Procedure : 2016/2011(INI)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0299/2016

Ingediende teksten :

A8-0299/2016

Debatten :

Stemmingen :

PV 01/12/2016 - 6.26
CRE 01/12/2016 - 6.26
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2016)0481

VERSLAG     
PDF 266kWORD 48k
17.10.2016
PE 584.146v02-00 A8-0299/2016

over de toepassing van de Europese betalingsbevelprocedure

(2016/2011(INI))

Commissie juridische zaken

Rapporteur: Kostas Chrysogonos

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 UITSLAG VAN DE EINDSTEMMINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over de toepassing van de Europese betalingsbevelprocedure;

(2016/2011(INI))

Het Europees Parlement,

–  gezien het Groenboek van de Commissie betreffende een Europese procedure inzake betalingsbevelen en maatregelen ter vereenvoudiging en bespoediging van de procesvoering over geringe vorderingen (COM(2002)0746),

–  gezien Verordening (EG) nr. 1896/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 tot invoering van een Europese betalingsbevelprocedure(1),

–  gezien Verordening (EU) nr. 96/2012 van de Commissie van 4 oktober 2012 tot wijziging van de bijlagen bij Verordening (EG) nr. 1896/2006 van het Europees Parlement en de Raad tot invoering van een Europese betalingsbevelprocedure(2),

–  gezien het verslag van de Commissie over de toepassing van Verordening (EG) nr. 1896/2006 van het Europees Parlement en de Raad tot invoering van een Europese betalingsbevelprocedure (COM(2015)0495),

–  gezien de Europese uitvoeringsbeoordeling van de Europese betalingsbevelprocedure door de Onderzoeksdienst van het Europees Parlement,

–  gezien artikel 52 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie juridische zaken (A8-0299/2016),

A.  overwegende dat de Commissie haar verslag over de werking van de Europese betalingsbevelprocedure heeft uitgebracht overeenkomstig artikel 32 van Verordening (EG) nr. 1896/2006;

B.  overwegende dat dit verslag bijna twee jaar te laat komt en niet voor iedere lidstaat een uitgebreide effectbeoordeling bevat zoals is voorgeschreven wegens de verschillende wettelijke bepalingen in de lidstaten en de interoperabiliteit daarvan, maar alleen een onvolledige statistiekentabel met overwegend van 2012 daterende informatie; overwegende dat de Europese betalingsbevelprocedure een facultatieve procedure is die in grensoverschrijdende zaken kan worden gebruikt als alternatief voor binnenlandse betalingsbevelen;

C.  overwegende dat deze procedure werd ingevoerd om een snelle, gemakkelijke en goedkope invordering mogelijk te maken van vaststaande schulden en betaalbare vorderingen die niet door de verweerder worden weersproken; overwegende dat de procedure blijkens de statistieken bevredigend schijnt te werken maar ver beneden het volle potentieel blijft omdat zij voornamelijk wordt gebruikt in landen waar een soortgelijke nationale procedure bestaat;

D.  overwegende dat de Europese betalingsbevelprocedure tot de categorie behoort van maatregelen op gebied van justitiële samenwerking in burgerlijke zaken met grensoverschrijdende aspecten die voor de werking van de interne markt nodig zijn;

E.  overwegende dat betalingsachterstanden een belangrijke oorzaak zijn van insolventie, vooral van kleine en middelgrote bedrijven, waardoor ook veel banen verloren gaan.

F.  overwegende dat concrete maatregelen nodig zijn, zoals gerichte bewustmakingscampagnes, om bedrijven, juridische dienstverleners, en andere betrokken partijen omtrent het bestaan, de werking, de toepassing en de voordelen van deze procedure te informeren;

G.  overwegende dat een betalingsbevel in bepaalde lidstaten waar de Europese betalingsbevelprocedure niet conform de huidige verordening wordt toegepast, sneller moet worden uitgevaardigd, en in ieder geval binnen de in de verordening gestelde termijn van 30 dagen, waarbij moet worden bedacht dat een bevel alleen ten uitvoer kan worden gelegd wanneer de vordering niet wordt weersproken;

H.  overwegende dat de ontwikkeling van het e‑Codex systeem waarmee aanvragen online kunnen worden ingediend, moet worden aangemoedigd met nadere maatregelen voor een efficiënter gebruik van de procedure;

I.  overwegende dat meer lidstaten het voorbeeld van Frankrijk, Tsjechië, Estland, Cyprus en Zweden moeten volgen en indiening van aanvragen in meerdere talen mogelijk moeten maken en maatregelen moeten nemen om foutenmarges door gebruik van een vreemde taal tot een minimum terug te brengen;

J.  overwegende dat de gestroomlijnde aard van de procedure niet betekent dat deze mag worden misbruikt voor het afdwingen van oneerlijke contractvoorwaarden, omdat de rechter ingevolge artikel 8 van verordening (EC) nr. 1896/2006 aan de hand van de hem ter beschikking staande informatie de gegrondheid van de vordering moet nagaan, overeenkomstig de rechtspraak van het Hof van Justitie op dit punt; overwegende dat alle betrokken partijen omtrent rechten en procedures moeten worden voorgelicht;

K.  overwegende dat de standaardformulieren toe zijn aan herziening die ook in de toekomst periodiek moet worden uitgevoerd, en dat de lijst van lidstaten en nationale valuta moet worden aangepast en een betere regeling moet worden getroffen voor betaling van rente over een vordering, met een afdoende omschrijving van de in te vorderen rente;

L.  overwegende dat de Commissie dient na te denken over een voorstel tot herziening van de bepalingen omtrent het toepassingsgebied van de procedure en de uitzonderlijke herziening van een betalingsbevel;

1.  Noemt het verheugend dat het Europees betalingsbevel in alle lidstaten met succes functioneert als burger- en handelsrechtelijke procedure voor inning van onweersproken vorderingen, die voornamelijk dient om de grensoverschrijdende erkenning en afdwinging van crediteursaanspraken in de EU te vereenvoudigen en te versnellen;

2.  betreurt dat het verslag van de Commissie over de werking van Verordening (EG) nr. 1896/2006 met een beduidende vertraging van bijna twee jaar werd uitgebracht;

3.  betreurt dat in het verslag van de Commissie een uitgebreide effectbeoordeling voor iedere lidstaat ontbreekt zoals nochtans in artikel 32 van Verordening nr. 1896/2006 is voorgeschreven; mist in dit verslag tot zijn spijt actuele gegevens over de situatie in de lidstaten Member rond de werking en uitvoering van de Europese betalingsbevelprocedure; vraagt de Commissie daarom zo spoedig mogelijk alsnog een uitgebreide, bijgewerkte en gedetailleerde effectbeoordeling uit te brengen;

4.  noemt het eveneens spijtig dat het gebruik van de Europese betalingsbevelprocedure van lidstaat tot lidstaat zo aanzienlijk verschilt; onderstreept in dit verband dat al voorziet de EU-wetgeving in een eenvoudige en moderne procedure, de uiteenlopende manieren waarop er in de lidstaten uitvoering aan wordt gegeven en voorkeuren voor nationale wetgeving boven de Europese betalingsbevelprocedure aan een optimaal resultaat van Verordening (EG) nr. 1896/2006 in de weg staan, waardoor de Europese burger zijn rechten niet op grensoverschrijdend niveau geldend kan maken met alle risico van dien van een verminderd vertrouwen in EU-wetgeving;

5.  wijst erop dat de procedure het vaakst wordt aangewend en het meest bekend is in de lidstaten waar een gelijksoortige regeling bestaat op nationaal niveau;

6.  is van mening dat praktische maatregelen nodig zijn om burgers, bedrijven, juridische dienstverleners, en andere betrokken partijen omtrent het bestaan, de werking, de toepassing en de voordelen van deze procedure te informeren onderstreept voorts dat het publiek en vooral de kleine en middelgrote ondernemingen hulp nodig hebben om de bestaande instrumenten beter te leren gebruiken, te begrijpen en te kennen, zodat zij hun vorderingen dankzij de EU-wetgeving ook over de grens heen kunnen innen;

7.  onderstreept dat de lidstaten de Commissie moeten voorzien van accurate, volledige en actuele gegevens, met het oog op effectieve bewaking en evaluatie;

8.  spoort de lidstaten aan er naar toe te werken dat een betalingsbevel binnen 30 dagen wordt uitgevaardigd, en zo mogelijk ook aanvragen in een vreemde taal in behandeling te nemen, aangezien een vertalingsvereiste kosten en vertraging in de behandeling met zich brengt;

9.  betuigt zijn volle steun voor het werk dat wordt gedaan om in de toekomst de elektronische indiening van aanvragen voor een Europees betalingsbevel mogelijk te maken; vraagt de Commissie op dit punt dan ook het gebruik van het е‑CODEX proefproject aan te moedigen en naar alle lidstaten uit te breiden, naar aanleiding van een haalbaarheidsstudie van de Commissie naar elektronische toepassingen voor Europese betalingsbevelen;

10.  vraagt de Commissie om, zoals eerder gevraagd, bijgewerkte standaardformulieren in te voeren, met onder andere meer ruimte voor een duidelijke omschrijving van de over een vordering te betalen rente;

11.  is van oordeel dat bij een toekomstige herziening van de verordening moet worden gedacht aan opheffing van sommige beperkingen op het toepassingsbereik van de procedure en aan wijziging van de bepalingen omtrent de heroverweging van een Europees betalingsbevel;

12.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie, alsmede aan de parlementen en regeringen van de lidstaten.

(1)

PB L 396 van 30.12.2006, blz. 1

(2)

PB L 283 van 16.10.2012, blz. 1.


TOELICHTING

Doel van de procedure

Doel van de Europese betalingsbevelprocedure is een eenvoudiger inning van vorderingen in grensoverschrijdende zaken mogelijk te maken. Het gaat om een facultatieve procedure die in grensoverschrijdende zaken kan worden gebruikt als alternatief voor de verschillende equivalente nationale procedures Eenvoudig gezegd, geeft de procedure een crediteur de mogelijkheid om een onbetwiste civiele of commerciële vordering te innen. Een betalingsbevel kan worden aangevraagd per post of zoals meestal gebeurt, elektronisch, vergt geen bijstand van een advocaat, en is in een andere lidstaat zonder bijkomende formaliteiten uitvoerbaar.

De Europese betalingsbevel wordt automatisch afgegeven, op de enkele aanvraag, maar de debiteur kan binnen 30 dagen een verweerschrift indienen. In het geval dat verweer wordt gevoerd verliest het bevel zijn gelding en kan voor de rechter een vordering op tegenspraak worden ingesteld.

Gebruik van de procedure

Volgens de Commissie worden er elk jaar 12 000 Europese betalingsbevelen aangevraagd. Van de procedure wordt het meest gebruikgemaakt in landen waar al een soortgelijke nationale procedure bestaat, dus waar men al meer vertrouwd is met dit instrument. In sommige lidstaten is de gebruiksfrequentie zeer laag, een teken dat daar meer kan worden gedaan om bedrijven en juridische dienstverleners omtrent het bestaan en de voordelen van de procedure te informeren.

Toepassing in de praktijk

Voor een effectief gebruik van de Europese betalingsbevelprocedure zijn enkele elementen essentieel. In de eerste plaats moet het bevel snel worden uitgevaardigd omdat de vordering niet in detail zal worden onderzocht. De verordening schrijft voor dat het bevel binnen 30 dagen moet worden uitgevaardigd. Naar het schijnt wordt een bevel in sommige lidstaten binnen die termijn afgegeven maar in andere kan het langer duren, soms meer dan een half jaar. Dat is niet aanvaardbaar.

In de tweede plaats zou het mogelijk moeten zijn de nodige formulieren online in te dienen. Op dit moment is het mogelijk de formulieren online in te vullen waardoor er al minder vergissingen en omissies in de formulieren voorkomen. Daardoor hoeft er ook minder vaak te worden gevraagd om correctie of aanvulling van ingediende aanvragen. Er kan nog meer worden gedaan, met name via het e‑Codex systeem, zodat de formulieren werkelijk online kunnen worden ingediend.

In de derde plaats gaat het hier om een grensoverschrijdende procedure en de lidstaten zouden daarom zo mogelijk ook aanvragen in andere dan de eigen taal moeten accepteren. Frankrijk geeft op dit punt het goede voorbeeld, want daar worden aanvragen in vijf talen geaccepteerd. In de meeste andere lidstaten worden echter geen aanvragen in een vreemde taal in behandeling genomen.

Juridische aspecten

Bij de toepassing van de Europese betalingsbevelprocedure zijn in de loop der tijd een aantal juridische kwesties aan de orde gekomen. Ten eerste werd in de oorspronkelijke verordening onvoldoende expliciete aandacht besteed aan de over de hoofdvordering te betalen rente. Op dit punt heeft de rechtspraak duidelijkheid gebracht: het Europese betalingsbevel kan worden gebruikt om rente te vorderen die in de toekomst verschuldigd wordt, tot de datum van feitelijke betaling(1). In de formulieren zou een dergelijke vordering gemakkelijker moeten worden gemaakt, door een duidelijker omschrijving bij de desbetreffende rubriek.

Ten tweede is gebleken dat het volledig automatische verloop van de Europese betalingsbevelprocedure, evenals dat van vergelijkbare nationale procedures, in de praktijk niet altijd samengaat met bescherming van de consument. Het Hof oordeelde dat ook al zou de rechter normaliter de rechtsverhouding die aan het betalingsbevel ten grondslag ligt niet mogen onderzoeken, een effectieve consumentenbeschermingswetgeving toch vereist dat de rechter ten minste kijkt of het contractsbeding uit hoofde waarvan de eiser betaling vordert wel eerlijk is jegens de consument(2). Als het om een oneerlijk beding gaat mag geen betalingsbevel worden afgegeven. Dat laat zich verenigen met de verordening omdat daarin is geregeld dat de rechter moet beoordelen of een vordering hem gegrond voorkomt.

Verweer en heroverweging

Wanneer de verweerder verweer voert tegen de vordering kan de procedure niet doorgaan. Afhankelijk van wat de aanvrager doet kan de zaak daarmee eindigen, dan wel worden voortgezet als gewone procedure voor de rechtbank, of – sinds de herziening van 2015 – volgens de Europese procedure voor geringe vorderingen. De mate waarin verweer wordt gevoerd verschilt nogal van lidstaat tot lidstaat, naargelang een dergelijke procedure al dan niet in het nationale recht bekend is. In landen waar een dergelijke nationale procedure wel bestaat is de frequentie waarin verweer wordt gevoerd laag, terwijl in sommige andere landen die frequentie meer dan 50% bedraagt.

Gezien de aard van de Europese betalingsbevelprocedure, is heroverweging alleen in uitzonderlijke gevallen mogelijk, bijvoorbeeld wanneer het recht van verweer niet in acht werd genomen. In 2015 werd erover gedacht de bepalingen inzake buitengewone heroverweging te wijzigen maar voorlopig blijft de tekst onveranderd. Een verduidelijking zou echter wellicht wenselijk zijn geweest.

Mogelijke veranderingen in de procedure

Uw rapporteur is van mening dat de Commissie nieuwe versies van sommige standaardformulieren zou moeten invoeren om in te spelen op de verschillende veranderingen die zich met de jaren hebben voorgedaan, en de rubrieken over te betalen rente te verduidelijken. Wat de verordening zelf betreft ziet de rapporteur geen onmiddellijke noodzaak tot wijziging, maar wel zouden sommige beperkingen in het toepassingsgebied van de verordening mogen worden opgeheven gezien de vooruitgang die inmiddels met het EU‑familierecht is geboekt. Ook moet er nog worden gewerkt aan het verzoek tot heroverweging van een Europees betalingsbevel.

(1)

Arrest van het Hof (eerste kamer) van 13 december 2012 in zaak C-215/11, Iwona Szyrocka v SiGer Technologie GmbH, ECLI:EU:C:2012:794, punt 53.

(2)

Arrest van het Hof (eerste kamer) van 14 juni 2012 in zaak C-618/10, IBanco Español de Crédito SA v Joaquín Calderón Camino, ECLI:EU:C:2012:349, punt 57.


UITSLAG VAN DE EINDSTEMMINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

13.10.2016

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

19

2

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Max Andersson, Joëlle Bergeron, Marie-Christine Boutonnet, Jean-Marie Cavada, Kostas Chrysogonos, Therese Comodini Cachia, Mady Delvaux, Rosa Estaràs Ferragut, Enrico Gasbarra, Gilles Lebreton, António Marinho e Pinto, Julia Reda, Evelyn Regner, Pavel Svoboda, József Szájer, Tadeusz Zwiefka

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Daniel Buda, Sergio Gaetano Cofferati, Pascal Durand, Evelyne Gebhardt, Constance Le Grip, Virginie Rozière

Juridische mededeling