Procedure : 2018/0298(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0004/2019

Ingediende teksten :

A8-0004/2019

Debatten :

Stemmingen :

PV 13/03/2019 - 19.2

Aangenomen teksten :

P8_TA(2019)0190

VERSLAG     ***I
PDF 184kWORD 57k
10.1.2019
PE 629.544v02-00 A8-0004/2019

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 391/2009 wat betreft de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie

(COM(2018)0567 – C8-0384/2018 – 2018/0298(COD))

Commissie vervoer en toerisme

Rapporteur: Isabella De Monte

AMENDEMENTEN
ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 391/2009 wat betreft de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie

(COM(2018)0567 – C8-0384/2018 – 2018/0298(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2018)0567),

–  gezien artikel 294, lid 2, en artikel 100, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C8‑0384/2018),

–  gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité van 17 oktober 2018(1),

–  na raadpleging van het Comité van de Regio's,

–  gezien artikel 59 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie vervoer en toerisme (A8-0004/2019),

1.  stelt zijn standpunt in eerste lezing vast en neemt het voorstel van de Commissie over;

2.  verzoekt de Commissie om hernieuwde voorlegging aan het Parlement indien zij haar voorstel vervangt, ingrijpend wijzigt of voornemens is het ingrijpend te wijzigen;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

Amendement    1

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1

Verordening (EG) nr. 391/2009

Artikel 8 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De Commissie beoordeelt regelmatig en ten minste om de twee jaar samen met de lidstaat/de lidstaten die hen overeenkomstig artikel 3, lid 2, van Richtlijn 2009/15/EG heeft/hebben gemachtigd, alle erkende organisaties om na te gaan of zij de verplichtingen uit hoofde van deze verordening nakomen en aan de minimumcriteria van bijlage I voldoen. De beoordeling wordt beperkt tot die activiteiten van de erkende organisaties die binnen het toepassingsgebied van deze verordening vallen.

1.  De Commissie beoordeelt regelmatig en ten minste om de twee jaar samen met de lidstaat/de lidstaten die hen overeenkomstig artikel 3, lid 2, van Richtlijn 2009/15/EG heeft/hebben gemachtigd, alle erkende organisaties om na te gaan of zij de verplichtingen uit hoofde van deze verordening nakomen en aan de minimumcriteria van bijlage I voldoen. De beoordeling wordt beperkt tot die activiteiten van de erkende organisaties die binnen het toepassingsgebied van deze verordening vallen. De Commissie faciliteert de deelname van de lidstaten aan de beoordeling door een toezichtsprogramma op te stellen dat de lidstaten kunnen gebruiken om hun verplichtingen uit hoofde van IMO-resolutie A.1070(28) en artikel 9 van Richtlijn 2009/15/EG na te komen.

(1)

Nog niet in het Publicatieblad verschenen.


TOELICHTING

1.  Huidige situatie

Op 29 maart 2017 heeft het Verenigd Koninkrijk kennisgegeven van zijn voornemen om zich uit de Unie terug te trekken krachtens artikel 50 van het Verdrag betreffende de Europese Unie. Dit betekent dat vanaf 30 maart 2019 alle primaire en secundaire wetgeving van de Unie niet langer van toepassing zal zijn op het Verenigd Koninkrijk. Het Verenigd Koninkrijk wordt dan een derde land.

Bijgevolg zal de wetgeving van de EU inzake zeevervoer niet langer van toepassing zijn op het Verenigd Koninkrijk. Een van de gebieden van het Unierecht waarvoor dit gevolgen zou hebben, is de erkenning op het niveau van de Unie van organisaties die diensten verlenen voor de inspectie en controle van schepen die onder de vlag van de lidstaten varen ("erkende organisaties").

Volgens artikel 8, lid 1, van Verordening (EG) nr. 391/2009 moeten organisaties voor de inspectie en controle van schepen die door de Commissie op EU-niveau zijn erkend, ten minste om de twee jaar worden beoordeeld door de Commissie samen met de lidstaat die de oorspronkelijke erkenningsaanvraag voor de organisatie heeft ingediend (“indienende” lidstaat).

Uit de artikelen 7 en 8 van de verordening vloeit voort dat erkende organisaties, om erkenning door de EU te blijven genieten, moeten blijven voldoen aan de eisen en minimumcriteria van bijlage I bij de verordening. Dat wordt gecontroleerd door middel van een permanente herbeoordeling door de Commissie en de "indienende" lidstaat uit hoofde van artikel 8, lid 1.

Zodra het Verenigd Koninkrijk zich heeft teruggetrokken, kan het niet langer deelnemen aan de beoordeling, uit hoofde van artikel 8, lid 1, van de verordening, van de organisaties waarvoor het optreedt als indienende lidstaat. Bijgevolg kan de vraag worden gesteld of de erkenning van die organisaties op het niveau van de EU nog wel geldig is. Op grond van de huidige bepalingen van de verordening kan die vraag niet met voldoende juridische zekerheid kan worden beantwoord.

Als organisaties door de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk hun EU-erkenning verliezen, zou dat negatieve gevolgen kunnen hebben voor het concurrentievermogen en de aantrekkelijkheid als vlaggenstaat van de 27 EU-landen die deze erkende organisaties hebben gemachtigd om namens hen wettelijke inspecties en controles van schepen uit te voeren en certificaten af te leveren. De betrokken erkende organisaties hebben momenteel met de meeste lidstaten van de EU-27 een overeenkomst inzake machtiging; na de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk zouden die landen niet langer op die erkende organisaties een beroep kunnen doen voor de schepen die onder hun vlag varen. Tegelijk zouden reders die op deze organisaties een beroep doen voor classificatiedoeleinden, voor het dilemma staan om ofwel hun schepen onder de vlag van een derde land te laten varen, ofwel hun lopende private overeenkomsten voor de classificatie van hun schepen met de betrokken organisaties te verbreken.

2.  Het Commissievoorstel

Volgens de huidige bepaling van artikel 8, lid 1, van de verordening mag alleen de "indienende" lidstaat deelnemen aan het regelmatige beoordelingsproces van de Commissie; het voorstel van de Commissie zou dat voorschrift in die zin wijzigen dat elke lidstaat die een erkende organisatie heeft gemachtigd, aan de beoordeling kan deelnemen. De Commissie zou derhalve een erkende organisatie kunnen beoordelen samen met elke lidstaat die de betrokken organisatie heeft gemachtigd om namens hem op te treden voor de toepassing van artikel 3, lid 2, van Richtlijn 2009/15/EG3, en niet alleen met de "indienende" lidstaat.

3.  Voorstel van de rapporteur

De rapporteur is ingenomen met het voorstel van de Commissie en is van mening dat het een einde zou maken aan de rechtsonzekerheid die op het gebied van erkende organisaties is ontstaan door de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk. De betrokken reders zouden hun werkzaamheden immers kunnen voortzetten en het concurrentievermogen van de vlaggen van de lidstaten van de EU-27 die werken met de betrokken organisaties zou gevrijwaard blijven.

De rapporteur stelt dan ook voor het Commissievoorstel ongewijzigd goed te keuren.


PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE

Titel

Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 391/2009 wat betreft de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie

Document- en procedurenummers

COM(2018)0567 – C8-0384/2018 – 2018/0298(COD)

Datum indiening bij EP

1.8.2018

 

 

 

Bevoegde commissie

       Datum bekendmaking

TRAN

10.9.2018

 

 

 

Rapporteurs

       Datum benoeming

Isabella De Monte

23.10.2018

 

 

 

Behandeling in de commissie

3.12.2018

 

 

 

Datum goedkeuring

10.1.2019

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

46

0

2

Bij de eindstemming aanwezige leden

Daniela Aiuto, Lucy Anderson, Inés Ayala Sender, Georges Bach, Izaskun Bilbao Barandica, Deirdre Clune, Michael Cramer, Luis de Grandes Pascual, Karima Delli, Isabella De Monte, Ismail Ertug, Jacqueline Foster, Tania González Peñas, Dieter-Lebrecht Koch, Merja Kyllönen, Innocenzo Leontini, Peter Lundgren, Marian-Jean Marinescu, Georg Mayer, Gesine Meissner, Cláudia Monteiro de Aguiar, Renaud Muselier, Markus Pieper, Tomasz Piotr Poręba, Gabriele Preuß, Christine Revault d’Allonnes Bonnefoy, Dominique Riquet, Massimiliano Salini, David-Maria Sassoli, Claudia Țapardel, Keith Taylor, Pavel Telička, Marita Ulvskog, Wim van de Camp, Marie-Pierre Vieu, Roberts Zīle, Kosma Złotowski

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Rosa D’Amato, Michael Gahler, Maria Grapini, Karoline Graswander-Hainz, Peter Kouroumbashev, Marek Plura, Evžen Tošenovský

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Pascal Durand, Andrey Novakov, Sergei Stanishev, Mylène Troszczynski

Datum indiening

10.1.2019


HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

46

+

ALDE

Izaskun Bilbao Barandica, Gesine Meissner, Dominique Riquet, Pavel Telička

ECR

Tomasz Piotr Poręba, Evžen Tošenovský, Roberts Zīle, Kosma Złotowski

EFDD

Daniela Aiuto, Rosa D'Amato

ENF

Georg Mayer, Mylène Troszczynski

GUE/NGL

Tania González Peñas, Merja Kyllönen, Marie-Pierre Vieu

PPE

Georges Bach, Wim van de Camp, Deirdre Clune, Andor Deli, Michael Gahler, Luis de Grandes Pascual, Dieter-Lebrecht Koch, Innocenzo Leontini, Marian-Jean Marinescu, Cláudia Monteiro de Aguiar, Renaud Muselier, Andrey Novakov, Markus Pieper, Marek Plura, Massimiliano Salini

S&D

Lucy Anderson, Inés Ayala Sender, Isabella De Monte, Ismail Ertug, Maria Grapini, Karoline Graswander-Hainz, Peter Kouroumbashev, Gabriele Preuß, Christine Revault d'Allonnes Bonnefoy, David-Maria Sassoli, Sergei Stanishev, Claudia Țapardel, Marita Ulvskog

VERTS/ALE

Michael Cramer, Pascal Durand, Keith Taylor

0

-

 

 

2

0

ECR

Jacqueline Foster, Peter Lundgren

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

Laatst bijgewerkt op: 23 januari 2019Juridische mededeling