand te brengen tussen de gemeenschappelijke communicatie-infrastructuur van Ecris en alle andere relevante databanken van de Unie met het oog op rechtshandhaving, grenscontrole en justitiële samenwerking.

Amendement    12

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 12

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(12)  Kaderbesluit 2008/977/JBZ22 van de Raad is van toepassing in de context van geautomatiseerde uitwisseling van gegevens uit de strafregisters van de lidstaten, zodat is voorzien in een toereikend niveau van gegevensbescherming bij de uitwisseling van gegevens tussen lidstaten en de lidstaten tegelijkertijd de mogelijkheid hebben om strengere beschermingsnormen te hanteren voor hun nationale gegevensverwerking.

(12)  Kaderbesluit 2008/977/JBZ22 van de Raad en Richtlijn (EU) 2016/680 van het Europees Parlement en de Raad22bis moeten van toepassing zijn in de context van geautomatiseerde uitwisseling van gegevens uit de strafregisters van de lidstaten, waarbij wordt voorzien in een hoog niveau van gegevensbescherming bij de uitwisseling van gegevens tussen lidstaten en de lidstaten tegelijkertijd de mogelijkheid hebben om nog strengere gegevensbeschermingsnormen te hanteren voor hun nationale gegevensverwerking.

____________

____________

22Kaderbesluit 2008/977/JBZ van de Raad van 27 november 2008 over de bescherming van persoonsgegevens die worden verwerkt in het kader van de politiële en justitiële samenwerking in strafzaken (PB L 350 van 30.12.2008, blz. 60).

22Kaderbesluit 2008/977/JBZ van de Raad van 27 november 2008 over de bescherming van persoonsgegevens die worden verwerkt in het kader van de politiële en justitiële samenwerking in strafzaken (PB L 350 van 30.12.2008, blz. 60).

 

22bisRichtlijn (EU) 2016/680 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door bevoegde autoriteiten met het oog op de voorkoming, het onderzoek, de opsporing of de vervolging van strafbare feiten of de tenuitvoerlegging van straffen, en betreffende het vrije verkeer van die gegevens, en intrekking van het Kaderbesluit van de Raad 2008/977/JBZ (PB L 119 van 4.5.2016, blz. 89).

Motivering

In de richtlijn moeten ook de nodige wijzigingen worden doorgevoerd om de gegevensbeschermingsregels weer te geven die zijn vastgelegd in de recente wetswijzigingen op het gebied van rechtshandhaving.

Amendement    13

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 15

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(15)  In deze richtlijn worden de grondrechten en vrijheden geëerbiedigd en worden de beginselen zoals die met name zijn neergelegd in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, met inbegrip van het recht op bescherming van persoonsgegevens, het beginsel van gelijkheid voor de wet en het algehele discriminatieverbod, erkend. Deze richtlijn dient overeenkomstig deze rechten en beginselen te worden toegepast.

(15)  In deze richtlijn worden de grondrechten en vrijheden geëerbiedigd en worden de beginselen zoals die met name zijn neergelegd in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, met inbegrip van het recht op bescherming van persoonsgegevens, met inbegrip van rechterlijke en administratieve verhaalsmogelijkheden, het beginsel van gelijkheid voor de wet, het recht op een eerlijk proces, het vermoeden van onschuld en het algehele discriminatieverbod, erkend. Deze richtlijn dient overeenkomstig deze rechten en beginselen en de beginselen van evenredigheid en noodzakelijkheid te worden toegepast.

Motivering

De bepalingen inzake de verstrekking van informatie over eerdere veroordelingen mogen de betrokkene niet het recht op een eerlijk proces en het vermoeden van onschuld ontnemen. Het is derhalve belangrijk om deze waarden en andere EU-wetgeving op het gebied van procedurele rechten in aanmerking te nemen.

Amendement    14

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 16

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(16)  Daar de doelstelling van deze richtlijn, te weten het mogelijk maken van een snelle en efficiënte uitwisseling van strafregistergegevens over onderdanen van derde landen, niet in voldoende mate door de lidstaten kan worden bereikt, maar vanwege de noodzakelijke synergie en interoperabiliteit beter door de Unie kan worden verwezenlijkt, kan de Unie overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie neergelegde subsidiariteitsbeginsel maatregelen treffen. Overeenkomstig het in hetzelfde artikel neergelegde evenredigheidsbeginsel gaat deze richtlijn niet verder dan nodig is om deze doelstelling te verwezenlijken.

(16)  Daar de doelstelling van deze richtlijn, te weten het mogelijk maken van een snelle en efficiënte uitwisseling van strafregistergegevens over onderdanen van derde landen, niet in voldoende mate door de lidstaten kan worden bereikt, maar via de instelling van gemeenschappelijke Europese regels en interoperabele systemen beter door de Unie kan worden verwezenlijkt, kan de Unie overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie neergelegde subsidiariteitsbeginsel maatregelen treffen. Overeenkomstig het in hetzelfde artikel neergelegde evenredigheidsbeginsel gaat deze richtlijn niet verder dan nodig is om deze doelstelling te verwezenlijken.

Amendement    15

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 1

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(1) Artikel 1 wordt vervangen door:

(1) Artikel 1 wordt vervangen door:

Artikel 1

Artikel 1

Onderwerp

Onderwerp

Dit kaderbesluit

Dit kaderbesluit

(a)  bepaalt de wijzen waarop een lidstaat van veroordeling informatie over veroordelingen deelt met andere lidstaten;

(a)  bepaalt de wijzen waarop en de voorwaarden waaronder een lidstaat van veroordeling informatie over veroordelingen deelt met andere lidstaten;

(b)  bepaalt de opslagverplichtingen voor de lidstaat van veroordeling en specificeert de methoden die gevolgd moeten worden bij het beantwoorden van een verzoek om informatie uit een strafregister;

(b)  bepaalt de opslag- en privacyverplichtingen voor de lidstaat van veroordeling en specificeert de methoden die gevolgd moeten worden bij het beantwoorden van een verzoek om informatie uit een strafregister;

 

(b bis)  bepaalt de opslagverplichtingen voor de lidstaten waarvan de betrokkene de nationaliteit heeft en specificeert de methoden die gevolgd moeten worden bij het beantwoorden van een verzoek om gegevens uit het strafregister;

(c)  voorziet in de oprichting van een gedecentraliseerd informatietechnologiesysteem voor de uitwisseling van gegevens over veroordelingen dat gebaseerd is op de strafregisterdatabanken in elke lidstaat, het Europees Strafregister Informatiesysteem (ECRIS).";

(c)  voorziet in de oprichting van een Europees gedecentraliseerd informatietechnologiesysteem voor de uitwisseling van gegevens over veroordelingen dat gebaseerd is op de strafregisterdatabanken in elke lidstaat, het Europees Strafregister Informatiesysteem (Ecris).";

Amendement    16

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 3

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 4 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(3)  artikel 4, lid 1, wordt vervangen door:

(3)  artikel 4, lid 1, wordt vervangen door:

"1.  Elke lidstaat neemt de nodige maatregelen om te waarborgen dat wanneer een op zijn grondgebied uitgesproken veroordeling in zijn strafregister wordt opgenomen, daarbij ook informatie betreffende de nationaliteit of nationaliteiten van de veroordeelde wordt vermeld indien het een onderdaan betreft van een andere lidstaat of van een derde land.";

"1.  Elke lidstaat neemt alle nodige maatregelen om te waarborgen dat wanneer een veroordeling op zijn grondgebied wordt uitgesproken, deze veroordeling in zijn strafregisterdatabank wordt opgenomen, en dat daarbij ook informatie betreffende de nationaliteit of nationaliteiten van de veroordeelde wordt vermeld indien het een onderdaan betreft van een andere lidstaat of van een derde land.";

Amendement    17

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 4

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 4 bis – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De lidstaat waar een veroordeling is uitgesproken tegen een onderdaan van een derde land, slaat de volgende gegevens op tenzij, in uitzonderlijke individuele gevallen, dit niet mogelijk is:

1.  De lidstaat waar een veroordeling is uitgesproken tegen een onderdaan van een derde land, slaat altijd de volgende gegevens op tenzij, in uitzonderlijke individuele gevallen, dit niet mogelijk is (verplichte informatie):

(a)  de veroordeelde (volledige naam, geboortedatum, geboorteplaats (stad en land), geslacht, nationaliteit en, indien van toepassing, vroegere namen);

(a)  de veroordeelde (volledige naam, geboortedatum, geboorteplaats (stad en land), geslacht, nationaliteit en, indien van toepassing, vroegere namen);

(b)  de aard van de veroordeling (datum van de veroordeling, naam van de rechtbank, datum waarop de rechterlijke beslissing definitief is geworden);

(b)  de aard van de veroordeling (datum van de veroordeling, naam van de rechtbank, datum waarop de rechterlijke beslissing definitief is geworden);

(c)  het aan de veroordeling ten grondslag liggende strafbaar feit (datum waarop het is gepleegd, omschrijving of rubricering, en vermelding van de toepasselijke wetgeving);

(c)  het aan de veroordeling ten grondslag liggende strafbaar feit (datum waarop het is gepleegd, omschrijving of rubricering, en vermelding van de toepasselijke wetgeving);

(d)  de inhoud van de veroordeling, met name de opgelegde maatregel of straf, eventuele bijkomende straffen, veiligheidsmaatregelen en latere beslissingen met betrekking tot de tenuitvoerlegging van de straf;

(d)  de inhoud van de veroordeling, met name de opgelegde maatregel of straf, eventuele bijkomende straffen, veiligheidsmaatregelen en latere beslissingen met betrekking tot de tenuitvoerlegging van de straf;

 

1 bis.  De lidstaat waar een veroordeling is uitgesproken tegen een onderdaan van een derde land, kan de volgende gegevens opslaan, indien beschikbaar (facultatieve informatie):

(e)  de namen van de ouders van de veroordeelde;

 

(f)  het referentienummer van de veroordeling;

(a)  het referentienummer van de veroordeling;

(g)  de plaats waar het strafbaar feit is gepleegd;

(b)  de plaats waar het strafbaar feit is gepleegd;

(h)  voor zover van toepassing, ontzettingen als gevolg van de veroordeling;

(c)  voor zover van toepassing, ontzettingen als gevolg van de veroordeling;

(i)  het identiteitsnummer van de veroordeelde of de soort en het nummer van zijn identificatiedocument;

(d)  het identiteitsnummer van de veroordeelde of de soort en het nummer van zijn identificatiedocument;

(j)  vingerafdrukken van de betrokkene;

(e)  vingerafdrukken van de betrokkene, uitsluitend wanneer het nationale recht van de lidstaat waar een veroordeling is uitgesproken de afname en opslag van vingerafdrukken van een veroordeelde persoon toelaat;

(k)  voor zover van toepassing, pseudoniemen en/of bijnamen.

(f)  voor zover van toepassing, pseudoniemen en/of bijnamen.

Motivering

Dit amendement zorgt ervoor dat de op nationaal niveau opgeslagen gegevens met betrekking tot veroordeelde onderdanen van derde landen op dezelfde manier worden ingedeeld als de gegevens over veroordeelde EU-onderdanen, met "verplichte informatie" en "facultatieve informatie", om onnodige discriminatie te voorkomen.

Amendement    18

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 4

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 4 bis – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  De centrale autoriteit creëert een indexfilter dat geanonimiseerde informatie bevat zoals bedoeld in lid 1, onder a), e), i), j) en k), met betrekking tot onderdanen van derde landen die in haar lidstaat zijn veroordeeld. De centrale autoriteit deelt dit indexfilter en eventuele bijgewerkte versies daarvan met alle lidstaten.

2.  De centrale autoriteit creëert een indexfilter dat gepseudonimiseerde informatie bevat zoals bedoeld in lid 1, onder a), en lid 1 bis, onder d), e) en f), met betrekking tot onderdanen van derde landen die in haar lidstaat zijn veroordeeld. De centrale autoriteit deelt dit indexfilter en eventuele bijgewerkte versies daarvan met alle lidstaten.

Amendement    19

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 4

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 4 bis – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. In geval van wijziging of schrapping van de informatie bedoeld in lid 1 wordt de informatie die de centrale autoriteit van de lidstaat van veroordeling overeenkomstig lid 1 van onderhavig artikel heeft opgeslagen en die in het overeenkomstig lid 2 gecreëerde indexfilter is opgenomen, door haar dienovereenkomstig gewijzigd of geschrapt.

3. In geval van wijziging of schrapping van de informatie bedoeld in de leden 1 en 1 bis wordt de informatie die de centrale autoriteit van de lidstaat van veroordeling overeenkomstig de leden 1 en 1 bis van onderhavig artikel heeft opgeslagen en die in het overeenkomstig lid 2 gecreëerde indexfilter is opgenomen, door haar dienovereenkomstig gewijzigd of geschrapt, en wordt de in alle andere lidstaten opgeslagen informatie die in het indexfilter is opgenomen, bijgewerkt.

Amendement    20

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 4

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 4 bis – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.   De leden 2 en 3 zijn met betrekking tot het indexfilter ook van toepassing op onderdanen van derde landen die ook onderdaan zijn van een lidstaat, voor zover de in lid 1, onder a), e), i), j) en k), bedoelde gegevens door de centrale autoriteit worden opgeslagen ten aanzien van onderdanen van lidstaten.

Schrappen

Amendement    21

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 4

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 4 bis – lid 4 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 bis.   De lidstaten nemen geen informatie in het indexfilter op over veroordelingen in verband met irreguliere binnenkomst of verblijf.

Amendement    22

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 4

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 4 bis – lid 4 ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 ter.   De lidstaten nemen geen informatie in het indexfilter op over veroordelingen van minderjarige onderdanen van derde landen, behalve wanneer deze veroordelingen verband houden met ernstige criminaliteit die gestraft wordt met een maximale vrijheidsstraf van ten minste vier jaar.

Amendement    23

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 5

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 4 ter– lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.   Dit artikel is ook van toepassing op een onderdaan van een derde land die de nationaliteit van een lidstaat heeft.";

2.   Dit artikel is niet van toepassing op een onderdaan van een derde land die de nationaliteit van een lidstaat heeft. Iedere onderdaan van een derde land die ook onderdaan is van een lidstaat wordt behandeld als een onderdaan van die lidstaat in overeenstemming met artikel 4.";

Motivering

Het voorstel leidt tot discriminatie tussen EU-burgers met slechts één nationaliteit en EU-burgers die de nationaliteit van een lidstaat en tevens de nationaliteit van een derde land hebben. EU-burgers met dubbele nationaliteit zouden als onderdanen van derde landen worden behandeld, hoewel ze in de eerste plaats EU-burgers zijn. Door dit amendement wordt het risico op discriminatie weggenomen door ervoor te zorgen dat burgers met twee nationaliteiten (één van een EU-lidstaat en één van een derde land) als EU-burgers worden beschouwd.

Amendement    24

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 6 – letter b

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 6 – lid 3 – alinea 2 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

In voorkomend geval, indien het doorzoeken van de indexfilters niet tot een treffer leidt, ontvangt de onderdaan van een derde land die om hemzelf betreffende gegevens uit het strafregister verzoekt een attest waarin wordt verklaard dat het doorzoeken van de indexfilters geen treffers heeft opgeleverd.";

Motivering

Dit amendement zorgt ervoor dat de onderdanen van derde landen die om een uittreksel uit het strafregister verzoeken en geen strafbare feiten hebben gepleegd, een attest ontvangen waarin wordt verklaard dat de zoekactie op Ecris geen treffers heeft opgeleverd, hetgeen bewijst dat zij geen strafblad hebben in de 28 lidstaten. Dit kan zeer nuttig zijn voor werkzoekende onderdanen van derde landen.

Amendement    25

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 6 bis (nieuw)

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 7 – lid 2 – alinea 1

 

Bestaande tekst

Amendement

 

(6 bis)   in artikel 7, lid 2, wordt de eerste alinea vervangen door:

2.   De centrale autoriteit van de lidstaat van nationaliteit, die op grond van artikel 6 een verzoek om informatie uit het strafregister voor een ander doel dan een strafrechtelijke procedure ontvangt, beantwoordt dit verzoek, ten aanzien van nationale veroordelingen en in derde landen uitgesproken veroordelingen waarvan hij in kennis is gesteld en die in zijn strafregister zijn vermeld, overeenkomstig het nationale recht.

"2.   De centrale autoriteit van de lidstaat van nationaliteit, die op grond van artikel 6 een verzoek om informatie uit het strafregister voor een ander doel dan een strafrechtelijke procedure ontvangt, beantwoordt dit verzoek, ten aanzien van nationale veroordelingen en in derde landen uitgesproken veroordelingen waarvan hij in kennis is gesteld en die in zijn strafregister zijn vermeld, indien het nationale recht van de lidstaat waarvan de betrokkene de nationaliteit heeft of van de verzoekende lidstaat hierin voorziet.";

Amendement    26

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 7 bis (nieuw)

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 7 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(7 bis)   het volgende artikel wordt toegevoegd:

 

"Artikel 7 bis

 

Toegang van Europol tot de Ecris-databank

 

1.   Europol heeft recht op toegang tot de Ecris-databank met het oog op de uitvoering van zijn taken.

 

2.   Europol kan per geval, via de nationale Europol-eenheid, bij de centrale autoriteit van een lidstaat langs elektronische weg een met redenen omkleed verzoek om doorgifte van gegevens uit het strafregister van een lidstaat indienen door middel van het in de bijlage vastgestelde formulier.

 

3.   Europol kan een verzoek zoals bedoeld in lid 2 indienen wanneer dat noodzakelijk is ter ondersteuning of versterking van het optreden van de bevoegde autoriteiten van de lidstaten en hun wederzijdse samenwerking bij de voorkoming en bestrijding van ernstige criminaliteit waardoor twee of meer lidstaten worden getroffen, van terrorisme en van vormen van criminaliteit die een schending inhouden van een gemeenschappelijk belang dat tot het beleid van de Unie behoort.

 

4.   De uitwisseling van informatie op grond van dit artikel vindt plaats via de applicatie voor veilige informatie-uitwisseling (Secure Information Exchange Network Application).";

Amendement    27

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 7 ter (nieuw)

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 7 ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(7 ter)   het volgende artikel wordt toegevoegd:

 

"Artikel 7 ter

 

Toegang van Frontex tot de Ecris-databank

 

1.   Frontex heeft recht op toegang tot de Ecris-databank met het oog op de uitvoering van zijn taken.

 

2.   Frontex kan per geval bij de centrale autoriteit van een lidstaat langs elektronische weg een met redenen omkleed verzoek om doorgifte van gegevens uit het strafregister van een lidstaat indienen door middel van het in de bijlage vastgestelde formulier.";

Amendement    28

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 9

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 11 – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  Indien en zolang de in lid 3 bedoelde wijze van mededeling niet beschikbaar is, delen de centrale autoriteiten van de lidstaten alle in lid 3 bedoelde informatie, met uitzondering van het in artikel 4 bis bedoelde indexfilter, mee in een schriftelijke of potentieel schriftelijke vorm, zodanig dat de centrale autoriteit van de ontvangende lidstaat de echtheid ervan kan vaststellen.

4.  Indien en zolang de in lid 3 bedoelde wijze van mededeling niet beschikbaar is, delen de centrale autoriteiten van de lidstaten alle in lid 3 bedoelde informatie, met uitzondering van het in artikel 4 bis bedoelde indexfilter, mee in een veilige schriftelijke of potentieel schriftelijke vorm, zodanig dat de centrale autoriteit van de ontvangende lidstaat de echtheid ervan kan vaststellen, brengen de Commissie hiervan op de hoogte en stellen alles in het werk om de situatie zo snel mogelijk te recht te zetten.

Amendement    29

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 10

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 11 bis – lid 1 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

ECRIS staat borg voor de vertrouwelijkheid en integriteit van alle strafregistergegevens die naar andere lidstaten worden verzonden.

Ecris staat borg voor de vertrouwelijkheid, bescherming, privacy en integriteit van alle strafregistergegevens die naar andere lidstaten worden verzonden.

Amendement    30

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 10

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 11 bis – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.   Alle gegevens uit strafregisters worden alleen opgeslagen in door de lidstaten beheerde databanken.

2.   Alle gegevens uit strafregisters worden alleen opgeslagen in door de lidstaten beheerde databanken op het grondgebied van de Unie.

Amendement    31

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 10

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 11 bis – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  De software en de databanken voor het opslaan, verzenden en ontvangen van gegevens uit strafregisters functioneren onder de verantwoordelijkheid van de betrokken lidstaat.

4.  De software en de databanken voor het opslaan, verzenden en ontvangen van gegevens uit strafregisters functioneren onder de verantwoordelijkheid van de betrokken lidstaat en bevoegde autoriteiten.

Amendement    32

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 10

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 11 bis – lid 6

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

''6.  De Commissie biedt de in lid 1 bedoelde software, algemene ondersteuning en technische bijstand, waaronder het verzamelen en opstellen van statistieken."

''6.  De Commissie biedt de in lid 1 bedoelde passende en meest doeltreffende software, algemene ondersteuning en technische bijstand, waaronder het verzamelen en opstellen van statistieken."

Amendement    33

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 11

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 11 bis – lid 1 – letter c

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(c)   eventuele andere regelingen ter organisatie en facilitering van de uitwisseling van informatie over strafrechtelijke veroordelingen tussen de centrale autoriteiten van de lidstaten, waaronder:

(c)   eventuele andere technische regelingen ter organisatie en facilitering van de uitwisseling van informatie over strafrechtelijke veroordelingen tussen de centrale autoriteiten van de lidstaten, waaronder:

Amendement    34

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 13

Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad

Artikel 13 bis

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

"Artikel 13 bis

"Artikel 13 bis

Verslaglegging door de Commissie en evaluatie

Verslaglegging door de Commissie en evaluatie

1.  Uiterlijk [24 maanden na de tenuitvoerlegging] dient de Commissie bij het Europees Parlement en de Raad een verslag in over de toepassing van dit kaderbesluit. In dat verslag evalueert de Commissie de mate waarin de lidstaten de noodzakelijke maatregelen hebben getroffen om aan dit kaderbesluit te voldoen, met inbegrip van de technische tenuitvoerlegging.

1.  Uiterlijk [18 maanden na de tenuitvoerlegging] dient de Commissie bij het Europees Parlement en de Raad een verslag in over de toepassing van dit kaderbesluit. In dat verslag evalueert de Commissie de mate waarin de lidstaten de noodzakelijke maatregelen hebben getroffen om aan dit kaderbesluit te voldoen, met inbegrip van de technische tenuitvoerlegging.

2.  Het verslag wordt, indien nodig, samen met relevante wetgevingsvoorstellen ingediend.

2.  Het verslag wordt, indien nodig, samen met relevante wetgevingsvoorstellen ingediend.

3.  De diensten van de Commissie publiceren op gezette tijden een verslag over de uitwisseling via ECRIS van gegevens uit de strafregisters, dat met name gebaseerd is op de statistische gegevens als bedoeld in artikel 11 bis, lid 6. Dat verslag wordt een jaar na het indienen van het in lid 1 bedoelde verslag voor het eerst ingediend."

3.  De diensten van de Commissie publiceren op gezette tijden een verslag over de uitwisseling via Ecris van gegevens uit de strafregisters, dat met name gebaseerd is op de statistische gegevens als bedoeld in artikel 11 bis, lid 6. Dat verslag wordt een jaar na het indienen van het in lid 1 bedoelde verslag voor het eerst ingediend."

 

3 bis.  Het in lid 3 bedoelde verslag van de Commissie heeft met name betrekking op het niveau van uitwisselingen van informatie tussen de lidstaten, met inbegrip van informatie over onderdanen van derde landen; het doel van de verzoeken en hun respectieve aantal, met inbegrip van verzoeken voor andere doeleinden dan strafrechtelijke procedures, zoals antecedentenonderzoek en verzoeken van de betrokkene tot het verkrijgen van hemzelf betreffende gegevens uit het strafregister; en kwesties met betrekking tot de bescherming van persoonsgegevens en een beoordeling van de gevolgen van dit kaderbesluit voor de grondrechten.

 

3 ter.  In het in lid 3, tweede zin, bedoelde verslag wordt ook de haalbaarheid van de invoering van een gecentraliseerd Europees Strafregister Informatiesysteem (Ecris) voor onderdanen van derde landen onderzocht.


TOELICHTING

I. Achtergrond

De aard van criminele en terroristische activiteiten is de afgelopen jaren voortdurend in ontwikkeling. Deze activiteiten zijn steeds grensoverschrijdender van aard, en de EU-instellingen en de lidstaten hebben het gehad over de groeiende behoefte aan informatie-uitwisseling om de huidige bedreigingen aan te pakken. De Europese Raad en de Raad Justitie en Binnenlandse Zaken hebben bij verschillende gelegenheden gewezen op het belang van verbetering van Ecris. De ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken hebben in de verklaring van Riga van 29 januari 2015 benadrukt dat de uitwisseling van informatie over strafrechtelijke veroordelingen belangrijk is voor iedere strategie in de strijd tegen criminaliteit en terrorisme.

De recente terroristische aanslagen bewijzen in het bijzonder de urgentie van een verbeterd systeem voor het delen van relevante informatie, vooral wat betreft de uitbreiding van Ecris naar onderdanen van derde landen. In reactie hierop heeft de Europese Commissie in het kader van haar Europese veiligheidsagenda een herziening voorgesteld van de huidige verordening betreffende de uitwisseling van strafregistergegevens. Deze herziening is gericht op een betere informatie-uitwisseling tussen de lidstaten en het dichten van de bestaande mazen in de verordening.

Ecris is een elektronisch systeem voor de uitwisseling van informatie over eerdere veroordelingen van een specifiek persoon door strafrechtbanken in de EU, ten behoeve van een strafrechtelijke procedure tegen een persoon en, indien toegestaan onder de nationale wetgeving, andere doeleinden. Het juridisch kader van Ecris biedt evenwel geen afdoende dekking van de verzoeken betreffende onderdanen van derde landen. Het is nu weliswaar mogelijk om via Ecris gegevens uit te wisselen over onderdanen van derde landen (ODL), maar er is geen procedure of mechanisme waarmee dat efficiënt kan worden gedaan.

II. Het voorstel van de Commissie

Het voorstel strekt tot wijziging van Kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad, betreffende de uitwisseling van informatie over onderdanen van derde landen en betreffende het Europees Strafregister Informatiesysteem (Ecris), en ter vervanging van Besluit 2009/316/JBZ van de Raad. Het voorstel bevat een verplichting om strafregistergegevens op te slaan; een verplichting om onder de andere lidstaten een geanonimiseerd indexfilter te verspreiden met daarin gegevens over de identiteit van de op zijn grondgebied veroordeelde ODL, zodat kan worden vastgesteld welke lidstaten over strafregistergegevens over een ODL beschikken; en de verplichting om het indexfilter bij te werken op basis van iedere verwijdering of wijziging van de gegevens die erin zijn opgenomen.

Opslag: een lidstaat voldoet aan de opslagverplichting zelfs als de informatie wordt opgeslagen in een andere databank dan de strafregisterdatabank, zolang de centrale autoriteit toegang heeft tot de databank waarin de informatie is opgeslagen. Bovendien is de verplichting van toepassing ongeacht of de betrokkene ook een EU-nationaliteit bezit, teneinde te waarborgen dat de informatie ook gevonden kan worden als de andere nationaliteit niet bekend is.

Verzoek om gegevens over veroordelingen: een lidstaat is verplicht om een uittreksel van gegevens uit een strafregister waar een ODL om heeft verzocht (zijn/haar eigen gegevens) aan te vullen met informatie uit de andere lidstaten, zoals zij dat ook zouden doen voor EU-onderdanen.

De definitie van "lidstaat van veroordeling": dekt nu alle veroordelingen, ongeacht of die zijn uitgesproken tegen een onderdaan van een andere lidstaat of een ODL.

Verplichtingen van de lidstaat van veroordeling: het kaderbesluit is gewijzigd om te waarborgen dat de verplichting van de lidstaten om de nationaliteit (of nationaliteiten) van een veroordeelde aan het strafregister toe te voegen nu ook van toepassing is op de nationaliteit of nationaliteiten van ODL.

Antwoord op een verzoek om gegevens over veroordelingen: een verzoek om informatie over een ODL wordt op dezelfde wijze behandeld als een verzoek om informatie over EU-onderdanen. De aangezochte centrale autoriteit dient dus informatie te verstrekken over een veroordeling die op het grondgebied van haar lidstaat tegen de ODL is uitgesproken, plus eventuele veroordelingen in derde landen die in haar strafregister zijn opgenomen.

Persoonsgegevens: de verwijzingen naar persoonsgegevens zijn uitgebreid naar de nieuwe bepalingen inzake ODL.

Formaat en organisatorische regelingen: het voorstel bepaalt dat de centrale autoriteiten van de lidstaten de informatie, het indexfilter, verzoeken, antwoorden en andere relevante informatie op elektronische wijze meedelen met gebruikmaking van Ecris en een gestandaardiseerd formaat overeenkomstig de normen die in uitvoeringshandelingen zijn vastgelegd; zet de technische verplichtingen van de lidstaten uiteen in verband met de overeenkomstig de richtlijn te vervullen taken. Dit betreft zowel het huidige systeem voor gegevensuitwisseling als het nieuwe systeem op basis van treffers en een geanonimiseerd indexfilter. De technische en administratieve regelingen ten behoeve van de uitwisseling van gegevens worden uiteengezet in uitvoeringshandelingen; regelt de mededeling van informatie indien Ecris niet beschikbaar is; verlangt van de lidstaten dat zij niet de Raad maar de Commissie in kennis stellen vanaf welke datum zij Ecris en het nieuwe indexfilter kunnen gebruiken.

Comitologie: er is een comitéprocedure ingevoerd om de Commissie de instrumenten te bieden die zij nodig heeft voor de uitvoering van de technische aspecten van de gegevensuitwisseling teneinde het functioneren daarvan in de praktijk te waarborgen.

III. Standpunt van de rapporteur

De rapporteur is het grotendeels eens met de aanpak van de Commissie voor wat de uitwisseling van strafregistergegevens tussen de lidstaten betreft. De uitbreiding van de reikwijdte van deze verordening om specifieke bepalingen voor onderdanen van derde landen toe te staan is van groot belang om te zorgen voor gelijkheid in de nationale rechtsstelsels voor EU-onderdanen en onderdanen van derde landen.

De controle van het strafregister van personen die de EU binnenkomen vormt een belangrijke stap in de richting van meer vertrouwen in migratie en de veiligheid van de EU in het algemeen. Om het vertrouwen in het Schengengebied en het vrije verkeer binnen de EU te waarborgen, zijn er duidelijke, doeltreffende maatregelen nodig die de uitwisseling van gegevens over verdachten van strafbare feiten vergemakkelijken. De herziening van deze verordening is van essentieel belang om het vertrouwen en de wederzijdse erkenning op het gebied van justitiële samenwerking te vergroten.

De rapporteur zou tevens graag zien dat de bepalingen van deze verordening de reikwijdte van antecedentenonderzoek uitbreiden tot iedereen die werkt met kwetsbare personen of met kinderen. De lidstaten moeten vertrouwen hebben in alle werknemers in de gezondheidszorg, het onderwijs en soortgelijke zorgberoepen.

De rapporteur is voorts van mening dat er een duidelijke verplichting moet rusten op de lidstaten om ontvangen bilaterale informatie over strafrechtelijke veroordelingen van personen die verblijven op het grondgebied van de EU op te nemen in hun nationale strafregisterdatabank en dergelijke informatie te delen in het indexsysteem.

De rapporteur verzoekt ook om duidelijke verwijzingen naar de noodzaak van bepalingen inzake gegevensbescherming, het vermoeden van onschuld en een eerlijk proces, alsook een duidelijke lijst van bepalingen die deel moeten uitmaken van een gedetailleerde herziening van het systeem, overeenkomstig de bepalingen inzake betere regelgeving.


PROCEDURE VAN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

Titel

Uitwisseling van informatie over onderdanen uit derde landen en het Europees Strafregisterinformatiesysteem (Ecris)

Document- en procedurenummers

COM(2016)0007 – C8-0012/2016 – 2016/0002(COD)

Datum indiening bij EP

19.1.2016

 

 

 

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

LIBE

1.2.2016

 

 

 

Rapporteurs

       Datum benoeming

Timothy Kirkhope

15.2.2016

 

 

 

Behandeling in de commissie

16.3.2016

7.4.2016

9.5.2016

30.5.2016

Datum goedkeuring

30.5.2016

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

45

2

4

Bij de eindstemming aanwezige leden

Jan Philipp Albrecht, Martina Anderson, Malin Björk, Michał Boni, Rachida Dati, Agustín Díaz de Mera García Consuegra, Frank Engel, Tanja Fajon, Laura Ferrara, Monika Flašíková Beňová, Ana Gomes, Nathalie Griesbeck, Jussi Halla-aho, Monika Hohlmeier, Sophia in ‘t Veld, Sylvia-Yvonne Kaufmann, Timothy Kirkhope, Cécile Kashetu Kyenge, Marju Lauristin, Juan Fernando López Aguilar, Claude Moraes, Péter Niedermüller, Soraya Post, Birgit Sippel, Branislav Škripek, Csaba Sógor, Bodil Valero, Marie-Christine Vergiat, Beatrix von Storch, Josef Weidenholzer, Kristina Winberg

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Marina Albiol Guzmán, Hugues Bayet, Carlos Coelho, Pál Csáky, Ska Keller, Miltiadis Kyrkos, Artis Pabriks, Salvatore Domenico Pogliese, Jaromír Štětina, Róża Gräfin von Thun und Hohenstein, Axel Voss

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Reimer Böge, Caterina Chinnici, Edouard Ferrand, Peter Jahr, Othmar Karas, Ilhan Kyuchyuk, Maite Pagazaurtundúa Ruiz, Keith Taylor, Lieve Wierinck

Datum indiening

27.6.2016


HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

45

+

ALDE

Nathalie Griesbeck, Sophia in 't Veld, Ilhan Kyuchyuk, Maite Pagazaurtundúa Ruiz, Lieve Wierinck

ECR

Jussi Halla-aho, Timothy Kirkhope, Branislav Škripek

EFDD

Laura Ferrara, Kristina Winberg

PPE

Michał Boni, Reimer Böge, Carlos Coelho, Pál Csáky, Rachida Dati, Agustín Díaz de Mera García Consuegra, Frank Engel, Monika Hohlmeier, Peter Jahr, Othmar Karas, Artis Pabriks, Salvatore Domenico Pogliese, Jaromír Štětina, Csaba Sógor, Róża Gräfin von Thun und Hohenstein, Axel Voss

S&D

Hugues Bayet, Caterina Chinnici, Tanja Fajon, Monika Flašíková Beňová, Ana Gomes, Sylvia-Yvonne Kaufmann, Cécile Kashetu Kyenge, Miltiadis Kyrkos, Marju Lauristin, Juan Fernando López Aguilar, Claude Moraes, Péter Niedermüller, Soraya Post, Birgit Sippel, Josef Weidenholzer

Verts/ALE

Jan Philipp Albrecht, Ska Keller, Keith Taylor, Bodil Valero.

2

-

GUE/NGL

Martina Anderson, Malin Björk

4

0

EFDD

Beatrix von Storch

ENF

Edouard Ferrand

GUE/NGL

Marina Albiol Guzmán, Marie-Christine Vergiat

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

Juridische mededeling