Procedure : 2018/0250(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0115/2019

Ingediende teksten :

A8-0115/2019

Debatten :

PV 12/03/2019 - 28
CRE 12/03/2019 - 28

Stemmingen :

PV 13/03/2019 - 11.13
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2019)0177

<Date>{28/02/2019}28.2.2019</Date>
<NoDocSe>A8-0115/2019</NoDocSe>
PDF 361kWORD 154k

<TitreType>VERSLAG</TitreType>     <RefProcLect>***I</RefProcLect>

<Titre>over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot oprichting van het Fonds voor interne veiligheid</Titre>

<DocRef>(COM(2018)0472 – C8-0267/2018 – 2018/0250 (COD))</DocRef>


<Commission>{LIBE}Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken</Commission>

Rapporteur: <Depute>Monika Hohlmeier</Depute>

AMENDEMENTEN
ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 ADVIES van de Begrotingscommissie
 PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot oprichting van het Fonds voor interne veiligheid

(COM(2018)0472 – C8-0267/2018 – 2018/0250 (COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

 gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2018) 472),

 gezien artikel 294, lid 2, artikel 82, lid 1, artikel 84 en artikel 87, lid 2 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, uit hoofde waarvan de Commissie het voorstel heeft ingediend bij het Parlement (C8-0267/2018),

 gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

 gezien artikel 59 van zijn Reglement,

 gezien het verslag van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en het advies van de Begrotingscommissie (A8-0115/2019),

1. stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;

2. verzoekt de Commissie om hernieuwde voorlegging aan het Parlement indien zij haar voorstel vervangt, ingrijpend wijzigt of voornemens is het ingrijpend te wijzigen;

3. verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.


<RepeatBlock-Amend><Amend>Amendement  <NumAm>1</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(1) Het waarborgen van de interne veiligheid is een bevoegdheid van de lidstaten en is een gezamenlijke taak waaraan de EU-instellingen, de ter zake relevante agentschappen van de Unie en de lidstaten samen een bijdrage dienen te leveren. In de Europese veiligheidsagenda van april 201510 hebben de Commissie, de Raad van de Europese Unie en het Europees Parlement gemeenschappelijke prioriteiten voor de periode 2015-2020 vastgesteld, die door de Raad zijn bevestigd in de vernieuwde interneveiligheidsstrategie van juni 201511 en door het Europees Parlement in zijn resolutie van juli 201512. Deze gezamenlijke strategie had als doel om voor de periode 2015-2020 het strategisch kader voor de werkzaamheden op het gebied van interne veiligheid op EU-niveau te bepalen en de voornaamste actieprioriteiten vast te stellen om een doeltreffende respons van de Unie op de veiligheidsdreigingen te waarborgen, met name op het gebied van het bestrijden van terrorisme, het voorkomen van radicalisering, het ontwrichten van georganiseerde criminaliteit en de strijd tegen cybercriminaliteit.

(1) Hoewel de nationale veiligheid een exclusieve bevoegdheid van de lidstaten blijft, vereist de bescherming ervan samenwerking en coördinatie op het niveau van de Unie. Interne veiligheid is een gemeenschappelijke opgave waaraan de EU-instellingen, de ter zake relevante agentschappen van de Unie en de lidstaten, met hulp van de privésector en het maatschappelijk middenveld, samen een bijdrage dienen te leveren. In de Europese veiligheidsagenda van april 201510 hebben de Commissie, de Raad van de Europese Unie en het Europees Parlement gemeenschappelijke prioriteiten voor de periode 2015-2020 vastgesteld, die door de Raad zijn bevestigd in de vernieuwde interneveiligheidsstrategie van juni 201511 en door het Europees Parlement in zijn resolutie van juli 201512, met name op het gebied van het voorkomen en bestrijden van terrorisme en het voorkomen van radicalisering, met inbegrip van onlineradicalisering, en gewelddadig extremisme, onverdraagzaamheid en discriminatie, het ontwrichten van georganiseerde criminaliteit en de strijd tegen cybercriminaliteit.

__________________

__________________

10 COM(2015) 185 final van 28.4.2015.

10 COM(2015) 185 final van 28.4.2015.

11 Conclusies van de Raad van 16 juni 2015 over de vernieuwde interneveiligheidsstrategie van de Europese Unie 2015-2020.

11 Conclusies van de Raad van 16 juni 2015 over de vernieuwde interneveiligheidsstrategie van de Europese Unie 2015-2020.

12 Resolutie van het Europees Parlement van 9 juli 2015 over de Europese veiligheidsagenda (2015/2697(RSP)).

12 Resolutie van het Europees Parlement van 9 juli 2015 over de Europese veiligheidsagenda (2015/2697(RSP)).

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>2</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 2</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(2) De leiders van 27 lidstaten hebben in de op 25 september 2017 ondertekende Verklaring van Rome hun verbintenis bevestigd een Unie te bouwen die veilig en zeker is, een Unie waar alle burgers zich veilig voelen en zich vrij kunnen bewegen, een Unie waarvan de buitengrenzen beveiligd zijn, een Unie met een efficiënt, verantwoord en duurzaam migratiebeleid met eerbied voor de internationale normen, een Europa dat vastbesloten is het terrorisme en de georganiseerde criminaliteit te bestrijden.

(2) De leiders van 27 lidstaten, de Europese Raad, het Europees Parlement en de Europese Commissie hebben in de op 25 maart 2017 ondertekende Verklaring van Rome hun verbintenis bevestigd een Unie te bouwen die veilig en zeker is, een Unie waar alle burgers zich veilig voelen en zich vrij kunnen bewegen, een Unie waarvan de buitengrenzen beveiligd zijn, een Unie met een efficiënt, verantwoord en duurzaam migratiebeleid met eerbied voor de internationale normen, een Europa dat vastbesloten is het terrorisme en de georganiseerde criminaliteit te bestrijden.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>3</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 5</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(5) Om dit doel te bereiken moeten op het niveau van de Unie acties worden ondernomen om mensen en goederen te beschermen tegen de steeds grensoverschrijdender wordende dreigingen en om de door de bevoegde instanties van de lidstaten uitgevoerde werkzaamheden te ondersteunen. Onder andere terrorisme, zware en georganiseerde criminaliteit, "rondtrekkende" criminaliteit, drugshandel, corruptie, cybercriminaliteit, mensenhandel en wapenhandel zullen de interne veiligheid van de Unie op de proef blijven stellen.

(5) Om dit doel te bereiken moeten op het niveau van de Unie acties worden ondernomen om mensen, openbare ruimten en kritieke infrastructuur te beschermen tegen de steeds grensoverschrijdender wordende dreigingen en om de door de bevoegde instanties van de lidstaten uitgevoerde werkzaamheden te ondersteunen. Onder andere terrorisme, zware en georganiseerde criminaliteit, "rondtrekkende" criminaliteit, drugs- en wapenhandel, corruptie, het witwassen van geld, cybercriminaliteit, seksuele uitbuiting, waaronder van kinderen, hybride dreigingen en chemische, biologische, radiologische en nucleaire dreigingen en mensenhandel zullen de interne veiligheid en de interne markt van de Unie op de proef blijven stellen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>4</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 5 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(5 bis) Het fonds moet financiële steun verlenen om het hoofd te bieden aan de nieuwe uitdagingen die gepaard gaan met de aanzienlijke toename van bepaalde soorten misdrijven, zoals betalingsfraude, seksuele uitbuiting van kinderen en wapenhandel, die de jongste jaren via internet worden gepleegd ("gedigitaliseerde criminaliteit"). .

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>5</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 6</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(6) De financiering uit de begroting van de Unie dient te worden geconcentreerd op activiteiten waarbij optreden van de Unie voor een meerwaarde kan zorgen ten opzichte van optreden door de lidstaten alleen. Overeenkomstig artikel 84 en artikel 87, lid 2, VWEU moet de financiering dienen voor maatregelen ter stimulering en ondersteuning van het optreden van de lidstaten op het gebied van misdaadpreventie en politiële samenwerking waarbij alle bevoegde autoriteiten van de lidstaten betrokken zijn, met name met betrekking tot de uitwisseling van informatie, betere operationele samenwerking en ondersteuning van inspanningen om de capaciteiten voor het bestrijden en voorkomen van criminaliteit te versterken. De steun uit het fonds mag niet worden gebruikt ter dekking van exploitatiekosten en activiteiten die verband houden met de essentiële taken van de lidstaten op het gebied van de handhaving van de openbare orde en de bescherming van de binnenlandse en de nationale veiligheid, zoals bedoeld in artikel 72 VWEU.

(6) De financiering uit de begroting van de Unie dient te worden geconcentreerd op activiteiten waarbij optreden van de Unie voor een meerwaarde kan zorgen ten opzichte van optreden door de lidstaten alleen. Overeenkomstig artikel 84 en artikel 87, lid 2, VWEU moet de financiering dienen voor maatregelen ter stimulering en ondersteuning van het optreden van de lidstaten op het gebied van misdaadpreventie, gemeenschappelijke opleidingen en politiële en justitiële samenwerking waarbij alle bevoegde autoriteiten van de lidstaten en de agentschappen van de Unie betrokken zijn, met name met betrekking tot de uitwisseling van informatie, betere operationele samenwerking en ondersteuning van inspanningen om de capaciteiten voor het bestrijden en voorkomen van criminaliteit te versterken. De steun uit het fonds mag niet worden gebruikt ter dekking van exploitatiekosten en activiteiten die verband houden met de essentiële taken van de lidstaten op het gebied van de handhaving van de openbare orde en de bescherming van de binnenlandse en de nationale veiligheid, zoals bedoeld in artikel 72 VWEU.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>6</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 7</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7) Om het Schengenacquis te behouden en de werking ervan te versterken, zijn de lidstaten er met ingang van 6 april 2017 toe verplicht om EU-burgers die de buitengrenzen van de EU overschrijden, systematisch te controleren aan de hand van relevante databanken. Voorts heeft de Commissie een aanbeveling tot de lidstaten gericht opdat deze beter gebruik zouden maken van politiecontroles en grensoverschrijdende samenwerking. Solidariteit tussen de lidstaten, duidelijkheid over de taakverdeling, eerbiediging van de grondrechten en fundamentele vrijheden en de rechtsstaat alsook een sterke nadruk op het mondiale perspectief en op de noodzakelijke samenhang met de externe dimensie van veiligheid moeten de kernbeginselen zijn waardoor de Unie en de lidstaten zich laten leiden bij het ontwikkelen van een echte en doeltreffende veiligheidsunie.

(7) Om het Schengenacquis en het volledige internemarktgebied van de Unie te behouden en de werking ervan te versterken, zijn de lidstaten er met ingang van 6 april 2017 toe verplicht om EU-burgers die de buitengrenzen van de EU overschrijden, systematisch te controleren aan de hand van relevante databanken. Voorts heeft de Commissie een aanbeveling tot de lidstaten gericht opdat deze beter gebruik zouden maken van politiecontroles en grensoverschrijdende samenwerking. Solidariteit tussen de lidstaten, duidelijkheid over de taakverdeling, eerbiediging van de grondrechten en fundamentele vrijheden en de rechtsstaat alsook een sterke nadruk op het mondiale perspectief en op de noodzakelijke samenhang met de externe dimensie van veiligheid moeten de kernbeginselen zijn waardoor de Unie en de lidstaten zich laten leiden bij het ontwikkelen van een echte en doeltreffende veiligheidsunie.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>7</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 9</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(9) Het fonds dient te worden uitgevoerd met volledige inachtneming van de rechten en beginselen die zijn verankerd in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, alsook van de internationale verplichtingen van de Unie op het gebied van de grondrechten.

(9) Het fonds dient te worden uitgevoerd met volledige inachtneming van de waarden die zijn neergelegd in artikel 2 van het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU), van de rechten en beginselen die zijn verankerd in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, alsook van de internationale verplichtingen van de Unie op het gebied van de mensenrechten. Met deze verordening wordt met name gestreefd naar een volledige eerbiediging van de grondrechten, zoals het recht op menselijke waardigheid, het recht op leven, het verbod op foltering en onmenselijke of vernederende behandeling of bestraffing, het recht op bescherming van persoonsgegevens, de rechten van het kind en het recht op een doeltreffende voorziening in rechte. Zij is bovendien gericht op de bevordering van de toepassing van het beginsel van non-discriminatie.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>8</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 10 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(10 bis) De bewustmaking van rechtshandhavingspersoneel omtrent kwesties die verband houden met alle vormen van racisme, waaronder antisemitisme en zigeunervijandigheid, is een belangrijke succesfactor voor de interne veiligheid. Bewustmakingscursussen en opleidingsmaatregelen voor rechtshandhavers moeten derhalve worden opgenomen in het toepassingsgebied van het fonds, teneinde capaciteiten voor de opbouw van vertrouwen op lokaal niveau uit te breiden.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>9</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 11</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(11) In overeenstemming met de gezamenlijke prioriteiten die op het niveau van de Unie zijn vastgesteld om een hoog niveau van veiligheid in de Unie te waarborgen, moet het fonds steun verlenen voor acties die gericht zijn tegen de belangrijkste veiligheidsdreigingen, en in het bijzonder tegen terrorisme en radicalisering, zware en georganiseerde criminaliteit en cybercriminaliteit, en die tot doel hebben bijstand en bescherming te verlenen aan slachtoffers van misdrijven. Met het oog op de totstandbrenging van een echte veiligheidsunie zal het fonds er ook voor zorgen dat de Unie en haar lidstaten goed toegerust zijn om het hoofd te bieden aan veranderende en opkomende dreigingen. Hiertoe moet financiële steun worden verleend om de informatie-uitwisseling, de operationele samenwerking en de nationale en collectieve capaciteiten te verbeteren.

(11) In overeenstemming met de gezamenlijke prioriteiten die op het niveau van de Unie zijn vastgesteld om een hoog niveau van veiligheid in de Unie te waarborgen, moet het fonds steun verlenen voor acties die gericht zijn tegen de belangrijkste veiligheidsdreigingen, en in het bijzonder het voorkomen en bestrijden van terrorisme en gewelddadig extremisme, met inbegrip van radicalisering, onverdraagzaamheid en discriminatie, zware en georganiseerde criminaliteit, en cybercriminaliteit, en die tot doel hebben bijstand en bescherming te verlenen aan slachtoffers van misdrijven en kritieke infrastructuur te beschermen. Met het oog op de totstandbrenging van een echte veiligheidsunie zal het fonds er ook voor zorgen dat de Unie en haar lidstaten goed toegerust zijn om het hoofd te bieden aan veranderende en opkomende dreigingen, bijvoorbeeld illegale handel, onder andere via onlinekanalen, hybride dreigingen en chemische, biologische, radiologische en nucleaire dreigingen. Hiertoe moet financiële steun worden verleend om de informatie-uitwisseling, de operationele samenwerking en de nationale en collectieve capaciteiten te verbeteren.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>10</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 12</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(12) De financiële steun die binnen het brede kader van het fonds wordt verleend, dient met name ter ondersteuning van de justitiële en politiële samenwerking en preventie op het gebied van zware en georganiseerde criminaliteit, illegale wapenhandel, corruptie, het witwassen van geld, drugshandel, milieucriminaliteit, uitwisseling van en toegang tot informatie, terrorisme, mensenhandel, het uitbuiten van irreguliere immigratie, seksuele uitbuiting van kinderen, de verspreiding van afbeeldingen van kindermisbruik en kinderporno, en cybercriminaliteit. Het fonds moet ook voorzien in ondersteuning voor het beschermen van mensen, openbare ruimten en kritieke infrastructuur tegen veiligheidsgerelateerde incidenten en voor het doeltreffend beheren van veiligheidsgerelateerde risico's en crisissen, onder meer via de ontwikkeling van gemeenschappelijk beleid (strategieën, beleidscycli, programma's en actieplannen), wetgeving en praktische samenwerking.

(12) De financiële steun die binnen het brede kader van het fonds wordt verleend, dient met name ter ondersteuning van de uitwisseling van en toegang tot informatie, alsook de justitiële en politiële samenwerking en preventie op het gebied van zware en georganiseerde criminaliteit, illegale wapenhandel, corruptie, het witwassen van geld, drugshandel, milieucriminaliteit, terrorisme, mensenhandel, het uitbuiten van vluchtelingen en irreguliere migranten, ernstige arbeidsuitbuiting, seksuele uitbuiting en seksueel misbruik, waaronder van kinderen en vrouwen, de verspreiding van afbeeldingen van kindermisbruik en kinderporno, en cybercriminaliteit. Het fonds moet ook voorzien in ondersteuning voor het beschermen van mensen, openbare ruimten en kritieke infrastructuur tegen veiligheidsgerelateerde incidenten en voor het doeltreffend beheren van veiligheidsgerelateerde risico's en crisissen, onder meer via gemeenschappelijke opleidingen, de ontwikkeling van gemeenschappelijk beleid (strategieën, beleidscycli, programma's en actieplannen), wetgeving en praktische samenwerking.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>11</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 12 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(12 bis) Het fonds moet rechtshandhavingsautoriteiten bijstand verlenen, ongeacht hun organisatiestructuur naar nationaal recht. Daarom moeten acties waarbij met interne veiligheidstaken belaste strijdkrachten betrokken zijn, ook voor steun uit het fonds in aanmerking komen, voor zover dergelijke acties bijdragen tot de verwezenlijking van de specifieke doelstellingen van het fonds. In noodsituaties en om ernstige risico's voor de openbare veiligheid aan te pakken en te voorkomen, ook in de nasleep van een terroristische aanslag, moeten acties van strijdkrachten op het grondgebied van de lidstaat in aanmerking komen voor steun uit het fonds. Vredeshandhavings- of defensieacties buiten het grondgebied van de lidstaat mogen in geen geval in aanmerking komen voor bijstand uit het fonds.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>12</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 14</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(14) Het effect van financiering door de Unie moet worden gemaximaliseerd door publieke en de private financiële middelen in te zetten, te bundelen en als hefboom te laten fungeren. Het fonds moet het maatschappelijk middenveld, met inbegrip van niet-gouvernementele organisaties, alsook het bedrijfsleven aanzetten en stimuleren tot een actieve en zinvolle deelname aan en betrokkenheid bij de ontwikkeling en de uitvoering van het veiligheidsbeleid; hierbij kunnen, afhankelijk van de doelstelling van het fonds, in voorkomend geval ook nog andere relevante actoren, agentschappen en andere organen van de Unie, derde landen en internationale organisaties worden betrokken.

(14) Het effect van financiering door de Unie moet worden gemaximaliseerd door publieke en de private financiële middelen in te zetten, te bundelen en als hefboom te laten fungeren. Het fonds moet het maatschappelijk middenveld, met inbegrip van niet-gouvernementele organisaties, alsook het Europese bedrijfsleven aanzetten en stimuleren tot een actieve en zinvolle deelname aan en betrokkenheid bij de ontwikkeling en de uitvoering van het veiligheidsbeleid, met name op het vlak van cyberveiligheid; hierbij kunnen, afhankelijk van de doelstelling van het fonds, in voorkomend geval ook nog andere relevante actoren, agentschappen en andere organen van de Unie en internationale organisaties worden betrokken. Er moet echter voor worden gezorgd dat de steun uit het fonds niet wordt gebruikt om wettelijke of openbare taken aan particuliere actoren te delegeren.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>13</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 16</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(16) Om ervoor te zorgen dat het fonds een doeltreffende bijdrage levert aan een hoog niveau van interne veiligheid in de gehele Europese Unie en aan de ontwikkeling van een echte veiligheidsunie, moet het fonds worden gebruikt op een manier die een maximale waarde toevoegt aan het optreden van de lidstaten.

(16) Om ervoor te zorgen dat het fonds een doeltreffende bijdrage levert aan een hoog niveau van interne veiligheid in de gehele Europese Unie en aan de ontwikkeling van een echte veiligheidsunie, moet het fonds worden gebruikt op een manier die een maximale Europese toegevoegde waarde heeft voor het optreden van de lidstaten.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>14</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 18</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(18) Om bij te dragen tot de verwezenlijking van de doelstellingen van het fonds, dienen de lidstaten ervoor te zorgen dat de prioriteiten van hun programma's gericht zijn op de specifieke doelstellingen van het fonds, dat de gekozen prioriteiten in overeenstemming zijn met de uitvoeringsmaatregelen als vastgesteld in bijlage II, en dat de verdeling van middelen over de doelstellingen waarborgt dat de algemene beleidsdoelstelling kan worden bereikt.

(18) Om bij te dragen tot de verwezenlijking van de doelstellingen van het fonds, dienen de lidstaten ervoor te zorgen dat de prioriteiten van hun programma's bijdragen tot de verwezenlijking van de specifieke doelstellingen van het fonds, dat de gekozen prioriteiten in overeenstemming zijn met de uitvoeringsmaatregelen als vastgesteld, en dat de verdeling van middelen over de doelstellingen in verhouding staat tot de uitdagingen en behoeften en waarborgt dat de algemene beleidsdoelstelling kan worden bereikt.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>15</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 20</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(20) Er moet worden toegezien op de samenhang en complementariteit van het fonds met andere financieringsprogramma's van de Unie op het gebied van veiligheid. Er wordt met name gestreefd naar synergieën met het Fonds voor asiel en migratie, het Fonds voor geïntegreerd grensbeheer (bestaande uit het bij Verordening (EU) X opgerichte instrument voor grensbeheer en visa en het bij Verordening (EU) X opgerichte instrument voor douanecontroleapparatuur), de andere fondsen van het cohesiebeleid die onder Verordening (EU) X (GB-verordening] vallen, het onderdeel veiligheidsonderzoek van het bij Verordening (EU) X ingestelde programma Horizon Europa, het bij Verordening (EU) X ingestelde programma Rechten en waarden, het bij Verordening (EU) X ingestelde programma Justitie, het bij Verordening (EU) X ingestelde programma Digitaal Europa en het bij Verordening (EU) X ingestelde InvestEU-programma. Er moet met name worden gestreefd naar synergieën op het gebied van de beveiliging van infrastructuur en openbare ruimten, cyberveiligheid en de preventie van radicalisering. Doeltreffende coördinatiemechanismen zijn van essentieel belang om beleidsdoelstellingen met maximale doeltreffendheid te verwezenlijken, schaalvoordelen te benutten en overlapping tussen acties te voorkomen.

(20) Er moet worden toegezien op de samenhang en complementariteit van het fonds met andere financieringsprogramma's van de Unie op het gebied van veiligheid. Er wordt met name gezorgd voor synergieën met het Fonds voor asiel en migratie, het Fonds voor geïntegreerd grensbeheer (bestaande uit het bij Verordening (EU) X opgerichte instrument voor grensbeheer en visa en het bij Verordening (EU) X opgerichte instrument voor douanecontroleapparatuur), de andere fondsen van het cohesiebeleid die onder Verordening (EU) X [GB-verordening] vallen, het onderdeel veiligheidsonderzoek van het bij Verordening (EU) X ingestelde programma Horizon Europa, het bij Verordening (EU) X ingestelde programma Rechten en waarden, het bij Verordening (EU) X ingestelde programma Justitie, het bij Verordening (EU) X ingestelde programma Digitaal Europa en het bij Verordening (EU) X ingestelde InvestEU-programma. Er moet met name worden gestreefd naar synergieën op het gebied van de beveiliging van infrastructuur en openbare ruimten, cyberveiligheid, de bescherming van slachtoffers en de preventie van gewelddadig extremisme, met inbegrip van radicalisering. Doeltreffende coördinatiemechanismen zijn van essentieel belang om beleidsdoelstellingen met maximale doeltreffendheid te verwezenlijken, schaalvoordelen te benutten en overlapping tussen acties te voorkomen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>16</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 21</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(21) De in het kader van het fonds gesteunde maatregelen in of met betrekking tot derde landen dienen te worden genomen in volledige synergie, samenhang en complementariteit met andere acties buiten de Unie die door de externe financieringsinstrumenten van de Unie worden ondersteund. In het bijzonder dient bij de uitvoering van dergelijke acties te worden gestreefd naar volledige samenhang met de beginselen en de algemene doelstellingen van het externe optreden en het buitenlands beleid van de Unie ten aanzien van het land of de regio in kwestie. Met betrekking tot de externe dimensie moet het fonds de samenwerking met derde landen versterken op terreinen die van belang zijn voor de interne veiligheid van de Unie, zoals de bestrijding van terrorisme en radicalisering, de samenwerking met rechtshandhavingsautoriteiten van derde landen in de strijd tegen terrorisme (onder meer via detachering en gezamenlijke onderzoeksteams), zware en georganiseerde criminaliteit en corruptie, mensenhandel en migrantensmokkel.

(21) De in het kader van het fonds gesteunde maatregelen in of met betrekking tot derde landen dienen te worden genomen in volledige synergie, samenhang en complementariteit met andere acties buiten de Unie die door de externe financieringsinstrumenten van de Unie worden ondersteund. In het bijzonder dient bij de uitvoering van dergelijke acties te worden gestreefd naar volledige samenhang met de beginselen en de algemene doelstellingen van het externe optreden, het buitenlands beleid van de Unie en het beleid voor ontwikkelingshulp ten aanzien van het land of de regio in kwestie. Met betrekking tot de externe dimensie moet het fonds de samenwerking met derde landen versterken op terreinen die van belang zijn voor de interne veiligheid van de Unie, zoals de bestrijding van terrorisme en radicalisering, de samenwerking met rechtshandhavingsautoriteiten van derde landen in de strijd tegen terrorisme (onder meer via detachering en gezamenlijke onderzoeksteams), illegale handel in met name wapens, drugs, bedreigde soorten en cultuurgoederen, zware en georganiseerde criminaliteit en corruptie, mensenhandel en migrantensmokkel.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>17</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 23 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(23 bis) Zodra in een lidstaat sprake blijkt te zijn van fundamentele tekortkomingen op het gebied van de rechtsstaat, dient de Unie op grond van Verordening (EU) X van het Europees Parlement en de Raad1 bis maatregelen te nemen om de begroting te beschermen. Verordening (EU) X moet van toepassing zijn op het fonds.

 

________________

 

1 bis Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad inzake de bescherming van de begroting van de Unie in geval van fundamentele tekortkomingen op het gebied van de rechtsstaat in de lidstaten (ST 8356/18).

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>18</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 24</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(24) Dit fonds dient de behoefte aan meer flexibiliteit en vereenvoudiging te weerspiegelen, zonder dat daarbij de vereisten op het gebied van voorspelbaarheid uit het oog worden verloren, en dient, met het oog op de verwezenlijking van de doelstellingen van deze verordening, ervoor te zorgen dat de middelen eerlijk en transparant worden verdeeld.

(24) Dit fonds dient de behoefte aan meer flexibiliteit en vereenvoudiging te weerspiegelen, zonder dat daarbij de vereisten op het gebied van voorspelbaarheid uit het oog worden verloren, en dient, met het oog op de verwezenlijking van de doelstellingen van deze verordening, ervoor te zorgen dat de middelen eerlijk en transparant worden verdeeld. Bij de uitvoering van het fonds moeten de beginselen van doelmatigheid, doeltreffendheid en kwaliteit van de bestedingen richtinggevend zijn. Bovendien moet de uitvoering van het fonds zo gebruiksvriendelijk mogelijk zijn.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>19</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 26</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(26) Deze initiële bedragen moeten de grondslag vormen voor langetermijninvesteringen van de lidstaten op het gebied van veiligheid. Om rekening te houden met veranderingen in de veiligheidsdreigingen of in de uitgangssituatie, moet tussentijds een aanvullend bedrag aan de lidstaten worden toegekend, dat wordt gebaseerd op de laatste beschikbare statistische gegevens, zoals uiteengezet in de verdeelsleutel, rekening houdend met de stand van uitvoering van het programma.

(26) Deze initiële bedragen moeten de grondslag vormen voor langetermijninvesteringen van de lidstaten op het gebied van veiligheid. Om rekening te houden met veranderingen in de interne en externe veiligheidsdreigingen of in de uitgangssituatie, moet tussentijds een aanvullend bedrag aan de lidstaten worden toegekend, dat wordt gebaseerd op de laatste beschikbare statistische gegevens, zoals uiteengezet in de verdeelsleutel, rekening houdend met de stand van uitvoering van het programma.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>20</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 26 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(26 bis) De kritieke infrastructuur die de lidstaten moeten beschermen, moet worden weerspiegeld in de verdeling van de beschikbare middelen van het fonds.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>21</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 27</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(27) Omdat uitdagingen op het gebied van veiligheid voortdurend veranderen, moet de toewijzing van de financiële middelen aan de veranderende dreigingssituatie worden aangepast en moet de financiering worden toegespitst op de prioriteiten met de hoogste toegevoegde waarde voor de Unie. Om tegemoet te komen aan dringende behoeften en aan veranderingen in het beleid en in de prioriteiten van de Unie, en om de financiering toe te spitsen op acties met een hoge toegevoegde waarde voor de Unie, zal een deel van de financiering periodiek worden toegewezen aan specifieke acties, acties van de Unie en noodhulp via een thematische faciliteit.

(27) Omdat uitdagingen op het gebied van veiligheid voortdurend veranderen, moet de toewijzing van de financiële middelen aan de veranderende interne en externe dreigingssituatie worden aangepast en moet de financiering worden toegespitst op de prioriteiten met de hoogste toegevoegde waarde voor de Unie. Om tegemoet te komen aan dringende behoeften en aan veranderingen in het beleid en in de prioriteiten van de Unie, en om de financiering toe te spitsen op acties met een hoge toegevoegde waarde voor de Unie, zal een deel van de financiering periodiek worden toegewezen aan specifieke acties, acties van de Unie en noodhulp via een thematische faciliteit.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>22</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 28</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(28) De lidstaten moeten met een hogere bijdrage van de Unie worden aangemoedigd om een deel van de aan hun programma toegewezen middelen te gebruiken voor acties opgenomen in bijlage IV.

(28) De lidstaten moeten met een hogere bijdrage van de Unie worden aangemoedigd om een deel van de aan hun programma toegewezen middelen te gebruiken voor acties opgenomen in bijlage IV, vooral vanwege hun hoge Europese toegevoegde waarde of hun prioritaire status voor de Unie.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>23</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 31</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(31) Om de verwezenlijking van de beleidsdoelstelling van dit fonds op nationaal niveau te complementeren aan de hand van programma's van de lidstaten, dient het fonds ook ondersteuning te bieden voor acties op het niveau van de Unie. Dergelijke acties moeten algemene strategische doelen binnen het toepassingsgebied van het fonds dienen die betrekking hebben op beleidsanalyse en innovatie, transnationale vormen van onderling leren en partnerschap en het beproeven van nieuwe initiatieven en acties in de hele Unie.

(31) Om de verwezenlijking van de beleidsdoelstelling van dit fonds op nationaal niveau te complementeren aan de hand van programma's van de lidstaten, dient het fonds ook ondersteuning te bieden voor acties op het niveau van de Unie. Dergelijke acties moeten algemene strategische doelen binnen het toepassingsgebied van het fonds dienen die betrekking hebben op beleidsanalyse en innovatie, transnationale vormen van onderling leren en partnerschap en het beproeven van nieuwe initiatieven en acties in de hele Unie of tussen bepaalde lidstaten. In dit verband moet de samenwerking tussen de inlichtingendiensten van de lidstaten worden aangemoedigd om te zorgen voor de nodige informatie-uitwisseling zodat zij terrorisme en zware en georganiseerde criminaliteit doeltreffender kunnen bestrijden en meer inzicht hebben in de grensoverschrijdende aard daarvan. Het fonds moet de lidstaten ondersteunen in hun inspanningen om beste praktijken met elkaar uit te wisselen en om gemeenschappelijke opleidingen te stimuleren, zodat tussen de inlichtingendiensten onderling en tussen de inlichtingendiensten en Europol een cultuur van samenwerking en wederzijds vertrouwen ontstaat.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>24</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 33 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(33 bis) Gezien de transnationale aard van de acties van de Unie en om gecoördineerde acties te bevorderen ter verwezenlijking van de doelstelling om het hoogste niveau van veiligheid in de Unie te waarborgen, moeten gedecentraliseerde agentschappen begunstigden van acties van de Unie kunnen zijn, onder meer in de vorm van subsidies. Dergelijke steun moet aansluiten bij de prioriteiten en initiatieven die op het niveau van de Unie door de instellingen van de Unie zijn vastgesteld om voor Europese toegevoegde waarde te zorgen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>25</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 37</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(37) Voor het uitvoeren van acties in gedeeld beheer dient het fonds deel uit te maken van een samenhangend kader bestaande uit de onderhavige verordening, het Financieel Reglement en Verordening (EU) X [GB-verordening]18.

(37) Voor het uitvoeren van acties in gedeeld beheer dient het fonds deel uit te maken van een samenhangend kader bestaande uit de onderhavige verordening, het Financieel Reglement en Verordening (EU) X [GB-verordening]18. In geval van conflicterende bepalingen heeft Verordening (EU) X [GB-verordening] voorrang op deze verordening.

__________________

__________________

18 Volledige referentie.

18 Volledige referentie.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>26</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 38</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(38) Verordening (EU) X [GB-verordening] stelt het kader vast voor actie door het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling (EFRO), het Europees Sociaal Fonds Plus (ESF+), het Cohesiefonds, het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij (EFMV), het Fonds voor asiel en migratie (AMIF), het Fonds voor interne veiligheid (ISF) en het instrument voor grensbeheer en visa (BMVI) in het kader van het Fonds voor geïntegreerd grensbeheer (IBMF), en omvat met name de regels inzake programmering, toezicht en evaluatie, beheer en controle voor in gedeeld beheer uitgevoerde EU-fondsen. Daarnaast moeten in de onderhavige verordening de doelstellingen van het Fonds voor interne veiligheid worden omschreven en specifieke bepalingen worden vastgesteld betreffende de activiteiten die met de steun van dit fonds kunnen worden gefinancierd.

(38) Verordening (EU) X [GB-verordening] stelt het kader vast voor actie door het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling (EFRO), het Europees Sociaal Fonds Plus (ESF+), het Cohesiefonds, het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij (EFMV), het Fonds voor asiel, migratie en integratie (AMIF), het Fonds voor interne veiligheid (ISF) en het instrument voor grensbeheer en visa (BMVI) in het kader van het Fonds voor geïntegreerd grensbeheer (IBMF), en omvat met name de regels inzake programmering, toezicht en evaluatie, beheer en controle voor in gedeeld beheer uitgevoerde EU-fondsen. Daarnaast moeten in de onderhavige verordening de doelstellingen van het Fonds voor interne veiligheid worden omschreven en specifieke bepalingen worden vastgesteld betreffende de activiteiten die met de steun van dit fonds kunnen worden gefinancierd.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>27</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 38 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(38 bis) Om te waarborgen dat het fonds acties ondersteunt met betrekking tot alle specifieke doelstellingen van het fonds, en dat de verdeling van de middelen over deze doelstellingen in verhouding staat tot de uitdagingen en behoeften, zodat de doelstellingen kunnen worden verwezenlijkt, moet voor elke specifieke doelstelling van het fonds een minimumpercentage van de toewijzing uit het fonds worden vastgesteld, voor zowel de nationale programma's als de thematische faciliteit.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>28</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 40</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(40) Overeenkomstig het Financieel Reglement, Verordening (EU, Euratom) nr. 883/2013 van het Europees Parlement en de Raad19, Verordening (Euratom, EG) nr. 2988/95 van de Raad20, Verordening (Euratom, EG) nr. 2185/96 van de Raad21 en Verordening (EU) 2017/1939 van de Raad22 moeten de financiële belangen van de Unie worden beschermd door middel van evenredige maatregelen, daaronder begrepen voorkoming, opsporing, correctie en onderzoek van onregelmatigheden en fraude, terugvordering van verloren gegane, onverschuldigd betaalde of onjuist bestede financiële middelen alsmede, in voorkomend geval, oplegging van administratieve sancties. In het bijzonder kan het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF) overeenkomstig Verordening (EU, Euratom) nr. 883/2013 en Verordening (Euratom, EG) nr. 2185/96 administratieve onderzoeken uitvoeren, onder meer door middel van controles en verificaties ter plaatse, om vast te stellen of er sprake is van fraude, corruptie of andere onwettige activiteiten waardoor de financiële belangen van de Unie worden geschaad. Overeenkomstig Verordening (EU) 2017/1939 van de Raad kan het Europees Openbaar Ministerie (EOM) fraude en andere onwettige activiteiten onderzoeken en vervolgen die de financiële belangen van de Unie als bedoeld in Richtlijn (EU) 2017/1371 van het Europees Parlement en de Raad23 schaden. Overeenkomstig het Financieel Reglement dient elke persoon of entiteit die middelen van de Unie ontvangt, ten volle mee te werken aan de bescherming van de financiële belangen van de Unie en de nodige rechten en toegang te verlenen aan de Commissie, OLAF, het EOM en de Europese Rekenkamer (ERK), alsmede ervoor te zorgen dat derden die betrokken zijn bij de uitvoering van middelen van de Unie gelijkwaardige rechten verlenen.

(40) Overeenkomstig het Financieel Reglement, Verordening (EU, Euratom) nr. 883/2013 van het Europees Parlement en de Raad19, Verordening (Euratom, EG) nr. 2988/95 van de Raad20, Verordening (Euratom, EG) nr. 2185/96 van de Raad21 en Verordening (EU) 2017/1939 van de Raad22 moeten de financiële belangen van de Unie worden beschermd door middel van evenredige maatregelen, daaronder begrepen voorkoming, opsporing, correctie en onderzoek van onregelmatigheden en fraude, terugvordering van verloren gegane, onverschuldigd betaalde of onjuist bestede financiële middelen alsmede, in voorkomend geval, oplegging van administratieve en/of strafrechtelijke sancties. In het bijzonder kan het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF) overeenkomstig Verordening (EU, Euratom) nr. 883/2013 en Verordening (Euratom, EG) nr. 2185/96 administratieve onderzoeken uitvoeren, onder meer door middel van controles en verificaties ter plaatse, om vast te stellen of er sprake is van fraude, corruptie of andere onwettige activiteiten waardoor de financiële belangen van de Unie worden geschaad. Overeenkomstig Verordening (EU) 2017/1939 van de Raad kan het Europees Openbaar Ministerie (EOM) fraude en andere onwettige activiteiten onderzoeken en vervolgen die de financiële belangen van de Unie als bedoeld in Richtlijn (EU) 2017/1371 van het Europees Parlement en de Raad23 schaden. Overeenkomstig het Financieel Reglement dient elke persoon of entiteit die middelen van de Unie ontvangt, ten volle mee te werken aan de bescherming van de financiële belangen van de Unie en de nodige rechten en toegang te verlenen aan de Commissie, OLAF, het EOM en de Europese Rekenkamer (ERK), alsmede ervoor te zorgen dat derden die betrokken zijn bij de uitvoering van middelen van de Unie gelijkwaardige rechten verlenen. De lidstaten moeten ten volle samenwerken en de instellingen, agentschappen en organen van de Unie alle nodige assistentie verlenen bij de bescherming van de financiële belangen van de Unie. De resultaten van onderzoeken naar onregelmatigheden of fraude in verband met het fonds moeten ter beschikking worden gesteld aan het Europees Parlement.

__________________

__________________

19 Verordening (EU, Euratom) nr. 883/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 september 2013 betreffende onderzoeken door het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1073/1999 van het Europees Parlement en de Raad en van Verordening (Euratom) nr. 1074/1999 van de Raad (PB L 248 van 18.9.2013, blz. 1).

19 Verordening (EU, Euratom) nr. 883/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 september 2013 betreffende onderzoeken door het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1073/1999 van het Europees Parlement en de Raad en van Verordening (Euratom) nr. 1074/1999 van de Raad (PB L 248 van 18.9.2013, blz. 1).

20 Verordening (EG, Euratom) nr. 2988/95 van de Raad van 18 december 1995 betreffende de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen (PB L 312 van 23.12.1995, blz. 1).

20 Verordening (EG, Euratom) nr. 2988/95 van de Raad van 18 december 1995 betreffende de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen (PB L 312 van 23.12.1995, blz. 1).

21 Verordening (Euratom, EG) nr. 2185/96 van de Raad van 11 november 1996 betreffende de controles en verificaties ter plaatse die door de Commissie worden uitgevoerd ter bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen tegen fraudes en andere onregelmatigheden (PB L 292 van 15.11.1996, blz. 2).

21 Verordening (Euratom, EG) nr. 2185/96 van de Raad van 11 november 1996 betreffende de controles en verificaties ter plaatse die door de Commissie worden uitgevoerd ter bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen tegen fraudes en andere onregelmatigheden (PB L 292 van 15.11.1996, blz. 2).

22 Verordening (EU) 2017/1939 van de Raad van 12 oktober 2017 betreffende nauwere samenwerking bij de instelling van het Europees Openbaar Ministerie ("EOM") (PB L 283 van 31.10.2017, blz. 1).

22 Verordening (EU) 2017/1939 van de Raad van 12 oktober 2017 betreffende nauwere samenwerking bij de instelling van het Europees Openbaar Ministerie ("EOM") (PB L 283 van 31.10.2017, blz. 1).

23 Richtlijn (EU) 2017/1371 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juli 2017 betreffende de strafrechtelijke bestrijding van fraude die de financiële belangen van de Unie schaadt (PB L 198 van 28.7.2017, blz. 29).

23 Richtlijn (EU) 2017/1371 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juli 2017 betreffende de strafrechtelijke bestrijding van fraude die de financiële belangen van de Unie schaadt (PB L 198 van 28.7.2017, blz. 29).

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>29</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 43</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(43) Op grond van artikel 349 VWEU en in overeenstemming met de mededeling van de Commissie "Een nieuw en strategisch sterker partnerschap met de ultraperifere gebieden van de EU"25, die de Raad in zijn conclusies van 12 april 2018 heeft bekrachtigd, moeten de betrokken lidstaten erop toezien dat hun programma's gericht zijn op de specifieke uitdagingen waarmee de ultraperifere regio's worden geconfronteerd. Het fonds ondersteunt deze lidstaten met adequate middelen om deze regio's op gepaste wijze te helpen.

Schrappen

__________________

 

25 COM(2017) 623 final.

 

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>30</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 44</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(44) Krachtens de punten 22 en 23 van het Interinstitutioneel Akkoord over beter wetgeven van 13 april 201626 moet het fonds worden geëvalueerd op basis van gegevens die uit hoofde van specifieke voorschriften voor monitoring worden verzameld, waarbij echter overregulering en administratieve lasten, in het bijzonder voor de lidstaten, moeten worden vermeden. Waar passend kunnen in die voorschriften ook meetbare indicatoren worden opgenomen op basis waarvan gegevens over de effecten van het fonds in de praktijk worden verzameld. Om de resultaten van het fonds te kunnen meten, moeten voor elke specifieke doelstelling van het fonds indicatoren en bijbehorende streefdoelen worden vastgesteld.

(44) Krachtens de punten 22 en 23 van het Interinstitutioneel Akkoord over beter wetgeven van 13 april 201626 moet het fonds worden geëvalueerd op basis van gegevens die uit hoofde van specifieke voorschriften voor monitoring worden verzameld, waarbij echter overregulering en administratieve lasten, in het bijzonder voor de lidstaten, moeten worden vermeden. Waar passend kunnen in die voorschriften ook meetbare indicatoren worden opgenomen op basis waarvan gegevens over de effecten van het fonds in de praktijk worden verzameld. Om de resultaten van het fonds te kunnen meten, moeten voor elke specifieke doelstelling van het fonds indicatoren en bijbehorende streefdoelen worden vastgesteld. Deze indicatoren moeten kwalitatieve en kwantitatieve indicatoren omvatten.

__________________

__________________

26 Interinstitutioneel Akkoord tussen het Europees Parlement, de Raad van de Europese Unie en de Europese Commissie van 13 april 2016 over beter wetgeven (PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1).

26 Interinstitutioneel Akkoord tussen het Europees Parlement, de Raad van de Europese Unie en de Europese Commissie van 13 april 2016 over beter wetgeven (PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1).

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>31</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 45</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(45) Om recht te doen aan het belang van de strijd tegen de klimaatverandering, in overeenstemming met de toezeggingen van de Unie om de Overeenkomst van Parijs en de duurzame-ontwikkelingsdoelstellingen van de Verenigde Naties ten uitvoer te leggen, zal dit fonds bijdragen aan de integratie van klimaatactie in alle beleidsdomeinen en aan de verwezenlijking van het streefdoel om globaal 25 % van de EU-begrotingsuitgaven te gebruiken ter ondersteuning van klimaatdoelstellingen. Acties ter zake zullen worden vastgesteld tijdens de voorbereiding en uitvoering van het fonds, en worden heroverwogen in het kader van de betrokken evaluatie- en beoordelingsprocessen.

(45) Om recht te doen aan het belang van de strijd tegen de klimaatverandering, in overeenstemming met de toezeggingen van de Unie om de Overeenkomst van Parijs en de duurzame-ontwikkelingsdoelstellingen van de Verenigde Naties ten uitvoer te leggen, zal dit fonds bijdragen aan de integratie van klimaatactie in alle beleidsdomeinen en aan de verwezenlijking van het streefdoel om gedurende de periode van het MFK 2021-2027 globaal 25 % en zo spoedig mogelijk en uiterlijk in 2027 30 % van de EU-begrotingsuitgaven te gebruiken ter ondersteuning van klimaatdoelstellingen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>32</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 46</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(46) Via deze indicatoren en de financiële verslaglegging moeten de Commissie en de lidstaten toezien op de uitvoering van het fonds overeenkomstig de desbetreffende bepalingen van Verordening (EU) X [GB-verordening] en de onderhavige verordening.

(46) Via deze indicatoren en de financiële verslaglegging moeten de Commissie en de lidstaten toezien op de uitvoering van het fonds overeenkomstig de desbetreffende bepalingen van Verordening (EU) X [GB-verordening] en de onderhavige verordening. Om haar toezichthoudende rol naar behoren te vervullen, moet de Commissie de daadwerkelijk uitgegeven bedragen uit het fonds in een bepaald jaar kunnen vaststellen. Bij de verslaglegging over de jaarrekeningen van hun nationale programma's aan de Commissie moeten de lidstaten daarom een onderscheid maken tussen terugvorderingen, voorfinancieringsbetalingen aan eindbegunstigden en de vergoeding van daadwerkelijk verrichte uitgaven. Teneinde de controle en monitoring van de uitvoering van het fonds te vergemakkelijken, moet de Commissie deze bedragen opnemen in haar jaarlijkse uitvoeringsverslag voor het fonds. De Commissie moet het Europees Parlement en de Raad jaarlijks een overzicht van de aanvaarde jaarlijkse prestatieverslagen voorleggen. De Commissie moet het Europees Parlement en de Raad op verzoek de volledige tekst van de jaarlijkse prestatieverslagen ter beschikking stellen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>33</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 47</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(47) Met het oog op de aanvulling en wijziging van niet-essentiële elementen van deze verordening moet aan de Commissie de bevoegdheid worden gedelegeerd om overeenkomstig artikel 290 VWEU wetgevingshandelingen vast te stellen met betrekking tot de in bijlage IV opgenomen lijst van acties die in aanmerking komen voor een hoger medefinancieringspercentage, operationele steun en de verdere ontwikkeling van het kader voor toezicht en evaluatie. Het is van bijzonder belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden tot passende raadplegingen overgaat, onder meer op deskundigenniveau, en dat die raadplegingen gebeuren in overeenstemming met de beginselen die zijn vastgelegd in het Interinstitutioneel Akkoord over beter wetgeven van 13 april 2016.

(47) Met het oog op de aanvulling en wijziging van niet-essentiële elementen van deze verordening moet aan de Commissie de bevoegdheid worden gedelegeerd om overeenkomstig artikel 290 VWEU wetgevingshandelingen vast te stellen met betrekking tot werkprogramma's voor de thematische faciliteit, de in bijlage IV opgenomen lijst van acties die in aanmerking komen voor een hoger medefinancieringspercentage, operationele steun en de verdere ontwikkeling van het kader voor toezicht en evaluatie. Het is van bijzonder belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden tot passende raadplegingen overgaat, onder meer op deskundigenniveau, en dat die raadplegingen gebeuren in overeenstemming met de beginselen die zijn vastgelegd in het Interinstitutioneel Akkoord over beter wetgeven van 13 april 2016.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>34</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 48</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(48) Om te zorgen voor eenvormige voorwaarden voor de uitvoering van deze verordening, dienen aan de Commissie uitvoeringsbevoegdheden te worden verleend. Deze bevoegdheden dienen te worden uitgeoefend volgens Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 tot vaststelling van de algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie controleren27. De onderzoeksprocedure moet worden toegepast voor uitvoeringshandelingen waarin de gezamenlijke verplichtingen van de lidstaten worden vastgesteld, met name inzake het verstrekken van informatie aan de Commissie, en de raadplegingsprocedure moet worden toegepast voor de vaststelling van uitvoeringshandelingen betreffende de methoden voor het verstrekken van informatie aan de Commissie in het kader van de programmering en verslaglegging, aangezien dit een zuiver technische kwestie is.

(48) Om te zorgen voor eenvormige voorwaarden voor de uitvoering van deze verordening, dienen aan de Commissie uitvoeringsbevoegdheden te worden verleend. Deze bevoegdheden dienen te worden uitgeoefend volgens Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 tot vaststelling van de algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie controleren27. De raadplegingsprocedure moet worden toegepast voor de vaststelling van uitvoeringshandelingen betreffende de methoden voor het verstrekken van informatie aan de Commissie in het kader van de programmering en verslaglegging, aangezien dit een zuiver technische kwestie is.

__________________

__________________

27 PB L 55 van 28.2.2011, blz. 13.

27 PB L 55 van 28.2.2011, blz. 13.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>35</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – lid 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Deze verordening stelt het Fonds voor interne veiligheid ("het fonds") vast.

1. Deze verordening stelt het Fonds voor interne veiligheid ("het fonds") vast voor de periode van 1 januari 2021 tot en met 31 december 2027.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>36</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – lid 2</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. In deze verordening worden de doelstellingen van het fonds, het budget voor de periode 2021-2027, de vormen van financiering door de Unie alsmede de regels voor de verstrekking van die financiering vastgelegd.

2. Bij deze verordening worden vastgesteld:

 

(a)  de doelstellingen van het fonds;

 

(b)  de specifieke doelstellingen van het fonds en de maatregelen voor de verwezenlijking van die specifieke doelstellingen;

 

(c)  het budget voor de periode 2021-2027;

 

(d)  de vormen van financiering door de Unie alsmede de regels voor de verstrekking van die financiering.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>37</NumAm><DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 2 – alinea 1 – letter d</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(d) "cybercriminaliteit": digitale criminaliteit, dit wil zeggen misdrijven die alleen kunnen worden gepleegd aan de hand van ICT-apparaten en -systemen (ICT=informatie- en communicatietechnologie), waarbij de apparaten en de systemen hetzij als instrument voor het plegen van het misdrijf hetzij als voornaamste doelwit van het misdrijf worden gebruikt, en gedigitaliseerde criminaliteit, dat wil zeggen traditionele misdrijven, zoals seksuele uitbuiting van kinderen, waarvan de schaal of het bereik kan worden vergroot door het gebruik van computers, computernetwerken of andere vormen van ICT;

(d) "cybercriminaliteit": digitale criminaliteit, dit wil zeggen misdrijven die alleen kunnen worden gepleegd aan de hand van ICT-apparaten en -systemen (ICT=informatie- en communicatietechnologie), waarbij de apparaten en de systemen hetzij als instrument voor het plegen van het misdrijf hetzij als voornaamste doelwit van het misdrijf worden gebruikt, en gedigitaliseerde criminaliteit, dat wil zeggen traditionele misdrijven waarvan de schaal of het bereik kan worden vergroot door het gebruik van computers, computernetwerken of andere vormen van ICT;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>38</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 2 – alinea 1 – letter f</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(f) "EU-beleidscyclus": een inlichtingengestuurd en multidisciplinair initiatief dat de voornaamste dreigingen op het gebied van zware en georganiseerde criminaliteit waarmee de Unie wordt geconfronteerd, moet bestrijden door de samenwerking te bevorderen tussen de lidstaten, de instellingen van de Unie, de agentschappen en, in voorkomend geval, derde landen en organisaties;

(f) "EU-beleidscyclus": een inlichtingengestuurd en multidisciplinair initiatief dat de voornaamste dreigingen op het gebied van zware en georganiseerde criminaliteit waarmee de Unie wordt geconfronteerd, moet bestrijden door de samenwerking te bevorderen tussen de lidstaten, de instellingen van de Unie, de agentschappen van de Unie op het gebied van justitie en binnenlandse zaken en, in voorkomend geval, derde landen en specifieke internationale organisaties;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>39</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 2 – alinea 1 – letter g</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(g) "uitwisseling van en toegang tot informatie": de veilige verzameling, opslag, verwerking, analyse en uitwisseling van informatie die relevant is voor de in artikel 87 VWEU vermelde autoriteiten en voor Europol en die betrekking heeft op het voorkomen, opsporen, onderzoeken en vervolgen van strafbare feiten, met name grensoverschrijdende georganiseerde criminaliteit;

(g) "uitwisseling van en toegang tot informatie": de veilige verzameling, opslag, verwerking, analyse en uitwisseling van informatie die relevant is voor de in artikel 87 VWEU vermelde autoriteiten en voor Europol, Eurojust en het Europees Openbaar Ministerie, die betrekking heeft op het voorkomen, opsporen, onderzoeken en vervolgen van strafbare feiten, met name terrorisme en cybercriminaliteit, alsook grensoverschrijdende zware en georganiseerde criminaliteit, en die is verwerkt overeenkomstig de toepasselijke voorschriften van de Unie inzake gegevensbescherming;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>40</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 2 – alinea 1 – letter h</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(h) "justitiële samenwerking": justitiële samenwerking in strafzaken;

Schrappen

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>41</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 2 – alinea 1 – letter i</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(i) "LETS": het Europees opleidingsprogramma voor rechtshandhaving (European Law Enforcement Training Scheme) dat rechtshandhavingsambtenaren in staat moet stellen zich de kennis en vaardigheden eigen te maken die zij nodig hebben om grensoverschrijdende criminaliteit doeltreffend te voorkomen en te bestrijden door efficiënte samenwerking, zoals uiteengezet in de mededeling van de Commissie van 27 maart 2013 tot vaststelling van een Europees LETS31 en zoals bedoeld in de Cepol-verordening32;

(i) "LETS": het Europees opleidingsprogramma voor rechtshandhaving (European Law Enforcement Training Scheme) dat rechtshandhavingsambtenaren in staat moet stellen zich de kennis en vaardigheden eigen te maken die zij nodig hebben om georganiseerde en zware grensoverschrijdende criminaliteit en terrorisme doeltreffend te voorkomen en te bestrijden door efficiënte samenwerking, zoals uiteengezet in de mededeling van de Commissie van 27 maart 2013 tot vaststelling van een Europees LETS31 en zoals bedoeld in de Cepol-verordening32;

__________________

__________________

31 COM(2013) 172 final tot vaststelling van een Europees opleidingsprogramma voor rechtshandhaving (LETS).

31 COM(2013) 172 final tot vaststelling van een Europees opleidingsprogramma voor rechtshandhaving (LETS).

32 Verordening (EU) 2015/2219 van de Raad van 25 november 2015 betreffende het Agentschap van de Europese Unie voor opleiding op het gebied van rechtshandhaving (Cepol).

32 Verordening (EU) 2015/2219 van de Raad van 25 november 2015 betreffende het Agentschap van de Europese Unie voor opleiding op het gebied van rechtshandhaving (Cepol).

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>42</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 2 – alinea 1 – letter k</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(k) "paraatheid": elke maatregel die ten doel heeft risico's in verband met mogelijke terroristische aanslagen of andere veiligheidsgerelateerde incidenten te voorkomen of te beperken;

(k) "paraatheid": specifieke maatregelen die ten doel hebben risico's in verband met mogelijke terroristische aanslagen of andere veiligheidsgerelateerde incidenten te voorkomen of te beperken;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>43</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 3 – lid 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De beleidsdoelstelling van het fonds bestaat erin bij te dragen aan een hoog niveau van veiligheid in de Unie, met name door terrorisme en radicalisering, zware georganiseerde misdaad en cybercriminaliteit aan te pakken en door slachtoffers van misdrijven te helpen en te beschermen.

1. De beleidsdoelstelling van het fonds bestaat erin onder meer via nauwere samenwerking bij te dragen aan een hoog niveau van veiligheid in de Unie, met name door terrorisme en gewelddadig extremisme, met inbegrip van radicalisering, zware georganiseerde misdaad en cybercriminaliteit te voorkomen en te bestrijden en door slachtoffers van misdrijven te helpen en te beschermen. Daarnaast steunt het fonds de paraatheid in verband met en het beheer van veiligheidsgerelateerde incidenten.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>44</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 3 – lid 2 – letter a</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a) toename van de uitwisseling van informatie tussen en binnen de rechtshandhavingsautoriteiten en andere bevoegde instanties en relevante organen van de Unie, alsook met derde landen en internationale organisaties;

(a) verbetering en vergemakkelijking van de uitwisseling van relevante en nauwkeurige informatie tussen en binnen de rechtshandhavings- en justitiële autoriteiten van de lidstaten, andere bevoegde instanties van de lidstaten en andere relevante organen van de Unie, met name Europol en Eurojust, en in voorkomend geval met derde landen en internationale organisaties;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>45</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 3 – lid 2 – letter b</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b) intensivering van de grensoverschrijdende gezamenlijke operaties tussen en binnen de rechtshandhavingsautoriteiten en andere bevoegde instanties van de Unie, met betrekking tot zware en georganiseerde criminaliteit met een grensoverschrijdende dimensie, en

(b) verbetering en intensivering van de grensoverschrijdende coördinatie en samenwerking, met inbegrip van relevante gezamenlijke operaties tussen en binnen de rechtshandhavingsautoriteiten en andere bevoegde instanties van de lidstaten, met betrekking tot terrorisme en zware en georganiseerde criminaliteit met een grensoverschrijdende dimensie,

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>46</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 3 – lid 2 – letter c</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(c) ondersteuning van inspanningen om de capaciteiten op het gebied van de bestrijding en de voorkoming van criminaliteit, met inbegrip van terrorisme, te versterken, met name door middel van nauwere samenwerking tussen overheidsinstanties, het maatschappelijk middenveld en particuliere partners uit de verschillende lidstaten.

(c) ondersteuning van de noodzakelijke versterking van de capaciteiten van de lidstaten op het gebied van de bestrijding en de voorkoming van criminaliteit, met inbegrip van terrorisme, cybercriminaliteit en gewelddadig extremisme, met inbegrip van radicalisering, met name door middel van nauwere samenwerking tussen overheidsinstanties, de relevante agentschappen van de Unie, het maatschappelijk middenveld en particuliere actoren, in en tussen de verschillende lidstaten, en civiele crisisbeheersing na een veiligheidsgerelateerd incident.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>47</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 3 – lid 2 – letter c bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(c bis) ontwikkeling van een gemeenschappelijke inlichtingencultuur door de ondersteuning van contacten, wederzijds vertrouwen en begrip en wederzijdse leerprocessen, en de verspreiding van knowhow en beste praktijken tussen de inlichtingendiensten van de lidstaten en met Europol, met name door middel van gezamenlijke opleidingen en de uitwisseling van deskundigen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>48</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 3 – lid 3</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. In het kader van de in lid 2 bedoelde specifieke doelstellingen wordt het fonds uitgevoerd aan de hand van de in bijlage II genoemde uitvoeringsmaatregelen.

3. In het kader van de in lid 2 bedoelde specifieke doelstellingen wordt het fonds uitgevoerd aan de hand van onder meer de in artikel 3 bis genoemde uitvoeringsmaatregelen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>49</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 3 – lid 4</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. De gefinancierde acties worden uitgevoerd met respect voor de grondrechten en de menselijke waardigheid. In het bijzonder voldoen de acties aan de bepalingen van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, het Unierecht inzake gegevensbescherming en het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM). Met name besteden de lidstaten bij de uitvoering van acties waar mogelijk bijzondere aandacht aan het bijstaan en beschermen van kwetsbare personen, in het bijzonder kinderen en niet-begeleide minderjarigen.

4. De gefinancierde operaties worden uitgevoerd met volledige inachtneming van de grondrechten en de menselijke waardigheid en de waarden die zijn neergelegd in artikel 2 van het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU), en de financiering wordt opgeschort en teruggevorderd in geval van duidelijk en deugdelijk bewijs dat de acties bijdragen tot de schending van die rechten. In het bijzonder voldoen de operaties aan de bepalingen van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, het Unierecht inzake gegevensbescherming en het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM). Er wordt bijzondere aandacht besteed aan de uitvoering van operaties in verband met kwetsbare personen, in het bijzonder kinderen en niet-begeleide minderjarigen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>50</NumAm><DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 3 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 3 bis

 

Uitvoeringsmaatregelen

 

1. Het fonds draagt bij tot de verwezenlijking van de in artikel 3, lid 2, onder a), bedoelde specifieke doelstelling door zich te richten op de volgende uitvoeringsmaatregelen:

 

(a) het waarborgen van een uniforme toepassing van het acquis van de Unie inzake veiligheid, door de uitwisseling van relevante informatie te ondersteunen, onder meer via de uitvoering van aanbevelingen die worden uitgevaardigd in het kader van mechanismen voor kwaliteitscontrole en evaluatie, zoals het Schengenevaluatiemechanisme;

 

(b) het opzetten, aanpassen en onderhouden van voor de veiligheid relevante IT-systemen en IT-communicatienetwerken van de Unie, inclusief het waarborgen van hun interoperabiliteit, en het ontwikkelen van passende instrumenten om vastgestelde lacunes op te vullen;

 

(c) het uitbreiden van het actieve gebruik van voor de veiligheid relevante informatie-uitwisselingsinstrumenten, -systemen en -databanken van de Unie, het verbeteren van de onderlinge koppeling van voor de veiligheid relevante nationale databanken en hun koppeling met de databanken van de Unie indien daarin is voorzien in de betreffende rechtsgronden, en het garanderen dat in deze databanken relevante gegevens van hoge kwaliteit worden opgenomen;

 

(d) het ondersteunen van passende nationale maatregelen voor de uitvoering van de in artikel 3, lid 2, onder a), bedoelde specifieke doelstellingen.

 

2. Het fonds draagt bij tot de verwezenlijking van de in artikel 3, lid 2, onder b), bedoelde specifieke doelstelling door zich te richten op de volgende uitvoeringsmaatregelen:

 

(a) het verhogen van het aantal relevante rechtshandhavingsoperaties die in samenwerking tussen lidstaten, en in voorkomend geval met andere relevante actoren, worden uitgevoerd, met name met als doel het gebruik van operationele samenwerkingsmechanismen, zoals gezamenlijke onderzoeksteams, gezamenlijke patrouilles, achtervolgingen, onopvallende controle en andere soortgelijke mechanismen in het kader van de EU-beleidscyclus (Empact), te faciliteren en te verbeteren, met bijzondere aandacht voor grensoverschrijdende operaties;

 

(b) het intensiveren van de coördinatie en samenwerking tussen rechtshandhavings- en andere bevoegde autoriteiten binnen en tussen de lidstaten en met andere relevante actoren, bijvoorbeeld via netwerken van gespecialiseerde nationale eenheden, netwerken en samenwerkingsstructuren van de Unie en centra van de Unie;

 

(c) het verbeteren van de samenwerking tussen de instanties onderling en op het niveau van de Unie tussen de lidstaten onderling, of tussen de lidstaten enerzijds en de betrokken organen en instanties van de Unie anderzijds, alsmede op nationaal niveau tussen de bevoegde nationale instanties in elke lidstaat.

 

3. Het fonds draagt bij tot de verwezenlijking van de in artikel 3, lid 2, onder c), bedoelde specifieke doelstelling door zich te richten op de volgende uitvoeringsmaatregelen:

 

(a) het opvoeren van de opleiding, de oefeningen en het wederzijds leren op het gebied van rechtshandhaving, met name door er elementen in op te nemen om het bewustzijn inzake kwesties in verband met radicalisering, gewelddadig extremisme en racisme te vergroten, gespecialiseerde uitwisselingsprogramma's tussen de lidstaten, ook voor beginnende personeelsleden van rechtshandhavingsinstanties, en de uitwisseling van beste praktijken, tevens met derde landen en andere relevante actoren;

 

(b) het benutten van synergieën door het bundelen van middelen en kennis bij de lidstaten en andere relevante actoren, onder meer uit het maatschappelijk middenveld, bijvoorbeeld door de oprichting van gezamenlijke expertisecentra, de ontwikkeling van gezamenlijke risicobeoordelingen, de oprichting van gemeenschappelijke operationele centra voor de ondersteuning van gezamenlijke operaties of de uitwisseling van beste praktijken voor het voorkomen van criminaliteit op lokaal niveau;

 

(c) het bevorderen en ontwikkelen van maatregelen, waarborgen, mechanismen en beste praktijken voor de vroegtijdige identificatie, bescherming en ondersteuning van getuigen, klokkenluiders en slachtoffers van misdrijven, en het daartoe ontwikkelen van partnerschappen tussen overheidsinstanties en andere relevante actoren;

 

(d) het aankopen van passende apparatuur en het opzetten of upgraden van gespecialiseerde opleidingsvoorzieningen en andere essentiële infrastructuur die relevant is voor de veiligheid, teneinde de paraatheid, de veerkracht en het maatschappelijke bewustzijn op het gebied van veiligheidsdreigingen te verbeteren en te komen tot een adequate respons op deze dreigingen;

 

(e) het opsporen, beoordelen en verhelpen van kwetsbaarheden in kritieke infrastructuur en IT-apparatuur met een hoge marktpenetratie teneinde aanvallen op informatiesystemen en kritieke infrastructuur te voorkomen, bijvoorbeeld door middel van controles van de code van gratis en open software, de vaststelling en ondersteuning van bug-bounty-programma's of penetratietests.

 

4. Het fonds draagt bij tot de verwezenlijking van de in artikel 3, lid 2, onder c bis), bedoelde specifieke doelstelling door zich te richten op de volgende uitvoeringsmaatregelen:

 

(a) het verbeteren van de samenwerking en coördinatie tussen de inlichtingendiensten van de lidstaten en tussen die diensten en de rechtshandhavingsautoriteiten door middel van contacten, netwerken, wederzijds vertrouwen en begrip, wederzijds van elkaar leren en de uitwisseling en verspreiding van knowhow, ervaring en beste praktijken, met name als het gaat om het verlenen van assistentie bij politieonderzoeken en de inschatting van dreigingen;

 

(b) de uitwisseling en opleiding van inlichtingenfunctionarissen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>51</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 4 – lid 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. In het kader van de doelstellingen van artikel 3 en overeenkomstig de uitvoeringsmaatregelen van bijlage II steunt het fonds met name de acties van bijlage III.

1. Overeenkomstig de in artikel 3 bis genoemde uitvoeringsmaatregelen steunt het fonds acties die bijdragen aan de verwezenlijking van de in artikel 3 genoemde doelstellingen. Dit kunnen de acties van bijlage III zijn.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>52</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 4 – lid 2</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Teneinde de doelstellingen van deze verordening te verwezenlijken, kan het fonds, indien nodig, acties ondersteunen overeenkomstig de in bijlage III bedoelde prioriteiten van de Unie met betrekking tot en in derde landen, conform artikel 5.

2. Teneinde de in artikel 3 van deze verordening bedoelde doelstellingen te verwezenlijken, kan het fonds, indien nodig, in uitzonderlijke gevallen, binnen bepaalde grenzen en met inachtneming van passende waarborgen, in bijlage III bedoelde acties ondersteunen met betrekking tot en in derde landen, conform artikel 5.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>53</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 4 – lid 2 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis. Het totale financieringsbedrag voor ondersteuning van acties in of met betrekking tot derde landen in het kader van de thematische faciliteit overeenkomstig artikel 8 mag niet meer bedragen dan 2 % van het totale bedrag dat krachtens artikel 7, lid 2, onder b), aan de thematische faciliteit is toegewezen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>54</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 4 – lid 2 ter (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 ter. Het totale financieringsbedrag voor ondersteuning van acties in of met betrekking tot derde landen in het kader van de programma's van de lidstaten overeenkomstig artikel 12 mag voor elke lidstaat niet meer bedragen dan 2 % van het totale aan die lidstaat toegewezen bedrag overeenkomstig artikel 7, lid 2, onder a), artikel 10, lid 1, en bijlage I.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>55</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 4 – lid 3 – alinea 1 – letter a</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a) acties die beperkt zijn tot de handhaving van de openbare orde op nationaal niveau;

(a) acties die beperkt zijn tot of voornamelijk bestaan in de handhaving van de openbare orde op nationaal niveau;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>56</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 4 – lid 3 – alinea 1 – letter d</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(d) apparatuur die onder meer voor douanecontrole is bedoeld;

(d) apparatuur die voornamelijk voor douanecontrole is bedoeld;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>57</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 4 – lid 3 – alinea 2</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Wanneer zich een noodsituatie voordoet, kunnen de in dit lid bedoelde niet-subsidiabele acties als subsidiabel worden aangemerkt.

Wanneer zich een noodsituatie voordoet, kunnen de onder a) en b) van de eerste alinea bedoelde niet-subsidiabele acties als subsidiabel worden aangemerkt.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>58</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 5 – lid 1 – letter a – punt ii</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(ii) een in het werkprogramma opgenomen derde land, onder de daarin vermelde voorwaarden;

(ii) een in het werkprogramma opgenomen derde land, onder de daarin vermelde voorwaarden, mits bij alle acties van, in of met betrekking tot dat derde land de rechten en beginselen die in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie zijn verankerd en de internationale verplichtingen van de Unie en de lidstaten in acht worden genomen;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>59</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 5 – lid 1 – letter b</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b) elke juridische entiteit die is opgericht krachtens het recht van de Unie of elke internationale organisatie.

(b) elke juridische entiteit die is opgericht krachtens het recht van de Unie of elke relevante internationale organisatie.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>60</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 5 – lid 3</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Juridische entiteiten die zijn gevestigd in een derde land, zijn bij wijze van uitzondering subsidiabel voor zover dit noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de doelstellingen van een bepaalde actie.

3. Juridische entiteiten die zijn gevestigd in een derde land, zijn bij wijze van uitzondering na goedkeuring door de Commissie subsidiabel voor zover dit noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de doelstellingen van een bepaalde actie.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>61</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 5 – lid 4</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. Juridische entiteiten die deelnemen aan consortia van ten minste twee onafhankelijke entiteiten en die zijn gevestigd in verschillende lidstaten of met die lidstaten verbonden landen of gebieden overzee of in derde landen, zijn subsidiabel.

4. Juridische entiteiten die deelnemen aan consortia van ten minste twee onafhankelijke entiteiten en die zijn gevestigd in verschillende lidstaten of in met die lidstaten verbonden landen of gebieden overzee, zijn subsidiabel. Als de internationale organisaties die aan een consortium deelnemen in een derde land zijn gevestigd, is artikel 6, lid 3, van toepassing.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>62</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 6 – lid 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De krachtens deze verordening verleende steun complementeert nationaal, regionaal en lokaal optreden en is erop gericht waarde toe te voegen uit het oogpunt van de doelstellingen van deze verordening.

1. De krachtens deze verordening verleende steun complementeert nationaal, regionaal en lokaal optreden en is erop gericht Europese waarde toe te voegen uit het oogpunt van de doelstellingen van deze verordening.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>63</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 6 – lid 2</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De Commissie en de lidstaten zorgen ervoor dat de steun die krachtens deze verordening en door de lidstaten wordt verleend, consistent is met de betreffende activiteiten, beleidsmaatregelen en prioriteiten van de Unie en complementair is aan andere instrumenten van de Unie.

2. De Commissie en de lidstaten zorgen ervoor dat de steun die krachtens deze verordening en door de lidstaten wordt verleend, consistent is met de betreffende activiteiten, beleidsmaatregelen en prioriteiten van de Unie, complementair is aan nationale instrumenten en gecoördineerd is met andere instrumenten van de Unie, met name in het kader van andere EU-fondsen verrichte acties.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>64</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 7 – lid 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De financiële middelen voor de uitvoering van het fonds voor de periode 2021-2027 bedragen 2 500 000 000 EUR in lopende prijzen.

1. De financiële middelen voor de uitvoering van het fonds voor de periode 2021-2027 bedragen 2 209 725 000 EUR in prijzen van 2018 (2 500 000 000 EUR in lopende prijzen).

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>65</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 7 – lid 2 – letter a</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a) 1 500 000 000 EUR wordt toegewezen aan in gedeeld beheer uitgevoerde programma's;

(a) 1 325 835 000 EUR in prijzen van 2018 (1 500 000 000 EUR in lopende prijzen) wordt toegewezen aan in gedeeld beheer uitgevoerde programma's;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>66</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 7 – lid 2 – letter b</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b) 1 000 000 000 EUR wordt toegewezen aan de thematische faciliteit.

(b) 883 890 EUR in prijzen van 2018 (1 000 000 000 EUR in lopende prijzen) wordt toegewezen aan de thematische faciliteit.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>67</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 8 – lid 2</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De financiering uit de thematische faciliteit wordt gebruikt voor prioriteiten met een hoge toegevoegde waarde voor de Unie of om te voorzien in dringende behoeften, conform de overeengekomen prioriteiten van de Unie zoals uiteengezet in bijlage II.

2. De financiering uit de thematische faciliteit wordt gebruikt voor prioriteiten met een hoge toegevoegde waarde voor de Unie, om te voorzien in dringende behoeften, conform de overeengekomen prioriteiten van de Unie zoals uiteengezet in artikel 3 bis, voor specifieke maatregelen zoals die welke zijn vermeld in bijlage III, of ter ondersteuning van bijstandsmaatregelen overeenkomstig artikel 19. De verdeling van de middelen van de thematische faciliteit over de verschillende prioriteiten staat zo goed mogelijk in verhouding tot de uitdagingen en behoeften, zodat de doelstellingen van het fonds kunnen worden behaald.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>68</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 8 – lid 2 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis. De financiering uit de thematische faciliteit wordt als volgt verdeeld:

 

(a) minimaal 10 % voor de in artikel 3, lid 2, onder a), vermelde specifieke doelstelling;

 

(b) minimaal 10 % voor de in artikel 3, lid 2, onder b), vermelde specifieke doelstelling;

 

c) minimaal 30 % voor de in artikel 3, lid 2, onder c), vermelde specifieke doelstelling;

 

(d) minimaal 5 % voor de in artikel 3, lid 2, onder c bis), vermelde specifieke doelstelling.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>69</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 8 – lid 3</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Wanneer financiering uit de thematische faculteit in direct of indirect beheer aan de lidstaten wordt toegekend, wordt gewaarborgd dat de geselecteerde projecten niet worden beïnvloed door een met redenen omkleed advies van de Commissie met betrekking tot een inbreuk als bedoeld in artikel 258 VWEU die de wettigheid en regelmatigheid van de uitgaven of de prestatie van projecten in gevaar brengt.

3. Wanneer financiering uit de thematische faciliteit in direct of indirect beheer aan de lidstaten wordt toegekend, mag er geen financiering ter beschikking worden gesteld voor projecten indien er duidelijke aanwijzingen zijn dat de wettigheid van die projecten of de wettigheid en regelmatigheid van die financiering, of de prestatie van die projecten, ter discussie staan als gevolg van een met redenen omkleed advies van de Commissie met betrekking tot een inbreukprocedure als bedoeld in artikel 258 VWEU.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>70</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 8 – lid 4</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. Wanneer financiering uit de thematische faculteit in gedeeld beheer wordt uitgevoerd, beoordeelt de Commissie voor de toepassing van artikel 18 en artikel 19, lid 2, van Verordening (EU) nr. X [GB-verordening] of de geplande acties niet worden beïnvloed door een met redenen omkleed advies van de Commissie met betrekking tot een inbreuk als bedoeld in artikel 258 VWEU die de wettigheid en regelmatigheid van de uitgaven of de prestatie van de projecten in gevaar brengt.

4. Wanneer financiering uit de thematische faciliteit in gedeeld beheer wordt uitgevoerd, waarborgt de Commissie voor de toepassing van artikel 18 en artikel 19, lid 2, van Verordening (EU) nr. X [GB-verordening] dat er geen financiering ter beschikking wordt gesteld voor projecten indien er duidelijke aanwijzingen zijn dat de wettigheid van die projecten of de wettigheid en regelmatigheid van die financiering, of de prestatie van die projecten, ter discussie staan als gevolg van een met redenen omkleed advies van de Commissie met betrekking tot een inbreukprocedure als bedoeld in artikel 258 VWEU.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>71</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 8 – lid 5</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. De Commissie stelt het totaalbedrag vast dat voor de thematische faciliteit beschikbaar is in het kader van de jaarlijkse begrotingskredieten van de Unie. De Commissie stelt voor de thematische faciliteit financieringsbesluiten vast als bedoeld in artikel [110] van het Financieel Reglement, waarin de doelstellingen en de te ondersteunen acties worden vermeld, alsmede de bedragen voor elk van de onderdelen daarvan, als bedoeld in lid 1. In de financieringsbesluiten wordt in voorkomend geval het voor blendingverrichtingen gereserveerde totaalbedrag opgenomen.

5. De Commissie stelt het totaalbedrag vast dat voor de thematische faciliteit beschikbaar is in het kader van de jaarlijkse begrotingskredieten van de Unie. De Commissie is bevoegd om overeenkomstig artikel 28 gedelegeerde handelingen vast te stellen om deze verordening aan te vullen door werkprogramma's vast te stellen als bedoeld in artikel [110] van het Financieel Reglement, waarin de doelstellingen en de te ondersteunen acties worden vermeld, alsmede de bedragen voor elk van de onderdelen daarvan, als bedoeld in lid 1. Voordat een werkprogramma wordt aangenomen, raadpleegt de Commissie relevante belanghebbenden, met inbegrip van organisaties uit het maatschappelijk middenveld. In de werkprogramma's wordt in voorkomend geval het voor blendingverrichtingen gereserveerde totaalbedrag opgenomen. Om de middelen tijdig beschikbaar te maken, kan de Commissie voor noodhulp een afzonderlijk werkprogramma vaststellen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>72</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 8 – lid 6</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6. Na de vaststelling van het financieringsbesluit als bedoeld in lid 3 kan de Commissie de in gedeeld beheer uitgevoerde programma's dienovereenkomstig aanpassen.

6. Na de vaststelling van het werkprogramma als bedoeld in lid 5 kan de Commissie de in gedeeld beheer uitgevoerde programma's dienovereenkomstig aanpassen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>73</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 8 – lid 7</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

7. De financieringsbesluiten zijn jaarlijks of meerjarig en kunnen betrekking hebben op één of meer onderdelen van de thematische faciliteit.

7. De werkprogramma's zijn jaarlijks of meerjarig en kunnen betrekking hebben op één of meer onderdelen van de thematische faciliteit.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>74</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 11 – lid 5 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

5 bis. De bijdrage uit de Uniebegroting kan op initiatief van de lidstaten worden verhoogd tot 100 % van de totale subsidiabele uitgaven voor technische bijstand.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>75</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 12 – lid 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Elke lidstaat zorgt ervoor dat de door zijn programma's bestreken prioriteiten consistent zijn met en afgestemd zijn op de prioriteiten en uitdagingen van de Unie op het gebied van veiligheid, en dat zij stroken met het relevante acquis en de overeengekomen prioriteiten van de Unie. Bij het vaststellen van deze programmaprioriteiten zorgen de lidstaten ervoor dat de in bijlage II vastgestelde uitvoeringsmaatregelen voldoende in de programma's aan bod komen.

1. Elke lidstaat en de Commissie zorgen ervoor dat de door de nationale programma's bestreken prioriteiten consistent zijn met en afgestemd zijn op de prioriteiten en uitdagingen van de Unie op het gebied van veiligheid, en dat zij stroken met het relevante acquis en de overeengekomen prioriteiten van de Unie. Bij het vaststellen van deze programmaprioriteiten zorgen de lidstaten ervoor dat de in artikel 3 bis vastgestelde uitvoeringsmaatregelen voldoende in de programma's aan bod komen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>76</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 12 – lid 1 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. Bij de evaluatie van de nationale programma's van de lidstaten vergewist de Commissie zich ervan dat de geplande acties niet worden beïnvloed door een met redenen omkleed advies dat zij heeft uitgebracht met betrekking tot een inbreuk als bedoeld in artikel 258 VWEU betreffende de wettigheid en regelmatigheid van de uitgaven of de prestatie van projecten.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>77</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 12 – lid 1 ter (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 ter. De lidstaten wijzen de middelen voor hun nationale programma's als volgt toe:

 

(a) minimaal 10 % voor de in artikel 3, lid 2, onder a), vermelde specifieke doelstelling;

 

(b) minimaal 10 % voor de in artikel 3, lid 2, onder b), vermelde specifieke doelstelling;

 

(c) minimaal 30 % voor de in artikel 3, lid 2, onder c), vermelde specifieke doelstelling;

 

(d) minimaal 5 % voor de in artikel 3, lid 2, onder c bis), vermelde specifieke doelstelling.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>78</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 12 – lid 1 quater (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 quater. Lidstaten die van lid 1 ter willen afwijken, brengen de Commissie hiervan op de hoogte en onderzoeken in overleg met de Commissie in hoeverre deze minimumpercentages kunnen worden aangepast met het oog op bijzondere omstandigheden die gevolgen hebben voor de interne veiligheid. Dergelijke aanpassingen moeten door de Commissie worden goedgekeurd.

</Amend>

 

<Amend>Amendement  <NumAm>79</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 12 – lid 2</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De Commissie zorgt ervoor dat het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving (Europol), het Agentschap van de Europese Unie voor opleiding op het gebied van rechtshandhaving (Cepol) en het Europees Waarnemingscentrum voor drugs en drugsverslaving (EWDD) in een vroeg stadium bij de ontwikkeling van de programma's worden betrokken binnen het kader van hun bevoegdheidsgebieden. Wanneer de lidstaten acties in het kader van de EU-beleidscyclus, Empact-acties of door de Taskforce voor gezamenlijke actie op het gebied van cybercriminaliteit (J-CAT) gecoördineerde acties opnemen in hun programma's, plegen zij met name overleg met Europol over het ontwerp van deze acties. Alvorens opleiding in hun programma's op te nemen, plegen de lidstaten overleg met Cepol om overlappingen te vermijden.

2. De Commissie zorgt ervoor dat het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving (Europol), het Agentschap van de Europese Unie voor opleiding op het gebied van rechtshandhaving (Cepol), het Agentschap van de Europese Unie voor justitiële samenwerking in strafzaken (Eurojust), het Europees Openbaar Ministerie (EOM), het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging (Enisa), het Europees Agentschap voor het operationeel beheer van grootschalige IT-systemen (eu-LISA), het Europees Grens- en kustwachtagentschap (Frontex), het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten (FRA) en het Europees Waarnemingscentrum voor drugs en drugsverslaving (EWDD) van meet af aan bij de ontwikkeling van de programma's worden betrokken binnen het kader van hun bevoegdheidsgebieden. Wanneer de lidstaten acties in het kader van de EU-beleidscyclus, Empact-acties of door de Taskforce voor gezamenlijke actie op het gebied van cybercriminaliteit (J-CAT) gecoördineerde acties opnemen in hun programma's, plegen zij met name overleg met Europol over het ontwerp van deze acties. Alvorens opleiding in hun programma's op te nemen, plegen de lidstaten overleg met Cepol om overlappingen te vermijden. De lidstaten raadplegen ook andere relevante belanghebbenden, waaronder organisaties uit het maatschappelijk middenveld, over de planning van hun acties.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>80</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 12 – lid 3</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De Commissie kan het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving (Europol), het Agentschap van de Europese Unie voor opleiding op het gebied van rechtshandhaving (Cepol) en het Europees Waarnemingscentrum voor drugs en drugsverslaving (EWDD) in voorkomend geval betrekken bij toezicht- en evaluatietaken als bedoeld in afdeling 5, met name om ervoor te zorgen dat de met steun uit het fonds uitgevoerde acties in overeenstemming zijn met het relevante acquis van de Unie en de overeengekomen prioriteiten van de Unie.

3. De Commissie kan de in lid 2 bedoelde agentschappen, het Europees Comité voor gegevensbescherming en de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming (EDPS) in voorkomend geval betrekken bij toezicht- en evaluatietaken als bedoeld in afdeling 5, met name om ervoor te zorgen dat de met steun uit het fonds uitgevoerde acties die onder hun mandaat vallen, in overeenstemming zijn met het relevante acquis van de Unie en de overeengekomen prioriteiten van de Unie.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>81</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 12 – lid 4</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. Ten hoogste 15 % van de toewijzing voor een programma van een lidstaat mag worden gebruikt voor de aankoop van apparatuur, vervoermiddelen of de bouw van voorzieningen die relevant zijn voor de veiligheid. Dit maximum mag slechts in naar behoren gemotiveerde gevallen worden overschreden.

4. Ten hoogste 15 % van de toewijzing voor een programma van een lidstaat mag worden gebruikt voor de aankoop van apparatuur, vervoermiddelen of de bouw van voorzieningen die relevant zijn voor de veiligheid. Dit maximum mag slechts in naar behoren gemotiveerde gevallen en na goedkeuring door de Commissie worden overschreden.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>82</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 12 – lid 5 – letter a</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a) de prioriteiten van de Unie en het acquis van de Unie op het gebied van veiligheid, met name inzake informatie-uitwisseling en interoperabiliteit van IT-systemen;

(a) de prioriteiten van de Unie en het acquis van de Unie op het gebied van veiligheid, met name inzake de coördinatie en samenwerking tussen de rechtshandhavingsautoriteiten en de efficiënte uitwisseling van relevante en nauwkeurige informatie en de tenuitvoerlegging van de onderdelen van het kader voor de interoperabiliteit van de EU-informatiesystemen;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>83</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 12 – lid 6</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6. Zo nodig wordt het programma aangepast om rekening te houden met de in lid 5 bedoelde aanbevelingen. Afhankelijk van de impact van de aanpassing kan het herziene programma door de Commissie worden goedgekeurd.

6. Zo nodig wordt het programma aangepast om rekening te houden met de in lid 5 bedoelde aanbevelingen en de vorderingen bij het bereiken van de mijlpalen en streefdoelen zoals beoordeeld in de jaarlijkse prestatieverslagen als bedoeld in artikel 26, lid 2, onder a). Afhankelijk van de impact van de aanpassing wordt het herziene programma door de Commissie goedgekeurd overeenkomstig de in artikel 19 van Verordening (EU) X [GB-verordening] beschreven procedure.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>84</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 12 – lid 8</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

8. Wanneer een lidstaat besluit met steun van het fonds projecten uit te voeren met of in een derde land, raadpleegt de betrokken lidstaat de Commissie vóór het begin van het project.

8. Wanneer een lidstaat besluit met steun van het fonds projecten uit te voeren in of met betrekking tot een derde land als bedoeld in artikel 5, raadpleegt de betrokken lidstaat de Commissie vóór het begin van het project. De Commissie beoordeelt de complementariteit en samenhang van de voorgenomen projecten met de andere acties van de Unie en de lidstaten, met betrekking tot het derde land in kwestie. Bovendien controleert de Commissie de conformiteit van de voorgestelde projecten met de in artikel 3, lid 4, bedoelde vereisten betreffende de grondrechten.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>85</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 12 – lid 9</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

9. Programmering als bedoeld in artikel 17, lid 5, van Verordening (EU) X [GB-verordening] wordt gebaseerd op de in de tabel 1 van bijlage VI vermelde interventietypes.

9. Overeenkomstig artikel 17 van Verordening (EU) X [GB-verordening] worden in elk programma voor elke specifieke doelstelling de interventietypes op basis van tabel 1 van bijlage VI en een indicatieve uitsplitsing van de geprogrammeerde middelen per interventietype of steungebied vermeld.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>86</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 13 – lid 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. In 2024 wijst de Commissie het aanvullende bedrag bedoeld in artikel 10, lid 1, onder b), toe aan de programma's van de betrokken lidstaten overeenkomstig de criteria bedoeld in bijlage I, punt 2. De financiering geldt voor de periode vanaf het kalenderjaar 2025.

1. In 2024 wijst de Commissie het aanvullende bedrag bedoeld in artikel 10, lid 1, onder b), na kennisgeving aan het Europees Parlement, toe aan de programma's van de betrokken lidstaten overeenkomstig de criteria bedoeld in bijlage I, punt 2. De financiering geldt voor de periode vanaf het kalenderjaar 2025.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>87</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 13 – lid 2</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Indien ten minste 10 % van de initiële toewijzing van een programma als bedoeld in artikel 10, lid 1, onder a), niet wordt gedekt door tussentijdse betaalaanvragen die zijn ingediend overeenkomstig artikel 85 van Verordening (EU) [GB-verordening], komt de betrokken lidstaat niet in aanmerking voor de in lid 1 bedoelde aanvullende toewijzing voor zijn programma.

2. Indien ten minste 30 % van de initiële toewijzing van een programma als bedoeld in artikel 10, lid 1, onder a), niet wordt gedekt door tussentijdse betaalaanvragen die zijn ingediend overeenkomstig artikel 85 van Verordening (EU) X [GB-verordening], komt de betrokken lidstaat niet in aanmerking voor de in lid 1 bedoelde aanvullende toewijzing voor zijn programma.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>88</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 13 – lid 3</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Bij de toewijzing van de middelen uit de thematische faciliteit wordt vanaf 2025 in voorkomend geval rekening gehouden met de vooruitgang bij het bereiken van de mijlpalen van het prestatiekader bedoeld in artikel 12 van Verordening (EU) X [GB-verordening], en met de bij de uitvoering vastgestelde tekortkomingen.

3. Bij de toewijzing van de middelen uit de thematische faciliteit wordt vanaf 2025 rekening gehouden met de vooruitgang bij het bereiken van de mijlpalen van het prestatiekader bedoeld in artikel 12 van Verordening (EU) X [GB-verordening], en met de bij de uitvoering vastgestelde tekortkomingen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>89</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 15 – lid 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Operationele steun is een onderdeel van een toewijzing van een lidstaat dat kan worden gebruikt ter ondersteuning van overheidsinstanties die verantwoordelijk zijn voor het vervullen van de taken en diensten die een openbare dienstverlening ten bate van de Unie zijn.

1. Operationele steun is een onderdeel van een toewijzing van een lidstaat dat kan worden gebruikt ter ondersteuning van overheidsinstanties die verantwoordelijk zijn voor het vervullen van de taken en diensten die een openbare dienstverlening ten bate van de Unie zijn, mits deze bijdragen aan de verwezenlijking van een hoog niveau van veiligheid in de Unie als geheel.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>90</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 15 – lid 2</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Een lidstaat kan tot 10 % van het in het kader van het fonds aan zijn nationale programma toegewezen bedrag gebruiken voor de financiering van operationele steun aan de overheidsinstanties die verantwoordelijk zijn voor het vervullen van de taken en diensten die een openbare dienstverlening ten bate van de Unie zijn.

2. Een lidstaat kan tot 20 % van het in het kader van het fonds aan zijn nationale programma toegewezen bedrag gebruiken voor de financiering van operationele steun aan de overheidsinstanties die verantwoordelijk zijn voor het vervullen van de taken en diensten die een openbare dienstverlening ten bate van de Unie zijn.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>91</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 15 – lid 4</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. De lidstaten motiveren in het programma en in de jaarlijkse prestatieverslagen bedoeld in artikel 26 het gebruik van operationele steun voor de verwezenlijking van de doelstellingen van deze verordening. Vóór de goedkeuring van het programma beoordeelt de Commissie de uitgangssituatie in de lidstaten die kenbaar hebben gemaakt dat zij van plan zijn operationele steun aan te vragen, rekening houdend met de door die lidstaten verstrekte informatie en de aanbevelingen in het kader van kwaliteitscontrole- en evaluatiemechanismen, zoals onder meer het Schengenevaluatiemechanisme.

4. De lidstaten motiveren in het programma en in de jaarlijkse prestatieverslagen bedoeld in artikel 26 het gebruik van operationele steun voor de verwezenlijking van de doelstellingen van deze verordening. Vóór de goedkeuring van het programma beoordeelt de Commissie de uitgangssituatie in de lidstaten die kenbaar hebben gemaakt dat zij van plan zijn operationele steun aan te vragen, rekening houdend met de door die lidstaten verstrekte informatie en de aanbevelingen in het kader van kwaliteitscontrole- en evaluatiemechanismen, zoals onder meer: het Schengenevaluatiemechanisme en de kwetsbaarheids- en risicobeoordeling van het Europees Grens- en kustwachtagentschap (Frontex), naargelang het geval.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>92</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 15 – lid 5</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. Operationele steun wordt geconcentreerd op specifieke taken en diensten als opgenomen in bijlage VII.

5. Operationele steun wordt geconcentreerd op acties als opgenomen in bijlage VII.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>93</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 15 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 15 bis

 

Zichtbaarheid, transparantie en communicatie

 

De ontvangers van financiering van de Unie voldoen volledig aan de vereisten in verband met zichtbaarheid, transparantie en communicatie van Verordening (EU) X [GB-verordening].

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>94</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 17 – lid 3 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis. De gedecentraliseerde agentschappen kunnen ook in aanmerking komen voor financiering in het kader van acties van de Unie teneinde steun te verlenen aan transnationale acties met Europese meerwaarde.

</Amend><Amend>Amendement  <NumAm>95</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 19 – alinea 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Het fonds kan maatregelen op het gebied van technische bijstand ondersteunen die op initiatief van of namens de Commissie worden uitgevoerd. Dergelijke maatregelen kunnen voor 100 % worden gefinancierd.

Het fonds kan maatregelen op het gebied van technische bijstand ondersteunen die op initiatief van of namens de Commissie worden uitgevoerd. Dergelijke maatregelen, te weten acties op het gebied van voorbereiding, toezicht, controle, audit, evaluatie en communicatie, met inbegrip van de communicatie betreffende de politieke prioriteiten van de Unie op het gebied van veiligheid en zichtbaarheid, en alle acties op het gebied van administratieve en technische bijstand die voor de uitvoering van deze verordening nodig zijn, waar nodig ook met derde landen, kunnen voor 100 % worden gefinancierd.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>96</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 21 – lid 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De ontvangers van financiering van de Unie erkennen de oorsprong van en geven zichtbaarheid aan de financiering van de Unie, met name wanneer zij de acties en de resultaten ervan promoten, door meerdere doelgroepen, waaronder de media en het grote publiek, doelgericht en op samenhangende, doeltreffende en evenredige wijze te informeren.

1. De ontvangers van financiering van de Unie promoten de acties en de resultaten ervan door meerdere relevante doelgroepen, waaronder de media en het grote publiek, samenhangende, doeltreffende en nuttige informatie in de relevante taal te verstrekken. Om de zichtbaarheid van de financiering van de Unie te waarborgen, vermelden de ontvangers van financiering van de Unie de oorsprong ervan wanneer zij over de actie communiceren. In dit verband zorgen de ontvangers ervoor dat in al het communicatiemateriaal dat tot het grote publiek en de media is gericht, het embleem van de Unie wordt weergegeven en uitdrukkelijk wordt vermeld dat de acties financieel worden ondersteund door de Unie.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>97</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 21 – lid 2</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De Commissie voert informatie- en communicatieacties uit met betrekking tot het fonds alsmede de acties en de resultaten ervan. De aan het fonds toegewezen financiële middelen dragen tevens bij aan de institutionele communicatie over de politieke prioriteiten van de Unie, voor zover zij met de doelstellingen van deze verordening verband houden.

2. Om een zo breed mogelijk publiek te bereiken, voert de Commissie informatie- en communicatieacties uit met betrekking tot het fonds alsmede de acties en de resultaten ervan. De Commissie publiceert met name informatie betreffende de ontwikkeling van de jaarlijkse en meerjarige programma's van de thematische faciliteit. Daarnaast publiceert de Commissie de lijst van verrichtingen die geselecteerd zijn voor steun uit de thematische faciliteit op een openbare website en actualiseert zij die lijst regelmatig. De aan het fonds toegewezen financiële middelen dragen tevens bij aan de communicatie, met name de institutionele communicatie, over de politieke prioriteiten van de Unie, voor zover zij met de doelstellingen van deze verordening verband houden.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>98</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 21 – lid 2 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis. De Commissie maakt de in lid 2 bedoelde informatie bekend in open, machinaal leesbare formaten waarin gegevens gesorteerd, doorzocht, geëxtraheerd, vergeleken en hergebruikt kunnen worden, zoals bepaald in artikel 5, lid 1, van Richtlijn 2003/98/EG van het Europees Parlement en de Raad1 bis. Het moet mogelijk zijn om de gegevens te sorteren volgens prioriteit, specifieke doelstelling, totale subsidiabele kosten van acties, totale kosten van projecten, totale kosten van aanbestedingsprocedures, naam van begunstigde en naam van contractant.

 

__________________

 

1 bis Richtlijn 2003/98/EG van het Europees Parlement en de Raad van 17 november 2003 inzake het hergebruik van overheidsinformatie (PB L 345 van 31.12.2003, blz. 90).

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>99</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 22 – lid 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De financiële bijstand uit het fonds is bestemd voor dringende en specifieke behoeften die zich voordoen in een noodsituatie als gevolg van een veiligheidsgerelateerd incident dat of een nieuwe dreiging die onder het toepassingsgebied van deze verordening valt en een aanzienlijk negatief effect heeft of kan hebben op de veiligheid van personen in een of meer lidstaten.

1. De Commissie kan besluiten financiële bijstand uit het fonds te verstrekken voor dringende en specifieke behoeften die zich voordoen in een naar behoren gemotiveerde noodsituatie. Deze situaties kunnen voortvloeien uit een veiligheidsgerelateerd incident dat of een nieuwe dreiging of een nieuw vastgestelde kwetsbaarheid die onder het toepassingsgebied van deze verordening valt en een aanzienlijk negatief effect heeft of kan hebben op de veiligheid van personen, openbare ruimten of kritieke infrastructuur in een of meer lidstaten. In dergelijke gevallen zal zij het Europees Parlement en de Raad tijdig informeren.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>100</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 22 – lid 4 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 bis. Wanneer dit noodzakelijk is voor de uitvoering van de actie, kan noodhulp worden ingezet voor uitgaven die zijn gedaan vóór de indiening van de subsidieaanvraag of het verzoek om bijstand, maar niet eerder dan 1 januari 2021.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>101</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 23 – lid 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Aan een actie waaraan in het kader van het fonds een bijdrage is toegekend, kan ook een bijdrage worden toegekend uit andere programma's van de Unie, met inbegrip van fondsen in gedeeld beheer, op voorwaarde dat de bijdragen niet dezelfde kosten dekken. De voor elk bijdragend programma van de Unie geldende regels zijn van toepassing op de respectieve bijdrage aan deze actie. De cumulatieve financiering mag niet hoger zijn dan de totale subsidiabele kosten van de actie, en de steun uit de verschillende programma's van de Unie kan pro rata worden berekend overeenkomstig de documenten waarin de steunvoorwaarden zijn vastgesteld.

1. Aan een operatie waaraan in het kader van het fonds een bijdrage is toegekend, kan ook een bijdrage worden toegekend uit andere programma's van de Unie, met inbegrip van fondsen in gedeeld beheer, op voorwaarde dat de bijdragen niet dezelfde kosten dekken. De voor elk bijdragend programma van de Unie geldende regels zijn van toepassing op de respectieve bijdrage aan deze actie. De cumulatieve financiering mag niet hoger zijn dan de totale subsidiabele kosten van de operatie, en de steun uit de verschillende programma's van de Unie kan pro rata worden berekend overeenkomstig de documenten waarin de steunvoorwaarden zijn vastgesteld.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>102</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 23 – lid 2 – alinea 1 – inleidende formule</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Acties waaraan een Excellentiekeur is toegekend of die voldoen aan elk van de volgende cumulatieve, vergelijkbare voorwaarden:

Operaties waaraan een Excellentiekeur is toegekend of die voldoen aan elk van de volgende cumulatieve, vergelijkbare voorwaarden:

</Amend><Amend>Amendement  <NumAm>103</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 23 – lid 2 – alinea 2</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

komen in aanmerking voor steun uit het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds+ of het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling, overeenkomstig artikel [67], lid 5, van Verordening (EU) X [GB-verordening] en artikel [8] van Verordening (EU) X [financiering, beheer en monitoring van het gemeenschappelijk landbouwbeleid], op voorwaarde dat dergelijke acties in overeenstemming zijn met de doelstellingen van het desbetreffende programma. De regels van het fonds waaruit steun wordt verleend, zijn van toepassing.

komen in aanmerking voor steun uit het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds+ of het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling, overeenkomstig artikel [67], lid 5, van Verordening (EU) X [GB-verordening] en artikel [8] van Verordening (EU) X [financiering, beheer en monitoring van het gemeenschappelijk landbouwbeleid], op voorwaarde dat dergelijke operaties in overeenstemming zijn met de doelstellingen van het desbetreffende programma. De regels van het fonds waaruit steun wordt verleend, zijn van toepassing.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>104</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 24 – lid 3</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De indicatoren voor de verslaglegging over de vorderingen van het fonds bij de verwezenlijking van de specifieke doelstellingen van artikel 3 zijn opgenomen in bijlage VIII. Voor de outputindicatoren bedragen de uitgangswaarden nul. De mijlpalen voor 2024 en de streefdoelen voor 2029 zijn cumulatief.

3. De indicatoren voor de verslaglegging over de vorderingen van het fonds bij de verwezenlijking van de specifieke doelstellingen van artikel 3 zijn opgenomen in bijlage VIII. Voor de outputindicatoren bedragen de uitgangswaarden nul. De mijlpalen voor 2024 en de streefdoelen voor 2029 zijn cumulatief. Desgewenst stelt de Commissie de ontvangen gegevens over de output- en resultaatindicatoren ter beschikking aan het Europees Parlement en de Raad.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>105</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 24 – lid 5</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. Teneinde te waarborgen dat effectief wordt beoordeeld in hoeverre het fonds zijn doelstellingen verwezenlijkt, is de Commissie bevoegd overeenkomstig artikel 28 gedelegeerde handelingen vast te stellen om bijlage VIII te herzien en de indicatoren aan te vullen indien dit noodzakelijk is, alsmede om deze verordening aan te vullen met bepalingen inzake de vaststelling van een kader voor toezicht en evaluatie, onder meer met betrekking tot het verstrekken van projectinformatie door de lidstaten.

5. Teneinde te waarborgen dat effectief wordt beoordeeld in hoeverre het fonds zijn doelstellingen verwezenlijkt, is de Commissie bevoegd overeenkomstig artikel 28 gedelegeerde handelingen vast te stellen om bijlage VIII te herzien en de indicatoren aan te vullen indien dit noodzakelijk is, alsmede om deze verordening aan te vullen met bepalingen inzake de vaststelling van een kader voor toezicht en evaluatie, onder meer met betrekking tot het verstrekken van projectinformatie door de lidstaten. Voor de beoordeling worden kwalitatieve indicatoren in aanmerking genomen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>106</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 25 – lid 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De Commissie onderwerpt deze verordening en de in het kader van dit fonds uitgevoerde acties aan een tussentijdse en een retrospectieve evaluatie.

1. Uiterlijk 31 december 2024 presenteert de Commissie een tussentijdse evaluatie van deze verordening. In de tussentijdse evaluatie worden de doeltreffendheid, efficiëntie, relevantie en samenhang van het fonds beoordeeld. Meer in het bijzonder omvat de evaluatie een beoordeling van:

 

(a) de geboekte vooruitgang op weg naar de verwezenlijking van de doelstellingen van deze verordening, rekening houdend met alle reeds beschikbare relevante informatie, en met name de jaarlijkse prestatieverslagen als bedoeld in artikel 26 en de output- en resultaatindicatoren als uiteengezet in bijlage VIII;

 

(b) de Europese toegevoegde waarde van acties en verrichtingen die in het kader van dit fonds zijn uitgevoerd;

 

(c) de geschiktheid van de uitvoeringsmaatregelen als bedoeld in artikel 3 bis voor het aanpakken van bestaande en nieuwe veiligheidsuitdagingen;

 

(d) het langetermijneffect en de duurzaamheidseffecten van het fonds;

 

(e) de complementariteit en samenhang tussen de in het kader van dit fonds ondersteunde acties en de door andere fondsen van de Unie verleende ondersteuning.

 

 

 

Bij de verplichte tussentijdse evaluatie wordt rekening gehouden met de resultaten van de retrospectieve evaluatie inzake het langetermijneffect van het voorgaande instrument voor financiële steun voor interne veiligheid voor de periode 2014-2020, het Fonds voor interne veiligheid – Politie. De evaluatie gaat in voorkomend geval vergezeld van een wetgevingsvoorstel tot herziening van deze verordening.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>107</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 25 – lid 1 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. De Commissie voert uiterlijk 31 januari 2030 een retrospectieve evaluatie van deze verordening uit. Uiterlijk op diezelfde datum dient de Commissie een evaluatieverslag in bij het Europees Parlement en de Raad waarin de in lid 1 genoemde elementen worden opgenomen. In dat verband wordt het langetermijneffect van het instrument geëvalueerd om als input te kunnen dienen voor een besluit over een mogelijke verlenging of wijziging van een later fonds.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>108</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 25 – lid 2</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De tussentijdse en de retrospectieve evaluatie worden tijdig uitgevoerd zodat ze in het besluitvormingsproces kunnen worden meegenomen overeenkomstig het tijdschema zoals vastgesteld in artikel 40 van Verordening (EU) X [GB-verordening].

2. De tussentijdse en de retrospectieve evaluatie worden openbaar gemaakt en onverwijld aan het Parlement voorgelegd om volledige transparantie te waarborgen. De Commissie zorgt ervoor dat de evaluaties geen informatie bevatten waarvan de verspreiding een risico voor de veiligheid of privacy van personen kan vormen of veiligheidsoperaties in het gedrang kan brengen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>109</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 26 – lid 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De lidstaat dient uiterlijk op 15 februari 2023 en vervolgens uiterlijk op dezelfde dag van elk volgend jaar tot en met 2031 een jaarlijks prestatieverslag als bedoeld in artikel 36, lid 6, van Verordening (EU) X [GB-verordening] bij de Commissie in. Het in 2023 ingediende verslag heeft betrekking op de uitvoering van het programma tot en met 30 juni 2022.

1. De lidstaat dient uiterlijk op 15 februari 2023 en vervolgens uiterlijk op dezelfde dag van elk volgend jaar tot en met 2031 een jaarlijks prestatieverslag als bedoeld in artikel 36, lid 6, van Verordening (EU) X [GB-verordening] bij de Commissie in. Het in 2023 ingediende verslag heeft betrekking op de uitvoering van het programma tot en met 30 juni 2022. De lidstaten publiceren deze verslagen op een speciale website en doen ze toekomen aan het Europees Parlement en de Raad.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>110</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 26 – lid 2 – letter a bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(a bis) een uitsplitsing van de jaarrekeningen van de nationale programma's in terugvorderingen, voorfinancieringen voor eindbegunstigden en daadwerkelijk gedane uitgaven;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>111</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 26 – lid 2 – letter b</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b) kwesties die van invloed zijn op de prestaties van het programma en de acties die zijn ondernomen om deze op te lossen;

(b) kwesties die van invloed zijn op de prestaties van het programma en de acties die zijn ondernomen om deze op te lossen, met inbegrip van door de Commissie afgegeven met redenen omklede adviezen met betrekking tot een inbreukprocedure als bedoeld in artikel 258;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>112</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 26 – lid 2 – letter c</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(c) de complementariteit tussen de in het kader van het fonds ondersteunde acties en de door andere fondsen van de Unie verleende ondersteuning, met name die in of in verband met derde landen;

(c) de complementariteit, coördinatie en samenhang tussen de in het kader van het fonds ondersteunde acties en de door andere fondsen van de Unie verleende ondersteuning, met name die in of in verband met derde landen;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>113</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 26 – lid 2 – letter d bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(d bis) naleving van de vereisten op het gebied van de grondrechten;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>114</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 26 – lid 3 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis. Zodra ze zijn aanvaard, stelt de Commissie samenvattingen van de jaarlijkse prestatieverslagen ter beschikking aan het Europees Parlement en de Raad en publiceert zij deze op een speciale website. Indien de lidstaten de verslagen niet overeenkomstig lid 1 indienen, wordt de volledige tekst van de jaarlijkse prestatieverslagen op verzoek aan het Europees Parlement en de Raad ter beschikking gesteld.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>115</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 28 – lid 2</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De bevoegdheid om de in de artikelen 12, 15, 24 en 27 bedoelde gedelegeerde handelingen vast te stellen wordt aan de Commissie verleend tot en met 31 december 2028.

2. De bevoegdheid om de in de artikelen 8, 12, 15, 24 en 27 bedoelde gedelegeerde handelingen vast te stellen wordt aan de Commissie verleend tot en met 31 december 2028.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>116</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 28 – lid 3</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Het Europees Parlement of de Raad kan de in de artikelen 12, 15, 24 en 27 bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Een besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het besluit wordt van kracht op de dag die volgt op de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een in dat besluit genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.

3. Het Europees Parlement of de Raad kan de in de artikelen 8,12, 15, 24 en 27 bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Een besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het besluit wordt van kracht op de dag die volgt op de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een in dat besluit genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>117</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 28 – lid 6</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6. Een overeenkomstig de artikelen 12, 15, 24 en 27 vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad daartegen binnen een termijn van twee maanden na de kennisgeving bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad de Commissie voor het verstrijken van die termijn heeft medegedeeld daartegen geen bezwaar te zullen maken. Deze termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden verlengd.

6. Een overeenkomstig de artikelen 8,12, 15, 24 en 27 vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad daartegen binnen een termijn van twee maanden na de kennisgeving bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad de Commissie voor het verstrijken van die termijn heeft medegedeeld daartegen geen bezwaar te zullen maken. Deze termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden verlengd.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>118</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 29 – lid 3</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Indien het comité geen advies uitbrengt, neemt de Commissie de ontwerpuitvoeringshandeling niet aan. Dit geldt niet voor de uitvoeringshandeling bedoeld in artikel 26, lid 4.

Schrappen

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>119</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage II</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

[...]

Schrappen

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>120</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage III – titel</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Overeenkomstig artikel 4 uit het fonds te ondersteunen acties

Voorbeelden van acties die in aanmerking komen om overeenkomstig artikel 4 uit het fonds te worden ondersteund

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>121</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage III – inleidende formule (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Steun uit het Fonds voor interne veiligheid kan bestemd zijn voor onder andere de volgende soorten acties:

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>122</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage III – bolletje 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 IT-systemen en -netwerken die bijdragen tot de verwezenlijking van de doelstellingen van deze verordening, opleiding over het gebruik van dergelijke systemen, het testen en verbeteren van de interoperabiliteit van deze systemen en van de kwaliteit van de erin opgenomen gegevens;

 opzet van IT-systemen en -netwerken die bijdragen tot de verwezenlijking van de doelstellingen van deze verordening, opleiding over het gebruik van dergelijke systemen, het testen en verbeteren van de onderdelen voor interoperabiliteit van deze systemen en van de kwaliteit van de erin opgenomen gegevens;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>123</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage III – bolletje 2</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 toezicht op de wijze waarop de lidstaten het Unierecht en de beleidsdoelstellingen van de Unie op het gebied van de beveiliging van informatiesystemen ten uitvoer leggen;

 toezicht op de wijze waarop de lidstaten het Unierecht en de beleidsdoelstellingen van de Unie op het gebied van de beveiliging van informatiesystemen, en met name gegevensbescherming, privacy en gegevensbeveiliging, ten uitvoer leggen;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>124</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage III – bolletje 3 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

 ondersteuning van gedecentraliseerde agentschappen om de samenwerking bij grensoverschrijdende operaties te faciliteren;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>125</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage III – bolletje 4</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 acties ter ondersteuning van een doeltreffende en gecoördineerde respons op crisissen, waarbij bestaande sectorspecifieke capaciteiten, expertisecentra en situatiecentra, zoals die op het gebied van gezondheid, civiele bescherming en terrorisme, met elkaar verbonden worden;

 acties ter ondersteuning van een doeltreffende en gecoördineerde respons op crisissen, waarbij bestaande sectorspecifieke capaciteiten, expertisecentra en situatiecentra, zoals die op het gebied van gezondheid, civiele bescherming, terrorisme en cybercriminaliteit, met elkaar verbonden worden;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>126</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage III – bolletje 5 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

 acties ter bevordering van onderzoek en de uitwisseling van expertise ter verbetering van de bestendigheid tegen nieuwe dreigingen, waaronder illegale handel via onlinekanalen, hybride dreigingen en chemische, biologische, radiologische en nucleaire dreigingen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>127</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage III – bolletje 5 ter (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

 acties en netwerken van nationale contactpunten die de grensoverschrijdende uitwisseling vergemakkelijken van gegevens die zijn verkregen door controlesystemen zoals camera's en andere sensoren, in combinatie met algoritmes voor kunstmatige intelligentie, met inachtneming van solide waarborgen, met inbegrip van de minimalisering van gegevens, na validering door een gerechtelijke autoriteit, en toegang tot beroepsmogelijkheden;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>128</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage III – bolletje 6 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

 ondersteuning van initiatieven om de inlichtingendiensten van de lidstaten met elkaar te verbinden teneinde een gemeenschappelijke inlichtingencultuur te bevorderen en het wederzijds vertrouwen en de uitwisseling en verspreiding van knowhow, informatie, ervaring en goede praktijken te verbeteren;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>129</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage III – bolletje 7 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

 onderwijs en opleiding voor personeel en deskundigen van relevante rechtshandhavingsautoriteiten, gerechtelijke autoriteiten en administratieve instanties op het gebied van het preventiebeleid, met een bijzondere nadruk op opleidingen inzake de grondrechten, met inbegrip van maatregelen voor het opsporen en voorkomen van racisme, en de uitwisseling van beste praktijken;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>130</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage III – bolletje 8</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 samenwerking met de particuliere sector met het oog op het opbouwen van vertrouwen en het verbeteren van coördinatie, noodplanning en uitwisseling en verspreiding van informatie en beste praktijken onder publieke en private actoren, onder meer wat de bescherming van openbare ruimten en kritieke infrastructuur betreft;

 samenwerking met de particuliere sector, met name op het gebied van cyberveiligheid, met het oog op het opbouwen van vertrouwen en het verbeteren van coördinatie, noodplanning en uitwisseling en verspreiding van informatie en beste praktijken onder publieke en private actoren, onder meer wat de bescherming van kritieke infrastructuur betreft;

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>131</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage IV – titel</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Overeenkomstig artikel 11, lid 2, en artikel 12, lid 6, voor hogere medefinanciering in aanmerking komende acties

Overeenkomstig artikel 11, lid 3, en artikel 12, lid 7, voor hogere medefinanciering in aanmerking komende acties

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>132</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage IV – bolletje 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 Projecten gericht op de preventie en bestrijding van radicalisering.

 Projecten gericht op de preventie en bestrijding van gewelddadig extremisme, met inbegrip van radicalisering, onverdraagzaamheid en discriminatie, met name maatregelen om de onderliggende oorzaken ervan aan te pakken en radicalisering in gevangenissen te voorkomen, en projecten die specifieke opleidingen voor rechtshandhavingsautoriteiten omvatten.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>133</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage IV – bolletje 2</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 Projecten gericht op het verbeteren van de interoperabiliteit van IT-systemen en IT-communicatienetwerken41.

 Projecten gericht op het verbeteren van de interoperabiliteit van IT-systemen en IT-communicatienetwerken, voor zover hierin is voorzien in de wetgeving van de Unie of de lidstaten41.

__________________

__________________

41 In overeenstemming met de mededeling van de Commissie over krachtigere en slimmere informatiesystemen voor grenzen en veiligheid (COM(2016) 205).

41 In overeenstemming met de mededeling van de Commissie over krachtigere en slimmere informatiesystemen voor grenzen en veiligheid (COM(2016) 205).

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>134</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage IV – bolletje 2 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

 Projecten gericht op de bestrijding van de structuren van georganiseerde criminaliteit die door Empact als bijzonder gevaarlijk worden beoordeeld.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>135</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage IV – bolletje 2 ter (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

 Projecten gericht op de preventie en bestrijding van cybercriminaliteit, met name de seksuele uitbuiting van kinderen online, met inbegrip van maatregelen ter voorkoming van aanvallen op informatiesystemen en kritieke infrastructuur door middel van het opsporen en verhelpen van kwetsbaarheden.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>136</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage IV – bolletje 2 quater (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

 Projecten gericht op de bestrijding van illegale handel via onlinekanalen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>137</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage V – Specifieke doelstelling 2 – punt 3 – alinea 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De waarde van illegale drugs die in beslag zijn genomen naar aanleiding van grensoverschrijdende samenwerking tussen de rechtshandhavingsinstanties.

De waarde van illegale drugs, wapens en wilde dieren en illegaal verhandelde cultuurgoederen die in beslag zijn genomen naar aanleiding van grensoverschrijdende samenwerking tussen de rechtshandhavingsinstanties die met steun van het fonds is uitgevoerd.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>138</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage V – Specifieke doelstelling 3 – punt 2 – alinea 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Het aantal kritieke infrastructuurvoorzieningen en openbare ruimten die met steun van het fonds beter beschermd zijn tegen veiligheidsgerelateerde incidenten.

Het aantal openbare ruimten en de omvang van kritieke infrastructuurvoorzieningen die met steun van het fonds beter beschermd zijn tegen veiligheidsgerelateerde incidenten.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>139</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage VI – tabel 1 – Codes voor de Dimensie 'Interventiegebied' – rij 10 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

 

 

Amendement

10 bis.

OC-Witwassen van opbrengsten van criminaliteit

</Amend><Amend>Amendement  <NumAm>140</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage VI – tabel 1 – Codes voor de Dimensie 'Interventiegebied' – rij 12 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

 

 

Amendement

12 bis.

OC-Illegale handel in cultuurgoederen

 

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>141</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage VI – tabel 1 – Codes voor de Dimensie 'Interventiegebied' – rij 12 ter (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

 

 

Amendement

12 ter.

OC-Illegale handel in bedreigde soorten

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>142</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage VI – tabel 1 – Codes voor de Dimensie 'Interventiegebied' – rij 24 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

 

 

Amendement

24 bis.

CC-Verspreiding van afbeeldingen van kindermisbruik en kinderporno

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>143</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage VIII – Specifieke doelstelling 1 – punt 1 – alinea 1 – letter a</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a) het aantal opzoekingen in het Schengeninformatiesysteem (SIS);

(a) het aantal ingevoerde signaleringen en opzoekingen in het Schengeninformatiesysteem (SIS);

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>144</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage VIII – Specifieke doelstelling 1 – punt 1 – alinea 1 – letter e bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(e bis) het aantal opzoekingen in het Europees Strafregisterinformatiesysteem voor onderdanen van derde landen (ECRIS-TCN).

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>145</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage VIII – Specifieke doelstelling 1 – punt 2 – alinea 1 – inleidende formule</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Het aantal nieuwe verbindingen die met steun van het fonds tot stand zijn gebracht tussen databanken die relevant zijn voor de veiligheid:

Het aantal nieuwe verbindingen van bevoegde autoriteiten die met steun van het fonds tot stand zijn gebracht met databanken die relevant zijn voor de veiligheid:

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>146</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage VIII – Specifieke doelstelling 2 – punt 7 – alinea 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Waarde van illegale drugs die in beslag zijn genomen naar aanleiding van grensoverschrijdende samenwerking tussen de rechtshandhavingsinstanties.

Waarde van illegale drugs, wapens en wilde dieren en illegaal verhandelde cultuurgoederen die in beslag zijn genomen naar aanleiding van grensoverschrijdende samenwerking tussen de rechtshandhavingsinstanties.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>147</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage VIII – Specifieke doelstelling 2 – punt 7 – alinea 2</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Databron: lidstaten, begunstigden van subsidies voor acties van de Unie

Databron: Europol, lidstaten, begunstigden van subsidies voor acties van de Unie

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>148</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage VIII – Specifieke doelstelling 3 – punt 10 – alinea 2</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Databron: lidstaten

Databron: lidstaten, Europol, Enisa

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>149</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage VIII – Specifieke doelstelling 3 – punt 12 – alinea 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Het aantal slachtoffers van misdrijven die zijn bijgestaan met steun van het fonds, uitgesplitst naar soort criminaliteit (mensenhandel, migrantensmokkel, terrorisme, zware en georganiseerde criminaliteit, cybercriminaliteit, seksuele uitbuiting van kinderen).

Het aantal slachtoffers van misdrijven die zijn bijgestaan met steun van het fonds, uitgesplitst naar soort criminaliteit (mensen- en organenhandel, migrantensmokkel, terrorisme, zware en georganiseerde criminaliteit, cybercriminaliteit, seksuele uitbuiting en seksuele uitbuiting van kinderen, foltering of onmenselijke of vernederende behandeling).

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>150</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage VIII – Specifieke doelstelling 3 – punt 13 – alinea 1</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Het aantal kritieke infrastructuurvoorzieningen en openbare ruimten die met steun van het fonds beter beschermd zijn tegen veiligheidsgerelateerde incidenten.

Het aantal openbare ruimten en de omvang van kritieke infrastructuurvoorzieningen die met steun van het fonds beter beschermd zijn tegen veiligheidsgerelateerde incidenten.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>151</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage VIII – Specifieke doelstelling 3 – punt 14 – alinea 1 – letter a</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a) het aantal hits op de website van het netwerk voor voorlichting over radicalisering (RAN);

Schrappen

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>152</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage VIII – Specifieke doelstelling 3 – punt 14 – alinea 1 – letter c</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(c) het aantal studiebezoeken, opleidingen, workshops en begeleidingen die in de lidstaten zijn afgerond in nauwe samenwerking met de nationale autoriteiten, uitgesplitst naar begunstigden (rechtshandhavingsautoriteiten, andere).

(c) het aantal studiebezoeken, opleidingen, workshops en begeleidingen die in de lidstaten zijn afgerond in nauwe samenwerking met de nationale autoriteiten, uitgesplitst naar begunstigden (rechtshandhavingsautoriteiten, andere), en feedback van de deelnemers.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>153</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage VIII – Specifieke doelstelling 3 – punt 14 – alinea 2</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Databron: RAN

Databron: RAN, lidstaten

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>154</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Bijlage VIII – Specifieke doelstelling 3 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Specifieke doelstelling 3 bis: Ontwikkeling van een gemeenschappelijke inlichtingencultuur

 

(15 bis) Het aantal uitwisselingen tussen lidstaten op het gebied van inlichtingen.

 

(15 ter) Het aantal rechtshandhavings- en inlichtingenfunctionarissen dat heeft deelgenomen aan met steun van het fonds georganiseerde opleidingen, oefeningen, programma's voor wederzijds leren of gespecialiseerde uitwisselingsprogramma's met betrekking tot grensoverschrijdende kwesties.

 

Databron: lidstaten

</Amend></RepeatBlock-Amend>


 

 

 

 

ADVIES van de Begrotingscommissie (21.11.2018)

<CommissionInt>aan de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken</CommissionInt>


<Titre>inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot oprichting van het Fonds voor interne veiligheid</Titre>

<DocRef>(COM(2018)0472 – C8-0267/2018 – 2018/0250(COD))</DocRef>

Rapporteur voor advies: <Depute>Urmas Paet</Depute>

 

 

 

BEKNOPTE MOTIVERING

De steeds diverser en complexer wordende bedreigingen voor onze veiligheid kennen geen grenzen. Daarom is een gecoördineerde respons op EU-niveau noodzakelijk en moeten de lidstaten meer financiële en technische bijstand krijgen.

De rapporteur steunt derhalve het voorstel van de Commissie tot verdubbeling (voor de periode 2021-2027) van de financiële middelen voor het Fonds voor interne veiligheid, het instrument van de Unie dat is opgezet om grensoverschrijdende samenwerking en gezamenlijke acties te vergemakkelijken, de uitwisseling van informatie te intensiveren, de capaciteiten voor het bestrijden en voorkomen van georganiseerde criminaliteit en cybercriminaliteit te versterken en terrorisme en radicalisering te bestrijden. De rapporteur zou willen wijzen op het belang van crisisbeheersing, dat ook preventie, paraatheid, weerbaarheid en beheersing van de gevolgen omvat, en dat een van de beleidsdoelstellingen van het nieuwe fonds moet worden, omdat al deze elementen van belang zijn voor het waarborgen van interne veiligheid.

Gelet op de uitkomsten van de tussentijdse evaluatie van het huidige ISF-P, is het de komende periode met name van belang om de flexibiliteit en doeltreffendheid van het fonds te verbeteren en de administratieve lasten tot een minimum te beperken. De rapporteur is van oordeel dat dit absolute prioriteiten moeten zijn en beschouwt het voorstel van de Commissie als een stap in de goede richting. De voorgestelde amendementen hebben ten doel de flexibiliteit in verband met uitvoeringsmaatregelen en acties te vergroten. Even belangrijk is het om te waarborgen dat de verslagleggingsvereisten evenredig en relevant zijn en dat zij de administratieve lasten voor begunstigden en administratieve autoriteiten niet verzwaren.

Veiligheid is een horizontale aangelegenheid en daarom zijn - zoals de Commissie ook stelt - meer synergieën tussen en een betere samenhang met andere EU-instrumenten wenselijk en noodzakelijk. Bovendien hebben de veiligheidssituatie op mondiaal niveau en acties buiten de grenzen van de EU directe gevolgen voor de interne veiligheid van de Unie. Daarom moeten er maatregelen met betrekking tot derde landen genomen blijven worden en moeten deze maatregelen uit het fonds worden gesteund. Dergelijke maatregelen moeten dienen ter aanvulling van enerzijds de interneveiligheidsprioriteiten van de Unie en anderzijds de externe beleidsdoelstellingen in die landen.

AMENDEMENTEN

De Begrotingscommissie verzoekt de bevoegde Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken onderstaande amendementen in aanmerking te nemen:

<RepeatBlock-Amend><Amend>Amendement  <NumAm>1</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 4</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(4) Het doel van de Unie om een hoog niveau van veiligheid binnen de ruimte van vrijheid, veiligheid en re