Procedure : 2018/2240(BUD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0377/2018

Ingediende teksten :

A8-0377/2018

Debatten :

Stemmingen :

PV 29/11/2018 - 8.6

Aangenomen teksten :

P8_TA(2018)0471

VERSLAG     
PDF 528kWORD 63k
22.11.2018
PE 629.510v02-00 A8-0377/2018

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (aanvraag van Griekenland – EGF/2018/003 EL/Attica Uitgeverijen)

(COM(2018)0667 – C8-0430/2018 – 2018/2240(BUD))

Begrotingscommissie

Rapporteur: Eider Gardiazabal Rubial

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
 TOELICHTING
 BRIEF VAN DE COMMISSIE WERKGELEGENHEID EN SOCIALE ZAKEN
 BRIEF VAN DE COMMISSIE REGIONALE ONTWIKKELING
 INFORMATIE OVER DE GOEDKEURINGIN DE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (aanvraag van Griekenland – EGF/2018/003 EL/Attica Uitgeverijen)

(COM(2018)0667 – C8-0430/2018 – 2018/2240(BUD))

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2018)0667 – C8-0430/2018),

–  gezien Verordening (EU) nr. 1309/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (2014-2020) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1927/2006(1) (EFG-verordening),

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(2), en met name artikel 12 hiervan,

–  gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(3) (IIA van 2 december 2013), en met name punt 13,

–  gezien de trialoogprocedure als bedoeld in punt 13 van het IIA van 2 december 2013,

–  gezien de brief van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken,

–  gezien de brief van de Commissie regionale ontwikkeling,

–  gezien het verslag van de Begrotingscommissie (A8-0377/2018),

A.  overwegende dat de Unie wetgevings- en begrotingsinstrumenten in het leven heeft geroepen om extra steun te verlenen aan werknemers die de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen of de wereldwijde financiële en economische crisis ondervinden, en hen te helpen om op de arbeidsmarkt terug te keren;

B.  overwegende dat financiële steun van de Unie aan ontslagen werknemers flexibel moet zijn en zo snel en efficiënt mogelijk ter beschikking moet worden gesteld;

C.  overwegende dat Griekenland aanvraag EGF/2018/003 EL/Attica Uitgeverijen heeft ingediend voor een financiële bijdrage uit het EFG naar aanleiding van 550 ontslagen in de economische sector die is ingedeeld in NACE Rev. 2-afdeling 58 (Uitgeverijen), in de regio van NUTS-niveau 2 Attica (EL30) in Griekenland;

D.  overwegende dat de aanvraag is ingediend in het kader van de criteria voor steunverlening van artikel 4, lid 1, onder b), van de EFG-verordening, dat bepaalt dat binnen een referentieperiode van negen maanden ten minste 500 werknemers gedwongen moeten zijn ontslagen in ondernemingen die actief zijn in dezelfde NACE Rev. 2-afdeling en gevestigd zijn in een regio of in twee of meer dan twee aan elkaar grenzende regio's van NUTS-niveau 2 in een lidstaat, mits er meer dan 500 werknemers getroffen zijn in twee van de regio's tezamen;

1.  is het met de Commissie eens dat is voldaan aan de voorwaarden die zijn vastgelegd in artikel 4, lid 1, onder b), van de EFG-verordening en dat Griekenland recht heeft op een financiële bijdrage uit hoofde van die verordening ter hoogte van 2 308 500 EUR, wat neerkomt op 60 % van de totale kosten van 3 847 500 EUR;

2.  merkt op dat de Griekse autoriteiten de aanvraag op 22 mei 2018 hebben ingediend en dat de Commissie, nadat Griekenland aanvullende gegevens had verstrekt, haar beoordeling op 4 oktober 2018 heeft afgerond en het Parlement hiervan diezelfde dag nog in kennis heeft gesteld, waarmee de termijn van twaalf weken werd nageleefd;

3.   merkt op dat Griekenland betoogt dat de ontslagen verband houden met de wereldwijde financiële en economische crisis, meer in het bijzonder met de gevolgen ervan voor de Griekse economie waaronder een daling van het reële bbp per hoofd, stijgende werkloosheid, dalende lonen en lagere besteedbare gezinsinkomens in combinatie met de snelle digitale ontwikkelingen die, tezamen met de bezuinigingen op de reclame-uitgaven van grote adverteerders, de uitgeverijsector transformeren; merkt op dat de sector te maken heeft met een daling van de inkomsten uit zowel reclame als uit verkopen;

4.  herinnert eraan dat de gevallen ontslagen bij drie bedrijven die actief zijn in de Griekse uitgeverijsector naar verwachting aanzienlijke negatieve gevolgen zullen hebben voor de lokale economie, en dat het effect van de ontslagen verband houdt met de problemen om ander werk te vinden vanwege het gebrek aan werkgelegenheid, het gebrek aan beroepsopleidingen die aansluiten op de vastgestelde behoeften van de arbeidsmarkt en het grote aantal werkzoekenden;

5.  benadrukt met bezorgdheid dat de werkloosheid in de regio Attica een groot deel vormt van de werkloosheid en langdurige werkloosheid in Griekenland, waar de werkloopsheid nog steeds hoog is;

6.  herinnert eraan dat dit de tweede Griekse aanvraag is voor een financiële bijdrage van het EFG naar aanleiding van gedwongen ontslagen bij Attica Uitgeverijen, na de eerdere aanvraag EGF/2014/018 in 2014 en een positief besluit daarover(4);

7.  merkt op dat de aanvraag betrekking heeft op 550 ontslagen werknemers, waarvan een groot aantal vrouw is (41,82 %); wijst er verder op dat 14,73 % van de ontslagen werknemers 55 jaar of ouder is en 1,6 % jonger dan 30 jaar is; erkent tegen deze achtergrond het belang van door het EFG medegefinancierde actieve arbeidsmarktmaatregelen om de kans te vergroten dat deze kwetsbare groepen opnieuw een baan vinden;

8.  is verheugd dat in het geplande opleidingsaanbod de lessen van de aanvraag EGF-2014-018 GR/Attica zijn meegenomen, waarvan de re-integratiepercentages volgens de lopende evaluatie goed zijn;

9.  stelt vast dat geen maatregelen zijn gepland voor jongeren die noch aan de arbeidsmarkt deelnemen, noch onderwijs of een opleiding volgen (NEET), hoewel het aantal NEET's in Griekenland nog steeds hoog is;

10.  onderstreept dat voor financiële toelagen de voorwaarde geldt dat de beoogde begunstigden actief deelnemen en onderstreept dat deze toelagen als echte stimulans kunnen dienen in de specifieke economische context van Griekenland;

11.  stelt vast dat de financiële toelagen en stimulansen, dat wil zeggen aanmoedigingspremies voor het aanwerven van werknemers en toelagen voor opleiding en het zoeken naar werk, zich dicht bij het in de EFG-verordening vastgestelde maximum van 35 % bevinden;

12.   wijst erop dat Griekenland vijf soorten acties plant voor de ontslagen werknemers voor wie in deze aanvraag steun wordt aangevraagd: (i) loopbaanbegeleiding en hulp bij het zoeken naar werk, (ii) opleiding, omscholing en beroepsopleiding overeenkomstig de behoeften van de arbeidsmarkt, (iii) bijdrage aan het opstarten van een bedrijf, (iv) toelage voor het zoeken naar werk en opleidingstoelage, (v) aanmoedigingspremie voor het aanwerven van werknemers;

13.  onderkent dat het gecoördineerde pakket individuele dienstverlening is opgesteld in overleg met vertegenwoordigers van de vakbond van journalisten van Atheense dagbladen (ΕΣΗΕΑ), de vakbond van werknemers van Atheense dagbladen (ΕΠΗΕΑ) en het Ministerie van Arbeid;

14.  benadrukt dat de Griekse autoriteiten hebben bevestigd dat voor de subsidiabele acties geen steun uit andere fondsen of financieringsinstrumenten van de Unie wordt ontvangen en dat dubbele financiering zal worden voorkomen;

15.  herinnert eraan dat in artikel 7 van de verordening is bepaald dat bij het samenstellen van het gecoördineerde pakket van individuele dienstverlening rekening moet worden gehouden met de toekomstperspectieven op de arbeidsmarkt en de vereiste vaardigheden, en dat het pakket moet passen in de overgang naar een grondstoffenefficiënte en duurzame economie;

16.  herhaalt dat uit het EFG afkomstige steun niet in de plaats mag komen van maatregelen waartoe ondernemingen verplicht zijn krachtens de nationale wetgeving of collectieve overeenkomsten, noch van maatregelen voor de herstructurering van ondernemingen of sectoren, en is tevreden dat Griekenland dat heeft bevestigd;

17.  verzoekt de Commissie er bij de nationale autoriteiten op aan te dringen om in toekomstige voorstellen meer details te geven over de sectoren met groeipotentieel, waarin dus waarschijnlijk mensen in dienst kunnen worden genomen, alsook onderbouwde gegevens over de impact van de EFG-financiering te verzamelen, onder meer over de kwaliteit van de banen en het herintredingspercentage dat dankzij het EFG bereikt is;

18.  herhaalt zijn oproep aan de Commissie ervoor te zorgen dat alle documenten in verband met EFG-zaken openbaar toegankelijk zijn;

19.  hecht zijn goedkeuring aan het bij deze resolutie gevoegde besluit;

20.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit samen met de voorzitter van de Raad te ondertekenen en zorg te dragen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie;

21.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie, met inbegrip van de bijlage, te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

(1)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 855.

(2)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.

(3)

PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(4)

Besluit (EU) 2015/644 van het Europees Parlement en de Raad van 15 april 2015 betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering(aanvraag EGF/2014/018 GR/Attica broadcasting uit Griekenland) (PB L 106 van 24.4.2015, blz. 29-30).


BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering ingevolge een aanvraag van Griekenland — EGF/2018/003 EL/Attica Uitgeverijen

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 1309/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (2014-2020) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1927/2006(1), en met name artikel 15, lid 4,

Gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(2), en met name punt 13,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)  Het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) is opgericht om steun te verlenen aan werknemers die werkloos zijn geworden en aan zelfstandigen die hun werkzaamheden hebben beëindigd als gevolg van uit de globalisering voortvloeiende grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen, het aanhouden van de wereldwijde financiële en economische crisis of een nieuwe wereldwijde financiële en economische crisis, en hen te helpen om op de arbeidsmarkt terug te keren.

(2)  Zoals vastgesteld in artikel 12 van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad(3) mag het EFG het jaarlijks maximumbedrag van 150 miljoen EUR (prijzen 2011) niet overschrijden.

(3)  Op 22 mei 2018 heeft Griekenland een aanvraag ingediend om middelen uit het EFG beschikbaar te stellen voor ontslagen in de uitgeverijsector in de regio Attica. Griekenland heeft overeenkomstig artikel 8, lid 3, van Verordening (EU) nr. 1309/2013 aanvullende gegevens ingediend. Die aanvraag voldoet aan de voorwaarden voor een financiële bijdrage uit het EFG overeenkomstig artikel 13 van Verordening (EU) nr. 1309/2013.

(4)  Er moeten dan ook middelen uit het EFG beschikbaar worden gesteld om een financiële bijdrage van 2 308 500 EUR te leveren aan de door Griekenland ingediende aanvraag.

(5)  Teneinde zo snel mogelijk middelen uit het EFG ter beschikking te stellen, moet dit besluit van toepassing zijn vanaf de datum waarop het wordt vastgesteld,

HEBBEN HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Ten laste van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2018 wordt een bedrag van 2 308 500 EUR aan vastleggings- en betalingskredieten beschikbaar gesteld uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie. Het is van toepassing vanaf...[datum van vaststelling van het besluit](4)*.

Gedaan te Brussel,

Voor het Europees Parlement  Voor de Raad

De voorzitter  De voorzitter

(1)

  PB L 347 van 20.12.2013, blz. 855.

(2)

  PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(3)

  Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020 (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884).

(4)

*   Datum door het Parlement in te voegen vóór bekendmaking in het PB.


TOELICHTING

I.  Achtergrond

Het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) is opgericht om extra steun te verlenen aan werknemers die de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen ondervinden.

Overeenkomstig de bepalingen van artikel 12 van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(1) en van artikel 15 van Verordening (EU) nr. 1309/2013(2) mag het jaarlijkse maximumbedrag ten behoeve van het fonds niet meer dan 150 miljoen EUR bedragen (prijzen 2011). De benodigde bedragen worden als voorziening opgenomen in de algemene begroting van de Unie.

Overeenkomstig punt 13 van het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(3) verloopt de procedure om het fonds te activeren als volgt: na een positieve beoordeling van een aanvraag legt de Commissie een voorstel tot beschikbaarstelling van middelen uit het fonds aan de begrotingsautoriteit voor, samen met een bijbehorend overschrijvingsverzoek. Indien geen eensgezindheid bestaat, wordt een trialoogprocedure ingeleid.

II.  De aanvraag van Griekenland en het voorstel van de Commissie

Op 4 oktober 2018 heeft de Commissie een voorstel goedgekeurd voor een besluit betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG aan Griekenland om de terugkeer naar de arbeidsmarkt te steunen van werknemers die gedwongen zijn ontslagen bij vijf ondernemingen die actief waren of zijn in de economische sector die is ingedeeld in NACE Rev. 2 – afdeling 58 (Uitgeverijen) in de regio van NUTS-niveau 2 Attica (EL30) in Griekenland. Op 4 oktober 2018 is het voorstel bij het Europees Parlement ingediend.

Dit de negende aanvraag die in het kader van de begroting 2018 wordt behandeld en de derde in de economische sector die is ingedeeld in NACE Rev. 2 – afdeling 58 (Uitgeverijen) sinds de oprichting van het EFG. De aanvraag heeft betrekking op 550 ontslagen werknemers en op de beschikbaarstelling van een totaalbedrag van 2 308 500 EUR uit het EFG voor Griekenland.

De aanvraag werd op 22 mei 2018 bij de Commissie ingediend, en op 1 augustus 2018 werden aanvullende gegevens verstrekt. De Commissie heeft haar beoordeling op 4 oktober 2018 afgerond en overeenkomstig alle toepasselijke bepalingen van de EFG‑verordening geconcludeerd dat de aanvraag voldoet aan de voorwaarden voor het toekennen van een financiële bijdrage uit het EFG, als bedoeld in artikel 4, lid 1, van de EFG‑verordening.

Griekenland voert aan dat de ontslagen verband houden met de wereldwijde financiële en economische crisis, met name met de grote structurele veranderingen in de uitgeverijsector als gevolg van een gestage daling van de verkoop van dagbladen en tijdschriften in combinatie met bezuinigingen op advertentie-uitgaven van grote adverteerders. Dit is een rechtstreeks gevolg van de economische crisis, versterkt door de digitalisering waarbij de lezers omschakelen van gedrukte naar elektronische publicaties. Deze verschuiving is vooral te verklaren door de overwegend vrije toegang tot de digitale pers en doordat elektronische publicaties gemakkelijk en onmiddellijk toegankelijk zijn.

Tussen 2011 en 2017 daalde als gevolg daarvan de verkoop van kranten van 144 miljoen exemplaren in 2011 tot 57 miljoen exemplaren in 2017 en de verkoop van tijdschriften nam af van 60 miljoen exemplaren tot 23 miljoen exemplaren. Tussen de periode 2005 en 2014 is de omzet van de uitgeverijen met 56,4 % gedaald. De omzet is verder gedaald (– 14,3 % in 2015, – 8,3 % in 2016 en – 19,5 % in 2017).

Alle ontslagen vielen in Attica, hetgeen goed is voor 34,7 % van de totale Griekse werkloosheid en voor 36 % van de langdurige werkloosheid. Een groot aantal van de ontslagen werknemers is vrouw (41,82 %). 14,73 % van de ontslagen werknemers is 55 jaar of ouder. Door het EFG medegefinancierde actieve arbeidsmarktmaatregelen zijn uitermate belangrijk voor het vergroten van de kans van deze kwetsbare groepen op het vinden van een nieuwe baan.

De vijf soorten maatregelen die aan de ontslagen werknemers worden aangeboden en waarvoor medefinanciering uit het EFG wordt gevraagd, bestaan uit:

–  Beroepskeuzeadvisering: Deze begeleidende maatregel wordt aan alle deelnemers aangeboden en omvat de volgende fasen: (i) algemene informatie, (ii) intake en registratie, (iii) samenstelling van een persoonlijk en beroepsdossier, (iv) hulp bij het zoeken naar een baan en loopbaanbegeleiding, (v) begeleiding bij de (re-)integratie op de arbeidsmarkt, en (vi) monitoring.

–  Opleiding, omscholing en beroepsopleiding: In het kader van deze maatregel worden beroepsopleidingen aangeboden die inspelen op erkende behoeften op de arbeidsmarkt en op gebieden en in sectoren met goede ontwikkelingsvooruitzichten. De opleidingen zullen ook worden afgestemd op de in het kader van de loopbaanbegeleiding vastgestelde behoeften van de werknemers.

–  Bijdrage aan het opstarten van een bedrijf: werknemers die een eigen bedrijf beginnen, ontvangen maximaal 15 000 EUR als bijdrage in de aanloopkosten.

–  Toelage voor het zoeken naar werk en opleidingstoelage: Om de kosten voor deelname aan de loopbaanbegeleiding te dekken, krijgen de begunstigden 40 EUR per dag dat ze aan de activiteiten deelnemen. Wanneer ze een opleiding volgen, krijgen ze een toelage van 3,33 EUR per uur.

–  Aanmoedigingspremie voor het aanwerven van werknemers: Deze premie komt de ontslagen werknemers ten goede doordat ze gemakkelijker een baan kunnen krijgen in een andere onderneming. De aanwervende onderneming ontvangt gedurende maximaal zes maanden maandelijks 650 EUR op voorwaarde dat de werknemer ten minste zes maanden na afloop van de stimuleringsmaatregel aangeworven blijft.

Volgens de Commissie zijn de beschreven maatregelen actieve arbeidsmarktmaatregelen die behoren tot de in artikel 7 van de EFG-verordening vastgestelde subsidiabele acties, en betreft het geen passieve socialebeschermingsmaatregelen.

De Griekse autoriteiten hebben op de volgende punten de nodige garanties geboden:– bij de toegang tot de voorgestelde acties en de uitvoering ervan zullen de beginselen van gelijke behandeling en non-discriminatie worden gerespecteerd;

– aan de voorschriften van de nationale en EU-wetgeving betreffende collectieve ontslagen is voldaan;

– de ondernemingen waar de ontslagen zijn gevallen en die hun activiteiten hebben voortgezet zijn hun wettelijke verplichtingen bij ontslagen nagekomen en hebben voor hun werknemers de nodige maatregelen getroffen;

– de voorgestelde acties zullen geen financiële steun ontvangen van andere fondsen of financiële instrumenten van de Unie, en dubbele financiering zal worden voorkomen;

– de voorgestelde maatregelen zullen complementair zijn met acties die door de structuurfondsen worden gefinancierd;

– de financiële bijdrage uit het EFG zal voldoen aan de procedurele en materiële EU-regels inzake overheidssteun.

Griekenland heeft de Commissie meegedeeld dat het nationale overheidsinvesteringsprogramma van het Griekse Ministerie van Economie en Ontwikkeling de bron is van nationale voor- of medefinanciering. De financiële bijdrage zal worden beheerd en gecontroleerd door het Uitvoerend Directoraat van het NSRF(4) van het Ministerie van Arbeid, Sociale Zekerheid en Sociale Solidariteit dat fungeert als beheersautoriteit, het EDEL (het comité voor financiële audit) als auditautoriteit, en de speciale dienst voor certificering en controle van medegefinancierde programma's van het Ministerie van Economie, Infrastructuur, Toerisme en Zeevaart fungeert als certificerende autoriteit.

III.  Procedure

Om middelen uit het fonds te kunnen inzetten, heeft de Commissie de begrotingsautoriteit een overschrijvingsverzoek doen toekomen voor een totaalbedrag van 2 308 500 EUR uit de EFG-reserve (40 02 43) naar de EFG-begrotingslijn (04 04 01).

Dit is het negende voorstel tot overschrijving voor de beschikbaarstelling van middelen uit het fonds dat tot op heden in 2018 naar de begrotingsautoriteit is gezonden.

Indien er geen eensgezindheid bestaat, wordt overeenkomstig artikel 15, lid 4, van de EFG-verordening de trialoogprocedure ingeleid.

Overeenkomstig een interne afspraak moet de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken bij dit proces worden betrokken, zodat zij op constructieve wijze kan bijdragen aan de beoordeling van de aanvragen voor steun uit het EFG.

(1)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.

(2)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 855.

(3)

PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(4)

Nationaal strategisch referentiekader (NSRF)


BRIEF VAN DE COMMISSIE WERKGELEGENHEID EN SOCIALE ZAKEN

D (2018)41901

De heer Jean Arthuis

Voorzitter van de Begrotingscommissie

ASP 09G205

Betreft: Advies inzake de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) in dossier EGF/2018/003 EL

Geachte voorzitter,

De Commissie werkgelegenheid en sociale zaken (EMPL) en haar werkgroep EFG hebben de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG in dossier EGF/2018/003 EL onderzocht en het volgende advies goedgekeurd.

De commissie en de werkgroep EFG zijn vóór de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG voor de aanvraag in kwestie. De commissie EMPL formuleert in dit verband een aantal opmerkingen, zonder evenwel de betaling ter discussie te willen stellen.

Bij haar beraadslagingen is de commissie EMPL uitgegaan van de volgende overwegingen:

A)  overwegende dat de aanvraag gebaseerd is op artikel 4, lid 1, onder b), van Verordening (EU) nr. 1309/2013 (EFG‑verordening) en betrekking heeft op 550 werknemers die tijdens de referentieperiode van negen maanden werden ontslagen bij drie ondernemingen in de economische sectoren ingedeeld in NACE Rev. 2 – afdeling 58 (Uitgeverijen) in de regio Attica;

B)  overwegende dat Griekenland, als bewijs van het verband tussen de ontslagen en de wereldwijde financiële en economische crisis, aanvoert dat de verkoop van dagbladen en tijdschriften de afgelopen jaren is gedaald als gevolg van de economische en financiële crisis waar Griekenland nog steeds onder te lijden heeft, in combinatie met de snelle digitale ontwikkelingen die de uitgeverijsector transformeren. De sector heeft te maken met een daling van de inkomsten uit zowel reclame als verkopen;

C)  overwegende dat 41,8 % van de werknemers waarop de maatregelen betrekking hebben, vrouw is, en 58,8 % man; overwegende dat 83,63 % van de beoogde begunstigden tussen de 30 en 54 jaar oud is, 14,7 % meer dan 55 jaar oud is en 1,6 % jonger dan 30 jaar is.

Daarom verzoekt de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken de ten principale bevoegde Begrotingscommissie onderstaande suggesties in haar ontwerpresolutie over de Griekse aanvraag op te nemen:

1.  is het met de Commissie eens dat is voldaan aan de criteria voor steunverlening die zijn vastgelegd in artikel 4, lid 1, onder b), van Verordening (EU) nr. 1309/2013, en dat Griekenland bijgevolg uit hoofde van deze richtlijn recht heeft op een financiële bijdrage ter hoogte van 2 308 500 EUR, wat overeenkomt met 60 % van de totale kosten van 3 847 500 EUR;

2.  stelt vast dat de Commissie de termijn van twaalf weken na de ontvangst van de volledige aanvraag van de Griekse autoriteiten in acht heeft genomen en haar beoordeling van de naleving van de voorwaarden voor het verlenen van een financiële bijdrage op 4 oktober 2018 heeft afgerond en het Parlement hiervan diezelfde dag in kennis heeft gesteld;

3.  benadrukt met bezorgdheid dat de werkloosheid in de regio Attica een groot deel vormt van de werkloosheid en langdurige werkloosheid in Griekenland, waar de werkloopsheid nog steeds hoog is;

4.  stelt vast dat de met EFG-middelen medegefinancierde individuele diensten voor de ontslagen werknemers het volgende omvatten: loopbaanbegeleiding, hulp bij het zoeken naar werk, opleiding en herscholing in overeenstemming met de behoeften van de arbeidsmarkt, steun voor startende ondernemingen, aanmoedigingspremies voor het aanwerven van werknemers en toelagen voor opleiding en het zoeken naar werk;

5.  stelt vast dat de financiële toelagen en stimulansen, dat wil zeggen aanmoedigingspremies voor het aanwerven van werknemers en toelagen voor opleiding en het zoeken naar werk, zich dicht bij het in de EFG-verordening vastgestelde maximum van 35 % bevinden;

6.  onderstreept dat voor financiële toelagen de voorwaarde geldt dat de beoogde begunstigden actief deelnemen en onderstreept dat deze toelagen als echte stimulans kunnen dienen in de specifieke economische context van Griekenland;

7.  stelt vast dat geen maatregelen zijn gepland voor jongeren die noch aan de arbeidsmarkt deelnemen, noch onderwijs of een opleiding volgen (NEET), hoewel het aantal NEET's in Griekenland nog steeds hoog is;

8.  is verheugd dat in het geplande opleidingsaanbod de lessen van de eerste aanvraag EGF-2014-018 GR/Attica zijn meegenomen, waarvan de re-integratiepercentages volgens de lopende evaluatie goed zijn;

9.  is verheugd dat er overleg is gepleegd met vertegenwoordigers van de vakbond van journalisten van Atheense dagbladen, de vakbond van werknemers van Atheense dagbladen en het Ministerie van Arbeid;

10.  neemt er nota van dat de Griekse autoriteiten de verzekering hebben gegeven dat voor de voorgestelde acties geen steun uit andere fondsen of financieringsinstrumenten van de Unie zal worden ontvangen en dat dubbele financiering zal worden voorkomen;

11.  is verheugd dat Griekenland heeft bevestigd dat de ondernemingen waar de gedwongen ontslagen zijn gevallen, hun wettelijke verplichtingen bij ontslagen zijn nagekomen;

12.  herinnert eraan dat in artikel 7 van de verordening is bepaald dat bij het samenstellen van het gecoördineerde pakket van individuele dienstverlening rekening moet worden gehouden met de toekomstperspectieven op de arbeidsmarkt en de vereiste vaardigheden, en dat het pakket moet passen in de overgang naar een grondstoffenefficiënte en duurzame economie.

Hoogachtend,

Marita ULVSKOG


BRIEF VAN DE COMMISSIE REGIONALE ONTWIKKELING

Brief d.d. 15 oktober 2018 van Iskra Mihaylova, voorzitter van de Commissie regionale ontwikkeling, aan Jean Arthuis, voorzitter van de Begrotingscommissie

Vertaling

Betreft:  Beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering

Geachte heer Arthuis,

Een voorstel van de Commissie voor een besluit betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) is voor advies doorverwezen naar de Commissie regionale ontwikkeling. Ik heb begrepen dat het de bedoeling is dat een verslag over dit voorstel binnenkort in de Begrotingscommissie wordt goedgekeurd.

-  In COM(2018)0667 wordt voorgesteld uit het EFG een financiële bijdrage van 2 308 500 EUR beschikbaar te stellen voor 550 werknemers die gedwongen zijn ontslagen in de economische sector die is ingedeeld in NACE Rev. 2-afdeling 58 (Uitgeverijen). De ontslagen bij de betrokken ondernemingen vielen voornamelijk in de regio van NUTS-niveau 2 Aττική (Attica) (EL30) in Griekenland.

De regels die van toepassing zijn op de financiële bijdragen uit het EFG zijn vastgesteld in Verordening (EU) nr. 1309/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (2014-2020) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1927/2006.

De commissiecoördinatoren hebben dit voorstel besproken en mij verzocht u te schrijven dat de meerderheid in deze commissie geen bezwaar heeft tegen de beschikbaarstelling van het voornoemde bedrag uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering, zoals door de Commissie voorgesteld.

(Slotformule en ondertekening)


INFORMATIE OVER DE GOEDKEURINGIN DE BEVOEGDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

21.11.2018

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

28

3

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Nedzhmi Ali, Jean Arthuis, Richard Ashworth, Lefteris Christoforou, Gérard Deprez, Manuel dos Santos, André Elissen, José Manuel Fernandes, Eider Gardiazabal Rubial, Jens Geier, Monika Hohlmeier, John Howarth, Bernd Kölmel, Zbigniew Kuźmiuk, Vladimír Maňka, Siegfried Mureşan, Jan Olbrycht, Urmas Paet, Răzvan Popa, Paul Rübig, Petri Sarvamaa, Jordi Solé, Patricija Šulin, Eleftherios Synadinos, Indrek Tarand, Inese Vaidere, Daniele Viotti, Tiemo Wölken, Stanisław Żółtek

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Karine Gloanec Maurin, Tomáš Zdechovský


HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

28

+

ALDE

Nedzhmi Ali, Jean Arthuis, Gérard Deprez, Urmas Paet

ECR

Zbigniew Kuźmiuk

NI

Neoklis Sylikiotis

PPE

Richard Ashworth, Lefteris Christoforou, José Manuel Fernandes, Monika Hohlmeier, Siegfried Mureşan, Jan Olbrycht, Paul Rübig, Petri Sarvamaa, Inese Vaidere, Tomáš Zdechovský, Patricija Šulin

S&D

Eider Gardiazabal Rubial, Jens Geier, Karine Gloanec Maurin, John Howarth, Vladimír Maňka, Răzvan Popa, Daniele Viotti, Tiemo Wölken, Manuel dos Santos

VERTS/ALE

Jordi Solé, Indrek Tarand

3

-

ECR

Bernd Kölmel

ENF

André Elissen, Stanisław Żółtek

0

0

 

 

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

Laatst bijgewerkt op: 26 november 2018Juridische mededeling