Procedure : 2017/2058(BUD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0196/2017

Ingediende teksten :

A8-0196/2017

Debatten :

Stemmingen :

PV 17/05/2017 - 10.1

Aangenomen teksten :

P8_TA(2017)0209

VERSLAG     
PDF 545kWORD 68k
12.5.2017
PE 602.991v03-00 A8-0196/2017

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (aanvraag van Finland – EGF/2016/008 FI/Nokia Network Systems)

(COM(2017)0157 – C8-0131/2017 – 2017/2058(BUD))

Begrotingscommissie

Rapporteur: Petri Sarvamaa

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
 TOELICHTING
 BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE WERKGELEGENHEID EN SOCIALE ZAKEN
 BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE REGIONALE ONTWIKKELING
 INFORMATIE OVER DE GOEDKEURINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (aanvraag van Finland – EGF/2016/008 FI/Nokia Network Systems)

(COM(2017)0157 – C8-0131/2017 – 2017/2058(BUD))

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2017)0157 – C8-0131/2017),

–  gezien Verordening (EU) nr. 1309/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (2014-2020) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1927/2006(1),

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(2), en met name artikel 12,

–  gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(3), en met name punt 13,

–  gezien de trialoogprocedure als bedoeld in punt 13 van het IIA van 2 december 2013,

–  gezien de brief van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken,

–  gezien de brief van de Commissie regionale ontwikkeling,

–  gezien het verslag van de Begrotingscommissie (A8-0196/2017),

A.  overwegende dat de Unie wetgevings- en begrotingsinstrumenten in het leven heeft geroepen om extra steun te geven aan werknemers die de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen of de wereldwijde financiële en economische crisis ondervinden, en hen te helpen bij hun terugkeer op de arbeidsmarkt;

B.  overwegende dat financiële steun van de Unie aan ontslagen werknemers flexibel moet zijn en zo snel en efficiënt mogelijk ter beschikking moet worden gesteld, overeenkomstig de gezamenlijke verklaring van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie die is goedgekeurd tijdens het overleg van 17 juli 2008, en met inachtneming van het IIA van 2 december 2013 met betrekking tot het nemen van besluiten om gebruik te maken van het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG);

C.  overwegende dat de Unie de globalisering stimuleert; overwegende dat de Unie zorgt voor personen die momenteel de gevolgen ondervinden van veranderingen op de wereldwijde markt; overwegende dat de vaststelling van de nieuwe EFG-verordening vorm geeft aan de overeenkomst tussen het Parlement en de Raad om het criterium "crisisafwijking" opnieuw in te voeren, de financiële bijdrage van de Unie te verhogen tot 60 % van de totale geraamde kosten van de voorgestelde maatregelen, de subsidiabele maatregelen en begunstigden uit te breiden door zelfstandigen en jongeren toe te voegen en stimuleringsmaatregelen voor de oprichting van een eigen bedrijf te financieren;

D.  overwegende dat Finland aanvraag EGF/2016/008 FI/Nokia Network Systems heeft ingediend voor een financiële bijdrage van het EFG naar aanleiding van ontslagen in de economische sector die is ingedeeld in NACE Rev. 2 - afdeling 26 (Vervaardiging van informaticaproducten en van elektronische en optische producten) bij Nokia Oy (Nokia Network Systems) en drie leveranciers en downstreamproducenten, voornamelijk in de regio's van NUTS-niveau 2 Helsinki-Uusimaa (Uusimaa) (FI1B), Länsi-Suomi (Pirkanmaa) (FI19) en Pohjois- ja Itä-Suomi (Pohjois-Pohjanmaa) (FI1D), en dat 821 van de 945 ontslagen werknemers die voor de EFG-bijdrage in aanmerking komen naar verwachting aan de maatregelen zullen deelnemen;

E.  overwegende dat Finland de aanvraag heeft ingediend op grond van het criterium voor steunverlening van artikel 4, lid 1, onder a), van de EFG-verordening, dat vereist dat binnen een referentieperiode van vier maanden in een onderneming in een lidstaat ten minste 500 werknemers gedwongen zijn ontslagen, met inbegrip van werknemers die gedwongen zijn ontslagen bij leveranciers en downstreamproducenten;

1.  is het met de Commissie eens dat is voldaan aan de voorwaarden die zijn vastgelegd in artikel 4, lid 1, onder a), van de EFG-verordening en dat Finland bijgevolg recht heeft op een financiële bijdrage uit hoofde van die verordening ter hoogte van 2 641 800 EUR, oftewel 60 % van de totale kosten van 4 403 000 EUR;

2.  wijst erop dat Finland de aanvraag voor een financiële bijdrage uit het EFG op 22 november 2016 heeft ingediend, en dat de beoordeling van deze aanvraag door de Commissie, na de snelle levering van aanvullende informatie door Finland, op vrijdag 7 april 2017 is afgerond en op dezelfde dag aan het Parlement is meegedeeld;

3.  herinnert eraan dat voor de sector "Vervaardiging van informaticaproducten en van elektronische en optische producten" 15 EFG-aanvragen werden ingediend, waarvan er 3 zijn ingediend door Finland(4), allemaal gebaseerd op het criterium van de globalisering; wijst erop dat 4 van de 15 aanvragen betrekking hadden op bedrijven van Nokia; wijst erop dat de eindverslagen voor de aanvraag van 2012 laten zien dat, 2 jaar na de EFG-aanvraag van Finland, 44 % van de deelnemers aan de EFG-activiteiten werk hadden, terwijl dat percentage op 65 % lag voor de aanvraag van 2013; verwacht dat de Commissie in haar tussentijdse evaluatie, die uiterlijk 30 juni 2017(5) ingediend moet worden, gedetailleerde informatie opneemt over het niveau van integratie op lange termijn van degenen die EFG-steun ontvangen, zoals reeds gevraagd in zijn resolutie van 15 september 2016(6);

4.  herinnert eraan dat de ICT-sector een sleutelrol speelt in de Finse economie; wijst erop dat de recentste ontslagen bij Nokia Oy wijzen op een ontwikkeling die de Finse technologiesector als geheel treft, waarbij de werkgelegenheid de afgelopen twee jaar zeer instabiel is vanwege de hoge druk om de efficiency te vergroten en de concurrerendheid van de producten te handhaven;

5.  wijst erop dat de ICT-sector zeer gevoelig is voor veranderingen op de wereldwijde markt; wijst erop dat de mededinging in deze sector wereldwijd is, wat betekent dat alle marktdeelnemers om dezelfde klanten kunnen concurreren, en de plaats van vestiging en de culturele achtergrond van het personeel van weinig belang zijn;

6.  wijst erop dat de ontslagen bij Nokia Oy deel uitmaken van het wereldwijde hervormingsprogramma van het bedrijf, dat noodzakelijk is om te kunnen concurreren met rivalen uit Oost-Azië;

7.  wijst erop dat Nokia Oy, na de oprichting van een joint venture met Siemens voor netwerktechnologieën, een aantal maatregelen heeft genomen, waaronder het investeren van middelen in technologieën van de toekomst en een vermindering van het personeel, met als doel om de jaarlijkse werkingskosten tegen eind 2018 met 900 miljoen EUR te verlagen;

8.  wijst erop dat alle personen die in 2016 hun baan verloren bij Nokia Oy hoog en middelhoog opgeleid zijn (respectievelijk 40 % en 60 %) en werkzaam waren op het gebied van programmering en ontwerp, en dat hun professionele vaardigheden niet meer up-to-date zijn; wijst erop dat 21 % van de beoogde begunstigden ouder is dan 54 jaar, een leeftijd waarop de herinzetbaarheid op de arbeidsmarkt uiterst beperkt is; wijst er daarnaast op dat de werkloosheidspercentages in twee van de drie betroffen regio's reeds lange tijd boven het nationale gemiddelde liggen en dat de werkloosheid van hoogopgeleiden in deze drie regio's over het algemeen hoog is, waarbij de situatie met name problematisch is voor werknemers ouder dan 50 jaar;

9.  wijst erop dat Finland het gecoördineerde pakket van individuele dienstverlening heeft opgesteld in overleg met de belanghebbenden, en dat het Ministerie van Economische Zaken en Werkgelegenheid daartoe een werkgroep heeft bijeengebracht met vertegenwoordigers van de beoogde begunstigden en de sociale, nationale en regionale partners;

10.  wijst erop dat Finland zes soorten maatregelen plant: (i) coaching en andere voorbereidende maatregelen, (ii) arbeidsvoorzienings- en bedrijfsdiensten, (iii) opleiding, (iv) subsidie voor start-ups, (v) beoordelingen door deskundigen, (vi) loonsubsidie en (vii) vergoedingen voor reis-, verblijfs- en verhuiskosten; wijst erop dat het bij deze acties gaat om actieve arbeidsmarktmaatregelen; wijst erop dat deze maatregelen zullen bijdragen aan de herintreding van de ontslagen werknemers;

11.  wijst erop dat de maatregelen inzake inkomenssteun 13,34 % van het totale pakket aan individuele maatregelen zullen uitmaken, wat ver onder het maximum van 35 % ligt dat in de EFG-verordening wordt genoemd, en dat deze maatregelen afhankelijk zijn gesteld van de actieve participatie van de beoogde begunstigden in activiteiten voor het vinden van werk of opleiding;

12.  verwelkomt het gebruik van het Eures-netwerk om werkzoekenden te informeren over vacatures in het buitenland; wijst erop dat internationale aanwervingsevenementen regionaal zullen worden georganiseerd in samenwerking met EFG- en Euresdiensten; is ingenomen met deze maatregelen en met het feit dat de Finse autoriteiten de ontslagen werknemers aanmoedigen ten volle gebruik te maken van hun recht op vrij verkeer;

13.  verwelkomt het brede aanbod van opleidingen en begeleiding dat wordt geleverd, naast de ondersteuning voor degenen die buiten Finland op zoek gaan naar werk, en voor beginnende ondernemers; is van mening dat deze maatregelen zeer passend zijn gezien het leeftijdsprofiel en de vaardigheden van de betrokken werknemers;

14.  is ingenomen met het feit dat de Finse autoriteiten op 2 juni 2016 zijn begonnen met het verlenen van de individuele diensten aan de getroffen werknemers, ruimschoots vóór de aanvraag voor de toekenning van EFG-steun voor het voorgestelde gecoördineerde pakket;

15.  herinnert eraan dat in artikel 7 van de EFG-verordening is bepaald dat bij het samenstellen van het door het EFG gesteunde gecoördineerde pakket van individuele dienstverlening rekening moet worden gehouden met toekomstperspectieven op de arbeidsmarkt en de vereiste vaardigheden, en dat het gecoördineerde pakket gericht moet zijn op de overgang naar een grondstoffenefficiënte en duurzame economie;

16  verwelkomt de toewijzing van een bedrag van 59 000 EUR voor informatie en publiciteit, en benadrukt het belang ervan om in aanmerking komende begunstigden te stimuleren deel te nemen aan de maatregelen die worden gesteund door het EFG;

17.  wijst erop dat afdoende middelen zijn toegewezen aan controle en rapportage; wijst erop dat een systematische verslaglegging van de door het EFG ondersteunde dienstverlening een correct gebruik van de middelen zal bevorderen; verwelkomt dat een bedrag van 20 000 EUR is toegewezen aan controle en verslaglegging;

18.  wijst erop dat Nokia Network Systems zijn wettelijke verplichtingen is nagekomen en overleg heeft gepleegd met alle betrokken belanghebbenden;

19.  benadrukt dat de Finse autoriteiten hebben bevestigd dat voor de subsidiabele maatregelen geen steun uit andere financieringsinstrumenten van de Unie wordt ontvangen;

20.  herinnert eraan dat de inzetbaarheid van alle werknemers moet worden verbeterd door middel van aangepaste opleidingen en de erkenning van de in de loop van het beroepsleven opgedane vaardigheden en bekwaamheden; verwacht dat de opleiding die in het gecoördineerde pakket wordt aangeboden, niet alleen is afgestemd op de behoeften van de ontslagen werknemers, maar ook op het huidige ondernemingsklimaat;

21.  herhaalt dat uit het EFG afkomstige steun niet in de plaats mag komen van maatregelen waartoe ondernemingen verplicht zijn krachtens de nationale wetgeving of collectieve overeenkomsten, noch van maatregelen voor de herstructurering van ondernemingen of sectoren; wijst erop dat Finland heeft bevestigd dat dit ook niet het geval zal zijn;

22.  beveelt de lidstaten aan te streven naar synergieën met andere acties die worden gefinancierd met nationale of EU-middelen, en gebruik te maken van andere EU-programma's naast de EFG-maatregelen;

23.  verzoekt de Commissie ervoor te zorgen dat de documenten in verband met EFG-zaken openbaar toegankelijk zijn;

24.  hecht zijn goedkeuring aan het bij deze resolutie gevoegde besluit;

25.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit samen met de voorzitter van de Raad te ondertekenen en zorg te dragen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie;

26.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie, met inbegrip van de bijlage, te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

(1)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 855.

(2)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.

(3)

PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(4)

EGF/2007/004 FI/Perlos, EGF/2012/006 FI/Nokia Salo, EGF/2013/001 FI/Nokia

(5)

Artikel 20 van Verordening (EU) nr. 1309/2013.

(6)

Resolutie van het Europees Parlement van 15 september 2016 over de werkzaamheden, impact en toegevoegde waarde van het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering tussen 2007 en 2014 (Aangenomen teksten, P8_TA(2016)0361).


BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (aanvraag van Finland – EGF/2016/008 FI/Nokia Network Systems)

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 1309/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (2014-2020) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1927/2006(1), en met name artikel 15, lid 4,

Gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(2), en met name punt 13,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)  Het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) is opgericht om steun te verlenen aan werknemers die werkloos zijn geworden en aan zelfstandigen die hun werkzaamheden hebben beëindigd als gevolg van uit de globalisering voortvloeiende grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen, het aanhouden van de wereldwijde financiële en economische crisis of een nieuwe wereldwijde financiële en economische crisis, en hen te helpen om op de arbeidsmarkt terug te keren.

(2)  Zoals vastgesteld in artikel 12 van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad, mag het EFG het jaarlijks maximumbedrag van 150 miljoen EUR (in prijzen van 2011) niet overschrijden(3).

(3)  Op 22 november 2016 heeft Finland een aanvraag ingediend voor een financiële bijdrage van het EFG naar aanleiding van ontslagen in de economische sector die in de statistische classificatie van economische activiteiten in de Europese Gemeenschap NACE Rev. 2 is ingedeeld in afdeling 26 (Vervaardiging van informaticaproducten en van elektronische en optische producten) in Finland. Finland heeft overeenkomstig artikel 8, lid 3, van Verordening (EU) nr. 1309/2013 aanvullende gegevens verstrekt. De aanvraag voldoet aan de voorwaarden voor een financiële bijdrage uit het EFG overeenkomstig artikel 13 van Verordening (EU) nr. 1309/2013.

(4)  Er moeten dan ook middelen uit het EFG beschikbaar worden gesteld om naar aanleiding van de door Finland ingediende aanvraag een financiële bijdrage van 2 641 800 EUR te verstrekken.

(5)  Teneinde zo snel mogelijk middelen uit het EFG ter beschikking te stellen, moet dit besluit van toepassing zijn vanaf de datum waarop het wordt vastgesteld,

HEBBEN HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Ten laste van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2017 wordt een bedrag van 2 641 800 EUR aan vastleggings- en betalingskredieten beschikbaar gesteld uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie. Het is van toepassing vanaf … [datum van vaststelling van het besluit]*

(4)Gedaan te Brussel,Gedaan te Brussel,

Voor het Europees ParlementVoor de Raad

De voorzitterDe voorzitter

(1)

  PB L 347 van 20.12.2013, blz. 855.

(2)

  PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(3)

  Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020, (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884).

(4)

*Datum in te voegen door het Parlement vóór de publicatie in het PB.


TOELICHTING

I. Achtergrond

Het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) is opgericht om extra steun te verlenen aan werknemers die de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen ondervinden.

Overeenkomstig de bepalingen van artikel 12 van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(1) en van artikel 15 van Verordening (EU) nr. 1309/2013(2) mag het jaarlijkse maximumbedrag ten behoeve van het fonds niet meer dan 150 miljoen EUR bedragen (prijzen 2011). De benodigde bedragen worden als voorziening opgenomen in de algemene begroting van de Europese Unie.

Overeenkomstig punt 13 van het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(3) verloopt de procedure om het fonds te activeren als volgt: na een positieve beoordeling van een aanvraag legt de Commissie een voorstel tot beschikbaarstelling van middelen uit het fonds aan de begrotingsautoriteit voor, samen met een bijbehorend overschrijvingsverzoek. Indien geen eensgezindheid bestaat, wordt een trialoogprocedure ingeleid.

II. De aanvraag van Finland en het voorstel van de Commissie

Op vrijdag 7 april 2017 heeft de Commissie een voorstel goedgekeurd voor een besluit betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG aan Finland om de terugkeer naar de arbeidsmarkt te steunen van werknemers die gedwongen zijn ontslagen bij Nokia Oy (Nokia Network Systems) en drie leveranciers en downstreamproducten in NACE Rev. 2 - afdeling 26 (Vervaardiging van informaticaproducten en van elektronische en optische producten) voornamelijk in de regio's van NUTS(4)-niveau 2 Helsinki-Uusimaa (Uusimaa) (FI1B), Länsi-Suomi (Pirkanmaa) (FI19) en Pohjois- ja Itä-Suomi (Pohjois-Pohjanmaa) (FI1D).

Ondernemingen en aantal ontslagen tijdens de referentieperiode

Nokia Oy

940

Lionbridge Oy

1

Eilakaisla Oy

1

ManpowerGroup Solutions Oy

3

 

 

 

 

Totaal aantal ondernemingen: 4

Totaal aantal ontslagen:

945

Totaal aantal zelfstandigen dat zijn werkzaamheden heeft beëindigd:

0

Totaal aantal in aanmerking komende werknemers en zelfstandigen:

945

Dit is de tweede aanvraag die in het kader van de begroting 2017 wordt behandeld en de 15e tot nu toe voor de sector "Vervaardiging van informaticaproducten en van elektronische en optische producten". De aanvraag heeft betrekking op 945 ontslagen werknemers en omvat een totaal bedrag van 2 641 800 EUR uit het EFG voor Finland.

De aanvraag werd op 22 november 2016 bij de Commissie ingediend, en binnen zes weken na het verzoek van de Commissie werd aanvullende informatie verstrekt. De Commissie heeft haar beoordeling op 7 april 2017 afgerond en overeenkomstig alle toepasselijke bepalingen van de EFG-verordening geconcludeerd dat de aanvraag voldoet aan de voorwaarden voor het toekennen van een financiële bijdrage uit het EFG, als bedoeld in artikel 4, lid 1, onder a, van de EFG-verordening.

De ICT-sector is zeer gevoelig voor veranderingen in de wereldeconomie, vanwege sterke concurrentie, snelle technologische vooruitgang en innovaties, fusies, overnames en outsourcing. Er heerst hevige concurrentie tussen werknemers binnen en buiten de EU. Werknemers in de Europese ICT-sector vergrijzen en zijn lager geschoold dan die in Amerika en Azië. Finse ICT-specialisten hebben te maken met steeds meer wereldwijde concurrentie in vergelijking met werknemers in andere sectoren.

De Finse ICT-sector staat onder hoge druk om de efficiency te vergroten en de concurrerendheid van de producten te handhaven. Na de oprichting van een joint venture met Siemens met als doel om zijn concurrentievermogen tegenover grotere ondernemingen in de sector netwerkcommunicatie, met name concurrenten uit Oost-Azië, te versterken, voert Nokia Oy een wereldwijd hervormingsprogramma uit. Als onderdeel van dit programma verlaagt Nokia Oy zijn werkingskosten en vermindert het zijn personeel, en investeert het daarnaast middelen in technologieën van de toekomst. De betrokken personeelsinkrimpingen zullen naar verwachting voltooid zijn tegen eind 2018.

De zeven soorten acties die aan de ontslagen werknemers worden aangeboden bestaan uit:

–  Coaching en andere voorbereidende maatregelen

De werkzoektraining heeft tot doel de deelnemers meer informatie te verstrekken over de arbeidsmarkt, hen te helpen hun mogelijkheden in kaart te brengen en hun vaardigheden om werk te zoeken te verbeteren en te actualiseren. Jobcoaching: deze maatregel heeft tot doel werklozen te ondersteunen en te begeleiden bij een praktijkopleiding in een bedrijf en bij het zoeken van een baan. Werkzoekenden zullen begeleid worden bij het vinden van een baan.

–  Loopbaanbegeleiding: deze maatregel is gericht op werklozen die in hun beroepsoriëntatie functionele, intensieve en langdurige ondersteuning nodig hebben. De maatregel zal voornamelijk gebaseerd zijn op groepsactiviteiten.

–  Beoordelingen door deskundigen: met deze maatregel worden de situatie van de werkzoekende en zijn behoefte aan bepaalde diensten beoordeeld. Er zal ook een zogenaamd profielspel worden georganiseerd om werkzoekenden te helpen bij het bepalen van de domeinen waarop zij competenties hebben.

–  Arbeidsvoorzienings- en bedrijfsdiensten:

Aan werklozen zullen informatie, counseling en diensten van deskundigen worden aangeboden om hun terugkeer op de arbeidsmarkt te plannen. Ook zullen werkzoekenden via de dienstverlening van het Eures-netwerk worden geïnformeerd over vacatures in het buitenland. Er zal opleiding worden gegeven in de vorm van beroepsopleiding en opleiding ter ondersteuning van ondernemerschap. De aangeboden cursussen zijn meestal ingedeeld als gespecialiseerde opleidingen die tot een diploma leiden.

–  Subsidies voor start-ups moeten individuele werkzoekenden ertoe aanzetten om te starten met bedrijfsactiviteiten en zelfstandige werkzaamheden. De subsidie voor start-ups moet een kandidaat-ondernemer een inkomen garanderen gedurende de periode die naar schatting nodig is om een bedrijf op te richten en op te starten en er een voltijdse betrekking aan te hebben.

–  De ontslagen werknemers zullen in aanmerking komen voor een loonsubsidie, zodat het gemakkelijker wordt om een nieuwe baan te vinden of om in het kader van een leerovereenkomst aan de slag te gaan, omdat de loonkosten voor de nieuwe werkgever tijdelijk worden gedrukt. De loonsubsidie bedraagt 30 tot 50 % van de loonkosten van de werknemer en wordt gedurende een beperkte periode uitgekeerd (6 tot 24 maanden).

–  Vergoedingen voor reis-, verblijfs- en verhuiskosten

Een werkzoekende kan een vergoeding krijgen voor reis- en verblijfskosten die hij heeft gemaakt om een baan te zoeken of deel te nemen aan opleidingsmaatregelen en een vergoeding voor verhuiskosten.

Bovengenoemde maatregelen zijn individueel en toegesneden op de ontslagen werknemer, terwijl maatregelen betreffende ondernemerschap gericht zijn op een beperkt aantal personen met realistische zakelijke projecten.

Volgens de Commissie zijn de beschreven maatregelen actieve arbeidsmarktmaatregelen die behoren tot de in artikel 7 van de EFG-verordening vastgestelde subsidiabele acties. Deze acties komen niet in de plaats van maatregelen die gericht zijn op een passieve sociale bescherming.

Finland heeft op de volgende punten de nodige garanties geboden:

–  bij de toegang tot de voorgestelde acties en hun uitvoering zullen de beginselen van gelijke behandeling en non-discriminatie worden gerespecteerd;

–  aan de voorschriften van de nationale en EU-wetgeving betreffende collectieve ontslagen is voldaan;

–  de ondernemingen waar de ontslagen zijn gevallen die hun activiteiten hebben voortgezet, zijn hun wettelijke verplichtingen bij ontslagen nagekomen en hebben voor hun werknemers dienovereenkomstig de nodige maatregelen getroffen;

–  de voorgestelde maatregelen zullen geen financiële steun ontvangen van andere fondsen of financiële instrumenten van de Unie, en dubbele financiering zal worden voorkomen;

–  de voorgestelde maatregelen zullen complementair zijn met acties die door de structuurfondsen worden gefinancierd;

–  de financiële bijdrage van het EFG zal voldoen aan de procedurele en materiële EU-regels inzake overheidssteun.

III. Procedure

Om middelen uit het fonds te kunnen inzetten, zal de Commissie de begrotingsautoriteit een voorstel doen toekomen tot overschrijving van kredieten naar de relevante begrotingslijn voor een totaalbedrag van 2 641 800 EUR.

Dit is het derde overschrijvingsvoorstel betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het fonds dat tot op heden in 2017 naar de begrotingsautoriteit is gezonden.

Indien er geen eensgezindheid bestaat, wordt overeenkomstig artikel 15, lid 4, van de EFG-verordening de trialoogprocedure ingeleid.

Overeenkomstig een interne afspraak moet de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken bij dit proces worden betrokken, zodat zij op constructieve wijze kan bijdragen aan de beoordeling van de aanvragen voor steun uit het EFG.

(1)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.

(2)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 855.

(3)

PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(4)

Verordening (EU) nr. 1046/2012 van de Commissie van 8 november 2012 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 1059/2003 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de opstelling van een gemeenschappelijke nomenclatuur van territoriale eenheden voor de statistiek (NUTS), wat de indiening van tijdreeksen voor de nieuwe regionale indeling betreft (PB L 310 van 9.11.2012, blz. 34).


BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE WERKGELEGENHEID EN SOCIALE ZAKEN

D(2017)18106

De heer Jean Arthuis

Voorzitter van de Begrotingscommissie

ASP 09G205

Betreft: Advies inzake de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) in dossier EGF/2016/008 FI/Nokia Network Systems (COM(2017)157)

Geachte voorzitter,

De Commissie werkgelegenheid en sociale zaken (EMPL) en haar werkgroep EFG hebben de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG in dossier EGF/2016/008 FI/Nokia Network Systems onderzocht en het volgende advies goedgekeurd.

De commissie EMPL en de werkgroep EFG zijn voorstander van de beschikbaarstelling van middelen uit het fonds voor het verlangde doel. De commissie formuleert in dit verband een aantal opmerkingen, zonder evenwel de betaling ter discussie te willen stellen.

Bij haar beraadslagingen is de commissie uitgegaan van de volgende overwegingen:

A)  overwegende dat de aanvraag gebaseerd is op artikel 4, lid 1, onder a), van Verordening (EU) nr. 1309/2013 (EFG‑verordening) en betrekking heeft op 945 werknemers die werden ontslagen bij vier ondernemingen in de economische sectoren ingedeeld in NACE Rev. 2 – afdeling 26 (Vervaardiging van informaticaproducten en van elektronische en optische producten);

B)  overwegende dat Finland het verband legt tussen de ontslagen en de grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen ingevolge de globalisering met het argument dat de ICT-sector een van de bedrijfstakken is die de impact van de veranderende wereldeconomie het sterkst voelen als gevolg van sterke concurrentie, snelle technologische vooruitgang en innovaties, fusies, overnames en outsourcing;

C)  overwegende dat 74 % van de werknemers op wie de huidige beschikbaarstelling betrekking heeft, man is en 26 % vrouw; overwegende dat 77 % van de beoogde begunstigden tussen de 30 en 54 jaar oud is en 20,8 % 55 jaar of ouder.

Daarom verzoekt de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken de ten principale bevoegde Begrotingscommissie onderstaande suggesties in haar ontwerpresolutie over de Finse aanvraag op te nemen:

1.  is het met de Commissie eens dat is voldaan aan de criteria voor steunverlening die zijn vastgelegd in artikel 4, lid 1, onder a), van Verordening (EU) nr. 1309/2013, en dat Finland bijgevolg uit hoofde van deze verordening recht heeft op een financiële bijdrage ter hoogte van 2 641 800 EUR, wat overeenkomt met 60 % van de totale kosten van 4 403 000 EUR;

2.  stelt vast dat de Commissie de termijn van twaalf weken vanaf de ontvangst van de volledige aanvraag van de Finse autoriteiten op 13 januari 2017 heeft gerespecteerd, aangezien zij haar beoordeling van de naleving van de voorwaarden voor het verlenen van een financiële bijdrage heeft afgerond op 7 april 2017 en het Parlement hiervan nog dezelfde dag in kennis heeft gesteld;

3.  herinnert eraan dat voor de sector "Vervaardiging van informaticaproducten en van elektronische en optische producten" 15 EFG-aanvragen werden ingediend, waarvan er 4 betrekking hadden op ondernemingen van Nokia; wijst erop dat de eindverslagen voor de aanvraag van 2012 laten zien dat, 2 jaar na de EFG-aanvraag van Finland, 44 % van de deelnemers aan de EFG-activiteiten werk hadden, terwijl dat percentage op 65 % lag voor de aanvraag van 2013; verwacht van de Commissie dat zij in haar tussentijdse beoordeling, die voltooid moet zijn op 30 juni 2017(1), gedetailleerde informatie opneemt over het aantal EFG-begunstigden dat op lange termijn opnieuw aan het werk is, zoals het eerder al vroeg in zijn resolutie van 15 september 2016(2);

4.  benadrukt dat de betrokken gebieden (Uusimaa, Pirkanmaa en Pohjois-Pohjanmaa) al eerder zijn getroffen door massale ontslagen in de ICT-sector en dat de werkloosheidscijfers voor hoogopgeleiden aanzienlijk zijn gestegen; erkent dat ICT-bedrijven in de EU in vergelijking met hun internationale concurrenten proportioneel gezien betrekkelijk veel oudere werknemers tellen;

5.  wijst erop dat de deels met EFG-middelen gefinancierde individuele dienstverlening voor de ontslagen werknemers onder meer het volgende omvat: coaching en andere voorbereidende maatregelen, loopbaanbegeleiding, beoordelingen door deskundigen, arbeidsvoorzienings- en bedrijfsdiensten, subsidies voor start-ups, loonsubsidies en vergoedingen voor reis-, verblijfs- en verhuiskosten;

6.  verwelkomt het brede aanbod van opleidingen en begeleiding dat wordt geleverd, naast de ondersteuning voor degenen die buiten Finland op zoek gaan naar werk, en voor beginnende ondernemers; is van mening dat deze maatregelen zeer passend zijn gezien het leeftijdsprofiel en de vaardigheden van de betrokken werknemers;

7.  is ingenomen met de raadpleging van belanghebbenden via een werkgroep met vertegenwoordigers van de Centra voor economische ontwikkeling, transport en het milieu (ELY-Centra), de diensten voor Werkgelegenheid en Economische Ontwikkeling (TE-diensten) van Uusimaa, Pirkanmaa en Pohjois-Pohjanmaa, Nokia Oyj, Technology Industries of Finland, de Vakbond Pro en de vakbond van professionele ingenieurs in Finland;

8.  beklemtoont dat het belangrijk is dat Nokia Network Systems zijn wettelijke verplichtingen naleeft, waaronder de richtlijn betreffende de informatie en raadpleging van werknemers(3), met name voor wat betreft het verstrekken van informatie aan werknemers op zowel nationaal als Europees niveau;

9.  wijst erop dat de maatregelen op het gebied van inkomenssteun 13,34 % van het totale pakket van individuele dienstverlening zullen uitmaken, ver onder het in de verordening vastgelegde maximum van 35 %, en dat deze maatregelen afhangen van de actieve deelname door de beoogde begunstigden aan opleidingsactiviteiten en activiteiten in verband met het zoeken van een baan;

10.  wijst erop dat de Finse autoriteiten garanties hebben geboden dat voor de voorgestelde maatregelen geen financiële steun uit andere fondsen of financieringsinstrumenten van de Unie zal worden ontvangen, dat dubbele ondersteuning zal worden voorkomen en dat de maatregelen een aanvulling zullen vormen op maatregelen gefinancierd door de structuurfondsen;

11.  verheugt zich over het feit dat Finland heeft bevestigd dat financiële steun uit het EFG niet in de plaats zal komen van maatregelen die de betrokken onderneming moet nemen krachtens de nationale wetgeving of uit hoofde van collectieve arbeidsovereenkomsten;

12.  herinnert eraan dat in artikel 7 van de EFG-verordening is bepaald dat bij het samenstellen van het gecoördineerde pakket van individuele dienstverlening rekening moet worden gehouden met toekomstperspectieven op de arbeidsmarkt en de vereiste vaardigheden, en dat dit pakket gericht moet zijn op de overgang naar een grondstoffenefficiënte en duurzame economie.

Hoogachtend,

Thomas HÄNDEL

Voorzitter EMPL

(1)

Artikel 20 van Verordening (EU) nr. 1309/2013

(2)

P8_TA(2016)0361: De werkzaamheden, impact en toegevoegde waarde van het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering tussen 2007 en 2014

(3)

Richtlijn 2002/14/EG van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2002 tot vaststelling van een algemeen kader betreffende de informatie en de raadpleging van de werknemers in de Europese Gemeenschap


BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE REGIONALE ONTWIKKELING

Betreft:  Beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering

Geachte heer Arthuis,

Een Commissievoorstel voor een besluit tot beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) is voor advies doorverwezen naar de Commissie regionale ontwikkeling. Naar verluidt zal op 11 mei 2017 een verslag over dit voorstel in de Begrotingscommissie worden goedgekeurd.

-  In COM(2017)0157 wordt voorgesteld te voorzien in een EFG-bijdrage van 2 641 800 EUR voor 945 ontslagen werknemers bij Nokia Oy en 3 leveranciers. De primaire onderneming is actief in de economische sector die is ingedeeld in NACE Rev. 2-afdeling 26 (Vervaardiging van informaticaproducten en van elektronische en optische producten), in Finland.

De regels die van toepassing zijn op de financiële bijdragen uit het EFG zijn vastgesteld in Verordening (EU) nr. 1309/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (2014-2020) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1927/2006.

De commissiecoördinatoren hebben dit voorstel besproken en mij verzocht u te schrijven dat de meerderheid in deze commissie geen bezwaar heeft tegen de beschikbaarstelling van het voornoemde bedrag uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering, zoals door de Commissie voorgesteld.

Hoogachtend,

Iskra MIHAYLOVA


INFORMATIE OVER DE GOEDKEURINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

11.5.2017

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

30

2

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Jean Arthuis, Lefteris Christoforou, Gérard Deprez, Manuel dos Santos, José Manuel Fernandes, Eider Gardiazabal Rubial, Monika Hohlmeier, Bernd Kölmel, Zbigniew Kuźmiuk, Vladimír Maňka, Clare Moody, Younous Omarjee, Pina Picierno, Paul Rübig, Petri Sarvamaa, Jordi Solé, Patricija Šulin, Eleftherios Synadinos, Indrek Tarand, Isabelle Thomas, Inese Vaidere, Monika Vana, Daniele Viotti, Marco Zanni

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Anneli Jäätteenmäki, Louis Michel, Stanisław Ożóg, Tomáš Zdechovský

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Georges Bach, Gabriele Preuß, Claudia Schmidt, Axel Voss


HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

30

+

ALDE

Jean Arthuis, Gérard Deprez, Anneli Jäätteenmäki, Louis Michel

ECR

Zbigniew Kuźmiuk, Stanisław Ożóg

ENF

Marco Zanni

GUE/NGL

Younous Omarjee

PPE

Georges Bach, Lefteris Christoforou, José Manuel Fernandes, Monika Hohlmeier, Paul Rübig, Petri Sarvamaa, Claudia Schmidt, Inese Vaidere, Axel Voss, Tomáš Zdechovský, Patricija Šulin

S&D

Eider Gardiazabal Rubial, Vladimír Maňka, Clare Moody, Pina Picierno, Gabriele Preuß, Isabelle Thomas, Daniele Viotti, Manuel dos Santos

Verts/ALE

Jordi Solé, Indrek Tarand, Monika Vana

2

-

ECR

Bernd Kölmel

NI

Eleftherios Synadinos

0

0

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

Juridische mededeling