Procedure : 2016/0257(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0273/2017

Ingediende teksten :

A8-0273/2017

Debatten :

PV 10/12/2018 - 17
CRE 10/12/2018 - 17

Stemmingen :

PV 11/12/2018 - 5.8
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2018)0490

VERSLAG     ***I
PDF 536kWORD 105k
28.7.2017
PE 589.452v02-00 A8-0273/2017

over het voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad tot oprichting van een Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding (Cedefop) en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 337/75

(COM(2016)0532 – C8-0343/2016 – 2016/0257(COD))

Commissie werkgelegenheid en sociale zaken

Rapporteur: Anne Sander

AMENDEMENTEN
ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 ADVIES van de Begrotingscommissie
 PROCEDURE VAN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad tot oprichting van een Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding (Cedefop) en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 337/75

(COM(2016)0532 – C8-0343/2016 – 2016/0257(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2016)0532),

–  gezien artikel 294, lid 2, artikel 166, lid 4, artikel 165, lid 4, en artikel 149 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C7-0343/2016),

–  gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité van 30 maar 2017(1),

–  Na raadpleging van het Comité van de Regio's,

–  gezien artikel 59 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken en het advies van de Begrotingscommissie (A8-0273/2017),

1.  stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;

2.  verzoekt de Commissie om hernieuwde voorlegging aan het Parlement indien zij haar voorstel vervangt, ingrijpend wijzigt of voornemens is het ingrijpend te wijzigen;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

Amendement    1

Voorstel voor een verordening

Overweging 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 bis)  Overeenkomstig artikel 149, artikel 165, lid 4, en artikel 166, lid 4, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) moedigt Cedefop samenwerking tussen de lidstaten aan en ondersteunt het hun activiteiten door middel van initiatieven die gericht zijn op het uitwisselen van informatie en optimale praktijken op het gebied van beroepsopleiding.

Amendement    2

Voorstel voor een verordening

Overweging 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(2)  Sinds zijn oprichting speelt Cedefop een belangrijke rol in het ondersteunen van de ontwikkeling van een gemeenschappelijk beleid inzake beroepsonderwijs en -opleiding. Tegelijkertijd zijn de betekenis en het belang van beroepsopleiding geëvolueerd onder invloed van veranderende arbeidsmarkten, technologische ontwikkelingen, in het bijzonder op digitaal gebied, en de toenemende arbeidsmobiliteit. Het beleid inzake beroepsopleiding heeft dezelfde ontwikkelingen ondergaan en omvat nu uiteenlopende instrumenten en initiatieven. Sommige daarvan, met name diegene die verband houden met vaardigheden en kwalificaties, waaronder de validatie van leerresultaten, overstijgen noodzakelijkerwijs de traditionele grenzen van beroepsonderwijs en -opleiding. Daarom moet de aard van de activiteiten van Cedefop duidelijk worden aangegeven en moet de desbetreffende terminologie worden aangepast. Tegelijkertijd moet deze binnen het toepassingsgebied blijven van de bepalingen van het Verdrag betreffende beroepsonderwijs en -opleiding.

(2)  Sinds zijn oprichting speelt Cedefop door zijn deskundigheid een belangrijke rol in het ondersteunen van de ontwikkeling van een gemeenschappelijk beleid inzake beroepsonderwijs en -opleiding. Tegelijkertijd zijn de betekenis en het belang van beroepsopleiding geëvolueerd onder invloed van veranderende arbeidsmarkten, de toenemende arbeidsmobiliteit en de toewijding van de Unie aan duurzaamheid en technologische ontwikkelingen, in het bijzonder op digitaal gebied, waardoor het een nog grotere uitdaging wordt om vaardigheden en kwalificaties af te stemmen op een voortdurend evoluerende vraag. Het beleid inzake beroepsopleiding heeft dezelfde ontwikkelingen ondergaan en omvat nu uiteenlopende instrumenten en initiatieven. Sommige daarvan, met name diegene die verband houden met vaardigheden en kwalificaties, waaronder de validatie van leerresultaten, overstijgen noodzakelijkerwijs de traditionele grenzen van beroepsonderwijs en -opleiding. Daarom moet de aard van de activiteiten van Cedefop duidelijk worden aangegeven en moet de desbetreffende terminologie worden aangepast. Tegelijkertijd moet deze binnen het toepassingsgebied blijven van de bepalingen van het Verdrag betreffende beroepsonderwijs en -opleiding.

Amendement    3

Voorstel voor een verordening

Overweging 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 bis)  Bij deze verordening wordt Verordening (EEG) nr. 337/75 ingetrokken, met als doel het mandaat en de taken van Cedefop te actualiseren en beter af te stemmen op zijn huidige activiteiten, die naast beroepsonderwijs en -opleiding ook werkzaamheden in verband met vaardigheden en kwalificaties omvatten, en het mandaat en de taken aan te passen aan de huidige beleidsprioriteiten en -strategieën, waarbij rekening wordt gehouden met recente beleidsontwikkelingen op het gebied van beroepsonderwijs en -opleiding, vaardigheden en kwalificaties.

Amendement    4

Voorstel voor een verordening

Overweging 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(4)  Om een beleid inzake beroepsonderwijs en -opleiding uit te voeren, is aandacht nodig voor het raakvlak tussen de wereld van onderwijs en opleiding en de wereld van het werk. Daarbij moet ervoor worden gezorgd dat de verworven kennis, vaardigheden en competenties de inzetbaarheid op veranderende arbeidsmarkten verbeteren en beantwoorden aan de behoeften van burgers en maatschappij.

(4)  Om een beleid inzake beroepsonderwijs en -opleiding uit te voeren, is aandacht nodig voor het raakvlak en de overgang tussen de wereld van onderwijs en opleiding en de wereld van het werk. Daarbij moet ervoor worden gezorgd dat de verworven kennis, vaardigheden en competenties de integratie op veranderende arbeidsmarkten verbeteren en beantwoorden aan de behoeften van burgers en maatschappij.

Amendement    5

Voorstel voor een verordening

Overweging 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(5)  Verordening (EEG) nr. 337/75 van de Raad is meermaals gewijzigd. Aangezien nieuwe wijzigingen noodzakelijk zijn, moet deze richtlijn ter wille van de duidelijkheid worden ingetrokken.

(5)  Verordening (EEG) nr. 337/75 is meermaals gewijzigd. Aangezien nieuwe wijzigingen noodzakelijk zijn, moet deze richtlijn ter wille van de duidelijkheid worden ingetrokken, zonder af te wijken van de voornaamste doelstellingen ervan en zonder afbreuk te doen aan de oorspronkelijke doelen ervan.

Amendement    6

Voorstel voor een verordening

Overweging 6 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(6 bis)  Met betrekking tot de leiding van Cedefop dient de raad van bestuur met het oog op de geleidelijke vervanging van zijn leden te overwegen het aantal mogelijke opeenvolgende ambtstermijnen door aanpassing van het huishoudelijk reglement of op andere wijze te beperken.

Amendement    7

Voorstel voor een verordening

Overweging 7

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7)  Aangezien de drie zogenoemde tripartiete agentschappen, namelijk Cedefop, de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsvoorwaarden (Eurofound) en het Europees Agentschap voor veiligheid en gezondheid op het werk (EU-OSHA), thema's behandelen die verband houden met de arbeidsmarkt, werkomgeving, beroepsonderwijs en -opleiding en vaardigheden, is een nauwe samenwerking tussen de drie agentschappen nodig en moeten de manieren om efficiëntie en synergieën te verbeteren, worden benut. Daarnaast moet het Agentschap, waar mogelijk, streven naar efficiënte samenwerking met de interne onderzoeksinstanties van de Europese Commissie.

(7)  Aangezien de drie tripartiete agentschappen, namelijk Cedefop, de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsvoorwaarden (Eurofound) en het Europees Agentschap voor veiligheid en gezondheid op het werk (EU-OSHA), thema's behandelen die verband houden met de arbeidsmarkt, werkomgeving, beroepsonderwijs en -opleiding en vaardigheden, is een nauwe samenwerking tussen hen nodig, moeten de manieren om efficiëntie en synergieën te verbeteren, worden benut en moet overlapping met betrekking tot hun activiteiten, onderling en tussen de agentschappen en de Commissie, worden voorkomen. Daarnaast moet Cedefop, waar mogelijk, streven naar efficiënte samenwerking met de interne onderzoeksinstanties van de instellingen van de Unie.

Motivering

Gemeenschappelijk compromis ter vervanging van de amendementen 4, 30, 31, 32 (Cedefop); 2, 50, 51, 52 (Eurofound); 3, 30, 31, 32 (EU-OSHA).

Amendement    8

Voorstel voor een verordening

Overweging 7 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(7 bis)  Het tripartiete karakter van Cedefop, Eurofound en EU-OSHA symboliseert een globale benadering op basis van een sociale dialoog tussen de sociale partners en de nationale en Unieautoriteiten, die uitermate waardevol is voor het vinden van gezamenlijke en duurzame oplossingen.

Amendement    9

Voorstel voor een verordening

Overweging 8 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 bis)  De voor het functioneren van Cedefop vereiste vertaaldiensten dienen, voor zover mogelijk, te worden verricht door het Vertaalbureau voor de organen van de Europese Unie (Vertaalbureau). Waar nodig, bijvoorbeeld vanwege het dringende karakter of de kosten van een vertaling of de hoge werkdruk van het Vertaalbureau, moeten ook andere in vertaalwerk gespecialiseerde dienstverleners vertaaldiensten kunnen verrichten. Die andere dienstverleners moeten tegen kosten die niet hoger zijn, hetzelfde kwaliteitsniveau garanderen als het Vertaalbureau, moeten voldoen aan de milieu-, arbeids- en sociale normen van de Unie en moeten, waar van toepassing, de regels inzake openbare aanbestedingen in acht nemen.

Amendement    10

Voorstel voor een verordening

Overweging 8 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 ter)  Cedefop moet bij zijn aanbestedingsactiviteiten milieu-, arbeids- en sociale normen van hoge kwaliteit in acht nemen, evenals een hoog niveau van transparantie en de regels inzake eerlijke mededinging.

Amendement    11

Voorstel voor een verordening

Overweging 8 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 quater)  Bij het opstellen van de begroting van Cedefop moet het beginsel van resultaatgericht begroten in acht worden genomen, met oog voor zijn doelstellingen en verwachte resultaten.

Amendement    12

Voorstel voor een verordening

Overweging 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(9)  De bepalingen van Verordening (EEG) nr. 337/75 inzake het personeel van Cedefop moeten worden afgestemd op het statuut van de ambtenaren van de Europese Unie ("het statuut") en op de bij Verordening (EEG, Euratom, EGKS) nr. 259/68 van de Raad vastgestelde regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie ("RAP")7.

(9)  De bepalingen van Verordening (EEG) nr. 337/75 inzake het personeel van Cedefop moeten worden afgestemd op het statuut van de ambtenaren van de Europese Unie ("het statuut") en op de bij Verordening (EEG, Euratom, EGKS) nr. 259/68 van de Raad vastgestelde regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie ("RAP")7. Met het oog op zijn geactualiseerde toepassingsgebied moet Cedefop worden uitgerust met voldoende personeel om het in staat te stellen zijn mandaat naar behoren uit te voeren.

__________________

__________________

7  Verordening (EEG, Euratom, EGKS) nr. 259/68 (PB L 56 van 4.3.1968, blz. 1).

7  Verordening (EEG, Euratom, EGKS) nr. 259/68 (PB L 56 van 4.3.1968, blz. 1).

Amendement    13

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Het doel van het Agentschap is het ondersteunen van de Commissie bij het ontwerpen en uitvoeren van beleidsmaatregelen inzake beroepsonderwijs en -opleiding, vaardigheden en kwalificaties. Daartoe voorziet het Agentschap in empirische gegevens en diensten met het oog op beleidsvorming en kennisdeling tussen de actoren op Unieniveau onderling en met nationale actoren, met name regeringen en sociale partners.

2.  Het doel van het Agentschap is het ondersteunen van het beleid van de Unie op het gebied van beroepsonderwijs en -opleiding, vaardigheden en kwalificaties. Daartoe voorziet het Agentschap in onafhankelijke empirische gegevens, analyses, diensten en ondersteuning met het oog op beleidsvorming en kennisdeling tussen de actoren op Unieniveau onderling en met nationale actoren.

Amendement    14

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter e bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

e bis)  beleidsvormers op basis van zijn eigen analyses en onderzoek voorzien van empirisch onderbouwde beleidsvoorstellen op het gebied van beroepsonderwijs en -opleiding;

Motivering

Cedefop is heel goed in staat om de stap van analyse en informatieverstrekking naar de vertaling hiervan in waardevolle beleidsvoorstellen om te zetten. Dit dient uitdrukkelijk te worden vermeld bij de omschrijving van zijn taken en mandaat.

Amendement    15

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter h

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

h)  instrumenten, gegevensverzamelingen en diensten met betrekking tot vaardigheden, beroepen en kwalificaties beheren en ter beschikking stellen van burgers, bedrijven, beleidsmakers, sociale partners en andere belanghebbenden.

h)  in samenwerking met de Commissie instrumenten, gegevensverzamelingen en diensten met betrekking tot vaardigheden, beroepen en kwalificaties beheren en ter beschikking stellen van burgers, bedrijven, beleidsmakers, sociale partners en andere belanghebbenden.

Amendement    16

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Bij de uitvoering van zijn taken onderhoudt het Agentschap een nauwe dialoog, voornamelijk met gespecialiseerde instanties, zowel publieke als private, nationale als internationale, overheden, onderwijsinstellingen en werknemers- en werkgeversorganisaties. Zonder daarbij afbreuk te doen aan zijn eigen doelstellingen waarborgt het Agentschap de samenwerking met andere agentschappen van de Europese Unie, vooral met de Europese Stichting voor opleiding, Eurofound en EU-OSHA. Het doel van deze samenwerking is overlappingen te voorkomen en de synergie en het complementaire karakter van hun activiteiten te versterken.

3.  Bij de uitvoering van zijn taken onderhoudt het Agentschap een nauwe dialoog, voornamelijk met gespecialiseerde instanties die werken aan beleidsmaatregelen inzake beroepsonderwijs en -opleiding, vaardigheden en kwalificaties, zowel publieke als private, nationale als internationale, met overheden, onderwijsinstellingen en werknemers- en werkgeversorganisaties, alsook met nationale tripartiete organen, waar deze bestaan. Zonder daarbij afbreuk te doen aan zijn eigen doelstellingen waarborgt het Agentschap de samenwerking met andere agentschappen van de Unie, vooral met de Europese Stichting voor opleiding, Eurofound en EU-OSHA. Het doel van deze samenwerking is overlappingen te voorkomen en de synergie en het complementaire karakter van hun activiteiten, met inbegrip van de mogelijkheid om samen te werken, te versterken.

Amendement    17

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis.  Het Agentschap kan deelnemen aan alle openbare aanbestedingen die de Commissie organiseert op zijn deskundigheidsgebieden, waarbij het de regels inzake transparantie, eerlijke concurrentie en sociale rechten in acht neemt.

Amendement    18

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 1 – alinea 1 – letter d bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

d bis)  drie onafhankelijke deskundigen die door het Europees Parlement worden benoemd;

Amendement    19

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 1 – alinea 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De onder a), b) en c) bedoelde leden worden door de Raad benoemd op basis van respectievelijk door de lidstaten, de Europese werkgeversorganisaties en de Europese werknemersorganisaties ingediende lijsten met kandidaten. De vertegenwoordigers van de Commissie worden door de Commissie benoemd.

De onder a), b) en c) bedoelde leden worden door de Raad benoemd op basis van respectievelijk door de lidstaten, de Europese werkgeversorganisaties en de Europese werknemersorganisaties ingediende lijsten met kandidaten. De onder d) bedoelde leden worden door de Commissie benoemd. De bevoegde commissie van het Europees Parlement benoemt de onder d bis) bedoelde deskundigen.

Amendement    20

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De leden van de raad van bestuur en hun plaatsvervangers worden benoemd op grond van hun kennis op het gebied van beroepsonderwijs en -opleiding, vaardigheden en kwalificaties, met inachtneming van hun relevante bestuurlijke, administratieve en budgettaire vaardigheden. Alle partijen in de raad van bestuur trachten het verloop van hun vertegenwoordigers te beperken om de continuïteit van de werkzaamheden van de raad van bestuur te waarborgen. Alle partijen streven naar een evenwichtige vertegenwoordiging van mannen en vrouwen in de raad van bestuur.

3.  De leden van de raad van bestuur en hun plaatsvervangers worden benoemd op grond van hun kennis op het gebied van beroepsonderwijs en -opleiding, vaardigheden en kwalificaties, met inachtneming van hun relevante bestuurlijke, administratieve en budgettaire vaardigheden. Alle partijen in de raad van bestuur trachten het verloop van hun vertegenwoordigers te beperken om de continuïteit van de werkzaamheden van de raad van bestuur te waarborgen. Bij de benoeming van hun vertegenwoordigers en plaatsvervangers in de raad van bestuur dragen het Europees Parlement, de Commissie, de lidstaten en de sociale partners zorg voor een evenwichtige vertegenwoordiging van mannen en vrouwen.

Amendement    21

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 3 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis.  Ieder lid en ieder plaatsvervangend lid ondertekent bij ambtsaanvaarding of verlenging van een ambtstermijn een schriftelijke belangenverklaring en actualiseert deze wanneer zich een verandering in de desbetreffende omstandigheden voordoet. Het Agentschap publiceert de belangenverklaringen en de geactualiseerde versies op zijn website.

Motivering

Gemeenschappelijk compromis ter vervanging van de amendementen 53, 62, 69 en 70 (Cedefop).

Amendement    22

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  De leden en de plaatsvervangers worden voor vier jaar benoemd. Deze termijn kan worden verlengd. Na afloop van hun ambtstermijn of in het geval van aftreden blijven de leden van de raad van bestuur tot hun herbenoeming of vervanging in functie.

4.  De leden en de plaatsvervangers worden voor vier jaar benoemd. Deze termijn kan worden hernieuwd. Na afloop van hun ambtstermijn of in het geval van aftreden blijven de leden van de raad van bestuur tot hun herbenoeming of vervanging in functie.

Motivering

Afstemming op de ambtstermijn van de voorzitter en de vicevoorzitters (kan eenmaal worden verlengd) (artikel 7, lid 2). Gemeenschappelijk compromis ter vervanging van de amendementen 9, 71, 72, 73, 74, 75 (Cedefop), (105), 106, 107, 108 (Eurofound), 11, (74), 75, 76, 77, 78 (EU-OSHA).

Amendement    23

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 5 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

5 bis.  Een vertegenwoordiger van Eurofound en een vertegenwoordiger van EU-OSHA hebben op de vergaderingen van de raad van bestuur de status van waarnemer teneinde de efficiëntie van de drie tripartiete agentschappen en de onderlinge synergieën te bevorderen en overlapping van hun activiteiten te vermijden.

Motivering

Gemeenschappelijk compromis ter vervanging van de amendementen 10, 15, 77, 78, 79, 101 en 102 (Cedefop).

Amendement    24

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1 – letter a

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  zorgt voor de algemene aansturing van de activiteiten van het Agentschap en stelt ieder jaar het programmeringsdocument van het Agentschap vast met een tweederdemeerderheid van zijn stemgerechtigde leden en in overeenstemming met artikel 6;

a)  zorgt voor de strategische aansturing van de activiteiten van het Agentschap, die aansluiten bij de behoeften van zijn belangrijkste belanghebbenden, en stelt ieder jaar het programmeringsdocument van het Agentschap vast met een tweederdemeerderheid van zijn stemgerechtigde leden en in overeenstemming met artikel 6;

Motivering

Gemeenschappelijk compromis ter vervanging van de amendementen 11 en 80 (Cedefop).

Amendement    25

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1 – letter f

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

f)  stelt regels vast voor de voorkoming en beheersing van belangenconflicten met betrekking tot zijn leden;

f)  stelt regels vast, met inbegrip van maatregelen om mogelijke risico's in een vroeg stadium op te sporen, voor de voorkoming en beheersing van belangenconflicten met betrekking tot zijn leden en onafhankelijke deskundigen, alsmede gedetacheerde nationale deskundigen en ander personeel dat niet in dienst is van het Agentschap, als bedoeld in artikel 19;

Motivering

Gemeenschappelijk compromis ter vervanging van amendement 81 (Cedefop).

Amendement    26

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1 – letter g

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

g)  stelt communicatie- en verspreidingsplannen vast en werkt deze regelmatig bij op basis van een behoeftenanalyse;

g)  stelt communicatie- en verspreidingsplannen vast en werkt deze regelmatig bij op basis van een behoeftenanalyse, en brengt dit tot uiting in het programmeringsdocument van het Agentschap;

Motivering

Gemeenschappelijk compromis ter vervanging van amendement 12 (Cedefop).

Amendement    27

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1 – letter k

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

k)  benoemt de uitvoerend directeur en, indien relevant, verlengt zijn ambtstermijn of ontheft hem uit zijn functie overeenkomstig artikel 18;

k)  benoemt de uitvoerend directeur en, indien relevant, hernieuwt zijn ambtstermijn of ontheft hem uit zijn functie overeenkomstig artikel 18;

Amendement    28

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1 – letter n

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

n)  neemt alle beslissingen in verband met de oprichting van de interne structuren van het Agentschap en, waar nodig, de wijziging ervan, rekening houdend met de activiteitenbehoeften van het Agentschap en met het oog op een gezond begrotingsbeheer.

Schrappen

Amendement    29

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Het jaarlijkse werkprogramma bevat gedetailleerde doelstellingen en de beoogde resultaten, met inbegrip van prestatie-indicatoren. Het bevat voorts een beschrijving van de te financieren acties en een indicatie van de financiële en personele middelen die aan iedere actie worden toegewezen overeenkomstig de beginselen betreffende activiteitsgestuurde begroting en beheer. Het jaarlijkse werkprogramma is consistent met het in lid 4 bedoelde meerjarige werkprogramma. Het vermeldt duidelijk de taken die zijn toegevoegd, gewijzigd of geschrapt ten opzichte van het vorige begrotingsjaar.

3.  Het jaarlijkse werkprogramma bevat gedetailleerde doelstellingen en de beoogde resultaten, met inbegrip van prestatie-indicatoren, alsook de activiteiten en programma's die vooraf of achteraf aan evaluaties moeten worden onderworpen. Het bevat voorts een beschrijving van de te financieren acties, met inbegrip van geplande maatregelen om de efficiëntie te verbeteren, en een indicatie van de financiële en personele middelen die aan iedere actie worden toegewezen overeenkomstig de beginselen betreffende activiteitsgestuurde begroting en beheer. Het jaarlijkse werkprogramma is consistent met het in lid 4 bedoelde meerjarige werkprogramma. Het vermeldt duidelijk de taken die zijn toegevoegd, gewijzigd of geschrapt ten opzichte van het vorige begrotingsjaar.

Amendement    30

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 4 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.   De raad van bestuur past het vastgestelde jaarlijkse werkprogramma aan wanneer het Agentschap een nieuwe taak krijgt toegewezen. De raad van bestuur kan aan de uitvoerend directeur de bevoegdheid delegeren om niet-wezenlijke wijzigingen door te voeren in het jaarlijkse werkprogramma.

1.   De raad van bestuur past het vastgestelde jaarlijkse werkprogramma aan wanneer het Agentschap een nieuwe taak krijgt toegewezen. Hij moet overlappingen met de programmering van EU-OSHA en Eurofound voorkomen en ervoor zorgen dat een herprioritering van zijn activiteiten wordt overwogen voordat eventueel extra financiële middelen worden toegewezen. De raad van bestuur kan aan de uitvoerend directeur de bevoegdheid delegeren om niet-wezenlijke wijzigingen door te voeren in het jaarlijkse werkprogramma.

Amendement    31

Voorstel voor een verordening

Artikel 7 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De raad van bestuur kiest als volgt een voorzitter en drie vicevoorzitters: één uit de groep leden die de lidstaten vertegenwoordigt, één uit de groep leden die de werkgeversorganisaties vertegenwoordigt, één uit de groep leden die de werknemersorganisaties vertegenwoordigt en één uit de groep leden die de Commissie vertegenwoordigt. De voorzitter en vicevoorzitters worden door de stemgerechtigde leden van de raad van bestuur gekozen met een tweederdemeerderheid.

1.  De raad van bestuur kiest als volgt een voorzitter en drie vicevoorzitters: één uit de groep leden die de lidstaten vertegenwoordigt, één uit de groep leden die de werkgeversorganisaties vertegenwoordigt, één uit de groep leden die de werknemersorganisaties vertegenwoordigt en één uit de groep leden die de Commissie vertegenwoordigt. De voorzitter en vicevoorzitters worden door de stemgerechtigde leden van de raad van bestuur gekozen met een tweederdemeerderheid. De raad van bestuur draagt er zorg voor dat in de functies van voorzitter en vicevoorzitters, in hun totaliteit bezien, mannen en vrouwen evenwichtig vertegenwoordigd zijn.

Amendement  32

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Indien dat in dringende gevallen noodzakelijk is, kan het uitvoerend comité namens de raad van bestuur bepaalde voorlopige beslissingen nemen, met name op het gebied van administratief beheer, met inbegrip van de opschorting van de delegatie van de bevoegdheden van het tot aanstelling bevoegde gezag en begrotingskwesties.

3.  Indien dat in dringende gevallen noodzakelijk is, kan het uitvoerend comité namens de raad van bestuur bepaalde voorlopige beslissingen nemen, met inbegrip van de opschorting van de delegatie van de bevoegdheden van het tot aanstelling bevoegde gezag, in overeenstemming met de in artikel 5, lid 2, bedoelde voorwaarden, en begrotingskwesties.

Amendement    33

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  Het uitvoerend comité bestaat uit de voorzitter van de raad van bestuur, de drie vicevoorzitters, de coördinatoren van de drie in artikel 4, lid 5, vermelde groepen en een vertegenwoordiger van de Commissie. Elke in artikel 4, lid 5, vermelde groep mag ten hoogste twee plaatsvervangers aanwijzen om de vergaderingen van het uitvoerend comité bij te wonen indien de gewone leden afwezig zijn. De voorzitter van de raad van bestuur is ook de voorzitter van het uitvoerend comité. De uitvoerend directeur neemt deel aan de vergaderingen van het uitvoerend comité, maar heeft geen stemrecht.

4.  Het uitvoerend comité bestaat uit de voorzitter van de raad van bestuur, de drie vicevoorzitters, de coördinatoren van de drie in artikel 4, lid 5, vermelde groepen en een vertegenwoordiger van de Commissie. Elke in artikel 4, lid 5, vermelde groep mag ten hoogste twee plaatsvervangers aanwijzen om de vergaderingen van het uitvoerend comité bij te wonen indien de gewone leden afwezig zijn, waarbij een evenwichtige vertegenwoordiging van mannen en vrouwen wordt gewaarborgd. De voorzitter van de raad van bestuur is ook de voorzitter van het uitvoerend comité. De uitvoerend directeur neemt deel aan de vergaderingen van het uitvoerend comité, maar heeft geen stemrecht.

Amendement    34

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – lid 5

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  De ambtstermijn van de leden van het uitvoerend comité bedraagt twee jaar. Deze termijn kan worden verlengd. De ambtstermijn van de leden van het uitvoerend comité eindigt wanneer hun lidmaatschap van de raad van bestuur eindigt.

5.  De ambtstermijn van de leden van het uitvoerend comité bedraagt twee jaar. Deze termijn kan worden hernieuwd. De ambtstermijn van de leden van het uitvoerend comité eindigt wanneer hun lidmaatschap van de raad van bestuur eindigt.

Motivering

Gemeenschappelijk compromis ter vervanging van de amendementen 16, 109, 110, 111 (Cedefop), 31, 149, 150, 151 (Eurofound), 15, 109, 110, 111, 112 (EU-OSHA).

Amendement    35

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – lid 6

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6.  Het uitvoerend comité komt driemaal per jaar bijeen. Daarnaast komt het uitvoerend comité bijeen op initiatief van de voorzitter of op verzoek van zijn leden.

6.  Het uitvoerend comité komt driemaal per jaar bijeen. Daarnaast komt het uitvoerend comité bijeen op initiatief van de voorzitter of op verzoek van zijn leden. Na iedere vergadering stelt elke coördinator de leden van zijn of haar groep tijdig en op transparante wijze op de hoogte van de inhoud van de discussie.

Amendement    36

Voorstel voor een verordening

Artikel 11 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De uitvoerend directeur beheert het Agentschap. De uitvoerend directeur legt verantwoording af aan de raad van bestuur.

1.  De uitvoerend directeur is verantwoordelijk voor het algemene beheer van het Agentschap overeenkomstig de strategische richting van de raad van bestuur en legt verantwoording af aan de raad van bestuur.

Motivering

Gemeenschappelijk compromis ter vervanging van amendement 114 (Cedefop).

Amendement    37

Voorstel voor een verordening

Artikel 11 – lid 5 – letter b bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b bis)  het nemen van beslissingen op het gebied van het personeelsbeheer overeenkomstig de in artikel 5, lid 2, bedoelde beslissing;

Motivering

Compromisamendement ter vervanging van de amendementen 18, 120 en 121 (Cedefop).

Amendement    38

Voorstel voor een verordening

Artikel 11 – lid 5 – letter b ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b ter)  het nemen van beslissingen over de interne structuren van het Agentschap en, waar nodig, de wijziging ervan, met inachtneming van de behoeften in verband met de activiteiten van het Agentschap en een gezond begrotingsbeheer.

Motivering

Gemeenschappelijk compromis ter vervanging van de amendementen 18, 120 en 121 (Cedefop).

Amendement    39

Voorstel voor een verordening

Artikel 11 – lid 5 – letter j

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

j)  het opstellen van de ontwerpraming van ontvangsten en uitgaven van het Agentschap en het uitvoeren van de begroting van het Agentschap.

j)  het opstellen van de ontwerpraming van ontvangsten en uitgaven van het Agentschap en het uitvoeren van de begroting van het Agentschap, als onderdeel van het programmeringsdocument van het Agentschap.

Amendement    40

Voorstel voor een verordening

Artikel 11 – lid 5 – letter j bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

j bis)  samenwerking met andere agentschappen van de Unie, en het sluiten van samenwerkingsovereenkomsten met die agentschappen.

Amendement    41

Voorstel voor een verordening

Artikel 11 – lid 6

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6.  Het is ook de verantwoordelijkheid van de uitvoerend directeur te beslissen of het voor de efficiënte en effectieve uitvoering van de taken van het Agentschap noodzakelijk is een of meer lokale kantoren op te richten in een of meer lidstaten. Dergelijke beslissingen moeten vooraf worden goedgekeurd door de Commissie, de raad van bestuur en de lidstaat waar het lokale kantoor wordt opgericht. In die beslissingen wordt het toepassingsgebied gespecificeerd van de activiteiten die in dat lokale kantoor moeten worden uitgevoerd, op zodanige wijze dat onnodige kosten en verdubbeling van administratieve functies van het Agentschap worden vermeden.

6.  Het is ook de verantwoordelijkheid van de uitvoerend directeur te beslissen of het voor de efficiënte en effectieve uitvoering van de taken van het Agentschap noodzakelijk is een lokaal kantoor in Brussel op te richten als verbindingskantoor om de samenwerking van het Agentschap met de betrokken instellingen van de Unie te bevorderen. Dergelijke beslissingen worden onderworpen aan voorafgaande goedkeuring door de Commissie, de raad van bestuur en de lidstaat waar het lokale kantoor wordt opgericht. In die beslissingen wordt het toepassingsgebied gespecificeerd van de activiteiten die in dat lokale kantoor moeten worden uitgevoerd, op zodanige wijze dat onnodige kosten en verdubbeling van administratieve functies van het Agentschap worden vermeden.

Motivering

Gemeenschappelijk compromis ter vervanging van de amendementen 19, 124, 125, 126 en 127 (Cedefop).

Amendement    42

Voorstel voor een verordening

Artikel 11 – lid 6 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

6 bis.  De uitvoerend directeur kan, na raadpleging van het uitvoerend comité, een adjunct-directeur benoemen na goedkeuring met een gewone meerderheid van stemmen in de raad van bestuur. De adjunct-directeur wordt geselecteerd uit het hogere personeel van het Agentschap en zijn of haar mandaat eindigt tegelijk met dat van de uitvoerend directeur, of eerder, om disciplinaire redenen na goedkeuring met een gewone meerderheid van stemmen in de raad van bestuur. De uitvoerend directeur motiveert de noodzaak van de benoeming van een adjunct-directeur en trekt daarvoor voldoende middelen uit. De taken van de adjunct-directeur worden duidelijk omschreven, hebben uitsluitend betrekking op het dagelijkse beheer van het Agentschap en worden goedgekeurd door het uitvoerend comité op basis van voorstellen van de uitvoerend directeur. De adjunct-directeur woont de vergaderingen van de raad van bestuur en het uitvoerend comité bij.

Amendement    43

Voorstel voor een verordening

Artikel 13 – lid 1 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

De voorlopige ontwerpraming stoelt op de doelstellingen en verwachte resultaten van het jaarlijkse programmeringsdocument zoals bedoeld in artikel 6, lid 1, en houdt rekening met de financiële middelen die nodig zijn voor het verwezenlijken van die doelstellingen en verwachte resultaten, in overeenstemming met het beginsel van resultaatgericht begroten.

Amendement    44

Voorstel voor een verordening

Artikel 13 – lid 1 – alinea 1 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Bij de voorlopige ontwerpraming wordt ervoor gezorgd dat de uitgaven voor personeel toereikend zijn om het Agentschap in staat te stellen zijn mandaat naar behoren uit te voeren.

Amendement    45

Voorstel voor een verordening

Artikel 13 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  De Commissie stuurt de ontwerpraming, samen met het voorontwerp van algemene begroting van de Unie, naar de begrotingsautoriteit.

4.  De Commissie legt de ontwerpraming, samen met het ontwerp van algemene begroting van de Unie, voor aan de begrotingsautoriteit en het Agentschap.

Amendement    46

Voorstel voor een verordening

Artikel 15 – lid 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  Uiterlijk op 1 juli van het jaar dat volgt op elk begrotingsjaar dient de rekenplichtige de definitieve rekeningen en het advies van de raad van bestuur in bij het Europees Parlement, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer.

5.  Uiterlijk op 1 juli van het jaar dat volgt op elk begrotingsjaar dient de rekenplichtige de definitieve rekeningen en het advies van de raad van bestuur in bij het Europees Parlement, de Raad, de Commissie en de Europese Rekenkamer.

Amendement    47

Voorstel voor een verordening

Artikel 18 – lid 2 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De uitvoerend directeur wordt na een open en transparante selectieprocedure door de raad van bestuur benoemd uit een lijst van door de Commissie voorgestelde kandidaten.

De uitvoerend directeur wordt door de raad van bestuur benoemd uit een lijst van door de Commissie voorgestelde kandidaten, na een open en transparante selectieprocedure die een strenge beoordeling van de kandidaten en een grote mate van onafhankelijkheid verzekert. Na zijn of haar benoeming neemt de uitvoerend directeur deel aan een gedachtewisseling in de bevoegde commissie van het Europees Parlement.

Amendement    48

Voorstel voor een verordening

Artikel 18 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  Op grond van een voorstel van de Commissie, waarin rekening wordt gehouden met de in lid 3 bedoelde beoordeling, kan de raad van bestuur de ambtstermijn van de uitvoerend directeur eenmaal verlengen met ten hoogste vijf jaar.

4.  Op grond van een voorstel van de Commissie, waarin rekening wordt gehouden met de in lid 3 bedoelde beoordeling, kan de raad van bestuur de ambtstermijn van de uitvoerend directeur eenmaal hernieuwen.

Amendement    49

Voorstel voor een verordening

Artikel 18 – lid 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  Een uitvoerend directeur wiens ambtstermijn is verlengd, kan na afloop van de volledige termijn niet deelnemen aan een nieuwe selectieprocedure voor hetzelfde ambt.

5.  Een uitvoerend directeur wiens ambtstermijn is hernieuwd, kan na afloop van de volledige termijn niet deelnemen aan een nieuwe selectieprocedure voor hetzelfde ambt.

Amendement    50

Voorstel voor een verordening

Artikel 18 – lid 6

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6.  De uitvoerend directeur kan uitsluitend uit zijn functie worden ontheven bij besluit van de raad van bestuur op voorstel van de Commissie.

6.  De uitvoerend directeur kan uitsluitend uit zijn of haar functie worden ontheven bij besluit van de raad van bestuur op voorstel van de Commissie, op basis van een met redenen omklede beoordeling van zijn of haar functioneren als uitvoerend directeur.

Amendement    51

Voorstel voor een verordening

Artikel 21 – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  Het Agentschap kan in één of meerdere lidstaten plaatselijke kantoren oprichten voor zover de lidstaten hiermee instemmen en in overeenstemming met artikel 11, lid 6.

4.  Het Agentschap kan in overeenstemming met artikel 11, lid 6, een verbindingskantoor in Brussel oprichten.

Motivering

Gemeenschappelijk compromis ter vervanging van de amendementen 22, 140, 141 en 142 (Cedefop).

Amendement    52

Voorstel voor een verordening

Artikel 22 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De voor het functioneren van het Agentschap vereiste vertaaldiensten worden geleverd door het Vertaalbureau voor de organen van de Europese Unie.

3.  De voor het functioneren van het Agentschap vereiste vertaaldiensten worden geleverd door het Vertaalbureau voor de organen van de Europese Unie of, zo nodig, door andere vertaaldiensten.

Amendement    53

Voorstel voor een verordening

Artikel 23 – lid -1 (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

-1.  Het Agentschap werkt met een hoge mate van transparantie.

Amendement    54

Voorstel voor een verordening

Artikel 27 – lid -1 (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

-1.  Overeenkomstig artikel 30, lid 4, van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad1bis voert het Agentschap evaluaties vooraf van zijn activiteiten uit als die belangrijke uitgaven met zich meebrengen, alsook evaluaties achteraf.

 

__________________

 

1bis Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 (PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1).

Amendement    55

Voorstel voor een verordening

Artikel 27 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Als de Commissie van oordeel is dat het voortbestaan van het Agentschap niet langer gerechtvaardigd is in het licht van zijn doelstellingen, mandaat en taken, kan zij voorstellen om deze verordening dienovereenkomstig te wijzigen of in te trekken.

2.  Als de Commissie van oordeel is dat het voortbestaan van het Agentschap niet langer gerechtvaardigd is in het licht van zijn doelstellingen, mandaat en taken, kan zij voorstellen om deze verordening dienovereenkomstig te wijzigen of in te trekken. Een dergelijk voorstel wordt uitsluitend ingediend na een gedetailleerde beoordeling en na het Europees Parlement, de lidstaten en de sociale partners te hebben geïnformeerd en geraadpleegd.

(1)

PB C 209 van 30.7.2017, blz. 4.


TOELICHTING

Het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding (Cedefop) is een van de oudste agentschappen van de Europese Unie. Door de kwaliteit van zijn analyses en gegevens over de stelsels voor en het beleid inzake beroepsonderwijs en -opleiding, maar ook door zijn vermogen om de uitwisseling van ideeën en best practices te bevorderen, heeft Cedefop bekendheid en geloofwaardigheid verworven bij beleidsmakers.

Als belangrijk expertisecentrum heeft Cedefop in de loop der jaren zijn activiteiten weten uit te breiden tot vaardigheden en kwalificaties, rekening houdend met de maatschappelijke, economische, politieke en technologische ontwikkelingen. Het begin van het digitale tijdperk vormde een keerpunt in de kijk op het beleid inzake onderwijs en beroepsopleiding. Morgen zullen we ongetwijfeld beroepen uitoefenen die vandaag nog niet bestaan. Daarom moeten vaardigheden en kwalificaties voortdurend worden aangepast aan de nieuwe behoeften van het bedrijfsleven. Ook een leven lang leren moet worden aangemoedigd.

Met het oog hierop en op basis van de gegevens en analyses van Cedefop heeft de Europese Commissie in juni 2016 "Een nieuwe agenda voor vaardigheden voor Europa" gepubliceerd teneinde de 70 miljoen Europeanen te helpen die moeite hebben met lezen, schrijven, rekenen en het gebruik van digitale tools. Om dit grote project tot een goed einde te brengen, wil de Commissie gebruik maken van de deskundigheid en de instrumenten van Cedefop. Wel moet worden verduidelijkt welke rol het Agentschap precies moet gaan spelen, teneinde de goede verstandhouding tussen de belanghebbenden te bewaren en niet aan het mandaat van Cedefop te raken.

In dit verband heeft de Europese Commissie op 23 augustus 2016 een herziening van de oprichtingsverordening van Cedefop voorgesteld. Die verordening dateert al van 1975, het jaar waarin het Agentschap is opgericht.

Het doel van deze herziening is tweeledig. Enerzijds wordt beoogd een aantal bepalingen van de verordening te harmoniseren met de gemeenschappelijke aanpak voor gedecentraliseerde agentschappen. Anderzijds wordt beoogd de doelstellingen en taken van het Cedefop te actualiseren teneinde de oprichtingsverordening aan te passen aan de feitelijke activiteiten van het Agentschap.

In zijn ontwerpverslag uit de rapporteur zijn tevredenheid over het feit dat de gemeenschappelijke aanpak waarover de Commissie, de Raad en het Europees Parlement op 12 juni 2012 in Straatsburg een duidelijke gezamenlijke verklaring hebben afgelegd, eindelijk in de praktijk wordt gebracht ten behoeve van een beter bestuur en een grotere doeltreffendheid van deze agentschappen, zodat die de uitvoering van het overheidsbeleid beter kunnen begeleiden.

Voorts is de rapporteur ingenomen met de actualisering van de doelstellingen en taken van het Agentschap in het licht van de activiteiten die het nu al verricht en die volledig beantwoorden aan de prioriteiten van het Europese beleid inzake onderwijs en beroepsopleiding. De rapporteur is ook verheugd dat het unieke systeem van tripartiet bestuur van het Agentschap – door de regeringen, de werkgeversorganisaties en de werknemersorganisaties – behouden blijft.

Wel plaatst de rapporteur vraagtekens bij de timing van een deze herziening. De herziening is weliswaar positief voor het functioneren en de doeltreffendheid van Cedefop, maar het werkprogramma zou beter zo worden georganiseerd dat bij de herziening rekening kan worden gehouden met de conclusies van de externe evaluatie van het Agentschap, die eind dit jaar zullen worden bekendgemaakt.


ADVIES van de Begrotingscommissie (27.4.2017)

aan de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken

inzake het voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad tot oprichting van een Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding (Cedefop) en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 337/75

(COM(2016)0532 – C8-0343/2016 – 2016/0257(COD))

Rapporteur voor advies: Jens Geier

BEKNOPTE MOTIVERING

De Commissie heeft deze ontwerpverordening voorgesteld om een aantal bepalingen van de bestaande Cedefop-verordening af te stemmen op de gemeenschappelijke aanpak voor gedecentraliseerde agentschappen. De herziening biedt ook de kans om de doelstellingen en taken van Cedefop te actualiseren.

De oprichtingsverordeningen van de andere twee zogenoemde tripartiete agentschappen van de Europese Unie, namelijk het Europees Agentschap voor veiligheid en gezondheid op het werk (EU-OSHA) en de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsomstandigheden (Eurofound), ondergaan tegelijkertijd ook een herziening.

De gevolgen voor de begroting in termen van personele en financiële middelen, zoals gedetailleerd vermeld in het financieel memorandum, stroken met mededeling COM(2013) 519 van de Commissie.

De rapporteur stelt voor om een aantal bepalingen betreffende de samenwerking tussen de tripartiete agentschappen te wijzigen teneinde deze samenwerking te versterken.

Voorts stelt de rapporteur voor om een door het Europees Parlement benoemde vertegenwoordiger in de raad van bestuur van het Agentschap op te nemen ter vervanging van één vertegenwoordiger van de Commissie. Deze benadering is in overeenstemming met de gezamenlijke verklaring van de Raad en de Commissie van 19 juli 2012 over de gedecentraliseerde agentschappen.

AMENDEMENTEN

De Begrotingscommissie verzoekt de ten principale bevoegde Commissie werkgelegenheid en sociale zaken onderstaande amendementen in aanmerking te nemen:

Amendement    1

Voorstel voor een verordening

Overweging 7

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7)  Aangezien de drie zogenoemde tripartiete agentschappen, namelijk Cedefop, de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsvoorwaarden (Eurofound) en het Europees Agentschap voor veiligheid en gezondheid op het werk (EU-OSHA), thema's behandelen die verband houden met de arbeidsmarkt, werkomgeving, beroepsonderwijs en -opleiding en vaardigheden, is een nauwe samenwerking tussen de drie agentschappen nodig en moeten de manieren om efficiëntie en synergieën te verbeteren, worden benut. Daarnaast moet het Agentschap, waar mogelijk, streven naar efficiënte samenwerking met de interne onderzoeksinstanties van de Europese Commissie.

(7)  Aangezien de drie zogenoemde tripartiete agentschappen, namelijk Cedefop, de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsvoorwaarden (Eurofound) en het Europees Agentschap voor veiligheid en gezondheid op het werk (EU-OSHA), thema's behandelen die verband houden met de arbeidsmarkt, werkomgeving, beroepsonderwijs en -opleiding en vaardigheden, is een nauwe samenwerking tussen de drie agentschappen nodig en moeten de manieren om efficiëntie en synergieën te verbeteren, worden benut. Met name wordt overwogen om deze agentschappen administratieve taken te laten delen of samenvoegen en moeten de agentschappen hun respectieve jaarlijkse werkprogramma's in nauwe onderlinge samenwerking vaststellen om overlapping te voorkomen. Daarnaast moet het Agentschap, waar mogelijk, streven naar efficiënte samenwerking met de interne onderzoeksinstanties van de Europese Commissie.

Amendement    2

Voorstel voor een verordening

Overweging 8 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 bis)  Bij het opstellen van de begroting van het Agentschap moet het beginsel van resultaatgericht begroten in acht worden genomen, met oog voor zijn doelstellingen en verwachte resultaten.

Amendement    3

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.   Het doel van het Agentschap is het ondersteunen van de Commissie bij het ontwerpen en uitvoeren van beleidsmaatregelen inzake beroepsonderwijs en -opleiding, vaardigheden en kwalificaties. Daartoe voorziet het Agentschap in empirische gegevens en diensten met het oog op beleidsvorming en kennisdeling tussen de actoren op Unieniveau onderling en met nationale actoren, met name regeringen en sociale partners.

2.  Het doel van het Agentschap is het ondersteunen van de Commissie, andere instellingen van de Unie, de lidstaten en de sociale partners bij het ontwerpen en uitvoeren van beleidsmaatregelen inzake beroepsonderwijs en -opleiding, vaardigheden en kwalificaties. Daartoe voorziet het Agentschap in empirische gegevens en analyses met het oog op beleidsvorming en kennisdeling tussen de actoren op Unieniveau onderling en met nationale actoren, met name regeringen en sociale partners.

Amendement    4

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Bij de uitvoering van zijn taken onderhoudt het Agentschap een nauwe dialoog, voornamelijk met gespecialiseerde instanties, zowel publieke als private, nationale als internationale, overheden, onderwijsinstellingen en werknemers- en werkgeversorganisaties. Zonder daarbij afbreuk te doen aan zijn eigen doelstellingen waarborgt het Agentschap de samenwerking met andere agentschappen van de Europese Unie, vooral met de Europese Stichting voor opleiding, Eurofound en EU-OSHA. Het doel van deze samenwerking is overlappingen te voorkomen en de synergie en het complementaire karakter van hun activiteiten te versterken.

3.  Bij de uitvoering van zijn taken onderhoudt het Agentschap een nauwe dialoog, voornamelijk met gespecialiseerde instanties, zowel publieke als private, nationale als internationale, overheden, onderwijsinstellingen en werknemers- en werkgeversorganisaties.

Amendement    5

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis.  Onverminderd zijn eigen doelstellingen werkt het Agentschap samen met andere agentschappen van de Unie, met name met de Europese Stichting voor opleiding, de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsomstandigheden en het Europees Agentschap voor veiligheid en gezondheid op het werk, teneinde voor coördinatie te zorgen, financiële besparingen te realiseren, overlappingen te voorkomen en bij hun activiteiten synergie en complementariteit te bevorderen.

Amendement    6

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 3 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 ter.  Het Agentschap moet samenwerkingsovereenkomsten sluiten met andere relevante Europese agentschappen om de onderlinge samenwerking te verbeteren en te bevorderen.

Amendement    7

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De raad van bestuur bestaat uit:

1.  De raad van bestuur bestaat uit:

a)  een lid per lidstaat dat de regering van die lidstaat vertegenwoordigt;

a)  een lid per lidstaat dat de regering van die lidstaat vertegenwoordigt;

b)  een lid per lidstaat dat de werkgeversorganisaties van die lidstaat vertegenwoordigt;

b)  een lid per lidstaat dat de werkgeversorganisaties van die lidstaat vertegenwoordigt;

c)  een lid per lidstaat dat de werknemersorganisaties van die lidstaat vertegenwoordigt;

c)  een lid per lidstaat dat de werknemersorganisaties van die lidstaat vertegenwoordigt;

d)  drie leden die de Commissie vertegenwoordigen.

d)  twee leden die de Commissie vertegenwoordigen;

 

d bis)  een onafhankelijk lid dat het Europees Parlement vertegenwoordigt.

Alle onder a) tot en met d) bedoelde leden zijn stemgerechtigd.

Alle onder a) tot en met d bis) bedoelde leden zijn stemgerechtigd.

 

De benoeming wordt van kracht zodra de betrokkene een verklaring inzake de afwezigheid van belangenconflicten heeft ondertekend.

De onder a), b) en c) bedoelde leden worden door de Raad benoemd op basis van respectievelijk door de lidstaten, de Europese werkgeversorganisaties en de Europese werknemersorganisaties ingediende lijsten met kandidaten. De vertegenwoordigers van de Commissie worden door de Commissie benoemd.

De onder a), b) en c) bedoelde leden worden door de Raad benoemd op basis van respectievelijk door de lidstaten, de Europese werkgeversorganisaties en de Europese werknemersorganisaties ingediende lijsten met kandidaten. De vertegenwoordigers van de Commissie en het Parlement worden door de Commissie en het Parlement benoemd.

 

Een vertegenwoordiger van het Europees Agentschap voor veiligheid en gezondheid op het werk en een vertegenwoordiger van Eurofound hebben de status van waarnemer op de vergaderingen van de raad van bestuur.

Motivering

De gezamenlijke verklaring van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie over de gedecentraliseerde agentschappen van 19 juli 2012 biedt het Parlement de mogelijkheid om één lid van de raad van bestuur te benoemen.

Amendement    8

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 4 – eerste alinea

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De raad van bestuur past het vastgestelde jaarlijkse werkprogramma aan wanneer het Agentschap een nieuwe taak krijgt toegewezen. De raad van bestuur kan aan de uitvoerend directeur de bevoegdheid delegeren om niet-wezenlijke wijzigingen door te voeren in het jaarlijkse werkprogramma.

De raad van bestuur past het vastgestelde jaarlijkse werkprogramma aan wanneer het Agentschap een nieuwe taak krijgt toegewezen. Hij moet overlappingen met de programmering van de andere tripartiete agentschappen van de Unie voorkomen en ervoor zorgen dat een herprioritering van de werkzaamheden altijd als valabel alternatief wordt overwogen voordat eventueel extra financiële middelen worden toegewezen. De raad van bestuur kan aan de uitvoerend directeur de bevoegdheid delegeren om niet-wezenlijke wijzigingen door te voeren in het jaarlijkse werkprogramma.

Amendement    9

Voorstel voor een verordening

Artikel 11 – lid 5 – letter j bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

j bis)  samenwerking met andere Europese agentschappen, en het sluiten van samenwerkingsovereenkomsten met die agentschappen.

Amendement    10

Voorstel voor een verordening

Artikel 13 – lid 1 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

De voorlopige ontwerpraming stoelt op de doelstellingen en verwachte resultaten van het jaarlijkse programmeringsdocument zoals bedoeld in artikel 6, lid 1, en houdt rekening met de financiële middelen die nodig zijn voor het verwezenlijken van die doelstellingen en verwachte resultaten, in overeenstemming met het beginsel van resultaatgericht begroten.

Amendement    11

Voorstel voor een verordening

Artikel 13 – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  De Commissie stuurt de ontwerpraming, samen met het voorontwerp van algemene begroting van de Unie, naar de begrotingsautoriteit.

4.  De Commissie stuurt de ontwerpraming, samen met het voorontwerp van algemene begroting van de Unie, naar de begrotingsautoriteit. De Commissie zendt deze ontwerpraming tegelijk aan het Agentschap toe.

Amendement    12

Voorstel voor een verordening

Artikel 22 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De voor het functioneren van het Agentschap vereiste vertaaldiensten worden geleverd door het Vertaalbureau voor de organen van de Europese Unie.

3.  De voor het functioneren van het Agentschap vereiste vertaaldiensten worden geleverd door het Vertaalbureau voor de organen van de Europese Unie of andere verrichters van vertaaldiensten in overeenstemming met de aanbestedingsregels en binnen de grenzen van de toepasselijke financiële regels.

Amendement    13

Voorstel voor een verordening

Artikel 27 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Uiterlijk vijf jaar na de in artikel 36 bedoelde datum en daarna om de vijf jaar voert de Commissie een evaluatie uit in overeenstemming met de richtsnoeren van de Commissie om de prestaties van het Agentschap te toetsen aan zijn doelstellingen, mandaat en taken. Deze evaluatie richt zich in het bijzonder op de vraag of het mandaat van het Agentschap moet worden gewijzigd en op de financiële gevolgen van dergelijke wijzigingen.

1.  Uiterlijk vijf jaar na de in artikel 36 bedoelde datum en daarna om de vijf jaar legt de Commissie een evaluatie voor in overeenstemming met de richtsnoeren van de Commissie om de prestaties van het Agentschap te toetsen aan zijn doelstellingen, mandaat en taken. Deze evaluatie richt zich in het bijzonder op de vraag of het mandaat van het Agentschap moet worden gewijzigd en op de financiële gevolgen van dergelijke wijzigingen.

PROCEDURE VAN DE MEDEADVISERENDE COMMISSIE

Titel

Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding (Cedefop)

Document- en procedurenummers

COM(2016)0532 – C8-0343/2016 – 2016/0257(COD)

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

EMPL

12.9.2016

 

 

 

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

BUDG

12.9.2016

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Jens Geier

15.9.2016

Datum goedkeuring

25.4.2017

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

30

2

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Nedzhmi Ali, Jean Arthuis, Richard Ashworth, Lefteris Christoforou, Gérard Deprez, Manuel dos Santos, José Manuel Fernandes, Eider Gardiazabal Rubial, Jens Geier, Esteban González Pons, Bernd Kölmel, Zbigniew Kuźmiuk, Vladimír Maňka, Clare Moody, Victor Negrescu, Jan Olbrycht, Younous Omarjee, Paul Rübig, Petri Sarvamaa, Jordi Solé, Patricija Šulin, Eleftherios Synadinos, Indrek Tarand, Inese Vaidere, Monika Vana, Daniele Viotti, Stanisław Żółtek

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Jean-Paul Denanot, Ivana Maletić, Derek Vaughan, Rainer Wieland, Tomáš Zdechovský

HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE MEDEADVISERENDE COMMISSIE

30

+

ALDE

Nedzhmi Ali, Jean Arthuis, Gérard Deprez

ECR

Richard Ashworth, Bernd Kölmel, Zbigniew Kuźmiuk

GUE/NGL

Younous Omarjee

PPE

Lefteris Christoforou, José Manuel Fernandes, Esteban González Pons, Ivana Maletić, Jan Olbrycht, Paul Rübig, Petri Sarvamaa, Patricija Šulin, Inese Vaidere, Rainer Wieland, Tomáš Zdechovský

S&D

Jean-Paul Denanot, Eider Gardiazabal Rubial, Jens Geier, Vladimír Maňka, Clare Moody, Victor Negrescu, Derek Vaughan, Daniele Viotti, Manuel dos Santos

Verts/ALE

Jordi Solé, Indrek Tarand, Monika Vana

2

-

ENF

Stanisław Żółtek

NI

Eleftherios Synadinos

0

0

 

 

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding


PROCEDURE VAN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

Titel

Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding (Cedefop)

Document- en procedurenummers

COM(2016)0532 – C8-0343/2016 – 2016/0257(COD)

Datum indiening bij EP

23.8.2016

 

 

 

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

EMPL

12.9.2016

 

 

 

Medeadviserende commissies

       Datum bekendmaking

BUDG

12.9.2016

 

 

 

Rapporteurs

       Datum benoeming

Anne Sander

22.9.2016

 

 

 

Behandeling in de commissie

22.3.2017

25.4.2017

 

 

Datum goedkeuring

12.7.2017

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

47

3

1

Bij de eindstemming aanwezige leden

Guillaume Balas, Brando Benifei, Enrique Calvet Chambon, David Casa, Ole Christensen, Martina Dlabajová, Lampros Fountoulis, Elena Gentile, Arne Gericke, Marian Harkin, Czesław Hoc, Danuta Jazłowiecka, Agnes Jongerius, Rina Ronja Kari, Jan Keller, Ádám Kósa, Agnieszka Kozłowska-Rajewicz, Jean Lambert, Jérôme Lavrilleux, Patrick Le Hyaric, Jeroen Lenaers, Verónica Lope Fontagné, Thomas Mann, Dominique Martin, Anthea McIntyre, Joëlle Mélin, Elisabeth Morin-Chartier, Marek Plura, Terry Reintke, Robert Rochefort, Claude Rolin, Sven Schulze, Siôn Simon, Romana Tomc, Yana Toom, Marita Ulvskog, Renate Weber, Tatjana Ždanoka, Jana Žitňanská

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Maria Arena, Lynn Boylan, Tania González Peñas, Marju Lauristin, Paloma López Bermejo, Anne Sander, Joachim Schuster, Michaela Šojdrová, Helga Stevens, Flavio Zanonato

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Andrejs Mamikins, Elena Valenciano

Datum indiening

28.7.2017


HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE BEVOEGDE COMMISSIE

47

+

ALDE

ECR

GUE/NGL

PPE

S&D

VERTS/ALE

Martina Dlabajová, Marian Harkin, Robert Rochefort, Yana Toom, Renate Weber

Arne Gericke, Czesław Hoc, Anthea McIntyre, Helga Stevens, Jana Žitňanská

Lynn Boylan, Tania González Peñas, Rina Ronja Kari, Patrick Le Hyaric, Paloma López Bermejo

David Casa, Danuta Jazłowiecka, Agnieszka Kozłowska-Rajewicz, Ádám Kósa, Jérôme Lavrilleux, Jeroen Lenaers, Verónica Lope Fontagné, Thomas Mann, Elisabeth Morin-Chartier, Marek Plura, Claude Rolin, Anne Sander, Sven Schulze, Michaela Šojdrová, Romana Tomc

Maria Arena, Guillaume Balas, Brando Benifei, Ole Christensen, Elena Gentile, Agnes Jongerius, Jan Keller, Marju Lauristin, Andrejs Mamikins, Joachim Schuster, Siôn Simon, Marita Ulvskog, Elena Valenciano, Flavio Zanonato

Jean Lambert, Terry Reintke, Tatjana Ždanoka

3

-

ENF

NI

Dominique Martin, Joëlle Mélin

Lampros Fountoulis

1

0

ALDE

Enrique Calvet Chambon

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

Juridische mededeling