Procedure : 2017/0288(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0032/2019

Ingediende teksten :

A8-0032/2019

Debatten :

PV 13/02/2019 - 25
CRE 13/02/2019 - 25

Stemmingen :

PV 14/02/2019 - 10.11
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2019)0125

VERSLAG     ***I
PDF 270kWORD 113k
28.1.2019
PE 623.746v02-00 A8-0032/2019

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1073/2009 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels voor toegang tot de internationale markt voor touringcar- en autobusdiensten

(COM(2017)0647 – C8-0396/2017 – 2017/0288(COD))

Commissie vervoer en toerisme

Rapporteur: Roberts Zīle

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1073/2009 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels voor toegang tot de internationale markt voor touringcar- en autobusdiensten

(COM(2017)0647 – C8-0396/2017 – 2017/0288(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2017)0647),

–  gezien artikel 294, lid 2, en artikel 91, lid 1, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C8-0396/2017),

–  gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien het gemotiveerde advies dat in het kader van Protocol nr. 2 betreffende de toepassing van de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid is uitgebracht door het Ierse parlement, en waarin wordt gesteld dat het ontwerp van wetgevingshandeling niet strookt met het subsidiariteitsbeginsel,

–  gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité van 19 april 2018(1),

–  na raadpleging van het Comité van de Regio's,

–  gezien artikel 59 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie vervoer en toerisme (A8-0032/2019),

1.  stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;

2.  verzoekt de Commissie om hernieuwde voorlegging aan het Parlement indien zij haar voorstel vervangt, ingrijpend wijzigt of voornemens is het ingrijpend te wijzigen;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

Amendement    1

Voorstel voor een verordening

Overweging 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(1)  Bij de toepassing van Verordening (EG) nr. 1073/2009 van het Europees Parlement en de Raad17 is gebleken dat vervoerders op binnenlandse markten belemmeringen ondervinden bij de ontwikkeling van busdiensten. Bovendien heeft het personenvervoer over de weg zich niet aangepast aan de veranderende behoeften inzake de beschikbaarheid en kwaliteit van het busaanbod en blijft het marktaandeel van duurzame vervoerswijzen klein. Hierdoor zijn de beschikbare personenvervoersdiensten ontoereikend voor sommige groepen burgers en leidt de toename van het autogebruik tot meer verkeersongevallen, emissies en congestie.

(1)  Bij de toepassing van Verordening (EG) nr. 1073/2009 van het Europees Parlement en de Raad17 is gebleken dat sommige vervoerders op binnenlandse markten ongerechtvaardigde belemmeringen ondervinden bij de ontwikkeling van busdiensten ten behoeve van reizigers. Bovendien heeft het personenvervoer over de weg zich niet aangepast aan de veranderende behoeften inzake de beschikbaarheid en kwaliteit van het busaanbod en blijft het marktaandeel van duurzame vervoerswijzen klein. Hierdoor zijn de beschikbare personenvervoersdiensten ontoereikend voor sommige groepen burgers en leidt de toename van het autogebruik tot meer verkeersongevallen, emissies en congestie en hogere infrastructuurkosten.

__________________

__________________

17 Verordening (EG) nr. 1073/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels voor toegang tot de internationale markt voor touringcar- en autobusdiensten en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 561/2006 (PB L 300 van 14.11.2009, blz. 88).

17 Verordening (EG) nr. 1073/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels voor toegang tot de internationale markt voor touringcar- en autobusdiensten en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 561/2006 (PB L 300 van 14.11.2009, blz. 88).

Amendement    2

Voorstel voor een verordening

Overweging 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(2)  Om in de Unie een coherent kader te creëren voor geregeld bus- en touringcarvervoer over lange afstand moet Verordening (EG) nr. 1073/2009 van toepassing zijn op alle geregeld langeafstandsvervoer. Het toepassingsgebied van die verordening moet daarom worden uitgebreid.

(2)  Om in de Unie een coherent kader te creëren voor geregeld bus- en touringcarvervoer over lange afstand moet Verordening (EG) nr. 1073/2009 van toepassing zijn op alle geregeld langeafstandsvervoer. Het toepassingsgebied van die verordening moet daarom worden uitgebreid maar mag geen (voor)stedelijke kernen of agglomeraties omvatten en mag geen afbreuk doen aan de bepalingen van Verordening (EG) nr. 1370/2007.

Amendement    3

Voorstel voor een verordening

Overweging 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(3)  In elke lidstaat moet een onafhankelijke en onpartijdige instantie worden aangewezen om de goede werking van de markt voor passagiersvervoer over de weg te waarborgen. Die instantie mag ook verantwoordelijk zijn voor andere gereguleerde sectoren, zoals het spoor, energie of telecommunicatie.

(3)  Elke lidstaat moet een onafhankelijke en onpartijdige instantie aanwijzen, die tot taak heeft bindende adviezen uit te brengen, om de goede werking van de markt voor passagiersvervoer over de weg te waarborgen. Die instantie mag ook verantwoordelijk zijn voor andere gereguleerde sectoren, zoals het spoor, energie of telecommunicatie.

Amendement    4

Voorstel voor een verordening

Overweging 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(4)  Commercieel geregeld vervoer mag het economisch evenwicht van bestaande openbaredienstcontracten niet in het gedrang brengen. Daarom moet de toezichthoudende instantie een objectieve economische analyse kunnen uitvoeren om zich ervan te vergewissen dat dit niet het geval is.

(4)  Commercieel geregeld vervoer mag het economisch evenwicht van bestaande of gegunde openbaredienstcontracten overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1370/2007 niet in het gedrang brengen. Daarom moet de toezichthoudende instantie een objectieve economische analyse kunnen uitvoeren en de bevoegdheid hebben om eventueel de nodige maatregelen voor te stellen om te waarborgen dat dit niet het geval is. Commercieel geregeld vervoer mag niet wedijveren met vervoersondernemingen waaraan exclusieve rechten zijn toegekend voor het verrichten van bepaalde openbare personenvervoersdiensten in ruil voor de naleving van openbaredienstverplichtingen in het kader van een openbaredienstcontract.

Amendement    5

Voorstel voor een verordening

Overweging 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(5)  Geregeld vervoer in de vorm van cabotage moet worden gekoppeld aan de voorwaarde dat de vervoerder een communautaire vergunning bezit. Om de effectieve controle op dergelijk vervoer door de handhavingsinstanties te faciliteren, moeten de regels inzake de afgifte van communautaire vergunningen worden verduidelijkt.

(5)  Geregeld vervoer in de vorm van cabotage moet worden gekoppeld aan de voorwaarde dat de vervoerder een communautaire vergunning bezit en dat er een slimme tachograaf overeenkomstig hoofdstuk II van Verordening (EU) nr. 165/2014 van het Europees Parlement en de Raad wordt ingezet. Om de effectieve controle op dergelijk vervoer door de handhavingsinstanties te faciliteren, moeten de regels inzake de afgifte van communautaire vergunningen worden verduidelijkt en moet de IMI-module voor de toezending van verklaringen van terbeschikkingstelling en elektronische aanvragen worden ontwikkeld, met behulp waarvan inspecteurs die wegcontroles uitvoeren, rechtstreeks en onmiddellijk toegang hebben tot de gegevens en informatie in het European Register of Road Transport Undertakings (ERRU) en het Informatiesysteem interne markt (IMI), en ervoor kan worden gezorgd dat de sociale premies voor de gedetacheerde buschauffeurs ook daadwerkelijk worden betaald.

Amendement    6

Voorstel voor een verordening

Overweging 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(6)  Om te zorgen voor eerlijke concurrentie op de markt, moeten exploitanten van geregeld vervoer onder eerlijke, billijke, niet-discriminerende en transparante voorwaarden toegang krijgen tot terminals in de Unie. Bij de toezichthoudende instantie moet beroep kunnen worden aangetekend tegen beslissingen om de toegang te beperken of te weigeren.

(6)  Om te zorgen voor eerlijke concurrentie op de markt, moeten exploitanten van geregeld vervoer onder eerlijke, billijke, niet-discriminerende en transparante voorwaarden toegang krijgen tot terminals in de Unie. De exploitatie van een terminal moet worden goedgekeurd door een nationale instantie, die moet bepalen welke eisen noodzakelijk zijn en aan welke eisen voldaan moet worden. Bij de toezichthoudende instantie moet beroep kunnen worden aangetekend tegen beslissingen om de toegang te beperken of te weigeren. De lidstaten kunnen terminals die eigendom zijn van de terminalexploitant en door hem uitsluitend gebruikt worden voor zijn eigen personenvervoer over de weg, uitsluiten.

Amendement    7

Voorstel voor een verordening

Overweging 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(8)  Zowel binnenlands als internationaal geregeld vervoer moet aan een vergunningsplicht worden onderworpen. Een vergunning moet worden verleend behalve wanneer er specifieke gronden zijn om de afgifte van een vergunning aan een bepaalde aanvrager te weigeren of de busdienst het economisch evenwicht van een openbaredienstcontract in het gedrang zou brengen. Er moet een minimumafstand worden ingevoerd om ervoor te zorgen dat commercieel geregeld vervoer het economisch evenwicht van bestaande openbaredienstcontracten niet in het gedrang brengt. Voor busroutes waarvoor reeds meer dan één openbaredienstcontract is gesloten, moet de mogelijkheid worden geboden een grotere minimumafstand te hanteren.

(8)  Zowel binnenlands als internationaal geregeld vervoer moet aan een vergunningsplicht worden onderworpen. Een vergunning moet worden verleend behalve wanneer er specifieke gronden zijn om de afgifte van een vergunning aan een bepaalde aanvrager te weigeren of de busdienst het economisch evenwicht van een openbaredienstcontract in het gedrang zou brengen. Er moet een door de lidstaten bepaalde minimumafstand van in geen geval meer dan 100 km over de weg worden ingevoerd om ervoor te zorgen dat commercieel geregeld vervoer het economisch evenwicht van bestaande openbaredienstcontracten niet in het gedrang brengt.

Amendement    8

Voorstel voor een verordening

Overweging 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(9)  Niet-ingezeten vervoerders moeten onder dezelfde voorwaarden als ingezeten vervoerders binnenlands geregeld vervoer kunnen exploiteren.

(9)  Niet-ingezeten vervoerders moeten onder dezelfde voorwaarden als ingezeten vervoerders binnenlands geregeld vervoer kunnen exploiteren, mits zij voldoen aan de bepalingen inzake het wegvervoer of andere relevante bepalingen van nationaal, internationaal en Unierecht.

Amendement    9

Voorstel voor een verordening

Overweging 10

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(10)  De administratieve formaliteiten moeten zoveel mogelijk worden beperkt, zonder evenwel af te zien van de controles en sancties die een correcte toepassing en doeltreffende handhaving van Verordening (EG) nr. 1073/2009 waarborgen. Het reisblad vormt een overbodige administratieve last en moet daarom worden afgeschaft.

(10)  De administratieve formaliteiten moeten waar mogelijk worden beperkt, zonder evenwel af te zien van de controles en sancties die een correcte toepassing en doeltreffende handhaving van Verordening (EG) nr. 1073/2009 waarborgen.

Amendement    10

Voorstel voor een verordening

Overweging 11

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(11)  Plaatselijke excursies zijn een toegestane vorm van cabotage en vallen onder de algemene regels voor cabotage. Het artikel over plaatselijke excursies moet derhalve worden geschrapt.

Schrappen

Amendement    11

Voorstel voor een verordening

Overweging 14

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(14)  Om rekening te houden met de marktontwikkelingen en de technische vooruitgang, moet de bevoegdheid om handelingen vast te stellen overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie aan de Commissie worden gedelegeerd om de bijlagen I en II bij Verordening (EG) nr. 1073/2009 te wijzigen en die verordening aan te vullen met regels inzake het formaat van certificaten voor vervoer voor eigen rekening, het formaat van vergunningsaanvragen en vergunningen, de procedure en criteria die moeten worden toegepast om te bepalen of een voorgestelde busdienst het economisch evenwicht van een openbaredienstcontract in het gedrang brengt en de rapportageverplichtingen van de lidstaten. Het is van bijzonder belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden tot passende raadplegingen overgaat, onder meer op deskundigenniveau, en dat die raadplegingen gebeuren in overeenstemming met de beginselen die zijn vastgelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven18. Met name om te zorgen voor gelijke deelname aan de voorbereiding van gedelegeerde handelingen moeten het Europees Parlement en de Raad alle documenten op hetzelfde tijdstip ontvangen als de deskundigen van de lidstaten, en moeten de deskundigen van het Europees Parlement en de Raad systematisch toegang hebben tot de vergaderingen van de deskundigengroepen van de Commissie die zich bezighouden met de voorbereiding van de gedelegeerde handelingen.

(14)  Om rekening te houden met de marktontwikkelingen en de technische vooruitgang, moet de bevoegdheid om handelingen vast te stellen overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie aan de Commissie worden gedelegeerd om de bijlagen I en II bij Verordening (EG) nr. 1073/2009 te wijzigen en die verordening aan te vullen met regels inzake het formaat van certificaten voor vervoer voor eigen rekening, het formaat van vergunningsaanvragen en vergunningen, de procedure en criteria die moeten worden toegepast om te bepalen of een voorgestelde busdienst het evenwicht van een openbaredienstcontract in het gedrang brengt en de rapportageverplichtingen van de lidstaten. Het is van bijzonder belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden tot passende raadplegingen overgaat, onder meer op deskundigenniveau, en dat die raadplegingen gebeuren in overeenstemming met de beginselen die zijn vastgelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven18. Met name om te zorgen voor gelijke deelname aan de voorbereiding van gedelegeerde handelingen moeten het Europees Parlement en de Raad alle documenten op hetzelfde tijdstip ontvangen als de deskundigen van de lidstaten, en moeten de deskundigen van het Europees Parlement en de Raad systematisch toegang hebben tot de vergaderingen van de deskundigengroepen van de Commissie die zich bezighouden met de voorbereiding van de gedelegeerde handelingen.

_________________

_________________

18 PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1.

18 PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1.

Amendement    12

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 1 – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  Deze verordening is van toepassing op binnenlands personenvervoer over de weg voor rekening van derden dat door een niet-ingezeten vervoerder wordt verricht, zoals bepaald in hoofdstuk V.

4.  Deze verordening is van toepassing op binnenlands interstedelijk personenvervoer over de weg voor rekening van derden dat door een niet-ingezeten vervoerder wordt verricht, zoals bepaald in hoofdstuk V, en doet geen afbreuk aan de bepalingen van Verordening (EG) nr. 1370/2007.

Amendement    13

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 2 – letter c

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 2 – alinea 1 – punt 9

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

9.  "terminal": een faciliteit met een oppervlakte van minstens 600 m² met een parkeerplaats waar bussen en touringcars passagiers opnemen of afzetten;

9.  "terminal": een faciliteit waarvoor vergunning is verleend, met een parkeerplaats waar bussen en touringcars passagiers opnemen of afzetten;

Amendement    14

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 2 – letter c

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 2 – alinea 1 – punt 10

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

10.  "terminalexploitant": een entiteit die verantwoordelijk is voor het verlenen van toegang tot een terminal;

10.  "terminalexploitant": een entiteit in een lidstaat die verantwoordelijk is voor het beheer van een terminal en voldoet aan de eisen inzake vakbekwaamheid en financiële draagkracht;

Amendement    15

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 2 – letter c

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 2 – alinea 1 – punt 11

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

11.  "haalbaar alternatief": een andere terminal die vanuit economisch oogpunt aanvaardbaar is voor de vervoerder en die hem in staat stelt de betrokken vervoersdienst te exploiteren.

11.  "haalbaar alternatief": een andere terminal die vanuit economisch oogpunt aanvaardbaar is voor de vervoerder en vergelijkbare infrastructuur en vervoersverbindingen biedt als de oorspronkelijk aangevraagde terminal, die reizigers toegang biedt tot andere vormen van openbaar vervoer en die de vervoerder in staat stelt de betrokken vervoersdienst op vergelijkbare wijze te exploiteren als bij de oorspronkelijk aangevraagde terminal.

Amendement    16

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 2 – letter c

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 2 – alinea 1 – punt 11 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

11 bis.  "openbaredienstcontract": een of meer juridisch bindende overeenkomsten tussen een bevoegde instantie en een exploitant van openbare diensten waarbij de exploitant van openbare diensten in het kader van de openbaredienstverplichtingen wordt belast met het beheer en de exploitatie van openbare personenvervoersdiensten; naargelang de wetgeving van de lidstaten kan het contract ook bestaan in een door een bevoegde instantie genomen besluit in de vorm van een specifiek wettelijk of bestuursrechtelijk besluit, of waarin de voorwaarden worden vastgesteld waaronder de bevoegde instantie de diensten zelf mag verzekeren of toevertrouwen aan een interne exploitant;

Motivering

De definitie van "openbaredienstcontract" moet dezelfde zijn als die van Verordening (EG) nr. 1370/2007.

Amendement    17

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 2 – letter c

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 2 – alinea 1 – punt 11 ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

11 ter. "alternatieve route": een route met dezelfde plaats van vertrek en bestemming als de reisweg van een bestaande geregelde dienst, die in de plaats daarvan kan worden gebruikt.

Amendement    18

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 3

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 3 bis – lid 1 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Elke lidstaat wijst voor het personenvervoer over de weg een nationale toezichthoudende instantie aan. Die instantie moet een onpartijdige instantie zijn die organisatorisch, functioneel, hiërarchisch en wat de besluitvorming betreft, juridisch gescheiden en onafhankelijk is van elke andere publieke of privaatrechtelijke entiteit. Zij moet onafhankelijk zijn van alle bevoegde autoriteiten die bij de gunning van openbaredienstcontracten zijn betrokken.

De bevoegde instanties van elke lidstaat wijzen voor het personenvervoer over de weg een nationale openbare toezichthoudende instantie aan. Die instantie moet een onpartijdige instantie zijn die organisatorisch, functioneel, hiërarchisch en wat de besluitvorming betreft, juridisch gescheiden, transparant en onafhankelijk is van elke andere publieke of privaatrechtelijke entiteit. Zij moet onafhankelijk zijn van alle bevoegde autoriteiten die bij de gunning van openbaredienstcontracten zijn betrokken.

Amendement    19

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 3

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 3 bis – lid 1 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De toezichthoudende instantie kan ook verantwoordelijk zijn voor andere gereguleerde sectoren.

De toezichthoudende instantie kan een reeds bestaande instantie zijn, die verantwoordelijk is voor andere gereguleerde diensten.

Amendement    20

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 3

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 3 bis – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  De toezichthoudende instantie voor het personenvervoer over de weg dient te beschikken over de noodzakelijke organisatorische capaciteit in termen van personele en andere middelen; die middelen moeten in verhouding staan tot het belang van die sector in de betrokken lidstaat.

2.  De toezichthoudende instantie voor het personenvervoer over de weg dient te beschikken over de noodzakelijke organisatorische capaciteit in termen van personele, financiële en andere middelen om haar taken te vervullen; die middelen moeten in verhouding staan tot het belang van die sector in de betrokken lidstaat.

Amendement    21

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 3

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 3 bis – lid 2 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  Onverminderd de bevoegdheden van de nationale mededingingsautoriteiten heeft de toezichthoudende instantie de bevoegdheid toezicht te houden op de concurrentiesituatie op de binnenlandse markt voor geregeld personenvervoer over de weg, met het oog op het voorkomen van discriminatie of misbruik van een machtspositie op de markt, ook door middel van onderaanneming. Haar adviezen zijn bindend.

Amendement    22

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 3

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 3 bis – lid 3 – letter b

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  verzamelen en verstrekken van informatie over de toegang tot terminals; en

b)  verzamelen en verstrekken van informatie over de toegang tot terminals teneinde ervoor te zorgen dat exploitanten van diensten onder eerlijke, billijke, niet-discriminerende en transparante voorwaarden toegang krijgen tot de terminals;

Amendement    23

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 3

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 3 bis – lid 3 – letter c

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  beslissingen nemen over beroepen tegen besluiten van terminalexploitanten.

c)  beslissingen nemen over beroepen tegen besluiten van terminalexploitanten; en

Amendement    24

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 3

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 3 bis – lid 3 – letter c bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis)  een openbaar toegankelijk elektronisch register opzetten met alle binnenlandse en internationale geregelde vervoersdiensten waarvoor een vergunning is verleend.

Amendement    25

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 3

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 3 bis – lid 4 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De toezichthoudende instantie mag voor de uitoefening van haar taken om relevante informatie vragen aan de bevoegde instanties, terminalexploitanten, aanvragers van een vergunning en alle andere betrokken partijen op het grondgebied van de betrokken lidstaat.

De toezichthoudende instantie mag voor de uitoefening van haar taken om relevante informatie vragen aan andere bevoegde instanties, terminalexploitanten, aanvragers van een vergunning en alle andere betrokken partijen op het grondgebied van de betrokken lidstaat.

Amendement    26

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 3

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 3 bis – lid 4 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De gevraagde informatie wordt verstrekt binnen een redelijke, door de toezichthoudende instantie vastgestelde termijn van ten hoogste een maand. In gerechtvaardigde gevallen kan de toezichthoudende instantie de termijn waarbinnen de informatie moet worden verstrekt met maximaal twee weken verlengen. De toezichthoudende instantie kan verzoeken om informatie handhaven middels doeltreffende, evenredige en afschrikkende sancties.

De gevraagde informatie wordt verstrekt binnen een redelijke, door de toezichthoudende instantie vastgestelde termijn van ten hoogste een maand. In naar behoren gerechtvaardigde gevallen kan de toezichthoudende instantie de termijn waarbinnen de informatie moet worden verstrekt met maximaal twee weken verlengen. De toezichthoudende instantie kan verzoeken om informatie handhaven middels doeltreffende, evenredige en afschrikkende sancties.

Amendement    27

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 3

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 3 bis – lid 5

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  De lidstaten waarborgen dat de besluiten van de toezichthoudende instantie openstaan voor rechterlijke toetsing. Die toetsing mag slechts een schorsende werking hebben indien het besluit van de toezichthoudende instantie onmiddellijk tot gevolg heeft dat de insteller van het beroep onherstelbare of duidelijk buitensporige schade wordt toegebracht. Deze bepaling doet geen afbreuk aan de constitutionele bevoegdheden van de rechterlijke instantie van de betrokken lidstaat waarbij het beroep aanhangig is.

5.  De lidstaten waarborgen dat de besluiten van de toezichthoudende instantie openstaan voor onverwijlde rechterlijke toetsing. Die toetsing mag slechts een schorsende werking hebben indien het besluit van de toezichthoudende instantie onmiddellijk tot gevolg heeft dat de insteller van het beroep onherstelbare of duidelijk buitensporige schade wordt toegebracht. Deze bepaling doet geen afbreuk aan de constitutionele bevoegdheden van de rechterlijke instantie van de betrokken lidstaat waarbij het beroep aanhangig is.

Amendement    28

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 3

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 3 bis – lid 6

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6.  De door de toezichthoudende instantie genomen besluiten worden openbaar gemaakt.

6.  De door de toezichthoudende instantie genomen besluiten worden openbaar gemaakt binnen twee weken nadat zij zijn vastgesteld.

Amendement    29

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 6

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 5 bis – lid 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Indien terminalexploitanten toegang verlenen, voldoen touringcar- en autobusexploitanten aan de bestaande voorwaarden met betrekking tot de terminal.

Amendement    30

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 6

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 5 bis – lid 2 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Verzoeken om toegang mogen alleen worden geweigerd als een terminal met een capaciteitsgebrek kampt.

Verzoeken om toegang tot terminals mogen alleen naar behoren gemotiveerd worden geweigerd als een terminal met een capaciteitsgebrek kampt, als er sprake is van herhaaldelijke achterstallige betaling of in geval van naar behoren gedocumenteerde ernstige en herhaalde inbreuken door de wegvervoeronderneming, dan wel op grond van andere nationale bepalingen, op voorwaarde dat zij consistent worden toegepast en niet discriminerend zijn voor bepaalde vervoerders die toegang tot een terminal wensen, of hun bedrijfsmodellen. Indien een verzoek wordt geweigerd, stelt de terminalexploitant ook de toezichthoudende instantie in kennis van zijn besluit.

Amendement    31

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 6

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 5 bis – lid 2 – alinea 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Wanneer een terminalexploitant een verzoek om toegang weigert, stelt hij haalbare alternatieven voor.

Wanneer een terminalexploitant een verzoek om toegang weigert, wordt hij ertoe aangespoord de best haalbare alternatieven voor te stellen waarvan hij weet heeft.

Amendement    32

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 6

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 5 bis – lid 3 – alinea 1 – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Terminalexploitanten maken minstens de volgende informatie bekend in twee of meer officiële talen van de Unie:

Terminalexploitanten maken minstens de volgende informatie bekend in de respectieve nationale talen en in een andere officiële taal van de Unie:

Amendement    33

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 6

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 5 bis – lid 3 – alinea 1 – letter a bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

a bis)  een lijst van alle aanwezige infrastructuur en technische voorzieningen van de terminal;

Amendement    34

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 6

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 5 bis – lid 3 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis.  De lidstaten kunnen terminals die eigendom zijn van de terminalexploitant en door hem uitsluitend gebruikt worden voor zijn eigen personenvervoer over de weg, van de toepassing van dit artikel uitsluiten. Wanneer de toezichthoudende instanties verzoeken om uitsluiting in aanmerking nemen, houden zij rekening met de beschikbaarheid van haalbare alternatieven.

Amendement    35

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 7

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 5 ter – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Indien de toegang niet overeenkomstig het verzoek kan worden toegestaan, pleegt de terminalexploitant overleg met alle betrokken vervoerders teneinde het verzoek te kunnen inwilligen.

Schrappen

Amendement    36

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 7

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 5 ter – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De terminalexploitant neemt een besluit binnen twee maanden na de datum van indiening van het verzoek om toegang tot de terminal door de vervoerder. Beslissingen over toegang worden gemotiveerd.

3.  De terminalexploitant neemt onverwijld en uiterlijk een maand na de datum van indiening van het verzoek om toegang tot de terminal door de vervoerder een besluit. Indien de toegang wordt geweigerd, motiveert de terminalexploitant zijn besluit.

Amendement    37

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 7

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 5 ter – lid 5 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Besluiten van de toezichthoudende instantie in het kader van een beroepsprocedure zijn bindend. De toezichthoudende instantie kan haar besluiten handhaven middels doeltreffende, evenredige en afschrikkende sancties.

Besluiten van de toezichthoudende instantie in het kader van een beroepsprocedure zijn bindend, onverminderd het nationale recht met betrekking tot rechterlijke toetsing. De toezichthoudende instantie kan haar besluiten handhaven middels doeltreffende, evenredige en afschrikkende sancties.

Amendement    38

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 10

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 – titel

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Vergunningsprocedure voor internationaal personenvervoer over afstanden van minder dan 100 km in vogelvlucht

Vergunningsprocedure en procedure voor de schorsing en intrekking van vergunningen voor internationaal personenvervoer over afstanden van maximaal 100 km over de weg

Amendement    39

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 10

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Vergunningen worden afgegeven in overleg met de bevoegde instanties van alle lidstaten waar passagiers worden opgenomen of afgezet en worden vervoerd over afstanden van minder dan 100 km in vogelvlucht. De vergunningverlenende instantie stuurt binnen twee weken na ontvangst van het verzoek een kopie van de aanvraag, vergezeld van de kopieën van alle relevante documenten, naar de betrokken bevoegde instanties met een verzoek om hun toestemming. Tegelijk stuurt de vergunningverlenende instantie die documenten ter kennisgeving naar alle bevoegde instanties van de lidstaten waarvan het grondgebied zal worden doorkruist.

1.  Vergunningen worden afgegeven in overleg met de bevoegde instanties van alle lidstaten waar passagiers worden opgenomen of afgezet en worden vervoerd over door elke lidstaat bepaalde afstanden van maximaal 100 km over de weg. De vergunningverlenende instantie stuurt binnen twee weken na ontvangst van het verzoek een kopie van de aanvraag, vergezeld van de kopieën van alle relevante documenten, naar de betrokken bevoegde instanties met een verzoek om hun toestemming. Tegelijk stuurt de vergunningverlenende instantie die documenten ter kennisgeving naar alle bevoegde instanties van de lidstaten waarvan het grondgebied zal worden doorkruist.

Amendement    40

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 10

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 – lid 2 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De bevoegde instanties van de lidstaten waaraan instemming is gevraagd, stellen de vergunningverlenende instantie binnen drie maanden in kennis van hun besluit. Deze termijn gaat in op de datum waarop het verzoek om instemming is ontvangen; die datum wordt vermeld in de ontvangstbevestiging. Indien de bevoegde instanties van de lidstaten waaraan instemming is gevraagd het verzoek afwijzen, vermelden zij de redenen daarvoor.

De bevoegde instanties van de lidstaten waaraan instemming is gevraagd, stellen de vergunningverlenende instantie binnen twee maanden in kennis van hun besluit. Deze termijn gaat in op de datum waarop het verzoek om instemming is ontvangen; die datum wordt vermeld in de ontvangstbevestiging. Indien de bevoegde instanties van de lidstaten waaraan instemming is gevraagd het verzoek afwijzen, vermelden zij de redenen daarvoor.

Amendement    41

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 10

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De vergunningverlenende instantie neemt een beslissing over het verzoek vier maanden na de datum waarop de vervoerder het verzoek heeft ingediend.

3.  De vergunningverlenende instantie neemt een beslissing over het verzoek drie maanden na de datum waarop de vervoerder het verzoek heeft ingediend.

Amendement    42

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 10

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  De vergunning wordt verleend tenzij een weigering gerechtvaardigd is op basis van één of meer van de in artikel 8 quater, lid 2, onder a) tot en met d), genoemde gronden.

4.  De vergunning wordt verleend tenzij een weigering gerechtvaardigd is op basis van één of meer van de in artikel 8 quater, lid 2, onder a) tot en met d), genoemde objectieve gronden in verband met het algemeen belang.

Amendement    43

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 10

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 – lid 4 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 bis.  Indien een internationale geregelde vervoersdienst met autobussen en touringcars het economische evenwicht van een openbaredienstcontract in het gedrang heeft gebracht om uitzonderlijke redenen die op het moment van de verlening van de vergunning niet konden worden voorzien en die niet onder de verantwoordelijkheid van de eigenaar van het openbaredienstcontract vallen, kan de betrokken lidstaat, met instemming van de Commissie, zes maanden na kennisgeving daarvan aan de vervoerder, de vergunning voor de dienstverlening schorsen of intrekken. De vervoerder heeft de mogelijkheid om tegen dat besluit beroep aan te tekenen.

Amendement    44

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 10

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 – lid 6

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6.  Na raadpleging van de lidstaten waarvan de bevoegde autoriteiten bezwaar hebben gemaakt, neemt de Commissie binnen vier maanden na ontvangst van de kennisgeving van de vergunningverlenende instantie een besluit. Dat besluit wordt van kracht 30 dagen na de kennisgeving ervan aan de betrokken lidstaten.

6.  Na raadpleging van de lidstaten waarvan de bevoegde autoriteiten bezwaar hebben gemaakt, neemt de Commissie uiterlijk twee maanden na ontvangst van de kennisgeving van de vergunningverlenende instantie een besluit. Dat besluit wordt van kracht 30 dagen na de kennisgeving ervan aan de bevoegde instanties in de betrokken lidstaten.

Amendement    45

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 bis – titel

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Vergunningsprocedure voor internationaal personenvervoer over afstanden van 100 km of meer in vogelvlucht

Vergunningsprocedure en procedure voor de schorsing en intrekking van vergunningen voor internationaal personenvervoer over afstanden van meer dan 100 km over de weg

Amendement    46

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 bis – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De vergunningverlenende instantie neemt een beslissing over het verzoek twee maanden na de datum waarop de vervoerder het verzoek heeft ingediend.

1.  De vergunningverlenende instantie neemt onverwijld en uiterlijk twee maanden na de datum waarop de vervoerder het verzoek heeft ingediend, een beslissing over het verzoek.

Amendement    47

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 bis – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Een vergunning wordt verleend behalve wanneer een weigering gerechtvaardigd is op basis van één of meer van de in artikel 8 quater, lid 2, onder a) tot en met c), genoemde gronden.

2.  Een vergunning wordt verleend behalve wanneer een weigering gerechtvaardigd is op basis van één of meer van de in artikel 8 quater, lid 2, onder a) tot en met c bis), genoemde gronden.

Amendement    48

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 bis – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De vergunningverlenende instantie stuurt ter kennisgeving een afschrift van de aanvraag naar de bevoegde instanties van alle lidstaten waar passagiers worden opgenomen of afgezet, alsmede de bevoegde instanties van de lidstaten waarvan het grondgebied wordt doorkruist zonder reizigers op te nemen of af te zetten, samen met een afschrift van alle andere dienstige documenten en haar beoordeling.

3.  De vergunningverlenende instantie stuurt binnen twee weken na ontvangst van de aanvraag een afschrift van de aanvraag naar de bevoegde instanties van alle lidstaten waar passagiers worden opgenomen of afgezet, samen met een afschrift van alle andere dienstige documenten en haar beoordeling, alsmede een verzoek om hun toestemming. De vergunningverlenende instantie stuurt de desbetreffende documenten ter kennisgeving ook naar de bevoegde instanties van de lidstaten waarvan het grondgebied wordt doorkruist zonder reizigers op te nemen of af te zetten.

Amendement    49

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 bis – lid 3 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis.  Indien één van de bevoegde instanties van de lidstaten waar passagiers worden opgenomen of afgezet, op een van de in lid 2 genoemde gronden bezwaar maakt tegen de vergunning, kan de vergunning niet worden afgegeven, maar kan de zaak binnen een maand na ontvangst van haar antwoord worden doorverwezen naar de Commissie.

Amendement    50

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 bis – lid 3 ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 ter.  Na raadpleging van de lidstaten waarvan de bevoegde instanties bezwaar hebben gemaakt, neemt de Commissie binnen vier maanden na ontvangst van de kennisgeving van de vergunningverlenende instantie een besluit. Dat besluit wordt van kracht 30 dagen na de kennisgeving ervan aan de betrokken lidstaten.

Amendement    51

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 bis – lid 3 quater (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 quater.  Het besluit van de Commissie blijft van toepassing tot de lidstaten overeenstemming bereiken en de vergunningverlenende instantie een besluit neemt over de aanvraag.

Amendement    52

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 ter – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De vergunningverlenende instantie neemt een beslissing over het verzoek twee maanden na de datum waarop de vervoerder het verzoek heeft ingediend. Die termijn kan worden verlegd tot vier maanden indien een analyse is vereist overeenkomstig artikel 8 quater, lid 2, onder d).

1.  De vergunningverlenende instantie neemt een beslissing over het verzoek uiterlijk twee maanden na de datum waarop de vervoerder het verzoek heeft ingediend. Die termijn kan worden verlegd tot drie maanden indien een analyse is vereist overeenkomstig artikel 8 quater, lid 2, onder d).

Amendement    53

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 ter – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Vergunningen voor binnenlands geregeld vervoer worden verleend behalve wanneer een weigering gerechtvaardigd kan worden op basis van één of meer van de in artikel 8 quater, lid 2, onder a) tot en met c), genoemde gronden en, indien er passagiers worden vervoer over afstanden van minder dan 100 km in vogelvlucht, artikel 8 quater, lid 2, onder d).

2.  Vergunningen voor binnenlands geregeld vervoer worden verleend behalve wanneer een weigering gerechtvaardigd kan worden op basis van één of meer van de in artikel 8 quater, lid 2, onder a) tot en met c bis), genoemde gronden en, indien er passagiers worden vervoerd over afstanden van maximaal 100 km over de weg, artikel 8 quater, lid 2, onder d).

Amendement    54

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 ter – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De in lid 2 bedoelde afstand mag worden verhoogd tot 120 kilometer wanneer de nieuwe geregelde vervoersdienst een plaats van vertrek en een bestemming zal bedienen die reeds het voorwerp uitmaken van meer dan één openbaredienstcontract.

Schrappen

Amendement    55

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 quater – lid 2 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Besluiten waarbij een vergunning wordt geweigerd of een vergunning met beperkingen wordt verleend, worden met redenen omkleed.

Besluiten waarbij een vergunning wordt geweigerd, een vergunning met beperkingen wordt verleend of een vergunning wordt geschorst of ingetrokken, worden met redenen omkleed en berusten in voorkomend geval op de analyses van de toezichthoudende instantie. De aanvrager of de vervoerder die de betrokken dienst verricht, heeft de mogelijkheid om beroep aan te tekenen tegen de besluiten van de vergunningverlenende instantie.

Amendement    56

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 quater – lid 2 – alinea 2 – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Er wordt een vergunning verleend tenzij een weigering gerechtvaardigd is op basis van één of meer van de volgende gronden:

De vergunningsaanvraag kan slechts worden geweigerd op basis van één of meer van de volgende gronden:

Amendement    57

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 quater – lid 2 – alinea 2 – letter b

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  de aanvrager heeft niet voldaan aan de nationale of internationale wetgeving inzake het wegvervoer, en met name niet aan de voorwaarden en vereisten betreffende de vergunningen voor internationaal personenvervoer over de weg, of heeft ernstige inbreuken gepleegd op de EU-wetgeving inzake het wegvervoer, in het bijzonder de normen voor voertuigen en de rij- en rusttijden van de bestuurders;

b)  de aanvrager heeft niet voldaan aan de nationale of internationale wetgeving inzake het wegvervoer, en met name niet aan de voorwaarden en vereisten betreffende de vergunningen voor internationaal personenvervoer over de weg, of heeft ernstige inbreuken gepleegd op de EU-wetgeving, nationale wetgeving of, in voorkomend geval, regionale wetgeving, inzake het wegvervoer, in het bijzonder de technische voorschriften voor voertuigen en de emissienormen alsook de normen voor de rij- en rusttijden van de bestuurders;

Amendement    58

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 quater – lid 2 – alinea 2 – letter c bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis)  de aanvrager heeft om een vergunning verzocht voor een geregelde dienst op dezelfde route of een alternatieve route waarvoor een bevoegde instantie aan een exploitant van openbare diensten een exclusief recht heeft toegekend voor het verrichten van bepaalde openbare personenvervoersdiensten in ruil voor de naleving van openbaredienstverplichtingen in het kader van een openbaredienstcontract overeenkomstig artikel 3 van Verordening (EG) nr. 1370/2007 van het Europees Parlement en de Raad. Deze grond voor weigering doet geen afbreuk aan artikel 8 quinquies, lid 1 bis, van deze verordening;

Amendement    59

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 quater – lid 2 – alinea 2 – letter d

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d)  een toezichthoudende instantie stelt op basis van een objectieve economische analyse vast dat de geplande busdienst het economisch evenwicht van een openbaredienstcontract in het gedrang zou brengen.

d)  een toezichthoudende instantie stelt op basis van een objectieve economische analyse vast dat de geplande busdienst het economisch evenwicht van een openbaredienstcontract in het gedrang zou brengen. In die analyse worden de relevante structurele en geografische kenmerken van de markt en van het net in kwestie beoordeeld (omvang, kenmerken van de vraag, complexiteit van het net, technisch en geografisch isolement, diensten die onder het contract vallen), en wordt nagegaan of de nieuwe dienst tot verbetering van de kwaliteit dan wel kosteneffectiviteit van de dienst leidt.

Amendement    60

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 quater – lid 2 – alinea 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Alleen het feit dat een vervoerder lagere prijzen aanbiedt dan andere wegvervoerders of het feit dat de betrokken verbinding reeds door andere vervoerders wordt geëxploiteerd, is voor vergunningverlenende instanties geen voldoende reden om een aanvraag af te wijzen.

Alleen het feit dat een vervoerder die een vergunning aanvraagt lagere prijzen aanbiedt dan andere wegvervoerders, is voor vergunningverlenende instanties geen voldoende reden om een aanvraag af te wijzen, tenzij de toezichthoudende instantie of andere relevante nationale instanties vaststellen dat de aanvrager die de markt wil betreden, van plan is gedurende langere tijd diensten onder hun normale waarde aan te bieden, en dat hij daarmee waarschijnlijk de eerlijke concurrentie zal ondermijnen. Alleen het feit dat de betrokken verbinding reeds door andere vervoerders wordt geëxploiteerd, is voor vergunningverlenende instanties geen voldoende reden om een aanvraag af te wijzen.

Amendement    61

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 quinquies – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De lidstaten kunnen het recht op toegang tot de markt voor internationaal en binnenlands geregeld vervoer beperken indien de voorgestelde geregelde vervoersdienst passagiers zal vervoeren over afstanden van minder dan 100 km in vogelvlucht en als die dienst het economisch evenwicht van een openbaredienstcontract in het gedrang zou brengen.

1.  De lidstaten kunnen het recht op toegang tot de markt voor internationaal en binnenlands geregeld vervoer per autobus en touringcar beperken indien de voorgestelde geregelde vervoersdienst passagiers zal vervoeren over afstanden van maximaal 100 km over de weg en als die dienst het economisch evenwicht van een openbaredienstcontract in het gedrang zou brengen, of over onverschillig welke afstand als de vervoersdienst in een (voor)stedelijk centrum of een agglomeratie wordt uitgevoerd of voorziet in de behoeften aan vervoer tussen dat centrum of die agglomeratie en de omliggende gebieden, of indien de aanvrager niet heeft voldaan aan de bepalingen inzake het wegvervoer of andere relevante bepalingen van nationaal, internationaal of Unierecht.

Amendement    62

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 quinquies – lid 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Wanneer een bevoegde instantie aan een onderneming exclusieve rechten heeft toegekend om een openbaredienstcontract uit te voeren overeenkomstig artikel 3 van Verordening (EG) nr. 1370/2007, geldt de bescherming van de exclusieve rechten uitsluitend voor de verrichting van openbare personenvervoersdiensten op diezelfde routes of op alternatieve routes. Die verlening van exclusieve rechten vormt geen beletsel voor de vergunning van nieuwe geregelde diensten indien die diensten niet wedijveren met de dienst die in het kader van het openbaredienstcontract wordt verleend, of op andere routes wordt verricht.

Amendement    63

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 quinquies – lid 2 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De toezichthoudende instantie onderzoekt het verzoek en beslist de economische analyse al dan niet uit te voeren. Zij stelt de betrokken partijen in kennis van haar besluit.

Indien een dergelijk verzoek is ontvangen, onderzoekt de toezichthoudende instantie het verzoek en kan zij beslissen de economische analyse overeenkomstig artikel 8 quater, lid 2, onder d) al dan niet uit te voeren, tenzij er uitzonderlijke praktische of andere redenen zijn die de beslissing rechtvaardigen om de analyse niet uit te voeren. Zij stelt de betrokken partijen in kennis van haar besluit.

Amendement    64

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 quinquies – lid 3 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Wanneer de toezichthoudende instantie een economische analyse uitvoert, stelt zij alle belanghebbende partijen binnen zes weken na de ontvangst van alle relevante informatie in kennis van de resultaten van die analyse en van haar conclusie. De toezichthoudende instantie kan besluiten dat een vergunning moet worden verleend, moet worden verleend onder voorwaarden of moet worden geweigerd.

Wanneer de toezichthoudende instantie een economische analyse uitvoert, stelt zij alle belanghebbende partijen zo spoedig mogelijk en uiterlijk drie maanden na de ontvangst van alle relevante informatie in kennis van de resultaten van die analyse en van haar conclusie. De toezichthoudende instantie kan besluiten dat een vergunning moet worden verleend, moet worden verleend onder voorwaarden of moet worden geweigerd.

Amendement    65

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 quinquies – lid 5

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 26 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de procedure en criteria die voor de toepassing van dit artikel moeten worden gevolgd.

5.  De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 26 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de procedure en criteria die voor de toepassing van dit artikel moeten worden gevolgd, met name wat betreft de uitvoering van de economische analyse.

Amendement    66

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 11

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 8 quinquies – lid 5 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

5 bis.  De lidstaten kunnen het vergunningssysteem voor binnenlands geregeld vervoer verder liberaliseren wat betreft de vergunningsprocedures en de afstanden in kilometers.

Amendement    67

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 13 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 11 – lid 3 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

13 bis)  Aan artikel 11 wordt het volgende lid 3 bis toegevoegd:

 

"3 bis.  Een lidstaat kan besluiten te verlangen dat een niet-ingezeten vervoerder in de lidstaat van ontvangst aan de voorwaarden inzake de vestigingseis van Verordening (EG) nr. 1071/2009 van het Europees Parlement en de Raad* voldoet nadat aan deze vervoerder een vergunning voor binnenlands geregeld vervoer is verleend en voordat de vervoerder de betrokken dienst begint te verrichten. Deze besluiten worden met redenen omkleed. In het besluit wordt rekening gehouden met de omvang en de duur van de activiteit van de niet-ingezeten vervoerder in de lidstaat van ontvangst. Indien de lidstaat van ontvangst vaststelt dat de niet-ingezeten vervoerder niet aan de vestigingseis voldoet, kan hij de aan deze vervoerder verleende relevante vergunningen voor binnenlands geregeld vervoer intrekken of ze schorsen totdat aan die eis is voldaan."

 

__________________

 

* Verordening (EG) nr. 1071/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels betreffende de voorwaarden waaraan moet zijn voldaan om het beroep van wegvervoerondernemer uit te oefenen en tot intrekking van Richtlijn 96/26/EG van de Raad (PB L 300 van 14.11.2009, blz. 51).

(https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:32009R1073&qid=1548063430167&from=EN)

Amendement    68

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 15

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 13

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

15)  Artikel 13 wordt geschrapt;

Schrappen

(De referentie naar het wijzigingsbesluit in het kopje ("Artikel 1 – alinea 1 – punt 15") stemt overeen met "Artikel 1 – alinea 1 – punt 14" van het Commissievoorstel. Deze discrepantie is te wijten aan een foute nummering in het Commissievoorstel (Artikel 1 – alinea 1 – punt 7 komt twee keer voor), in alle taalversies behalve de Griekse.)

Motivering

Dit artikel moet opnieuw worden opgenomen: plaatselijke excursies moeten immers worden beschouwd als één enkele internationale vervoersdienst, en niet als cabotage.

Amendement    69

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 16

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 15 – alinea 1 – letter b

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  ongeregeld vervoer dat tijdelijk wordt verricht;

b)  ongeregeld vervoer;

(De referentie naar het wijzigingsbesluit in het kopje ("Artikel 1 – alinea 1 – punt 16") stemt overeen met "Artikel 1 – alinea 1 – punt 15" van het Commissievoorstel. Deze discrepantie is te wijten aan een foute nummering in het Commissievoorstel (Artikel 1 – alinea 1 – punt 7 komt twee keer voor), in alle taalversies behalve de Griekse.)

Amendement    70

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 16

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 15 – alinea 1 – letter c

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  geregeld vervoer dat overeenkomstig deze verordening wordt verricht.

c)  geregeld vervoer dat overeenkomstig deze verordening wordt verricht door een niet in de lidstaat van ontvangst gevestigde vervoerder, in het kader van een internationale geregelde dienst overeenkomstig deze verordening, met uitzondering van vervoerdiensten die voorzien in de behoeften van een stedelijk centrum of een agglomeratie, of in de behoeften aan vervoer tussen dat centrum of die agglomeratie en de omliggende gebieden. Cabotagevervoer wordt niet onafhankelijk van die internationale dienst uitgevoerd.

Amendement    71

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 16

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 15 – alinea 1 – letter c bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis)  geregeld vervoer dat door een niet in de lidstaat van ontvangst gevestigde vervoerder in de loop van een binnenlandse geregelde dienst overeenkomstig deze verordening wordt verricht.

Amendement    72

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 16 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 16 – lid 1 – inleidende formule

 

Bestaande tekst

Amendement

 

16 bis)  In artikel 16, lid 1, wordt de inleiding vervangen door:

1.  Onder voorbehoud van de toepassing van de communautaire voorschriften is het verrichten van het cabotagevervoer onderworpen aan de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen die in de lidstaat van ontvangst van kracht zijn op de volgende gebieden:

"1.  Tenzij in de communautaire wetgeving anders is bepaald, gelden voor het verrichten van cabotagevervoer Richtlijn 96/71/EG van het Europees Parlement en de Raad* alsmede de wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften van de lidstaat van ontvangst met betrekking tot het volgende:

 

__________________

 

* Richtlijn 96/71/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 1996 betreffende de terbeschikkingstelling van werknemers met het oog op het verrichten van diensten (PB L 18 van 21.1.1997, blz. 1).

(https://eur-lex.europa.eu/LexUriServ/LexUriServ.do?uri=OJ:L:2009:300:0088:0105:NL:PDF)

Amendement    73

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 17

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 17

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

17)  Artikel 17 wordt geschrapt;

Schrappen

Amendement    74

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 17 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 17

 

Bestaande tekst

Amendement

 

17 bis)  Artikel 17 wordt vervangen door:

"Artikel 17

"Artikel 17

Controledocumenten voor cabotagevervoer

 

Controledocumenten voor cabotagevervoer

1.  Bij ongeregeld cabotagevervoer is een in artikel 12 bedoeld reisblad vereist dat zich aan boord van het voertuig moet bevinden en op verzoek van iedere met de controle belaste persoon moet worden getoond.

1.  Bij ongeregeld cabotagevervoer is een reisblad in papieren of digitale vorm vereist dat op verzoek van de bevoegde inspecteur moet worden getoond.

2.  De volgende gegevens moeten op het reisblad worden ingevuld:

2.  De volgende gegevens moeten op het reisblad worden ingevuld:

a)  de punten van vertrek en bestemming van het vervoer;

a)  de punten van vertrek en bestemming van het vervoer;

b)  de datum van aanvang en van beëindiging van het vervoer.

b)  de datum van aanvang en van beëindiging van het vervoer.

3.  De reisbladen worden afgegeven in de vorm van door de bevoegde autoriteit of het bevoegde orgaan van de lidstaat van vestiging gewaarmerkte boekjes, zoals bedoeld in artikel 12.

 

4.  In het geval van bijzondere vormen van geregeld vervoer dient het contract, gesloten tussen de vervoerder en degene die het vervoer organiseert, of een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift daarvan, als controledocument.

4.  In het geval van bijzondere vormen van geregeld vervoer dient het contract, gesloten tussen de vervoerder en degene die het vervoer organiseert, of een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift daarvan, als controledocument. Ook in dat geval moet evenwel een reisblad worden ingevuld in de vorm van een maandoverzicht.

Ook in dat geval moet evenwel een reisblad worden ingevuld in de vorm van een maandoverzicht.

 

5.  De gebruikte reisbladen worden teruggezonden aan de bevoegde autoriteit of het bevoegde orgaan van de lidstaat van vestiging op een door deze autoriteit of dit orgaan vast te stellen wijze.

5. Tijdens de controle mag de bestuurder contact opnemen met het hoofdkantoor, de vervoersmanager of een andere persoon of entiteit die de gevraagde documenten kan bezorgen."

Amendement    75

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 21

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 28 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De lidstaten delen de Commissie elk jaar uiterlijk op 31 januari, en voor het eerst uiterlijk op 31 januari [...de eerste maand januari van het jaar volgende op de inwerkingtreding van deze verordening], mee hoeveel vergunningen voor geregeld vervoer zij het vorige jaar hebben afgegeven en hoeveel vergunningen voor geregeld vervoer er op 31 december van dat jaar in totaal geldig waren. Die informatie wordt afzonderlijk verstrekt voor elk land van bestemming van het geregeld vervoer. Elke lidstaat stelt de Commissie ook in kennis van de gegevens inzake cabotagevervoer, in de vorm van bijzonder geregeld vervoer en ongeregeld vervoer, dat tijdens het vorige jaar door in die lidstaat gevestigde vervoerders is verricht.

1.  De bevoegde instanties van de lidstaten delen de Commissie elk jaar uiterlijk op 31 januari, en voor het eerst uiterlijk op 31 januari [...de eerste maand januari van het jaar volgende op de inwerkingtreding van deze verordening], mee hoeveel vergunningen voor geregeld vervoer zij het vorige jaar hebben afgegeven en hoeveel vergunningen voor geregeld vervoer er op 31 december van dat jaar in totaal geldig waren. Die informatie wordt afzonderlijk verstrekt voor elk land van bestemming van het geregeld vervoer. Elke lidstaat stelt de Commissie ook in kennis van de gegevens inzake cabotagevervoer, in de vorm van bijzonder geregeld vervoer en ongeregeld vervoer, dat tijdens het vorige jaar door in die lidstaat gevestigde vervoerders is verricht.

Amendement    76

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 21

Verordening (EG) nr. 1073/2009

Artikel 28 – lid 5

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  Uiterlijk op [datum 5 jaar na de datum van toepassing van deze verordening] dient de Commissie bij het Europees Parlement en de Raad een verslag in over de toepassing van deze verordening. In dat verslag wordt informatie verstrekt over de mate waarin deze verordening heeft bijgedragen tot een betere werking van de markt voor het personenvervoer over de weg.

5.  Uiterlijk op [5 jaar na de datum van toepassing van deze verordening] dient de Commissie bij het Europees Parlement en de Raad een verslag in over de toepassing van deze verordening. In dat verslag wordt informatie verstrekt over de mate waarin deze verordening heeft bijgedragen tot een betere werking van het stelsel voor het personenvervoer over de weg, in het bijzonder voor passagiers, de werknemers in autobussen en touringcars, en het milieu.

(1)

PB C 262 van 25.7.2018, blz. 47.


TOELICHTING

Autobussen en touringcars behoren tot de meest toegankelijke en belangrijkste vervoerswijzen in de EU. Zij verbinden landelijke en stedelijke gebieden van de lidstaten en zijn in bepaalde regio's vaak de enige vorm van openbaar vervoer. Het is daarom van vitaal belang dat de passagiers de best mogelijke dienstverlening krijgen. Daartoe is eerlijke en gezonde concurrentie de beste manier.

Rapporteur is ingenomen met het voorstel van de Commissie tot wijziging van de betrokken verordening. Daarbij wordt getracht de sector open te stellen voor niet-ingezeten vervoerders, die momenteel geen binnenlandse markten voor busdiensten tussen steden kunnen betreden. Een vervoerder uit land A zou daarmee vrij binnenlandse diensten van punt X naar punt Y in land B moeten kunnen aanbieden. Op de interne markt kan geen discriminatie op grond van nationaliteit of vestigingsplaats worden geduld.

In de amendementen is de rapporteur trouw gebleven aan de geest van het voorstel, namelijk de touringcar- en autobusmarkten verder liberaliseren. Tegelijkertijd heeft rapporteur rekening gehouden met het feit dat de situatie op de autobusmarkt van land tot land verschilt. Hij heeft ook getracht de goed werkende systemen van bepaalde lidstaten niet te ondermijnen.

Openbaredienstcontracten en stedelijke gebieden beschermen

Openbaredienstcontracten dienen een specifiek doel van onschatbare waarde. Dergelijke contracten moeten goed worden beschermd om te voorkomen dat de openstelling van de autobus- en touringcarmarkt tot minder diensten voor de betrokken regio's leidt of dat nieuwe marktdeelnemers alleen rendabele trajecten uitkiezen. Daarom heeft rapporteur een nieuwe bepaling ingevoerd waarbij een vergunning voor een nieuwe dienst daadwerkelijk kan worden geweigerd, ook boven de door de Commissie voorgestelde grens van 100 km, als die dienst afbreuk doet aan een bestaand openbaredienstcontract dat op transparante wijze en zonder mogelijkheid tot verlenging is aanbesteed, rendabele en onrendabele trajecten combineert en geen noemenswaardige overheidssubsidies impliceert die afbreuk dreigen te doen aan het gelijke speelveld.

Bovendien kan een vergunning voor een bestaande busdienst zelfs worden geschorst of ingetrokken als een toezichthoudende instantie op basis van een objectieve economische analyse vaststelt dat de dienst het economisch evenwicht van een bestaand openbaredienstcontract in het gedrang heeft gebracht. Rapporteur hoopt dat deze maatregelen toereikend en proportioneel zijn om ervoor te zorgen dat openbaredienstcontracten passende bescherming krijgen terwijl de markt wordt opengesteld voor concurrentie.

Om de bezorgdheid verder weg te nemen heeft rapporteur een extra bepaling ingevoerd waarbij de lidstaten het recht op toegang tot geregeld binnenlands vervoer mogen beperken, onder meer indien dit in contact komt met een (voor)stedelijk centrum of als de voorgestelde dienst dezelfde openbare personenvervoersdienst verricht op een bepaalde lijn of een bepaald net waarvoor een bevoegde instantie aan een exploitant van openbare diensten een exclusief recht heeft toegekend voor de naleving van openbaredienstverplichtingen in het kader van een openbaredienstcontract.

Eerlijke concurrentie waarborgen en misbruik van marktmacht voorkomen

Rapporteur wil niet alleen openbaredienstcontracten beschermen maar ook voorkomen dat de openstelling van de betrokken markt andere ongewenste resultaten oplevert. De voorgestelde toezichthoudende instantie moet zorgen voor een gelijk speelveld en eerlijke concurrentie onder de vervoerders. Dat omvat het voorkomen van misbruik van aanmerkelijke marktmacht of een monopoliepositie, ook door middel van onderaanneming, of de totstandkoming van dergelijke marktomstandigheden. Bovendien zouden de vergunningverlenende instanties een aanvraag mogen afwijzen indien de toezichthoudende instantie vaststelt dat de aanvrager die de markt wil betreden, van plan is gedurende langere tijd diensten onder hun normale waarde aan te bieden, waarmee hij de eerlijke concurrentie ondermijnt.

Vestigingseis en de mogelijkheid voor een soepeler regeling

Om te voorkomen dat de geest van het voorstel wordt verdraaid, en om tegemoet te komen aan de strengere eisen die sommige lidstaten stellen, heeft rapporteur ook de mogelijkheid voor de lidstaten ingevoerd om te verlangen dat de vervoerder zich in de lidstaat van ontvangst vestigt nadat hem een vergunning voor geregeld binnenlands vervoer is verleend.

Tegelijkertijd heeft rapporteur verduidelijkt dat de lidstaten die al een soepeler regeling hebben, deze mogen behouden. Desgewenst mogen de lidstaten de markt ook verder openstellen dan de vereisten in dit voorstel.

Zorgen voor gelijke concurrentievoorwaarden

Middels nog enkele andere kleinere maar broodnodige amendementen heeft rapporteur ernaar gestreefd de geest van het voorstel verder te verbeteren en te verduidelijken. Zo kunnen de lidstaten terminals die eigendom zijn van de terminalexploitant en door hem uitsluitend gebruikt worden voor zijn eigen personenvervoer over de weg, uitsluiten, ter bescherming van particulier eigendom.

Rapporteur heeft er dan ook alle vertrouwen in dat het gewijzigde voorstel tegemoetkomt aan de bezorgdheid van enerzijds degenen die meer bescherming wensen, met name voor openbaredienstcontracten, en anderzijds degenen die een liberalere aanpak voorstaan. Met het gewijzigde voorstel wordt een juist evenwicht nagestreefd tussen de belangen van de passagiers, de vervoersbedrijven en lokale, regionale en nationale overheden. Rapporteur maakt zich sterk dat dit voorstel een echt eengemaakte en eerlijke autobus- en touringcarmarkt in de Europese Unie dichterbij brengt.


PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE

Titel

Gemeenschappelijke regels voor toegang tot de internationale markt voor touringcar- en autobusdiensten

Document- en procedurenummers

COM(2017)0647 – C8-0396/2017 – 2017/0288(COD)

Datum indiening bij EP

8.11.2017

 

 

 

Bevoegde commissie

       Datum bekendmaking

TRAN

29.11.2017

 

 

 

Medeadviserende commissies

       Datum bekendmaking

EMPL

29.11.2017

 

 

 

Geen advies

       Datum besluit

EMPL

7.12.2017

 

 

 

Rapporteurs

       Datum benoeming

Roberts Zīle

16.1.2018

 

 

 

Behandeling in de commissie

1.2.2018

10.7.2018

5.11.2018

 

Datum goedkeuring

22.1.2019

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

26

14

1

Bij de eindstemming aanwezige leden

Daniela Aiuto, Lucy Anderson, Inés Ayala Sender, Georges Bach, Izaskun Bilbao Barandica, Deirdre Clune, Michael Cramer, Luis de Grandes Pascual, Andor Deli, Isabella De Monte, Ismail Ertug, Jacqueline Foster, Dieter-Lebrecht Koch, Innocenzo Leontini, Bogusław Liberadzki, Peter Lundgren, Elżbieta Katarzyna Łukacijewska, Marian-Jean Marinescu, Georg Mayer, Gesine Meissner, Gabriele Preuß, Christine Revault d’Allonnes Bonnefoy, Dominique Riquet, Massimiliano Salini, Claudia Țapardel, Keith Taylor, Pavel Telička, Marita Ulvskog, Wim van de Camp, Marie-Pierre Vieu, Janusz Zemke, Roberts Zīle, Kosma Złotowski

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Jakop Dalunde, Markus Ferber, Maria Grapini, Karoline Graswander-Hainz, Peter Kouroumbashev, João Pimenta Lopes

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Christelle Lechevalier, Francisco José Millán Mon

Datum indiening

28.1.2019


HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE BEVOEGDE COMMISSIE

26

+

ALDE

Izaskun Bilbao Barandica, Gesine Meissner, Dominique Riquet, Pavel Telička

ECR

Jacqueline Foster, Innocenzo Leontini, Peter Lundgren, Roberts Zīle, Kosma Złotowski

PPE

Georges Bach, Wim van de Camp, Deirdre Clune, Andor Deli, Markus Ferber, Luis de Grandes Pascual, Dieter-Lebrecht Koch, Elżbieta Katarzyna Łukacijewska, Marian-Jean Marinescu, Francisco José Millán Mon, Massimiliano Salini

S&D

Inés Ayala Sender, Maria Grapini, Peter Kouroumbashev, Bogusław Liberadzki, Claudia Țapardel, Janusz Zemke

14

-

EFDD

Daniela Aiuto

ENF

Christelle Lechevalier, Georg Mayer

GUE/NGL

João Pimenta Lopes, Marie-Pierre Vieu

S&D

Lucy Anderson, Isabella De Monte, Ismail Ertug, Karoline Graswander-Hainz, Gabriele Preuß, Marita Ulvskog

VERTS/ALE

Michael Cramer, Jakop Dalunde, Keith Taylor

1

0

S&D

Christine Revault d'Allonnes Bonnefoy

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

Laatst bijgewerkt op: 6 februari 2019Juridische mededeling