Procedure : 2017/0332(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0288/2018

Ingediende teksten :

A8-0288/2018

Debatten :

PV 22/10/2018 - 16
CRE 22/10/2018 - 16
PV 27/03/2019 - 23
CRE 27/03/2019 - 23

Stemmingen :

PV 23/10/2018 - 7.13
CRE 23/10/2018 - 7.13
Stemverklaringen
PV 28/03/2019 - 8.2
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2018)0397
P8_TA(2019)0320

VERSLAG     ***I
PDF 1156kWORD 196k
1.10.2018
PE 621.116v04-00 A8-0288/2018

over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water (herschikking)

(COM(2017)0753 – C8-0019/2018 – 2017/0332(COD))

Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid

Rapporteur: Michel Dantin

(Herschikking – artikel 104 van het Reglement)

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE JURIDISCHE ZAKEN
 BIJLAGE: ADVIES VAN DE ADVIESGROEP VAN DE JURIDISCHE DIENSTEN VAN HET EUROPEES PARLEMENT, DE RAAD EN DE COMMISSIE
 PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water (herschikking)

(COM(2017)0753 – C8-0019/2018 – 2017/0332(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure – herschikking)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2017)0753),

–  gezien artikel 294, lid 2, en artikel 192, lid 1, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C8-0019/2018),

–  gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de gemotiveerde adviezen die in het kader van protocol nr. 2 betreffende de toepassing van de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid zijn uitgebracht door de Tsjechische Kamer van Afgevaardigden, het Ierse parlement, de Oostenrijkse Bondsraad en het Britse Lagerhuis, en waarin wordt gesteld dat het ontwerp van wetgevingshandeling niet strookt met het subsidiariteitsbeginsel,

–  gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité, van 12 juli 2018(1),

–  gezien het advies van het Comité van de Regio’s van 16 mei 2018(2),

–  gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 28 november 2001 over een systematischer gebruik van de herschikking van besluiten(3),

–  gezien de brief van 18 mei 2018 van de Commissie juridische zaken aan de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid overeenkomstig artikel 104, lid 3, van zijn Reglement,

–  gezien de artikelen 104 en 59 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid (A8-0288/2018),

A.  overwegende dat het voorstel van de Commissie volgens de adviesgroep van de juridische diensten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie geen andere inhoudelijke wijzigingen bevat dan die welke als zodanig in het voorstel worden vermeld en dat met betrekking tot de codificatie van de ongewijzigde bepalingen van de eerdere besluiten met die wijzigingen kan worden geconstateerd dat het voorstel louter een codificatie van de bestaande besluiten behelst, zonder inhoudelijke wijzigingen;

1.  stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast, rekening houdend met de aanbevelingen van de adviesgroep van de juridische diensten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie;

2.  verzoekt de Commissie om hernieuwde voorlegging aan het Parlement indien zij haar voorstel vervangt, ingrijpend wijzigt of voornemens is het ingrijpend te wijzigen;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

Amendement  1

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(2)  Bij Richtlijn 98/83/EG is het rechtskader vastgesteld voor de bescherming van de volksgezondheid tegen de schadelijke gevolgen van verontreiniging van voor menselijke consumptie bestemd water door ervoor te zorgen dat het gezond en schoon is. Met deze richtlijn moet hetzelfde doel worden nagestreefd. Daartoe moeten op het niveau van de Unie minimumvereisten worden vastgesteld waaraan voor dit doel bestemd water moet voldoen. De lidstaten moeten de nodige maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat voor menselijke consumptie bestemd water vrij is van micro-organismen, parasieten en stoffen die, in bepaalde gevallen, een potentieel gevaar voor de volksgezondheid vormen, en dat het aan deze minimumvereisten voldoet.

(2)  Bij Richtlijn 98/83/EG is het rechtskader vastgesteld voor de bescherming van de volksgezondheid tegen de schadelijke gevolgen van verontreiniging van voor menselijke consumptie bestemd water door ervoor te zorgen dat het gezond en schoon is. Met deze richtlijn moet hetzelfde doel worden nagestreefd en moet de universele toegang tot zulk water voor iedereen in de Unie worden bevorderd. Daartoe moeten op het niveau van de Unie minimumvereisten worden vastgesteld waaraan voor dit doel bestemd water moet voldoen. De lidstaten moeten alle nodige maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat voor menselijke consumptie bestemd water vrij is van micro-organismen, parasieten en stoffen die, in bepaalde gevallen, een potentieel gevaar voor de volksgezondheid vormen, en dat het aan deze minimumvereisten voldoet.

Amendement    2

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 bis)  In overeenstemming met de mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio's getiteld "Maak de cirkel rond - Een EU-actieplan voor de circulaire economie", moet in deze richtlijn worden gestreefd naar het bevorderen van waterbronnenefficiëntie en duurzaamheid, wat aansluit bij de doelstellingen van de circulaire economie.

Amendement    3

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 2 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 ter)  Het recht van de mens op water en sanitaire voorzieningen is door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 28 juli 2010 als mensenrecht erkend, en de toegang tot schoon drinkbaar water mag dus niet beperkt zijn als gevolg van de onbetaalbaarheid ervan voor de eindgebruiker.

Amendement    4

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 2 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 quater)  Het is noodzakelijk samenhang tot stand te brengen tussen Richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad1 bis en onderhavige richtlijn.

 

_________________

 

1 bis Richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid (PB L 327 van 22.12.2000, blz. 1).

Amendement    5

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 2 quinquies (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 quinquies)  De in deze richtlijn opgenomen vereisten moeten een afspiegeling vormen van de nationale situatie en de positie van waterleveranciers in de lidstaten.

Amendement    6

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(3)  Het is noodzakelijk, natuurlijk mineraalwater en als geneesmiddel gebruikt water van deze richtlijn uit te sluiten, aangezien deze soorten water respectievelijk vallen onder Richtlijn 2009/54/EG van het Europees Parlement en de Raad68 en Richtlijn 2001/83/EG van het Europees Parlement en de Raad69. Richtlijn 2009/54/EG heeft echter zowel betrekking op natuurlijk mineraalwater als op bronwater, en alleen de eerstgenoemde categorie moet van het toepassingsgebied van deze richtlijn worden uitgesloten. Overeenkomstig artikel 9, lid 4, derde alinea, van Richtlijn 2009/54/EG, moet bronwater aan de bepalingen van deze richtlijn voldoen. In het geval van voor menselijke consumptie bestemd water voor verkoop in flessen of verpakkingen, of voor gebruik bij de vervaardiging, de bereiding of de behandeling van levensmiddelen, moet het water aan de bepalingen van deze richtlijn voldoen tot aan de plaats waar aan de kwaliteitseisen moet worden voldaan (d.w.z. de kraan), overeenkomstig artikel 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad7.

(3)  Het is noodzakelijk, natuurlijk mineraalwater en als geneesmiddel gebruikt water van deze richtlijn uit te sluiten, aangezien deze soorten water respectievelijk vallen onder Richtlijn 2009/54/EG van het Europees Parlement en de Raad68 en Richtlijn 2001/83/EG van het Europees Parlement en de Raad69. Richtlijn 2009/54/EG heeft echter zowel betrekking op natuurlijk mineraalwater als op bronwater, en alleen de eerstgenoemde categorie moet van het toepassingsgebied van deze richtlijn worden uitgesloten. Overeenkomstig artikel 9, lid 4, derde alinea, van Richtlijn 2009/54/EG, moet bronwater aan de bepalingen van deze richtlijn voldoen. Deze verplichting mag echter niet worden uitgebreid naar de microbiologische parameters die worden vermeld in deel A van bijlage I bij deze richtlijn. In het geval van voor menselijke consumptie bestemd water afkomstig uit het openbaar waterleidingnet of particuliere bronnen en dat bestemd is voor verkoop in flessen of verpakkingen, of voor gebruik bij de commerciële vervaardiging, de bereiding of de behandeling van levensmiddelen, moet het water in beginsel aan de bepalingen van deze richtlijn blijven voldoen tot aan de plaats waar aan de kwaliteitseisen moet worden voldaan, en moet het vervolgens als een levensmiddel worden beschouwd overeenkomstig artikel 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad70. De bevoegde autoriteiten van de lidstaten moeten de bevoegdheid hebben om hergebruik van water in de voedingsmiddelenindustrie toe te staan, mits aan de toepasselijke voedselveiligheidseisen wordt voldaan.

_________________

_________________

68 Richtlijn 2009/54/EG van het Europees Parlement en de Raad van 18 juni 2009 betreffende de exploitatie en het in de handel brengen van natuurlijk mineraalwater (Herschikking) (PB L 164 van 26.6.2009, blz. 45).

68 Richtlijn 2009/54/EG van het Europees Parlement en de Raad van 18 juni 2009 betreffende de exploitatie en het in de handel brengen van natuurlijk mineraalwater (Herschikking) (PB L 164 van 26.6.2009, blz. 45).

69 Richtlijn 2001/83/EG van het Europees Parlement en de Raad van 6 november 2001 tot vaststelling van een communautair wetboek betreffende geneesmiddelen voor menselijk gebruik (PB L 311 van 28.11.2001, blz. 67).

69 Richtlijn 2001/83/EG van het Europees Parlement en de Raad van 6 november 2001 tot vaststelling van een communautair wetboek betreffende geneesmiddelen voor menselijk gebruik (PB L 311 van 28.11.2001, blz. 67).

70 Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden (PB L 31 van 1.2.2002, blz. 1).

70 Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden (PB L 31 van 1.2.2002, blz. 1).

Amendement    7

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(4)  Na de afsluiting van het Europees burgerinitiatief inzake het recht op water (Right2Water)71, is een openbare raadpleging en een evaluatie in het kader van het programma voor gezonde en resultaatgerichte regelgeving (Refit) van Richtlijn 98/83/EG uitgevoerd72. Uit die exercitie is gebleken dat het nodig was sommige bepalingen van Richtlijn 98/83/EG bij te werken. Er zijn vier gebieden aangewezen waar er ruimte voor verbetering is, te weten de lijst met parameterwaarden op kwaliteitsbasis, het beperkte gebruik van een op risico’s gebaseerde benadering, de vage bepalingen over consumentenvoorlichting en de verschillen tussen de goedkeuringssystemen voor materialen die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water. Daarnaast heeft het Europees burgerinitiatief inzake het recht op water nog op het bijkomende probleem gewezen dat een deel van de bevolking, met name gemarginaliseerde groepen, geen toegang heeft tot voor menselijke consumptie bestemd water, terwijl het waarborgen van die toegang ook een verplichting in het kader van duurzameontwikkelingsdoelstelling 6 van de Agenda 2030 van de VN vormt. Tot slot is nog het probleem geconstateerd dat er sprake is van een algemeen gebrek aan bewustzijn omtrent waterlekken, die gerelateerd zijn aan een gebrek aan investeringen in onderhoud en vernieuwing van de waterinfrastructuur, zoals ook wordt opgemerkt in het speciale verslag van de Europese Rekenkamer over de waterinfrastructuur73.

(4)  Na de afsluiting van het Europees burgerinitiatief inzake het recht op water (Right2Water)71, waarin de Unie werd opgeroepen eer te doen om universele toegang tot water te bewerkstelligen, is een openbare raadpleging en een evaluatie in het kader van het programma voor gezonde en resultaatgerichte regelgeving (Refit) van Richtlijn 98/83/EG uitgevoerd72. Uit die exercitie is gebleken dat het nodig was sommige bepalingen van Richtlijn 98/83/EG bij te werken. Er zijn vier gebieden aangewezen waar er ruimte voor verbetering is, te weten de lijst met parameterwaarden op kwaliteitsbasis, het beperkte gebruik van een op risico’s gebaseerde benadering, de vage bepalingen over consumentenvoorlichting en de verschillen tussen de goedkeuringssystemen voor materialen die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water en de gevolgen hiervan voor de volksgezondheid. Daarnaast heeft het Europees burgerinitiatief inzake het recht op water nog op het bijkomende probleem gewezen dat een deel van de bevolking, onder kwetsbare en gemarginaliseerde groepen, beperkte of geen toegang heeft tot voor betaalbaar menselijke consumptie bestemd water, terwijl het waarborgen van die toegang ook een verplichting in het kader van duurzameontwikkelingsdoelstelling 6 van de Agenda 2030 van de VN vormt. In dit verband heeft het Europees Parlement erkend dat de toegang tot voor menselijke consumptie bestemd water voor iedereen in de Unie een recht is. Tot slot is nog het probleem geconstateerd dat er sprake is van een algemeen gebrek aan bewustzijn omtrent waterlekken, die gerelateerd zijn aan een gebrek aan investeringen in onderhoud en vernieuwing van de waterinfrastructuur, zoals ook wordt opgemerkt in het speciale verslag van de Europese Rekenkamer over de waterinfrastructuur73, en door de soms gebrekkige kennis van watersystemen.

_________________

_________________

71 COM(2014) 177 definitief:

71 COM(2014) 177 definitief:

72 COM(2016) 428 definitief:

72 COM(2016) 428 definitief:

73 Speciaal verslag van de Europese Rekenkamer SR 12/2017: "Uitvoering van de drinkwaterrichtlijn: betere kwaliteit van en toegang tot water in Bulgarije, Hongarije en Roemenië, maar nog steeds aanzienlijke investeringen nodig".

73 Speciaal verslag van de Europese Rekenkamer SR 12/2017: "Uitvoering van de drinkwaterrichtlijn: betere kwaliteit van en toegang tot water in Bulgarije, Hongarije en Roemenië, maar nog steeds aanzienlijke investeringen nodig".

Amendement    8

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 4 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(4 bis)  Om de ambitieuze doelstellingen te kunnen verwezenlijken die zijn vastgesteld in het kader van duurzameontwikkelingsdoelstelling 6 van de Verenigde Naties, moeten de lidstaten worden verplicht actieplannen ten uitvoer te leggen om uiterlijk in 2030 een universele en billijke toegang tot veilig en betaalbaar drinkwater voor iedereen te waarborgen.

Amendement    9

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 4 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(4 ter)  Het Europees Parlement heeft op 8 september 2015 een resolutie aangenomen over de follow-up van het Europees burgerinitiatief "Right2Water".

Motivering

De Commissie heeft verklaard dat zij in haar herschikkingsvoorstel rekening houdt met de resolutie van het Europees Parlement van 8 september 2015.

Amendement    10

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(5)  Het Regionaal Bureau voor Europa van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft een uitvoerige evaluatie van de in Richtlijn 98/83/EG vastgestelde lijst met parameters en parameterwaarden uitgevoerd, teneinde vast te stellen of er behoefte is deze aan te passen aan de technische en wetenschappelijke vooruitgang. In het licht van de resultaten van die evaluatie74 moet op maag-darmpathogenen en Legionella worden gecontroleerd, en moeten zes chemische parameters of parametergroepen worden toegevoegd en drie representatieve hormoonontregelende stoffen in aanmerking worden genomen met als voorzorgsmaatregel bedoelde benchmarkwaarden. Voor drie van de nieuwe parameters moeten op grond van het voorzorgsbeginsel parameterwaarden worden vastgesteld die strenger zijn dan door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) voorgesteld, maar wel nog steeds haalbaar zijn. Voor lood heeft de WHO opgemerkt dat de concentraties zo laag als redelijkerwijs haalbaar moeten zijn, en de waarde voor chroom wordt momenteel nog door de WHO onderzocht; daarom moet voor beide parameters een overgangsperiode van tien jaar in acht worden genomen voordat de waarden worden verstrengd.

(5)  Het Regionaal Bureau voor Europa van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft een uitvoerige evaluatie van de in Richtlijn 98/83/EG vastgestelde lijst met parameters en parameterwaarden uitgevoerd, teneinde vast te stellen of er behoefte is deze aan te passen aan de technische en wetenschappelijke vooruitgang. In het licht van de resultaten van die evaluatie74 moet op maag-darmpathogenen en Legionella worden gecontroleerd en moeten zes chemische parameters of parametergroepen worden toegevoegd. De aanbevelingen van de WHO moeten worden gevolgd aangezien deze zijn gebaseerd op de recentste internationale wetenschappelijke gegevens en bijgevolg moeten de parameterwaarden worden aangepast. Voor lood heeft de WHO opgemerkt dat de concentraties zo laag als redelijkerwijs haalbaar moeten zijn, en de waarde voor chroom wordt momenteel nog door de WHO onderzocht.

__________________

__________________

74 Samenwerkingsproject inzake drinkwaterparameters van het Regionaal Bureau voor Europa van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) "Support to the revision of Annex I Council Directive 98/83/EC on the quality of water intended for human consumption (Drinking Water Directive) Recommendation", 11 september 2017.

74 Samenwerkingsproject inzake drinkwaterparameters van het Regionaal Bureau voor Europa van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) "Support to the revision of Annex I Council Directive 98/83/EC on the quality of water intended for human consumption (Drinking Water Directive) Recommendation", 11 september 2017.

Amendement    11

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 5 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(5 bis)  Voor menselijke consumptie bestemd water speelt een essentiële rol bij de lopende inspanningen van de Unie ter versterking van de bescherming van de volksgezondheid en het milieu tegen hormoonontregelende chemische stoffen. De regulering van hormoonontregelende verbindingen in deze richtlijn vormt een veelbelovende stap in de richting van een geactualiseerde Unie-strategie inzake hormoonontregelaars, die door de Commissie zonder verdere vertraging moet worden voorgelegd.

Amendement    12

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(6)  De WHO heeft tevens aangeraden drie parameterwaarden te versoepelen en vijf parameters van de lijst te schrappen. Deze wijzigingen worden echter niet noodzakelijk geacht aangezien de bij Richtlijn (EU) 2015/1787 van de Commissie75 ingevoerde op risico’s gebaseerde benadering onder bepaalde voorwaarden toelaat dat de waterleveranciers een parameter uit de lijst van te controleren parameters schrappen. Behandelingstechnieken om aan die parameterwaarden te voldoen, zijn reeds beschikbaar.

Schrappen

_________________

 

75 Richtlijn (EU) 2015/1787 van de Commissie van 6 oktober 2015 tot wijziging van de bijlagen II en III bij Richtlijn 98/83/EG van de Raad betreffende de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water (PB L 260 van 7.10.2015, blz. 6).

 

Motivering

De aanbeveling van de WHO is verplaatst naar overweging 5.

Amendement    13

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 6 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(6 bis)  Aangezien de wetenschappelijke kennis ontoereikend is om het al dan niet aanwezige risico voor de volksgezondheid of de toelaatbare waarde van een stof in voor menselijke consumptie bestemd water vast te stellen, moet op grond van het voorzorgsbeginsel en in afwachting van duidelijkere wetenschappelijke gegevens streng worden toegezien op dergelijke stoffen. Dat geldt bijvoorbeeld voor hormoonontregelende stoffen in voor menselijke consumptie bestemd water, aangezien die volgens de huidige stand van de wetenschappelijke kennis geen potentieel risico vormen voor de volksgezondheid, maar waarvoor opname in een lijst van te monitoren stoffen gerechtvaardigd is aangezien ze een mogelijk risico vormen voor het milieu. Daarom dienen de lidstaten dergelijke nieuwe parameters afzonderlijk te controleren.

Amendement    14

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 6 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(6 ter)  Indicatorparameters hebben geen rechtstreeks effect op de volksgezondheid. Zij zijn evenwel belangrijke als middel om vast te stellen hoe de waterproductie- en waterdistributievoorzieningen functioneren en om de waterkwaliteit te beoordelen. Zij kunnen van nut zijn om tekortkomingen in de waterbehandeling op te sporen en dragen er tevens in belangrijke mate toe bij het vertrouwen van de consument in de waterkwaliteit te behouden en te vergroten. Zij moeten daarom door de lidstaten worden gecontroleerd.

Amendement    15

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7)  Wanneer dit ter bescherming van de volksgezondheid op hun grondgebied noodzakelijk is, moeten de lidstaten ertoe worden verplicht waarden voor aanvullende, niet in bijlage I opgenomen parameters vaststellen .

(7)  Wanneer dit voor de volledige toepassing van het voorzorgsbeginsel en ter bescherming van de volksgezondheid op hun grondgebied noodzakelijk is, moeten de lidstaten ertoe worden verplicht waarden voor aanvullende, niet in bijlage I opgenomen parameters vast te stellen.

Motivering

Omwille van de samenhang met de in het dossier voorgestelde aanpak inzake het voorzorgsbeginsel.

Amendement    16

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(8)  Preventieve veiligheidsplanning en op risico's gebaseerde elementen zijn slechts in beperkte mate in Richtlijn 98/83/EG aan bod gekomen. De eerste elementen van een op risico's gebaseerde benadering zijn reeds in 2015 ingevoerd bij Richtlijn (EU) 2015/1787, waarbij Richtlijn 98/83/EG werd gewijzigd om het de lidstaten toe te staan af te wijken van de controleprogramma's die zij hebben vastgesteld, mits geloofwaardige risicobeoordelingen worden uitgevoerd, die gebaseerd kunnen zijn op de Richtsnoeren voor de kwaliteit van drinkwater van de WHO76. Die richtsnoeren, waarin het zogenaamde "waterveiligheidsplan" wordt vastgesteld, vormen, samen met norm EN 15975-2 inzake het veiligstellen van de drinkwatervoorziening, internationaal erkende beginselen waarop de productie, de distributie, de controle en de analyse van de parameters van voor menselijke consumptie bestemd water zijn gebaseerd. Zij moeten in deze richtlijn worden gehandhaafd. Om ervoor te zorgen dat die beginselen niet tot controleaspecten beperkt blijven, om tijd en middelen vooral te richten op belangrijke risico’s en kosteneffectieve maatregelen aan de bron, en om te voorkomen dat analyses en inspanningen worden verspild aan irrelevante kwesties, is het passend een complete, op risico’s gebaseerde benadering in te voeren in de hele toeleveringsketen, van het onttrekkingsgebied via de distributie tot aan de kraan. Die benadering moet uit drie onderdelen bestaan: in de eerste plaats een beoordeling door de lidstaat van de gevaren in verband met het onttrekkingsgebied ("gevarenbeoordeling"), overeenkomstig de richtsnoeren en het handboek voor het waterveiligheidsplan van de WHO77; in de tweede plaats een mogelijkheid voor de waterleverancier om de controle aan te passen aan de belangrijkste risico’s ("leveringsrisicobeoordeling"); en op de derde plaats een beoordeling door de lidstaat van de mogelijke risico's die voortvloeien uit het huishoudelijk leidingnet (bv. Legionella of lood) ("risicobeoordeling van het huishoudelijk leidingnet"). Die beoordelingen moeten op gezette tijden worden herzien, onder meer naar aanleiding van bedreigingen ten gevolge van klimaatgerelateerde extreme weersomstandigheden, bekende veranderingen in de menselijke activiteit in het onttrekkingsgebied, of brongerelateerde incidenten. De op risico's gebaseerde benadering zorgt voor een voortdurende uitwisseling van informatie tussen de bevoegde autoriteiten en de waterleveranciers.

(8)  Preventieve veiligheidsplanning en op risico's gebaseerde elementen zijn slechts in beperkte mate in Richtlijn 98/83/EG aan bod gekomen. De eerste elementen van een op risico's gebaseerde benadering zijn reeds in 2015 ingevoerd bij Richtlijn (EU) 2015/1787, waarbij Richtlijn 98/83/EG werd gewijzigd om het de lidstaten toe te staan af te wijken van de controleprogramma's die zij hebben vastgesteld, mits geloofwaardige risicobeoordelingen worden uitgevoerd, die gebaseerd kunnen zijn op de Richtsnoeren voor de kwaliteit van drinkwater van de WHO76. Die richtsnoeren, waarin het zogenaamde "waterveiligheidsplan" wordt vastgesteld, vormen, samen met norm EN 15975-2 inzake het veiligstellen van de drinkwatervoorziening, internationaal erkende beginselen waarop de productie, de distributie, de controle en de analyse van de parameters van voor menselijke consumptie bestemd water zijn gebaseerd. Zij moeten in deze richtlijn worden gehandhaafd. Om ervoor te zorgen dat die beginselen niet tot controleaspecten beperkt blijven, om tijd en middelen vooral te richten op belangrijke risico’s en kosteneffectieve maatregelen aan de bron, en om te voorkomen dat analyses en inspanningen worden verspild aan irrelevante kwesties, is het passend een complete, op risico’s gebaseerde benadering in te voeren in de hele toeleveringsketen, van het onttrekkingsgebied via de distributie tot aan de kraan. Die benadering moet berusten op de reeds verworven kennis en op de maatregelen die zijn uitgevoerd in het kader van Richtlijn 2000/60/EG en moet beter rekening houden met de gevolgen van de klimaatverandering voor de watervoorraden. Een op risico's gebaseerde benadering moet uit drie onderdelen bestaan: in de eerste plaats een beoordeling door de lidstaat van de gevaren in verband met het onttrekkingsgebied ("gevarenbeoordeling"), overeenkomstig de richtsnoeren en het handboek voor het waterveiligheidsplan van de WHO77; in de tweede plaats een mogelijkheid voor de waterleverancier om de controle aan te passen aan de belangrijkste risico’s ("leveringsrisicobeoordeling"); en op de derde plaats een beoordeling door de lidstaat van de mogelijke risico's die voortvloeien uit het huishoudelijk leidingnet (bv. Legionella of lood), met bijzondere aandacht voor prioritaire percelen ("risicobeoordeling van het huishoudelijk leidingnet"). Die beoordelingen moeten op gezette tijden worden herzien, onder meer naar aanleiding van bedreigingen ten gevolge van klimaatgerelateerde extreme weersomstandigheden, bekende veranderingen in de menselijke activiteit in het onttrekkingsgebied, of brongerelateerde incidenten. De op risico's gebaseerde benadering moet worden gebaseerd op een voortdurende uitwisseling van informatie tussen de bevoegde autoriteiten, waterleveranciers en andere belanghebbenden, met inbegrip van de degenen die verantwoordelijk zijn voor de bron van verontreiniging of het risico op verontreiniging. Bij wijze van uitzondering moet de toepassing van de op risico's gebaseerde benadering worden aangepast aan de specifieke eisen voor zeeschepen die water ontzilten en passagiers aan boord hebben. Zeeschepen die onder Europese vlag varen, volgen namelijk het internationale regelgevende kader wanneer ze in internationale wateren varen. Bovendien zijn er specifieke eisen voor het vervoer en de productie van voor menselijke consumptie bestemd drinkwater aan boord die een aanpassing van de bepalingen van deze richtlijn vereisen.

_________________

_________________

76 Richtsnoeren voor de drinkwaterkwaliteit, vierde editie, Wereldgezondheidsorganisatie, 2011 http://www.who.int/water_sanitation_health/publications/2011/dwq_guidelines/en/index.html.

76 Richtsnoeren voor de drinkwaterkwaliteit, vierde editie, Wereldgezondheidsorganisatie, 2011 http://www.who.int/water_sanitation_health/publications/2011/dwq_guidelines/en/index.html.

77 Handboek voor het waterveiligheidsplan: stapsgewijs risicobeheer voor drinkwaterleveranciers, Wereldgezondheidsorganisatie, 2009, http://apps.who.int/iris/bitstream/10665/75141/1/9789241562638_eng.pdf.

77 Handboek voor het waterveiligheidsplan: stapsgewijs risicobeheer voor drinkwaterleveranciers, Wereldgezondheidsorganisatie, 2009, http://apps.who.int/iris/bitstream/10665/75141/1/9789241562638_eng.pdf.

Amendement    17

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 8 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 bis)  Inefficiënt watergebruik, met name lekken in de watervoorzieningsinfrastructuur, leidt tot overbenutting van de schaarse voorraden van voor menselijke consumptie bestemd water. Dit vormt een ernstige belemmering voor de verwezenlijking van de in Richtlijn 2000/60/EG vastgestelde doelstellingen door de lidstaten.

Amendement    18

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(9)  De gevarenbeoordeling moet zijn gericht op vermindering van het vereiste niveau van de behandeling voor de productie van voor menselijke consumptie bestemd water, bijvoorbeeld door het terugdringen van belastende factoren die zorgen voor de verontreiniging van waterlichamen die voor de onttrekking van voor menselijke consumptie bestemd water worden gebruikt. Daartoe moeten de lidstaten gevaren en mogelijke bronnen van verontreiniging identificeren die van belang zijn voor die waterlichamen en controleren op verontreinigende stoffen die zij als relevant aanmerken, bijvoorbeeld op grond van de geïdentificeerde gevaren (bv. microplastics, nitraten, bestrijdingsmiddelen of geneesmiddelen die krachtens Richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad78 zijn geïdentificeerd), op grond van hun natuurlijke aanwezigheid in het onttrekkingsgebied (bv. arseen) of op grond van informatie van de waterleveranciers (bv. plotselinge toename van een specifieke parameter in ruw water). Die parameters moeten als markers worden gebruikt die de bevoegde autoriteiten ertoe zetten maatregelen te nemen om de druk op de waterlichamen te verminderen, bijvoorbeeld preventieve of verzachtende maatregelen (waar nodig met inbegrip van onderzoek naar de effecten op de gezondheid), en om die waterlichamen te beschermen en de verontreinigingsbron aan te pakken, in samenwerking met de waterleveranciers en belanghebbenden.

(9)  De gevarenbeoordeling moet zijn gebaseerd op een holistische risicobeoordelingsaanpak en uitdrukkelijk zijn gericht op vermindering van het vereiste niveau van de behandeling voor de productie van voor menselijke consumptie bestemd water, bijvoorbeeld door het terugdringen van belastende factoren die zorgen voor de verontreiniging of een risico op verontreiniging van waterlichamen die voor de onttrekking van voor menselijke consumptie bestemd water worden gebruikt. Daartoe moeten de lidstaten gevaren en mogelijke bronnen van verontreiniging identificeren die van belang zijn voor die waterlichamen en controleren op verontreinigende stoffen die zij als relevant aanmerken, bijvoorbeeld op grond van de geïdentificeerde gevaren (bv. microplastics, nitraten, bestrijdingsmiddelen of geneesmiddelen die krachtens Richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad78 zijn geïdentificeerd), op grond van hun natuurlijke aanwezigheid in het onttrekkingsgebied (bv. arseen) of op grond van informatie van de waterleveranciers (bv. plotselinge toename van een specifieke parameter in ruw water). Die parameters moeten overeenkomstig Richtlijn 2000/60/EG als markers worden gebruikt die de bevoegde autoriteiten ertoe zetten maatregelen te nemen om de druk op de waterlichamen te verminderen, bijvoorbeeld preventieve of verzachtende maatregelen (waar nodig met inbegrip van onderzoek naar de effecten op de gezondheid), en om die waterlichamen te beschermen en de verontreinigingsbron of het verontreinigingsrisico aan te pakken, in samenwerking met alle belanghebbenden, met inbegrip van degenen die verantwoordelijk zijn voor (mogelijke) verontreinigingsbronnen. Indien een lidstaat door middel van de gevarenbeoordeling constateert dat een bepaalde parameter niet van toepassing is in een bepaald onttrekkingsgebied, bijvoorbeeld doordat een stof niet voorkomt in het grond- of oppervlaktewater, dient de lidstaat de desbetreffende waterleveranciers hiervan in kennis te stellen en moet hij kunnen toestaan dat die waterleveranciers de controlefrequentie voor die parameter verlagen of die parameter van de lijst van te controleren parameters schrappen zonder dat zij een leveringsrisicobeoordeling hoeven uit te voeren.

_________________

_________________

78 Richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid (PB L 327 van 22.12.2000, blz. 1).

78 Richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid (PB L 327 van 22.12.2000, blz. 1).

Amendement    19

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 11

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(11)  Aan de parameterwaarden die worden gebruik om de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water te beoordelen, moet worden voldaan op de plaats waar voor menselijke consumptie bestemd water voor de verbruiker beschikbaar is. De kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water kan echter door het huishoudelijk leidingnet worden beïnvloed. De WHO stelt vast dat Legionella in de Unie het grootste probleem voor de gezondheid vormt waar het watergedragen ziekteverwekkers betreft. Legionella wordt door warmwatersystemen via inademing overgedragen, bijvoorbeeld tijdens het douchen. Er is derhalve een duidelijk verband met het huishoudelijk leidingnet. Aangezien het opleggen van een eenzijdige verplichting om alle particuliere en openbare percelen op deze ziekteverwekker te controleren, tot onredelijk hoge kosten zou leiden, is een risicobeoordeling van het huishoudelijk leidingnet derhalve beter geschikt om deze kwestie aan te pakken. Daarnaast moeten ook de mogelijke risico’s van producten en materialen die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water, in aanmerking worden genomen in de risicobeoordeling van het huishoudelijk leidingnet. De risicobeoordeling van het huishoudelijk leidingnet moet daarom onder meer bestaan uit gerichte controle van prioritaire percelen, beoordeling van de risico’s die voortvloeien uit het huishoudelijk leidingnet en de daarmee samenhangende producten en materialen, en controle van de prestaties van bouwproducten die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water, op basis van de prestatieverklaring overeenkomstig Verordening (EU) nr. 305/2011 van het Europees Parlement en de Raad79. Samen met de prestatieverklaring moet ook de in de artikelen 31 en 33 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad80 bedoelde informatie worden verstrekt. Op basis van deze beoordeling moeten de lidstaten alle nodige maatregelen nemen om er onder meer voor te zorgen dat er geschikte controle- en beheersmaatregelen (bv. in het geval van uitbraken) van kracht zijn, in lijn met de richtsnoeren van de WHO81, en dat de migratie uit bouwproducten geen gevaar voor de volksgezondheid inhoudt. Onverminderd Verordening (EU) nr. 305/2011 moeten, wanneer deze maatregelen zouden leiden tot beperkingen van het vrije verkeer van producten en materialen in de Unie, deze beperkingen echter naar behoren worden gemotiveerd en strikt evenredig zijn, en mogen zij geen middel tot willekeurige discriminatie noch een verkapte beperking van de handel tussen de lidstaten vormen.

(11)  Aan de parameterwaarden die worden gebruik om de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water te beoordelen, moet worden voldaan op de plaats waar voor menselijke consumptie bestemd water voor de verbruiker beschikbaar is. De kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water kan echter door het huishoudelijk leidingnet worden beïnvloed. De WHO stelt vast dat Legionella in de Unie het grootste probleem voor de gezondheid vormt waar het watergedragen ziekteverwekkers betreft, met name de bacterie Legionella pneumophila, die verantwoordelijk is voor de meeste gevallen van veteranenziekte in de Unie. Legionella wordt door warmwatersystemen via inademing overgedragen, bijvoorbeeld tijdens het douchen. Er is derhalve een duidelijk verband met het huishoudelijk leidingnet. Aangezien het opleggen van een eenzijdige verplichting om alle particuliere en openbare percelen op deze ziekteverwekker te controleren, tot onredelijk hoge kosten zou leiden en tegen het subsidiariteitsbeginsel zou indruisen, is een risicobeoordeling van het huishoudelijk leidingnet, waarbij bijzondere aandacht wordt besteed aan prioritaire percelen, derhalve beter geschikt om deze kwestie aan te pakken. Daarnaast moeten ook de mogelijke risico’s van producten en materialen die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water, in aanmerking worden genomen in de risicobeoordeling van het huishoudelijk leidingnet. De risicobeoordeling van het huishoudelijk leidingnet moet daarom onder meer bestaan uit gerichte controle van prioritaire percelen, beoordeling van de risico’s die voortvloeien uit het huishoudelijk leidingnet en de daarmee samenhangende producten en materialen, en controle van de prestaties van bouwproducten die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water, op basis van de prestatieverklaring overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad80. Op basis van deze beoordeling moeten de lidstaten alle nodige maatregelen nemen om er onder meer voor te zorgen dat er geschikte controle- en beheersmaatregelen (bv. in het geval van uitbraken) van kracht zijn, in lijn met de richtsnoeren van de WHO81, en dat de migratie uit stoffen en materialen die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water geen gevaar voor de volksgezondheid inhoudt.

_________________

_________________

79 Verordening (EU) nr. 305/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2011 tot vaststelling van geharmoniseerde voorwaarden voor het verhandelen van bouwproducten en tot intrekking van Richtlijn 89/106/EEG van de Raad (PB L 88 van 4.4.2011, blz. 5).

 

80 Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH), tot oprichting van een Europees Agentschap voor chemische stoffen, houdende wijziging van Richtlijn 1999/45/EG en houdende intrekking van Verordening (EEG) nr. 793/93 van de Raad en Verordening (EG) nr. 1488/94 van de Commissie alsmede Richtlijn 76/769/EEG van de Raad en de Richtlijnen 91/155/EEG, 93/67/EEG, 93/105/EG en 2000/21/EG van de Commissie (PB L 396 van 30.12.2006, blz. 1).

80 Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH), tot oprichting van een Europees Agentschap voor chemische stoffen, houdende wijziging van Richtlijn 1999/45/EG en houdende intrekking van Verordening (EEG) nr. 793/93 van de Raad en Verordening (EG) nr. 1488/94 van de Commissie alsmede Richtlijn 76/769/EEG van de Raad en de Richtlijnen 91/155/EEG, 93/67/EEG, 93/105/EG en 2000/21/EG van de Commissie (PB L 396 van 30.12.2006, blz. 1).

81 "Legionella and the prevention of Legionellosis", Wereldgezondheidsorganisatie, 2007,

81 "Legionella and the prevention of Legionellosis", Wereldgezondheidsorganisatie, 2007,

Amendement    20

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 12

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(12)  De bepalingen van Richtlijn 98/83/EG inzake de waarborging van de kwaliteit van behandeling, installatie en materialen zijn er niet in geslaagd belemmeringen voor de interne markt aan te pakken waar het het vrije verkeer van bouwproducten die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water betreft. Er zijn nog steeds nationale goedkeuringsregelingen voor producten van kracht, met regels die van de ene lidstaat tot de andere verschillen. Hierdoor is het moeilijk en duur voor de fabrikanten om hun producten in de hele EU op de markt te brengen. De opheffing van technische belemmeringen kan alleen doeltreffend worden verwezenlijkt door geharmoniseerde technische specificaties voor bouwproducten die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water vast te stellen in het kader van Verordening (EU) nr. 305/2011. Die verordening voorziet in de ontwikkeling van Europese normen voor het harmoniseren van beoordelingsmethoden voor bouwproducten die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water en in het vaststellen van drempelniveaus en klassen met betrekking tot het prestatieniveau van een essentieel kenmerk. Daartoe is in het werkprogramma 2017 voor normalisatie19 een normalisatieverzoek opgenomen waarin specifiek wordt verzocht om normalisatiewerkzaamheden op het gebied van hygiëne en veiligheid voor producten en materialen die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water in het kader van Verordening (EU) nr. 305/2011, en uiterlijk in 2018 moet een norm hieromtrent zijn uitgevaardigd. De bekendmaking van deze geharmoniseerde norm in het Publicatieblad van de Europese Unie zal zorgen voor rationele besluitvorming bij het in de handel brengen of op de markt aanbieden van veilige bouwproducten die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water. Bijgevolg moeten de bepalingen inzake installaties en materiaal die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water worden geschrapt, deels worden vervangen door bepalingen inzake de risicobeoordeling van het huishoudelijk leidingnet, en worden aangevuld met de desbetreffende geharmoniseerde normen in het kader van Verordening (EU) nr. 305/2011.

(12)  De bepalingen van Richtlijn 98/83/EG inzake de waarborging van de kwaliteit van behandeling, installatie en materialen zijn er niet in geslaagd belemmeringen voor de interne markt aan te pakken waar het het vrije verkeer van bouwproducten die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water of een toereikende bescherming van de volksgezondheid betreft. Er zijn nog steeds nationale goedkeuringsregelingen voor producten van kracht, met regels die van de ene lidstaat tot de andere verschillen. Hierdoor is het moeilijk en duur voor de fabrikanten om hun producten in de hele EU op de markt te brengen. Deze situatie is toe te schrijven aan het feit dat er geen Europese minimumnormen op het gebied van hygiëne bestaan voor alle producten en materialen die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water, terwijl dit toch een absolute voorwaarde is om te komen tot volledige wederzijdse erkenning tussen de lidstaten. De opheffing van technische belemmeringen en de conformiteit van alle producten en materialen die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water op het niveau van de Unie kunnen dus alleen maar doeltreffend worden verwezenlijkt door op het niveau van de Unie minimumkwaliteitsvereisten vast te stellen. Bijgevolg moeten deze bepalingen worden versterkt aan de hand van een harmonisatieprocedure voor dergelijke producten en materialen. Deze werkzaamheden dienen voort te bouwen op de ervaring die is opgedaan en de vooruitgang die is geboekt door verschillende lidstaten die hun inspanningen sinds een aantal jaren bundelen om voor convergentie van de regelgeving te zorgen.

_________________

 

82 COM(2016) 185 definitief:

 

Amendement    21

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 13

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(13)  De lidstaten moeten ervoor zorgen dat programma’s worden vastgesteld om te controleren of voor menselijke consumptie bestemd water aan de voorschriften van deze richtlijn voldoet. Het grootste deel van de krachtens deze richtlijn uitgevoerde controles wordt door de waterleveranciers verricht. De waterleveranciers moet een zekere soepelheid worden gegund wat betreft de parameters waarop zij voor de leveringsrisicobeoordeling controleren. Indien een parameter niet wordt aangetroffen, moeten de waterleveranciers de mogelijkheid hebben de controlefrequentie te verlagen of de controles op die parameter helemaal stop te zetten. De leveringsrisicobeoordeling moet op de meeste parameters worden toegepast. Er moet echter een lijst met kernparameters zijn waarop met een bepaalde minimumfrequentie wordt gecontroleerd. Deze richtlijn bevat vooral bepalingen over de controlefrequentie ten behoeve van nalevingscontroles en slechts beperkte bepalingen inzake controle voor operationele doeleinden. Aanvullende controle voor operationele doeleinden kan noodzakelijk zijn om de correcte werking van de waterbehandeling te waarborgen, naar goeddunken van de waterleveranciers. In dat verband kunnen waterleveranciers de richtsnoeren en het handboek voor het waterveiligheidsplan van de WHO raadplegen.

(13)  De lidstaten moeten ervoor zorgen dat programma’s worden vastgesteld om te controleren of voor menselijke consumptie bestemd water aan de voorschriften van deze richtlijn voldoet. Het grootste deel van de krachtens deze richtlijn uitgevoerde controles wordt door de waterleveranciers verricht, maar waar nodig dienen de lidstaten te verduidelijken bij welke bevoegde autoriteiten de uit de omzetting van deze richtlijn voortvloeiende verplichtingen worden neergelegd. De waterleveranciers moet een zekere soepelheid worden gegund wat betreft de parameters waarop zij voor de leveringsrisicobeoordeling controleren. Indien een parameter niet wordt aangetroffen, moeten de waterleveranciers de mogelijkheid hebben de controlefrequentie te verlagen of de controles op die parameter helemaal stop te zetten. De leveringsrisicobeoordeling moet op de meeste parameters worden toegepast. Er moet echter een lijst met kernparameters zijn waarop met een bepaalde minimumfrequentie wordt gecontroleerd. Deze richtlijn bevat vooral bepalingen over de controlefrequentie ten behoeve van nalevingscontroles en slechts beperkte bepalingen inzake controle voor operationele doeleinden. Aanvullende controle voor operationele doeleinden kan noodzakelijk zijn om de correcte werking van de waterbehandeling te waarborgen, naar goeddunken van de waterleveranciers. In dat verband kunnen waterleveranciers de richtsnoeren en het handboek voor het waterveiligheidsplan van de WHO raadplegen.

Amendement    22

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 13 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(13 bis)  Gezien de versnippering van waterleveranciers en hun grote aantal moet het gebruik van gemeenschappelijke normen en praktijken voor een snelle gegevensuitwisseling worden bevorderd en aangemoedigd, zowel in noodgevallen als ten behoeve van een voortdurende monitoring van de situatie. Nieuwe technologieën kunnen deze dynamiek bevorderen tegen lage of in elk geval niet buitensporige kosten, met als uiteindelijk doel ervoor te zorgen dat eindgebruikers, zowel burgers als belanghebbenden, meer informatie krijgen en er een betere dynamiek ontstaat tussen de waterleveranciers. De gegevensuitwisseling moet voorts helpen om verspilling te verminderen of zoveel mogelijk te beperken.

Motivering

Meer gegevensuitwisseling en het faciliteren daarvan heeft ook meerwaarde in termen van veiligheid en kwaliteit van water voor menselijke consumptie, en er zijn geen al te hoge kosten aan verbonden. Ten slotte zou het ook nuttig kunnen zijn bij het bestrijden van verspilling.

Amendement    23

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 14

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(14)  De op risico's gebaseerde benadering moet geleidelijk worden toegepast door alle waterleveranciers, waaronder kleine waterleveranciers, aangezien uit de evaluatie van Richtlijn 98/83/EG is gebleken dat de uitvoering ervan door die leveranciers tekortschiet, in sommige gevallen vanwege de kosten voor het uitvoeren van onnodige controlewerkzaamheden. Bij het toepassen van de op risico's gebaseerde benadering moet rekening worden gehouden met beveilingskwesties.

(14)  De op risico's gebaseerde benadering moet worden toegepast door alle waterleveranciers, waaronder kleine en middelgrote waterleveranciers, aangezien uit de evaluatie van Richtlijn 98/83/EG is gebleken dat de uitvoering ervan door die leveranciers tekortschiet, in sommige gevallen vanwege de kosten voor het uitvoeren van onnodige controlewerkzaamheden. Bij het toepassen van de op risico's gebaseerde benadering moet rekening worden gehouden met beveiligingskwesties en met het beginsel dat de vervuiler betaalt. In het geval van kleinere waterleveranciers moet de bevoegde autoriteit middels deskundige hulp ondersteuning bieden bij de controlewerkzaamheden.

Amendement    24

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 14 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(14 bis)  Om voor een zo groot mogelijke bescherming van de volksgezondheid te waarborgen, moeten de lidstaten in overeenstemming met hun nationale institutionele en wettelijke kader zorgen voor een duidelijke en evenwichtige verdeling van de verantwoordelijkheid voor de toepassing van de op risico's gebaseerde benadering.

Amendement    25

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 15

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(15)  De betrokken lidstaten moeten in geval van niet-naleving van de normen van deze richtlijn onmiddellijk een onderzoek naar de oorzaak instellen en ervoor zorgen dat zo spoedig mogelijk de nodige maatregelen worden getroffen om de waterkwaliteit te herstellen. In gevallen waarin de watervoorziening een potentieel gevaar voor de volksgezondheid vormt, moet de levering van dergelijk water worden verboden of het gebruik ervan worden ingeperkt. Daarnaast is het belangrijk om te verduidelijken dat niet-naleving van de minimumvereisten voor de waarden die betrekking hebben op microbiologische en chemische parameters, door de lidstaten automatisch als een potentieel gevaar voor de volksgezondheid moet worden beschouwd. In gevallen waarin maatregelen voor het herstel van de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water noodzakelijk zijn, moet overeenkomstig artikel 191, lid 2, van het Verdrag voorrang worden gegeven aan maatregelen die het probleem bij de bron oplossen.

(15)  De betrokken lidstaten moeten in geval van niet-naleving van de normen van deze richtlijn onmiddellijk een onderzoek naar de oorzaak instellen en ervoor zorgen dat zo spoedig mogelijk de nodige maatregelen worden getroffen om de waterkwaliteit te herstellen. In gevallen waarin de watervoorziening een potentieel gevaar voor de volksgezondheid vormt, moet de levering van dergelijk water worden verboden of het gebruik ervan worden ingeperkt en moet tijdig passende informatie worden verstrekt aan mogelijk getroffen burgers. Daarnaast moet bij niet-naleving van de minimumvereisten voor de waarden die betrekking hebben op microbiologische en chemische parameters, door de lidstaten worden vastgesteld of overschrijding van de waarden een potentieel gevaar voor de volksgezondheid vormt. Daartoe moeten de lidstaten rekening houden met de mate waarin de minimumvereisten zijn overschreden en met het type parameter dat bij de overschrijding betrokken is. In gevallen waarin maatregelen voor het herstel van de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water noodzakelijk zijn, moet overeenkomstig artikel 191, lid 2, van het Verdrag voorrang worden gegeven aan maatregelen die het probleem bij de bron oplossen.

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel.

Amendement    26

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 15 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(15 bis)  Het is van belang om potentieel gevaar voor de volksgezondheid als gevolg van verontreinigd water te voorkomen. De levering van dergelijk water moet daarom worden verboden of het gebruik ervan ingeperkt.

Amendement    27

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 16

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(16)  De lidstaten mogen niet langer het recht hebben afwijkingen van deze richtlijn toe te staan. Oorspronkelijk werd gebruikgemaakt van afwijkingen om de lidstaten maximaal negen jaar de tijd te geven om een niet-naleving van een parameterwaarde te verhelpen. Deze procedure is voor zowel de lidstaten als de Commissie belastend gebleken. Daarnaast leidde zij in sommige gevallen tot vertragingen bij het nemen van herstelmaatregelen, aangezien de mogelijkheid tot afwijking als een overgangsperiode werd opgevat. De bepaling inzake afwijkingen moet derhalve worden geschrapt. Wanneer er parameterwaarden worden overschreden, moeten, omwille van de bescherming van de volksgezondheid, de bepalingen inzake herstelmaatregelen onmiddellijk van toepassing zijn, zonder dat het mogelijk is om een afwijking van de parameterwaarde toe te staan. Door de lidstaten overeenkomstig artikel 9 van Richtlijn 98/83/EG toegestane afwijkingen die op de datum van inwerkingtreding van deze richtlijn nog steeds van toepassing zijn, moeten echter van toepassing blijven tot de afloop van hun termijn, maar mogen niet worden verlengd.

(16)  De lidstaten moeten het recht hebben afwijkingen van deze richtlijn toe te staan. Oorspronkelijk werd gebruikgemaakt van afwijkingen om de lidstaten maximaal negen jaar de tijd te geven om een niet-naleving van een parameterwaarde te verhelpen. Deze procedure is voor de lidstaten nuttig gebleken gezien het ambitieniveau van de richtlijn. Er zij echter opgemerkt dat deze procedure in sommige gevallen heeft geleid tot vertragingen bij het nemen van herstelmaatregelen, aangezien de mogelijkheid tot afwijking soms als een overgangsperiode werd opgevat. In het licht van de versterking van de kwaliteitsparameters die met deze richtlijn worden beoogd, enerzijds, en de toenemende opsporing van nieuwe verontreinigende stoffen die beoordelings-, toezicht- en beheersmaatregelen vereisen, anderzijds, blijft het derhalve nodig om een daaraan aangepaste afwijkingsprocedure te behouden, op voorwaarde dat de afwijking geen mogelijk gevaar oplevert voor de volksgezondheid en dat de levering van voor menselijke consumptie bestemd water in het betrokken gebied op geen enkele andere redelijke manier kan worden verzekerd. De bepaling in Richtlijn 98/83/EG inzake afwijkingen moet derhalve worden gewijzigd opdat de lidstaten de naleving van de vereisten van deze richtlijn sneller en doeltreffender kunnen garanderen. Door de lidstaten overeenkomstig artikel 9 van Richtlijn 98/83/EG toegestane afwijkingen die op de datum van inwerkingtreding van deze richtlijn nog steeds van toepassing zijn, moeten van toepassing blijven volgens de regelingen die zijn vastgesteld in de bepalingen die gelden bij de opstart van de afwijkingsprocedure.

Amendement    28

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 17

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(17)  In haar antwoord op het Europees burgerinitiatief "Right2Water" van 201483 heeft de Commissie de lidstaten verzocht de toegang tot een minimale watervoorziening te waarborgen voor alle burgers, in overeenstemming met de aanbevelingen van de WHO. De Commissie verplichtte zich er ook toe te blijven werken aan "verbetering van de toegang tot veilig drinkwater [...] voor iedereen via het milieubeleid"84. Dit is in lijn met duurzameontwikkelingsdoelstelling 6 van de VN en de daarmee samenhangende doelstelling om universele en billijke toegang tot veilig en betaalbaar drinkwater voor iedereen te verwezenlijken. Het begrip billijke toegang omvat een breed scala van aspecten zoals de beschikbaarheid (bijvoorbeeld als gevolg van geografische omstandigheden, gebrek aan infrastructuur of de specifieke situatie van bepaalde delen van de bevolking), kwaliteit, aanvaardbaarheid, of financiële haalbaarheid. Met betrekking tot de betaalbaarheid van water is het van belang eraan te herinneren dat de lidstaten bij het bepalen van watertarieven volgens het beginsel van kostenterugwinning zoals beschreven in Richtlijn 2000/60/EG rekening kunnen houden met verschillen in de economische en sociale omstandigheden van de bevolking en derhalve sociale tarieven kunnen vaststellen of maatregelen kunnen nemen ter bescherming van sociaaleconomische achtergestelde bevolkingsgroepen. Deze richtlijn heeft met name betrekking op die aspecten van de toegang tot water die te maken hebben met kwaliteit en beschikbaarheid. Om die aspecten aan te pakken, als gedeeltelijk antwoord op het Europees burgerinitiatief, en om bij te dragen tot het in praktijk brengen van beginsel 20 van de Europese pijler van sociale rechten85 ("Iedereen heeft recht op toegang tot essentiële diensten van goede kwaliteit, waaronder water [...]") moeten de lidstaten ertoe worden verplicht de kwestie van de toegang tot water op nationaal niveau aan te pakken, waarbij zij wel moeten beschikken over enige vrijheid ten aanzien van het exacte soort te nemen maatregelen. Dit kan gebeuren door middel van acties die onder meer gericht zijn op het verbeteren van de toegang tot voor menselijke consumptie bestemd water voor iedereen, bijvoorbeeld met vrij toegankelijke drinkwaterfonteinen in steden, en het gebruik van dat water te bevorderen door de gratis verstrekking van voor menselijke consumptie bestemd water in openbare gebouwen en restaurants aan te moedigen

(17)  In haar antwoord op het Europees burgerinitiatief "Right2Water" van 201483 heeft de Commissie de lidstaten verzocht de toegang tot een minimale watervoorziening te waarborgen voor alle burgers, in overeenstemming met de aanbevelingen van de WHO. De Commissie verplichtte zich er ook toe te blijven werken aan "verbetering van de toegang tot veilig drinkwater [...] voor iedereen via het milieubeleid"84. Dit is in lijn met de artikelen 1 en 2 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. Dit is eveneens in lijn met duurzameontwikkelingsdoelstelling 6 van de VN en de daarmee samenhangende doelstelling om universele en billijke toegang tot veilig en betaalbaar drinkwater voor iedereen te verwezenlijken. Het begrip billijke toegang omvat een breed scala van aspecten zoals de beschikbaarheid (bijvoorbeeld als gevolg van geografische omstandigheden, gebrek aan infrastructuur of de specifieke situatie van bepaalde delen van de bevolking), kwaliteit, aanvaardbaarheid, of financiële haalbaarheid. Met betrekking tot de betaalbaarheid van water is het van belang eraan te herinneren dat de lidstaten bij het bepalen van watertarieven volgens het beginsel van kostenterugwinning zoals beschreven in Richtlijn 2000/60/EG, onverminderd artikel 9, lid 4, van die richtlijn, rekening kunnen houden met verschillen in de economische en sociale omstandigheden van de bevolking en derhalve sociale tarieven kunnen vaststellen of maatregelen kunnen nemen ter bescherming van sociaaleconomisch achtergestelde bevolkingsgroepen. Deze richtlijn heeft met name betrekking op die aspecten van de toegang tot water die te maken hebben met kwaliteit en beschikbaarheid. Om die aspecten aan te pakken, als gedeeltelijk antwoord op het Europees burgerinitiatief, en om bij te dragen tot het in praktijk brengen van beginsel 20 van de Europese pijler van sociale rechten85 ("Iedereen heeft recht op toegang tot essentiële diensten van goede kwaliteit, waaronder water [...]") moeten de lidstaten ertoe worden verplicht de kwestie van de toegang tot betaalbaar water op nationaal niveau aan te pakken, waarbij zij wel moeten beschikken over een zekere beoordelingsvrijheid ten aanzien van het exacte soort te nemen maatregelen. Dit kan gebeuren door middel van acties die onder meer gericht zijn op het verbeteren van de toegang tot voor menselijke consumptie bestemd water voor iedereen, bijvoorbeeld door de kwaliteitseisen voor water niet onrechtmatig te verscherpen uit het oogpunt van de volksgezondheid, waardoor de waterprijs voor de burgers zou stijgen, met vrij toegankelijke drinkwaterfonteinen in steden, en door het gebruik van dat water te bevorderen door de gratis verstrekking van voor menselijke consumptie bestemd water aan te moedigen in openbare gebouwen, restaurants, winkelcentra en recreatiecentra alsook op plaatsen met veel voetgangersverkeer en grote bezoekersaantallen, zoals treinstations en luchthavens. De lidstaten moeten de juiste mix van dergelijke instrumenten, rekening houdend met hun specifieke nationale omstandigheden, vrij kunnen bepalen.

_________________

_________________

83 COM(2014) 177 definitief:

83 COM(2014) 177 definitief:

84 COM(2014) 177 final, blz. 12.

84 COM(2014) 177 final, blz. 12.

85 Interinstitutionele proclamatie betreffende de Europese pijler van sociale rechten (2017/C 428/09) van 17 november 2017 (PB C 428 van 13.12.2017, blz. 10).

85 Interinstitutionele proclamatie betreffende de Europese pijler van sociale rechten (2017/C 428/09) van 17 november 2017 (PB C 428 van 13.12.2017, blz. 10).

Amendement    29

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 18

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(18)  Het Europees Parlement heeft in zijn resolutie over de follow-up van het Europees burgerinitiatief "Right2Water"86 opgemerkt „dat de lidstaten speciale aandacht zouden moeten schenken aan de behoeften van kwetsbare groepen in de samenleving"87. De specifieke situatie van minderheidsculturen, zoals Roma, Sinti, Travellers, Kalé, Gens du voyage enz., ook als zij sedentair leven – met name hun gebrek aan toegang tot drinkwater – is ook bevestigd in het verslag van de Commissie over de tenuitvoerlegging van het EU-kader voor de nationale strategieën voor integratie van de Roma88 en van de aanbeveling van de Raad over doeltreffende maatregelen voor integratie van de Roma in de lidstaten89. In het licht van deze algemene context is het passend dat de lidstaten bijzondere aandacht besteden aan kwetsbare en gemarginaliseerde groepen, door de nodige maatregelen te nemen om ervoor te zorgen dat deze groepen toegang hebben tot water. Onverminderd het recht van de lidstaten die groepen te omschrijven, moeten daartoe ten minste vluchtelingen, nomadische gemeenschappen, dak- en thuislozen en minderheidsculturen zoals de Roma, Sinti, Travellers, Kalé, Gens du voyage enz., ook als zij sedentair leven, worden gerekend. Dergelijke maatregelen om de toegang tot water te waarborgen, de keuze waarvoor aan de beoordeling van de lidstaten wordt overgelaten, zouden bijvoorbeeld kunnen bestaan uit het beschikbaar stellen van alternatieve watervoorzieningssystemen (individuele waterbehandelingssystemen), levering van water via tankers (vrachtwagens en cisternes) en te zorgen voor de nodige infrastructuur voor kampen.

(18)  Het Europees Parlement heeft in zijn resolutie over de follow-up van het Europees burgerinitiatief "Right2Water"86 opgemerkt „dat de lidstaten speciale aandacht zouden moeten schenken aan de behoeften van kwetsbare groepen in de samenleving"87. De specifieke situatie van minderheidsculturen, zoals Roma en Travellers, ook als zij sedentair leven – met name hun gebrek aan toegang tot drinkwater – is ook bevestigd in het verslag van de Commissie over de tenuitvoerlegging van het EU-kader voor de nationale strategieën voor integratie van de Roma88 en van de aanbeveling van de Raad over doeltreffende maatregelen voor integratie van de Roma in de lidstaten89. In het licht van deze algemene context is het passend dat de lidstaten bijzondere aandacht besteden aan kwetsbare en gemarginaliseerde groepen, door de nodige maatregelen te nemen om ervoor te zorgen dat deze groepen toegang hebben tot water. Met inachtneming van het beginsel van de terugwinning van de kosten van waterdiensten dat is vastgesteld in Richtlijn 2000/60/EG verbeteren de lidstaten de toegang tot water voor kwetsbare en gemarginaliseerde groepen zonder dat de levering van betaalbaar water van goede kwaliteit aan iedereen in het gedrang komt. Onverminderd het recht van de lidstaten die groepen te omschrijven, moeten daartoe ten minste vluchtelingen, nomadische gemeenschappen, dak- en thuislozen en minderheidsculturen zoals de Roma en Travellers, ook als zij sedentair leven, worden gerekend. Dergelijke maatregelen om de toegang tot water te waarborgen, de keuze waarvoor aan de beoordeling van de lidstaten wordt overgelaten, zouden bijvoorbeeld kunnen bestaan uit het beschikbaar stellen van alternatieve watervoorzieningssystemen (individuele waterbehandelingssystemen), levering van water via tankers (vrachtwagens en cisternes) en te zorgen voor de nodige infrastructuur voor kampen. Wanneer de verantwoordelijkheid voor de naleving van deze verplichtingen wordt toegewezen aan lokale overheden, moeten de lidstaten ervoor zorgen dat zij beschikken over toereikende financiële middelen en voldoende technische en materiële capaciteit, en moeten zij hen ondersteunen, bijvoorbeeld door deskundige hulp te bieden. De waterdistributie aan kwetsbare en gemarginaliseerde groepen mag voor lokale overheden geen onevenredige kosten met zich meebrengen.

_________________

_________________

86 P8_TA(2015)0294.

86 P8_TA(2015)0294.

87 P8_TA(2015)0294, punt 62.

87 P8_TA(2015)0294, punt 62.

88 COM(2014) 209 final.

88 COM(2014) 209 final.

89 Aanbeveling (2013/C 378/01) van de Raad van 9 december 2013 over doeltreffende maatregelen voor integratie van de Roma in de lidstaten (PB C 378 van 24.12.2013, blz. 1).

89 Aanbeveling (2013/C 378/01) van de Raad van 9 december 2013 over doeltreffende maatregelen voor integratie van de Roma in de lidstaten (PB C 378 van 24.12.2013, blz. 1).

Amendement    30

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 19

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(19)  In het zevende milieuactieprogramma voor de periode tot en met 2020 "Goed leven, binnen de grenzen van onze planeet"90, is bepaald dat het publiek toegang moet hebben tot duidelijke informatie over het milieu op nationaal niveau. Richtlijn 98/83/EG voorzag enkel in passieve toegang tot informatie, hetgeen betekent dat de lidstaten er enkel voor hoefden te zorgen dat er informatie beschikbaar was. Die bepalingen moeten derhalve worden vervangen om ervoor te zorgen dat actuele informatie gemakkelijk toegankelijk is, bijvoorbeeld op een website waarvan de link actief moet worden verspreid. De actuele informatie moet niet alleen bestaan uit de resultaten van de controleprogramma's, maar ook aanvullende informatie omvatten die nuttig zou kunnen zijn voor het publiek, zoals informatie over indicatoren (ijzer, hardheid, mineralen enz.), die vaak van invloed zijn op de perceptie die de consument van het kraanwater heeft. Daartoe moeten de indicatorparameters van Richtlijn 98/83/EG die geen gezondheidsgerelateerde informatie leverden, worden vervangen door online informatie over die parameters. Voor zeer grote waterleveranciers moet ook aanvullende informatie over onder meer energie-efficiëntie, beheer, bestuur, kostenstructuur en de toegepaste behandeling online beschikbaar zijn. Er wordt van uitgegaan dat een betere kennis van de consumenten en meer transparantie zullen bijdragen tot een groter vertrouwen van de burgers in het aan hen geleverde water. De verwachting is dat dit er vervolgens weer toe zal leiden dat meer gebruik wordt gemaakt van kraanwater, hetgeen bijdraagt tot vermindering van de hoeveelheid kunststofzwerfvuil en broeikasgasemissies en positieve effecten heeft op de mitigatie van klimaatverandering en op het milieu als geheel.

(19)  In het zevende milieuactieprogramma voor de periode tot en met 2020 "Goed leven, binnen de grenzen van onze planeet"90, is bepaald dat het publiek toegang moet hebben tot duidelijke informatie over het milieu op nationaal niveau. Richtlijn 98/83/EG voorzag enkel in passieve toegang tot informatie, hetgeen betekent dat de lidstaten er enkel voor hoefden te zorgen dat er informatie beschikbaar was. Die bepalingen moeten derhalve worden vervangen om ervoor te zorgen dat actuele informatie begrijpelijk, relevant en gemakkelijk toegankelijk is voor de consument, bijvoorbeeld in een folder, op een website of via een slimme applicatie. De actuele informatie moet niet alleen bestaan uit de resultaten van de controleprogramma's, maar ook aanvullende informatie omvatten die nuttig zou kunnen zijn voor het publiek, zoals de resultaten van genomen maatregelen om waterleveranciers te controleren wat betreft de kwaliteitsparameters van het water en informatie over de in bijlage I, deel B bis opgenomen indicatorparameters. Voor zeer grote waterleveranciers moet ook aanvullende informatie over onder meer de tariefstructuur en de toegepaste behandeling online beschikbaar zijn. Betere kennis van de consumenten van relevante informatie en meer transparantie moeten ertoe leiden dat de burger meer vertrouwen krijgt in het geleverde water alsook in de waterdiensten, hetgeen op zijn beurt moet leiden tot een groter gebruik van kraanwater als drinkwater, wat zou bijdragen tot vermindering van de hoeveelheid kunststofzwerfvuil en broeikasgasemissies, positieve effecten heeft op de mitigatie van klimaatverandering en op het milieu als geheel.

_________________

_________________

90 Besluit nr. 1386/2013/EU van het Europees Parlement en de Raad van 20 november 2013 inzake een nieuw algemeen milieuactieprogramma voor de Europese Unie voor de periode tot en met 2020 „Goed leven, binnen de grenzen van onze planeet” (PB L 354 van 28.12.2013, blz. 171).

90 Besluit nr. 1386/2013/EU van het Europees Parlement en de Raad van 20 november 2013 inzake een nieuw algemeen milieuactieprogramma voor de Europese Unie voor de periode tot en met 2020 „Goed leven, binnen de grenzen van onze planeet” (PB L 354 van 28.12.2013, blz. 171).

Amendement    31

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 20

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(20)  Om dezelfde redenen, en om consumenten bewuster te maken van de gevolgen van hun waterverbruik, moeten zij ook informatie ontvangen (bijvoorbeeld op hun factuur of door middel van slimme applicaties) over de verbruikte hoeveelheid, de kostenstructuur van het door de waterleverancier in rekening gebrachte tarief, met inbegrip van vaste en variabele kosten, alsook over de literprijs van het voor menselijke consumptie bestemde water, waardoor het mogelijk wordt deze te vergelijken met de prijs van water in flessen.

(20)  Om dezelfde redenen, en om consumenten bewuster te maken van de gevolgen van hun waterverbruik, moeten zij ook informatie ontvangen, die begrijpelijk, relevant en gemakkelijk toegankelijk is, bijvoorbeeld op hun factuur of via een slimme applicatie, over de jaarlijks verbruikte hoeveelheid, veranderingen in de consumptie, een vergelijking met het gemiddelde verbruik voor huishoudens, indien de waterleverancier over deze informatie beschikt, de structuur van het door de waterleverancier in rekening gebrachte tarief, met inbegrip van vaste en variabele kosten, alsook over de literprijs van het voor menselijke consumptie bestemde water, waardoor het mogelijk wordt deze te vergelijken met de prijs van water in flessen.

Amendement    32

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 21

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(21)  De beginselen waarmee rekening moet worden gehouden bij het vaststellen van watertarieven, namelijk het beginsel van de terugwinning van de kosten van waterdiensten en het beginsel dat de vervuiler betaalt, zijn neergelegd in Richtlijn 2000/60/EG. De financiële houdbaarheid van de levering van waterdiensten is echter niet altijd gewaarborgd, wat soms leidt tot achterblijvende investeringen in het onderhoud van de waterinfrastructuur. Dankzij verbeterde controletechnieken worden de lekkagepercentages – die vooral te wijten zijn aan dergelijke achterblijvende investeringen – steeds duidelijker zichtbaar, en op het niveau van de Unie moet het terugdringen van waterverliezen worden gestimuleerd om de doelmatigheid van de waterinfrastructuur te verbeteren. Overeenkomstig het subsidiariteitsbeginsel moet dat vraagstuk worden aangepakt door de transparantie te vergroten en meer informatie aan de consument te verstrekken over lekkagepercentages en energie-efficiëntie.

(21)  De fundamentele beginselen waarmee rekening moet worden gehouden bij het vaststellen van watertarieven, namelijk het beginsel van de terugwinning van de kosten van waterdiensten en het beginsel dat de vervuiler betaalt, zijn, onverminderd artikel 9, lid 4, van Richtlijn 2000/60/EG, neergelegd in diezelfde richtlijn. De financiële houdbaarheid van de levering van waterdiensten is echter niet altijd gewaarborgd, wat soms leidt tot achterblijvende investeringen in het onderhoud van de waterinfrastructuur. Dankzij verbeterde controletechnieken worden de lekkagepercentages – die vooral te wijten zijn aan dergelijke achterblijvende investeringen – steeds duidelijker zichtbaar, en op het niveau van de Unie moet het terugdringen van waterverliezen worden gestimuleerd om de doelmatigheid van de waterinfrastructuur te verbeteren. Overeenkomstig het subsidiariteitsbeginsel moet desbetreffende informatie op transparantere wijze met de consument worden gedeeld om de bewustwording over dit probleem te vergroten.

Amendement    33

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 22

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(22)  Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad91 heeft tot doel het recht op toegang tot milieu-informatie in de lidstaten te waarborgen, overeenkomstig het Verdrag van Aarhus. Zij omvat ruime verplichtingen met betrekking tot zowel de terbeschikkingstelling van milieu-informatie op verzoek als de actieve verspreiding van dergelijke informatie. Ook Richtlijn 2007/2/EG van het Europees Parlement en de Raad92 heeft een ruim toepassingsgebied, en heeft betrekking op uitwisseling van ruimtelijke informatie, met inbegrip van gegevensverzamelingen over verschillende milieugerelateerde onderwerpen. Het is van belang dat de bepalingen van deze richtlijn inzake toegang tot informatie en afspraken voor gegevensdeling een aanvulling vormen op die richtlijnen, en geen afzonderlijke wettelijke regeling in het leven roepen. Daarom moeten de bepalingen van deze richtlijn inzake de voorlichting van het publiek en informatie over het toezicht op de implementatie de Richtlijnen 2003/4/EG en 2007/2/EG onverlet laten.

(22)  Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad91 heeft tot doel het recht op toegang tot milieu-informatie in de lidstaten te waarborgen. Zij omvat ruime verplichtingen met betrekking tot zowel de terbeschikkingstelling van milieu-informatie op verzoek als de actieve verspreiding van dergelijke informatie. Ook Richtlijn 2007/2/EG van het Europees Parlement en de Raad92 heeft een ruim toepassingsgebied, en heeft betrekking op uitwisseling van ruimtelijke informatie, met inbegrip van gegevensverzamelingen over verschillende milieugerelateerde onderwerpen. Het is van belang dat de bepalingen van deze richtlijn inzake toegang tot informatie en afspraken voor gegevensdeling een aanvulling vormen op die richtlijnen, en geen afzonderlijke wettelijke regeling in het leven roepen. Daarom moeten de bepalingen van deze richtlijn inzake de voorlichting van het publiek en informatie over het toezicht op de implementatie de Richtlijnen 2003/4/EG en 2007/2/EG onverlet laten.

_________________

_________________

91 Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2003 inzake de toegang van het publiek tot milieu-informatie en tot intrekking van Richtlijn 90/313/EEG van de Raad (PB L 41 van 14.2.2003, blz. 26).

91 Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2003 inzake de toegang van het publiek tot milieu-informatie en tot intrekking van Richtlijn 90/313/EEG van de Raad (PB L 41 van 14.2.2003, blz. 26).

92 Richtlijn 2007/2/EG van het Europees Parlement en de Raad van 14 maart 2007 tot oprichting van een infrastructuur voor ruimtelijke informatie in de Gemeenschap (Inspire) (PB L 108 van 25.4.2007, blz. 1).

92 Richtlijn 2007/2/EG van het Europees Parlement en de Raad van 14 maart 2007 tot oprichting van een infrastructuur voor ruimtelijke informatie in de Gemeenschap (Inspire) (PB L 108 van 25.4.2007, blz. 1).

Amendement    34

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 25

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(25)  Overeenkomstig punt 22 van het Interinstitutioneel Akkoord "Beter wetgeven" moet de Commissie een evaluatie uitvoeren van deze richtlijn binnen een bepaalde termijn na de uiterste datum voor de omzetting ervan. Die evaluatie moet zijn gebaseerd op de ervaring die is opgedaan en de gegevens die zijn verkregen tijdens de implementatie van de richtlijn, op relevante wetenschappelijke, analytische en epidemiologische gegevens, alsmede op eventueel beschikbare aanbevelingen van de WHO.

(25)  Overeenkomstig punt 22 van het Interinstitutioneel Akkoord "Beter wetgeven" moet de Commissie een evaluatie uitvoeren van deze richtlijn binnen een bepaalde termijn na de uiterste datum voor de omzetting ervan. Die evaluatie moet zijn gebaseerd op de ervaring die is opgedaan en de gegevens die zijn verkregen tijdens de implementatie van de richtlijn, op eventueel beschikbare aanbevelingen van de WHO alsmede op relevante wetenschappelijke, analytische en epidemiologische gegevens.

Amendement    35

Voorstel voor een richtlijn

Overweging 28

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(28)  Teneinde deze richtlijn aan te passen aan de wetenschappelijke en technische vooruitgang, of teneinde controlevoorschriften te specificeren voor de gevarenbeoordeling en de risicobeoordeling van het huishoudelijk leidingnet, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie handelingen vast te stellen om de bijlagen I tot en met IV bij deze richtlijn te wijzigen. Het is van bijzonder belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden tot passende raadplegingen overgaat, onder meer op deskundigenniveau, en dat die raadplegingen gebeuren in overeenstemming met de beginselen die zijn vastgelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven. Met name om te zorgen voor gelijke deelname aan de voorbereiding van gedelegeerde handelingen ontvangen het Europees Parlement en de Raad alle documenten op hetzelfde tijdstip als de deskundigen van de lidstaten, en hebben hun deskundigen systematisch toegang tot de vergaderingen van de deskundigengroepen van de Commissie die zich bezighouden met de voorbereiding van de gedelegeerde handelingen. Daarnaast is de machtiging in bijlage I, deel C, opmerking 10, bij Richtlijn 98/83/EG om de controlefrequentie en -methoden voor radioactieve stoffen aan te nemen, overbodig geworden door de vaststelling van Richtlijn 2013/51/Euratom van de Raad96 en moet zij derhalve worden geschrapt. De machtiging in bijlage III, deel A, tweede alinea, bij Richtlijn 98/83/EG betreffende wijzigingen van de richtlijn is niet langer nodig en moet worden geschrapt.

(28)  Teneinde deze richtlijn aan te passen aan de wetenschappelijke en technische vooruitgang, of teneinde controlevoorschriften te specificeren voor de gevarenbeoordeling en de risicobeoordeling van het huishoudelijk leidingnet, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie handelingen vast te stellen om de bijlagen I tot en met IV bij deze richtlijn te wijzigen en de nodige maatregelen te nemen overeenkomstig de bij artikel 10 bis ingevoerde wijzigingen. Het is van bijzonder belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden tot passende raadplegingen overgaat, onder meer op deskundigenniveau, en dat die raadplegingen gebeuren in overeenstemming met de beginselen die zijn vastgelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven. Met name om te zorgen voor gelijke deelname aan de voorbereiding van gedelegeerde handelingen ontvangen het Europees Parlement en de Raad alle documenten op hetzelfde tijdstip als de deskundigen van de lidstaten, en hebben hun deskundigen systematisch toegang tot de vergaderingen van de deskundigengroepen van de Commissie die zich bezighouden met de voorbereiding van de gedelegeerde handelingen. Daarnaast is de machtiging in bijlage I, deel C, opmerking 10, bij Richtlijn 98/83/EG om de controlefrequentie en -methoden voor radioactieve stoffen aan te nemen, overbodig geworden door de vaststelling van Richtlijn 2013/51/Euratom van de Raad96 en moet zij derhalve worden geschrapt. De machtiging in bijlage III, deel A, tweede alinea, bij Richtlijn 98/83/EG betreffende wijzigingen van de richtlijn is niet langer nodig en moet worden geschrapt.

_________________

_________________

96 Richtlijn 2013/51/Euratom van de Raad van 22 oktober 2013 tot vaststelling van voorschriften voor de bescherming van de volksgezondheid tegen radioactieve stoffen in voor menselijke consumptie bestemd water (PB L 296 van 7.11.2013, blz. 12).

96 Richtlijn 2013/51/Euratom van de Raad van 22 oktober 2013 tot vaststelling van voorschriften voor de bescherming van de volksgezondheid tegen radioactieve stoffen in voor menselijke consumptie bestemd water (PB L 296 van 7.11.2013, blz. 12).

Amendement    36

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Deze richtlijn heeft betrekking op de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water.

1.  Deze richtlijn heeft betrekking op de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water voor iedereen in de Unie.

Motivering

Noodzakelijk in verband met de interne logica van het voorstel. De toegang tot water (artikel 13) wordt niet genoemd in artikel 1 van het Commissievoorstel.

Amendement    37

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  De richtlijn heeft ten doel de volksgezondheid te beschermen tegen de schadelijke gevolgen van verontreiniging van voor menselijke consumptie bestemd water door ervoor te zorgen dat het gezond en schoon is.

2.  De richtlijn heeft ten doel de volksgezondheid te beschermen tegen de schadelijke gevolgen van verontreiniging van voor menselijke consumptie bestemd water door ervoor te zorgen dat het gezond en schoon is, en de universele toegang tot voor menselijke consumptie bestemd water te bevorderen.

Motivering

Noodzakelijk in verband met de interne logica van het voorstel. De toegang tot water (artikel 13) wordt niet genoemd in artikel 1 van het Commissievoorstel.

Amendement    38

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 2 – alinea 1 – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. "voor menselijke consumptie bestemd water": al het water dat onbehandeld of na behandeling bestemd is voor drinken, koken, voedselbereiding of -productie, of andere huishoudelijke doeleinden, zowel in openbare als in particuliere percelen, ongeacht de herkomst en of het water wordt geleverd via een distributienet, wordt geleverd uit een tankschip of tankauto, of, voor bronwater, in flessen wordt gedaan ;

1. "voor menselijke consumptie bestemd water": al het water dat onbehandeld of na behandeling bestemd is voor drinken, koken, voedselbereiding of -productie, of andere voedingsdoeleinden, zowel in openbare als in particuliere percelen, met inbegrip van levensmiddelenbedrijven, ongeacht de herkomst en of het water wordt geleverd via een distributienet, wordt geleverd uit een tankschip of tankauto of in flessen of verpakkingen wordt gedaan;

Amendement    39

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 2 – alinea 1 – punt 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  "huishoudelijk leidingnet": de leidingen, fittingen en toestellen die geïnstalleerd worden tussen de kranen die normaliter , zowel in openbare als in particuliere percelen, worden gebruikt voor menselijke consumptie en het distributienet, maar slechts indien die volgens de desbetreffende nationale wetgeving niet onder de verantwoordelijkheid van de waterleverancier in zijn hoedanigheid van waterleverancier vallen.

(Niet van toepassing op de Nederlandse versie)

Amendement    40

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 2 – alinea 1 – punt 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  "waterleverancier": een entiteit die gemiddeld per dag ten minste 10 m3 voor menselijke consumptie bestemd water levert;

3.  "waterleverancier": een juridische entiteit die gemiddeld per dag ten minste 10 m3 voor menselijke consumptie bestemd water levert;

Amendement    41

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 2 –alinea 1 – punt 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3bis.  "zeer kleine waterleverancier": een waterleverancier die per dag minder dan 50 m3 levert of die minder dan 250 mensen bedient;

Amendement    42

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 2 – alinea 1 – punt 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. "kleine waterleverancier": een waterleverancier die per dag minder dan 500 m3 levert of die minder dan 5 000 mensen bedient;

4. "kleine waterleverancier": een waterleverancier die per dag minder dan 500 m3 levert of die minder dan 2 500 mensen bedient;

Amendement    43

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 2 –alinea 1 – punt 4 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 bis.  "middelgrote waterleverancier": een waterleverancier die per dag ten minste 500 m3 levert of die ten minste 2 500 mensen bedient;

Amendement    44

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 2 – alinea 1 – punt 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. "grote waterleverancier": een waterleverancier die per dag ten minste 500 m3 levert of die ten minste 5 000 mensen bedient;

5. "grote waterleverancier": een waterleverancier die per dag ten minste 5 000 m3 levert of die ten minste 25 000 mensen bedient;

Amendement    45

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 2 – alinea 1 – punt 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6. "zeer grote waterleverancier": een waterleverancier die per dag ten minste 5 000 m3 levert of die ten minste 50 000 mensen bedient;

6. "zeer grote waterleverancier": een waterleverancier die per dag ten minste 20 000 m3 levert of die ten minste 100 000 mensen bedient;

Amendement    46

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 2 – alinea 1 – punt 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

7. "prioritaire percelen": grote percelen met veel gebruikers die aan watergerelateerde risico's blootgesteld zouden kunnen worden, waaronder ziekenhuizen, zorginstellingen, gebouwen met overnachtingsfaciliteiten, strafinrichtingen en kampeerterreinen, zoals door de lidstaten aangewezen;

7. "prioritaire percelen": grote, niet-huishoudelijke percelen met veel mensen, met name gevoelige doelgroepen, die aan watergerelateerde risico's blootgesteld zouden kunnen worden, waaronder ziekenhuizen, zorginstellingen, bejaardentehuizen, scholen, universiteiten en andere onderwijsinstellingen, crèches en kinderdagverblijven, sport-, recreatie-, ontspannings-, en tentoonstellingsfaciliteiten, gebouwen met overnachtingsfaciliteiten, strafinrichtingen en kampeerterreinen, zoals door de lidstaten aangewezen;

Amendement    47

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 2 –alinea 1 – punt 8 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

8 bis.  "levensmiddelenbedrijf": een levensmiddelenbedrijf als gedefinieerd in artikel 3, punt 2, van Verordening (EG) nr. 178/2002.

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel. Deze definitie verheldert de betekenis van de term in deze richtlijn en zorgt voor consistentie met de reeds bestaande wetgeving.

Amendement    48

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 3 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Op water dat in levensmiddelenbedrijven wordt gebruikt voor de vervaardiging, de behandeling, de conservering of het in de handel brengen van voor menselijke consumptie bestemde producten of stoffen, zijn alleen de artikelen 4, 5, 6 en 11 van deze richtlijn van toepassing. Geen van de artikelen van deze richtlijn zijn evenwel van toepassing wanneer een exploitant van een levensmiddelenbedrijf bij de bevoegde nationale autoriteit naar tevredenheid kan aantonen dat de kwaliteit van het water dat hij gebruikt de hygiënische kwaliteit van de uit zijn activiteiten voortkomende producten of stoffen niet nadelig beïnvloedt, en dat deze producten of stoffen voldoen aan Verordening (EG) nr. 852/2004 van het Europees Parlement en de Raad1bis.

 

________________

 

1 bis Verordening (EG) nr. 852/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 inzake levensmiddelenhygiëne (PB L 139 van 30.4.2004, blz. 1).

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel en ter verduidelijking.

Amendement    49

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 3 – lid 1 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 ter.  Een producent van voor menselijke consumptie bestemd water dat in flessen of verpakkingen wordt gedaan, wordt niet als een waterleverancier beschouwd.

 

De bepalingen van deze richtlijn zijn van toepassing op voor menselijke consumptie bestemd water voor zover zij niet onder verplichtingen uit hoofde van andere Uniewetgeving vallen.

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel en ter verduidelijking.

Amendement    50

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 3 – lid 1 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 quater. Zeeschepen die water ontzilten, passagiers aan boord hebben en optreden als waterleveranciers zijn uitsluitend onderworpen aan de artikelen 1 tot en met 7 en 9 tot en met 12 van deze richtlijn en de bijlagen erbij.

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel en ter verduidelijking.

Amendement    51

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 4 – lid 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  de lidstaten hebben alle andere nodige maatregelen genomen om aan de vereisten van de artikelen 5 tot en met 12 van deze richtlijn te voldoen .

c)  de lidstaten hebben alle andere nodige maatregelen genomen om aan de vereisten te voldoen in:

 

i)  de artikelen 4 tot en met 12 van deze richtlijn met betrekking tot voor menselijke consumptie bestemd water dat aan de eindverbruiker wordt geleverd via een distributienet of uit een tankschip of tankauto;

 

ii)  de artikelen 4, 5 en 6 en artikel 11, lid 4, van deze richtlijn met betrekking tot voor menselijke consumptie bedoeld water dat in een levensmiddelenbedrijf in flessen of verpakkingen wordt gedaan

 

iii)  de artikelen 4, 5, 6 en 11 van deze richtlijn voor water dat in een levensmiddelenbedrijf wordt geproduceerd en gebruikt voor de productie, verwerking en distributie van levensmiddelen;

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel en ter verduidelijking.

Amendement    52

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 4 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  De lidstaten zorgen ervoor dat de maatregelen ter uitvoering van de bepalingen van deze richtlijn er in geen geval, direct of indirect, toe kunnen leiden dat de huidige kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water achteruitgaat, of dat de verontreiniging van water dat wordt gebruikt voor de productie van voor menselijke consumptie bestemd water toeneemt.

2.  De lidstaten zorgen ervoor dat de maatregelen ter uitvoering van de bepalingen van deze richtlijn volledig in overeenstemming zijn met het voorzorgsbeginsel en er in geen geval, direct of indirect, toe kunnen leiden dat de huidige kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water achteruitgaat, of dat de verontreiniging van water dat wordt gebruikt voor de productie van voor menselijke consumptie bestemd water toeneemt.

Motivering

In dit artikel moet uitdrukkelijk naar het voorzorgsbeginsel worden verwezen, aangezien dit beginsel met name gezien de invoering van de op risico's gebaseerde benadering ten grondslag moet liggen aan de benadering van de verplichtingen die in het kader van deze richtlijn worden opgelegd aan de lidstaten.

Amendement    53

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 4 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  De lidstaten nemen maatregelen om ervoor te zorgen dat de bevoegde autoriteiten een evaluatie van het aantal waterlekken op hun grondgebied uitvoeren, en de mogelijkheden bekijken om het aantal waterlekken in de drinkwatersector terug te dringen. In deze evaluatie wordt rekening gehouden met de relevante volksgezondheids-, milieu-, technische en economische aspecten. Uiterlijk op 31 december 2022 stellen de lidstaten nationale streefdoelen vast om de lekkagepercentages van waterleveranciers op hun grondgebied voor 31 december 2030 te beperken. De lidstaten kunnen voorzien in zinvolle stimulansen om te waarborgen dat de waterleveranciers op hun grondgebied aan de nagestreefde nationale doelstellingen voldoen.

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel en ter verduidelijking.

Amendement    54

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 4 – lid 2 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 ter.  Indien een bevoegde autoriteit die is belast met de productie en distributie van voor menselijke consumptie bestemd water het beheer van de waterproductie of de leveringsactiviteiten volledig of gedeeltelijk overdraagt aan een waterleverancier, worden de verantwoordelijkheden van de beide partijen uit hoofde van deze richtlijn gespecificeerd in het contract tussen beide partijen.

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel en ter verduidelijking.

Amendement    55

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 5 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De lidstaten stellen voor de in bijlage I vermelde parameters de waarden vast die van toepassing zijn op voor menselijke consumptie bestemd water, die niet minder streng zijn dan de in die bijlage vermelde waarden.

1.  De lidstaten stellen voor de in bijlage I vermelde parameters de waarden vast die van toepassing zijn op voor menselijke consumptie bestemd water.

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel.

Amendement    56

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 5 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  De overeenkomstig lid 1 vastgestelde waarden mogen niet minder streng zijn dan de in de delen A, B en B bis van bijlage I vermelde waarden. Voor de in bijlage I, deel B bis vermelde parameters worden de waarden uitsluitend vastgesteld voor controledoeleinden en met het oog op de door artikel 12 opgelegde verplichtingen.

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel.

Amendement    57

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 5 – lid 2 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

De lidstaten nemen alle noodzakelijke maatregelen om te waarborgen dat de in het watervoorzieningssysteem met het oog op ontsmetting toegepaste behandelingsmiddelen, materialen en desinfectieprocedures geen nadelig effect hebben op de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water. Eventuele verontreiniging van voor menselijke consumptie bestemd water als gevolg van het gebruik van dergelijke middelen, materialen en procedures wordt beperkt, zonder evenwel de doeltreffendheid van de ontsmetting te ondermijnen.

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel.

Amendement    58

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – alinea 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Aan de overeenkomstig artikel 5 vastgestelde parameterwaarden voor de in de lijsten in bijlage I, delen A en B, opgenomen parameters moet worden voldaan:

Aan de overeenkomstig artikel 5 vastgestelde parameterwaarden voor de in de lijsten in bijlage I, delen A, B en C, opgenomen parameters moet worden voldaan:

Amendement    59

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 6 – alinea 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  voor bronwater , op het punt waarop het water in de flessen wordt gedaan .

c)  voor voor menselijke consumptie bestemd water dat in flessen of verpakkingen wordt gedaan, op het punt waarop het water in de flessen of verpakkingen wordt gedaan;

Amendement    60

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 6 – alinea 1 – letter c bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis)  voor water dat wordt gebruikt in een levensmiddelenbedrijf waar water door een waterleverancier wordt geleverd, op het punt waar het in het bedrijf wordt gebruikt.

Amendement    61

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 6 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Voor water zoals omschreven in lid 1, onder a), worden de lidstaten geacht aan hun verplichtingen krachtens dit artikel, te hebben voldaan wanneer kan worden vastgesteld dat de overschrijding van de overeenkomstig artikel 5 vastgestelde parameter wordt veroorzaakt door een privaat leidingnet of het onderhoud daarvan, behalve op prioritaire percelen.

Amendement    62

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 7 – lid 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  een gevarenbeoordeling van waterlichamen die worden gebruikt voor de onttrekking van voor menselijke consumptie bestemd water, overeenkomstig artikel 8;

a)  een door de lidstaten verrichte gevarenbeoordeling van waterlichamen of delen van waterlichamen die worden gebruikt voor de onttrekking van voor menselijke consumptie bestemd water, overeenkomstig artikel 8;

Amendement    63

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 7– lid 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  een door de waterleveranciers uitgevoerde leveringsrisicobeoordeling met het oog op de controle van de kwaliteit van het door hen geleverde water, overeenkomstig artikel 9 en bijlage II, deel C;

b)  een door de waterleveranciers in elk watervoorzieningssysteem uitgevoerde leveringsrisicobeoordeling met het oog op het waarborgen en controleren van de kwaliteit van het door hen geleverde water, overeenkomstig artikel 9 en bijlage II, deel C;

Amendement    64

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 7 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  De lidstaten mogen de tenuitvoerlegging van de op risico's gebaseerde benadering aanpassen, zonder dat de doelstelling van deze richtlijn betreffende de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water en de gezondheid van consumenten hierbij in het geding komt, wanneer er sprake is van bijzondere beperkingen als gevolg van geografische omstandigheden zoals een afgelegen ligging of de toegankelijkheid van waterleveringsgebieden.

Amendement    65

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 7 – lid 1 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 ter.  Lidstaten zorgen voor een duidelijke en passende verdeling van de verantwoordelijkheden tussen belanghebbenden, als gedefinieerd door de lidstaten, voor de toepassing van de op risico's gebaseerde benadering met betrekking tot de waterlichamen die worden gebruikt voor de onttrekking van voor menselijke consumptie bestemd water en de huishoudelijke leidingnetten. Een dergelijke verdeling van verantwoordelijkheden wordt afgestemd op hun institutioneel en juridisch kader.

Amendement    66

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 7 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  De gevarenbeoordelingen worden uiterlijk op [3 years after the end-date for transposition of this Directive] uitgevoerd. Zij worden om de drie jaar herzien, en waar nodig bijgewerkt.

2.  De gevarenbeoordelingen worden uiterlijk op [3 years after the end-date for transposition of this Directive] uitgevoerd. Zij worden om de drie jaar herzien, met inachtneming van het in artikel 7 van Richtlijn 2000/60/EG opgenomen voorschrift dat lidstaten waterlichamen aanwijzen, en waar nodig bijgewerkt.

Amendement    67

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 7 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De leveringsrisicobeoordelingen worden door zeer grote waterleveranciers en grote waterleveranciers uiterlijk op [3 years after the end-date for transposition of this Directive], en door kleine waterleveranciers uiterlijk op [6 years after the end-date for transposition of this Directive], uitgevoerd. Zij worden met regelmatige tussenpozen van niet langer dan zes jaar herzien, en waar nodig bijgewerkt.

3.  De leveringsrisicobeoordelingen worden door waterleveranciers uiterlijk op [6 years after the end-date for transposition of this Directive], uitgevoerd. Zij worden met regelmatige tussenpozen van niet langer dan zes jaar herzien, en waar nodig bijgewerkt.

Amendement    68

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 7 – lid 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis.  Overeenkomstig artikelen 8 en 9 van deze richtlijn nemen de lidstaten de nodige corrigerende maatregelen in het kader van de maatregelenprogramma's en stroomgebiedsbeheersplannen als bepaald in de respectieve artikelen 11 en 13 van Richtlijn 2000/60/EG.

Amendement    69

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 7 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  De risicobeoordelingen van het huishoudelijk leidingnet worden uiterlijk op [3 years after the end-date for transposition of this Directive] uitgevoerd. Zij worden om de drie jaar herzien, en waar nodig bijgewerkt.

4.  De risicobeoordelingen van het huishoudelijk leidingnet op de in artikel 10, lid 1 bedoelde percelen worden uiterlijk op [3 years after the end-date for transposition of this Directive] uitgevoerd. Zij worden om de drie jaar herzien, en waar nodig bijgewerkt.

Amendement    70

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 8 – titel

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Gevarenbeoordeling van waterlichamen die worden gebruikt voor de onttrekking van voor menselijke consumptie bestemd water

Beoordeling, controle en beheer van gevaren betreffende waterlichamen die worden gebruikt voor de onttrekking van voor menselijke consumptie bestemd water

Amendement    71

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 8 – lid 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Onverminderd de artikelen 6 en 7 van Richtlijn 2000/60/EG zorgen de lidstaten ervoor dat een gevarenbeoordeling wordt uitgevoerd met betrekking tot alle voor de onttrekking van voor menselijke consumptie bestemd water gebruikte waterlichamen die gemiddeld meer dan 10 m3 per dag leveren. De gevarenbeoordeling omvat de volgende elementen:

1.  Onverminderd Richtlijn 2000/60/EG, en met name de artikelen 4 tot en met 8 ervan, zorgen de lidstaten er, samen met hun voor watervoorziening bevoegde autoriteiten, voor dat een gevarenbeoordeling wordt uitgevoerd met betrekking tot alle voor de onttrekking van voor menselijke consumptie bestemd water gebruikte waterlichamen die gemiddeld meer dan 10 m3 per dag leveren. De gevarenbeoordeling omvat de volgende elementen:

Amendement    72

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 8 – lid 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  identificatie van en georeferenties voor alle onttrekkingspunten in de door de gevarenbeoordeling bestreken waterlichamen;

a)  identificatie van en georeferenties voor alle onttrekkingspunten in de door de gevarenbeoordeling bestreken waterlichamen of delen van waterlichamen; Aangezien de in dit punt genoemde gegevens mogelijk gevoelig zijn, met name betreffende de bescherming van de volksgezondheid, waarborgen de lidstaten dat dergelijke gegevens worden beschermd en uitsluitend aan de bevoegde autoriteiten worden meegedeeld;

Amendement    73

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 8 – lid 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  kaarten van de beschermingszones, voor zover die overeenkomstig artikel 7, lid 3, van Richtlijn 2000/60/EG zijn vastgesteld, en de beschermde gebieden zoals bedoeld in artikel 6 van die richtlijn;

b)  kaarten van de beschermingszones, voor zover die overeenkomstig artikel 7, lid 3, van Richtlijn 2000/60/EG zijn vastgesteld;

Motivering

Dit zou verder gaan dan het toepassingsgebied van de drinkwaterrichtlijn wat beschermde gebieden betreft (natuurbeschermings- en nutriëntengevoelige gebieden vallen ook onder de beschermde gebieden uit artikel 6). Beschermde gebieden voor drinkwater moeten worden vastgesteld overeenkomstig artikel 7, er hoeft niet te worden verwezen naar artikel 6.

Amendement    74

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 8 – lid 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  identificatie van gevaren en mogelijke bronnen van verontreiniging met gevolgen voor de door de gevarenbeoordeling bestreken waterlichamen. De lidstaten kunnen hiervoor de overeenkomstig artikel 5 van Richtlijn 2000/60/EG uitgevoerde beoordeling van de effecten van menselijke activiteiten gebruiken, alsmede de overeenkomstig bijlage II, punt 1.4, bij die richtlijn verzamelde informatie over significante belastingen;

c)  identificatie van gevaren en mogelijke bronnen van verontreiniging met gevolgen voor de door de gevarenbeoordeling bestreken waterlichamen of delen van waterlichamen. Een dergelijke identificatie van bronnen van verontreiniging worden overeenkomstig artikel 7 regelmatig geactualiseerd. De lidstaten kunnen hiervoor de overeenkomstig artikel 5 van Richtlijn 2000/60/EG uitgevoerde beoordeling van de effecten van menselijke activiteiten gebruiken, alsmede de overeenkomstig bijlage II, punt 1.4, bij die richtlijn verzamelde informatie over significante belastingen;

Amendement    75

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 8 – lid 1 – letter d – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d)  regelmatige controle in de door de gevarenbeoordeling bestreken waterlichamen op relevante verontreinigende stoffen die uit de volgende lijsten worden geselecteerd:

d)  regelmatige controle in de door de gevarenbeoordeling bestreken waterlichamen of delen van waterlichamen op verontreinigende stoffen die relevant zijn voor de waterlevering en die uit de volgende lijsten worden geselecteerd:

Amendement    76

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 8 – lid 1 – letter d – punt iv

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

iv)  lijsten van overige relevante verontreinigende stoffen, zoals microplastics, of stroomgebiedspecifieke verontreinigende stoffen, zoals door de lidstaten opgesteld op basis van de overeenkomstig artikel 5 van Richtlijn 2000/60/EG uitgevoerde beoordeling van de effecten van menselijke activiteiten en de overeenkomstig bijlage II, punt 1.4, bij die richtlijn verzamelde informatie over significante belastingen.

iv)  parameters voor controledoeleinden uitsluitend in deel C bis van bijlage I, of overige relevante verontreinigende stoffen, zoals microplastics, mits er een methodologie is ingesteld voor het meten van microplastics als omschreven in artikel 11, lid 5 ter, of stroomgebiedspecifieke verontreinigende stoffen, zoals door de lidstaten opgesteld op basis van de overeenkomstig artikel 5 van Richtlijn 2000/60/EG uitgevoerde beoordeling van de effecten van menselijke activiteiten en de overeenkomstig bijlage II, punt 1.4, bij die richtlijn verzamelde informatie over significante belastingen.

Amendement    77

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 8 – lid 1 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Zeer kleine waterleveranciers kunnen worden vrijgesteld van de onder a), b) en c) van dit lid vermelde verplichtingen, mits de bevoegde autoriteit van tevoren over geactualiseerde, gedocumenteerde kennis beschikt over de relevante in deze punten genoemde parameters. Deze uitzondering wordt ten minste elke drie jaar door de bevoegde autoriteit herzien en indien nodig geactualiseerd.

Amendement    78

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 8 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De lidstaten stellen de waterleveranciers die het door de gevarenbeoordeling bestreken waterlichaam gebruiken op de hoogte van de resultaten van de overeenkomstig lid 1, onder d), uitgevoerde controle en kunnen, op basis van die controleresultaten:

Schrappen

a)  voorschrijven dat de waterleveranciers aanvullende controles of behandeling uitvoeren voor bepaalde parameters;

 

b)  toestaan dat de waterleveranciers de controlefrequentie voor bepaalde parameters verlagen, zonder hen ertoe te verplichten een leveringsrisicobeoordeling uit te voeren, mits het niet gaat om kernparameters in de zin van bijlage II, deel B, punt 1, en mits geen enkele redelijkerwijs te voorziene factor aanwezig is waardoor de kwaliteit van het water achteruit zou kunnen gaan.

 

Amendement    79

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 8 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  In gevallen waarin wordt toegestaan dat een waterleverancier de controlefrequentie verlaagd, zoals bedoeld in lid 3, onder b), blijven de lidstaten regelmatig controleren op die parameters in het door de gevarenbeoordeling bestreken waterlichaam.

Schrappen

Amendement    80

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – lid 5 – alinea 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Op basis van de overeenkomstig de leden 1 en 2 verzamelde informatie en de krachtens Richtlijn 2000/60/EG vergaarde informatie nemen de lidstaten in samenwerking met de waterleveranciers en andere belanghebbenden de volgende maatregelen, of zorgen zij ervoor dat die maatregelen door de waterleveranciers worden genomen:

Op basis van de overeenkomstig de leden 1 en 2 verzamelde informatie en de krachtens Richtlijn 2000/60/EG vergaarde informatie nemen de lidstaten in samenwerking met de waterleveranciers en andere belanghebbenden de volgende maatregelen:

Amendement    81

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 8 – lid 1 – alinea 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  preventiemaatregelen om het vereiste niveau van de behandeling te verlagen en de waterkwaliteit veilig te stellen, met inbegrip van de in artikel 11, lid 3, onder d), van Richtlijn 2000/60/EG bedoelde maatregelen;

a)  preventiemaatregelen om behandeling te vermijden of het vereiste niveau van de behandeling te verlagen en de waterkwaliteit veilig te stellen, met inbegrip van de in artikel 11, lid 3, onder d), van Richtlijn 2000/60/EG bedoelde maatregelen, evenals maatregelen om de lekkages in het systeem te verminderen;

Amendement    82

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 8 – lid 5 – alinea 1 – letter a bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

a bis)  maatregelen om te waarborgen dat vervuilers, in samenwerking met waterleveranciers en andere relevante belanghebbenden, preventiemaatregelen nemen om het vereiste niveau van de behandeling te verlagen of behandeling te vermijden en de waterkwaliteit veilig te stellen, met inbegrip van de in artikel 11, lid 3, onder d), van Richtlijn 2000/60/EG bedoelde maatregelen, evenals aanvullende maatregelen die op basis van de overeenkomstig lid 1, onder d), uitgevoerde controle noodzakelijk worden geacht;

Amendement    83

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 8 – lid 5 – alinea 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  verzachtende maatregelen die op basis van de overeenkomstig lid 1, onder d), uitgevoerde controle noodzakelijk worden geacht om de bron van de verontreiniging te identificeren en aan te pakken.

b)  verzachtende maatregelen die op basis van de overeenkomstig lid 1, onder d), uitgevoerde controle noodzakelijk worden geacht om de bron van de verontreiniging te identificeren en aan te pakken en aanvullende behandeling te vermijden, wanneer preventiemaatregelen worden verondersteld niet haalbaar of niet voldoende effectief te zijn om de bron van verontreiniging tijdig aan te pakken.

Motivering

In sommige lidstaten hebben waterleveranciers niet de juridische bevoegdheid om alleen beslissingen te nemen over preventieve en verzachtende maatregelen of om deze in te voeren, omdat deze bevoegdheid bij de overheden ligt. Met het oog op de samenhang met de bepalingen van artikel 7, lid 3, van de kaderrichtlijn water, moet waar mogelijk de voorkeur worden gegeven aan preventiemaatregelen om het vereiste niveau van de behandeling te verlagen.

Amendement    84

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 8 – lid 5 – alinea 1 – letter b bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b bis)  indien de onder a bis) en b)genoemde maatregelen niet toereikend worden geacht om de volksgezondheid adequaat te beschermen, van waterleveranciers eisen dat zij voor bepaalde parameters aanvullende controles uitvoeren op het onttrekkingspunt of, indien dit strikt noodzakelijk is om gezondheidsrisico's te voorkomen, behandeling uitvoeren;

Amendement    85

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 8 – lid 5 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

5 bis.  De lidstaten stellen de waterleveranciers die het door de gevarenbeoordeling bestreken waterlichaam of delen van het waterlichaam gebruiken op de hoogte van de resultaten van de overeenkomstig lid 1, onder d), uitgevoerde controle en kunnen, op basis van die controleresultaten en de op grond van de leden 1 en 2 en krachtens Richtlijn 2000/60/EG verzamelde informatie:

 

a)  toestaan dat de waterleveranciers de controlefrequentie voor bepaalde parameters of het aantal parameters dat wordt gecontroleerd verlagen, zonder hen ertoe te verplichten een leveringsrisicobeoordeling uit te voeren, mits het niet gaat om kernparameters in de zin van bijlage II, deel B, punt 1, en mits geen enkele redelijkerwijs te voorziene factor aanwezig is waardoor de kwaliteit van het water achteruit zou kunnen gaan;

 

b)  in gevallen waarin wordt toegestaan dat een waterleverancier de controlefrequentie verlaagd, zoals bedoeld onder a), regelmatig blijven controleren op die parameters in het door de gevarenbeoordeling bestreken waterlichaam.

Amendement    86

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 9 – titel

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Leveringsrisicobeoordeling

Leveringsrisicobeoordeling, -controle en -beheer

Amendement    87

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 9 – lid 1 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De lidstaten zorgen ervoor dat waterleveranciers een leveringsrisicobeoordeling uitvoeren, waarbij zij de mogelijkheid bieden de controlefrequentie voor elk van de in de lijsten in bijlage I, delen A en B, opgenomen parameters, voor zover het geen kernparameters overeenkomstig bijlage II, deel B, betreft, aan te passen, afhankelijk van het optreden ervan in het onbehandelde water.

De lidstaten zorgen ervoor dat waterleveranciers een leveringsrisicobeoordeling uitvoeren in overeenstemming met bijlage II, deel C, waarbij zij de mogelijkheid bieden de controlefrequentie voor elk van de in de lijsten in bijlage I, delen A, B en B bis, opgenomen parameters, voor zover het geen kernparameters overeenkomstig bijlage II, deel B, betreft, aan te passen, afhankelijk van het optreden ervan in het onbehandelde water.

Amendement    88

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 9 – lid 1 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Voor die parameters zorgen de lidstaten ervoor dat de waterleveranciers overeenkomstig de specificaties in bijlage II, deel C, af mogen wijken van de in bijlage II, deel B, vastgestelde bemonsteringsfrequenties.

Voor die parameters zorgen de lidstaten ervoor dat de waterleveranciers overeenkomstig de specificaties in bijlage II, deel C, en afhankelijk van het optreden ervan in het onbehandelde water en de behandelopzet, af mogen wijken van de in bijlage II, deel B, vastgestelde bemonsteringsfrequenties.

Amendement    89

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 9 – lid 1 – alinea 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Met het oog daarop worden de waterleveranciers ertoe verplicht rekening te houden met de resultaten van de overeenkomstig artikel 8 van deze richtlijn uitgevoerde gevarenbeoordeling en van de overeenkomstig artikel 7, lid 1, en artikel 8 van Richtlijn 2000/60/EG uitgevoerde monitoring.

Met het oog daarop houden de waterleveranciers rekening met de resultaten van de overeenkomstig artikel 8 van deze richtlijn uitgevoerde gevarenbeoordeling en van de overeenkomstig artikel 7, lid 1, en artikel 8 van Richtlijn 2000/60/EG uitgevoerde monitoring.

Amendement    90

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 9 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  De lidstaten kunnen zeer kleine waterleveranciers vrijstelling verlenen van lid 1, op voorwaarde dat de bevoegde autoriteit beschikt over eerdere, gedocumenteerde en actuele kennis over de relevante parameters en van mening is dat deze vrijstellingen geen risico voor de volksgezondheid zullen opleveren, onverminderd de verplichtingen van de autoriteit uit hoofde van artikel 4.

 

Deze vrijstellingen worden ten minste om de 3 jaar of wanneer een nieuw verontreinigingsrisico in het stroomgebied is vastgesteld door de bevoegde autoriteit beoordeeld, en worden waar nodig bijgewerkt.

Amendement    91

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 9 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Leveringsrisicobeoordelingen worden door de bevoegde autoriteiten goedgekeurd.

2.  Leveringsrisicobeoordelingen zijn de verantwoordelijkheid van de waterleveranciers die waarborgen dat deze beoordelingen voldoen aan deze richtlijn. Hiertoe kunnen waterleveranciers ondersteuning van de bevoegde autoriteiten vragen.

 

De lidstaten kunnen de bevoegde autoriteiten ertoe verplichten de leveringsrisicobeoordelingen van de waterleveranciers goed te keuren of te controleren.

Amendement    92

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 9 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  Op basis van de resultaten van de krachtens lid 1 uitgevoerde leveringsrisicobeoordeling zorgen de lidstaten ervoor dat de waterleveranciers een waterveiligheidsplan opstellen dat geschikt is voor de geïdentificeerde risico's en in verhouding staat tot de omvang van de waterleverancier. Dit waterveiligheidsplan kan bijvoorbeeld betrekking hebben op de gebruikte materialen die in contact komen met water, waterbehandelingsproducten, mogelijke risico's als gevolg van lekkende leidingen of maatregelen voor aanpassingen aan huidige en toekomstige uitdagingen, zoals de klimaatverandering, en wordt nader gespecificeerd door de lidstaten.

Amendement    93

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 10 – titel

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Risicobeoordeling van het huishoudelijk leidingnet

Beoordeling, controle en beheer van de risico’s betreffende het huishoudelijk leidingnet

Amendement    94

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 10 – lid 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De lidstaten zorgen ervoor dat een risicobeoordeling van het huishoudelijk leidingnet wordt uitgevoerd, die de volgende elementen omvat:

1.  De lidstaten zorgen ervoor dat een risicobeoordeling van het huishoudelijk leidingnet in prioritaire percelen wordt uitgevoerd, die de volgende elementen omvat:

Amendement    95

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 10 – lid 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  een beoordeling van de potentiële risico’s in verband met de huishoudelijke leidingnetten en de daarmee samenhangende producten en materialen, en van de vraag of deze risico’s van invloed zijn op de kwaliteit van het water op de plaatsen waar het uit de kranen komt die normaliter worden gebruikt voor menselijke consumptie, met name waar het publiek van water wordt voorzien in prioritaire percelen;

a)  een beoordeling van de potentiële risico’s in verband met de huishoudelijke leidingnetten en de daarmee samenhangende producten en materialen, en van de vraag of deze risico’s van invloed zijn op de kwaliteit van het water op de plaatsen waar het uit de kranen komt die normaliter worden gebruikt voor menselijke consumptie;

Amendement    96

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 10 – lid 1 – letter b – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  regelmatige controle van de in de lijst in bijlage I, deel C, opgenomen parameters in percelen waar het mogelijke gevaar voor de menselijke gezondheid het grootst wordt geacht. Relevante parameters en percelen voor de controle worden geselecteerd op basis van de onder a) bedoelde beoordeling.

b)  regelmatige controle van de in de lijst in bijlage I, deel C, opgenomen parameters in prioritaire percelen waar tijdens de onder a) bedoelde beoordeling specifieke risico's voor de waterkwaliteit zijn vastgesteld.

Amendement    97

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 10 – lid 1 – letter b – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Met betrekking tot de regelmatige controle zoals bedoeld in de eerste alinea, kunnen de lidstaten een controlestrategie opstellen die op prioritaire percelen is toegespitst;

Met betrekking tot de regelmatige controle waarborgen de lidstaten toegang tot de installaties in de prioritaire percelen voor de bemonstering en kunnen zij een controlestrategie opstellen, met name betreffende Legionella pneumophila;

Amendement    98

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 10 – lid 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  verificatie of de prestaties van bouwproducten die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water adequaat zijn ten opzichte van de essentiële kenmerken in verband met de in bijlage I, punt 3, onder e), bij Verordening (EU) nr. 305/2011 gespecificeerde fundamentele eis voor bouwwerken.

c)  verificatie of de prestaties van producten en materialen die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water adequaat zijn ten opzichte van de bescherming van de volksgezondheid.

Amendement    99

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 10 – lid 1 – letter c bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis)  verificatie of de gebruikte materialen geschikt zijn om in contact te komen met voor menselijke consumptie bedoeld water en of wordt voldaan aan de in artikel 11 genoemde vereisten.

Amendement    100

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 10 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Indien de lidstaten op basis van de beoordeling overeenkomstig lid 1, onder a), van mening zijn dat er een risico bestaat voor de volksgezondheid dat voortvloeit uit het huishoudelijk leidingnet of uit de daarmee samenhangende producten en materialen, of indien uit de controle overeenkomstig lid 1, onder b), blijkt dat niet aan de parameterwaarden van bijlage I, deel C, wordt voldaan:

2.  Indien de lidstaten op basis van de beoordeling overeenkomstig lid 1, onder a), van mening zijn dat er een risico bestaat voor de volksgezondheid dat voortvloeit uit het huishoudelijk leidingnet van prioritaire percelen of uit de daarmee samenhangende producten en materialen, of indien uit de controle overeenkomstig lid 1, onder b), blijkt dat niet aan de parameterwaarden van bijlage I, deel C, wordt voldaan, waarborgen de lidstaten dat passende maatregelen worden genomen om het risico op niet-naleving van de parameterwaarden van bijlage I, deel C weg te nemen of te beperken.

a)  nemen zij passende maatregelen om het risico op de niet-naleving van de parameterwaarden van bijlage I, deel C weg te nemen of te verkleinen;

 

b)  nemen zij alle noodzakelijke maatregelen om ervoor te zorgen dat de migratie van stoffen of chemicaliën uit bouwproducten die worden gebruikt bij de bereiding of distributie van voor menselijke consumptie bestemd water, geen direct of indirect gevaar voor de menselijke gezondheid oplevert;

 

c)  nemen zij, in samenwerking met de waterleveranciers, andere maatregelen, zoals de toepassing van adequate conditioneringstechnieken, om de aard of de eigenschappen van het water voor de levering zodanig te veranderen dat het risico op niet-naleving van de parameterwaarden na de levering, wordt weggenomen of verkleind;

 

d)  informeren en adviseren zij de consumenten naar behoren over de voorwaarden voor consumptie en gebruik van het water en over mogelijke maatregelen om te voorkomen dat het risico zich opnieuw voordoet;

 

e)  organiseren zij scholing voor loodgieters en andere beroepsgroepen die zich bezighouden met huishoudelijke leidingnetten en de installatie van bouwproducten;

 

f)  zorgen zij er wat betreft Legionella voor dat er doeltreffende controle- en beheersmaatregelen beschikbaar zijn om mogelijke ziekte-uitbraken te voorkomen en aan te pakken.

 

Amendement    101

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 10 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  Om de met het huishoudelijke leidingnet samenhangende risico's te beperken in alle huishoudelijke leidingnetten:

 

a)  moedigen de lidstaten eigenaren van openbare en particuliere percelen aan een risicobeoordeling van het huishoudelijke leidingnet uit te voeren;

 

b)  informeren de lidstaten de consumenten en eigenaren van openbare en particuliere percelen over de maatregelen om het risico op de niet-naleving van de kwaliteitseisen van voor menselijke consumptie bestemd water als gevolg van het huishoudelijk leidingnet weg te nemen of te beperken;

 

c)  informeren en adviseren de zij de consumenten naar behoren over de voorwaarden voor consumptie en gebruik van het water en over mogelijke maatregelen om te voorkomen dat het risico zich opnieuw voordoet;

 

d)  organiseren zij scholing voor loodgieters en andere beroepsgroepen die zich bezighouden met huishoudelijke leidingnetten en de installatie van bouwproducten en materialen die in contact komen met water; en

 

e)  zorgen de lidstaten er wat betreft Legionella, en in het bijzonder Legionella pneumophila, voor dat er doeltreffende controle- en beheersmaatregelen beschikbaar zijn die evenredig zijn met het risico om mogelijke uitbraken van de ziekte te voorkomen en aan te pakken.

Amendement    102

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 10 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 10 bis

 

Minimumvereisten inzake hygiënecriteria voor producten, stoffen en materialen die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water

 

1.  De lidstaten nemen alle nodige maatregelen om te waarborgen dat de stoffen en materialen voor de vervaardiging van nieuwe producten die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water en die in de handel worden gebracht en gebruikt voor de onttrekking, behandeling of distributie of dat de onzuiverheden die uit die stoffen voortkomen:

 

a)  de bescherming van de volksgezondheid zoals bedoeld in deze richtlijn niet direct of indirect verminderen;

 

b)  de geur en de smaak van voor menselijke consumptie bestemd water niet aantasten;

 

c)  niet in een zodanige concentratie in voor menselijke consumptie bestemd water aanwezig zijn dat het niveau dat nodig is om het doel te bereiken waarvoor ze worden gebruikt, wordt overschreden; en

 

d)  de microbiologische ontwikkeling niet bevorderen.

 

2.  Om de geharmoniseerde toepassing van lid 1 te waarborgen, stelt de Commissie uiterlijk ... [3 years after entry into force of this Directive] gedelegeerde handelingen vast overeenkomstig artikel 19 om deze richtlijn aan te vullen, waarbij de minimumvereisten inzake hygiënecriteria en de lijst van binnen de Unie toegelaten stoffen die worden gebruikt voor de productie van materialen die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water worden vastgesteld, met inbegrip van, in voorkomend geval, specifieke migratielimieten en bijzondere gebruiksvoorwaarden. De Commissie herziet en actualiseert deze lijst regelmatig op basis van de laatste wetenschappelijke en technologische ontwikkelingen.

 

3.  Om de Commissie te ondersteunen bij het vaststellen en wijzigen van de gedelegeerde handelingen uit hoofde van lid 2, wordt een permanent comité opgezet dat bestaat uit vertegenwoordigers die door de lidstaten worden aangewezen, waarbij een beroep kan worden gedaan op deskundigen of adviseurs.

 

4.  De materialen die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water die onder andere rechtshandelingen van de Unie vallen, zoals Verordening (EU) nr. 305/2011 van het Europees Parlement en de Raad1bis, beantwoorden aan de in de leden 1 en 2 van dit artikel gestelde eisen.

 

______________

 

1 bis Verordening (EU) nr. 305/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2011 tot vaststelling van geharmoniseerde voorwaarden voor het verhandelen van bouwproducten en tot intrekking van Richtlijn 89/106/EEG van de Raad (PB L 88 van 4.4.2011, blz. 5).

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel en ter verduidelijking.

Amendement    103

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 11 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Om na te gaan of het voor de verbruikers beschikbare water aan de vereisten van deze richtlijn en in het bijzonder aan de overeenkomstig artikel 5 vastgestelde parameterwaarden voldoet, treffen de lidstaten alle nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water regelmatig wordt gecontroleerd. Er worden monsters genomen die representatief zijn voor de kwaliteit van het gedurende het jaar verbruikte water. Ingeval voor menselijke consumptie bestemd water bij de bereiding of distributie gedesinfecteerd wordt, treffen de lidstaten voorts alle maatregelen om ervoor te zorgen dat de doelmatigheid van de toegepaste desinfectiebehandeling wordt gecontroleerd.

1.  Om na te gaan of het voor menselijke consumptie bestemd water aan de vereisten van deze richtlijn en in het bijzonder aan de overeenkomstig artikel 5 vastgestelde parameterwaarden voldoet, treffen de lidstaten alle nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat de kwaliteit ervan regelmatig wordt gecontroleerd. Er worden monsters genomen die representatief zijn voor de kwaliteit van het gedurende het jaar verbruikte water. Ingeval voor menselijke consumptie bestemd water bij de bereiding of distributie gedesinfecteerd wordt, treffen de lidstaten voorts alle maatregelen om ervoor te zorgen dat de doelmatigheid van de toegepaste desinfectiebehandeling wordt gecontroleerd.

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel en ter verduidelijking.

Amendement    104

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 11 – lid 5 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

5 bis.  De lidstaten stellen de Commissie uiterlijk... [3 years after entry into force of this Directive] en vervolgens ieder jaar in kennis van de resultaten van de uitgevoerde controle van de in de lijsten in bijlage I, deel C bis, opgenomen parameters.

 

De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 19 gedelegeerde handelingen vast te stellen met het oog op het wijzigen van deze richtlijn, door de lijst van "onder toezicht" geplaatste parameters in deel C bis van bijlage I te actualiseren. De Commissie kan besluiten stoffen toe te voegen indien het risico bestaat dat deze in voor menselijke consumptie bestemd water voorkomen en een potentieel gevaar voor de volksgezondheid, maar waarvoor wetenschappelijke gegevens niet hebben aangetoond dat er een risico voor de gezondheid van de mens aan verbonden is. Daartoe baseert de Commissie zich met name op het wetenschappelijk onderzoek van de WHO. De toevoeging van elke nieuwe stof moet naar behoren worden gemotiveerd op grond van artikel 1 van deze richtlijn.

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel en ter verduidelijking.

Amendement    105

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 11 – lid 5 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

5 ter.  Uiterlijk... [3 years after entry into force of this Directive] stelt de Commissie overeenkomstig artikel 19 gedelegeerde handelingen vast teneinde deze richtlijn aan te vullen door een methodologie vast te stellen om de in de lijst van "onder toezicht" geplaatste parameters in deel C bis van bijlage I opgenomen microplastics te meten.

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel en ter verduidelijking.

Amendement    106

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 12 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De lidstaten zorgen ervoor dat elk geval waarin niet aan de overeenkomstig artikel 5 vastgestelde parameterwaarden wordt voldaan, onmiddellijk wordt onderzocht om de oorzaak vast te stellen.

1.  De lidstaten zorgen ervoor dat elk geval waarin op de plaats waar overeenkomstig artikel 6 aan de kwaliteitseisen moet worden voldaan, niet aan de overeenkomstig artikel 5 vastgestelde parameterwaarden wordt voldaan, onmiddellijk wordt onderzocht om de oorzaak vast te stellen.

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel en ter verduidelijking.

Amendement    107

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 12 – lid 2 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

In geval van niet-naleving van de parameterwaarden in bijlage I, deel C, omvatten de herstelmaatregelen de in artikel 10, lid 2, onder a) tot en met f), bedoelde maatregelen.

In geval van niet-naleving van de parameterwaarden in bijlage I, deel C, omvatten de herstelmaatregelen de in artikel 10, lid 2 bis, bedoelde maatregelen.

Amendement    108

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 12 – lid 3 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De lidstaten beschouwen elk geval van niet-naleving van de in bijlage I, delen A en B, vastgestelde minimumvereisten voor de parameterwaarden als een potentieel gevaar voor de volksgezondheid.

De lidstaten beschouwen een geval van niet-naleving van de in bijlage I, delen A en B, vastgestelde minimumvereisten voor de parameterwaarden als een potentieel gevaar voor de volksgezondheid, behalve wanneer de bevoegde autoriteiten de niet-naleving van parameterwaarden onbeduidend achten.

Amendement    109

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 12 – lid 4 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  In de in de leden 2 en 3 beschreven gevallen nemen de lidstaten zo spoedig mogelijk alle volgende maatregelen:

4.  In de in de leden 2 en 3 beschreven gevallen nemen de lidstaten, zodra de niet-naleving van de parameterwaarden wordt beschouwd als een potentieel gevaar voor de menselijke gezondheid, zo spoedig mogelijk alle volgende maatregelen:

Amendement    110

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 12 – lid 4 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

De onder a), b) en c) vermelde maatregelen worden genomen in samenwerking met de betrokken waterleverancier.

Amendement    111

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 12 – lid 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  De bevoegde autoriteiten of andere betrokken instanties besluiten welke maatregelen krachtens lid 3 worden genomen en houden daarbij tevens rekening met de risico’s die onderbreking van de levering of inperking van het gebruik van voor menselijke consumptie bestemd water zouden opleveren voor de volksgezondheid.

5.  Wanneer de niet-conformiteit wordt vastgesteld op de plaats waar aan de kwaliteitseisen moet worden voldaan, besluiten de bevoegde autoriteiten of andere betrokken instanties welke maatregelen krachtens lid 3 worden genomen en houden daarbij tevens rekening met de risico’s die onderbreking van de levering of inperking van het gebruik van voor menselijke consumptie bestemd water zouden opleveren voor de volksgezondheid.

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel en ter verduidelijking.

Amendement    112

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 12 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 12 bis

 

Afwijkingen

 

1.  De lidstaten kunnen tot een door hen vast te stellen maximumwaarde voorzien in afwijkingen van de parameterwaarden van bijlage I, deel B, of die welke zijn vastgesteld overeenkomstig artikel 5, lid 2, indien de afwijking geen gevaar vormt voor de volksgezondheid en de levering van voor menselijke consumptie bestemd water in het betrokken gebied op geen enkele andere redelijke manier kan worden verzekerd. Deze afwijkingen worden beperkt tot de volgende gevallen:

 

a)  een nieuw waterleveringsgebied;

 

b)  een nieuwe bron van verontreiniging in een waterleveringsgebied of nieuw opgespoorde of vastgestelde parameters.

 

Afwijkingen worden gebonden aan een zo kort mogelijke termijn die niet langer mag zijn dan drie jaar. Aan het einde van deze termijn voeren de lidstaten een evaluatie uit om na te gaan of de situatie voldoende is verbeterd.

 

Onder uitzonderlijke omstandigheden kan een lidstaat een tweede afwijking ten aanzien van de punten a) en b) van de eerste alinea toestaan. Lidstaten die een tweede maal een afwijking willen toestaan, zenden de evaluatie en de redenen waarop hun besluit omtrent die tweede afwijking is gebaseerd, toe aan de Commissie. Een dergelijke tweede afwijking geldt voor maximaal drie jaar.

 

2.  Elke toegekende afwijking overeenkomstig lid 1 omvat de volgende informatie:

 

a)  de redenen van de afwijking;

 

b)  de parameter waarop het besluit omtrent de afwijking betrekking heeft, voorgaande relevante controleresultaten die met deze parameter verband houden en de maximaal toelaatbare waarde ingevolge het besluit omtrent de afwijking;

 

c)  het geografisch gebied, de hoeveelheid geleverd water per dag, de betrokken bevolkingsgroep en of de afwijking al dan niet gevolgen heeft voor enig betrokken levensmiddelenbedrijf;

 

d)  een passend controleschema met, zo nodig, een verhoogde controlefrequentie;

 

e)  een samenvatting van het plan voor de noodzakelijke herstelmaatregelen, met inbegrip van een tijdschema voor het werk, een raming van de kosten en voorzieningen voor de evaluatie; en

 

f)  de vereiste duur van de afwijking.

 

3.  Indien de bevoegde autoriteiten van oordeel zijn dat de overschrijding van de parameterwaarde onbeduidend is en indien herstelmaatregelen overeenkomstig artikel 12, lid 2, het probleem binnen maximaal 30 dagen kunnen oplossen, moeten de inlichtingen van lid 2 van dit artikel niet worden vermeld in de afwijking.

 

In dat geval stellen de bevoegde autoriteiten of andere bij de afwijking betrokken instanties alleen de maximaal toelaatbare parameterwaarde vast en de tijd waarin het probleem moet worden opgelost.

 

4.  Lid 3 kan niet langer worden toegepast wanneer dezelfde parameterwaarde voor een bepaalde waterlevering in de voorafgaande twaalf maanden in totaal meer dan 30 dagen is overschreden.

 

5.  De lidstaten die van de in dit artikel bedoelde afwijkingsmogelijkheden gebruik hebben gemaakt, zorgen ervoor dat de betrokken bevolking zo spoedig mogelijk naar behoren over het besluit omtrent de afwijking en de daaraan verbonden voorwaarden wordt geïnformeerd. Bovendien zorgen de lidstaten ervoor dat specifieke bevolkingsgroepen waarvoor de afwijking een speciaal risico kan opleveren zo nodig advies wordt verstrekt.

 

Behoudens andersluidend besluit van de bevoegde autoriteiten, zijn de in de eerste alinea genoemde verplichtingen niet van toepassing in de in lid 3 vermelde omstandigheden.

 

6.  Met uitzondering van afwijkingen krachtens lid 3, stellen de lidstaten de Commissie binnen twee maanden in kennis van afwijkingen die betrekking hebben op een waterlevering van gemiddeld meer dan 1 000 m3 per dag of aan meer dan 5 000 personen; daarbij verstrekken zij de in lid 2 genoemde gegevens.

 

7.  De bepalingen van dit artikel hebben geen betrekking op voor menselijke consumptie bestemd water dat in flessen of verpakkingen te koop wordt aangeboden.

Amendement    113

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 13 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Onverminderd artikel 9 van Richtlijn 2000/60/EG nemen de lidstaten alle nodige maatregelen ter verbetering van de toegang voor iedereen tot voor menselijke consumptie bestemd water en ter bevordering van het gebruik ervan op hun grondgebied. Deze omvatten alle hieronder genoemde maatregelen:

1.  Onverminderd artikel 9 van Richtlijn 2000/60/EG en de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid nemen de lidstaten, hierbij rekening houdend met de lokale en regionale perspectieven en omstandigheden met betrekking tot de distributie van water, alle nodige maatregelen ter verbetering van de toegang voor iedereen tot voor menselijke consumptie bestemd water en ter bevordering van het gebruik ervan op hun grondgebied.

a)  de identificatie van personen die geen toegang hebben tot voor menselijke consumptie bestemd water en de redenen waarom zij geen toegang hebben (zoals het behoren tot een kwetsbare en gemarginaliseerde groep), het beoordelen van de mogelijkheden om de toegang voor deze mensen te verbeteren en de informatieverstrekking aan deze mensen over de mogelijkheden om te worden aangesloten op het distributienet of over alternatieve manieren om toegang tot dat water te krijgen;

Hiertoe identificeren de lidstaten de personen die geen of beperkt toegang hebben tot voor menselijke consumptie bestemd water, met inbegrip van kwetsbare en gemarginaliseerde groepen, en de redenen waarom zij geen toegang hebben, en beoordelen zij de mogelijkheden om de toegang voor deze mensen te verbeteren en informeren zij deze mensen duidelijk over de mogelijkheden om te worden aangesloten op het distributienet of over alternatieve manieren om toegang tot dat water te krijgen.

 

De lidstaten nemen bovendien maatregelen, zoals:

b)  het opzetten en onderhouden van apparatuur buiten en binnen voor vrije toegang tot voor menselijke consumptie bestemd water in openbare ruimten;

a)  het opzetten en onderhouden van buiten- en binnenapparatuur, inclusief bijvulpunten, voor vrije toegang tot voor menselijke consumptie bestemd water in openbare ruimten indien dit technisch haalbaar en in verhouding staat tot de behoefte aan dergelijke maatregelen; Bij deze maatregelen wordt rekening gehouden met specifieke plaatselijke omstandigheden, zoals het klimaat en de geografische ligging;

c)  het stimuleren van het gebruik van voor menselijke consumptie bestemd water door:

c)  het stimuleren van het gebruik van voor menselijke consumptie bestemd water door:

i)  campagnes te lanceren om burgers te informeren over de kwaliteit van dat water;

i)  campagnes te lanceren om burgers te informeren over de hoge kwaliteit van kraanwater;

 

i bis)  campagnes te lanceren om het grote publiek aan te moedigen herbruikbare waterflessen te gebruiken en initiatieven op te starten om mensen op de hoogte te brengen van de locatie van bijvulpunten;

ii)  de verstrekking van dat water in openbare en overheidsgebouwen aan te moedigen;

ii)  de verstrekking van dat water in openbare en overheidsgebouwen aan te moedigen;

iii)  de gratis verstrekking van dat water door restaurants, kantines en cateringdiensten aan te moedigen.

iii)  de gratis of tegen een lage dienstvergoeding verstrekking aan klanten van dat water door restaurants, kantines en cateringdiensten aan te moedigen.

Amendement    114

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 13 – lid 2 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Op basis van de uit hoofde van lid 1, onder a), verzamelde informatie nemen de lidstaten alle nodige maatregelen om de toegang tot voor menselijke consumptie bestemd water voor kwetsbare en gemarginaliseerde groepen te waarborgen.

Op basis van de uit hoofde van lid 1, onder a), verzamelde informatie nemen de lidstaten maatregelen die zij nodig en passend achten om de toegang tot voor menselijke consumptie bestemd water voor kwetsbare en gemarginaliseerde groepen te waarborgen.

Amendement    115

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 13 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  Wanneer er krachtens dit artikel verplichtingen rusten op lokale overheidsinstanties uit hoofde van het nationaal recht, zorgen de lidstaten ervoor dat deze autoriteiten de financiële en andere middelen hebben om toegang tot voor menselijke consumptie bestemd water te waarborgen en dat eventuele maatregelen in dit verband in verhouding staan tot:

 

i)  de hulpbronnen van het desbetreffende distributienet;

 

ii)  de aard van het net; en

 

iii)  de verwachte voordelen.

Amendement    116

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 14 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De lidstaten zorgen ervoor dat passende en actuele informatie over de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water online ter beschikking staat van alle personen aan wie dat water wordt geleverd, overeenkomstig bijlage IV.

1.  De lidstaten zorgen ervoor dat passende, actuele en toegankelijke informatie over de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water online, of op een andere gebruikersvriendelijke wijze, ter beschikking staat van alle personen aan wie dat water wordt geleverd, overeenkomstig bijlage IV, met inachtneming van alle toepasselijke gegevensbeschermingsregels.

Amendement    117

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 14 – lid 2 – alinea 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De lidstaten zorgen ervoor dat alle personen aan wie dat water wordt geleverd, regelmatig en ten minste eenmaal per jaar en in de meest geschikte vorm (bijvoorbeeld op hun factuur of door middel van slimme applicaties), zonder dat zij daarom hoeven te vragen, de volgende informatie ontvangen:

De lidstaten zorgen ervoor dat alle personen aan wie dat water wordt geleverd, regelmatig en ten minste eenmaal per jaar en in de meest geschikte en makkelijk toegankelijke vorm (bijvoorbeeld op hun factuur of door middel van slimme applicaties), als bepaald door de bevoegde autoriteiten, de volgende informatie ontvangen:

Amendement    118

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 14 – lid 2 – alinea 1 – letter a – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  informatie over de kostenstructuur van het berekende tarief per kubieke meter voor menselijke consumptie bestemd water, met inbegrip van vaste en variabele kosten, waarbij ten minste vermelding gemaakt wordt van de kosten in verband met de volgende elementen:

a)  indien kosten worden vergoed middels een tariferingstelsel informatie over de kostenstructuur van het berekende tarief per kubieke meter voor menselijke consumptie bestemd water, met inbegrip van de verdeling van de vaste en variabele kosten;

Amendement    119

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 14 – lid 2 – alinea 1 – letter a – punt i

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

i)  de door de waterleveranciers genomen maatregelen met het oog op de gevarenbeoordeling uit hoofde van artikel 8, lid 5;

Schrappen

Amendement    120

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 14 – lid 2 – alinea 1 – letter a – punt ii

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

ii)  de behandeling en distributie van voor menselijke consumptie bestemd water;

Schrappen

Amendement    121

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 14 – lid 2 – alinea 1 – letter a – punt iii

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

iii)  de verzameling en behandeling van afvalwater;

Schrappen

Amendement    122

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 14 – lid 2 – alinea 1 – letter a – punt iv

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

iv)  maatregelen genomen uit hoofde van artikel 13, indien de waterleveranciers dergelijke maatregelen hebben genomen;

Schrappen

Amendement    123

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 14 – lid 2 – alinea 1 – letter a bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

a bis)  informatie over de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water, inclusief de indicatorparameters;

Amendement    124

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 14 – lid 2 – alinea 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  de prijs per liter en per kubieke meter van het voor menselijke consumptie bestemde water;

b)  indien kosten worden vergoed middels een tariferingstelsel, de prijs per liter en per kubieke meter van de levering van het voor menselijke consumptie bestemde water; indien kosten worden vergoed middels een tariferingstelsel, de totale jaarlijkse kosten die ten laste komen van het watersysteem om te zorgen voor naleving van deze richtlijn, vergezeld van relevante en achtergrondinformatie over hoe voor menselijke consumptie bestemd water aan het gebied wordt geleverd;

Amendement    125

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 14 – lid 2 – alinea 1 – letter b bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b bis)  de behandeling en distributie van voor menselijke consumptie bestemd water;

Amendement    126

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 14 – lid 2 – alinea 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  de door het huishouden verbruikte hoeveelheid, ten minste per jaar of per factureringsperiode, samen met de jaarlijkse tendens in het verbruik;

c)  de door het huishouden verbruikte hoeveelheid, ten minste per jaar of per factureringsperiode, samen met de jaarlijkse tendens in het huishoudelijke verbruik, voor zover dit technisch mogelijk is en uitsluitend indien de waterleverancier over deze gegevens beschikt;

Amendement    127

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 14 – lid 2 – alinea 1 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d)  vergelijking van het jaarlijkse waterverbruik van het huishouden met een gemiddeld verbruik voor een huishouden in dezelfde categorie;

d)  vergelijking van het jaarlijkse waterverbruik van het huishouden met een gemiddeld verbruik voor een huishouden, voor zover van toepassing ingevolge letter c;

Amendement    128

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 14 – lid 2 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De Commissie kan uitvoeringshandelingen vaststellen waarin het formaat voor, en de modaliteiten voor de presentatie van, de uit hoofde van de eerste alinea te verstrekken informatie wordt gespecificeerd. Die uitvoeringsmaatregelen worden volgens de in artikel 20, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

De lidstaten stellen een duidelijke verdeling vast van de verantwoordelijkheden met betrekking tot de informatieverstrekking uit hoofde van de eerste alinea, tussen waterleveranciers, belanghebbenden en bevoegde lokale instanties. De Commissie is bevoegd om overeenkomstig artikel 19 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot aanvulling van deze richtlijn waarin het formaat voor, en de modaliteiten voor de presentatie van, de uit hoofde van de eerste alinea te verstrekken informatie worden gespecificeerd.

Amendement    129

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 15 – lid 1 – alinea 1 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d)  een gegevensverzameling samen, die zij vervolgens jaarlijks bijwerken, en die informatie bevat over incidenten met het drinkwater die een potentieel gevaar voor de volksgezondheid hebben veroorzaakt, ongeacht of zich een geval van niet-naleving van de parameterwaarden heeft voorgedaan, die langer dan tien dagen achter elkaar heeft geduurd en ten minste 1 000 mensen heeft getroffen, met inbegrip van de oorzaken van die incidenten en de overeenkomstig artikel 12 genomen maatregelen.

d)  een gegevensverzameling samen, die zij vervolgens jaarlijks bijwerken, en die informatie bevat over incidenten met het drinkwater die een potentieel risico voor de volksgezondheid hebben veroorzaakt, ongeacht of zich een geval van niet-naleving van de parameterwaarden heeft voorgedaan, die langer dan tien dagen achter elkaar heeft geduurd en ten minste 1 000 mensen heeft getroffen, met inbegrip van de oorzaken van die incidenten en de overeenkomstig artikel 12 genomen maatregelen.

Amendement    130

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 15 – lid 4 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  De Commissie kan uitvoeringshandelingen vaststellen waarin het formaat voor, en de modaliteiten voor de presentatie van, de overeenkomstig de leden 1 en 3 te verstrekken informatie wordt gespecificeerd, met inbegrip van gedetailleerde voorschriften voor de indicatoren, de overzichtskaarten voor de hele Unie en de overzichtsverslagen over de lidstaten, zoals bedoeld in lid 3.

4.  De Commissie is bevoegd om overeenkomstig artikel 19 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot aanvulling van deze richtlijn waarin het formaat voor, en de modaliteiten voor de presentatie van, de overeenkomstig de leden 1 en 3 te verstrekken informatie wordt gespecificeerd, met inbegrip van gedetailleerde voorschriften voor de indicatoren, de overzichtskaarten voor de hele Unie en de overzichtsverslagen over de lidstaten, zoals bedoeld in lid 3.

Amendement    131

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 15 – lid 4 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De in de eerste alinea bedoelde richtsnoeren worden volgens de in artikel 20, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

Schrappen

Amendement    132

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 17 – lid 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  de bepalingen inzake de toegang tot water van artikel 13;

b)  de bepalingen inzake de toegang tot water van artikel 13 en het aandeel van de bevolking dat geen toegang tot water heeft;

Amendement    133

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 17 – lid 2 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  de bepalingen met betrekking tot de aan het publiek te verstrekken informatie van artikel 14 en bijlage IV.

c)  de bepalingen met betrekking tot de aan het publiek te verstrekken informatie van artikel 14 en bijlage IV, met inbegrip van een gebruikersvriendelijk overzicht op Unieniveau van de in punt 7 van bijlage IV genoemde gegevens.

Amendement    134

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 17 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  De Commissie doet aan het Europees Parlement en de Raad uiterlijk ... [5 years after the end-date for transposition of this Directive] en daarna wanneer passend een verslag toekomen over het potentiële gevaar van microplastics, geneesmiddelen en eventueel andere opkomende verontreinigende stoffen voor bronnen van voor menselijke consumptie bestemd water, en over de daarmee verbonden potentiële gezondheidsrisico's. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 19 indien nodig gedelegeerde handelingen vast te stellen tot aanvulling van deze richtlijn door de specificatie van de maximumwaarden voor microplastics, geneesmiddelen en andere opkomende verontreinigende stoffen in voor menselijke consumptie bestemd water.

Motivering

Het is belangrijk opkomende verontreinigende stoffen in drinkwater te monitoren en, wanneer gezondheidsrisico's worden vastgesteld, parameterwaarden in te voeren. Om in de hele EU dezelfde mate van bescherming te garanderen, is een EU-brede, uniforme aanpak voor de berekening en vaststelling van maximumwaarden nodig.

Amendement    135

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 18 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  De Commissie beoordeelt uiterlijk ... [5 years after the end-date for transposition of this Directive] of artikel 10 bis heeft geleid tot een toereikend niveau van harmonisatie van de hygiënevereisten voor materialen en producten die in contact komen met drinkwater, en neemt indien noodzakelijk aanvullende passende maatregelen.

Amendement    136

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 23 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Door de lidstaten overeenkomstig artikel 9 van Richtlijn 98/83/EG toegestane afwijkingen die op [end-date for transposition of this Directive] nog steeds van toepassing zijn, blijven van toepassing tot de afloop van hun termijn. Zij mogen niet verder worden verlengd.

2.  Door de lidstaten overeenkomstig artikel 9 van Richtlijn 98/83/EG toegestane afwijkingen die op [end-date for transposition of this Directive] nog steeds van toepassing zijn, blijven van toepassing tot de afloop van hun termijn.

Amendement    137

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage I – Deel A – tabel

Noot:

In het geval van voor menselijke consumptie bestemd water dat in flessen of verpakkingen wordt gedaan, worden de in dit deel opgesomde parameters niet getest, behalve in het geval van voor menselijke consumptie bestemd kraanwater dat in flessen of verpakkingen wordt gedaan.

Amendement    138

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage I – Deel B – tabel

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Chemische parameters

Parameter

Parameterwaarde

Eenheid

Opmerkingen

Acrylamide

0,10

μg/l

Deze parameterwaarde heeft betrekking op de residuele monomeerconcentratie in het water, berekend aan de hand van specificaties inzake de maximumvrijkoming van de overeenkomstige polymeer in contact met water.

Antimoon

5,0

μg/l

 

Arsenicum

10

μg/l

 

Benzeen

1,0

μg/l

 

Benzo(a)pyreen

0,010

μg/l

 

ß-Oestradiol (50-28-2)

0,001

μg/l

 

Bisfenol A

0,01

μg/l

 

Boor

1,0

mg/l

 

Bromaat

10

μg/l

 

Cadmium

5,0

μg/l

 

Chloraat

0,25

mg/l

 

Chloriet

0,25

mg/l

 

Chroom

25

μg/l

Uiterlijk op [10 years after the entry into force of this Directive] moet aan deze waarde worden voldaan. Tot die datum bedraagt de parameterwaarde voor chroom 50 μg/l.

Koper

2,0

mg/l

 

Cyanide

50

μg/l

 

1,2-dichloorethaan

3,0

μg/l

 

Epichloorhydrine

0,10

μg/l

Deze parameterwaarde heeft betrekking op de residuele monomeerconcentratie in het water, berekend aan de hand van specificaties inzake de maximumvrijkoming van de overeenkomstige polymeer in contact met water.

Fluoride

1,5

mg/l

 

Gehalogeneerde azijnzuren (HAA's)

80

μg/l

Som van de volgende negen representatieve stoffen: monochloor-, dichloor- en tricholoorazijnzuur, mono- en dibroomazijnzuur, broomchloorazijnzuur, broomdichloorazijnzuur, dibroomchloorazijnzuur en tribroomazijnzuur.

Lood

5

μg/l

Uiterlijk op [10 years after the entry into force of this Directive] moet aan deze waarde worden voldaan. Tot die datum bedraagt de parameterwaarde voor lood 10 μg/l.

Kwik

1,0

μg/l

 

Microcystine-LR

10

μg/l

 

Nikkel

20

μg/l

 

Nitraten

50

mg/l

De lidstaten zorgen ervoor dat de voorwaarde [nitraat]/50 + [nitriet]/3 ≤ 1, waarbij de rechte haken de concentratie in mg/l uitdrukken, voor nitraat in NO3, en voor nitriet in NO2, vervuld wordt en dat aan de waarde van 0,10 mg/l voor nitriet voldaan wordt af waterbehandelingsinstallatie.

Nitriet

0.50

mg/l

De lidstaten zorgen ervoor dat de voorwaarde [nitraat]/50 + [nitriet]/3 ≤ 1, waarbij de rechte haken de concentratie in mg/l uitdrukken, voor nitraat in NO3, en voor nitriet in NO2, vervuld wordt en dat aan de waarde van 0,10 mg/l voor nitriet voldaan wordt af waterbehandelingsinstallatie.

Nonylfenol

0,3

μg/l

 

Pesticiden

0,10

μg/l

Onder "pesticiden" worden de volgende zaken verstaan:

 

 

 

organische insecticiden;

 

 

 

organische herbiciden;

 

 

 

organische fungiciden;

 

 

 

organische nematociden;

 

 

 

organische acariciden;

 

 

 

organische algiciden;

 

 

 

organische rodenticiden;

 

 

 

organische slimiciden;

 

 

 

en de relevante metabolieten daarvan zoals gedefinieerd in artikel 3, punt 32, van Verordening (EG) nr. 1107/20091.

 

 

 

De parameterwaarde geldt voor elk afzonderlijk pesticide.

 

 

 

In het geval van aldrin, dieldrin, heptachloor en heptachloorepoxide is de parameterwaarde 0,030 μg/l. 

Totaal pesticiden

0,50

μg/l

"Pesticiden – totaal" is de som van alle afzonderlijke pesticiden, als gedefinieerd in de vorige rij, die bij de controleprocedure worden opgespoord en gekwantificeerd.

PFAS

0,10

μg/l

Onder "PFAS" wordt elke afzonderlijke per- en polyfluoralkylverbinding verstaan (chemische formule: CnF2n+1−R).

PFAS'en — totaal

0,50

μg/l

"PFAS'en — totaal" is de som voor alle per- en polyfluoralkylverbindingen (chemische formule: CnF2n+1−R).

Polycyclische aromatische koolwaterstoffen

0,10

μg/l

Som van de concentraties van de volgende gespecificeerde verbindingen: benzo[b]fluorantheen, benzo[k]fluorantheen, benzo[ghi]peryleen en indeno(1,2,3-cd)pyreen.

Seleen (selenium)

10

μg/l

 

Tetrachlooretheen en trichlooretheen

10

μg/l

Som van de concentraties van de gespecificeerde parameters

Totaal trihalomethanen (THM)

100

μg/l

Waar mogelijk streven de lidstaten, zonder dat evenwel de desinfectie in gevaar mag komen, naar een lagere waarde.

 

 

 

Som van de concentraties van de volgende gespecificeerde verbindingen: chloroform, bromoform, dibroomchloormethaan, broomdichloormethaan.

Uraan

30

μg/l

 

Vinylchloride

0,50

μg/l

Deze parameterwaarde heeft betrekking op de residuele monomeerconcentratie in het water, berekend aan de hand van specificaties inzake de maximumvrijkoming van de overeenkomstige polymeer in contact met water.

__________________

1. Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PB L 309 van 24.11.2009, blz. 1).

 

Amendement

Chemische parameters

Parameter

Parameterwaarde

Eenheid

Opmerkingen

Acrylamide

0,10

μg/l

Deze parameterwaarde heeft betrekking op de residuele monomeerconcentratie in het water, berekend aan de hand van specificaties inzake de maximumvrijkoming van de overeenkomstige polymeer in contact met water.

Antimoon

5,0

μg/l

 

Arsenicum

10

μg/l

 

Benzeen

1,0

μg/l

 

Benzo(a)pyreen

0,010

μg/l

 

ß-Oestradiol (50-28-2)

0,001

μg/l

 

Bisfenol A

0,1

μg/l

 

Boor

1,0

mg/l

 

Bromaat

10

μg/l

 

Cadmium

5,0

μg/l

 

Chloraat

0,25

mg/l

 

Chloriet

0,25

mg/l

 

Chroom

25

μg/l

Uiterlijk op [10 years after the entry into force of this Directive] moet aan deze waarde worden voldaan. Tot die datum bedraagt de parameterwaarde voor chroom 50 μg/l.

Koper

2,0

mg/l

 

Cyanide

50

μg/l

 

1,2-dichloorethaan

3,0

μg/l

 

Epichloorhydrine

0,10

μg/l

Deze parameterwaarde heeft betrekking op de residuele monomeerconcentratie in het water, berekend aan de hand van specificaties inzake de maximumvrijkoming van de overeenkomstige polymeer in contact met water.

Fluoride

1,5

mg/l

 

Gehalogeneerde azijnzuren (HAA's)

80

μg/l

Som van de volgende negen representatieve stoffen: monochloor-, dichloor- en tricholoorazijnzuur, mono- en dibroomazijnzuur, broomchloorazijnzuur, broomdichloorazijnzuur, dibroomchloorazijnzuur en tribroomazijnzuur.

Lood

5

μg/l

Uiterlijk op [10 years after the entry into force of this Directive] moet aan deze waarde worden voldaan. Tot die datum bedraagt de parameterwaarde voor lood 10 μg/l.

Kwik

1,0

μg/l

 

Microcystine-LR

10

μg/l

 

Nikkel

20

μg/l

 

Nitraten

50

mg/l

De lidstaten zorgen ervoor dat de voorwaarde [nitraat]/50 + [nitriet]/3 ≤ 1, waarbij de rechte haken de concentratie in mg/l uitdrukken, voor nitraat in NO3, en voor nitriet in NO2, vervuld wordt en dat aan de waarde van 0,10 mg/l voor nitriet voldaan wordt af waterbehandelingsinstallatie.

Nitriet

0.50

mg/l

De lidstaten zorgen ervoor dat de voorwaarde [nitraat]/50 + [nitriet]/3 ≤ 1, waarbij de rechte haken de concentratie in mg/l uitdrukken, voor nitraat in NO3, en voor nitriet in NO2, vervuld wordt en dat aan de waarde van 0,10 mg/l voor nitriet voldaan wordt af waterbehandelingsinstallatie.

Nonylfenol

0,3

μg/l

 

Pesticiden

0,10

μg/l

Onder "pesticiden" worden de volgende zaken verstaan:

 

 

 

organische insecticiden;

 

 

 

organische herbiciden;

 

 

 

organische fungiciden;

 

 

 

organische nematociden;

 

 

 

organische acariciden;

 

 

 

organische algiciden;

 

 

 

organische rodenticiden;

 

 

 

organische slimiciden;

 

 

 

en de relevante metabolieten daarvan zoals gedefinieerd in artikel 3, punt 32, van Verordening (EG) nr. 1107/20091.

 

 

 

De parameterwaarde geldt voor elk afzonderlijk pesticide.

 

 

 

In het geval van aldrin, dieldrin, heptachloor en heptachloorepoxide is de parameterwaarde 0,030 μg/l. 

Totaal pesticiden

0,50

μg/l

"Pesticiden – totaal" is de som van alle afzonderlijke pesticiden, als gedefinieerd in de vorige rij, die bij de controleprocedure worden opgespoord en gekwantificeerd.

PFAS

0,10

μg/l

Onder "PFAS" wordt elke afzonderlijke per- en polyfluoralkylverbinding verstaan (chemische formule: CnF2n+1−R).

PFAS'en — totaal

0,30

μg/l

"PFAS'en — totaal" is de som voor alle per- en polyfluoralkylverbindingen (chemische formule: CnF2n+1−R).

Polycyclische aromatische koolwaterstoffen

0,10

μg/l

Som van de concentraties van de volgende gespecificeerde verbindingen: benzo[b]fluorantheen, benzo[k]fluorantheen, benzo[ghi]peryleen en indeno(1,2,3-cd)pyreen.

Seleen (selenium)

10

μg/l

 

Tetrachlooretheen en trichlooretheen

10

μg/l

Som van de concentraties van de gespecificeerde parameters

Totaal trihalomethanen (THM)

100

μg/l

Waar mogelijk streven de lidstaten, zonder dat evenwel de desinfectie in gevaar mag komen, naar een lagere waarde.

 

 

 

Som van de concentraties van de volgende gespecificeerde verbindingen: chloroform, bromoform, dibroomchloormethaan, broomdichloormethaan.

Uraan

30

μg/l

 

Vinylchloride

0,50

μg/l

Deze parameterwaarde heeft betrekking op de residuele monomeerconcentratie in het water, berekend aan de hand van specificaties inzake de maximumvrijkoming van de overeenkomstige polymeer in contact met water.

__________________

1. Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PB L 309 van 24.11.2009, blz. 1).

Motivering

De gewijzigde waarde voor BPA in dit amendement dient ter correctie van een typefout van de Commissie bij de omzetting van de WHO-aanbevelingen.

Amendement    139

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage I – Deel B bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

 

 

 

 

 

Amendement

Indicatorparameters

Parameter

Parameterwaarde

Eenheid

Opmerkingen

Aluminium

200

μg/l

 

Ammonium

0,50

mg/l

 

Chloriden

250

mg/l

Opmerking 1

Kleur

Aanvaardbaar voor de verbruikers en geen abnormale verandering

 

 

Conductiviteit

2 500

μS cm-1 bij 20 °C

Opmerking 1

Waterstofionenconcentratie

≥ 6,5 en ≤ 9,5

pH-eenheden

Opmerkingen 1 en 3

IJzer

200

μg/l

 

Mangaan

50

μg/l

 

Geur

Aanvaardbaar voor de verbruikers en geen abnormale verandering

 

 

Sulfaten

250

mg/l

Opmerking 1

Natrium

200

mg/l

 

Smaak

Aanvaardbaar voor de verbruikers en geen abnormale verandering

 

 

Kiemgetal bij 22 °C

Geen abnormale verandering

 

 

Colibacteriën

0

Aantal/100 ml

 

Totaal aan organische koolstof (TOC)

Geen abnormale verandering

 

 

Troebelingsgraad

Aanvaardbaar voor de verbruikers en geen abnormale verandering

 

 

Opmerking 1:

Het water mag niet agressief zijn.

Opmerking 2:

Deze parameter behoeft enkel te worden gemeten als het water afkomstig is van of beïnvloed wordt door oppervlaktewater. Indien niet aan deze parameterwaarde wordt voldaan, onderzoeken de betrokken lidstaten de waterlevering om zich ervan te vergewissen dat er geen potentieel gevaar voor de menselijke gezondheid bestaat ten gevolge van de aanwezigheid van pathogene micro-organismen, bijvoorbeeld cryptosporidium.

Opmerking 3:

Voor niet-bruisend water in flessen of verpakkingen kan de minimumwaarde verlaagd worden tot 4,5 pH-eenheden.

Voor water in flessen of verpakkingen dat van nature rijk is aan kooldioxide of kunstmatig verrijkt is met kooldioxide kan de minimumwaarde lager zijn.

Amendement    140

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage I – Deel C

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Relevante parameters voor de risicobeoordeling van het huishoudelijk leidingnet

Parameter

Parameterwaarde

Eenheid

Opmerkingen

Legionella

< 1 000

Aantal/l

Indien de parameterwaarde < 1 000/l voor Legionella niet wordt gehaald, wordt herbemonstering voor Legionella pneumophila verricht. Indien Legionella pneumophila niet aanwezig is, bedraagt de parameterwaarde voor Legionella < 10 000/l.

Lood

5

μg/l

Uiterlijk op [10 years after the entry into force of this Directive] moet aan deze waarde worden voldaan. Tot die datum bedraagt de parameterwaarde voor lood 10 μg/l.

 

Amendement

Relevante parameters voor de risicobeoordeling van het huishoudelijk leidingnet

Parameter

Parameterwaarde

Eenheid

Opmerkingen

Legionella pneumophila

< 1 000

Aantal/l

 

Legionella

< 10 000

Aantal/l

Indien Legionella pneumophila, waarvoor de parameterwaarde < 1 000/l bedraagt, niet aanwezig is, bedraagt de parameterwaarde voor Legionella < 10 000/l.

Lood

5

μg/l

Uiterlijk op [10 years after the entry into force of this Directive] moet aan deze waarde worden voldaan. Tot die datum bedraagt de parameterwaarde voor lood 10 μg/l.

Amendement    141

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage I – Deel C bis (nieuw)

Microplastics

Het toezicht vindt plaats overeenkomstig de methodologie voor het meten van microplastics die is vastgelegd in de overeenkomstig artikel 11, lid 5 ter, vermelde gedelegeerde handeling.

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel en ter verduidelijking.

Amendement    142

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage II – Deel B – punt 1 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Escherichia coli (E. coli), Clostridium perfringens-sporen en somatische colifagen worden als "kernparameters" beschouwd en mogen geen voorwerp vormen van een leveringsrisicobeoordeling overeenkomstig deel C van deze bijlage. Zij worden altijd gecontroleerd volgens de in tabel 1 van punt 2 vermelde frequenties.

Escherichia coli (E. Coli) en enterokokken worden als "kernparameters" beschouwd en mogen geen voorwerp vormen van een leveringsrisicobeoordeling overeenkomstig deel C van deze bijlage. Zij worden altijd gecontroleerd volgens de in tabel 1 van punt 2 vermelde frequenties.

Amendement    143

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage II – Deel B – punt 2 – tabel 1

Dagelijks binnen een leveringsgebied gedistribueerde of geproduceerde hoeveelheid (m3) water

Minimumaantal monsternemingen per jaar

≤ 100

10a

> 100      ≤ 1 000

10a

> 1 000    ≤ 10 000

50b

> 10 000    ≤ 100 000

365

> 100 000

365

 

Amendement

Tabel 1

Minimumfrequentie voor monsterneming en analyse voor nalevingscontrole

Dagelijks binnen een leveringsgebied gedistribueerde of geproduceerde hoeveelheid (m3) water

Minimumaantal monsternemingen per jaar – kernparameters

Minimumaantal monsternemingen per jaar – niet-kernparameters

≤ 100

6

2

> 100

≤ 1 000

12

3

> 1000

≤ 5000

24

4

> 5000

≤ 10 000

52

5

> 10 000

≤ 50 000

104

6

> 50 000

≤ 100 000

208

6

 

 

 

+ 1

 

 

 

voor elke 25 000 m3/d en fractie daarvan van de totale hoeveelheid

> 100 000

365

12

 

 

+1

 

 

voor elke 25 000 m3/d en fractie daarvan van de totale hoeveelheid

Amendement    144

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage II – Deel D – punt 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  monsternemingen voor Legionella worden in huishoudelijke leidingnetten op risicoplaatsen verricht in het kader van de verspreiding van en/of de blootstelling aan Legionella pneumophila. De lidstaten stellen richtsnoeren op voor bemonsteringsmethoden voor Legionella.

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel en ter verduidelijking.

Amendement    145

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage II bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Minimumvereisten inzake hygiëne voor stoffen en materialen voor het vervaardigen van nieuwe producten die in aanraking komen met voor menselijke consumptie bestemd water:

 

a)  een lijst van stoffen die zijn goedgekeurd om te worden gebruikt bij de vervaardiging van die materialen, waaronder onder meer organische materialen, elastomeren, siliconen, metalen, cement, ionenwisselende harsen en samengestelde materialen, alsmede de daaruit vervaardigde producten;

 

b)  specifieke voorschriften voor het gebruik van stoffen in die materialen en de daaruit vervaardigde producten;

 

c)  specifieke beperkingen voor de migratie van bepaalde stoffen in het voor menselijke consumptie bestemde water;

 

d)  regels voor hygiëne met betrekking tot andere eigenschappen die nodig zijn om aan de voorschriften te voldoen;

 

e)  basisregels om de naleving van de punten a) tot en met d) te controleren;

 

f)  regels met betrekking tot bemonsterings- en analysemethoden om de naleving van de punten a) tot en met d) te controleren.

Motivering

Noodzakelijk om dwingende redenen in verband met de interne logica van het voorstel en ter verduidelijking.

Amendement    146

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage IV – titel

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

INFORMATIE VOOR HET PUBLIEK DIE ONLINE MOET WORDEN AANGEBODEN

INFORMATIE VOOR HET PUBLIEK

Amendement    147

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage IV – alinea 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De volgende informatie wordt online ter beschikking gesteld van consumenten, op een gebruikersvriendelijke en op consumenten toegesneden wijze:

De volgende informatie wordt online ter beschikking gesteld van consumenten, op evenzo gebruikersvriendelijke en op consumenten toegesneden wijzen:

Amendement    148

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage IV – alinea 1 – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1)  identificatie van de desbetreffende waterleverancier;

1)  identificatie van de desbetreffende waterleverancier, het gebied waaraan en het aantal mensen aan wie het water wordt geleverd, en de waterproductiemethode;

Amendement    149

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage IV – alinea 1 – punt 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2)  de recentste controleresultaten voor de in de lijsten in bijlage I, delen A en B, opgenomen parameters, met inbegrip van de frequentie en locatie van bemonsteringspunten, voor zover relevant voor het gebied dat van belang is voor de persoon aan wie het water wordt geleverd, samen met de overeenkomstig artikel 5 vastgestelde parameterwaarden. De controleresultaten mogen niet ouder zijn dan:

2)  een herziening van de recentste controleresultaten per waterleverancier voor de in de lijsten in bijlage I, delen A, B en B bis opgenomen parameters, met inbegrip van de frequentie en de overeenkomstig artikel 5 vastgestelde parameterwaarden. De controleresultaten mogen niet ouder zijn dan:

Amendement    150

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage IV – alinea 1 – punt 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3)  indien de overeenkomstig artikel 5 vastgestelde parameterwaarden worden overschreden, informatie over het mogelijke gevaar voor de menselijke gezondheid en het daarmee verbonden gezondheids- en consumptieadvies of een hyperlink waarmee dergelijke informatie te vinden is;

3)  indien sprake is van mogelijk gevaar voor de menselijke gezondheid, als vastgesteld door de bevoegde autoriteiten nadat de overeenkomstig artikel 5 vastgestelde parameterwaarden werden overschreden, informatie over het mogelijke gevaar voor de menselijke gezondheid en het daarmee verbonden gezondheids- en consumptieadvies of een hyperlink waarmee dergelijke informatie te vinden is;

Amendement    151

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage IV – alinea 1 – punt 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4)  een samenvatting van de desbetreffende leveringsrisicobeoordeling;

Schrappen

Amendement    152

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage IV – alinea 1 – punt 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5)  informatie over de volgende indicatorparameters en de bijbehorende parameterwaarden:

5)  informatie over de in bijlage I, deel B bis, opgenomen indicatorparameters en de bijbehorende parameterwaarden;

a)  kleur;

 

b)  pH (waterstofionenconcentratie);

 

c)  geleidingsvermogen voor elektriciteit;

 

d)  ijzer;

 

e)  mangaan;

 

f)  geur;

 

g)  smaak;

 

h)  hardheid;

 

i)  in water opgeloste mineralen, anionen/kationen:

 

  boraat BO3-

 

  carbonaat CO32-

 

  chloride Cl-

 

  fluoride F-

 

  waterstofcarbonaat HCO3-

 

  nitraat NO3-

 

  nitriet NO2-

 

  fosphaat PO43-

 

  silicaat SiO2

 

  sulfaat SO42-

 

  sulfide S2-

 

  aluminium Al

 

  ammonium NH4+

 

  calcium Ca

 

  magnesium Mg

 

  kalium K

 

  natrium Na

 

Die parameterwaarden en andere niet-geïoniseerde verbindingen en sporenelementen kunnen samen met een referentiewaarde en/of een uitleg worden getoond;

 

Amendement    153

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage IV – alinea 1 – punt 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(6)  consumentenadvies over manieren om het waterverbruik terug te dringen;

(6)  consumentenadvies over manieren om het waterverbruik waar nodig terug te dringen en water naargelang de plaatselijke omstandigheden op een verantwoorde wijze te gebruiken;

Amendement    154

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage IV – alinea 1 – punt 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7)  voor zeer grote waterleveranciers, jaarlijkse gegevens over:

(7)  voor grote en zeer grote waterleveranciers, jaarlijkse gegevens over:

Amendement    155

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage IV – alinea 1 – punt 7 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  de algemene prestaties van het watersysteem in termen van efficiëntie, met inbegrip van lekkagepercentages en energieverbruik per kubieke meter geleverd water;

a)  de algemene prestaties van het watersysteem in termen van efficiëntie, met inbegrip van door de lidstaten vastgestelde lekkagepercentages ;

Amendement    156

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage IV – alinea 1 – punt 7 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  informatie over het beheer en bestuur van de waterleveranciers, met inbegrip van de samenstelling van de raad van bestuur;

b)  informatie over het model en de eigendomsstructuur van de waterlevering door de waterleveranciers;

Amendement    157

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage IV – alinea 1 – punt 7 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d)  informatie over de kostenstructuur van het aan consumenten berekende tarief per kubieke meter water, met inbegrip van vaste en variabele kosten, waarbij ten minste vermelding gemaakt wordt van de kosten in verband met het energieverbruik per kubieke meter geleverd water, de door de waterleveranciers genomen maatregelen met het oog op de gevarenbeoordeling uit hoofde van artikel 8, lid 4, de behandeling en distributie van voor menselijke consumptie bestemd water, de verzameling en behandeling van afvalwater, en de kosten in verband met maatregelen uit hoofde van artikel 13, indien de waterleveranciers dergelijke maatregelen hebben genomen;

d)  indien kosten worden vergoed middels een tariferingstelsel, informatie over de tariefstructuur per kubieke meter water, met inbegrip van vaste en variabele kosten, evenals de kosten in verband met de door de waterleveranciers genomen maatregelen met het oog op de gevarenbeoordeling uit hoofde van artikel 8, lid 4, de behandeling en distributie van voor menselijke consumptie bestemd water, en de kosten in verband met maatregelen uit hoofde van artikel 13, indien de waterleveranciers dergelijke maatregelen hebben genomen;

Amendement    158

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage IV – alinea 1 – punt 7 – letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

e)  het bedrag aan investeringen dat de leverancier nodig acht om de financiële duurzaamheid van de levering van waterdiensten (met inbegrip van het onderhoud van de infrastructuur) te waarborgen, alsmede het daadwerkelijk ontvangen of terugverdiende bedrag aan investeringen;

e)  het bedrag aan verrichte, lopende en geplande investeringen, evenals het financieringsplan;

Amendement    159

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage IV – alinea 1 – punt 7 – letter g

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

g)  samenvatting en statistieken over consumentenklachten en over de mate waarin tijdig en adequaat op problemen wordt gereageerd;

g)  samenvatting en statistieken over consumentenklachten en de oplossing ervan;

Amendement    160

Voorstel voor een richtlijn

Bijlage IV – alinea 1 – punt 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(8)  toegang tot historische gegevens voor de in de punten 2) en 3) genoemde informatie, tot 10 jaar terug en op verzoek.

(8)  toegang tot historische gegevens voor de in de punten 2) en 3) genoemde informatie, tot 10 jaar terug, en niet eerder dan de datum van omzetting van deze richtlijn, en op verzoek.

(1)

Nog niet in het Publicatieblad verschenen.

(2)

Nog niet in het Publicatieblad verschenen.

(3)

PB C 77 van 28.3.2002, blz. 1.


TOELICHTING

De toegang tot drinkwater van goede kwaliteit blijft voor de Europese burgers een belangrijk thema dat van invloed is op hun dagelijks leven, gezondheid en activiteiten. De drinkwaterrichtlijn is een van de pijlers van het Europese wetgevingscorpus op het gebied van water. Deze tekst, die eind jaren 80 is ingevoerd, waarborgt vandaag de dag in meer dan 99 % van de gevallen een watervoorziening van goede kwaliteit binnen de Unie. Richtlijn 98/83/EG is echter al twintig jaar van kracht en heeft sindsdien geen grote veranderingen ondergaan. Het doel van deze herziening is daarom de kwaliteitsnormen voor drinkwater in overeenstemming te brengen met de nieuwste wetenschappelijke gegevens en het wetgevende kader aan te passen om het hoofd te kunnen bieden aan nieuwe uitdagingen, zoals de klimaatverandering en de overgang naar een circulaire economie.

In haar Refit-evaluatie legt de Europese Commissie de vinger op vier mogelijke gebieden die voor verbetering vatbaar zijn: de lijst van parameters, het gebruik van een op risico's gebaseerde benadering, meer transparantie en betere toegang voor de consument tot informatie over het water dat hij verbruikt, en de materialen die in contact komen met water. De rapporteur staat vierkant achter deze prioritaire doelstellingen en stelt een aantal amendementen voor, die hierna worden samengevat.

Bijwerking van de parameters inzake drinkwaterkwaliteit

De in bijlage I beschreven parameters inzake kwaliteit vormen de hoeksteen van deze richtlijn. Zij bepalen het ambitieniveau van de tekst met het oog op de verwezenlijking van de kerndoelstelling ervan, namelijk kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water. De parameters zijn sinds 1998 niet meer grondig herzien. Daarom heeft het Europees bureau van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) een hele reeks aanbevelingen gedaan en de lijst van parameters en parameterwaarden van Richtlijn 98/83/EG bijgewerkt. Hoewel de rapporteur het eens is met de aanpak van de Commissie, waarin het merendeel van de aanbevelingen van de WHO om de lijst van parameters bij te werken wordt overgenomen, is hij geen voorstander van de voorstellen die moeten worden genomen om krachtens het voorzorgsbeginsel voor verscheidene parameters een strikter kader vast te stellen. De aanbevelingen van de WHO inzake voor menselijke consumptie bestemd water, die gebaseerd zijn op de meest volledige stand van de wetenschap, bieden de nodige garanties voor de menselijke gezondheid. De versterking van bepaalde parameterwaarden zonder ruime wetenschappelijke consensus zouden daarentegen kunnen leiden tot hogere kosten voor alle betrokken partijen die verantwoordelijk zijn voor drinkwater, te beginnen met de waterleveranciers, die aanvullende behandelingen zouden kunnen toepassen. Daarnaast roept de door de Commissie voorgestelde invoering van waarden voor nieuwe parameters (bijv. hormoonontregelende stoffen, microplastics) een tweeledige vraag op. Aangezien deze waarden gebaseerd zijn op milieucriteria, wordt enerzijds betwijfeld of ze wel relevant zijn voor de toepassing ervan op een tekst over de gezondheid van de mens. Dit is het geval voor de hormoonontregelende stoffen. Anderzijds staat het onderzoek naar microplastics, ondanks de groeiende belangstelling, nog maar in de kinderschoenen. Bij gebrek aan degelijke gegevens en een door de wetenschappelijke gemeenschap gevalideerde analysemethode, wordt de toevoeging van deze parameter volgens de rapporteur niet wenselijk geacht. Overeenkomstig het voorzorgsbeginsel en betreffende het model van de kaderrichtlijn water (2000/60/EG) stelt hij voor om een lijst van "onder toezicht" te plaatsen parameters op te nemen om bij te dragen tot de verbetering van de wetenschappelijke kennis en te anticiperen op het beheer van opkomende verontreinigende stoffen.

Laat de verantwoordelijk voor de naleving van de waterkwaliteitsnormen bij de lidstaten

Na de vaststelling van ambitieuze kwaliteitsnormen is de naleving daarvan een conditio sine qua non voor de daadwerkelijke verwezenlijking van de doelstelling van deze richtlijn. Omdat het een Europese richtlijn betreft en overeenkomstig het subsidiariteitsbeginsel is de rapporteur van mening dat de lidstaten verantwoordelijk moeten blijven voor de toepassing van deze minimumkwaliteitsvereisten. Daarom wil de rapporteur de lidstaten de bevoegdheid geven om, met name via hun nationale autoriteiten voor drinkwatervoorziening, de risico's voor de menselijke gezondheid te beoordelen als de parameterwaarden worden overschreden. Niet elke overschrijding vormt op zich een potentieel risico voor de menselijke gezondheid. Dat is afhankelijk van het type parameter (kernparameter of niet) en de mate van overschrijding.

Voorts is de rapporteur van mening dat de afwijkingen moeten worden gehandhaafd, maar aan de context moeten worden aangepast en een snellere en doeltreffendere naleving door de lidstaten moet worden bevorderd. Deze herziening is zeer ambitieus en voert een nieuwe (op risico's gebaseerde) benadering in die de nodige aanpassingsperiode voor de lidstaten en waterleveranciers rechtvaardigt. Het afschaffen van het gebruik van afwijkingen kan een averechts effect hebben doordat waterleveranciers ertoe worden aangezet om curatieve behandelingen te verkiezen boven preventieve maatregelen. Dat zou indruisen tegen de logica van de op risico's gebaseerde benadering.

Veralgemening van de op risico's gebaseerde benadering

De veralgemening van de op risico's gebaseerde benadering, die deels op niet-bindende wijze is ingevoerd in de herziening van 2015, zoals voorgesteld door de Europese Commissie, op basis van de aanbevelingen van de WHO, wordt volledig door de rapporteur ondersteund. Het doel is te komen tot een beter beheer van de watervoorraden om het risico van verontreiniging in een zo vroeg mogelijk stadium te voorkomen en zo behandelingen van voor menselijke consumptie bestemd water aan het eind van de keten te vermijden of te beperken. Verscheidene aanpassingen worden noodzakelijk geacht.

Ten eerste moet het delen van de verantwoordelijkheden tussen de verschillende actoren die verantwoordelijk zijn voor watervoorziening (de staat, bevoegde autoriteiten, waterleveranciers, actoren die verantwoordelijk zijn voor verontreiniging of het risico op verontreiniging, de burger) kunnen worden verduidelijkt, met name in de artikelen 7 tot en met 10 van de ontwerpherziening. Daarom moet de op risico's gebaseerde benadering worden toegepast in het licht van het subsidiariteitsbeginsel, het voorzorgsbeginsel en het beginsel dat de vervuiler betaalt.

Het afstemmen van de ontwerprichtlijn op andere Uniewetgeving met betrekking tot water zou eveneens kunnen worden versterkt. De tenuitvoerlegging van de op risico's gebaseerde benadering is nauw verbonden met de doelstellingen en bepalingen van de kaderrichtlijn water (2000/60/EG), met name wat betreft de beoordeling van de gevaren en potentiële bronnen van verontreiniging. In het kader van de uitvoering van de gevarenbeoordeling en het risicobeheer voor waterlichamen die worden gebruikt voor de onttrekking van voor menselijke consumptie bestemd water kan een aantal verduidelijkingen worden aangebracht om te zorgen voor een gepaste synergie tussen de twee richtlijnen en dubbel werk te voorkomen.

De toepassing van de op risico's gebaseerde benadering moet ook in verhouding staan tot de omvang en de middelen van de waterleveranciers. Deze logica hervormt de werking van de waterleveranciers aanzienlijk. Het gaat hierbij om investeringen in infrastructuur en brengt nieuwe operationele kosten met zich mee, waarmee in de effectbeoordeling van de Commissie onvoldoende rekening wordt gehouden. Een voorbeeld hiervan zijn de bemonsteringskosten voor de controle van de waterkwaliteit. De rapporteur heeft daarom een aantal aanpassingsmaatregelen in gedachte voor de kleine en middelgrote waterleveranciers, die over beperktere watervoorraden beschikken.

Hoewel de rapporteur het eens is met de opmerking dat een aantal sanitaire problemen van voor menselijke consumptie bestemd water verband houdt met huishoudelijke distributienetten (in gebouwen) en nieuwe maatregelen rechtvaardigt, is hij van mening dat het ontwerp van de Commissie niet volledig in overeenstemming is met het subsidiariteitsbeginsel. Met name de maatregelen voor de beoordeling van de risico's in alle huishoudelijke distributienetten lijken afbreuk te doen aan de bevoegdheden van de lidstaten.

De rapporteur pleit voor een ambitieuze benadering op prioritaire plaatsen waar veel mensen of gevoelige groepen (overheden, onderwijs- of gezondheidsinstellingen enz.) aanwezig zijn. Voor de overige en tevens het grootste deel van de huishoudelijke distributienetten is de rapporteur van mening dat er meer informatie moet stromen naar de consumenten en eigenaars van gebouwen om de bevoegde actoren aan te moedigen de nodige maatregelen te nemen.

Harmonisatie van materialen en producten die in contact komen met water

De bepalingen van Richtlijn 98/83/EG betreffende uitrusting en materialen die in contact komen met water hebben de belemmeringen op de interne markt niet weggenomen. De wederzijdse erkenning tussen de lidstaten werkt niet, vooral door het gebrek aan minimumvereisten inzake hygiëne voor dergelijke producten en materialen. Er wordt getwijfeld aan de samenhang van deze richtlijn met Verordening (EU) nr. 305/2011 betreffende bouwmaterialen. Deze laatste bestrijkt niet alle producten en materialen die in contact komen met water en maakt het niet mogelijk om minimumkwaliteitsvereisten vast te stellen, hetgeen een conditio sine qua non is voor de volledige verwezenlijking van de wederzijdse erkenning tussen de lidstaten. Er blijven ook onzekerheden bestaan over de reikwijdte en het tijdschema van het mandaat van het Europees Normalisatiecomité (CEN).

Om deze obstakels uit de weg te ruimen en de sanitaire veiligheid van de producten en materialen die in contact komen met water te waarborgen, is de rapporteur voorstander van een benadering die de harmonisatie en vaststelling van minimumkwaliteitsnormen bewerkstelligt. Hierbij moet worden voortgebouwd op de ervaring en vooruitgang van verscheidene lidstaten op dit gebied.

Toegang tot water voor iedereen

Dit nieuwe artikel is een belangrijke stap voorwaarts en is gebaseerd op de doelstelling van universele en billijke toegang tot drinkwater voor iedereen tegen een betaalbare prijs, alsook op het burgerinitiatief "Right2Water". De rapporteur steunt deze aanpak en stelt verscheidene aanpassingen voor om ervoor te zorgen dat deze bepaling in overeenstemming is met het subsidiariteits- en evenredigheidsbeginsel. In de eerste plaats is de rapporteur van mening dat de bepalingen van de richtlijn vooral moeten gericht zijn op de toegang tot water van goede kwaliteit voor iedereen tegen een betaalbare prijs, om te voorkomen dat er onnodige maatregelen worden genomen die niet gerechtvaardigd zijn vanuit het oogpunt van de veiligheid van de gezondheid en die de prijs van water voor alle consumenten zouden kunnen opdrijven.

Overeenkomstig het beginsel van de terugwinning van de kosten in het kader van Richtlijn 2000/60/EG, dat stelt dat "water betaalt voor water", is de rapporteur ook van mening dat de bepalingen van dit artikel geen onevenredige kosten met zich mee mogen brengen voor de lokale overheden belast met watervoorziening die worden doorgerekend aan de consument. Toch moeten er op het niveau van de lidstaten een aantal acties worden aangemoedigd.

Transparantie en informatie voor de consumenten

De transparantie van informatie in verband met de waterkwaliteit en de communicatie ervan naar de consument moeten van dien aard zijn dat ze de actoren op het gebied van watervoorziening ertoe aanzetten al het mogelijke te doen om hun verplichtingen op dit gebied na te komen. De rapporteur is van mening dat deze informatie nodig is, op voorwaarde dat ze begrijpelijk, relevant en gemakkelijk toegankelijk is voor de consument. Bovendien mag de voorlichting van de bevolking niet zodanig gebeuren dat het vertrouwen van de burgers in voor menselijke consumptie bestemd water afneemt.


BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE JURIDISCHE ZAKEN

D(2018)19076

Mevr. Adina-Ioana VĂLEAN

Voorzitter, Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid

ASP 13E102

Brussel

Betreft:  Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water (herschikking)

COM(2017)0753 - C8-0019/2018 - 2017/0332 (COD)

Geachte voorzitter,

De Commissie juridische zaken heeft bovengenoemd voorstel bestudeerd, overeenkomstig artikel 104 inzake herschikking, zoals opgenomen in het Reglement van het Europees Parlement.

Lid 3 van dat artikel luidt als volgt:

"Als de voor juridische zaken bevoegde commissie van oordeel is dat het ontwerp geen andere inhoudelijke wijzigingen bevat dan die welke als zodanig zijn aangegeven, stelt zij de bevoegde commissie hiervan in kennis.

In dat geval en onverminderd de in de artikelen 169 en 170 vastgelegde voorwaarden zijn amendementen in de ter zake bevoegde commissie alleen ontvankelijk als zij betrekking hebben op onderdelen van het ontwerp die wijzigingen bevatten.

Amendementen op ongewijzigd gebleven onderdelen van het ontwerp kunnen evenwel in uitzonderlijke en individuele gevallen door de voorzitter van de ter zake bevoegde commissie worden aanvaard indien hij van oordeel is dat dit noodzakelijk is om dwingende redenen die verband houden met de interne logica van de tekst of omdat de amendementen onlosmakelijk verbonden zijn met andere ontvankelijke amendementen. Deze redenen dienen in een schriftelijke motivering bij de amendementen te worden vermeld."

Op grond van het advies van de Adviesgroep, bestaande uit vertegenwoordigers van de juridische diensten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie, die het voorstel tot herschikking heeft onderzocht en overeenkomstig de aanbevelingen van de rapporteur voor advies, is de Commissie juridische zaken van oordeel dat het voorstel geen andere inhoudelijke wijzigingen bevat dan die welke als zodanig in het voorstel worden aangegeven en dat met betrekking tot de codificatie van de ongewijzigde bepalingen van de eerdere besluiten met die inhoudelijke wijzigingen kan worden geconstateerd dat het voorstel een loutere codificatie van de bestaande teksten behelst, zonder inhoudelijke wijzigingen.

Samenvattend doet de Commissie juridische zaken na haar vergadering van 15 mei 2018 met algemene stemmen(1) de aanbeveling dat de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid als bevoegde commissie bovengenoemd voorstel overeenkomstig artikel 104 in behandeling kan nemen.

Met de meeste hoogachting,

Pavel Svoboda

(1)

De volgende leden waren aanwezig: Max Andersson, Joëlle Bergeron, Dominique Bilde, Marie-Christine Boutonnet, Jean-Marie Cavada, Kostas Chrysogonos, Mady Delvaux, Geoffroy Didier, Pascal Durand, Rosa Estaràs Ferragut, Enrico Gasbarra, Lidia Joanna Geringer de Oedenberg, Jytte Guteland, Heidi Hautala, Sylvia-Yvonne Kaufmann, António Marinho e Pinto, Emil Radev, Virginie Rozière, Pavel Svoboda, József Szájer, Axel Voss, Francis Zammit Dimech.


BIJLAGE: ADVIES VAN DE ADVIESGROEP VAN DE JURIDISCHE DIENSTEN VAN HET EUROPEES PARLEMENT, DE RAAD EN DE COMMISSIE

 

 

 

 

ADVIESGROEP VAN DE

JURIDISCHE DIENSTEN

Brussel, 2.5.2018

ADVIES

AAN          HET EUROPEES PARLEMENT

          DE RAAD

          DE COMMISSIE

Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water (herschikking)

COM(2017) 753 final of 1.2.2018 - 2017/0332 (COD)

Overeenkomstig het Interinstitutioneel Akkoord van 28 november 2001 over een systematischer gebruik van de herschikking van besluiten, en met name punt 9 daarvan, is de uit de juridische diensten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie bestaande adviesgroep op 19 maart 2018 bijeengekomen om bovengenoemd voorstel van de Commissie te onderzoeken.

Tijdens deze bijeenkomst(1) is de adviesgroep na bestudering van het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot herschikking van Richtlijn 98/83/EG van de Raad van 3 november 1998 betreffende de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water unaniem tot de conclusie gekomen dat de volgende tekstdelen gemarkeerd hadden moeten worden met de grijze achtergrond die gewoonlijk wordt gebruikt om materiële wijzigingen aan te geven:

- de schrapping van overweging 18 van Richtlijn 98/83/EG;

- de schrapping van de eerste zin van overweging 26 van Richtlijn 98/83/EG ("Overwegende dat het van belang is potentieel gevaar voor de volksgezondheid als gevolg van verontreinigd water te voorkomen");

- in artikel 12, lid 3, de vervanging van "of" door "en";

- in artikel 18, lid 1, eerste alinea, de schrapping van "volgens de procedure van artikel 189 C van het Verdrag";

- in bijlage II, deel A, punt 1, onder b). de vervanging van de woorden "om aan te tonen dat wordt voldaan aan de verplichtingen die zijn vastgesteld in de artikelen 4 en 5 en aan de parameterwaarden vastgesteld in bijlage I" door de woorden "om aan te tonen dat wordt voldaan aan de verplichtingen die zijn vastgesteld in artikel 4 en de parameterwaarden die zijn vastgesteld overeenkomstig artikel 5";

- in bijlage II, deel C, punt 2, de vervanging van de woorden "in deel B, punt 2" door de woorden "bij de controle in aanmerking genomen";

- in bijlage II, deel C, punt 3, de vervanging van de woorden "in deel B, punt 2" door de woorden "bij de controle in aanmerking genomen";

- in bijlage III, deel B, punt 1, eerste alinea, de schrapping van de woorden "en C".

De adviesgroep heeft na deze bestudering van het voorstel eensgezind geconstateerd dat het voorstel geen andere inhoudelijke wijzigingen bevat dan die welke als zodanig in het voorstel worden vermeld. Voorts heeft de adviesgroep met betrekking tot de codificatie van de ongewijzigde bepalingen van de eerdere rechtshandeling met die inhoudelijke wijzigingen geconstateerd dat het voorstel louter een codificatie van de bestaande tekst behelst, zonder inhoudelijke wijzigingen.

F. DREXLER      H. LEGAL      L. ROMERO REQUENA

Juridisch adviseur    Juridisch adviseur    Directeur-generaal

(1)

  De adviesgroep heeft haar beoordeling uitgevoerd op basis van de Engelse versie van het voorstel, aangezien de tekst in kwestie oorspronkelijk in deze taal gesteld was.


PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE

Titel

De kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water (herschikking)

Document‑ en procedurenummers

COM(2017)0753 – C8-0019/2018 – 2017/0332(COD)

Datum indiening bij EP

1.2.2018

 

 

 

Bevoegde commissie

       Datum bekendmaking

ENVI

8.2.2018

 

 

 

Adviserende commissies

       Datum bekendmaking

BUDG

8.2.2018

ITRE

8.2.2018

IMCO

8.2.2018

 

Geen advies

       Datum besluit

BUDG

21.2.2018

ITRE

21.2.2018

IMCO

21.3.2018

 

Rapporteurs

       Datum benoeming

Michel Dantin

8.3.2018

 

 

 

Behandeling in de commissie

7.6.2018

 

 

 

Datum goedkeuring

10.9.2018

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

30

13

19

Bij de eindstemming aanwezige leden

Margrete Auken, Pilar Ayuso, Catherine Bearder, Ivo Belet, Biljana Borzan, Lynn Boylan, Paul Brannen, Soledad Cabezón Ruiz, Nessa Childers, Birgit Collin-Langen, Miriam Dalli, Angélique Delahaye, Mark Demesmaeker, Stefan Eck, Bas Eickhout, Elisabetta Gardini, Gerben-Jan Gerbrandy, Jens Gieseke, Julie Girling, Sylvie Goddyn, Françoise Grossetête, Andrzej Grzyb, György Hölvényi, Anneli Jäätteenmäki, Karin Kadenbach, Kateřina Konečná, Giovanni La Via, Peter Liese, Lukas Mandl, Susanne Melior, Miroslav Mikolášik, Rory Palmer, Massimo Paolucci, Piernicola Pedicini, Bolesław G. Piecha, John Procter, Frédérique Ries, Michèle Rivasi, Annie Schreijer-Pierik, Daciana Octavia Sârbu, Nils Torvalds, Adina-Ioana Vălean, Jadwiga Wiśniewska, Damiano Zoffoli, Davor Škrlec

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Dominique Bilde, Michel Dantin, Jørn Dohrmann, Eleonora Evi, Eleonora Forenza, Elena Gentile, Christophe Hansen, Rebecca Harms, Martin Häusling, Norbert Lins, Ulrike Müller, Christel Schaldemose

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Jacques Colombier, Karine Gloanec Maurin, John Howarth, Julie Ward, Joachim Zeller

Datum indiening

1.10.2018


HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

30

+

ALDE

Catherine Bearder, Gerben-Jan Gerbrandy, Anneli Jäätteenmäki, Ulrike Müller, Frédérique Ries, Nils Torvalds

ECR

Mark Demesmaeker, Jørn Dohrmann

ENF

Dominique Bilde, Jacques Colombier, Sylvie Goddyn

PPE

Pilar Ayuso, Ivo Belet, Birgit Collin Langen, Michel Dantin, Angélique Delahaye, Elisabetta Gardini, Jens Gieseke, Julie Girling, Françoise Grossetête, Andrzej Grzyb, Christophe Hansen, György Hölvényi, Peter Liese, Norbert Lins, Lukas Mandl, Miroslav Mikolášik, Annie Schreijer Pierik, Adina Ioana Vălean, Joachim Zeller

13

-

EFDD

Evi Eleonora, Piernicola Pedicini

GUE/NGL

Lynn Boylan, Stefan Eck, Eleonora Forenza, Kateřina Konečná

PPE

Giovanni La Via

VERTS/ALE

Margrete Auken, Bas Eickhout, Rebecca Harms, Martin Häusling, Michèle Rivasi, Davor Škrlec

19

0

ECR

Bolesław G. Piecha, John Procter, Jadwiga Wiśniewska

S&D

Biljana Borzan, Paul Brannen, Soledad Cabezón Ruiz, Nessa Childers, Miriam Dalli, Elena Gentile, Karine Gloanec Maurin, John Howarth, Karin Kadenbach, Susanne Melior, Rory Palmer, Massimo Paolucci, Christel Schaldemose, Daciana Octavia Sârbu, Julie Ward, Damiano Zoffoli

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

Laatst bijgewerkt op: 12 oktober 2018Juridische mededeling