Procedure : 2017/2011(INI)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0294/2017

Ingediende teksten :

A8-0294/2017

Debatten :

PV 24/10/2017 - 18
CRE 24/10/2017 - 18

Stemmingen :

PV 25/10/2017 - 7.7
CRE 25/10/2017 - 7.7

Aangenomen teksten :

P8_TA(2017)0413

VERSLAG     
PDF 539kWORD 82k
11.10.2017
PE 606.242v03-00 A8-0294/2017

over de grondrechtelijke aspecten bij de integratie van Roma in de EU: bestrijding van zigeunerhaat

(2017/2038(INI))

Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken

Rapporteur: Soraya Post

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 ADVIES van de Commissie rechten van de vrouw en gendergelijkheid
 INFORMATIE OVER DE GOEDKEURINGIN DE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over de grondrechtelijke aspecten bij de integratie van Roma in de EU: bestrijding van zigeunerhaat

(2017/2038(INI))

Het Europees Parlement,

–  gezien het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU) en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU),

–  gezien de preambule bij het VEU, in het bijzonder streepje 2 en streepje 4 tot en met 7,

–  gezien onder meer artikel 2, artikel 3, lid 3, tweede streepje, en artikel 6 van het VEU,

  gezien onder meer artikel 10 en artikel 19, lid 1, van het VWEU,

–  gezien het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie van 7 december 2000 (hierna "het Handvest"), dat op 12 december 2007 in Straatsburg is uitgevaardigd en met het Verdrag van Lissabon in december 2009 in werking is getreden,

–  gezien de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens die in 1948 werd aangenomen door de Algemene Vergadering van de VN,

–  gezien het VN-Verdrag inzake de rechten van het kind dat op 20 november 1989 te New York werd aangenomen, met name artikel 3,

–  gezien de op 25 september 2015 door de Algemene Vergadering aangenomen VN-resolutie A/70/L.1 getiteld "Transforming our world: the 2030 Agenda for Sustainable Development",

–  gezien de op 1 november 2005 door de Algemene Vergadering aangenomen VN-resolutie A/RES/60/7 over de herdenking van de Holocaust,

–  gezien het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden,

–  gezien de Kaderovereenkomst van de Raad van Europa inzake de bescherming van nationale minderheden,

–  gezien de op 1 februari 2012 aangenomen verklaring van het Comité van Ministers van de Raad van Europa over de toename van zigeunerhaat en racistisch geweld tegenover Roma in Europa,

–  gezien algemene beleidsaanbeveling nr. 13 van de Europese Commissie tegen racisme en intolerantie (ECRI) over de bestrijding van zigeunerhaat en discriminatie van Roma,

–  gezien het Handvest van de politieke partijen voor een maatschappij zonder racisme, goedgekeurd door het Congres van lokale en regionale overheden van de Raad van Europa tijdens zijn 32e zitting in maart 2017,

–  gezien resolutie 1985 (2014) over de situatie en rechten van nationale minderheden in Europa en resolutie 2153 (2017) over de bevordering van de inclusie van Roma en Travellers van de Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa,

–  gezien de verklaring van secretaris-generaal Thorbjørn Jagland van 11 april 2017 over tien doelstellingen voor de komende tien jaar,

–  gezien het IAO-verdrag betreffende discriminatie in arbeid en beroep, 1958 (nr. 111),

–  gezien Richtlijn 2000/43/EG van de Raad van 29 juni 2000 houdende toepassing van het beginsel van gelijke behandeling van personen ongeacht ras of etnische afstamming(1),

–  gezien Richtlijn 2000/78/EG van de Raad van 27 november 2000 tot instelling van een algemeen kader voor gelijke behandeling in arbeid en beroep(2),

–  gezien Richtlijn 2012/29/EU van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van minimumnormen voor de rechten, de ondersteuning en de bescherming van slachtoffers van strafbare feiten, en ter vervanging van Kaderbesluit 2001/220/JBZ van de Raad(3),

–  gezien Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels(4),

–  gezien Kaderbesluit 2008/913/JBZ van de Raad van 28 november 2008 betreffende de bestrijding van bepaalde vormen en uitingen van racisme en vreemdelingenhaat door middel van het strafrecht,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van 9 december 2013 over doeltreffende maatregelen voor integratie van de Roma in de lidstaten en de conclusies van de Raad van 8 december 2016 over de versnelling van het proces van de integratie van de Roma en van 13 oktober 2016 over speciaal verslag nr. 14/2016 van de Europese Rekenkamer,

–  gezien de conclusies van de Raad van 15 juni 2011 over opvang en onderwijs voor jonge kinderen,

–  gezien de mededelingen van de Commissie over de integratie van Roma (COM(2010)0133, COM(2012)0226, COM(2013)0454, COM(2015)0299, COM(2016)0424), met inbegrip van de mededeling over een EU-kader voor de nationale strategieën voor integratie van de Roma tot 2020 (COM(2011)0173),

–  gezien de mededeling van de Commissie over drie jaar jongerengarantie en jongerenwerkgelegenheidsinitiatief (COM(2016)0646),

–  gezien de aanbeveling van de Commissie van 20 februari 2013 over "Investeren in kinderen: de vicieuze cirkel van achterstand doorbreken",

–  gezien zijn resoluties over Roma(5),

–  gezien zijn resolutie van 15 april 2015 over de Internationale Dag van de Roma – zigeunerhaat en de erkenning door de EU van de herdenkingsdag van de genocide op Roma tijdens WO II(6),

  gezien zijn resolutie van 13 december 2016 over de situatie van de grondrechten in de Europese Unie in 2015(7), met name de leden 117-122 over de rechten van de Roma,

–  gezien het verslag 2016 over de grondrechten, opgesteld door het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten,

–  gezien de EU-MIDIS-enquêtes I en II van het Bureau voor de grondrechten en diverse andere enquêtes en verslagen over Roma,

–  gezien speciaal verslag nr. 14/2016 van de Rekenkamer over EU-beleidsinitiatieven en financiële steun voor de integratie van de Roma: het afgelopen decennium is er aanzienlijke vooruitgang geboekt, maar ter plaatse zijn extra inspanningen nodig,

–  gezien de Eurobarometerenquête "Discriminatie in de EU in 2015",

–  gezien de verslagen en aanbevelingen van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE), waaronder het actieplan ter verbetering van de situatie van de Roma en Sinti in het OVSE-gebied,

–  gezien de verslagen en aanbevelingen van organisaties die als waakhond fungeren en maatschappelijke organisaties, met name die van het Europees Centrum voor de rechten van Roma, Fundación Secretariado Gitano, OSF, ERGO en Amnesty International,

–  gezien het referentiedocument over zigeunerhaat van de Alliantie tegen zigeunerhaat (Alliance against Antigypsyism),

–  gezien het verslag van het Centrum voor Europese Beleidsstudies over de bestrijding van institutionele zigeunerhaat: reacties en veelbelovende praktijken in de EU en een aantal lidstaten,

  gezien het onlangs opgerichte Europese Roma-instituut voor kunst en cultuur (Eriac) in Berlijn, dat de vaststelling van de artistieke en culturele aanwezigheid van de 12 miljoen Roma in Europa ten doel heeft, hun zelfexpressie mogelijk maakt en hiermee bijdraagt aan de bestrijding van zigeunerhaat,

–  gezien artikel 52 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en het advies van de Commissie rechten van de vrouw en gendergelijkheid (A8-0294/2017),

A.  overwegende dat de Roma in Europa nog steeds hun mensenrechten worden ontzegd;

B.  overwegende dat de Roma deel uitmaken van de Europese cultuur en waarden en dat zij een bijdrage hebben geleverd aan de culturele rijkdom, verscheidenheid, economie en gemeenschappelijke geschiedenis van de EU;

C.  overwegende dat zigeunerhaat een specifieke vorm van racisme is, een ideologie die stoelt op rassuperioriteit, een vorm van ontmenselijking en op historische discriminatie gebaseerd institutioneel racisme, die onder meer tot uiting komt in geweld, haatpropaganda, uitbuiting, stigmatisering en schaamteloze discriminatie(8);

D.  overwegende dat ondanks inspanningen op nationaal, Europees en internationaal niveau dagelijks hardnekkige en structurele zigeunerhaat(9) kan worden waargenomen op alle niveaus van de Europese samenleving, die bijvoorbeeld tot uitdrukking komt in individuele en institutionele veronachtzaming, discriminatie, ongelijkheid, kleinering, othering, stigmatisering, haatpropaganda en doordat Roma monddood, tot zondebok of tot slachtoffer van geweld, extreme armoede en verregaande sociale uitsluiting worden gemaakt; overwegende dat de zigeunerhaat toeneemt en politieke partijen zich populairder maken met flagrante stemmingmakerij tegen Roma;

E.  overwegende dat verschillende vormen van zigeunerhaat kunnen worden waargenomen in de werkzaamheden en het functioneren van overheidsinstanties en -instellingen op bijna alle terreinen en op alle niveaus in de lidstaten, aangezien Roma meestal geen (gelijke) toegang tot overheidsvoorzieningen en -diensten hebben, hun gelijke rechten en gelijke behandeling wordt onthouden, zij niet participeren in besluitvormings- en kennisontwikkelingsprocessen, zij ondervertegenwoordigd zijn in officiële organen op alle niveaus van de samenleving, er discriminerende programma's worden opgezet en financieringsmogelijkheden ter verbetering van het leven van Roma worden misbruikt;

F.  overwegende dat er zelfs onopzettelijke zigeunerhaat kan worden waargenomen in het functioneren van EU-instellingen, aangezien talrijke EU-programma's en -fondsen die de leefomstandigheden en vooruitzichten van Roma positief zouden kunnen beïnvloeden hen niet bereiken of de Roma symbolisch aanwijzen als begunstigden, zonder rekening te houden met hun omstandigheden en de discriminatie waarmee ze te maken hebben;

G.  overwegende dat er, hoewel onbewust, zigeunerhaat te vinden is in het EU-acquis, aangezien hierin vaak geen rekening wordt gehouden met de omstandigheden en problemen van de Roma die, omdat ze al eeuwenlang met meervoudige discriminatie te maken hebben, niet dezelfde rechten en kansen hebben en niet hetzelfde beschermingsniveau genieten als andere EU-burgers;

H.  overwegende dat de paternalistische behandeling van de Roma, die tot uitdrukking komt in zowel de taal als daden in onze samenleving, blijft voortduren en dat alleen de nadruk wordt gelegd op "inclusie" en "integratie" van de Roma, terwijl er eigenlijk een fundamenteel andere aanpak nodig is; overwegende dat hun toegang tot en volledige uitoefening van hun grondrechten en burgerschap in onze samenleving moeten worden gewaarborgd;

I.  overwegende dat de Roma voortdurend worden aangeduid als een kwetsbaar volk, terwijl het feit dat de Roma hun onvervreemdbare mensenrechten, een gelijke behandeling en toegang tot sociale zekerheid, diensten, informatie, rechtspraak, onderwijs, gezondheidszorg, werkgelegenheid enz. worden ontzegd in feite doet vermoeden dat de door de politieke leiders opgezette en in stand gehouden discriminerende structuren de Roma kwetsbaar maken; overwegende dat dit aantoont dat de betrokken autoriteiten hun verantwoordelijkheid op het gebied van mensenrechten hebben veronachtzaamd;

Verbondenheid en participatie

1.  benadrukt dat het van essentieel belang is reguliere samenlevingen voor te lichten over de verscheidenheid binnen de Romabevolking, hun geschiedenis, cultuur en de vormen, mate en ernst van zigeunerhaat waar ze in hun dagelijks leven mee te maken hebben, teneinde de onbewuste maatschappelijke consensus om Roma uit te sluiten tegen te gaan, discriminatie en sociale uitsluiting van Roma te bestrijden en stereotypen weg te werken die in de loop der eeuwen via volksliteratuur, de media, kunst en taal zijn ontstaan en versterkt; roept de lidstaten in dit verband op volledige verantwoordelijkheid te nemen voor hun Romaburgers en langetermijncampagnes voor bewustmaking en intersectionele sensibilisering op te starten;

2.  is van mening dat actieve en zinvolle sociale, economische, politieke en culturele participatie van Roma van essentieel belang is voor een effectieve bestrijding van zigeunerhaat en de totstandbrenging van het hoognodige wederzijdse vertrouwen dat de hele samenleving ten goede komt; wijst in dit verband op de gedeelde verantwoordelijkheid van de Commissie en de lidstaten; roept de Commissie en de lidstaten daarom op strategieën uit te werken waarin zowel proactieve als reactieve maatregelen worden opgenomen op grond van reële, systematische raadpleging van Romavertegenwoordigers en ngo's, en ze te betrekken bij het leiden, controleren en evalueren van reguliere programma's en projecten op alle niveaus, ook op lokaal niveau; roept de Commissie en de lidstaten op de oprichting van onafhankelijke maatschappelijke organisaties en overheidsinstellingen voor Roma en een versterking van de positie van een jonge progressieve Romaleiding te bevorderen;

Verzoening en opbouw van vertrouwen

3.  dringt er, met het oog op de totstandbrenging van essentieel wederzijds vertrouwen, bij de Commissie op aan een waarheids- en verzoeningscommissie op EU-niveau in te stellen (binnen de bestaande structuren dan wel als een afzonderlijke instantie) om de vervolging, uitsluiting en verstoting van Roma door de eeuwen heen te erkennen, dit in een officieel witboek te documenteren en met het Europees Parlement en Romadeskundigen samen te werken bij de uitvoering van deze taken;

4.  verzoekt de lidstaten nationale waarheids- en verzoeningscommissies in te stellen (binnen de bestaande structuren dan wel als afzonderlijke instanties), in overleg parlementsleden, regeringsambtenaren, advocaten, Romavertegenwoordigers, ngo's en basisorganisaties, om de vervolging, uitsluiting en verstoting van Roma door de eeuwen heen te erkennen en dit in een officieel witboek te documenteren, en moedigt de lidstaten aan de geschiedenis van de Roma op te nemen in de onderwijsprogramma's van scholen;

5.  verzoekt de lidstaten de slachtoffers van de holocaust van de Roma te herdenken, 2 augustus aan te wijzen als herdenkingsdag van de holocaust van de Roma en levende overlevenden van de holocaust onmiddellijk een passende restitutie toe te kennen via een vereenvoudigde procedure die vergezeld gaat van een bewustmakingscampagne; roept de Commissie en de lidstaten op de Romaslachtoffers op te nemen in hun herdenkingen van de Holocaust op 27 januari van elk jaar, en cursussen over de holocaust van de Roma te organiseren waaraan ambtenaren vrijwillig kunnen deelnemen;

Uitvoering van prestatiecontroles

6.  uit zijn bezorgdheid over het feit dat, ondanks de uitvoering van verschillende doelgerichte programma's in de lidstaten, de meeste reguliere programma's – onder meer de door de structuurfondsen gefinancierde programma's – niet openstaan voor de meest benadeelde groepen, met name de Roma; verzoekt de Rekenkamer daarom de prestaties van EU-programma's, bijvoorbeeld de EU-programma's voor werkgelegenheid en onderwijs zoals Erasmus+ en het jongerenwerkgelegenheidsinitiatief, grondiger en regelmatig te controleren;

7.  verzoekt de Commissie:

–  te beoordelen of de EU-programma's en -financieringsmogelijkheden voldoen aan de eis van non-discriminatie en participatie en zo nodig onverwijld corrigerende maatregelen te nemen,

–  een solide, op kwaliteit gerichte langetermijnregeling voor toezicht en financiële boekhouding toe te passen om de prestaties van de lidstaten wat betreft het gebruik van EU-programma's te controleren,

–  de Roma op wie de projecten gericht zijn op doeltreffende, transparante wijze actief te betrekken bij het toezicht op en de evaluatie van de projecten,

–  ervoor te zorgen dat het bestaande klachtenmechanisme toegankelijker en transparanter wordt voor inwoners, ngo's en autoriteiten, zodat zij melding kunnen maken van discriminerende EU-fondsen en -programma's;

–  financiering op te schorten in geval van misbruik van EU-middelen;

–  de ESI-fondsen zodanig te hervormen dat zij op proactievere wijze financiële ondersteuning kunnen bieden aan de bestrijding van zigeunerhaat, en

–  de financieringsprogramma's "Europa voor de burger" en "Rechten, gelijkheid en burgerschap" uit te breiden en aldus de belangrijke rol van maatschappelijke organisaties die als waakhond fungeren en andere relevante belanghebbenden bij het toezicht op zigeunerhaat te erkennen en de inachtneming van de grondrechten te waarborgen;

8.  verzoekt de Commissie en de lidstaten:

–  ervoor te zorgen dat de relevante door de EU gefinancierde maatregelen met mogelijke gevolgen voor de Romagemeenschap inclusief zijn en dat hiermee segregatie wordt tegengegaan,

–  te waarborgen dat segregatiepraktijken duidelijk worden omschreven en expliciet van financiering worden uitgesloten,

–  financieringsmogelijkheden te verbeteren om ervoor te zorgen dat de gecreëerde onderwijs- en werkgelegenheidskansen een daadwerkelijke en duurzame ontsnapping uit langdurige werkloosheid mogelijk maken, wat een vereiste is voor een waardig leven,

–  ervoor te zorgen dat alle beschikbare middelen effectief worden gebruikt, en

–  de absorptiegraad van EU-middelen te verhogen, overeenkomstig de in de nationale strategieën voor integratie van de Roma uiteengezette prioriteiten;

9.  verzoekt de lidstaten de coördinatie tussen lokale en nationale autoriteiten te versterken om administratieve en politieke belemmeringen weg te nemen en effectief gebruik te maken van de EU-fondsen, met het oog op het verbeteren van de situatie van de Romabevolking, in het bijzonder de kinderen;

10.  herinnert aan de aanbeveling van de Raad van 2013 waarin wordt gesteld dat het bevorderen van sociale integratie en het bestrijden van armoede en discriminatie, met inbegrip van onder meer de sociaal-economische integratie van gemarginaliseerde gemeenschappen als de Roma, moeten worden vergemakkelijkt door ten minste 20 % van de totale ESF-middelen in elke lidstaat toe te wijzen voor investeringen in mensen;

Waarborging van gelijke rechten en bestrijding van zigeunerhaat door middel van opleiding

11.  wijst erop dat minderheidsrechten en het verbod op discriminatie integraal deel uitmaken van de grondrechten en als zodanig binnen het bereik van de overeenkomstig artikel 2 VEU in acht te nemen EU-waarden vallen; herinnert eraan dat de EU in overeenstemming met artikel 7 VEU maatregelen kan nemen in het geval van een duidelijk risico op een ernstige schending van die waarden door een lidstaat; steunt de instelling van een krachtig monitoring- en sanctiemechanisme ter waarborging van de naleving van de normen inzake grondrechten, waarvan de Roma in hoge mate profiteren door de serieuze bestrijding van uitingen van zigeunerhaat en schendingen van hun grondrechten;

12.  verzoekt de lidstaten op grond van de alarmerende rapporten van ngo's en organisaties die als waakhond fungeren:

–  Richtlijn 2000/43/EG van de Raad van 29 juni 2000 ten uitvoer te leggen en te handhaven, teneinde alle vormen van discriminatie van Roma effectief te voorkomen en uit te bannen en ervoor te zorgen dat nationale, regionale en lokale bestuursrechtelijke bepalingen niet-discriminerend zijn en niet leiden tot segregatiepraktijken;

–  Kaderbesluit 2008/913/JBZ van de Raad van 28 november 2008 ten uitvoer te leggen en te handhaven, aangezien dit de middelen biedt voor een succesvolle bestrijding van uitingen van zigeunerhaat en geweld tegen Roma;

13.  verzoekt de Commissie de lidstaten steun te verlenen bij de omzetting en tenuitvoerlegging van de richtlijnen inzake gelijke behandeling en inbreukprocedures te blijven inleiden tegen alle lidstaten, geen enkele uitgezonderd, die richtlijnen inzake gelijke behandeling schenden, niet omzetten of niet ten uitvoer leggen, zoals de richtlijn inzake rassengelijkheid (2000/43/EG)(10), de richtlijn betreffende het recht van vrij verkeer en verblijf (2004/38/EG)(11), de richtlijn voor de rechten van slachtoffers (2012/29/EU)(12), het kaderbesluit van de Raad inzake racisme en vreemdelingenhaat (2008/913/JBZ)(13), de richtlijn audiovisuele mediadiensten (2010/13/EU)(14) en de richtlijnen van de Raad over gelijke behandeling van mannen en vrouwen (2004/113/EG)(15) en gelijke behandeling in arbeid en beroep (2000/78/EG)(16);

14.  verzoekt de Commissie en de Raad de impasse te doorbreken en opnieuw onderhandelingen te starten over de antidiscriminatierichtlijn;

15.  veroordeelt het feit dat bepaalde lidstaten ontkennen dat hun Romaburgers ongelijk worden behandeld, niet de politieke wil tonen om een oplossing te zoeken voor het feit dat zij er niet in slagen de toegang van Roma tot en de uitoefening door Roma van hun grondrechten te waarborgen, en de schuld voor de door structureel racisme veroorzaakte sociale uitsluiting van de Roma bij de Roma zelf leggen;

16.  verzoekt de lidstaten:

–  verzoekt de lidstaten de ontkenning van de holocaust van de Roma, haatpropaganda en het tot zondebok maken van Roma door politici en overheidsfunctionarissen op alle niveaus en in alle soorten media duidelijk te veroordelen en te bestraffen, omdat hierdoor de zigeunerhaat in de samenleving wordt aangewakkerd,

–  verdere maatregelen te treffen om haatpropaganda tegen Roma te voorkomen, te veroordelen en tegen te gaan, ook door de culturele dialoog toe te passen;

17.  dringt er bij de Commissie en de lidstaten op aan intensiever samen te werken met ngo's om scholing te bieden op het gebied van beste praktijken voor de bestrijding van vooroordelen en voor effectieve campagnes om haatpropaganda tegen te gaan, door de specifieke behoeften en eisen in dit verband van de ngo-partners in kaart te brengen; verzoekt de Commissie het maatschappelijk middenveld op te roepen toe te zien op haatpropaganda, haatmisdrijven en ontkenning van de holocaust in de lidstaten en hiervan melding te maken;

18.  verzoekt zijn Voorzitter de EP-leden die in het Parlement beledigende, racistische of xenofobe taal bezigen of dergelijk gedrag vertonen te veroordelen en te bestraffen;

19.  betreurt de schending van het recht van Roma op vrij verkeer; verzoekt de lidstaten te erkennen dat de grondbeginselen van de EU van toepassing moeten zijn op alle burgers en dat de richtlijn inzake vrij verkeer geen collectieve uitwijzing noch enige vorm van raciale profilering toestaat; verzoekt de lidstaten van herkomst om hun verantwoordelijkheid te nemen voor de bestrijding van armoede en uitsluiting onder al hun burgers en de lidstaten van aankomst om nauwer grensoverschrijdend samen te werken bij de bestrijding van discriminatie en uitbuiting en te voorkomen dat uitsluiting in het land van aankomst blijft voortbestaan;

20.  verzoekt de lidstaten de vooroordelen ten aanzien van Romavluchtelingen en -asielzoekers in de context van migratie te bestrijden; wijst erop dat de lidstaten asielzoekers uit de landen van de Westelijke Balkan ontvangen onder wie zich veel Roma uit Servië en de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië bevinden, en dat dit in verband kan worden gebracht met de bijzondere factoren die van invloed zijn op de Romagemeenschap aldaar; verzoekt om de opneming van een specifiek hoofdstuk over vervolging als gevolg van zigeunerhaat in de relevante informatie betreffende de landen van herkomst;

21.  is ernstig bezorgd over het aantal staatloze Roma in Europa, aangezien hun de toegang tot sociale, onderwijs- en gezondheidszorgdiensten volledig wordt ontzegd en zij naar de uiterste rand van de samenleving worden gedrongen; verzoekt de lidstaten een einde te maken aan staatloosheid en ervoor te zorgen dat iedereen de fundamentele mensenrechten kan uitoefenen;

22.  verzoekt de lidstaten niet-discriminerend geboorteregistratiebeleid te voeren en erop toe te zien dat al hun burgers worden geïdentificeerd om te voorkomen dat Roma de toegang tot essentiële basisvoorzieningen wordt ontzegd; verzoekt de lidstaten onmiddellijk corrigerende maatregelen te treffen om discriminerende geboorteregistratie een halt toe te roepen en via hun lokale autoriteiten actieve stappen te ondernemen om ervoor te zorgen dat elk kind wordt geregistreerd; verzoekt de Commissie de situatie in de lidstaten te beoordelen en te controleren, beste praktijken uit te wisselen met betrekking tot de identificatie en bescherming van personen wier nationaliteit niet is erkend en die geen toegang tot identiteitsdocumenten hebben, en bewustmakingscampagnes over het belang van geboorteregistratie te lanceren;

23.  is zeer verontrust over de ongelijke toegang van Roma tot gezondheidsinformatie, -diensten en -zorg, het ernstige gebrek aan zorgverzekeringen onder hen en het racistische geweld jegens Roma; verzoekt de lidstaten doeltreffende maatregelen te nemen om alle obstakels voor de toegang tot het gezondheidszorgstelsel weg te nemen; verzoekt de lidstaten waar nodig te zorgen voor middelen voor zorgbemiddelingsprogramma's voor Roma, een beter besef van de gezondheidszorg en betere toegang tot vaccinaties en preventieve gezondheidszorg in Romagemeenschappen;

24.  maakt zich ernstige zorgen over de discriminatie van Romavrouwen, die vaak op afgescheiden kraamafdelingen van inferieure kwaliteit worden geplaatst en bij hun pogingen om toegang te krijgen tot seksuele en reproductieve gezondheidsdiensten worden geconfronteerd met lichamelijk geweld, verwaarlozing en ontoereikende en slechte behandeling door medisch personeel en vaak geen toegang hebben tot mobiele gezondheidsonderzoeken; dringt er derhalve bij de lidstaten op aan onmiddellijk een controlerend en corrigerend mechanisme in te stellen en ervoor te zorgen dat medisch personeel dat ethische normen schendt aansprakelijk wordt gesteld; verzoekt de Commissie en de lidstaten meer inspanningen te leveren om duurzame en omvattende capaciteitsopbouw voor Romavrouwen te bevorderen, gespecialiseerde structuren in het leven te roepen zoals informatieposten om toegesneden gezondheidsinformatiemateriaal te verstrekken, en te voorzien in de nodige steun voor gemeenschapsinitiatieven op het gebied van de gezondheidszorg;

25.  verzoekt de lidstaten bij de tenuitvoerlegging van het EU-kader voor de nationale Romastrategieën prioriteit te verlenen aan kinderen, vooral waar het gaat om toegang tot gezondheidszorg, waardige leefomstandigheden en toegang tot onderwijs voor Romakinderen; benadrukt dat bestrijding van analfabetisme onder Romakinderen van essentieel belang is voor een betere integratie en inclusie van de Roma, en dat de toegang van de volgende generaties tot werkgelegenheid hierdoor kan verbeteren;

26.  dringt er bij de lidstaten op aan gedwongen sterilisatie te veroordelen en Romavrouwen te compenseren die zijn onderworpen aan stelselmatige en door de staat gesteunde sterilisatie, en in het openbaar verontschuldigingen aan te bieden aan de slachtoffers van deze misdaad tegen de menselijkheid;

27.  is ernstig bezorgd over het verschijnsel dat Romakinderen onrechtmatig worden weggehaald bij hun ouders; verzoekt de lidstaten onverwijld een onderzoek in te stellen naar dergelijke gevallen en de nodige maatregelen te nemen om ze te voorkomen;

28.  veroordeelt het feit dat de lidstaten de gelijke toegang van Roma tot justitie en hun gelijkheid voor de wet niet waarborgen, wat blijkt uit:

–  het falen bij of de onaanvaardbaar trage procedures voor het garanderen van gerechtigheid voor de slachtoffers van haatmisdrijven, vooral als die zijn gepleegd door politieagenten,

–  de onevenredige criminalisering van Roma,

–  te vergaand politieoptreden (etnische profilering, buitensporige arrestatie- en zoekprocedures, ongegronde invallen in Romaverblijfplaatsen, willekeurige inbeslagneming en vernieling van eigendommen, buitensporig gebruik van geweld bij arrestaties, mishandeling, bedreiging, vernederende behandeling, lichamelijk geweld en ontzegging van rechten tijdens politieverhoren en hechtenis),

–  en te zwak politieoptreden bij misdrijven tegen Roma, aangezien bij door Roma gemelde misdrijven weinig tot geen bijstand en bescherming wordt verleend (zoals in geval van mensenhandel of huiselijk geweld) of onderzoek wordt verricht;

29.  verzoekt de lidstaten:

–  te garanderen dat alle burgers voor de wet gelijk zijn en ervoor te zorgen dat iedereen gelijke toegang tot justitie en procedurele rechten heeft,

–  te voorzien in verplichte, op mensenrechten gebaseerde en op dienstverlening gerichte opleidingen tijdens het werk voor rechtshandhavingsambtenaren en ambtenaren in het justitiële stelsel op alle niveaus,

–  haatmisdrijven te onderzoeken en te vervolgen en beste praktijken aan te reiken voor het opsporen en onderzoeken van haatmisdrijven, ook die welke specifiek voortkomen uit zigeunerhaat,

–  eenheden voor de bestrijding van haatmisdrijven met kennis over zigeunerhaat in te stellen bij de politie,

–  gepast politieoptreden aan te moedigen en sancties toe te passen in geval van wangedrag van de politie,

–  professionals op het gebied van geschillenbeslechting aan te werven bij de politie,

–  de actieve aanwerving van Roma als leden van het politiekorps aan te moedigen,

–  ervoor te zorgen dat de programma's voor slachtofferhulp beantwoorden aan de specifieke behoeften van Roma en dat zij hulp krijgen bij het melden van misdrijven en het indienen van klachten,

–  het programma Justrom – een gezamenlijk programma van de Commissie en de Raad van Europa betreffende de toegang van Romavrouwen tot justitie – voort te zetten en de geografische reikwijdte ervan uit te breiden,

–  de EU-richtlijn voor de bestrijding van mensenhandel volledig ten uitvoer te leggen en hun politiële en justitiële samenwerking bij de bestrijding van mensenhandel te intensiveren, en

–  Richtlijn 2011/93/EU(17) volledig ten uitvoer te leggen om seksueel misbruik en seksuele uitbuiting van kinderen te voorkomen en te bestrijden en slachtoffers te beschermen;

30.  verzoekt de Europese Politieacademie (Cepol) om opleidingscursussen te blijven aanbieden op het gebied van de grondrechten en de daaraan gekoppelde intersectionele bewustmaking van de politie;

31.  is zeer bezorgd over de wijdverspreide discriminatie van Roma op het gebied van huisvesting die wordt gekenmerkt door een discriminerende huur- en onroerendgoedmarkt en sociale huisvesting, gedwongen uitzettingen en afbraak van woningen van Roma zonder dat in behoorlijke alternatieve huisvesting wordt voorzien, de plaatsing van Roma in afgezonderde kampen en noodopvangkampen zonder basisvoorzieningen, de plaatsing van muren rond Romanederzettingen en de nalatigheid van de overheid wat betreft het bieden van volledige toegang van Roma tot dagelijks drinkbaar kraanwater en rioolstelsels;

32.  roept de lidstaten op doeltreffende maatregelen te nemen om te zorgen voor gelijke behandeling van Roma bij de toegang tot huisvesting en ten volle gebruik te maken van de EU-middelen voor de verbetering van de huisvestingssituatie van Roma, met name door bevordering van desegregatie, uitbanning van ruimtelijke segregatie, stimulering van door de gemeenschap geleide lokale ontwikkelingen en geïntegreerde territoriale investeringen die door de ESI-fondsen worden ondersteund, alsook door middel van een consequent beleid voor volkshuisvesting; dringt er bij de lidstaten op aan te zorgen voor toegang tot openbare voorzieningen, zoals water, elektriciteit en gas, en infrastructuur voor huisvesting overeenkomstig nationale wettelijke voorschriften;

33.  verzoekt de Commissie haar bevoegdheid bij door rassenhaat ingegeven gedwongen uitzettingen te erkennen; verzoekt de lidstaten ervoor te zorgen dat gedwongen uitzettingen volledig stroken met het recht van de Unie en andere internationale verplichtingen op het vlak van de mensenrechten, zoals die welke voortvloeien uit het Europees Verdrag voor de rechten van de mens; roept voorts op tot een verhoging van het aantal en de beschikbaarheid van desegregatiedeskundigen in de lidstaten die het meest met deze problematiek te maken hebben, teneinde de autoriteiten te ondersteunen bij het waarborgen van een doeltreffende bevordering van desegregatie door de Europese structuur- en investeringsfondsen, en roept ertoe op het Europees Sociaal Fonds en het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling (ESF-EFRO) te reserveren voor ruimtelijke desegregatiemaatregelen;

34.  verwelkomt proactieve initiatieven waarmee wordt beoogd de huisvestingssituatie van Roma in steden te verbeteren; is ingenomen met het initiatief van Eurocities in het kader waarvan bewijs wordt verzameld door de kenmerken van stedelijke Romagemeenschappen, de uitdagingen waarmee ze worden geconfronteerd en de reacties hierop van de steden in kaart te brengen;

35.  betreurt de voortdurende segregatie in het onderwijs, waaronder de oververtegenwoordiging van Romakinderen op "speciale scholen", scholen alleen voor Roma, afzonderlijke klassen, "containerscholen" enz.; verzoekt de lidstaten specifieke schooldesegregatiemaatregelen en andere effectieve maatregelen op te stellen en toe te passen, teneinde gelijke behandeling en de volledige toegang van Romakinderen tot regulier onderwijs van hoge kwaliteit te waarborgen en ervoor te zorgen dat alle Romakinderen ten minste het verplichte onderwijs afmaken; benadrukt in dit verband dat er een onderzoek moet worden ingesteld naar de redenen voor vroegtijdig schoolverlaten, waarbij vooral moet worden bestudeerd welke rol zigeunerhaat hierbij speelt; moedigt de lidstaten bovendien aan onderzoek te doen naar nieuwe manieren om de bestaande onderwijskloof dichten door middel van volwasseneneducatie, beroepsonderwijs en -opleiding en informeel en niet-formeel leren; dringt erop aan hierbij ook aandacht te besteden aan intersectionele discriminatie, in samenwerking met Romadeskundigen en schoolbemiddelaars, en te zorgen voor voldoende middelen voor dergelijke maatregelen;

36.  acht de discriminatie van Roma op het gebied van werkgelegenheid, meestal gekenmerkt door langdurige werkloosheid, nulurencontracten, onzekere arbeidsomstandigheden zonder ziektekosten- en sociale verzekering of pensioenvoorziening, arbeidsmarktbelemmeringen (die zelfs bestaan voor Roma die hoger onderwijs hebben genoten) en het gebrek aan omscholingsmogelijkheden verontrustend en onaanvaardbaar; dringt er daarom bij de lidstaten op aan doeltreffende maatregelen te nemen om de gelijke behandeling van Roma wat betreft toegang tot de arbeidsmarkt en werkgelegenheidskansen te waarborgen en directe en indirecte belemmeringen weg te nemen, met inbegrip van discriminatie;

37.  roept de lidstaten op samen te werken met de private sector om opleidings-, werkgelegenheids- en zakelijke mogelijkheden voor Roma te ondersteunen, met name in de groeiende technologiesectoren; verzoekt de lidstaten grondig te onderzoeken op welke manier nieuwe technologieën kunnen helpen bij en bijdragen aan de sociale en economische inclusie van Roma en de bestrijding van zigeunerhaat; benadrukt het belang van regionale ontwikkeling voor het scheppen van duurzame werkgelegenheid in de minst ontwikkelde gebieden;

38.  roept de lidstaten op beleidsmaatregelen te bevorderen waarvan is bewezen dat zij een aanzienlijk positief effect hebben, zoals beroeps- en praktijkopleidingen, diensten voor persoonlijk advies, activiteiten als zelfstandige, sociaal ondernemerschap en programma's voor eerste werkervaringen, met het oog op het bevorderen van de arbeidsparticipatie van Roma en het voorkomen van de intergenerationele overdracht van armoede in Romagemeenschappen;

39.  veroordeelt de meervoudige en intersectionele vormen van discriminatie van Roma, die vaak verkapt of verborgen zijn; benadrukt dat bij beleid ter bestrijding van één discriminatiegrond rekening moet worden gehouden met de situatie van specifieke groepen die het slachtoffer zouden kunnen zijn van meervoudige discriminatie; dringt er bij de Commissie en de lidstaten op aan bijzondere aandacht te besteden aan de verbetering van het opleidingsniveau, de participatie, de toegang tot werkgelegenheid, de huisvesting, de gezondheidszorg en de preventie van discriminatie van Roma die te maken hebben met meervoudige en intersectionele discriminatie en ongelijkheid, en speciale programma's voor hen op te nemen in het EU-kader voor de nationale strategieën voor integratie van de Roma na 2020;

40.  stelt met bezorgdheid vast dat Romavrouwen worden blootgesteld aan meervoudige en intersectionele discriminatie omdat ze vrouw zijn en tot de etnische minderheidsgroep van de Roma behoren, en dat zij daarom in een ongunstige positie verkeren als het gaat om de participatie in de samenleving op alle niveaus en de toegang tot elementaire diensten en hulpbronnen; benadrukt dat discriminatie nog schrijnender is voor Romavrouwen en -meisjes zonder identiteitsdocumenten; benadrukt dat voor de verbetering van de situatie van Romavrouwen en -meisjes een specifiek en gericht antidiscriminatiebeleid vereist is, dat zorgt voor gelijke toegang tot werk en onderwijs, met inbegrip van een leven lang leren, alsook voor hoogwaardige huisvesting, wat een belangrijke factor is voor de verbetering van hun leefomstandigheden en de bestrijding van armoede en uitsluiting;

41.  verzoekt de lidstaten ervoor te zorgen dat in hun nationale strategieën voor integratie van de Roma een specifiek hoofdstuk over vrouwenrechten en gendergelijkheid wordt opgenomen en dat in elke sectie daarvan gendermainstreamingmaatregelen worden toegepast die gericht zijn op het bevorderen van vrouwenrechten en het gendergelijkheidsperspectief, met name voor wat de toewijzing van middelen betreft, in overeenstemming met de conclusies van de Raad met betrekking tot een EU-kader voor de nationale strategieën voor integratie van de Roma, waarin erop wordt aangedrongen dat in alle beleidsmaatregelen en acties ter bevordering van de integratie van Roma een genderperspectief wordt opgenomen; verzoekt de regeringen en lokale autoriteiten van de lidstaten Romavrouwen te betrekken bij de voorbereiding, tenuitvoerlegging, evaluatie en monitoring van de nationale strategieën voor integratie van de Roma; benadrukt dat er systematisch naar geslacht uitgesplitste gegevens moeten worden verzameld en dat deze regelmatig moeten worden geanalyseerd, en verzoekt de Commissie en de lidstaten te beoordelen of beleidsmaatregelen leiden tot de gewenste verbeteringen voor Romavrouwen en -meisjes en actie te ondernemen indien er te weinig vooruitgang wordt geboekt; verzoekt de Commissie de bevordering van gendergelijkheid bij de tenuitvoerlegging van alle aspecten van de Europa 2020-strategie te ondersteunen, in overeenstemming met de strategie voor de gelijkheid van vrouwen en mannen 2010-2015;

42.  verzoekt de lidstaten aandacht te besteden aan de specifieke problemen van Romavrouwen en -meisjes in verband met kindhuwelijken en gedwongen huwelijken en aanvallen op hun fysieke integriteit, en spoort de lidstaten aan tot bevordering en ondersteuning van het verzamelen en verspreiden van gegevens over juridische en andere maatregelen op nationaal niveau ter preventie en bestrijding van geweld tegen Romavrouwen en -meisjes;

43.  moedigt bedrijven en lokale autoriteiten aan opleidingsregelingen en arbeidskansen voor Romavrouwen te creëren;

44.  verzoekt regeringen de daadwerkelijke participatie van Romavrouwen in het openbare en politieke leven aan te moedigen en te ondersteunen;

45.  acht instanties voor de bevordering van gelijkheid van essentieel belang om Roma voor te lichten over hun rechten, hen bij te staan bij de uitoefening van hun rechten en discriminatie te melden; verzoekt de Commissie en de lidstaten normen vast te stellen om te waarborgen dat instanties voor de bevordering van gelijkheid over voldoende bevoegdheden en middelen beschikken om toezicht te houden op gevallen van zigeunerhaat en in voorkomend geval actie te ondernemen; verzoekt de lidstaten het werk en de institutionele capaciteit van instanties die ijveren voor gelijke behandeling te ondersteunen door hen passende middelen toe te kennen, zodat zij effectieve rechtsbijstand kunnen verlenen en juridisch advies kunnen geven, en hun samenwerking met juridische adviseurs van Roma te versterken om het melden van misbruik te vergemakkelijken;

46.  is bezorgd over de geringe participatie van de Romabevolking als gesprekspartners of zittende vertegenwoordigers van lokale, regionale en nationale overheden, en over het feit dat overheden er niet voor zorgen dat zij het volledige burgerschap kunnen uitoefenen; erkent de cruciale rol van het maatschappelijk middenveld in dit verband; verzoekt om bredere samenwerking tussen de betrokken nationale en lokale autoriteiten, de EU, de Raad van Europa en ngo's; moedigt de instellingen en politieke partijen van de EU en de lidstaten aan de politieke participatie en versterking van de positie van Roma en de aanwerving van Roma voor overheidsdiensten actief te bevorderen; verzoekt om empowermentprogramma's voor Roma, met inbegrip van programma's gericht op het verbeteren en waarborgen van de langdurige participatie van Roma vanuit een intersectioneel perspectief als vertegenwoordigers van lokale, regionale en nationale overheden; verzoekt de Commissie en de lidstaten maatregelen te treffen om ervoor te zorgen dat de participatie van Romavrouwen in beleids- en besluitvorming wordt versterkt;

47.  verzoekt de lidstaten te voorzien in verplichte, praktische en intersectionele opleidingen op het gebied van de grondrechten en non-discriminatie voor alle overheidsfunctionarissen, die garant moeten staan voor de mensenrechten en van essentieel belang zijn voor de juiste tenuitvoerlegging van EU- en nationale wetgeving, teneinde hen uit te rusten met de vereiste kennis en vaardigheden om alle burgers te kunnen dienen vanuit een op mensenrechten gebaseerde benadering;

48.  verzoekt de lidstaten, gezien de invloed die de media kan uitoefenen op de publieke perceptie van etnische minderheden:

–  te voorzien in verplichte opleidingen voor werknemers van de publieke omroep en openbare media om ze bewust te maken van de moeilijkheden en discriminatie waarmee Roma te kampen hebben en van schadelijke stereotypen,

–  de aanwerving van Roma in de openbare media te bevorderen, en

–  de vertegenwoordiging van Roma in de bestuurslichamen van openbare media te bevorderen;

49.  moedigt de lidstaten aan verplichte opleidingen op het gebied van mensenrechten, democratisch burgerschap en politiek bewustzijn op te nemen in hun schoolprogramma's op alle niveaus, teneinde zigeunerhaat eens en voor altijd een halt toe te roepen en zo een einde te maken aan de onzekerheid over de identiteit van Roma, hun zelfvertrouwen te versterken en hun mogelijkheden om hun gelijke rechten uit te oefenen en op te eisen te vergroten;

50.  is zeer bezorgd over de bezuinigingen in de publieke sector, die dramatische effecten hebben gehad op de activiteiten van de staat en door de staat gefinancierde ngo's ter bevordering van de gelijkheid van de Roma en die het bereik van deze projecten hebben verkleind; benadrukt dat de staat en zijn instellingen een fundamentele rol moeten spelen in de bevordering van gelijkheid en dat deze rol door niemand anders kan worden vervuld;

Nationale strategieën voor integratie van de Roma

51.  merkt bezorgd op dat de inspanningen en geïnvesteerde financiële middelen, alsook de talrijke op de Romagemeenschap gerichte Europese en nationale programma's en fondsen, niet aanzienlijk hebben bijgedragen tot de verbetering van hun leefomstandigheden en evenmin de integratie van de Roma, met name op lokaal niveau, hebben bevorderd; verzoekt de lidstaten daarom, met het oog op de strijd tegen de marginalisatie, discriminatie en uitsluiting van Roma en de bevordering van het integratieproces van Roma en de bestrijding van zigeunerhaat:

–  ambitieuze doelen na te streven bij de vaststelling van hun nationale strategieën voor integratie van de Roma, meer onderzoek te doen naar succesvolle lokale praktijken en programma's met actieve betrokkenheid van Roma teneinde hun situatie, omstandigheden en problemen aan het licht te brengen, en bijzondere aandacht te besteden aan zigeunerhaat en de gevolgen daarvan om een verbeterde, omvattende en holistische aanpak te ontwikkelen waarbij niet alleen de sociale en economische aspecten aan bod komen, maar ook de strijd tegen racisme en de opbouw van wederzijds vertrouwen;

–  hun nationale strategieën voor integratie van de Roma volledig ten uitvoer te leggen,

–  de doeltreffendheid ervan te beoordelen en ze regelmatig bij te werken, duidelijke acties en op maat gemaakte maatregelen te formuleren en meetbare doelen en mijlpalen vast te stellen,

–  nauw samen te werken met alle belanghebbenden, onder meer regionale en lokale entiteiten, de academische wereld, de private sector, basisorganisaties en ngo's, en Roma er actief bij te betrekken,

–  de gegevensverzameling, het op veldwerk gebaseerde, financiële en kwaliteitsgerichte toezicht en de verslagleggingsmethoden verder te ontwikkelen, aangezien die de basis vormen voor doeltreffend, wetenschappelijk onderbouwd beleid en kunnen bijdragen tot het verbeteren van de doeltreffendheid van strategieën, acties en maatregelen en het bepalen waarom de programma's en strategieën niet tot de langverwachte resultaten leiden,

–  de positie van hun nationale Romacontactpunten te versterken door hun een passend mandaat, de nodige middelen en geschikte arbeidsomstandigheden te bieden voor de uitoefening van hun coördinatietaken;

Prioritering van zigeunerhaat in een verbeterde strategie voor de periode na 2020

52.  is ingenomen met de geleverde inspanningen en het brede scala aan door de Commissie ontwikkelde nuttige mechanismen en fondsen ter bevordering van de sociale en economische inclusie van Roma en het feit dat zij een EU-kader voor de nationale strategieën voor integratie van de Roma tot 2020 in het leven heeft geroepen, waarin de lidstaten worden verzocht nationale strategieën vast te stellen;

53.  verzoekt de Commissie:

–  het EU-kader voor de nationale strategieën voor integratie van de Roma na 2020 op te waarderen, voortbouwend op de resultaten en aanbevelingen van de Rekenkamer, het Bureau voor de grondrechten (FRA), ngo's, organisaties die als waakhond fungeren en alle relevante betrokkenen, teneinde te beschikken over een verbeterde, bijgewerkte en nog bredere aanpak,

–  in het EU-kader voor de periode na 2020 niet alleen bijzondere aandacht te besteden aan sociale inclusie, maar ook aan zigeunerhaat, en indicatoren ter bestrijding van discriminatie in te voeren op de gebieden onderwijs, werkgelegenheid, huisvesting, gezondheid, enz., aangezien zigeunerhaat de tenuitvoerlegging van de nationale strategieën voor integratie van de Roma ondermijnt,

–  zigeunerhaat als een horizontale kwestie te beschouwen en een inventaris van praktische stappen voor de lidstaten ter bestrijding van zigeunerhaat te ontwikkelen – samen met de lidstaten, het FRA en ngo's,

–  de taskforce voor de Roma van de desbetreffende diensten van de Commissie aan te vullen door een projectteam op het niveau van commissarissen inzake Romavraagstukken op te richten, waarin alle betrokken commissarissen die werkzaam zijn op het gebied van gelijke rechten en non-discriminatie, burgerschap, sociale rechten, werkgelegenheid, onderwijs en cultuur, gezondheid, huisvesting en de externe dimensie daarvan worden bijeengebracht, teneinde de opzet van niet-discriminerende en aanvullende EU-fondsen en -programma's te waarborgen,

–  het werk van de coördinatie-eenheid voor non-discriminatie en de Roma van de Commissie te intensiveren en aan te vullen door het team te versterken, voldoende middelen beschikbaar te stellen en meer personeel in dienst te nemen, teneinde over voldoende capaciteit te beschikken om zigeunerhaat te bestrijden, bewustzijn te creëren omtrent de holocaust van de Roma en de herdenking van de holocaust te bevorderen;

54.  roept de EU-instellingen op de rechten van de Roma te integreren in het kader van de externe betrekkingen; wijst er met klem op dat in de (potentiële) kandidaat-lidstaten zigeunerhaat moet worden bestreden en de rechten van de Roma moeten worden bevorderd;

55.  verzoekt de Commissie en de lidstaten de door de ECRI vastgestelde werkdefinitie van zigeunerhaat toe te passen en actief te verspreiden om de autoriteiten van de lidstaten duidelijke richtsnoeren te verstrekken;

56.  verzoekt alle fracties in het Parlement en de politieke partijen in de lidstaten het herziene handvest van de politieke partijen voor een maatschappij zonder racisme te eerbiedigen, en vraagt ze hun engagement regelmatig te hernieuwen en haatpropaganda te veroordelen en te bestraffen;

57.  verzoekt het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten een studie te verrichten naar zigeunerhaat in de EU en de kandidaat-lidstaten, bij zijn werkzaamheden op het gebied van Romavraagstukken aandacht te besteden aan zigeunerhaat en er op alle relevante terreinen toezicht op te houden;

58.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de regeringen en parlementen van de lidstaten en de kandidaat-lidstaten, de Raad van Europa en de Verenigde Naties.

(1)

PB L 180 van 19.7.2000, blz. 22.

(2)

PB L 303 van 2.12.2000, blz. 16.

(3)

PB L 315 van 14.11.2012, blz. 57.

(4)

PB L 166 van 30.4.2004, blz. 1.

(5)

PB C 4E van 7.1.2011, blz. 7; PB C 308E van 20.10.2011, blz. 73; PB C 199E van 7.7.2012, blz. 112; PB C 468 van 15.12.2016, blz. 36; PB C 468 van 15.12.2016, blz. 157.

(6)

PB C 328 van 6.9.2016, blz. 4.

(7)

Aangenomen teksten, P8_TA(2016)0485.

(8)

Algemene beleidsaanbeveling nr. 13 van de ECRI over de bestrijding van zigeunerhaat en discriminatie van Roma.

(9)

Voor het woord "zigeunerhaat" worden in de verschillende lidstaten soms enigszins verschillende termen gebruikt.

(10)

PB L 180 van 19.7.2000, blz. 22.

(11)

PB L 158 van 30.4.2004, blz. 77.

(12)

PB L 315 van 14.11.2012, blz. 57.

(13)

PB L 328 van 6.12.2008, blz. 55.

(14)

PB L 95 van 15.4.2010, blz. 1.

(15)

PB L 373 van 21.12.2004, blz. 37.

(16)

PB L 303 van 2.12.2000, blz. 16.

(17)

PB L 335 van 17.12.2011, blz. 1.


TOELICHTING

Wij eisen niets meer, maar ook niets minder voor de Roma(1) dan voor de meerderheidsbevolking.

De Roma zijn eeuwenlang op ondenkbare, onaanvaardbare wijze behandeld.

Hun mensenrechten zijn hun ontzegd. Ze zijn tot slaaf gemaakt, verstoten, vervolgd en vernietigd. Zelfs de emancipatie van onze samenlevingen heeft geen einde kunnen maken aan de zigeunerhaat die alom aanwezig is. Zigeunerhaat is de overtuiging dat Roma inferieur en tot minder in staat zijn, niet het vooruitzicht noch de wil hebben om hun achterstand met niet-Roma in te halen en geen goede burgers kunnen zijn van de landen waar zij al eeuwenlang wonen. Daarnaast omvat zigeunerhaat de acties die uit deze overtuiging voortvloeien.

Hoe ziet zigeunerhaat er in de praktijk uit? Volgens de stereotypen bedelen Roma in criminele bendes of omdat zij van nature lui zijn. Als Roma-ouders een blond kind hebben, dan moeten zij wel ontvoerders zijn. Als hun kinderen niet naar school gaan, komt dat omdat ze geen discipline hebben en vrij willen zijn. Als ze worden gedwongen om in een afgescheiden Romakamp vol ratten te wonen, zonder drinkwater, riolering en verwarming, dan is dat geen probleem: dit zijn ze immers gewend. En wanneer hun huizen worden gesloopt zonder dat er vervangende huisvesting wordt aangeboden, is dat ook aanvaardbaar; ze kunnen in de kou leven, hun huid is dikker. Wij hebben van jongs af aan geleerd om zo te denken en deel te nemen aan dit maatschappelijk aanvaarde, politiek geïnstitutionaliseerde ontmenselijkingsproces.

Niet alleen de manier waarop zigeunerhaat gestalte krijgt in onze gevoelens, maar ook de woorden waarmee er uiting aan wordt gegeven zijn van belang: de Roma zouden niet als kwetsbare personen moeten worden behandeld. Wanneer mensen de fundamentele mensenrechten niet kunnen uitoefenen, geen gelijke behandeling krijgen en geen toegang tot sociale zekerheid, diensten en informatie hebben, zijn zij niet kwetsbaar: het zijn eerder de door de politieke leiders opgezette en in stand gehouden discriminerende structuren die hen kwetsbaar maken.

Wij eisen dat er een einde komt aan de paternalistische behandeling van de Roma, zowel verbaal als in de praktijk. En aangezien woorden ertoe doen, eisen we tevens dat er op een andere manier over hen wordt gecommuniceerd. De Roma moeten toegang hebben tot en gebruik kunnen maken van hun fundamentele mensenrechten om te kunnen worden opgenomen en integreren in de maatschappij. Niets meer, maar ook niets minder.

Politici moeten nu, zij het met grote vertraging, in gelijke mate verantwoordelijkheid nemen voor de Romaburgers in hun land. Doen zij dit niet, dan zal de politieke retoriek die aanzet tot haat en stigmatisering onze samenlevingen verder aantasten, die volgens de meesten van ons toch gebaseerd zouden moeten zijn op de waarden respect, tolerantie en openheid.

Zigeunerhaat in cijfers

De rapporteur wenst de aandacht te vestigen op de meest recente Europese enquête- en onderzoeksresultaten om de ernstige en verstrekkende gevolgen van zigeunerhaat aan te tonen.

Aangezien een daadwerkelijk engagement in de strijd tegen zigeunerhaat al decennialang ontbreekt, is het leven van de meeste Roma in Europa somber en uitzichtloos.

Hoewel de Europese samenlevingen steeds diverser worden, toont de Eurobarometer 2015 over discriminatie in de EU(2) duidelijk aan dat 20 % van de respondenten er moeite mee zou hebben om met een Roma te werken en slechts 45 % er geen probleem mee zou hebben als hun zoon of dochter een relatie met een Roma zou hebben.

Discriminatie op grond van etnische afstamming is de meest voorkomende vorm van discriminatie in de EU, hetgeen tevens blijkt uit de EU MIDIS II-enquêteresultaten(3). Deze enquête schetst een onaanvaardbaar beeld van de realiteit van de Roma die in de EU wonen:

•  80 % van de ondervraagde Roma-ouders en hun kinderen wordt met armoede bedreigd, tegen 17 % van de totale bevolking;

•  een derde van de Romakinderen loopt het risico ten minste eenmaal per maand met honger naar bed te gaan;

•  47 % van hen volgt geen onderwijs voor jonge kinderen;

•  een derde van de ondervraagde Romahuishoudens woont in een huis zonder leidingwater; de helft van de Romagezinnen heeft thuis geen toilet, douche of badkamer; een vijfde van de huishoudens heeft een huis met een lekkend dak, vochtige muren en funderingen of rottende raamkozijnen;

•  63 % van de jonge Roma in de leeftijdsgroep 16-24 jaar had geen werk en volgde evenmin onderwijs of een opleiding op het moment van de EU MIDIS II-enquête, terwijl het NEET-percentage voor dezelfde leeftijdsgroep in de EU gemiddeld 12 % was;

•  41 % van de Roma heeft het gevoel te maken te hebben met discriminatie op scholen, op werkplekken, op het gebied van huisvesting en in ziekenhuizen.

Andere organisaties, waaronder ngo's, organisaties die als waakhond fungeren en internationale organisaties, schetsen een vergelijkbaar beeld van de leefomstandigheden van de Roma en de verschillende vormen van zigeunerhaat in alle lagen van de bevolking:

Huisvesting

•  40 % van de ondervraagde Roma moet over hekken klimmen, snelwegen oversteken of zwerfhonden passeren om aan zijn dagelijkse water te komen, dat dikwijls niet op veiligheid is getest en aan contaminanten is blootgesteld. De last van het halen van water ligt voornamelijk bij vrouwen en meisjes. Het is aangetoond dat veel Roma niet over water of riolering beschikken vanwege discriminatie en omdat overheidsinstanties de toegang tot deze openbare voorzieningen niet waarborgen.(4)

•  Duizenden Romagezinnen wonen, verstoken van basisvoorzieningen en in zeer ondermaatse omstandigheden, in afgezonderde kampen in Italië die ongeschikt zijn voor menselijke bewoning, bijvoorbeeld in de nabijheid van stortplaatsen en landingsbanen, hetgeen in strijd is met zowel nationale regelgeving op het gebied van huisvesting als internationale normen.(5)

•  Discriminatie in de huursector heeft circa 100 000 Roma ertoe gedwongen hun intrek te nemen in 4000 ondermaatse hostels en slaapzalen in Tsjechië, waar zij huisjesmelkers tot wel drie keer de marktwaarde van een gewoon appartement moeten betalen.(6)

•  In Frankrijk werden in 2016 meer dan 10 000 Roma (meer dan zes op de tien Romagezinnen, inclusief ouderen en jonge kinderen) uit hun huis gezet, soms meerdere keren en meestal middenin de winter, waarbij geen alternatieve woonruimte werd geboden.(7)

•  In Italië werden tussen 2013 en 2016 circa 2200 mensen uit informele kampen gezet zonder dat zij behoorlijke alternatieve accommodatie aangeboden kregen, waarna velen van hen tijdelijk werden ondergebracht in overbevolkte en smerige afgezonderde noodopvangkampen zonder basisvoorzieningen. Gemiddeld is elk van deze personen in deze driejarige periode minstens vijf keer uitgezet.(8)

•  In Bulgarije zijn sinds februari 2016 514 sloopbevelen voor woongebouwen uitgevaardigd. 500 (97 %) van deze gebouwen waren eigendom van Roma. Van deze bevelen waren er 201 al uitgevoerd. De Roma – waaronder kinderen en kwetsbare gezinsleden – kregen in deze gevallen geen alternatieve woonruimte aangeboden en werden dus dakloos. De sloop in de Romanederzettingen vond massaal plaats. De Roma werden niet op de hoogte gebracht van de exacte datum van uitvoering van de bevelen en waren meestal niet in staat om hun meubels en persoonlijke bezittingen weg te halen. Sommigen zijn ook hun identiteitspapieren en andere persoonlijke documenten kwijtgeraakt.(9)

•  In de afgelopen jaren werden er in Slowakije 14 muren en barrières opgeworpen om de Roma te scheiden van de rest van de samenleving.(10)

Toegang tot gezondheidszorg

•  Uit onderzoek in Bulgarije, Roemenië, Slowakije, Hongarije en Tsjechië is gebleken dat de zuigelingensterfte onder Roma twee tot zes keer zo hoog is als onder de totale bevolking.(11)

•  De levensverwachting van Roma is tien jaar korter dan die van de gemiddelde Europeaan.(12)

•  Diverse ziekenhuizen in Hongarije, Roemenië en Bulgarije beschikken over afgezonderde kraamafdelingen van lage kwaliteit, en vrouwelijke Romapatiënten krijgen tijdens hun bevalling te maken met racistisch of lichamelijk geweld.(13)

Toegang tot onderwijs

•  Segregatie op school is in heel Europa een beschamende realiteit. In het schooljaar 2016-2017 maakten Romaleerlingen 3,7 % uit van alle leerlingen op lagere scholen, terwijl 30,9 % van de leerlingen die onderwijs voor kinderen met een lichte verstandelijke beperking volgden, Roma waren.(14)

•  Recent onderzoek wijst uit dat 20 % van de Roma in Tsjechië en Slowakije een school of klas heeft bezocht die speciaal bestemd was voor en uitsluitend of hoofdzakelijk bestond uit Romaleerlingen. Een vergelijkbaar patroon deed zich elders voor, onder meer in Frankrijk, Griekenland en Bulgarije. Een op de twee Roma in Hongarije en Slowakije ging naar een reguliere school of klas met uitsluitend of hoofdzakelijk Romaleerlingen, en het beeld in Griekenland, Tsjechië, Bulgarije, Frankrijk en Roemenië is niet veel anders.(15)

Toegang tot werk

•  In Zweden was in 2010 80 % van de Roma werkloos.(16)

•  In Spanje heeft 38,5 % van de Roma betaald werk, terwijl dit percentage onder de meerderheidsbevolking 83,6 % bedraagt. De toegang van Roma tot werk wordt beïnvloed door discriminatie en afwijzing op grond van etniciteit in vele sectoren, als gevolg van diepgewortelde vooroordelen en stereotypen in de samenleving.(17)

Staatloosheid en afwezigheid van persoonlijke identiteitsdocumenten

•  Een groot aantal Roma in Italië is staatloos of dreigt staatloos te worden als gevolg van de Balkanoorlog. Duizenden in Italië geboren Romakinderen worden geconfronteerd met de onzekerheid van juridische onzichtbaarheid en zijn verstoken van basisrechten, terwijl hun families al decennialang in Italië wonen.(18)

•  In Roemenië wonen naar schatting 15 000 Roma zonder geboorteakte, die als gevolg hiervan geen recht op een identiteit en daadwerkelijke erkenning van het burgerschap hebben.(19)

Toegang tot de rechter en een integere uitvoering van politietaken

•  Romavrouwen zijn decennialang onderworpen aan gedwongen sterilisatie in Tsjechië, Finland(20), Duitsland, Hongarije, Slowakije en Zweden. Verschillende regeringen hebben nog geen compensatiemechanisme ingesteld en nog niet erkend dat de sterilisatie van Romavrouwen zonder hun geïnformeerde toestemming vóór 1990 stelselmatig gebeurde en door de staat werd gesteund, en dat deze praktijk tot in de 21e eeuw heeft voortgeduurd vanwege met name het verzuim van deze landen om de autonomie en rechten te beschermen van vrouwen die reproductieve gezondheidsdiensten ontvangen.(21)

•  Bulgaarse Roma lopen tweemaal zoveel risico om op een politiebureau te worden mishandeld, een cijfer dat oploopt tot 70 % voor minderjarige Roma.(22)

•  Vele in Roemenië ondervraagde Roma die het slachtoffer zijn van geweld stelden dat het indienen van een klacht zowel moeilijk als zinloos zou zijn, vanwege racisme en discriminatie in elke fase van het proces.(23)

Uitingen van haat en door haat ingegeven misdrijven

•  Roma zijn het slachtoffer van gewelddadige aanvallen en intimidatie door neonazistische en extreemrechtse groeperingen, alsook van anti-Romaprotesten in heel Europa. In Tsjechië is 32 % van de Roma slachtoffer geweest van haatpropaganda en geweld; twee derde van de slachtoffers heeft nooit melding gemaakt van deze misdrijven.

De historische gegevens waarover we nauwelijks iets horen: 25 tot 50 % van de Europese Romagemeenschap werd tijdens de Holocaust gedood. Tijdens de Processen van Neurenberg is echter niemand berecht voor het sturen van Roma naar de gaskamers, is geen enkele Roma opgeroepen om als getuige door de rechter te worden gehoord en heeft geen enkele Roma een restitutie ontvangen voor de tegen hen gepleegde misdrijven.

De holocaust van de Roma werd voor het eerst in 1982 erkend door de toenmalige Duitse bondskanselier Helmut Schmidt. In Auschwitz werd pas in 2001 een permanente tentoonstelling over "De vernietiging van de Europese Roma" geopend. In Berlijn werd de eerste gedenkplaats voor de slachtoffers van de holocaust van de Roma pas ingericht in 2012. De slachtoffers van de holocaust van de Roma zijn in verscheidene EU-landen nog altijd niet naar behoren gecompenseerd, en het voormalige naziconcentratiekamp voor Roma in Tsjechië, Lety, is nu een varkensboerderij.

(1)

Het woord "Roma" wordt gebruikt als een overkoepelende term die betrekking heeft op verscheidene verwante, al dan niet sedentaire bevolkingsgroepen in heel Europa, zoals de Roma, Travellers, Sinti, Manoesjen, Kalé, Romanichels, Boyash, Ashkali, Egyptians, Yenish, Dom en Lom, die niet noodzakelijk dezelfde cultuur en levensstijl hebben.

(2)

http://ec.europa.eu/COMMFrontOffice/publicopinion/index.cfm/Survey/getSurveyDetail/instruments/SPECIAL/surveyKy/2077

(3)

http://fra.europa.eu/en/project/2015/eu-midis-ii-european-union-minorities-and-discrimination-survey/publications

(4)

http://www.errc.org/article/thirsting-for-justice-new-report-reveals-depth-of-discrimination-faced-by-europes-roma-in-accessing-water/4561

(5)

https://www.amnesty.org/en/documents/eur30/5078/2016/en/

(6)

http://www.errc.org/article/errc-submission-to-the-european-commission-on-the-eu-roma-framework-february-2016/4462

(7)

http://www.errc.org/article/thousands-of-roma-forced-onto-streets-of-france-in-2016/4549

(8)

http://www.errc.org/article/errc-submission-to-the-european-commission-on-the-eu-roma-framework-february-2016/4462

(9)

http://www.equalopportunities.eu/docs/REPORT-2017-en.pdf

(10)

http://www.ergonetwork.org/ergo-network/campaigns/wall-free-europe/; http://snslp.sk/CCMS/files/NHRI_Report_ICCPR_SNCHR.pdf;

(11)

http://europa.eu/rapid/press-release_MEMO-11-216_en.htm

(12)

ibid

(13)

http://www.europarl.europa.eu/RegData/etudes/etudes/join/2013/493021/IPOL-FEMM_ET(2013)493021_EN.pdf ; http://www.szuleteshaz.hu/wp-content/uploads/2016/05/Roma-women-in-maternity-care.pdf ; https://rm.coe.int/cc151casedoc1-en-complaint/1680725339 ; http://www.euro.who.int/__data/assets/pdf_file/0016/235141/e96931.pdf

(14)

http://www.errc.org/cms/upload/file/czech-upr-march-2017.pdf

(15)

ttp://www.romaeducationfund.hu/sites/default/files/documents/segregation_of_roma_children_in_education_-_successes_and_challenges_-_final.pdf

(16)

http://www.regeringen.se/rattsdokument/statens-offentliga-utredningar/2010/07/sou-201055

(17)

https://www.gitanos.org/que-hacemos/areas/employment/en_cifras.html

(18)

http://www.statelessness.eu/sites/www.statelessness.eu/files/Italy_0.pdf

(19)

http://www.statelessness.eu/sites/www.statelessness.eu/files/Romania.pdf

(20)

https://www.researchgate.net/publication/316474619_On_the_History_of_Alegal_and_Coercive_Sterilization_Some_Legal_and_Ethical_Perspectives

(21)

http://www.errc.org/cms/upload/file/coercive-and-cruel-28-november-2016.pdf ; http://www.europarl.europa.eu/RegData/etudes/etudes/join/2013/493021/IPOL-FEMM_ET(2013)493021_EN.pdf

(22)

http://www.errc.org/blog/roma-lives-matter-bulgarian-rom-killed-for-possession-of-pesticides/168

(23)

http://www.ohchr.org/EN/NewsEvents/Pages/DisplayNews.aspx?NewsID=16737&LangID=


ADVIES van de Commissie rechten van de vrouw en gendergelijkheid (12.7.2017)

aan de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken

over de grondrechtelijke aspecten bij de integratie van Roma in de EU: bestrijding van zigeunerhaat

(2017/2038(INI))

Rapporteur: Malin Björk

AMENDEMENTEN

De Commissie rechten van de vrouw en gendergelijkheid verzoekt de ten principale bevoegde Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken onderstaande amendementen in aanmerking te nemen:

Amendement    1

Ontwerpresolutie

Overweging C

 

Ontwerpresolutie

Amendement

C.  overwegende dat structurele zigeunerhaat kan worden waargenomen op alle niveaus van de Europese samenleving;

C.  overwegende dat structurele zigeunerhaat kan worden waargenomen op alle niveaus van de Europese samenleving en in alle geografische gebieden van Europa;

Amendement    2

Ontwerpresolutie

Overweging D bis (nieuw)

 

Ontwerpresolutie

Amendement

 

D bis.  overwegende dat de discriminatie heviger is ten aanzien van Romavrouwen en -meisjes die geen identiteitspapieren hebben;

Amendement    3

Ontwerpresolutie

Overweging G bis (nieuw)

 

Ontwerpresolutie

Amendement

 

G bis.  overwegende dat de Roma naar schatting de grootste minderheidsgroep in de Europese Unie zijn; overwegende dat discriminatie tegen en negatieve stereotypen over Roma diep geworteld zijn in Europa; overwegende dat Romavrouwen het slachtoffer zijn van meervoudige en intersectionele discriminatie omdat ze vrouw zijn en behoren tot de etnische minderheidsgroep van Roma;

Amendement    4

Ontwerpresolutie

Overweging G ter (nieuw)

 

Ontwerpresolutie

Amendement

 

G ter.  overwegende dat het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie een verbod legt op alle vormen van discriminatie die op eender welke grond gebaseerd is, met inbegrip van etnische origine, en het respect voor culturele diversiteit en gelijkheid tussen mannen en vrouwen verankert; overwegende dat de bestrijding van sociale uitsluiting, racisme, discriminatie en genderongelijkheid een uitdrukkelijk streven van de Europese Unie moet zijn;

Amendement    5

Ontwerpresolutie

Overweging G quater (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

G quater.  overwegende dat investeren in het onderwijs van Romavrouwen en -meisjes en het verbeteren van hun schrijf- en rekenvaardigheden, hun grotere participatie op de arbeidsmarkt en betere toegang tot bronnen, gaande van een zwaardere politieke stem in de maatschappij tot een betere toegang tot leningen en het recht op landeigendom, genoemd zijn als middelen om de positie van Romavrouwen en -meisjes te versterken;

Amendement    6

Ontwerpresolutie

Overweging G quinquies (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

G quinquies.  overwegende dat de EU-strategie voor de gelijkheid van vrouwen en mannen 2010-2015 van de Commissie vereist dat zij de bevordering van gendergelijkheid ondersteunt bij de tenuitvoerlegging van alle aspecten van de Europa 2020-strategie; overwegende dat er in de conclusies van de Raad met betrekking tot een EU-kader voor nationale strategieën voor de integratie van Roma op wordt aangedrongen "dat in alle beleidsmaatregelen en acties ter bevordering van de integratie van Roma een genderperspectief wordt opgenomen";

Amendement    7

Ontwerpresolutie

Overweging G sexies (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

G sexies.  overwegende dat racisme, economische achterstand en andere discriminatoire stelsels bijdragen aan het ontstaan van ongelijkheid en een zwakkere positie van Romavrouwen;

Amendement    8

Ontwerpresolutie

Overweging G septies (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

G septies.  overwegende dat vrouwen in het algemeen en vooral gemarginaliseerde vrouwen, onder meer Romavrouwen, nog steeds worden geconfronteerd met talrijke obstakels als het gaat om hun daadwerkelijke participatie op politiek niveau;

Amendement    9

Ontwerpresolutie

Overweging G octies (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

G octies.  overwegende dat volgens de cijfers van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten (FRA)1 bis in 2016 slechts 16 % van de Romavrouwen een baan hadden, in vergelijking met 34 % van de mannen; overwegende dat uit de cijfers ook bleek dat in 2016 72 % van de jonge Romavrouwen tussen 16 en 24 jaar geen baan hadden noch onderwijs of een opleiding volgden, in vergelijking met 55 % van de jonge Romamannen; overwegende dat 71 % van de Romavrouwen tussen 18 en 24 jaar voortijdig stoppen met onderwijs of opleiding;

 

 

1 bis.http://fra.europa.eu/en/publication/2016/eumidis-ii-roma-selected-findings

Amendement    10

Ontwerpresolutie

Overweging G nonies (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

G nonies.  overwegende dat Roma bijzonder kwetsbaar zijn voor mensenhandel aangezien zij meer te lijden hebben onder discriminatie en de obstakels waarmee zij worden geconfronteerd in de toegang tot openbare diensten, zoals scholen, gezondheids- en sociale diensten en arbeidskansen; overwegende dat Romakinderen een bijzonder risico lopen om herhaaldelijk het slachtoffer te worden van mensenhandel met het oog op seksuele uitbuiting en straatcriminaliteit;

Amendement    11

Ontwerpresolutie

Overweging G decies (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

G decies.  overwegende dat geweld, onder meer huiselijk geweld, gedwongen huwelijken, gedwongen sterilisatie en verbaal geweld tegen Romavrouwen en -meisjes wijdverspreid blijven in Europa;

Amendement    12

Ontwerpresolutie

Paragraaf 1 bis (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

1 bis.  betreurt ten zeerste dat Roma, en met name Romavrouwen en -meisjes, nog steeds te lijden hebben onder wijdverspreide discriminatie en zigeunerhaat, waardoor een vicieuze cirkel ontstaat van benadeling, uitsluiting, segregatie en marginalisering; onderstreept dat zigeunerhaat moet worden bestreden op elk niveau en met elk middel; wijst erop dat het hier gaat om een uiterst hardnekkige, gewelddadige, terugkerende en alledaagse vorm van racisme;

Amendement    13

Ontwerpresolutie

Paragraaf 5 bis (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

5 bis.  verzoekt de Commissie te voorzien in de nodige financiële middelen voor maatregelen ter bestrijding van discriminatie en racisme; onderstreept dat bij de opstelling van de programma's die door Europese cohesiefondsen worden gesteund een mensenrechtenperspectief moet worden gewaarborgd; dringt erop aan dat in de financieringsregelingen een genderperspectief en een intersectionele analyse wordt geïntegreerd; is van oordeel dat gendereffectbeoordelingen en genderbewust budgetteren nuttig kunnen zijn om de effecten van financieringsprioriteiten, de toewijzing van financiële middelen en specificaties voor financieringsprogramma's op vrouwen te evalueren; benadrukt dat er systematisch naar geslacht uitgesplitste gegevens moeten worden verzameld en dat deze regelmatig moeten worden geanalyseerd;

Amendement    14

Ontwerpresolutie

Paragraaf 6 bis (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

6 bis.  dringt erop aan dat de Europese toegankelijkheidswet wordt goedgekeurd en snel wordt geïmplementeerd om een gelijke toegang tot diensten te garanderen;

Amendement    15

Ontwerpresolutie

Paragraaf 7 bis (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

7 bis.  roept op om de antidiscriminatierichtlijn snel goed te keuren en ten uitvoer te leggen, maar erkent dat bijzondere gevoeligheden moeten worden gerespecteerd en dat er behoefte is aan gerichte maatregelen om de meervoudige lagen van discriminatie aan te pakken, alsook aan instrumenten om discriminatie transversaal, in alle sectoren van de maatschappij, te bestrijden;

Amendement    16

Ontwerpresolutie

Paragraaf 8

Ontwerpresolutie

Amendement

8.  verzoekt de lidstaten maatregelen te treffen om haatpropaganda tegen Roma te voorkomen en tegen te gaan;

8.  verzoekt de lidstaten maatregelen te treffen om haatpropaganda tegen Roma te voorkomen en deze op dezelfde manier als andere racistische haatpropaganda aan te pakken;

Amendement    17

Ontwerpresolutie

Paragraaf 13

Ontwerpresolutie

Amendement

13.  is zeer verontrust over de ongelijke toegang van Roma tot gezondheidsinformatie, -diensten en -zorg, en over het racistische geweld jegens Roma;

13.  is zeer verontrust over de ongelijke toegang van Roma tot gezondheidsinformatie, -diensten en -zorg, en over het racistische geweld jegens Roma; verzoekt de Commissie en de lidstaten om extra inspanningen te leveren om duurzame en omvattende capaciteitsopbouw voor Romavrouwen te bevorderen, gespecialiseerde structuren in het leven te roepen zoals informatieposten om op maat gesneden gezondheidsinformatiemateriaal te verstrekken, en te voorzien in de nodige steun voor gemeenschapsinitiatieven op het gebied van de gezondheidszorg;

Amendement    18

Ontwerpresolutie

Paragraaf 13 bis (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

13 bis.  verzoekt de EU en de lidstaten om extra inspanningen te leveren voor het bestrijden van ongelijkheid op het gebied van gezondheidszorg, door te zorgen voor gelijke toegang voor de Romagemeenschap tot kwaliteitsvolle openbare gezondheidszorg en door de gezondheid te bevorderen, met bijzondere nadruk op de gezondheidszorgbehoeften van Romavrouwen en -kinderen; benadrukt dat het belangrijk is om Romavrouwen en -jongeren toegang te geven tot diensten op het gebied van seksuele en reproductieve gezondheidszorg;

Amendement    19

Ontwerpresolutie

Paragraaf 13 ter (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

13 ter.  is verheugd dat de Commissie onlangs namens de EU de overeenkomst van Istanbul inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld heeft ondertekend; dringt er bij de Raad op aan de ratificatie van de overeenkomst door de EU af te ronden en spoort de lidstaten aan de tenuitvoerlegging ervan te voltooien; vraagt de lidstaten dat zij bij de tenuitvoerlegging van de overeenkomst aandacht hebben voor de bijzondere problemen waarmee Romavrouwen en -meisjes worden geconfronteerd met betrekking tot vroege huwelijken en schendingen van hun fysieke integriteit, zoals gedwongen sterilisaties;

Amendement    20

Ontwerpresolutie

Paragraaf 14 bis (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

14 bis.  dringt er bij de regeringen en de lokale autoriteiten van de lidstaten op aan Romavrouwen via vrouwenorganisaties, Roma-ngo´s en belanghebbenden te betrekken bij de voorbereiding, tenuitvoerlegging, evaluatie en monitoring van de nationale strategieën voor integratie van de Roma (NRIS), en verbanden tot stand te brengen tussen gendergelijkheidsinstanties, vrouwenrechtenorganisaties en strategieën inzake sociale integratie; dringt er voorts bij de Commissie op aan de gelijkheid tussen mannen en vrouwen op coherente wijze aan te pakken bij de tenuitvoerlegging van de EU 2020-strategie en de nationale hervormingsprogramma's;

Amendement    21

Ontwerpresolutie

Paragraaf 15 bis (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

15 bis.  verzoekt de lidstaten te zorgen voor meer coördinatie en samenwerking met de maatschappelijke organisaties van de Roma en de capaciteit ervan te ontwikkelen om de problemen inzake mensenhandel in de Romagemeenschappen aan te pakken; verzoekt de lidstaten te voorzien in een bijkomende opleiding voor rechtshandhavers, kustwachten, openbare aanklagers en magistraten inzake de verschillende aspecten van mensenhandel, onder meer door middel van seminars die tot doel hebben negatieve stereotiepe opvattingen en attitudes ten aanzien van Roma weg te nemen en erop te wijzen dat zij vaak slachtoffers of potentiële slachtoffers van mensenhandel zijn;

Amendement    22

Ontwerpresolutie

Paragraaf 15 ter (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

15 ter.  spoort de lidstaten aan tot bevordering en ondersteuning van het verzamelen en verspreiden van gegevens over juridische en andere maatregelen die op nationaal niveau worden genomen om geweld tegen Romavrouwen en -meisjes te voorkomen en te bestrijden;

Amendement    23

Ontwerpresolutie

Paragraaf 16 bis (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

16 bis.  verzoekt de EU en de lidstaten mensenrechtenschendingen te bestrijden en te voorkomen, en slachtoffers te beschermen door ervoor te zorgen dat zij rechtshulp en doeltreffende rechtsmiddelen krijgen en vraagt dat zij extra aandacht besteden aan de situatie van Romavrouwen en -meisjes en van LGBTI-mensen en mensen met een handicap uit de Romagemeenschap, die vaak het slachtoffer zijn van meervoudige discriminatie;

Amendement    24

Ontwerpresolutie

Paragraaf 19 bis (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

19 bis.  benadrukt dat er voor het verbeteren van de situatie van Romavrouwen en -meisjes een specifiek en gericht antidiscriminatiebeleid vereist is, dat zorgt voor gelijke toegang tot werk en onderwijs, waaronder ook levenslang leren, alsook voor kwaliteitsvolle huisvesting, wat de belangrijkste factor is voor het verbeteren van hun levensomstandigheden en het bestrijden van armoede en uitsluiting;

Amendement    25

Ontwerpresolutie

Paragraaf 19 ter (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

19 ter.  verzoekt de lidstaten uitvoering te geven aan de bepalingen van de aanbeveling van de Raad van 2013 aangaande het bevorderen van kansen op werk bij de overheid voor personen uit etnische minderheidsgroepen, zoals de Roma, en met name Romavrouwen;

Amendement    26

Ontwerpresolutie

Paragraaf 19 quater (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

19 quater.  spoort ondernemingen en plaatselijke autoriteiten aan om opleidingsactiviteiten en arbeidskansen voor Romavrouwen te creëren;

Amendement    27

Ontwerpresolutie

Paragraaf 20 bis (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

20 bis.  onderstreept dat een eerste voorwaarde voor genderbewuste Roma-inclusie in de EU een EU-breed actieplan op basis van aspecten van grondrechten moet zijn, waarin de nadruk wordt gelegd op vrouwenrechten en gendergelijkheid, toegang tot rechten (onder meer onderwijs, gezondheidsdiensten, werkgelegenheid, huisvesting en sociale bescherming), racismebestrijding en non-discriminatie, en dat gebaseerd is op de doelstellingen, beginselen en instrumenten die zijn vastgelegd in internationale mensenrechtenverdragen, het Handvest van de grondrechten en het Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van discriminatie van vrouwen (CEDAW);

Amendement    28

Ontwerpresolutie

Paragraaf 20 ter (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

20 ter.  dringt aan op statistieken inzake meervoudige discriminatie, die vaak verkapt of verborgen is; vraagt dat een speciaal EU-programma wordt vastgesteld voor het bestrijden van meervoudige discriminatie, met een bijzonder nadruk op kwetsbare groepen; verzoekt het Bureau voor de grondrechten van de Europese Unie (FRA) een rapport over deze kwestie te publiceren;

Amendement    29

Ontwerpresolutie

Paragraaf 20 quater (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

20 quater.  benadrukt dat er specifiek gericht beleid vereist is voor het aanpakken van de intersectionele en meervoudige discriminatie waarvan in het bijzonder LGBTI-personen uit de Romagemeenschap het slachtoffer zijn;

Amendement    30

Ontwerpresolutie

Paragraaf 21

Ontwerpresolutie

Amendement

21.  is bezorgd over de geringe participatie van Roma als gesprekspartners of zittende vertegenwoordigers van lokale, regionale en nationale overheden, en over het feit dat overheden er niet voor zorgen dat zij het volledige burgerschap kunnen uitoefenen;

21.  is bezorgd over de geringe participatie van Roma als gesprekspartners of zittende vertegenwoordigers van lokale, regionale en nationale overheden, en over het feit dat overheden er niet voor zorgen dat zij het volledige burgerschap kunnen uitoefenen; dringt aan op gerichte verzelfstandigingsprogramma’s, die moeten zorgen voor een grotere en duurzame participatie van vrouwen, jongeren, en LGBTI-personen uit de Romagemeenschap als vertegenwoordigers in de lokale, regionale en nationale regeringen;

Amendement    31

Ontwerpresolutie

Paragraaf 21 bis (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

21 bis.  verzoekt de Commissie en de lidstaten actie te ondernemen om ervoor te zorgen dat de participatie van Romavrouwen en -meisjes in de beleids- en besluitvorming bij het ontwikkelen van alle beleidsmaatregelen en acties versterkt wordt en de inclusie van organisaties voor de rechten van Romavrouwen te bevorderen;

Amendement    32

Ontwerpresolutie

Paragraaf 21 ter (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

21 ter.  verzoekt de Commissie en de lidstaten te onderzoeken of en hoe de maatregelen zorgen voor de gewenste verbeteringen, met name voor Romavrouwen en -meisjes; vraagt dat corrigerende maatregelen worden genomen indien er geen vooruitgang wordt geboekt;

Amendement    33

Ontwerpresolutie

Paragraaf 24 bis (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

24 bis.  dringt aan op gerichte maatregelen voor de versterking van de economische positie van Romavrouwen en -meisjes, zoals maatschappelijk ondernemerschap en programma's voor microfinanciering, alsook betere toegang tot diensten, zodat zij zich ontworstelen aan armoede en sociale uitsluiting;

Amendement    34

Ontwerpresolutie

Paragraaf 24 ter (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

24 ter.  onderstreept de noodzaak om de civiele en politieke deelname en de leidende rol van Roma-vrouwen aan te moedigen, onder meer Romavrouwen die kandidaat zijn voor een verkozen mandaat; verzoekt de EU en de lidstaten steun te verlenen aan gerichte programma's inzake burgerschapsvorming en leiderschapscursussen voor Romavrouwen en -meisjes;

Amendement    35

Ontwerpresolutie

Paragraaf 25 bis (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

25 bis.  vraagt dat de lidstaten ervoor zorgen dat in hun nationale strategie voor de integratie van Roma (NSIR) een specifiek hoofdstuk over vrouwenrechten en gendergelijkheid is opgenomen, en dat in elke sectie daarvan gendermainstreamingmaatregelen worden uitgevoerd die gericht zijn op het bevorderen van vrouwenrechten en het gendergelijkheidsperspectief;

Amendement    36

Ontwerpresolutie

Paragraaf 27 bis (nieuw)

Ontwerpresolutie

Amendement

 

27 bis.  verzoekt de regeringen de effectieve deelname van Romavrouwen in het openbaar en politiek leven aan te moedigen en te ondersteunen door middel van een hele reeks maatregelen, onder meer door de vaststelling van minimumquota voor de vertegenwoordiging van vrouwen in verkozen organen te overwegen;

INFORMATIE OVER DE GOEDKEURING IN DE MEDEADVISERENDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

12.7.2017

 

 

 


INFORMATIE OVER DE GOEDKEURINGIN DE BEVOEGDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

28.9.2017

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

46

1

3

Bij de eindstemming aanwezige leden

Jan Philipp Albrecht, Heinz K. Becker, Malin Björk, Michał Boni, Caterina Chinnici, Rachida Dati, Agustín Díaz de Mera García Consuegra, Frank Engel, Cornelia Ernst, Tanja Fajon, Laura Ferrara, Lorenzo Fontana, Kinga Gál, Ana Gomes, Nathalie Griesbeck, Sylvie Guillaume, Monika Hohlmeier, Brice Hortefeux, Sophia in ‘t Veld, Dietmar Köster, Barbara Kudrycka, Cécile Kashetu Kyenge, Marju Lauristin, Juan Fernando López Aguilar, Monica Macovei, Roberta Metsola, Louis Michel, Péter Niedermüller, Soraya Post, Judith Sargentini, Birgit Sippel, Branislav Škripek, Helga Stevens, Traian Ungureanu, Marie-Christine Vergiat, Josef Weidenholzer, Cecilia Wikström

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Marina Albiol Guzmán, Anna Hedh, Lívia Járóka, Sylvia-Yvonne Kaufmann, Jean Lambert, Gilles Lebreton, Angelika Mlinar, Emil Radev, Christine Revault d’Allonnes Bonnefoy, Jaromír Štětina

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Andrea Bocskor, Maurice Ponga, Cristian Dan Preda


HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE BEVOEGDE COMMISSIE

46

+

PPE

Heinz K. Becker, Andrea Bocskor, Michał Boni, Rachida Dati, Agustín Díaz de Mera García Consuegra, Frank Engel, Kinga Gál, Monika Hohlmeier, Brice Hortefeux, Lívia Járóka, Barbara Kudrycka, Roberta Metsola, Maurice Ponga, Cristian Dan Preda, Jaromír Štětina, Traian Ungureanu

S&D

Caterina Chinnici, Tanja Fajon, Ana Gomes, Sylvie Guillaume, Anna Hedh, Sylvia-Yvonne Kaufmann, Cécile Kashetu Kyenge, Dietmar Köster, Marju Lauristin, Juan Fernando López Aguilar, Péter Niedermüller, Soraya Post, Christine Revault d'Allonnes Bonnefoy, Birgit Sippel, Josef Weidenholzer

ECR

Monica Macovei, Helga Stevens, Branislav Škripek

ALDE

Nathalie Griesbeck, Sophia in 't Veld, Louis Michel, Angelika Mlinar, Cecilia Wikström

GUE/NGL

Marina Albiol Guzmán, Malin Björk, Cornelia Ernst, Marie-Christine Vergiat

Verts/ALE

Jan Philipp Albrecht, Jean Lambert, Judith Sargentini

1

-

ENF

Lorenzo Fontana

3

0

EFDD

Laura Ferrara

ENF

Gilles Lebreton

PPE

Emil Radev

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

Juridische mededeling