Procedure : 2015/0200(NLE)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0334/2016

Ingediende teksten :

A8-0334/2016

Debatten :

Stemmingen :

PV 01/12/2016 - 6.3
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2016)0459

AANBEVELING     ***
PDF 371kWORD 51k
15.11.2016
PE 573.183v02-00 A8-0334/2016

over het ontwerp van besluit van de Raad betreffende de sluiting, namens de Europese Unie, van de overeenkomst tussen de Europese Unie en de Republiek Kiribati inzake de vrijstelling van de visumplicht voor kort verblijf

(12092/2015 – C8-0253/2016 – 2015/0200(NLE))

Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken

Rapporteur: Mariya Gabriel

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 BEKNOPTE MOTIVERING
 PROCEDURE VAN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het ontwerp van besluit van de Raad betreffende de sluiting, namens de Europese Unie, van de overeenkomst tussen de Europese Unie en de Republiek Kiribati inzake de vrijstelling van de visumplicht voor kort verblijf

(12092/2015 – C8-0253/2016 – 2015/0200(NLE))

(Goedkeuring)

Het Europees Parlement,

–  gezien het ontwerp van besluit van de Raad (12092/2015),

–  gezien de ontwerpovereenkomst tussen de Europese Unie en de Republiek Kiribati inzake de vrijstelling van de visumplicht voor kort verblijf (12091/2015),

–  gezien het verzoek om goedkeuring dat de Raad heeft ingediend krachtens artikel 77, lid 2, onder a) en artikel 218, lid 6, tweede alinea, onder a), v), van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (C8-0253/2016),

–  gezien artikel 99, lid 1, eerste en derde alinea, en lid 2, en artikel 108, lid 7, van zijn Reglement,

–  gezien de aanbeveling van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken (A8-0334/2016),

1.  hecht zijn goedkeuring aan de sluiting van de overeenkomst;

2.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie, alsmede aan de regeringen en parlementen van de lidstaten en de Republiek Kiribati.


BEKNOPTE MOTIVERING

Achtergrond van de betrekkingen en de algemene bepalingen van de overeenkomst

De betrekkingen tussen de Europese Unie en de Republiek Kiribati worden geregeld door de partnerschapsovereenkomst tussen de leden van de groep van landen in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan enerzijds en de Europese Unie en haar lidstaten anderzijds, genaamd de "Overeenkomst van Cotonou".

In het kader van de wijziging van Verordening (EG) nr. 539/2001 door Verordening (EG) nr. 509/2014 van het Europees Parlement en de Raad is de Republiek Kiribati overgeheveld naar bijlage II, die de lijst bevat van derde landen wier onderdanen zijn vrijgesteld van de visumplicht bij overschrijding van de buitengrenzen van de lidstaten. De gewijzigde Verordening nr. 539/2001 is van toepassing op alle lidstaten, met uitzondering van Ierland en het Verenigd Koninkrijk.

Na goedkeuring van bedoelde verordening op 20 mei 2014 heeft de Raad op 9 oktober 2014 een besluit goedgekeurd dat de Commissie machtigt om onderhandelingen te openen over de sluiting van de bilaterale overeenkomst tussen de Europese Unie en de Republiek Kiribati. De onderhandelingen zijn op 17 december 2014 geopend en op 10 juni 2015 afgerond. De ondertekening van deze overeenkomst heeft op 23 juni 2016 in Brussel plaatsgevonden. Sindsdien wordt de overeenkomst voorlopig toegepast, in afwachting van de goedkeuring van het Europees Parlement.

De ondertekende overeenkomst voorziet in visumvrij reizen voor de burgers van de Europese Unie en voor de burgers van de Republiek Kiribati die naar het grondgebied van de andere partij reizen voor maximaal 90 dagen binnen een tijdvak van 180 dagen. De visumvrijstelling geldt voor alle categorieën personen (houders van gewone paspoorten, diplomatieke paspoorten, dienstpaspoorten, officiële paspoorten en speciale paspoorten) en voor reizen voor alle doeleinden, behalve voor het verrichten van een bezoldigde bezigheid.

Motivering van de rapporteur

Deze overeenkomst inzake de vrijstelling van de visumplicht voor kort verblijf is een belangrijk positief resultaat in de verdieping van de betrekkingen tussen de Europese Unie en de Republiek Kiribati, die van grote politieke betekenis is in het kader van de Overeenkomst van Cotonou, en een bijkomend middel om de economische en culturele betrekkingen te versterken en de politieke dialoog over diverse kwesties, inclusief de mensenrechten en fundamentele vrijheden, te intensiveren.

De rapporteur verwacht van de overeenkomst voor visumvrijstelling een gunstig effect doordat ondernemers vlotter kunnen reizen en investeringen en het toerisme worden bevorderd. De economie van Kiribati wordt gedomineerd door de landbouwsector (met name visserij), die 25% van het bbp voor zijn rekening neemt, en de dienstensector, die 66% van het bbp vertegenwoordigt. De toekenning van visvergunningen is een belangrijke bron van inkomsten voor het land, en zorgt voor 23-30 % van de overheidsinkomsten. Het toerisme blijft met 4000 toeristen per jaar zeer beperkt en is vooral geconcentreerd op de Linie-eilanden. Het handels- en investeringsverkeer met Kiribati blijft, zowel in waarde als in relatief opzicht, gering. De EU onderhandelt momenteel over een algemene economische partnerschapsovereenkomst met 14 landen uit de regio van de Stille Oceaan waarvan het Koninkrijk Kiribati deel uitmaakt. De rapporteur merkt op dat deze overeenkomst inzake de vrijstelling van de visumplicht een bijkomend bewijs is van onze inzet voor een versterkt partnerschap met deze regio.

Op politiek vlak heeft de regering van Kiribati aanzienlijke vooruitgang geboekt bij het nakomen van haar internationale verplichtingen inzake de mensenrechten en het realiseren van op internationaal niveau vastgestelde doelen, zoals de millenniumdoelstellingen voor ontwikkeling. In die context is de vaststelling van het Actieplan 2011-2021 ter bestrijding van seksueel en gendergerelateerd geweld een belangrijke stap en een voorbeeld van de inspanningen die het land momenteel doet om zich te conformeren aan de bepalingen van het Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van discriminatie van vrouwen. Deze overeenkomst is een positief signaal van steun jegens het land, en biedt het kader om een evenwichtige, regelmatige en diepgaande politieke dialoog te blijven voeren over deze kwesties, die prioritair blijven voor de Unie.

Wat mobiliteit betreft blijkt uit de beschikbare gegevens dat slechts in zeer weinig gevallen een visum aan onderdanen van Kiribati wordt geweigerd. Het indienen van een visumaanvraag voor onderdanen van Kiribati wordt daarentegen bemoeilijkt omdat de consulaten van de Schengenlanden op grote afstand liggen. In 2014 en 2015 werd er in de Europese Unie geen enkele onderdaan van Kiribati wegens illegaal verblijf aangehouden, niemand werd aan de grens geweerd en niemand teruggezonden. Voorts is er door geen enkele inwoner van het land ooit een asielaanvraag ingediend. Het land vormt dus geen enkele bedreiging, noch wat betreft irreguliere migratie of migratiestromen, noch voor de veiligheid en openbare orde.

De rapporteur benadrukt tot slot dat de visumvrijstelling een niet te verwaarlozen factor is voor de toenadering tussen de Europese volkeren en de volkeren van de Stille Oceaan. Dankzij de visumvrijstellingsovereenkomst kunnen de burgers niet alleen in de praktijk ten volle profiteren van het EU-ACS-Partnerschap, maar er ook aan deelnemen door voordeliger en met minder rompslomp te reizen.

De rapporteur uit haar tevredenheid over de rol van de leden van de Paritaire Parlementaire Vergadering ACS-EU, die in grote mate hebben bijgedragen tot de sluiting van deze overeenkomst, welke hun deelname aan vergaderingen van de Paritaire Parlementaire Vergadering ACS-EU bovendien vergemakkelijkt.

Uitvoering en toezicht op de overeenkomst

Wat de toepassing en de follow-up van de overeenkomst betreft, verzoekt de rapporteur de Europese Commissie toezicht te houden op de mogelijke ontwikkelingen van de criteria die oorspronkelijk hebben geleid tot de verplaatsing van bijlage I naar bijlage II van Verordening nr. 509/2014. Deze criteria omvatten niet alleen irreguliere immigratie, openbare orde en veiligheid, maar ook de externe betrekkingen van de Unie met het betreffende derde land, met inbegrip van met name kwesties in verband met de inachtneming van de mensenrechten en de fundamentele vrijheden.

Bovendien verzoekt de rapporteur de Commissie en de autoriteiten van Kiribati om toe te zien op volledige wederkerigheid van de visumvrijstelling, die voorziet in gelijke behandeling van alle burgers, met name de burgers van de Unie ten opzichte van elkaar.

De rapporteur wijst erop dat in het Gemengd comité voor het beheer van de overeenkomst (artikel 6), de Europese Unie uitsluitend door de Europese Commissie wordt vertegenwoordigd. Als de rechtstreeks door de Europese burgers gekozen instelling en hoeder van de democratie, de mensenrechten en de fundamentele beginselen van de Europese Unie, zou het Europees Parlement bij de werkzaamheden van het gemengd comité kunnen worden betrokken. De rapporteur van het Europees Parlement spoort de Europese Commissie nogmaals aan om de samenstelling van de gemengde comités voor het beheer van de toekomstige overeenkomsten te herzien.

Voorts stelt de rapporteur vraagtekens bij de praktijk om de visumvrijstellingsovereenkomsten te ondertekenen en voorlopig toe te passen voordat het Europees Parlement zijn goedkeuring heeft uitgesproken. Zij merkt op dat deze praktijk de manoeuvreerruimte van het Europees Parlement beperkt, ook al gezien het feit dat het Parlement niet op elk moment op de hoogte wordt gehouden van de voortgang van de bilaterale onderhandelingen.

**

Bijzondere bepalingen

In de overwegingen van de gesloten overeenkomst is rekening gehouden met de bijzondere situatie van het Verenigd Koninkrijk en Ierland. Het Verenigd Koninkrijk en Ierland nemen geen deel aan de gesloten overeenkomst en zijn niet gebonden aan de bepalingen daarvan.

De nauwe betrokkenheid van Noorwegen, IJsland, Zwitserland en Liechtenstein bij de uitvoering, de toepassing en de ontwikkeling van het Schengenacquis komt tot uiting in een aan de overeenkomst gehechte gemeenschappelijke verklaring. De verklaring roept de autoriteiten van deze landen op zo spoedig mogelijk bilaterale overeenkomsten met de Republiek Kiribati te sluiten over de vrijstelling van visumplicht voor kort verblijf.

De overeenkomst bevat bepalingen betreffende de territoriale toepassing: ten aanzien van Frankrijk en Nederland geldt de visumvrijstelling alleen voor verblijf op het Europese grondgebied van deze twee lidstaten.

**

Ten slotte stelt de rapporteur voor dat de leden van de parlementaire Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken hun bijval geven aan dit verslag en dat het Europees Parlement hieraan zijn goedkeuring hecht.


PROCEDURE VAN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

Titel

Overeenkomst tussen de Europese Unie en de Republiek Kiribati inzake de vrijstelling van de visumplicht voor kort verblijf

Document- en procedurenummers

12092/2015 – C8-0253/2016 – COM(2015)04382015/0200(NLE)

Datum raadpleging / verzoek om goedkeuring

4.7.2016

 

 

 

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

LIBE

7.7.2016

 

 

 

Medeadviserende commissies

       Datum bekendmaking

AFET

7.7.2016

 

 

 

Geen advies

       Datum besluit

AFET

13.10.2015

 

 

 

Rapporteurs

       Datum benoeming

Mariya Gabriel

26.10.2015

 

 

 

Behandeling in de commissie

12.10.2016

8.11.2016

 

 

Datum goedkeuring

8.11.2016

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

42

4

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Martina Anderson, Gerard Batten, Malin Björk, Michał Boni, Caterina Chinnici, Rachida Dati, Cornelia Ernst, Tanja Fajon, Mariya Gabriel, Kinga Gál, Ana Gomes, Nathalie Griesbeck, Jussi Halla-aho, Barbara Kudrycka, Marju Lauristin, Juan Fernando López Aguilar, Roberta Metsola, Claude Moraes, Péter Niedermüller, Judith Sargentini, Birgit Sippel, Csaba Sógor, Helga Stevens, Traian Ungureanu, Bodil Valero, Udo Voigt, Beatrix von Storch, Josef Weidenholzer, Cecilia Wikström, Kristina Winberg, Tomáš Zdechovský

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Vilija Blinkevičiūtė, Kostas Chrysogonos, Carlos Coelho, Pál Csáky, Miriam Dalli, Daniel Dalton, Teresa Jiménez-Becerril Barrio, Ska Keller, Miltiadis Kyrkos, Jeroen Lenaers, Ulrike Lunacek, Andrejs Mamikins, Axel Voss

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Agnieszka Kozłowska-Rajewicz, Maria Noichl

Datum indiening

15.11.2016


HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

42

+

ALDE

Nathalie Griesbeck, Cecilia Wikström

ECR

Daniel Dalton, Jussi Halla-aho, Helga Stevens

GUE

Martina Anderson, Malin Björk, Kostas Chrysogonos, Cornelia Ernst

PPE

Michał Boni, Carlos Coelho, Pál Csáky, Rachida Dati, Mariya Gabriel, Kinga Gál, Teresa Jiménez-Becerril Barrio, Agnieszka Kozłowska-Rajewicz, Barbara Kudrycka, Jeroen Lenaers, Roberta Metsola, Csaba Sógor, Traian Ungureanu, Axel Voss, Tomáš Zdechovský

S&D

Vilija Blinkevičiūtė, Caterina Chinnici, Miriam Dalli, Tanja Fajon, Ana Gomes, Miltiadis Kyrkos, Marju Lauristin, Juan Fernando López Aguilar, Andrejs Mamikins, Claude Moraes, Péter Niedermüller, Maria Noichl, Birgit Sippel, Josef Weidenholzer

VERTS/ALE

Ska Keller, Ulrike Lunacek, Judith Sargentini, Bodil Valero

4

-

EFDD

Gerard Batten, Kristina Winberg, Beatrix von Storch

NI

Udo Voigt

0

0

 

 

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

Juridische mededeling