Procedure : 2017/2101(BUD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0280/2017

Ingediende teksten :

A8-0280/2017

Debatten :

Stemmingen :

PV 13/09/2017 - 9.4
CRE 13/09/2017 - 9.4

Aangenomen teksten :

P8_TA(2017)0335

VERSLAG     
PDF 641kWORD 53k
5.9.2017
PE 607.953v02-00 A8-0280/2017

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Solidariteitsfonds van de Europese Unie voor bijstand aan Italië

(COM(2017)0540 – C8-0199/2017 – 2017/2101(BUD))

Begrotingscommissie

Rapporteur: Giovanni La Via

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
 TOELICHTING
 BIJLAGE – BRIEF VAN DE COMMISSIE REGIONALE ONTWIKKELING
 INFORMATIE OVER DE GOEDKEURINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Solidariteitsfonds van de Europese Unie voor bijstand aan Italië

(COM(2017)0540 – C8-0199/2017 – 2017/2101(BUD))

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2017)00540 – C8-0199/2017),

–  gezien Verordening (EG) nr. 2012/2002 van de Raad van 11 november 2002 tot oprichting van het Solidariteitsfonds van de Europese Unie(1),

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(2), en met name artikel 10,

–  gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(3), en met name punt 11,

–  gezien de brief van de Commissie regionale ontwikkeling,

–  gezien het verslag van de Begrotingscommissie (A8-0280/2017),

1.  wijst erop dat het besluit de omvangrijkste beschikbaarstelling ooit van middelen uit het Solidariteitsfonds van de Europese Unie vertegenwoordigt;

2.  wijst erop dat het maximumbedrag van het voorschot als bedoeld in artikel 4 bis van de Verordening (EG) nr. 2012/0020 als gewijzigd bij Verordening (EU) nr. 661/2014 van het Europees Parlement en de Raad(4) vaak ontoereikend zou kunnen zijn als hulpmaatregel voor rampen die worden geclassificeerd als "grote natuurramp"; benadrukt dat overwogen moet worden een hoger maximumbedrag vast te stellen voor deze specifieke eerste financiële bijdragen, om de schade als gevolg van dit soort rampen efficiënt en snel te kunnen herstellen;

3.  verwelkomt het besluit als een teken van solidariteit van de Unie met de burgers en regio's van de Unie die worden getroffen door natuurrampen;

4.  hecht zijn goedkeuring aan het bij deze resolutie gevoegde besluit;

5.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit samen met de voorzitter van de Raad te ondertekenen en zorg te dragen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie;

6.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie, met inbegrip van de bijlage, te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

(1)

PB L 311 van 14.11.2002, blz. 3.

(2)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.

(3)

PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(4)

Verordening (EU) nr. 661/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2012/2002 van de Raad tot oprichting van het Solidariteitsfonds van de Europese Unie (PB L 189 van 27.6.2014, blz. 1439).


BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Solidariteitsfonds van de Europese Unie voor bijstand aan Italië

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 2012/2002 van de Raad van 11 november 2002 tot oprichting van het Solidariteitsfonds van de Europese Unie(1), en met name artikel 4, lid 3,

Gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(2), en met name punt 11,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)  Het Solidariteitsfonds van de Europese Unie (hierna "het fonds" genoemd) heeft tot doel de Unie in staat te stellen snel, doeltreffend en soepel op noodsituaties te reageren in solidariteit met de bevolking van door natuurrampen getroffen regio's.

(2)  Zoals vastgesteld in artikel 10, lid 1, van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013(3) van de Raad mag het fonds het jaarlijkse maximumbedrag van 500 000 000 EUR (in prijzen van 2011) niet overschrijden. Het volledige bedrag voor 2016 is onbenut gebleven en overeenkomstig artikel 10, lid 1, van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 naar het volgende jaar overgedragen, en voor een deel gebruikt in april 2017. Het bedrag voor 2017 is nog niet aangesproken.

(3)  Op 16 november 2016 heeft Italië een aanvraag tot beschikbaarstelling van middelen uit het fonds ingediend, nadat de regio's Abruzzen, Lazio, Marche en Umbrië op 24 augustus 2016 door een aardbeving werden getroffen. Latere aardbevingen hebben de eerder getroffen gebieden opnieuw geteisterd en de omvang van de eerder gemelde schade sterk doen toenemen. Op 15 februari 2017 heeft Italië zijn definitieve aanvraag ingediend met herziene ramingen die op alle tussen 24 augustus 2016 en 18 januari 2017 aangerichte schade betrekking hadden.

(4)  De aanvraag van Italië voldoet aan de voorwaarden voor het verlenen van een financiële bijdrage uit het fonds, zoals bepaald in artikel 4 van Verordening (EG) nr. 2012/2002.

(5)  Er moeten derhalve middelen uit het fonds beschikbaar worden gesteld om te voorzien in een financiële bijdrage aan Italië.

(6)  Aangezien het bedrag dat voor 2017 beschikbaar mag worden gesteld, niet de volledige bijdrage dekt, dient het verschil te worden gefinancierd met behulp van het voor 2018 beschikbare jaarlijkse bedrag, zoals is bepaald in artikel 10, lid 2, van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013.

(7)  Teneinde zo snel mogelijk middelen uit het fonds ter beschikking te stellen, moet dit besluit van toepassing zijn vanaf de datum waarop het wordt vastgesteld,

HEBBEN HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In het kader van de algemene begroting van de Unie voor het begrotingsjaar 2017 wordt uit het Solidariteitsfonds van de Europese Unie een bedrag van 1 196 797 579 EUR aan vastleggings- en betalingskredieten beschikbaar gesteld aan Italië.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Het is van toepassing vanaf … [de datum van vaststelling](4)*.

Gedaan te,

Voor het Europees Parlement  Voor de Raad

De Voorzitter  De Voorzitter

(1)

  PB L 311 van 14.11.2002, blz. 3.

(2)

  PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(3)

  Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020 (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884).

(4)

* Datum door het Parlement in te voegen vóór bekendmaking in het PB.


TOELICHTING

De Commissie stelt voor om middelen uit het Solidariteitsfonds van de Europese Unie (SFEU) beschikbaar te stellen voor de verlening van financiële bijstand in verband met aardbevingen die tussen augustus 2016 en januari 2017 hebben plaatsgevonden in de regio’s Abruzzen, Lazio, Marche en Umbrië in Italië.

Tussen eind augustus 2016 en medio januari 2017 vond een reeks aardbevingen plaats met magnitudes van 5,9 tot 6,5 op de schaal van Richter, gevolgd door vele naschokken, die grote delen van de Apennijnen in Midden-Italië troffen, met name de regio’s Abruzzen, Lazio, Marche en Umbrië. Hierbij vielen 333 dodelijke slachtoffers en moest aan ruim 30 000 mensen hulp worden verleend. Bovendien ontstond aanzienlijke schade aan de infrastructuur, bedrijven, waaronder in de landbouw en het toerisme, en werden de levensomstandigheden van de bevolking aangetast. Zo werden het centrum van Amatrice en de 14de eeuwse basiliek van Sint Benedictus in Norcia verwoest bij de aardbevingen van augustus en oktober.

In hun aanvraag, door de Commissie ontvangen op 16 november 2016, en aangevuld op 15 februari 2016 met alle schade die zich tussen 24 augustus en 18 januari 2017 voordeed, raamden de Italiaanse autoriteiten de totale directe schade veroorzaakt door de ramp op 21 878,8 miljoen EUR. Aangezien dit overeenkomt met 1,36 % van het bnp van Italië (3,3 miljard EUR) en daarmee de drempel van 3 miljoen EUR overschrijdt, kan de ramp worden aangemerkt als een "grote natuurramp" in de zin van artikel 2, lid 2, van de SFEU-verordening.

De kosten van subsidiabele essentiële noodacties in de zin van artikel 3, lid 2, van de verordening worden door de Italiaanse autoriteiten geraamd op 2 149 363 344 EUR, waarvan het grootste deel de kosten betreft voor het herstel van infrastructuur, met name wegen, gevolgd door de kosten van reddingsdiensten en voorlopige huisvesting.

De getroffen regio's vallen onder de categorie "overgangsregio's" en "meer ontwikkelde regio's" in het kader van de Europese structuur- en investeringsfondsen (ESI) (2014-2020). De Italiaanse autoriteiten hebben verklaard dat zij voornemens zijn middelen van de ESI-fondsprogramma's over te hevelen naar herstelmaatregelen.

Italië heeft verzocht om betaling van een voorschot, dat op 29 november 2016 door de Commissie werd toegekend, neerkomend op een bedrag van 30 000 000 EUR (het maximaal mogelijke bedrag uit hoofde van de bepalingen van de verordening) en volledig werd uitbetaald.

De Commissie stelt voor om, net als in het verleden, het percentage van 2,5 % van de totale directe schade toe te passen tot de drempel van Italië voor "grote natuurramp", en 6 % tot het deel van de totale directe schade boven deze drempel. De voorgestelde steun bedraagt derhalve in totaal 1 196 797 579 EUR.

Conclusie

Voor de voorgestelde beschikbaarstelling is een wijziging van de begroting 2017 nodig, alsmede een ontwerp van gewijzigde begroting (nr. 4/2017) om begrotingsartikel 13 06 01 "Bijstand aan lidstaten in het geval van een grote natuurramp die ernstige gevolgen heeft voor de levensomstandigheden van de burgers, het natuurlijke milieu of de economie" te verhogen met 1 166 797 579 EUR aan zowel vastleggings- als betalingskredieten.

Dit is het tweede besluit tot beschikbaarstelling van middelen van 2017 en het hoogste bedrag dat ooit uit het SFEU beschikbaar werd gesteld.

Het totale beschikbare bedrag voor de beschikbaarstelling van middelen uit het SFEU aan het begin van het jaar 2017 bedroeg 1 115 121 612 EUR, oftewel de toewijzing voor 2017 en de volledige toewijzing voor 2016, die niet werd benut en werd overgedragen. Het bedrag dat in dit stadium van 2017 beschikbaar kan worden gesteld is 902 826 499 EUR, overeenkomend met het totale bedrag dat aan het begin van het jaar beschikbaar was, min de eerdere beschikbaarstelling uit het Fonds (71 524 810 EUR), min het ingehouden bedrag van 140 770 303 EUR, overeenkomstig artikel 10, lid 1, van de MFK-verordening, waarin wordt bepaald dat een vierde van het jaarlijkse bedrag beschikbaar moet blijven tot 1 oktober van het betreffende jaar.

Aangezien dit bedrag niet toereikend is om de volledige beschikbaarstelling te dekken, stelt de Commissie voor het verschil van 293 971 080 EUR te financieren uit het jaarlijkse bedrag voor 2018, overeenkomstig artikel 10, lid 2, van de MFK-verordening.

De rapporteur pleit voor de snelle goedkeuring van het bij dit verslag gevoegde voorstel van de Commissie voor een besluit betreffende de beschikbaarstelling van het hoogste bedrag ooit voor een enkel land, als teken van solidariteit met de getroffen Italiaanse regio’s.


BIJLAGE – BRIEF VAN DE COMMISSIE REGIONALE ONTWIKKELING

De heer Jean ARTHUIS

Voorzitter

Begrotingscommissie

Europees Parlement

Betreft:  Beschikbaarstelling van middelen uit het Solidariteitsfonds van de Europese Unie voor bijstand aan Italië

Geachte heer Arthuis,

De Europese Commissie heeft het Europees Parlement haar voorstel doen toekomen voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Solidariteitsfonds van de Europese Unie (COM(2017)0540) op grond van de door Italië ingediende aanvraag voor bijstand uit het fonds naar aanleiding van een reeks aardbevingen die zich tussen augustus 2016 en januari 2017 in de regio's Abruzzen, Lazio, Marche en Umbrië hebben voorgedaan.

De Commissie stelt voor middelen uit het Solidariteitsfonds van de Europese Unie beschikbaar te stellen en raamt de door de rampen veroorzaakte schade als volgt:

Ramp

Totale directe schade

(in miljoen EUR)

Drempel voor grote rampen

 

(in miljoen EUR)

2,5 % van de directe schade tot de drempel

(in miljoen EUR)

 

6 % van de directe schade boven de drempel(in EUR)

 

Voorgesteld totaal steunbedrag

 

(in EUR)

ITALIË

21 878,767

3 312,242 

82 806 050

1 113 991 529

1 196 797 579

TOTAAL

1 196 797 579

Aangezien er als voorschot uit de begroting 2016 al 30 miljoen EUR is uitgetrokken voor deze aanvraag ten aanzien van het Solidariteitsfonds van de Europese Unie (EUSF), doet de Commissie een voorstel voor een ontwerp van gewijzigde begroting (OGB, nummer 4) voor het jaar 2017 (COM(2017)0541 final) om de hierboven voorgestelde beschikbaarstelling van middelen uit het EUSF te dekken middels verhoging van begrotingsartikel 13 06 01 “Bijstand aan lidstaten in het geval van een grote natuurramp die ernstige gevolgen heeft voor de levensomstandigheden van de burgers, het natuurlijke milieu of de economie” met 1 166 797 579 EUR aan zowel vastleggings- als betalingskredieten.

De commissiecoördinatoren hebben deze voorstellen besproken en mij verzocht u mee te delen dat de meerderheid in deze commissie geen bezwaar heeft tegen de beschikbaarstelling van het hierboven genoemde bedrag uit het Solidariteitsfonds van de EU, zoals door de Commissie voorgesteld, en akkoord gaat met het hiermee verband houdende OGB nr. 4/2017, zoals door de Commissie voorgesteld.

Hoogachtend,

Iskra MIHAYLOVA


INFORMATIE OVER DE GOEDKEURINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

30.8.2017

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

36

1

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Jean Arthuis, Richard Ashworth, Reimer Böge, Lefteris Christoforou, Gérard Deprez, Manuel dos Santos, André Elissen, José Manuel Fernandes, Eider Gardiazabal Rubial, Jens Geier, Iris Hoffmann, Monika Hohlmeier, John Howarth, Bernd Kölmel, Zbigniew Kuźmiuk, Vladimír Maňka, Siegfried Mureşan, Liadh Ní Riada, Jan Olbrycht, Younous Omarjee, Urmas Paet, Pina Picierno, Paul Rübig, Petri Sarvamaa, Jordi Solé, Patricija Šulin, Indrek Tarand, Isabelle Thomas, Inese Vaidere, Monika Vana, Daniele Viotti, Tiemo Wölken, Marco Zanni

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Anneli Jäätteenmäki, Giovanni La Via, Tomáš Zdechovský

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Fabio Massimo Castaldo


HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE BEVOEGDE COMMISSIE

36

+

ALDE

Jean Arthuis, Gérard Deprez, Anneli Jäätteenmäki, Urmas Paet

ECR

Richard Ashworth, Bernd Kölmel, Zbigniew Kuźmiuk

EFDD

Fabio Massimo Castaldo

ENF

Marco Zanni

GUE/NGL

Liadh Ní Riada, Younous Omarjee

PPE

Reimer Böge, Lefteris Christoforou, José Manuel Fernandes, Monika Hohlmeier, Giovanni La Via, Siegfried Mureşan, Jan Olbrycht, Paul Rübig, Petri Sarvamaa, Patricija Šulin, Inese Vaidere, Tomáš Zdechovský

S&D

Eider Gardiazabal Rubial, Jens Geier, Iris Hoffmann, John Howarth, Vladimír Maňka, Pina Picierno, Isabelle Thomas, Daniele Viotti, Tiemo Wölken, Manuel dos Santos

Verts/ALE

Jordi Solé, Indrek Tarand, Monika Vana

1

-

ENF

André Elissen

0

0

 

 

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

Juridische mededeling