Procedure : 2017/2174(DEC)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0074/2018

Ingediende teksten :

A8-0074/2018

Debatten :

PV 18/04/2018 - 10
CRE 18/04/2018 - 10

Stemmingen :

PV 18/04/2018 - 12.29

Aangenomen teksten :

P8_TA(2018)0134

VERSLAG     
PDF 283kWORD 55k
22.3.2018
PE 613.468v02-00 A8-0074/2018

over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators voor het begrotingsjaar 2016

(2017/2174(DEC))

Commissie begrotingscontrole

Rapporteur: Bart Staes

1. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

1. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators voor het begrotingsjaar 2016

(2017/2174(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators voor het begrotingsjaar 2016,

–  gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators voor het begrotingsjaar 2016, vergezeld van het antwoord van het Agentschap(1),

–  gezien de verklaring van de Rekenkamer(2) voor het begrotingsjaar 2016 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van 20 februari 2018 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2016 (05941/2018 – C8-0084/2018),

–  gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(3), en met name artikel 208,

–  gezien Verordening (EG) nr. 713/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 tot oprichting van een Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators(4), en met name artikel 24,

–  gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(5), en met name artikel 108,

–  gezien artikel 94 en bijlage IV van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A8-0074/2018),

1.  verleent de directeur van het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2016;

2.  formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;

3.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de directeur van het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (L-serie).

2. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators voor het begrotingsjaar 2016

(2017/2174(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators voor het begrotingsjaar 2016,

–  gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators voor het begrotingsjaar 2016, vergezeld van het antwoord van het Agentschap(6),

–  gezien de verklaring van de Rekenkamer(7) voor het begrotingsjaar 2016 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van 20 februari 2018 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2016 (05941/2018 – C8-0084/2018),

–  gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(8), en met name artikel 208,

–  gezien Verordening (EG) nr. 713/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 tot oprichting van een Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators(9), en met name artikel 24,

–  gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(10), en met name artikel 108,

–  gezien artikel 94 en bijlage IV van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A8-0074/2018),

1.  hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators voor het begrotingsjaar 2016 / stelt de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators voor het begrotingsjaar 2016 uit;

2.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de directeur van het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (L-serie).

3. ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

met de opmerkingen die een integrerend deel uitmaken van het besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators voor het begrotingsjaar 2016

(2017/2174(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators voor het begrotingsjaar 2016,

–  gezien artikel 94 en bijlage IV van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A8-0074/2018),

A.  overwegende dat de kwijtingsautoriteit, in het kader van de kwijtingsprocedure, sterk de nadruk legt op het bijzondere belang van het verder versterken van de democratische legitimiteit van de instellingen van de Unie door de transparantie en de verantwoordingsplicht te vergroten, en door het concept van resultaatgericht begroten en een goed personeelsbeheer toe te passen;

B.  overwegende dat de definitieve begroting van het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators (het "Agentschap") voor het begrotingsjaar 2016 volgens de staat van ontvangsten en uitgaven(11) 15 872 582 EUR bedroeg, wat een stijging van 40,89 % ten opzichte van 2015 betekent; overwegende dat de begroting van het Agentschap voornamelijk wordt gefinancierd met middelen van de begroting van de Unie; overwegende dat de toename toe te schrijven was aan nieuwe, extra taken vanwege de uitbreiding van het mandaat van het Agentschap, waaronder de voltooiing van de interne energiemarkt;

C.  overwegende dat de Rekenkamer in haar verslag over de jaarrekening van het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators voor het begrotingsjaar 2016 ("het verslag van de Rekenkamer") verklaart redelijke zekerheid te hebben gekregen dat de jaarrekening van het Agentschap betrouwbaar is en de onderliggende verrichtingen wettig en regelmatig zijn;

Follow-up van de kwijting voor 2014

1.  herinnert eraan dat er volgens de vestigingsovereenkomst tussen het Agentschap en de Sloveense regering een Europese School in Slovenië zal worden gevestigd; betreurt echter dat er ruim vier jaar na de overeenkomst nog geen Europese School is opgericht;

Financieel en begrotingsbeheer

2.  stelt vast dat de inspanningen op het gebied van begrotingstoezicht gedurende het begrotingsjaar 2016 hebben geresulteerd in een uitvoeringspercentage van de begroting van 98,11 %, waarmee het streefcijfer van het Agentschap is gehaald en een stijging van 3,02 % ten opzichte van 2015 is gerealiseerd; merkt daarnaast op dat het uitvoeringspercentage van de betalingskredieten 59,95 % bedroeg, een daling van 14,93 % ten opzichte van 2015;

Vastleggingen en overdrachten

3.  maakt uit het verslag van de Rekenkamer op dat de overdrachten voor titel III (beleidsuitgaven) zeer hoog waren met 4 900 000 EUR (86 % van de vastgelegde kredieten), in vergelijking met 1 400 000 EUR (59 %) in 2015; stelt voorts vast dat deze overdrachten voornamelijk te maken hadden met het langdurige karakter van de uitvoering van Verordening (EU) nr. 1227/2011 van het Europees Parlement en de Raad(12), met 4 700 000 EUR in 2016 tegenover 1 100 100 EUR in 2015;

4.  maakt uit het antwoord van het Agentschap op dat het hoge niveau aan kredietoverdrachten is toe te schrijven aan de planning van de jaarlijkse contractcyclus, die in 2013 werd vastgesteld, toen het Agentschap een substantiële aanvullende begroting voor het Remit-project pas aan het einde van het jaar had ontvangen; wijst er echter op dat de vastgelegde kredieten voor het boekjaar 2016 onder het begrotingshoofdstuk Remit-uitgaven volledig ten uitvoer werden gelegd; merkt op dat het Agentschap de mogelijkheid van invoering van gesplitste begrotingskredieten voor Titel III zal onderzoeken; verzoekt het Agentschap de kwijtingsautoriteit in kennis te stellen van de in dit kader genomen beslissingen;

5.  wijst erop dat overdrachten vaak gedeeltelijk of geheel gerechtvaardigd kunnen worden door het meerjarige karakter van de operationele programma's van de agentschappen en niet noodzakelijkerwijs op zwakke punten wijzen in de planning en tenuitvoerlegging van de begroting, en evenmin per definitie haaks staan op het begrotingsbeginsel van jaarperiodiciteit, vooral niet als ze van tevoren zijn gepland door de agentschappen en zijn meegedeeld aan de Rekenkamer; wijst er echter op dat het hoge percentage geannuleerde overdrachten (9,8 %) moet worden beschouwd als een teken van onzorgvuldige begrotingsplanning;

Personeelsbeleid

6.  stelt vast dat het Agentschap eind 2016 112 vaste personeelsleden, 60 tijdelijke personeelsleden (van de 69 krachtens de begroting van de Unie toegestane posten), 26 arbeidscontractanten, 4 gedetacheerde nationale deskundigen, 12 stagiairs, 8 uitzendkrachten en 2 deskundigen van de Federal Energy Regulatory Commission in dienst had; merkt op dat het Agentschap er in 2016 15 extra posten voor tijdelijke personeelsleden heeft bijgekregen; stelt vast dat, uitgaande van het totale aantal bezette posten, de genderverhouding 38 % vrouwen tegen 62 % mannen bedraagt;

7.  merkt op dat het volgens een functieonderzoek bij 75,20 % van de banen bij het Agentschap om beleidsfuncties gaat, bij 19,01 % om administratieve ondersteuning en coördinatie en dat 5,79 % een neutraal karakter heeft;

8.  benadrukt dat het streven naar evenwicht tussen werk en privéleven deel moet uitmaken van het personeelsbeleid van het Agentschap; benadrukt dat het budget dat werd gebruikt voor welzijnsactiviteiten voor het personeel 133,12 EUR per personeelslid bedroeg en dat er in 2016 een buitendag werd georganiseerd; stelt vast dat het gemiddelde ziekteverlof per personeelslid zes dagen bedraagt;

9.  is ingenomen met het in 2017 vastgestelde besluit van de raad van bestuur over het voorkomen van psychologische en seksuele intimidatie; steunt de scholings- en informatiebijeenkomsten die georganiseerd worden om het personeel bewuster te maken van de problematiek;

10.  stelt met voldoening vast dat het Agentschap in 2016 geen klachten of meldingen heeft ontvangen en niet betrokken is geweest bij rechtszaken in verband met het aanwerven of ontslaan van personeel;

Preventie van en omgang met belangenconflicten, transparantie en democratie

11.  stelt vast dat het Agentschap in 2016 verder is gegaan met de tenuitvoerlegging van zijn beleid met betrekking tot ethiek en integriteit, zoals het beleid inzake de preventie van en omgang met belangenconflicten en het beleid inzake fraudebestrijding en klokkenluiders; merkt op dat er in 2016 geen klokkenluiderszaken in het Agentschap waren;

12.  merkt op dat het Agentschap alle cv's en verklaringen over belangenconflicten van de leden van de raad van regulators en hun plaatsvervangers op zijn website heeft gepubliceerd;

13.  is ingenomen met het besluit inzake de invoering van een register van vergaderingen van de directeur van het Agentschap met externe belanghebbenden, dat in november 2017 in werking is getreden; verzoekt het Agentschap om een bespoediging van het proces om te worden beoordeeld binnen de kwijtingsprocedure voor 2017;

14.  neemt kennis van het ontslag van een lid van de raad van bestuur bij wie een mogelijk belangenconflict was vastgesteld;

15.  neemt kennis van de redenen van het Agentschap om de toegang tot documenten te weigeren; verwacht dat het Agentschap zo wettig en correct mogelijk gebruik maakt van de mogelijkheid om de toegang tot documenten te weigeren, maar vertrouwelijke en persoonsgegevens te beschermen;

Belangrijkste verwezenlijkingen

16.  spreekt zijn voldoening uit over de door het Agentschap genoemde drie belangrijkste resultaten van 2016, namelijk:

–  volledig toezicht in de hele Unie op de handel in voor de groothandel bestemde energieproducten, overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1227/2011;

–  goedkeuring van een besluit inzake de verplichte invoering van capaciteitstoewijzing aan de Oostenrijks-Duitse grens;

–  publicatie van het jaarlijkse toezichtverslag over de resterende belemmeringen voor de interne energiemarkt;

17.  is ingenomen met het feit dat het Agentschap gebruikmaakt van effect- en resultaatindicatoren om zijn prestaties te meten; betreurt het niettemin dat er geen stelselmatige beoordelingen vooraf bestaan voor planning en controles, en geen stelselmatige evaluaties achteraf voor het meten van prestaties;

Interne controles

18.  merkt op dat in 2016 de doeltreffendheid van de 16 internecontrolenormen (ICN's) is beoordeeld; merkt op dat is vastgesteld dat de controleomgeving op de volgende terreinen voor verbetering vatbaar is: IT-governance en veiligheid, bedrijfscontinuïteit en documentenbeheer; stelt vast dat het Agentschap aan de minimumvereisten voldoet die aan elke controlenorm ten grondslag liggen; verzoekt het Agentschap om de kwijtingsautoriteit in kennis te stellen van de uitgevoerde maatregelen;

19.  stelt met tevredenheid vast dat er in 2016 geen aanzienlijke of wezenlijke zwakheden in de ICN's van het Agentschap zijn vastgesteld;

Interne audit

20.  Maakt uit het verslag van de Rekenkamer op dat de dienst Interne Audit (IAS) van de Commissie in mei 2016 een controleverslag heeft opgesteld waarin wordt gewezen op de grote noodzaak om binnen de cel voor de aanbesteding de taken en verantwoordelijkheden te verduidelijken en de werklast te analyseren teneinde te zorgen voor efficiëntere processen en procedures en de planning van en controle op aanbestedingen aanzienlijk te verbeteren; stelt vast dat het Agentschap en de IAS een plan zijn overeengekomen om corrigerende maatregelen te treffen; verneemt van het Agentschap dat van de zes aanbevelingen twee "zeer belangrijke" en drie "belangrijke" aanbevelingen reeds zijn afgesloten en dat het Agentschap van plan was om de laatste aanbeveling tegen oktober 2017 af te sluiten; verzoekt het Agentschap om de kwijtingsautoriteit in kennis te stellen van de getroffen maatregelen;

21.  merkt op dat de IAS in februari 2016 een volledige risicobeoordeling en een IT-risicobeoordeling heeft uitgevoerd; stelt vast dat deze beoordeling heeft geleid tot een nieuw strategisch auditplan voor het Agentschap voor de periode 2017-2019, met daarin de controle-onderwerpen voor de volgende planningsperiode en vijf maatregelen die voor het einde van 2017 moesten zijn uitgevoerd; ziet uit naar de rapportage van het Agentschap over de IAS-audits in zijn jaarlijks activiteitenverslag 2017;

o

o o

22.  verwijst voor andere opmerkingen van horizontale aard bij het kwijtingsbesluit naar zijn resolutie van ... 2018(13) over het functioneren en het financiële beheer van en de controle op de agentschappen.

INFORMATIE OVER DE GOEDKEURINGIN DE BEVOEGDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

20.3.2018

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

15

5

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Zigmantas Balčytis, Dennis de Jong, Tamás Deutsch, Martina Dlabajová, Raffaele Fitto, Ingeborg Gräßle, Cătălin Sorin Ivan, Jean-François Jalkh, Notis Marias, José Ignacio Salafranca Sánchez-Neyra, Petri Sarvamaa, Claudia Schmidt, Bart Staes, Indrek Tarand, Marco Valli, Derek Vaughan

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Brian Hayes, Karin Kadenbach, Julia Pitera, Miroslav Poche

HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE BEVOEGDE COMMISSIE

15

+

ALDE

Martina Dlabajová

ECR

Raffaele Fitto

GUE/NGL

Dennis de Jong

PPE

Tamás Deutsch, Ingeborg Gräßle, Brian Hayes, Julia Pitera, José Ignacio Salafranca Sánchez-Neyra, Petri Sarvamaa, Claudia Schmidt

S&D

Karin Kadenbach, Miroslav Poche, Derek Vaughan

VERTS/ALE

Bart Staes, Indrek Tarand

5

-

ECR

Notis Marias

EFDD

Marco Valli

ENF

Jean-François Jalkh

S&D

Zigmantas Balčytis, Cătălin Sorin Ivan

0

0

 

 

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

(1)

PB C 417 van 6.12.2017, blz. 25.

(2)

PB C 417 van 6.12.2017, blz. 25.

(3)

PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

(4)

PB L 211 van 14.8.2009, blz. 1.

(5)

PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.

(6)

PB C 417 van 6.12.2017, blz. 25.

(7)

PB C 417 van 6.12.2017, blz. 25.

(8)

PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

(9)

PB L 211 van 14.8.2009, blz. 1.

(10)

PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.

(11)

PB C 113 van 30.03.2016, blz. 169

(12)

Verordening (EU) nr. 1227/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2011 betreffende de integriteit en transparantie van de groothandelsmarkt voor energie (PB L 326 van 8.12.2011, blz. 1).

(13)

Aangenomen teksten van die datum, P8_TA-PROV(2018)0000.

Laatst bijgewerkt op: 3 april 2018Juridische mededeling