Procedure : 2018/0241(NLE)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0463/2018

Ingediende teksten :

A8-0463/2018

Debatten :

Stemmingen :

PV 15/01/2019 - 8.2

Aangenomen teksten :

P8_TA(2019)0002

AANBEVELING     ***
PDF 476kWORD 56k
12.12.2018
PE 623.843v02-00 A8-0463/2018

betreffende het voorstel voor een besluit van de Raad inzake de sluiting van de statusovereenkomst tussen de Europese Unie en de Republiek Albanië inzake acties die het Europees grens- en kustwachtagentschap in de Republiek Albanië uitvoert

(10302/2018 – C8‑0433/2018 – 2018/0241(NLE))

Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken

Rapporteur: Bodil Valero

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een besluit van de Raad inzake de sluiting van de statusovereenkomst tussen de Europese Unie en de Republiek Albanië inzake acties die het Europees grens- en kustwachtagentschap in de Republiek Albanië uitvoert

(10302/2018 – C8‑0433/2018 – 2018/0241(NLE))

(Goedkeuring)

Het Europees Parlement,

–  gezien het ontwerp van besluit van de Raad (10302/2018),

–  gezien de ontwerpstatusovereenkomst tussen de Europese Unie en de Republiek Albanië inzake acties die het Europees grens- en kustwachtagentschap in de Republiek Albanië uitvoert (10290/2018),

–  gezien het verzoek om goedkeuring dat de Raad heeft ingediend krachtens artikel 77, lid 2, onder b) en d), artikel 79, lid 2, onder c), en artikel 218, lid 6, tweede alinea, onder a), punt v), van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (C8‑0433/2018),

–  gezien artikel 99, leden 1 en 4, en artikel 108, lid 7, van zijn Reglement,

–  gezien de aanbeveling van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken (A8-0463/2018),

1.  hecht zijn goedkeuring aan de sluiting van de overeenkomst;

2.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie, alsmede aan de regeringen en parlementen van de lidstaten en de Republiek Albanië.


TOELICHTING

a. Achtergrond

Het voorgestelde besluit van de Raad heeft tot doel goedkeuring te hechten aan de statusovereenkomst tussen de Europese Unie en de Republiek Albanië inzake acties die het Europees Grens- en kustwachtagentschap in de Republiek Albanië uitvoert overeenkomstig Verordening (EU) 2016/1624 betreffende de Europese grens- en kustwacht.

Die verordening voorziet in verschillende mogelijkheden voor samenwerking tussen het agentschap en derde landen. De gedachte achter een statusovereenkomst is dat hiermee een juridisch bindend kader wordt geboden voor activiteiten van het agentschap waarbij teamleden met uitvoeringsbevoegdheden worden ingezet op het grondgebied van het derde land. In artikel 54, lid 4, van Verordening (EU) 2016/1624 wordt uitdrukkelijk bepaald dat in gevallen waarin de inzet wordt beoogd van Europese grens- en kustwachtteams in een derde land bij acties waarbij de teamleden uitvoeringsbevoegdheden zullen hebben, of waarin andere acties zulks vereisen, de Unie een statusovereenkomst moet sluiten met het betreffende derde land.

Doel van deze statusovereenkomst is alle aspecten af te dekken die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van acties van het agentschap in derde landen. Daarnaast worden hierin de reikwijdte van de operatie, de civielrechtelijke en strafrechtelijke aansprakelijkheid en de taken en bevoegdheden van de teamleden omschreven. In statusovereenkomsten moet voorts de volledige eerbiediging van grondrechten worden gegarandeerd, alsmede de invoering van specifieke klachtenmechanismen die moeten worden gebruikt in het geval van schendingen van de grondrechten tijdens dergelijke acties.

Overeenkomstig de verordening betreffende de Europese grens- en kustwacht en zoals vermeld in artikel 54, lid 5, van deze verordening heeft de Commissie in haar mededeling COM(2016) 747 van 22 november 2016 een model-statusovereenkomst met specifieke bepalingen voor het uitvoeren van acties op het grondgebied van derde landen gepresenteerd.

De Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken is op 1 februari 2018 op de hoogte gesteld van de vorderingen in de onderhandelingen over de statusovereenkomst tussen de Europese Unie en Albanië.

b. Standpunt van de rapporteur

De rapporteur is van mening dat de sluiting van officiële, juridisch bindende overeenkomsten in het kader van samenwerking met derde landen, in de plaats van informele werkafspraken, van essentieel belang is om transparantie, publieke toetsing en democratisch toezicht met betrekking tot dergelijke samenwerking te waarborgen. Niettemin moeten overeenkomsten tussen de Europese Unie en derde landen over acties die door het Europese kust- en grenswachtagentschap worden uitgevoerd, zorgvuldig tegen het licht worden gehouden, toegevoegde waarde bezitten en wat doel en inhoud betreft strikt noodzakelijk en evenredig zijn.

Dat betekent dat deze statusovereenkomst en de overeenkomsten die zullen volgen van cruciaal belang zijn, niet alleen om transparantie en verantwoordingsplicht met betrekking tot de operationele samenwerking van het Europese grens- en kustwachtagentschap met derde landen te waarborgen, maar ook om voor een duidelijk kader voor de samenwerking met derde landen bij het beheer van de externe EU-grenzen te zorgen. De statusovereenkomst dient ook de bescherming van de grondrechten te waarborgen en de plicht van de teamleden te benadrukken om ten volle de grondrechten en de fundamentele vrijheden te eerbiedigen, met name wat betreft de toegang tot asielprocedures, de menselijke waardigheid, het verbod van foltering en onmenselijke of vernederende behandeling, het recht op vrijheid, het beginsel van non-refoulement, het verbod van collectieve uitzetting, de rechten van het kind en het recht op eerbiediging van het privéleven en het familie- en gezinsleven. Daarnaast dient in de overeenkomst systematisch de plicht te worden opgenomen om een doeltreffend klachtenmechanisme voor grondrechten in te stellen en toe te passen overeenkomstig artikel 72 van Verordening (EU) 2016/1624, dat de mogelijkheid van verhaal garandeert in geval van schending van grondrechten bij de uitvoering van acties in het kader van deze samenwerking.

Teneinde een functionerende en correcte werking van het agentschap in de toekomst te faciliteren wat samenwerking met derde landen betreft moet ook in toekomstige overeenkomsten ten volle rekening worden gehouden met de volledige eerbiediging van grondrechten, gegevensbescherming en privacy. Een passende juridische status van de teamleden en duidelijke regels ten aanzien van strafrechtelijke, civiele en bestuursrechtelijke aansprakelijkheid moeten eveneens in de overeenkomsten worden opgenomen, om een adequate verantwoordingsplicht te waarborgen. Wat betreft toekomstige onderhandelingen over statusovereenkomsten dringt de rapporteur er bij de Commissie op aan in alle gevallen een mensenrechten-/grondrechtenevaluatie van het derde land in kwestie uit te voeren alvorens onderhandelingen te beginnen en het resultaat van een dergelijke evaluatie onverwijld aan het Europees Parlement mee te delen.

Ten aanzien van de ontwikkeling van de verordening betreffende de Europese grens- en kustwacht op het gebied van samenwerking met derde landen benadrukt de rapporteur dat het belangrijk is om de samenwerking met derde landen niet uit te breiden naar landen die geen externe grens met een lidstaat hebben, overeenkomstig het mandaat van het agentschap om lidstaten te ondersteunen bij het beheer van de externe EU-grenzen.

Met het oog op de sluiting van toekomstige statusovereenkomsten met derde landen spoort de rapporteur de Commissie aan om alle documenten die het Parlement nodig heeft om zijn institutionele werkzaamheden aan te vangen en de desbetreffende goedkeuringsprocedures volgens artikel 99, leden 1 en 4, en artikel 108, lid 7, van zijn Reglement op te starten, beschikbaar en publiek te maken, met inbegrip van de ontwerpversies van de statusovereenkomst in de aanloop naar de sluiting ervan. Dit komt de transparantie ten goede en zorgt voor een correcte publieke toetsing en democratisch toezicht met betrekking tot dergelijke overeenkomsten.

Concluderend stelt de rapporteur vast dat de voorgestelde statusovereenkomst consistent is met de model-statusovereenkomst zoals opgenomen in de mededeling van de Commissie over de inhoud en bepalingen van de definitieve overeenkomst.

Aangezien onderhavige overeenkomst zich in de uitvoeringsfase bevindt, dringt het Parlement erop aan dat het Europees grens- en kustwachtagentschap het Europees Parlement onverwijld op de hoogte stelt van de acties die als onderdeel van de toepassing van de statusovereenkomst worden uitgevoerd, en herinnert het Parlement het agentschap aan zijn verplichting om een evaluatie van de samenwerking met derde landen op te nemen in zijn jaarverslagen overeenkomstig artikel 54, lid 11, van Verordening (EU) 2016/1624.

Gezien het bovenstaande beveelt de rapporteur het Parlement aan het ontwerp van besluit van de Raad goed te keuren.


PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE

Titel

Sluiting van de statusovereenkomst tussen de Europese Unie en de Republiek Albanië inzake acties die het Europees Grens- en kustwachtagentschap in de Republiek Albanië uitvoert

Document‑ en procedurenummers

10302/2018 – C8-0433/2018 – COM(2018)04582018/0241(NLE)

Datum raadpleging / verzoek om goedkeuring

9.10.2018

 

 

 

Bevoegde commissie

       Datum bekendmaking

LIBE

22.10.2018

 

 

 

Adviserende commissies

       Datum bekendmaking

AFET

22.10.2018

BUDG

22.10.2018

PECH

22.10.2018

 

Geen advies

       Datum besluit

AFET

20.6.2018

BUDG

28.6.2018

PECH

20.6.2018

 

Rapporteurs

       Datum benoeming

Bodil Valero

14.5.2018

 

 

 

Behandeling in de commissie

19.11.2018

10.12.2018

 

 

Datum goedkeuring

10.12.2018

 

 

 

Result of final vote

+:

–:

0:

28

3

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Martina Anderson, Monika Beňová, Michał Boni, Cornelia Ernst, Romeo Franz, Nathalie Griesbeck, Jussi Halla-aho, Monika Hohlmeier, Sophia in ‘t Veld, Dietmar Köster, Juan Fernando López Aguilar, Roberta Metsola, Claude Moraes, Péter Niedermüller, Ivari Padar, Giancarlo Scottà, Birgit Sippel, Csaba Sógor, Helga Stevens, Bodil Valero, Harald Vilimsky, Josef Weidenholzer

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Marek Jurek, Jean Lambert, Angelika Mlinar, Maite Pagazaurtundúa Ruiz, Barbara Spinelli, Axel Voss

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Lucy Anderson, Margrete Auken, Anthea McIntyre

Datum indiening

13.12.2018


HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

28

+

ALDE

Nathalie Griesbeck, Sophia in 't Veld, Angelika Mlinar, Maite Pagazaurtundúa Ruiz

ECR

Jussi Halla-aho, Marek Jurek, Anthea McIntyre, Helga Stevens

ENF

Giancarlo Scottà, Harald Vilimsky

PPE

Michał Boni, Monika Hohlmeier, Roberta Metsola, Csaba Sógor, Axel Voss

S&D

Lucy Anderson, Monika Beňová, Dietmar Köster, Juan Fernando López Aguilar, Claude Moraes, Péter Niedermüller, Ivari Padar, Birgit Sippel, Josef Weidenholzer

VERTS/ALE

Margrete Auken, Romeo Franz, Jean Lambert, Bodil Valero

3

-

GUE/NGL

Martina Anderson, Cornelia Ernst, Barbara Spinelli

0

0

 

 

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

Laatst bijgewerkt op: 9 januari 2019Juridische mededeling