Procedure : 2016/0339(CNS)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0134/2017

Ingediende teksten :

A8-0134/2017

Debatten :

Stemmingen :

PV 27/04/2017 - 5.4

Aangenomen teksten :

P8_TA(2017)0135

VERSLAG     *
PDF 571kWORD 89k
31.3.2017
PE 597.532v02-00 A8-0134/2017

over het voorstel voor een richtlijn van de Raad tot wijziging van Richtlijn (EU) 2016/1164 wat betreft hybride mismatches met derde landen

(COM(2016)0687 – C8-0464/2016 – 2016/0339(CNS))

Commissie economische en monetaire zaken

Rapporteur: Olle Ludvigsson

AMENDEMENTEN
ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 PROCEDURE VAN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een richtlijn van de Raad tot wijziging van Richtlijn (EU) 2016/1164 wat betreft hybride mismatches met derde landen

(COM(2016)0687 – C8-0464/2016 – 2016/0339(CNS))

(Bijzondere wetgevingsprocedure – raadpleging)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan de Raad (COM(2016)0687),

–  gezien artikel 115 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het Parlement door de Raad is geraadpleegd (C8-0464/2016),

–  gezien de gemotiveerde adviezen die in het kader van protocol nr. 2 betreffende de toepassing van de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid zijn uitgebracht door de Nederlandse Eerste kamer, de Nederlandse Tweede kamer en het Zweedse parlement en waarin wordt gesteld dat het ontwerp van wetgevingshandeling niet strookt met het subsidiariteitsbeginsel,

–  gezien de andere bijdragen die door de Tsjechische senaat, de Duitse bondsraad, het Spaanse parlement en het Portugese parlement zijn ingediend met betrekking tot het ontwerp van wetgevingshandeling,

–  gezien zijn resolutie van 25 november 2015 over fiscale rulings en andere maatregelen van vergelijkbare aard of met vergelijkbaar effect(1),

–  gezien zijn resolutie van 16 december 2015 met aanbevelingen aan de Commissie betreffende meer transparantie, coördinatie en convergentie van het vennootschapsbelastingsbeleid in de Unie(2),

–  gezien zijn resolutie van 6 juli 2016 over fiscale rulings en andere maatregelen van vergelijkbare aard of met vergelijkbaar effect(3),

–  gezien het besluit van de Commissie van 30 augustus 2016 over staatssteun S.S.38373 (2014/C) (ex 2014/NN) (ex 2014/CP), door Ierland toegepast op Apple, en de open onderzoeken van de Commissie naar de vermeende steun van Luxemburg voor McDonald's en Amazon,

–  gezien de lopende werkzaamheden van zijn enquêtecommissie, die onderzoek moet doen naar vermeende inbreuken op en gevallen van wanbeheer bij de toepassing van het Unierecht met betrekking tot witwaspraktijken, belastingontwijking en belastingontduiking,

–  gezien artikel 78c van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie economische en monetaire zaken (A8-0134/2017),

1.  hecht zijn goedkeuring aan het Commissievoorstel, als geamendeerd door het Parlement;

2.  verzoekt de Commissie haar voorstel krachtens artikel 293, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie dienovereenkomstig te wijzigen;

3.  verzoekt de Raad, wanneer deze voornemens is af te wijken van de door het Parlement goedgekeurde tekst, het Parlement hiervan op de hoogte te stellen;

4.  wenst opnieuw te worden geraadpleegd ingeval de Raad voornemens is ingrijpende wijzigingen aan te brengen in het voorstel van de Commissie;

5.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

Amendement    1

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4)  Richtlijn (EU) 2016/1164 biedt een kader om hybride mismatchstructuren aan te pakken.

4)  Richtlijn (EU) 2016/1164 biedt een eerste kader om hybride mismatchstructuren aan te pakken, dat evenwel hybride mismatches niet alomvattend en stelselmatig uitbant en waarvan het toepassingsgebied beperkt is tot de Unie.

Amendement    2

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 4 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 bis)  Aan het BEPS-initiatief ligt ook de verklaring van de leiders van de G20 tijdens hun bijeenkomst in Sint Petersburg op 5 en 6 september 2013 ten grondslag, waarin zij uitdrukking geven aan hun wens dat winsten worden belast waar de tot die winsten leidende economische activiteiten plaatsvinden en waar waarde wordt gecreëerd. In de praktijk zou daarvoor de invoering van unitaire belastingheffing nodig zijn geweest, met toewijzing van de belastinginkomsten aan staten op grond van een formule. Deze doelstelling is niet verwezenlijkt.

Amendement    3

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5)  Er dient een alomvattende regeling voor het neutraliseren van hybride mismatches te worden vastgesteld. Aangezien Richtlijn (EU) 2016/1164 uitsluitend ziet op hybride mismatchstructuren bij de wisselwerking tussen de vennootschapsbelastingstelsels van de lidstaten, heeft de Raad (Ecofin) op 20 juni 2016 een verklaring afgelegd waarin hij de Commissie verzocht om – met het oog op een akkoord voor eind 2016 – in oktober 2016 een voorstel in te dienen over hybride mismatches waarbij derde landen betrokken zijn, teneinde te voorzien in regels die in overeenstemming zijn met en niet minder doeltreffend zijn dan de regels die in het OESO-verslag over BEPS-actie 2 worden aanbevolen.

5)  Het is van zeer groot belang dat een alomvattende regeling voor het neutraliseren van hybride mismatches en mismatches van hybride entiteiten en bijkantoren wordt vastgesteld. Aangezien Richtlijn (EU) 2016/1164 uitsluitend betrekking heeft op hybride mismatchstructuren bij de wisselwerking tussen de vennootschapsbelastingstelsels van de lidstaten, heeft de Raad (Ecofin) op 20 juni 2016 een verklaring afgelegd waarin hij de Commissie verzocht om – met het oog op een akkoord voor eind 2016 – in oktober 2016 een voorstel in te dienen over hybride mismatches waarbij derde landen betrokken zijn, teneinde te voorzien in regels die in overeenstemming zijn met en niet minder doeltreffend zijn dan de regels die in het OESO-verslag over BEPS-actie 2 worden aanbevolen.

Amendement    4

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 5 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

5 bis)  Er moet ook rekening worden gehouden met de effecten van hybride mismatchstructuren voor ontwikkelingslanden, en de Unie en haar lidstaten moeten ernaar streven ontwikkelingslanden te helpen bij het aanpakken van die effecten.

Amendement    5

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6)  Overwegende dat [onder meer in overweging 13 van Richtlijn (EU) 2016/1164 is bepaald dat] het van cruciaal belang is dat meer wordt gedaan aan andere hybride mismatches zoals die waarbij vaste inrichtingen zijn betrokken, is het zaak in deze richtlijn ook bepalingen op te nemen betreffende mismatches bij hybride vaste inrichtingen.

6)  Overwegende dat [onder meer in overweging 13 van Richtlijn (EU) 2016/1164 is bepaald dat] het van cruciaal belang is dat meer wordt gedaan aan andere hybride mismatches zoals die waarbij vaste inrichtingen zijn betrokken, waaronder buiten beschouwing blijvende vaste inrichtingen, is het zaak in Richtlijn (EU) 2016/1164 ook bepalingen op te nemen betreffende mismatches bij hybride vaste inrichtingen. Bij de aanpak van dergelijke mismatches moet rekening worden gehouden met de aanbevelingen in het ontwerpraadplegingsdocument van de OESO van 22 augustus 2016, getiteld "BEPS Actie 2 - Mismatches van hybride entiteiten en bijkantoren".

Amendement    6

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

7)  Teneinde te voorzien in een alomvattend kader dat spoort met het BEPS-rapport van de OESO over hybride mismatchstructuren, is het zaak dat Richtlijn (EU) 2016/1164 ook regels bevat betreffende hybride overdrachten, geïmporteerde mismatches en mismatches bij dubbel inwonerschap, om te voorkomen dat belastingplichtigen gebruikmaken van resterende lacunes.

7)  Teneinde te voorzien in een kader dat spoort met en niet minder doeltreffend is dan het BEPS-rapport van de OESO over regelingen met een hybridemismatch, is het zaak dat Richtlijn (EU) 2016/1164 ook regels bevat betreffende hybride overdrachten en geïmporteerde mismatches, en iets doet aan het volledige scala van resultaten van dubbele aftrek, om te voorkomen dat belastingplichtigen gebruikmaken van resterende lacunes. Die regels moeten zoveel mogelijke worden gestandaardiseerd en gecoördineerd tussen de lidstaten. De lidstaten moeten overwegen boetes in te voeren voor belastingbetalers die gebruik maken van hybride mismatches.

Amendement    7

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 7 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

7 bis)  Er moeten regels worden vastgesteld om een einde te maken aan het hanteren van verschillende belastingtijdvakken in de afzonderlijke rechtsgebieden die leiden tot mismatches in de het belastingresultaat. De lidstaten moeten zich ervan vergewissen dat belastingplichtigen betalingen in alle betrokken rechtsgebieden binnen een redelijke termijn melden. De nationale autoriteiten moeten bovendien alle oorzaken van hybride mismatches nagaan, eventuele lacunes opvullen en agressieve fiscale planning voorkomen, in plaats van enkel uit te zijn op belastingopbrengsten.

Amendement    8

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

8)  Aangezien Richtlijn (EU) 2016/1164 regels bevat betreffende hybride mismatches tussen lidstaten, is het dienstig in die richtlijn ook regels betreffende hybride mismatches met derde landen op te nemen. Deze regels moeten bijgevolg toepassing vinden op alle belastingplichtigen die in een lidstaat aan de vennootschapsbelasting onderworpen zijn, daaronder begrepen vaste inrichtingen van entiteiten die inwoner van een derde land zijn. Deze regels dienen alle hybride mismatchstructuren af te dekken waarbij ten minste één van de betrokken partijen een belastingplichtige vennootschap in een lidstaat is.

8)  Aangezien Richtlijn (EU) 2016/1164 regels bevat betreffende hybride mismatches tussen lidstaten, is het dienstig in die richtlijn ook regels betreffende hybride mismatches met derde landen op te nemen. Deze regels moeten bijgevolg toepassing vinden op alle belastingplichtigen die in een lidstaat aan de vennootschapsbelasting onderworpen zijn, daaronder begrepen vaste inrichtingen van entiteiten die inwoner van een derde land zijn. Deze regels dienen alle hybride mismatch- of gerelateerde structuren af te dekken waarbij ten minste één van de betrokken partijen een belastingplichtige vennootschap in een lidstaat is.

Amendement    9

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

9)  Hybride mismatchregels moeten mismatchsituaties aanpakken die het gevolg zijn van tegenstrijdige belastingregels van twee (of meer) rechtsgebieden. Deze regels mogen de algemene kenmerken van het belastingstelsel van een rechtsgebied echter niet beïnvloeden.

9)  Het is van essentieel belang dat hybride mismatchregels automatisch van toepassing zijn op grensoverschrijdende betalingen met aftrek door de verrichter van de betaling, zonder dat het motief van belastingontwijking hoeft te worden aangetoond, en mismatchsituaties aanpakken die het gevolg zijn van een dubbele aftrek, tegenstrijdigheden in de wettelijke kwalificatie van financiële instrumenten, betalingen en entiteiten, of tegenstrijdigheden in de toerekening van betalingen. Aangezien mismatches in verband met hybride structuren tot een dubbele aftrek of tot een aftrek zonder betrekking in de heffing zouden kunnen leiden, moeten regels worden vastgesteld volgens welke de betrokken lidstaat de aftrek van een betaling, kosten of verliezen weigert dan wel eist dat de belastingplichtige de betaling in zijn belastbare inkomsten opneemt.

Amendement    10

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 9 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

9a)  Mismatches bij hybride vaste inrichtingen doen zich voor wanneer verschillen in de regels in het rechtsgebied van de vaste inrichting en het rechtsgebied van inwonerschap voor de toerekening van inkomsten en uitgaven tussen verschillende onderdelen van dezelfde entiteit aanleiding geven tot een mismatch met betrekking tot de belastingresultaten, waaronder de gevallen waarin een mismatch ontstaat doordat een vaste inrichting krachtens de wetgeving van het rechtsgebied van het bijkantoor buiten beschouwing blijft. Die mismatches kunnen ertoe leiden dat belasting achterwege blijft zonder dat er sprake is van betrekking in de heffing, tot een dubbele aftrek of tot een aftrek zonder betrekking in de heffing, en moeten dus worden weggenomen. In geval van buiten beschouwing blijvende vaste inrichtingen moet de lidstaat waarvan de belastingplichtige inwoner is van de belastingplichtige eisen dat hij de inkomsten die anders aan de vaste inrichting zouden worden toegerekend, in zijn belastbaar inkomen betrekt.

Amendement    11

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 10

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

10)  Met het oog op de evenredigheid is het noodzakelijk om alleen de gevallen aan te pakken waarin het risico van belastingontwijking door gebruik van hybride mismatches aanzienlijk is. Het is derhalve passend te voorzien in bepalingen betreffende hybride mismatchstructuren tussen een belastingplichtige en zijn gelieerde ondernemingen en hybride mismatches als gevolg van een gestructureerde regeling waarbij een belastingplichtige is betrokken.

Schrappen

Amendement    12

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 11

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

11)  Om ervoor te zorgen dat de definitie van "gelieerde onderneming" breed genoeg is voor de toepassing van de hybride mismatchregels, dient die definitie ook te zien op een entiteit die deel uitmaakt van dezelfde voor de boekhouding geconsolideerde groep, een onderneming waarin de belastingplichtige invloed van betekenis op de leiding uitoefent en, omgekeerd, een onderneming die invloed van betekenis op de leiding van de belastingplichtige uitoefent.

Schrappen

Amendement    13

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 12

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

12)  Mismatches die specifiek samenhangen houden met het hybride karakter van een entiteit, moeten alleen worden aangepakt wanneer een van de gelieerde ondernemingen — minimaal — effectieve zeggenschap over de andere gelieerde ondernemingen heeft. Bijgevolg moet in die gevallen worden vereist dat een gelieerde onderneming door de belastingplichtige of een andere gelieerde onderneming wordt gehouden, dan wel dat zij zelf de belastingplichtige of een andere gelieerde onderneming houdt, door middel van een deelneming in de stemrechten, het kapitaalbezit of de winstgerechtigdheid van 50 procent of meer.

Schrappen

Amendement    14

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 15

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

15)  Aangezien mismatches bij hybride entiteiten waarbij derde landen zijn betrokken, tot een dubbele aftrek of tot een aftrek zonder betrekking in de heffing kunnen leiden, moeten regels worden vastgesteld volgens welke de betrokken lidstaat de aftrek van een betaling, kosten of verliezen weigert dan wel eist dat de belastingplichtige de betaling in zijn belastbare inkomsten opneemt, naar gelang van het geval.

15)  Aangezien mismatches bij hybride entiteiten waarbij derde landen zijn betrokken in meerdere gevallen tot een dubbele aftrek of tot een aftrek zonder betrekking in de heffing leiden, moeten regels worden vastgesteld volgens welke de betrokken lidstaat de aftrek van een betaling, kosten of verliezen weigert dan wel eist dat de belastingplichtige de betaling in zijn belastbare inkomsten opneemt, naar gelang van het geval.

Amendement    15

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 17

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

17)  Hybride overdrachten kunnen aanleiding geven tot een verschil in fiscale behandeling indien, als gevolg van een overdracht van een financieel instrument in het kader van een gestructureerde regeling, de onderliggende opbrengst van dat instrument wordt behandeld alsof deze tegelijkertijd is verkregen door meer dan een van de partijen bij de regeling. De onderliggende opbrengst zijn de inkomsten die samenhangen met en verkregen worden uit het overgedragen instrument. Dit verschil in fiscale behandeling kan leiden tot een aftrek zonder betrekking in de heffing of tot een verrekening van dezelfde bronbelasting in twee verschillende rechtsgebieden. Deze mismatches moeten dus worden weggenomen. In het geval van een aftrek zonder betrekking in de heffing moeten dezelfde regels gelden als voor het neutraliseren van een mismatch bij een hybride financieel instrument of een hybride entiteit die tot een aftrek zonder betrekking in de heffing leidt. In het geval van een dubbele verrekening moet de betrokken lidstaat het voordeel van de verrekening beperken naar evenredigheid van de netto belastbare inkomsten ter zake van de onderliggende opbrengst.

17)  Hybride overdrachten kunnen aanleiding geven tot een verschil in fiscale behandeling indien, als gevolg van een overdracht van een financieel instrument, de onderliggende opbrengst van dat instrument wordt behandeld alsof deze tegelijkertijd is verkregen door meer dan een van de partijen bij de regeling. De onderliggende opbrengst zijn de inkomsten die samenhangen met en verkregen worden uit het overgedragen instrument. Dit verschil in fiscale behandeling kan leiden tot een aftrek zonder betrekking in de heffing of tot een verrekening van dezelfde bronbelasting in twee verschillende rechtsgebieden. Deze mismatches moeten dus worden weggenomen. In het geval van een aftrek zonder betrekking in de heffing moeten dezelfde regels gelden als voor het neutraliseren van een mismatch bij een hybride financieel instrument of een hybride entiteit die tot een aftrek zonder betrekking in de heffing leidt. In het geval van een dubbele verrekening moet de betrokken lidstaat het voordeel van de verrekening beperken naar evenredigheid van de netto belastbare inkomsten ter zake van de onderliggende opbrengst.

Amendement    16

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 19

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

19)  Geïmporteerde mismatches verschuiven het effect van een hybride mismatch tussen partijen in derde landen met behulp van een niet-hybride instrument naar het rechtsgebied van een lidstaat en ondermijnen zo de doeltreffendheid van de regels die hybride mismatches neutraliseren. Een aftrekbare betaling in een lidstaat kan worden gebruikt voor de financiering van uitgaven in het kader van een gestructureerde regeling waarbij sprake is van een hybride mismatch tussen derde landen. Om dergelijke mismatches tegen te gaan, moet worden voorzien in bepalingen die de aftrek van een betaling verbieden wanneer de overeenkomstige inkomsten uit die betaling, direct of indirect, worden afgezet tegen een aftrek in het kader van een hybride mismatchstructuur die aanleiding geeft tot een dubbele aftrek of tot een aftrek zonder betrekking in de heffing tussen derde landen.

19)  Geïmporteerde mismatches verschuiven het effect van een hybride mismatch tussen partijen in derde landen met behulp van een niet-hybride instrument naar het rechtsgebied van een lidstaat en ondermijnen zo de doeltreffendheid van de regels die hybride mismatches neutraliseren. Een aftrekbare betaling in een lidstaat kan worden gebruikt voor de financiering van uitgaven in het kader van een gestructureerde regeling waarbij sprake is van een hybride mismatch tussen derde landen. Om dergelijke mismatches tegen te gaan, moet worden voorzien in bepalingen die de aftrek van een betaling verbieden wanneer de overeenkomstige inkomsten uit die betaling, direct of indirect, worden afgezet tegen een aftrek in het kader van een hybride mismatch- of gerelateerde structuur die aanleiding geeft tot een dubbele aftrek of tot een aftrek zonder betrekking in de heffing tussen derde landen.

Amendement    17

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 21

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

21)  De doelstelling van deze richtlijn bestaat erin de interne markt als geheel beter te wapenen tegen hybride mismatchstructuren. Dit kan niet voldoende worden verwezenlijkt als de lidstaten elk afzonderlijk optreden, aangezien de nationale vennootschapsbelastingstelsels van elkaar verschillen en onafhankelijk optreden van de lidstaten slechts de bestaande versnippering van de interne markt op het gebied van de directe belastingen zou reproduceren. Dergelijk optreden zou dus geen einde maken aan inefficiënties en verstoringen bij de interactie van aparte nationale maatregelen. Een gebrek aan coördinatie zou hiervan het resultaat zijn. Gelet op het grensoverschrijdende karakter van hybride mismatchstructuren en de behoefte aan oplossingen die voor de interne markt als geheel werken, kan deze doelstelling beter op het niveau van de Unie worden verwezenlijkt. Daarom kan de Unie, overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie neergelegde subsidiariteitsbeginsel, maatregelen nemen. Overeenkomstig het in hetzelfde artikel neergelegde evenredigheidsbeginsel gaat deze richtlijn niet verder dan nodig is om deze doelstelling te verwezenlijken. Door te voorzien in het vereiste niveau van bescherming voor de interne markt, strekt deze richtlijn er alleen toe het noodzakelijke niveau van coördinatie binnen de Unie te bereiken om haar doelstellingen te verwezenlijken.

21)  De doelstelling van deze richtlijn bestaat erin de interne markt als geheel beter te wapenen tegen hybride mismatches. Dit kan niet voldoende worden verwezenlijkt als de lidstaten elk afzonderlijk optreden, aangezien de nationale vennootschapsbelastingstelsels van elkaar verschillen en onafhankelijk optreden van de lidstaten slechts de bestaande versnippering van de interne markt op het gebied van de directe belastingen zou reproduceren. Dergelijk optreden zou dus geen einde maken aan inefficiënties en verstoringen bij de interactie van aparte nationale maatregelen. Een gebrek aan coördinatie zou hiervan het resultaat zijn. Gelet op het grensoverschrijdende karakter van hybride mismatches en de behoefte aan oplossingen die voor de interne markt als geheel werken, kan deze doelstelling beter op het niveau van de Unie worden verwezenlijkt. Daarom kan de Unie, overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie neergelegde subsidiariteitsbeginsel, maatregelen nemen, waaronder - wat de belastingen voor multinationale ondernemingen betreft - de overstap van een "afzonderlijke-entiteitenbenadering" op een unitaire benadering. Overeenkomstig het in hetzelfde artikel neergelegde evenredigheidsbeginsel gaat deze richtlijn niet verder dan nodig is om deze doelstelling te verwezenlijken. Door te voorzien in het vereiste niveau van bescherming voor de interne markt, strekt deze richtlijn er alleen toe het noodzakelijke niveau van coördinatie binnen de Unie te bereiken om haar doelstellingen te verwezenlijken.

Amendement    18

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 21 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

21 bis)  Om een duidelijke en doeltreffende toepassing en consistentie met de aanbevelingen in het rapport van de OESO getiteld "Het neutraliseren van de effecten van hybride mismatchstructuren" te waarborgen, moet actie 2 – definitief verslag van 2015 worden benadrukt.

Amendement    19

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 23

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

23)  De Commissie dient vier jaar na de inwerkingtreding van deze richtlijn de tenuitvoerlegging ervan te evalueren en verslag uit te brengen bij de Raad. De lidstaten dienen de Commissie alle voor deze evaluatie noodzakelijke informatie te verstrekken,

23)  De Commissie dient de tenuitvoerlegging van deze richtlijn iedere drie jaar na de inwerkingtreding ervan te evalueren en verslag uit te brengen aan het Europees Parlement en de Raad. De lidstaten dienen de Commissie alle voor deze evaluatie noodzakelijke informatie te verstrekken.

Amendement    20

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 23 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

23 bis)  De lidstaten moeten alle relevante vertrouwelijke informatie delen en beste praktijken uitwisselen om hybride mismatches tegen te gaan en de uniforme uitvoering van Richtlijn (EU) 2016/1164 te verzekeren.

Amendement    21

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea -1 – punt -1 (nieuw)

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 1 – alinea 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

-1)  Aan artikel 1 wordt het volgende lid toegevoegd:

 

"Artikel 9 bis geldt tevens voor alle entiteiten die door een lidstaat als fiscaal transparant worden aangemerkt.”

Amendement    22

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1 – letter a

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 2 – punt 4 – alinea 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  in punt 4 wordt de derde alinea vervangen door:

Schrappen

"Voor de toepassing van artikel 9 wordt onder gelieerde onderneming ook verstaan een entiteit die deel uitmaakt van dezelfde voor de financiële boekhouding geconsolideerde groep als de belastingplichtige, een onderneming waarin de belastingplichtige invloed van betekenis op de leiding uitoefent of een onderneming die invloed van betekenis op de leiding van de belastingplichtige uitoefent. Wanneer een hybride entiteit bij de mismatch is betrokken, wordt de definitie van gelieerde onderneming gewijzigd zodat het vereiste van 25 percent wordt vervangen door een vereiste van 50 percent";

 

Amendement    23

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1 – letter -a bis (nieuw)

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 2 – punt 4 – alinea 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

a bis)  in punt 4 wordt de derde alinea geschrapt;

Amendement    24

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1 – letter b

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 2 – punt 9 – alinea 1 – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

'(9)  hybride mismatch: een situatie tussen een belastingplichtige en een gelieerde onderneming of een gestructureerde regeling tussen partijen in verschillende fiscale rechtsgebieden waarin een van de volgende resultaten te wijten is aan verschillen in de juridische kwalificatie van een financieel instrument of een entiteit, of aan de aanmerking van een commerciële aanwezigheid als vaste inrichting:

'(9)  hybride mismatch: een situatie tussen een belastingplichtige en een andere entiteit waarin een van de volgende resultaten te wijten is aan verschillen in de juridische kwalificatie van een financieel instrument of een betaling uit hoofde ervan, of te wijten is aan verschillen in de erkenning van betalingen aan of betalingen, kosten of verliezen van een hybride entiteit of permanente inrichting of aan verschillen in de erkenning van een veronderstelde betaling tussen twee delen van dezelfde belastingplichtige of in de erkenning van een commerciële aanwezigheid als vaste inrichting:

Amendement    25

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1 – letter b

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 2 – punt 9 – alinea 1 – letter b

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  een betaling wordt in aftrek gebracht van de belastbare grondslag in het rechtsgebied waar de betaling haar oorsprong vindt, zonder dat deze betaling op overeenkomstige wijze in het andere rechtsgebied in de heffing wordt betrokken ("aftrek zonder betrekking in de heffing");

(b)  een betaling wordt in aftrek gebracht van de belastbare grondslag in ieder rechtsgebied waar de betaling als verricht wordt aangemerkt ("rechtsgebied van de betaler"), zonder dat deze betaling op overeenkomstige wijze in enig ander rechtsgebied waar de betaling als ontvangen wordt aangemerkt ("rechtsgebied van de ontvanger") in de heffing wordt betrokken ("aftrek zonder betrekking in de heffing");

Amendement    26

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1 – letter b

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 2 – punt 9 – alinea 1 – letter c

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(c)  in geval van verschillen bij de aanmerking van een commerciële aanwezigheid als vaste inrichting, het onbelast blijven van inkomsten die hun oorsprong vinden in een rechtsgebied, zonder dat deze inkomsten op overeenkomstige wijze in het andere rechtsgebied in de heffing worden betrokken ("onbelast zonder betrekking in de heffing").

(c)  in geval van verschillen bij de erkenning van een commerciële aanwezigheid als vaste inrichting, het onbelast blijven van inkomsten die hun oorsprong vinden in een rechtsgebied, zonder dat deze inkomsten op overeenkomstige wijze in het andere rechtsgebied in de heffing worden betrokken ("onbelast zonder betrekking in de heffing").

Amendement    27

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1 – letter b

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 2 – punt 9 – alinea 1 – letter c bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis)  een betaling aan een hybride entiteit of permanente inrichting geeft aanleiding tot aftrek zonder betrekking in de heffing wanneer de mismatch te wijten is aan verschillen in de erkenning van betalingen aan de permanente inrichting of hybride mismatch;

Amendement    28

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1 – letter b

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 2 – punt 9 – alinea 1 – letter c ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c ter)  een betaling geeft aanleiding tot een aftrek zonder betrekking in de heffing als gevolg van een betaling aan een buiten beschouwing blijvende vaste inrichting;

Amendement    29

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1 – letter b

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 2 – punt 9 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Een hybride mismatch treedt slechts op in zoverre dezelfde in twee rechtsgebieden afgetrokken betaling, gemaakte kosten of geleden verliezen het bedrag aan inkomsten te boven gaan dat in beide rechtsgebieden in de heffing is betrokken en aan dezelfde bron kan worden toegerekend.

Een hybride mismatch die het gevolg is van verschillen in de erkenning van betalingen, kosten of verliezen van een hybride entiteit of permanente inrichting of het gevolg is van verschillen in de erkenning van een veronderstelde betaling tussen twee delen van dezelfde belastingplichtige treedt slechts op in zoverre de aftrek in het rechtsgebied van oorsprong wordt verrekend met een post die niet in de heffing wordt betrokken in beide rechtsgebieden waar de mismatch is opgetreden. Ingeval echter de betaling die aanleiding geeft tot deze hybride mismatch eveneens aanleiding geeft tot een hybride mismatch die te wijten is aan verschillen in de juridische kwalificatie van een financieel instrument of van een betaling uit hoofde ervan, of het gevolg is van verschillen in de erkenning van betalingen aan een hybride entiteit of aan een permanente inrichting, treedt de hybride mismatch uitsluitend op in zoverre de betaling aanleiding geeft tot een aftrek zonder betrekking in de heffing.

Amendement    30

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1 – letter b

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 2 – punt 9 – alinea 3 – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Een hybride mismatch omvat ook de overdracht van een financieel instrument in het kader van een gestructureerde regeling met een belastingplichtige, waarbij de onderliggende opbrengst van het overgedragen financiële instrument voor belastingdoeleinden wordt behandeld alsof deze tegelijkertijd is verkregen door meer dan een van de partijen bij de regeling, die fiscaal inwoner zijn van verschillende rechtsgebieden, met een van de volgende resultaten:

Een hybride mismatch omvat ook de overdracht van een financieel instrument met een belastingplichtige, waarbij de onderliggende opbrengst van het overgedragen financiële instrument voor belastingdoeleinden wordt behandeld alsof deze tegelijkertijd is verkregen door meer dan een van de partijen bij de regeling, die fiscaal inwoner zijn van verschillende rechtsgebieden, met een van de volgende resultaten:

Amendement    31

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1 – letter -b bis (nieuw)

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 2 – punt 9 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b bis)  het volgende punt wordt toegevoegd:

 

"9 bis)  "hybride entiteit": alle entiteiten of structuren die krachtens de wetgeving van één rechtsgebied voor belastingdoeleinden als een persoon worden beschouwd en waarvan de inkomsten of de uitgaven krachtens de wetgeving van een ander rechtsgebied als de inkomsten of de uitgaven van een of meer personen worden beschouwd;"

Amendement    32

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1 – letter -b ter (nieuw)

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 2 – punt 9 ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b ter)  het volgende punt wordt toegevoegd:

 

"9 ter)  "buiten beschouwing blijvende vaste inrichting": een regeling die krachtens de wetgeving van het rechtsgebied van het hoofdkantoor wordt beschouwd als aanleiding gevend tot een vaste inrichting en die krachtens de wetgeving van het rechtsgebied waar de vaste inrichting is gevestigd niet wordt beschouwd als aanleiding gevend tot een vaste inrichting;"

Amendement    33

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1 – letter c

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 2 – punt 11

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

11)  "gestructureerde regeling": een regeling waarbij sprake is van een hybride mismatch die al in de voorwaarden van de regeling is verwerkt, dan wel een regeling die zodanig is opgezet dat er een hybride mismatch uit resulteert, tenzij van de belastingplichtige of een gelieerde onderneming niet redelijkerwijs kon worden verwacht dat deze zich bewust waren van de hybride mismatch en zij geen profijt trokken uit het belastingvoordeel dat uit de hybride mismatch voortvloeit.

Schrappen

Amendement    34

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1 – letter -c bis (nieuw)

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 2 – punt 11 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis)  het volgende punt wordt toegevoegd:

 

"11 bis)  "rechtsgebied van de betaler": het rechtsgebied waar een hybride entiteit of een permanente inrichting gevestigd is, of waar een betaling behandeld wordt als zijnde daar verricht;"

Amendement    35

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 3

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 9 – punt 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Voor zover een hybride mismatch tussen lidstaten leidt tot een dubbele aftrek van dezelfde betaling, kosten of verliezen, wordt de aftrek uitsluitend toegekend in de lidstaat waar een dergelijke betaling haar oorsprong vindt, de kosten zijn gemaakt of de verliezen zijn geleden.

1.  Voor zover een hybride mismatch leidt tot een dubbele aftrek van dezelfde betaling, kosten of verliezen, wordt de aftrek geweigerd in de lidstaat die het rechtsgebied van de investeerder is.

Voor zover een hybride mismatch waarbij een derde land betrokken is, leidt tot een dubbele aftrek van dezelfde betaling, kosten of verliezen, weigert de betrokken lidstaat de aftrek van dergelijke betalingen, kosten of verliezen, tenzij het derde land dat reeds heeft gedaan.

Ingeval de aftrek niet wordt geweigerd in het rechtsgebied van de investeerder wordt de aftrek geweigerd in het rechtsgebied van de betaler. Voor zover er sprake is van betrokkenheid van een derde land, is het aan de belastingbetaler om aan te tonen dat een aftrek door het derde land is geweigerd.

Amendement    36

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 3

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 9 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Voor zover een hybride mismatch tussen lidstaten resulteert in een aftrek zonder betrekking in de heffing, weigert de lidstaat van de betaler de aftrek van die betaling.

2.  Voor zover een hybride mismatch resulteert in een aftrek zonder betrekking in de heffing wordt de aftrek geweigerd in de lidstaat die het rechtsgebied van de betaler is. Indien de aftrek in het rechtsgebied van de betaler niet wordt geweigerd, verlangt de lidstaat in kwestie dat de belastingbetaler het bedrag van de betaling dat anders aanleiding zou geven tot een mismatch, opneemt in de inkomsten in het rechtsgebied van de ontvanger.

Voor zover een hybride mismatch waarbij een derde land betrokken is, leidt tot een aftrek zonder betrekking in de heffing:

 

i)  indien de betaling haar oorsprong vindt in een lidstaat, weigert die lidstaat de aftrek, of

 

ii)  indien de betaling haar oorsprong vindt in een derde land, vereist de betrokken lidstaat dat de belastingplichtige die betaling in de heffingsgrondslag begrijpt, tenzij het derde land de aftrek reeds heeft geweigerd of heeft bepaald dat de betaling in de grondslag moet worden begrepen.

 

Amendement    37

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 3

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 9 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Voor zover een hybride mismatch tussen lidstaten waarbij een vaste inrichting betrokken is, ertoe leidt dat belasting achterwege blijft zonder dat er sprake is van betrekking in de heffing, vereist de lidstaat waarvan de belastingplichtige fiscaal inwoner is, dat de belastingplichtige de aan de vaste inrichting toegerekende inkomsten in de heffingsgrondslag begrijpt.

3.  Voor zover een hybride mismatch betrekking heeft op inkomsten van een buiten beschouwing blijvende vaste inrichting die niet aan belasting onderworpen is in de lidstaat waarvan de belastingplichtige fiscaal inwoner is, verplicht deze lidstaat de belastingplichtige ertoe de inkomsten die anders zouden worden toegerekend aan de buiten beschouwing blijvende vaste inrichting, te betrekken in zijn belastbare inkomsten.

Voor zover een hybride mismatch waarbij een vaste inrichting gelegen in een derde land betrokken is, ertoe leidt dat belasting achterwege blijft zonder dat er sprake is van betrekking in de heffing, vereist de betrokken lidstaat dat de belastingplichtige de aan de vaste inrichting in het derde land toegerekende inkomsten in de heffingsgrondslag begrijpt.

 

Amendement    38

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 3

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 9 – lid 3 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis.  Lidstaten weigeren een aftrek voor een betaling door een belastingplichtige voor zover deze betaling direct of indirect dient ter financiering van aftrekbare uitgaven die aanleiding geven tot een hybride mismatch middels een transactie of een reeks transacties.

Amendement    39

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 3

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 9 – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  Voor zover een betaling van een belastingplichtige aan een gelieerde onderneming in een derde land direct of indirect wordt afgezet tegen een betaling, kosten of verliezen die ingevolge een hybride mismatch aftrekbaar zijn in twee verschillende rechtsgebieden buiten de Unie, staat de lidstaat van de belastingplichtige niet toe dat de betaling door de belastingplichtige aan een gelieerde onderneming in een derde land van de heffingsgrondslag wordt afgetrokken, tenzij een van de betrokken derde landen de aftrek van de betaling, kosten of verliezen die in twee verschillende rechtsgebieden aftrekbaar zouden zijn, reeds heeft geweigerd.

4.  Voor zover een betaling van een belastingplichtige aan een entiteit in een derde land direct of indirect wordt afgezet tegen een betaling, kosten of verliezen die ingevolge een hybride mismatch aftrekbaar zijn in twee verschillende rechtsgebieden buiten de Unie, staat de lidstaat van de belastingplichtige niet toe dat de betaling door de belastingplichtige in een derde land van de heffingsgrondslag wordt afgetrokken, tenzij een van de betrokken derde landen de aftrek van de betaling, kosten of verliezen die in twee verschillende rechtsgebieden aftrekbaar zouden zijn, reeds heeft geweigerd.

Amendement    40

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 3

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 9 – lid 5

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  Voor zover de overeenkomstige opname in de heffingsgrondslag van een aftrekbare betaling door een belastingplichtige aan een gelieerde onderneming in een derde land direct of indirect wordt afgezet tegen een betaling die, ingevolge een hybride mismatch, door de ontvanger niet in zijn heffingsgrondslag wordt begrepen, staat de lidstaat van de belastingplichtige niet toe dat de betaling door de belastingplichtige aan een gelieerde onderneming in een derde land van de heffingsgrondslag wordt afgetrokken, tenzij een van de betrokken derde landen de aftrek van de niet in de grondslag begrepen betaling reeds heeft geweigerd.

5.  Voor zover de overeenkomstige opname in de heffingsgrondslag van een aftrekbare betaling door een belastingplichtige in een derde land direct of indirect wordt afgezet tegen een betaling die, ingevolge een hybride mismatch, door de ontvanger niet in zijn heffingsgrondslag wordt begrepen, staat de lidstaat van de belastingplichtige niet toe dat de betaling door de belastingplichtige in een derde land van de heffingsgrondslag wordt afgetrokken, tenzij een van de betrokken derde landen de aftrek van de niet in de grondslag begrepen betaling reeds heeft geweigerd.

Amendement    41

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea -1 – punt 3 bis (nieuw)

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 9 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis)  Het volgende artikel wordt ingevoegd:

 

"Artikel -9 bis

 

Omgekeerde hybride mismatches

 

Indien een of meer gelieerde entiteiten die geen inwoner zijn een winstaandeel hebben in een hybride entiteit die is opgericht of gevestigd in een lidstaat, zich bevinden in een rechtsgebied dat of in rechtsgebieden die de hybride entiteit als een belastingplichtige aanmerken, wordt de hybride entiteit beschouwd als inwoner van die lidstaat en belast op haar inkomsten voor zover die inkomsten niet anderszins worden belast krachtens de wetgeving van die lidstaat of een ander rechtsgebied."

Amendement    42

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – punt 4

Richtlijn (EU) 2016/1164

Artikel 9 bis – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Voor zover een betaling, kosten of verliezen van een belastingplichtige die fiscaal inwoner is van zowel een lidstaat als een derde land, overeenkomstig de wetten van die lidstaat en dat derde land in beide rechtsgebieden van de heffingsgrondslag aftrekbaar zijn en die betaling, kosten of verliezen in de lidstaat van de belastingplichtige kunnen worden afgezet tegen belastbare inkomsten die in het derde land niet in de heffingsgrondslag zijn begrepen, weigert de lidstaat van de belastingplichtige de aftrek van de betaling, kosten of verliezen, tenzij het derde land dit reeds heeft gedaan.

Voor zover een betaling, kosten of verliezen van een belastingplichtige die fiscaal inwoner is van zowel een lidstaat als een derde land, overeenkomstig de wetten van die lidstaat en dat derde land in beide rechtsgebieden van de heffingsgrondslag aftrekbaar zijn en die betaling, kosten of verliezen in de lidstaat van de belastingplichtige kunnen worden afgezet tegen belastbare inkomsten die in het derde land niet in de heffingsgrondslag zijn begrepen, weigert de lidstaat van de belastingplichtige de aftrek van de betaling, kosten of verliezen, tenzij het derde land dit reeds heeft gedaan. Een dergelijke weigering van aftrek is eveneens van toepassing op situaties waarin een belastingplichtige voor belastingdoeleinden 'stateloos' is. Het is aan de belastingbetaler om aan te tonen dat het derde land de aftrek van de betaling, kosten of verliezen heeft geweigerd.

(1)

Aangenomen teksten, P8_TA(2015)0408.

(2)

Aangenomen teksten, P8_TA(2015)0457.

(3)

Aangenomen teksten, P8_TA(2016)0310.


TOELICHTING

Met betrekking tot het voorstel tot wijziging van Richtlijn (EU) 2016/1164 inzake hybride mismatches met derde landen is de rapporteur van mening dat het door de Commissie gepresenteerde voorstel de mogelijkheden voor ontwijking van vennootschapsbelasting doeltreffend beperkt.

Internationale belastingaangelegenheden stonden de afgelopen jaren terecht bovenaan de politieke agenda. Het toegenomen tempo van de globalisering, digitalisering en de integratie van nationale economieën en markten hebben de zwakheden van de huidige regels blootgelegd, en zo mogelijkheden voor grondslaguitholling en winstverschuiving (BEPS) gecreëerd. De OESO en de G20-landen hebben daarom in september 2013 een actieplan van 15 punten aangenomen om BEPS aan te pakken. In 2015 werd een definitief verslag inzake actie 2 - Neutralisering van de effecten van hybride mismatchstructuren - gepubliceerd.

Bij hybride mismatchstructuren wordt handig ingespeeld op de verschillen in de fiscale behandeling van een entiteit of instrument in de wetgeving van twee of meer fiscale rechtsgebieden, met als doel tot een dubbele niet-heffing te komen. Dit soort structuren wordt vaak uitsluitend in het leven geroepen om de vennootschapsbelasting te beperken, hetgeen resulteert in een aanzienlijke uitholling van de belastinggrondslag van vennootschappen in de EU. Daarom was het nodig regels op te stellen om dit soort structuren tegen te gaan.

De hybride mismatchregels in de richtlijn van de Raad tot vaststelling van regels ter bestrijding van belastingontwijkingspraktijken welke rechtstreeks van invloed zijn op de werking van de interne markt (de richtlijn bestrijding belastingontwijking) zijn gericht op de aanpak van de meest voorkomende praktijken van hybride mismatches, zij het alleen binnen de EU. Artikel 9 van de richtlijn bestrijding belastingontwijking is gericht tegen hybride mismatches die voortvloeien uit verschillen in de juridische kwalificatie van een entiteit of een financieel instrument met een belastingplichtige in de ene lidstaat en een gelieerde onderneming in een andere, of uit een gestructureerde regeling met partijen in verschillende lidstaten.

Belastingplichtigen in de EU profiteren echter ook van hybride mismatches om hun totale belastingdruk in de EU te verlagen door te participeren in grensoverschrijdende structuren waarbij derde landen betrokken zijn. Daarom heeft de Ecofin-Raad een verklaring afgegeven inzake hybride mismatches, die is opgenomen in het definitieve compromisvoorstel voor de Richtlijn bestrijding belastingontwijking waarover op 20 juni 2016 overeenstemming is bereikt, waarin hij de Commissie verzocht "om – met het oog op een akkoord voor eind 2016 – in oktober 2016 een voorstel over kwalificatieconflicten door hybride structuren waarbij derde landen betrokken zijn in te dienen teneinde te voorzien in regels die in overeenstemming zijn met en niet minder doeltreffend zijn dan de regels die in het OESO-verslag over BEPS-actie 2 worden aanbevolen."

Het is dan ook verheugend dat de Commissie nu maatregelen presenteert om ook hybride mismatches waarbij derde landen betrokken zijn, aan te pakken. De rapporteur is voorts van mening dat ook andere vormen van mismatches die in het voorstel van de Commissie zijn opgenomen, zoals mismatches bij hybride vaste inrichtingen, hybride overdrachten, zogenaamde geïmporteerde mismatches en mismatches bij dubbel inwonerschap, die niet in artikel 9 van de Richtlijn bestrijding belastingontwijking aan de orde worden gesteld, moeten worden aangepakt, teneinde de mogelijkheden voor grondslaguitholling en winstverschuiving tot het minimum te beperken.

Als onderdeel van een pakket dat de herlancering van het voorstel voor een gemeenschappelijke geconsolideerde heffingsgrondslag voor de vennootschapsbelasting (CCCTB) en een voorstel inzake een gemeenschappelijke heffingsgrondslag voor de vennootschapsbelasting (CCTB) omvat, beschouwt de rapporteur deze voorgestelde richtlijn als een cruciale stap om hybride mismatches waarbij derde landen betrokken zijn te bestrijden teneinde hybride mismatchstructuren te neutraliseren.


PROCEDURE VAN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

Titel

Hybride mismatches met derde landen

Document- en procedurenummers

COM(2016)0687 – C8-0464/2016 – 2016/0339(CNS)

Datum raadpleging EP

21.11.2016

 

 

 

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

ECON

21.11.2016

 

 

 

Medeadviserende commissies

       Datum bekendmaking

INTA

21.11.2016

IMCO

21.11.2016

 

 

Geen advies

       Datum besluit

INTA

28.11.2016

IMCO

5.12.2016

 

 

Rapporteurs

       Datum benoeming

Olle Ludvigsson

24.11.2016

 

 

 

Behandeling in de commissie

28.2.2017

27.3.2017

 

 

Datum goedkeuring

27.3.2017

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

44

0

2

Bij de eindstemming aanwezige leden

Burkhard Balz, Hugues Bayet, Pervenche Berès, Udo Bullmann, Esther de Lange, Anneliese Dodds, Markus Ferber, Sven Giegold, Sylvie Goulard, Roberto Gualtieri, Brian Hayes, Gunnar Hökmark, Danuta Maria Hübner, Cătălin Sorin Ivan, Georgios Kyrtsos, Philippe Lamberts, Werner Langen, Sander Loones, Olle Ludvigsson, Ivana Maletić, Fulvio Martusciello, Marisa Matias, Costas Mavrides, Bernard Monot, Luigi Morgano, Luděk Niedermayer, Stanisław Ożóg, Sirpa Pietikäinen, Pirkko Ruohonen-Lerner, Molly Scott Cato, Pedro Silva Pereira, Peter Simon, Kay Swinburne, Paul Tang, Ernest Urtasun, Marco Valli, Jakob von Weizsäcker, Steven Woolfe

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Enrique Calvet Chambon, Doru-Claudian Frunzulică, Ildikó Gáll-Pelcz, Thomas Mann, Joachim Starbatty, Nils Torvalds

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Carlos Iturgaiz, Bogdan Andrzej Zdrojewski

Datum indiening

31.3.2017


HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

44

+

ALDE

Enrique Calvet Chambon, Sylvie Goulard, Nils Torvalds

ECR

Sander Loones, Stanisław Ożóg, Pirkko Ruohonen-Lerner, Joachim Starbatty, Kay Swinburne

ENF

Bernard Monot

GUE/NGL

Marisa Matias

PPE

Burkhard Balz, Markus Ferber, Ildikó Gáll-Pelcz, Brian Hayes, Gunnar Hökmark, Danuta Maria Hübner, Carlos Iturgaiz, Georgios Kyrtsos, Werner Langen, Ivana Maletić, Thomas Mann, Fulvio Martusciello, Luděk Niedermayer, Sirpa Pietikäinen, Bogdan Andrzej Zdrojewski, Esther de Lange

S&D

Hugues Bayet, Pervenche Berès, Udo Bullmann, Anneliese Dodds, Doru-Claudian Frunzulică, Roberto Gualtieri, Cătălin Sorin Ivan, Olle Ludvigsson, Costas Mavrides, Luigi Morgano, Pedro Silva Pereira, Peter Simon, Paul Tang, Jakob von Weizsäcker

Verts/ALE

Sven Giegold, Philippe Lamberts, Molly Scott Cato, Ernest Urtasun

0

-

2

0

EFDD

Marco Valli

NI

Steven Woolfe

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

Juridische mededeling