Procedure : 2017/2169(DEC)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0109/2018

Ingediende teksten :

A8-0109/2018

Debatten :

PV 18/04/2018 - 10
CRE 18/04/2018 - 10

Stemmingen :

PV 18/04/2018 - 12.57
CRE 18/04/2018 - 12.57

Aangenomen teksten :

P8_TA(2018)0162

VERSLAG     
PDF 424kWORD 64k
26.3.2018
PE 613.454v02-00 A8-0109/2018

over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Politiedienst (Europol) voor het begrotingsjaar 2016

(2017/2169(DEC))

Commissie begrotingscontrole

Rapporteur: Bart Staes

1. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

1. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Politiedienst (Europol) voor het begrotingsjaar 2016

(2017/2169(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien de definitieve jaarrekening van de Europese Politiedienst voor het begrotingsjaar 2016,

–  gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van de Europese Politiedienst betreffende het begrotingsjaar 2016, vergezeld van het antwoord van de Dienst(1),

–  gezien de verklaring van de Rekenkamer(2) voor het begrotingsjaar 2016 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van 20 februari 2018 betreffende de aan de Dienst te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2016 (05941/2018 – C8-0079/2018),

–  gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(3), en met name artikel 208,

–  gezien Besluit 2009/371/JBZ van de Raad van 6 april 2009 tot oprichting van de Europese Politiedienst (Europol)(4), en met name artikel 43,

–  gezien Verordening (EU) 2016/794 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016 betreffende het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving (Europol) en tot vervanging en intrekking van de Besluiten 2009/371/JBZ, 2009/934/JBZ, 2009/935/JBZ, 2009/936/JBZ en 2009/968/JBZ van de Raad(5), en met name artikel 60,

–  gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(6), en met name artikel 108,

–  gezien artikel 94 en bijlage IV van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken (A8-0109/2018),

1.  verleent de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving kwijting voor de uitvoering van de begroting van Europol voor het begrotingsjaar 2016;

2.  formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;

3.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (L-serie).

2. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over de afsluiting van de rekeningen van de Europese Politiedienst (Europol) voor het begrotingsjaar 2016

(2017/2169(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien de definitieve jaarrekening van de Europese Politiedienst voor het begrotingsjaar 2016,

–  gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van de Europese Politiedienst betreffende het begrotingsjaar 2016, vergezeld van het antwoord van de Dienst(7),

–  gezien de verklaring van de Rekenkamer(8) voor het begrotingsjaar 2016 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van 20 februari 2018 betreffende de aan de Dienst te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2016 (05941/2018 – C8-0079/2018),

–  gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(9), en met name artikel 208,

–  gezien Besluit 2009/371/JBZ van de Raad van 6 april 2009 tot oprichting van de Europese Politiedienst (Europol)(10), en met name artikel 43,

–  gezien Verordening (EU) 2016/794 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016 betreffende het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving (Europol) en tot vervanging en intrekking van de Besluiten 2009/371/JBZ, 2009/934/JBZ, 2009/935/JBZ, 2009/936/JBZ en 2009/968/JBZ van de Raad(11), en met name artikel 60,

–  gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(12), en met name artikel 108,

–  gezien artikel 94 en bijlage IV van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken (A8-0109/2018),

1.  hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van Europol voor het begrotingsjaar 2016;

2.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (L-serie).

3. ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

met de opmerkingen die een integrerend deel uitmaken van het besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Politiedienst (Europol) voor het begrotingsjaar 2016

(2017/2169(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van de Europese Politiedienst (Europol) voor het begrotingsjaar 2016,

–  gezien artikel 94 en bijlage IV van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken (A8-0109/2018),

A.  overwegende dat de kwijtingsautoriteit, in het kader van de kwijtingsprocedure, sterk de nadruk legt op het bijzonder belang van het verder versterken van de democratische legitimiteit van de instellingen van de Unie door de transparantie en de verantwoordingsplicht te vergroten, en het uitvoeren van het concept van resultaatgericht begroten en een goed personeelsbeheer;

B.  overwegende dat de definitieve begroting van de Europese Politiedienst ("Europol") voor het begrotingsjaar 2016 volgens zijn staat van ontvangsten en uitgaven(13) 104 274 784 EUR bedroeg, hetgeen een toename van 9,27 % ten opzichte van 2015 betekent; overwegende dat de toename toe te schrijven was aan nieuwe of extra taken vanwege de uitbreiding van het mandaat van Europol; overwegende dat de begroting van Europol bijna volledig wordt gefinancierd met middelen van de algemene begroting van de Unie;

C.  overwegende dat de Rekenkamer in haar verslag over de jaarrekening van de Europese Politiedienst betreffende het begrotingsjaar 2016 ("het verslag van de Rekenkamer") verklaard heeft redelijke zekerheid te hebben gekregen dat de jaarrekening van Europol betrouwbaar is en de onderliggende verrichtingen wettig en regelmatig zijn;

Financieel en begrotingsbeheer

1.  stelt met tevredenheid vast dat de inspanningen op het gebied van begrotingstoezicht gedurende het begrotingsjaar 2016 hebben geresulteerd in een hoog uitvoeringspercentage van de begroting van 99,75 %, waaruit blijkt dat de vastleggingen tijdig werden verricht; stelt vast dat het uitvoeringspercentage van de betalingskredieten 90,98 % bedroeg, een stijging met 1,98 % ten opzichte van 2015;

Vastleggingen en overdrachten

2.  stelt vast dat, volgens het verslag van de Rekenkamer, de overgedragen vastgelegde kredieten voor titel II (administratieve uitgaven) met 3 500 000 EUR (39 %) hoog waren, in vergelijking met 4 200 000 EUR (41 %) in 2015; stelt vast dat deze overdrachten vooral uitgaven voor het hoofdkantoor van Europol betreffen, die pas in 2017 door het gastland worden gefactureerd (2 000 000 EUR); neemt ter kennis dat Europol zich zal blijven inspannen voor een efficiënte begrotingsuitvoering in overeenstemming met de Europese begrotingsvoorschriften, in het bijzonder wat de overdrachten met betrekking tot administratieve uitgaven betreft; merkt op dat, aangezien de werkzaamheden met betrekking tot Europols hoofdkantoor worden uitgevoerd in opdracht van het gastland als externe partij, voor de afhandeling van de bouwkosten naar verwachting ook in de toekomst het beginsel van jaarperiodiciteit niet zal worden nageleefd; merkt op dat dit komt door de specifieke administratieve regeling, die maakt dat Europol de betreffende facturen ontvangt nadat het gastland contact heeft gehad met de aannemers op nationaal niveau;

3.  merkt op dat de overdrachten vaak gedeeltelijk of volledig kunnen worden gerechtvaardigd omdat de operationele programma's van agentschappen over meerdere jaren lopen, niet noodzakelijk op een tekortkoming in de begrotingsplanning en ‑tenuitvoerlegging wijzen en niet altijd haaks staan op het begrotingsbeginsel van jaarperiodiciteit, met name indien zij door Europol vooraf zijn gepland en aan de Rekenkamer zijn gemeld;

Overschrijvingen

4.  constateert dat er in totaal 48 overschrijvingen hebben plaatsgevonden, die in totaal bijna 4 960 000 EUR bedroegen (4,9 % van de begroting); constateert voorts dat sommige overschrijvingen noodzakelijk waren om de verschillen tussen de begrotingsplanning en -uitvoering als gevolg van noodoperaties op bepaalde criminaliteitsgebieden, bijvoorbeeld activiteiten in de hotspots, in aanmerking te nemen; merkt op dat de overschrijvingen die gedaan zijn om tijdelijk subsidies uit de reguliere begroting te dekken vanwege de late uitbetaling van het voorfinancieringsbedrag van de subsidieovereenkomst, werden teruggedraaid toen de voorfinanciering was ontvangen;

Aanbestedingen en personeelsbeleid

5.  stelt vast dat Europol eind 2016 in totaal 655 personeelsleden in dienst had, onder wie 505 ambtenaren, 146 arbeidscontractanten en 4 plaatselijke functionarissen; stelt voorts vast dat er 452 personeelsleden aan de slag waren die niet tot Europol behoren (gedetacheerde nationale deskundigen, verbindingsfunctionarissen en personeelsleden van de verbindingsbureaus, stagiairs en externe arbeidscontractanten); stelt vast dat Europol in 2016 145 nieuwe personeelsleden (104 tijdelijke functionarissen en 41 arbeidscontractanten) heeft aangenomen en dat 86 personeelsleden (64 tijdelijke functionarissen en 22 arbeidscontractanten) Europol hebben verlaten;

6.  betreurt ten zeerste dat er wat betreft het op 31 december 2016 totale aantal bezette posten geen genderevenwicht is bereikt, met een verhouding van meer dan twee op een - 32,4 % vrouwen en 67,6 % mannen - en dat – hetgeen nog alarmerender is – slechts 14 % van de seniorspecialisten en senior-analisten vrouw was en dat bovendien het percentage vrouwelijke werknemers in een manager- of vergelijkbare/hogere functie met slechts 6,1 % het allerlaagst was (twee personeelsleden); verzoekt Europol om proactiever te zijn en bij de aanwerving van nieuw personeel met spoed te streven naar genderevenwicht en de kwijtingsautoriteit tijdens de volgende kwijtingsprocedure op de hoogte te brengen van de aan het eind van 2017 op dit gebied geboekte vooruitgang;

7.  merkt op dat het Parlement in april 2016 een gewijzigde begroting heeft aangenomen die heeft geleid tot een versterking van de personeelsbestand van het Europees Centrum voor terrorismebestrijding van Europol, waarbij de begroting met 2 000 000 EUR werd verhoogd en 35 nieuwe posten (25 tijdelijke functionarissen, 5 arbeidscontractanten en 5 gedetacheerde nationale deskundigen) werden gecreëerd;

8.  stelt met voldoening vast dat het gemiddelde ziekteverzuim per personeelslid van Europol in 2016 slechts 1,2 % van de werkdagen bedroeg; merkt op dat het aantal dagen dat elk personeelslid in 2016 aan activiteiten rond welzijn heeft besteed, minder dan één bedroeg; merkt op dat Europol geen melding heeft gemaakt van verschillende activiteiten rond welzijn die in 2016 werden opgezet, hoewel het Parlement dit had gevraagd, maar verslag heeft uitgebracht over de medische uitgaven per personeelslid en daarmee samenhangende kosten; verzoekt Europol een overzicht van het aantal ziekteverzuimdagen te verstrekken;

9.  stelt met voldoening vast dat Europol een netwerk van tien vertrouwenspersonen heeft opgericht in het kader van het beleid inzake de bescherming van de waardigheid van personen en de voorkoming van psychologische en seksuele intimidatie; merkt voorts op dat Europol voorlichtingsbijeenkomsten heeft gehouden, standaardinformatie over intimidatie op zijn intranet heeft gepubliceerd en een programma voor nieuwkomers heeft opgestart, dat een presentatie over het thema gezondheid en welzijn omvat waarbij het beleid inzake intimidatie en het netwerk van vertrouwenspersonen worden toegelicht;

10.  stelt vast dat er in 2016 één informele en één formele procedure (verzoek om bijstand) zijn ingeleid die verband houden met intimidatie; wijst erop dat de enige formele procedure heeft geleid tot de opening van een administratief onderzoek/intern onderzoek, waaruit niet is gebleken dat er sprake is van intimidatie; merkt op dat er daarom geen zaak aanhangig is gemaakt bij het Hof van Justitie van de Europese Unie;

11.  stelt vast dat Europol gebruikmaakt van dienstvoertuigen, maar persoonlijk gebruik daarvan niet toestaat;

Interne controles

12.  merkt op dat de risicobeheersactiviteiten bij Europol in 2016 gericht waren op de aanpak van de door de Rekenkamer vastgestelde auditvoorschriften, in het bijzonder de jaarrekeningen, de delegatieovereenkomst en de sluiting van het pensioenfonds van Europol; stelt verder vast dat in het kader van de risicobeheersactiviteiten ook de risico's in verband met de doelstellingen voor de kernactiviteiten zoals vastgesteld in het werkprogramma voor 2015 in de gaten werden gehouden, met name wat betreft de nieuwe taken van het personeel dat ter plaatse is ingezet om secundaire veiligheidscontroles uit te voeren en de inbesteding van de definitieve uitrol van het analysesysteem van Europol; merkt op dat het logboek voor bedrijfsrisico's van Europol eind 2016 16 hoge of kritieke risico's bevatte, oftewel 4 bedrijfsrisico's meer ten opzichte van de situatie van eind 2015;

13.  stelt vast dat de interne auditfunctie in het eerste semester van 2016 de uitvoering van de internecontrolenormen bij Europol heeft geëvalueerd; stelt vast dat Europol een actieplan heeft opgesteld om vóór eind 2016 tegemoet te komen aan 15 van de 40 aanbevelingen, en dat 20 van deze aanbevelingen zijn aangemerkt als "erg belangrijk" en één als "kritiek", te weten een aanbeveling betreffende de vaststelling van een fraudebestrijdingsstrategie die de raad van bestuur op 31 januari 2017 heeft goedgekeurd;

Interne audit

14.  neemt ter kennis dat 83 % van alle als kritiek of erg belangrijk aangemerkte auditaanbevelingen van de Rekenkamer, de dienst Interne Audit (IAS), het gemeenschappelijk controleorgaan van Europol, de gegevensbeschermingsfunctionaris van de Commissie en de interne auditfunctie in 2016 zijn aangepakt, wat 12 % meer is dan in 2015;

15.  neemt ter kennis dat de IAS in oktober 2016 een audit heeft uitgevoerd naar aanbestedingen, waarvoor het ontwerpauditverslag eind 2016 nog niet was uitgebracht; verzoekt Europol verslag uit te brengen aan de kwijtingsautoriteit over het resultaat van deze audit;

Preventie van en omgang met belangenconflicten, transparantie en democratie

16.  verneemt dat de raad van bestuur op 1 mei 2017 regels inzake de preventie van en omgang met belangenconflicten met betrekking tot zijn leden, alsook met betrekking tot hun belangenverklaringen heeft vastgesteld; betreurt dat de aanpak van Europol erin heeft bestaan te verklaren dat er geen belangenconflicten zijn; merkt met bezorgdheid op dat de leden van de raad van bestuur verklaringen van afwezigheid van belangconflicten blijven publiceren; verzoekt de leden van de raad van bestuur hun belangenverklaringen te publiceren in plaats van verklaringen dat geen belangenconflicten zijn, en daarin hun lidmaatschap van andere organisaties te vermelden; beklemtoont dat het niet aan de raden van bestuur is te verklaren dat zij geen belangenconflicten hebben; merkt op dat de leden en plaatsvervangende leden van de raad van bestuur is verzocht vóór 15 december 2017 hun belangenverklaring in te vullen, te ondertekenen en samen met hun cv in te dienen, zodat ze op de website van Europol kunnen worden gepubliceerd; is ingenomen met de publicatie van de cv's van de leden van de raad van bestuur op de website van Europol; verzoekt Europol de kwijtingsautoriteit mee te delen of de leden van de raad van bestuur hun belangenverklaringen daadwerkelijk binnen de vastgelegde termijn hebben gepubliceerd;

17.  stelt vast dat Europol in 2016 107 verzoeken om toegang tot documenten heeft ontvangen (met betrekking tot 138 documenten), en dat Europol volledige toegang tot 39 documenten heeft verleend, gedeeltelijke toegang tot 20 documenten heeft verleend en de toegang tot 79 documenten heeft geweigerd; verzoekt Europol zoveel mogelijk open te staan voor deze verzoeken en daarbij rekening te houden met wettelijke beperkingen, maar ook met de plicht om openheid en transparantie te betrachten;

18.  neemt ter kennis dat Europol in oktober 2017 een aanvullende voorlichtingscampagne inzake ethiek is gestart om alle werknemers en gedetacheerde nationale deskundigen bij Europol beter bekend te maken met de bijgewerkte versies van de gedragscode van Europol en de richtsnoeren voor de omgang met geschenken, belangenconflicten en klokkenluiders; stelt met tevredenheid vast dat in de richtsnoeren inzake klokkenluiders wordt benadrukt dat Europol zich ertoe verbindt de identiteit van klokkenluiders te beschermen; is ingenomen met de publicatie van de richtsnoeren voor klokkenluidersregelingen op de website van Europol; vraagt Europol details te verschaffen over eventuele klokkenluiderszaken in 2016 en hoe daarmee is omgegaan;

19.  merkt op dat er een onafhankelijk onthullings-, advies- en verwijzingsorgaan met voldoende begrotingsmiddelen nodig is om klokkenluiders te helpen de juiste kanalen te gebruiken om hun informatie over mogelijke onregelmatigheden met betrekking tot de financiële belangen van de Unie te onthullen en tegelijkertijd hun geheimhouding te beschermen en de nodige ondersteuning en advies te bieden;

20.  verneemt met instemming dat de raad van bestuur een fraudebestrijdingsstrategie heeft vastgesteld voor de periode 2017-2018;

Belangrijkste verwezenlijkingen

21.  spreekt zijn voldoening uit over de door Europol genoemde drie belangrijkste resultaten van 2016, namelijk:

–  de oprichting van het Europees Centrum voor terrorismebestrijding en het Europees Centrum tegen migrantensmokkel, inclusief de inzet van personeel ter plaatse dat eind 2016 meer dan 4 800 secundaire veiligheidscontroles heeft uitgevoerd op migratiehotspots; stelt vast dat Europol meer dan 270 terrorismebestrijdingsoperaties heeft ondersteund, wat neerkomt op meer dan een verdubbeling ten opzichte van het gehele jaar 2016 (127 terrorismebestrijdingsoperaties in 2016);

–  de invoering van innovatieve instrumenten voor onderzoeksondersteuning: de website "Europe's Most Wanted Fugitives" (Europa's meest gezochte voortvluchtigen) werd in 2016 gelanceerd, waarop in november 2017 informatie te vinden was over 115 voortvluchtigen en 41 arrestaties van bekende voortvluchtigen, waarvan 13 arrestaties het gevolg waren van de lancering van de website; neemt ter kennis dat de het Europees Centrum voor de bestrijding van cybercriminaliteit van Europol (EC3) een nieuwe oplossing voor beeld- en video-analyse heeft gevonden om met name de identificatie van minderjarige slachtoffers van seksuele uitbuiting te vergemakkelijken, waarmee Europol in 2017 steun heeft verleend aan 38 unieke operaties tegen seksuele uitbuiting van kinderen op internet;

–  de goedkeuring van Verordening (EU) 2016/794(14) in mei 2016 – die sinds 1 mei 2017 wordt toegepast – tot instelling van verbeterde regelingen inzake het toezicht van het Parlement en een beter mandaat voor operationele ondersteuning;

Overige opmerkingen

22.  stelt met tevredenheid vast dat Europol, in samenwerking met Eurojust, een gecombineerde aanpak voor de ISO 14001/EMS-certificering heeft geformaliseerd; neemt er kennis van dat Europol talrijke maatregelen heeft getroffen om te zorgen voor een kosteneffectieve en milieuvriendelijke werkplek en CO2-uitstoot verder te beperken of te compenseren;

23.  constateert met tevredenheid dat Europol is blijven samenwerken met een aantal internationale partners en met andere agentschappen en organen van de Unie, en vooral dat Europol met het oog op de migratiecrisis nog intensiever is gaan samenwerken met Frontex;

24.  neemt ter kennis dat er volgens Europol sprake is van aanzienlijke financiële en operationele risico's vanwege de brexit; verzoekt Europol proactief te blijven wat het in kaart brengen en aanpakken van die risico's betreft, en de kwijtingsautoriteit volledig op de hoogte te houden van de toekomstige impact van de brexit op Europol en met betrekking tot de brexitonderhandelingen nauw samen te werken met de Commissie, teneinde voldoende voorbereid te zijn om elke eventuele negatieve operationele of financiële impact tot een minimum te beperken;

25.  betreurt het dat de Europol-evaluatie voor de periode 2016-2017 pas op 23 januari 2018 op de website van Europol gepubliceerd is, vijf dagen na het verstrijken van de termijn voor de indiening van amendementen op het kwijtingsverslag van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken van het Parlement; verzoekt Europol haar jaarlijkse evaluaties tijdig te publiceren voor toekomstige kwijtingsprocedures, om de kwijtingsautoriteit in staat te stellen zijn werkzaamheden volledig geïnformeerd uit te voeren;

26.  neemt kennis van de steeds toenemende vraag van de lidstaten naar de diensten van Europol; betreurt in dit verband het feit dat de krapte aan beschikbare ICT-hulpmiddelen hebben geresulteerd in een herprioritering van de ontwikkelingsactiviteiten van kernsystemen, vertragingen bij projecten, en voorts hebben geleid tot een verkenning van verdere mogelijkheden tot uitbesteding met de daaraan verbonden verhoogde risico's;

o

o o

27.  verwijst voor andere opmerkingen van horizontale aard bij het kwijtingsbesluit naar zijn resolutie van ... 2018(15) over het functioneren en het financiële beheer van en de controle op de agentschappen.

7.2.2018

ADVIES van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken

aan de Commissie begrotingscontrole

inzake het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving (Europol) voor het begrotingsjaar 2016

(2017/2169(DEC))

Rapporteur voor advies: Kostas Chrysogonos

SUGGESTIES

De Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken verzoekt de bevoegde Commissie begrotingscontrole onderstaande suggesties in haar ontwerpresolutie op te nemen:

1.  betreurt het dat de Europol-evaluatie 2016-2017 pas op 23 januari 2018 op de website van Europol gepubliceerd is, vijf dagen na het verstrijken van de termijn voor de indiening van amendementen op dit verslag; verzoekt Europol haar jaarlijkse evaluaties tijdig te publiceren voor toekomstige kwijtingsprocedures, om de kwijtingsautoriteit in staat te stellen zijn werkzaamheden volledig geïnformeerd uit te voeren;

2.  merkt op dat de Rekenkamer concludeert dat de jaarrekening van Europol een getrouw beeld geeft van de financiële situatie van het Agentschap per 31 december 2016, en dat zijn transacties wettig en regelmatig zijn;

3.  merkt op dat het relatief hoge niveau van overgedragen vastgelegde kredieten voor titel II (administratieve uitgaven) 3 500 000 EUR (39 %) bedroeg; is zich ervan bewust dat dit het gevolg is van de aard van de administratieve regeling tussen Europol en het gastland met betrekking tot bouwwerkzaamheden; merkt op dat Europol in 2016 een noodhulpsubsidie van 1 500 000 EUR uit het Fonds voor interne veiligheid heeft ontvangen voor de inzet van deskundigen (uitgezonden functionarissen) in de hotspots om secundaire veiligheidscontroles uit te voeren, waarvan de uitgaven zijn gecontroleerd en beoordeeld als subsidiabel overeenkomstig de subsidieovereenkomst;

4.  neemt kennis van de toename met 12 % van het personeel en 8,3 % van de begroting van Europol in 2016, na het besluit om Europol nieuwe taken toe te vertrouwen; is ingenomen met de hoge uitvoeringspercentages van de vastleggingskredieten (99,8 %) en betalingskredieten (91,0 %);

5.  erkent de steeds toenemende vraag van de lidstaten naar de diensten van Europol; betreurt in dit verband het feit dat de krapte aan beschikbare ICT-hulpmiddelen hebben geresulteerd in een herprioritering van de ontwikkelingsactiviteiten van kernsystemen, vertragingen bij projecten, en voorts hebben geleid tot een verkenning van verdere mogelijkheden tot uitbesteding met de daaraan verbonden verhoogde risico's;

6.  is ingenomen met de stappen die Europol heeft ondernomen om tijdig de enige kritieke aanbeveling en de meerderheid van de 26 zeer belangrijke aanbevelingen uit te voeren, die zijn vastgesteld in het kader van de interne controles van de operationele ondersteuning aan lidstaten door het Europees Centrum voor de bestrijding van cybercriminaliteit, alsook van de tenuitvoerlegging van de interne controlenormen door Europol; beveelt aan prioriteit te geven aan de afhandeling daarvan; dringt er bij Europol op aan de nodige maatregelen te nemen om de resterende nog lopende vijf aanbevelingen af te handelen; is ingenomen met de goedkeuring en de uitvoering van de fraudebestrijdingsstrategie van Europol voor de periode 2017-2018;

7.  wijst erop dat het nieuwe wettelijk kader van Europol voorziet in aanvullende maatregelen om de kwijtingsautoriteit specifieke informatie over de werkzaamheden te doen toekomen, met inbegrip van gevoelige operationele aangelegenheden, door goedkeuring van een flexibeler en modern gegevensbeheersysteem; is ingenomen met de proactieve communicatie aan zijn personeelsleden van het ethische pakket van Europol, dat bestond uit een bijgewerkte versie van de gedragscode van Europol, alsmede de richtsnoeren voor alle personeelsleden voor de behandeling van geschenken, voor het beheer van belangenconflicten en klokkenluidersregelingen, die in aanvullende waarborgen voorzien in verband met het functioneren van Europol; merkt op dat er op het intranet van Europol klokkenluidersregels beschikbaar zijn voor de personeelsleden van Europol; erkent de goedkeuring van de regels van de raad van bestuur van Europol inzake de preventie en het beheer van belangenconflicten van zijn leden; is ingenomen dat de publicatie van de belangenverklaringen van de leden van de raad van bestuur van Europol op de website van Europol onlangs is afgerond;

8.  is ingenomen met de publicatie van het geconsolideerde jaarlijks activiteitenverslag van Europol van 2016; betreurt het evenwel dat, ondanks eerdere aanbevelingen, de publicatie door Europol van het verslag van de Europese Rekenkamer nog steeds niet is gebeurd; wijst nogmaals op het belang van transparantie voor het handhaven van het vertrouwen van de burgers in de Unie en haar instellingen;

INFORMATIE OVER DE GOEDKEURINGIN DE ADVISERENDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

1.2.2018

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

46

5

1

Bij de eindstemming aanwezige leden

Asim Ademov, Heinz K. Becker, Malin Björk, Michał Boni, Caterina Chinnici, Frank Engel, Cornelia Ernst, Raymond Finch, Lorenzo Fontana, Kinga Gál, Ana Gomes, Nathalie Griesbeck, Sylvie Guillaume, Monika Hohlmeier, Brice Hortefeux, Filiz Hyusmenova, Sophia in ‘t Veld, Dietmar Köster, Barbara Kudrycka, Cécile Kashetu Kyenge, Juan Fernando López Aguilar, Roberta Metsola, Claude Moraes, Péter Niedermüller, Ivari Padar, Soraya Post, Judith Sargentini, Birgit Sippel, Branislav Škripek, Csaba Sógor, Sergei Stanishev, Helga Stevens, Traian Ungureanu, Marie-Christine Vergiat, Udo Voigt, Josef Weidenholzer, Kristina Winberg, Tomáš Zdechovský, Auke Zijlstra

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Kostas Chrysogonos, Carlos Coelho, Maria Grapini, Teresa Jiménez-Becerril Barrio, Marek Jurek, Andrejs Mamikins, Angelika Mlinar, Maite Pagazaurtundúa Ruiz, Jaromír Štětina

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Georges Bach, Jonathan Bullock, Julia Reda, Francis Zammit Dimech

HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE ADVISERENDE COMMISSIE

46

+

ALDE

Nathalie Griesbeck, Filiz Hyusmenova, Sophia in 't Veld, Angelika Mlinar, Maite Pagazaurtundúa Ruiz

ECR

Marek Jurek, Branislav Škripek, Helga Stevens

GUE/NGL

Malin Björk, Kostas Chrysogonos, Cornelia Ernst, Marie-Christine Vergiat

PPE

Asim Ademov, Georges Bach, Heinz K. Becker, Michał Boni, Carlos Coelho, Frank Engel, Kinga Gál, Monika Hohlmeier, Brice Hortefeux, Teresa Jiménez-Becerril Barrio, Barbara Kudrycka, Roberta Metsola, Csaba Sógor, Jaromír Štětina, Traian Ungureanu, Francis Zammit Dimech, Tomáš Zdechovský

S&D

Caterina Chinnici, Ana Gomes, Maria Grapini, Sylvie Guillaume, Dietmar Köster, Cécile Kashetu Kyenge, Juan Fernando López Aguilar, Andrejs Mamikins, Claude Moraes, Péter Niedermüller, Ivari Padar, Soraya Post, Birgit Sippel, Sergei Stanishev, Josef Weidenholzer

VERTS/ALE

Julia Reda, Judith Sargentini

5

-

EFDD

Jonathan Bullock, Raymond Finch

ENF

Lorenzo Fontana, Auke Zijlstra

NI

Udo Voigt

1

0

EFDD

Kristina Winberg

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

INFORMATIE OVER DE GOEDKEURINGIN DE BEVOEGDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

20.3.2018

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

20

4

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Nedzhmi Ali, Inés Ayala Sender, Zigmantas Balčytis, Dennis de Jong, Tamás Deutsch, Martina Dlabajová, Raffaele Fitto, Ingeborg Gräßle, Cătălin Sorin Ivan, Jean-François Jalkh, Arndt Kohn, Notis Marias, José Ignacio Salafranca Sánchez-Neyra, Petri Sarvamaa, Claudia Schmidt, Bart Staes, Indrek Tarand, Marco Valli, Derek Vaughan, Tomáš Zdechovský, Joachim Zeller

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Karin Kadenbach, Julia Pitera, Miroslav Poche

HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

20

+

ALDE

Nedzhmi Ali, Martina Dlabajová

GUE/NGL

Dennis de Jong

PPE

Tamás Deutsch, Ingeborg Gräßle, Julia Pitera, José Ignacio Salafranca Sánchez-Neyra, Petri Sarvamaa, Claudia Schmidt, Tomáš Zdechovský, Joachim Zeller

S&D

Inés Ayala Sender, Zigmantas Balčytis, Cătălin Sorin Ivan, Karin Kadenbach, Arndt Kohn, Miroslav Poche, Derek Vaughan

VERTS/ALE

Bart Staes, Indrek Tarand

4

-

ECR

Raffaele Fitto, Notis Marias

EFDD

Marco Valli

ENF

Jean-François Jalkh

0

0

 

 

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

(1)

PB E 417 van 6.12.2017, blz. 223.

(2)

PB E 417 van 6.12.2017, blz. 223.

(3)

PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

(4)

PB L 121 van 15.5.2009, blz. 37.

(5)

PB L 135 van 24.5.2016, blz. 53.

(6)

PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.

(7)

PB E 417 van 6.12.2017, blz. 223.

(8)

PB E 417 van 6.12.2017, blz. 223.

(9)

PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

(10)

PB L 121 van 15.5.2009, blz. 37.

(11)

PB L 135 van 24.5.2016, blz. 53.

(12)

PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.

(13)

PB C 84 van 17.03.2017, blz. 172.

(14)

Verordening (EU) 2016/794 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016 betreffende het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving (Europol) en tot vervanging en intrekking van de Besluiten 2009/371/JBZ, 2009/934/JBZ, 2009/935/JBZ, 2009/936/JBZ en 2009/968/JBZ van de Raad (PB L 135 van 24.5.2016, blz. 53).

(15)

Aangenomen teksten van die datum, P8_TA-PROV(2018)0000.

Laatst bijgewerkt op: 9 april 2018Juridische mededeling