Procedure : 2019/0183(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A9-0020/2019

Ingediende teksten :

A9-0020/2019

Debatten :

Stemmingen :

PV 24/10/2019 - 8.4
CRE 24/10/2019 - 8.4

Aangenomen teksten :

P9_TA(2019)0045

<Date>{21/10/2019}21.10.2019</Date>
<NoDocSe>A9-0020/2019</NoDocSe>
PDF 201kWORD 78k

<TitreType>VERSLAG</TitreType>     <RefProcLect>***I</RefProcLect>

<Titre>over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2012/2002 van de Raad om financiële steun te verlenen aan lidstaten om de ernstige financiële lasten te dragen als gevolg van een terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie zonder akkoord</Titre>

<DocRef>(COM(2019)0399 – C9-0111/2019 – 2019/0183(COD))</DocRef>


<Commission>{REGI}Commissie regionale ontwikkeling</Commission>

Rapporteur: <Depute>Younous Omarjee</Depute>

AMENDEMENTEN
ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 BRIEF VAN DE Begrotingscommissie
 PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2012/2002 van de Raad om financiële steun te verlenen aan lidstaten om de ernstige financiële lasten te dragen als gevolg van een terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie zonder akkoord

(COM(2019)0399 – C9-0111/2019 – 2019/0183(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

 gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2019)0399),

 gezien artikel 294, lid 2, en met name artikel 175, derde alinea, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C9-0111/2019),

 gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

 gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité,

 na raadpleging van het Comité van de Regio’s,

 gezien artikel 59 van zijn Reglement,

 gezien de brief van de Begrotingscommissie,

 gezien het verslag van de Commissie regionale ontwikkeling (A9-0020/2019),

1. stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;

2. verzoekt de Commissie om hernieuwde voorlegging aan het Parlement indien zij haar voorstel vervangt, ingrijpend wijzigt of voornemens is het ingrijpend te wijzigen;

3. verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

<RepeatBlock-Amend><Amend>Amendement  <NumAm>1</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 4</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(4) Om de economische gevolgen van de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie zonder akkoord te beperken en solidariteit te tonen met de meest getroffen lidstaten in dergelijke uitzonderlijke omstandigheden, moet Verordening (EG) nr. 2012/2002 worden gewijzigd om de daarmee verband houdende overheidsuitgaven te ondersteunen.

(4) Om de economische en sociale gevolgen van de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie zonder akkoord te beperken en solidariteit te tonen met de meest getroffen lidstaten in dergelijke uitzonderlijke omstandigheden, moet Verordening (EG) nr. 2012/2002 worden gewijzigd om de daarmee verband houdende overheidsuitgaven te ondersteunen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>2</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 5</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(5) Aangezien dit een uitzonderlijk gebruik van het Fonds is, moet de steun om de ernstige financiële lasten te verlichten die de lidstaten als een rechtstreeks gevolg van de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie zonder akkoord moeten dragen, gericht zijn en beperkt in de tijd om de oorspronkelijke bestaansreden en de capaciteit van het Fonds om te reageren op natuurrampen te waarborgen.

(5) Aangezien dit een uitzonderlijk gebruik van het Fonds is, moet de steun om de ernstige financiële lasten te verlichten die de lidstaten in de voorbereiding op of als rechtstreeks gevolg van de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie zonder akkoord reeds moeten dragen of nog zullen moeten dragen, gericht zijn en beperkt in de tijd om de oorspronkelijke bestaansreden en de capaciteit van het Fonds om te reageren op natuurrampen te waarborgen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>3</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 8</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(8) Om de beschikbaarheid van het Fonds voor natuurrampen (het oorspronkelijke doel) te behouden, moet een begrotingsplafond voor steun in verband met de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie zonder akkoord worden vastgesteld.

(8) Aangezien er een redelijke begroting voorhanden moet zijn om de beschikbaarheid van het Solidariteitsfonds van de Europese Unie voor natuurrampen te behouden, moeten andere extra middelen ter beschikking van de lidstaten en de regio’s worden gesteld om hen te helpen de gevolgen van een mogelijke terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie zonder akkoord te beperken, bijvoorbeeld via het EFG of andere ad-hocfinancieringsinstrumenten.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>4</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 9</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(9) Voor steun uit het Fonds om de ernstige financiële lasten te verlichten die de lidstaten als gevolg van de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie zonder akkoord moeten dragen, moeten dezelfde regels in verband met uitvoering, toezicht, verslaglegging, controle en audit gelden als voor alle andere interventies van het Fonds. Gezien het brede scala aan overheidsuitgaven dat mogelijk voor steun in aanmerking komt, is het bovendien belangrijk ervoor te zorgen dat andere bepalingen van het EU-recht, met name de staatssteunregels, worden nageleefd.

(9) Voor steun uit het Fonds om de ernstige financiële lasten te verlichten die de lidstaten in de voorbereiding op of als gevolg van de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie zonder akkoord reeds moeten dragen of eventueel nog zullen moeten dragen, moeten dezelfde regels in verband met uitvoering, toezicht, verslaglegging, controle en audit gelden als voor alle andere interventies van het Fonds. Gezien het brede scala aan overheidsuitgaven dat mogelijk voor steun in aanmerking komt, is het bovendien belangrijk ervoor te zorgen dat andere bepalingen van het EU-recht, met name de staatssteunregels, worden nageleefd.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>5</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 3</Article>

<DocAmend2>Verordening (EG) nr. 2012/2002</DocAmend2>

<Article2>Artikel 3 bis – lid 2</Article2>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(2) De beschikbare toewijzingen voor dit doel zijn beperkt tot de helft van het maximaal beschikbare bedrag voor interventie van het Fonds voor de jaren 2019 en 2020.

(2) De beschikbare toewijzingen voor dit doel zijn beperkt tot 30 % van het maximaal beschikbare bedrag voor interventie van het Fonds voor de jaren 2019 en 2020.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>6</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 3</Article>

<DocAmend2>Verordening (EG) nr. 2012/2002</DocAmend2>

<Article2>Artikel 3 bis – lid 3</Article2>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(3) De steun dekt een deel van de extra overheidsuitgaven die rechtstreeks zijn veroorzaakt door de terugtrekking zonder akkoord en uitsluitend zijn ontstaan tussen de datum van de terugtrekking zonder akkoord en 31 december 2020 (“financiële lasten”).

(3) De steun dekt een deel van de extra overheidsuitgaven die uitsluitend tussen 1 januari 2019 en 31 december 2020 als voorbereiding op of als gevolg van de terugtrekking zonder akkoord zijn ontstaan (“financiële lasten”).

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>7</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 3</Article>

<DocAmend2>Verordening (EG) nr. 2012/2002</DocAmend2>

<Article2>Artikel 3 bis – lid 4</Article2>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(4) Een lidstaat komt in aanmerking voor steun uit hoofde van dit artikel als de financiële lasten die het land moet dragen, worden geraamd op meer dan 1 500 000 000 EUR in prijzen van 2011 of meer dan 0,3 % van zijn bni.

(4) Een lidstaat komt in aanmerking voor steun uit hoofde van dit artikel als de financiële lasten die het land moet dragen, worden geraamd op meer dan 750 000 000 EUR in prijzen van 2011 of meer dan 0,15 % van zijn bni.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>8</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 3</Article>

<DocAmend2>Verordening (EG) nr. 2012/2002</DocAmend2>

<Article2>Artikel 3 ter – lid 1</Article2>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(1) De uit hoofde van artikel 3 bis verleende steun dekt alleen de financiële lasten die een lidstaat moet dragen in vergelijking met de situatie waarin een akkoord tussen de Unie en het Verenigd Koninkrijk zou zijn gesloten. Dergelijke steun mag bijvoorbeeld worden gebruikt om steun te verlenen aan ondernemingen die getroffen zijn door de terugtrekking zonder akkoord, onder meer steun voor staatssteunmaatregelen voor die ondernemingen en daarmee verband houdende interventies; om maatregelen te nemen om bestaande werkgelegenheid te vrijwaren; en om te zorgen voor doeltreffende sanitaire en fytosanitaire, grens- en douanecontroles, met inbegrip van extra personeel en infrastructuur.

(1) De uit hoofde van artikel 3 bis verleende steun dekt alleen de financiële lasten die een lidstaat moet dragen in vergelijking met de situatie waarin een akkoord tussen de Unie en het Verenigd Koninkrijk zou zijn gesloten. Dergelijke steun mag bijvoorbeeld worden gebruikt om steun te verlenen aan ondernemingen en werknemers die getroffen zijn door de terugtrekking zonder akkoord, onder meer steun voor staatssteunmaatregelen voor die ondernemingen en daarmee verband houdende interventies; om maatregelen te nemen om bestaande werkgelegenheid te vrijwaren; en om te zorgen voor doeltreffende sanitaire en fytosanitaire, grens- en douanecontroles, met inbegrip van extra personeel en infrastructuur.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>9</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 3</Article>

<DocAmend2>Verordening (EG) nr. 2012/2002</DocAmend2>

<Article2>Artikel 3 ter – lid 6 bis (nieuw)</Article2>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(6 bis) Uitgaven die in aanmerking komen voor financiering uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering, worden niet gefinancierd uit hoofde van deze verordening.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>10</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 6</Article>

<DocAmend2>Verordening (EG) nr. 2012/2002</DocAmend2>

<Article2>Artikel 4 bis – lid 1</Article2>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(1) De bevoegde nationale autoriteiten van een lidstaat kunnen uiterlijk op 30 april 2020 één enkele aanvraag voor een financiële bijdrage uit het Fonds in overeenstemming met artikel 3 bis indienen bij de Commissie. De aanvraag bevat ten minste alle relevante informatie over de financiële lasten die die lidstaat moet dragen. In de aanvraag worden de overheidsmaatregelen naar aanleiding van de terugtrekking zonder akkoord en de nettokosten ervan tot en met 31 december 2020 beschreven, alsook de redenen waarom deze maatregelen niet door middel van paraatheidsmaatregelen konden worden vermeden. De aanvraag moet eveneens de rechtvaardiging bevatten van het rechtstreekse gevolg van de terugtrekking zonder akkoord.

(1) De bevoegde nationale autoriteiten van een lidstaat kunnen uiterlijk op 30 juni 2020 één enkele aanvraag voor een financiële bijdrage uit het Fonds in overeenstemming met artikel 3 bis indienen bij de Commissie. De aanvraag bevat ten minste alle relevante informatie over de financiële lasten die die lidstaat moet dragen. In de aanvraag worden de overheidsmaatregelen als voorbereiding op en/of naar aanleiding van de terugtrekking zonder akkoord en de nettokosten ervan tot en met 31 december 2020 beschreven. De aanvraag moet eveneens de rechtvaardiging bevatten van het rechtstreekse gevolg van de terugtrekking zonder akkoord.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>11</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 6</Article>

<DocAmend2>Verordening (EG) nr. 2012/2002</DocAmend2>

<Article2>Artikel 4 bis – lid 2</Article2>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(2) De Commissie stelt richtsnoeren op betreffende de doeltreffende toegang tot en de doeltreffende uitvoering van het Fonds. De richtsnoeren bevatten gedetailleerde informatie over de opstelling van de aanvraag en de bij de Commissie in te dienen informatie, onder meer over het bewijsmateriaal dat moet worden geleverd over de te dragen financiële lasten. De richtsnoeren worden bekendgemaakt op de websites van de desbetreffende directoraten-generaal van de Commissie en de Commissie zorgt voor de ruimere verspreiding ervan onder de lidstaten.

(2) De Commissie stelt tegen 31 december 2019 richtsnoeren op betreffende de doeltreffende toegang tot en de doeltreffende uitvoering van het Fonds. De richtsnoeren bevatten gedetailleerde informatie over de opstelling van de aanvraag en de bij de Commissie in te dienen informatie, onder meer over het bewijsmateriaal dat moet worden geleverd over de te dragen financiële lasten. De richtsnoeren worden bekendgemaakt op de websites van de desbetreffende directoraten-generaal van de Commissie en de Commissie zorgt voor de ruimere verspreiding ervan onder de lidstaten.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>12</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 6</Article>

<DocAmend2>Verordening (EG) nr. 2012/2002</DocAmend2>

<Article2>Artikel 4 bis – lid 3</Article2>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(3) Na 30 april 2020 gaat de Commissie voor alle ontvangen aanvragen op basis van de in de leden 1 en 2 bedoelde informatie na of in elk concreet geval aan de voorwaarden voor het gebruik van het Fonds voldaan is en bepaalt zij de bedragen van een eventuele financiële bijdrage uit het Fonds binnen de grenzen van de beschikbare financiële middelen.

(3) Na 30 juni 2020 gaat de Commissie voor alle ontvangen aanvragen op basis van de in de leden 1 en 2 bedoelde informatie na of in elk concreet geval aan de voorwaarden voor het gebruik van het Fonds voldaan is en bepaalt zij de bedragen van een eventuele financiële bijdrage uit het Fonds binnen de grenzen van de beschikbare financiële middelen.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>13</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 6</Article>

<DocAmend2>Verordening (EG) nr. 2012/2002</DocAmend2>

<Article2>Artikel 4 bis – lid 4</Article2>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(4) De steun uit het Fonds wordt toegekend aan de lidstaten die aan de subsidiabiliteitscriteria voldoen, bedraagt — rekening houdend met de in artikel 3 bis, lid 4, vermelde drempels — tot 5 % van de financiële lasten en gaat de grenzen van de beschikbare begroting niet te buiten. Indien de beschikbare begroting ontoereikend blijkt, wordt het steunpercentage proportioneel verlaagd.

(4) De steun uit het Fonds wordt toegekend aan de lidstaten die aan de subsidiabiliteitscriteria voldoen, bedraagt — rekening houdend met de in artikel 3 bis, lid 4, vermelde drempels — tot 10 % van de financiële lasten en gaat de grenzen van de beschikbare begroting niet te buiten. Indien de beschikbare begroting ontoereikend blijkt, wordt het steunpercentage proportioneel verlaagd.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>14</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 6</Article>

<DocAmend2>Verordening (EG) nr. 2012/2002</DocAmend2>

<Article2>Artikel 4 bis – lid 6</Article2>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(6) Het besluit om middelen uit het Fonds beschikbaar te stellen, wordt gezamenlijk door het Europees Parlement en de Raad genomen zo spoedig mogelijk nadat de Commissie het voorstel heeft ingediend. De Commissie, enerzijds, en het Europees Parlement en de Raad, anderzijds, spannen zich in om de periode die nodig is om middelen uit het Fonds beschikbaar te stellen, zo kort mogelijk te maken.

(6) Het besluit om middelen uit het Fonds beschikbaar te stellen, wordt gezamenlijk door het Europees Parlement en de Raad genomen zo spoedig mogelijk nadat de Commissie het voorstel heeft ingediend. De Commissie, enerzijds, en het Europees Parlement en de Raad, anderzijds, spannen zich in om de periode die nodig is om middelen uit het Fonds beschikbaar te stellen, zo kort mogelijk te maken en zetten zich in om zo snel mogelijk een ad-hocinstrument voor te stellen om aan de situatie het hoofd te bieden.

</Amend>

</RepeatBlock-Amend>


 

TOELICHTING

Het Verenigd Koninkrijk zal zich, op het moment van schrijven, uit de Europese Unie terugtrekken op 31 oktober 2019, hoewel de precieze voorwaarden voor deze terugtrekking nog niet duidelijk zijn.

 

Zonder terugtrekkingsakkoord zal het Verenigd Koninkrijk geen deel meer uitmaken van of verbonden zijn met de interne markt of de douane-unie. De brexit zal daarom leiden tot aanzienlijke economische moeilijkheden, niet alleen in het Verenigd Koninkrijk, maar ook in de delen van de resterende lidstaten die sterk afhankelijk zijn van de economische banden met het Verenigd Koninkrijk.

 

De Commissie heeft daarom voorgesteld de verordening betreffende het Solidariteitsfonds van de Europese Unie te wijzigen.

 

Ten eerste wordt voorgesteld de brexit toe te voegen aan de omstandigheden die uitbetaling uit het Fonds rechtvaardigen (het Fonds dekt momenteel alleen natuurrampen). Volgens het plan van de Commissie kunnen de lidstaten met ingang van 1 november 2019 verzoeken om van deze nieuwe tak van het SFEU gebruik te maken voor de begrotingsjaren 2019 en 2020. Compensatiebetalingen in verband met de brexit zouden slechts betaald kunnen worden tot eind 2020, en slechts tot maximum 50 % van de begroting van het Fonds; de rest zou gereserveerd blijven voor natuurrampen.

 

Ten tweede beoogt het voorstel de voorschotten uit het Fonds te verhogen van 10 % naar 25 %. Deze wijziging staat los van de brexit en wordt door de Commissie voorgesteld omdat de huidige voorschotten volgens haar te laag zijn, waardoor de inspanningen op het terrein na een natuurramp vertraagd worden.

 

De Begrotingscommissie heeft een positief advies over deze wijzigingen uitgebracht, en een meerderheid van de leden van de Commissie regionale ontwikkeling is het erover eens dat maatregelen moeten worden genomen om financiële steun aan getroffen lidstaten mogelijk te maken.


 

 

 

BRIEF VAN DE Begrotingscommissie

De heer Younous Omarjee,

Voorzitter

Commissie regionale ontwikkeling

BRUSSEL

Betreft: <Titre>Advies inzake financiële steun aan lidstaten om ernstige financiële lasten te dragen als gevolg van een terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie zonder akkoord</Titre> <DocRef>(COM(2019)0399 – C9-0111/2019 – 2019/0183(COD))</DocRef>

Geachte voorzitter,

Een voorstel van de Commissie tot wijziging van de verordening inzake het Solidariteitsfonds van de Europese Unie (SFEU) is voor advies doorverwezen naar de Begrotingscommissie. Ik heb begrepen dat de Commissie regionale ontwikkeling van plan is op 2 oktober 2019 een verslag goed te keuren volgens de vereenvoudigde procedure.

Het voorstel heeft tot doel het toepassingsgebied van het SFEU uit te breiden om Europese solidariteit te betonen met de zwaarst getroffen lidstaten door steun uit het fonds te verlenen om hen te helpen de financiële lasten te dragen die zijn veroorzaakt door de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie zonder akkoord. In overeenstemming met het subsidiariteitsbeginsel zijn duidelijke criteria voor het aanspreken van het SFEU vastgesteld. Steun in het kader van dit instrument zal daarom beperkt worden tot de kosten die ernstige gevolgen hebben voor de economische en financiële situatie in een bepaalde lidstaat.

Ik wil benadrukken dat met het huidige voorstel duidelijk de reeds lang gekoesterde overtuiging van het Parlement wordt bevestigd dat het huidige begrotingskader niet de mate van flexibiliteit biedt die we nodig hebben.

De Begrotingscommissie staat volledig achter het gebruik van SFEU-financiering om de lidstaten, wanneer hun budgettaire capaciteit het niet toelaat deze crisis alleen het hoofd te bieden, te helpen de financiële lasten te dragen die een rechtstreeks gevolg zijn van een brexit zonder akkoord. De commissie vindt dat dit in overeenstemming is met het onderliggende beginsel van het Fonds van echte solidariteit in de EU in noodsituaties. De Begrotingscommissie is het er dus mee eens dat SFEU-financiering kan worden gebruikt om bijvoorbeeld de kosten te dekken voor het opzetten van specifieke steunmaatregelen voor getroffen bedrijven, en de kosten van overheden voor het opzetten van aanvullende infrastructuurvoorzieningen en het aanwerven van meer personeel, tot maximaal 5 % van de financiële lasten. De commissie merkt op dat wordt voorgesteld de minimale subsidiabiliteitsdrempels voor toepassingen in verband met de brexit te halveren tot 0,3 % van het bni of 1,5 miljard EUR in prijzen van 2011, in vergelijking met de drempels die bij natuurrampen worden gehanteerd. De Begrotingscommissie verwelkomt het voorstel van de Commissie om het niveau van de voorschotten die kunnen worden uitbetaald op verzoek van een lidstaat, te verhogen van 10 % en maximaal 30 miljoen EUR tot 25 % en maximaal 100 miljoen EUR, zowel voor gevallen die met de brexit te maken hebben als gevallen die er niet mee te maken hebben. Tot slot merkt de commissie op dat het totale bedrag dat hiervoor in de jaarlijkse begroting opzij wordt gezet, moet worden verhoogd van 50 miljoen EUR naar 100 miljoen EUR, om ervoor te zorgen dat de nodige middelen tijdig beschikbaar zijn. Deze laatste twee voorstellen zullen er hopelijk toe bijdragen dat het systeem van voorschotten van het SFEU bevredigender wordt en vaker wordt gebruikt.

Een van de belangrijkste zorgen van de Begrotingscommissie is dat SFEU-interventies in verband met de brexit niet ten koste mogen gaan van toepassingen in verband met grote natuurrampen, het oorspronkelijke doel van het Fonds. In het voorstel lijkt een waarborg hiervoor te zijn opgenomen, door de bedragen die voor toepassingen in verband met de brexit beschikbaar zijn, te beperken tot maximaal 50 % van de SFEU-middelen voor 2019 en 2020, d.w.z. maximaal 591,65 miljoen EUR in lopende prijzen in twee jaar. Bovendien kan het vergoedingspercentage van maximaal 5 % naar beneden worden bijgesteld als de beschikbare middelen onvoldoende zouden blijken. Deze bepalingen moeten ervoor zorgen dat de financiering op evenwichtige wijze wordt verdeeld en dat een scenario waarbij wie het eerst komt, het eerst maalt, wordt vermeden.

De Begrotingscommissie is tevreden met de wettelijke bepalingen zoals die door de Commissie zijn voorgesteld. Desalniettemin wil ze in 2019 en 2020 door de Commissie goed op de hoogte worden gehouden van alle ontvangen aanvragen en de beschikbare SFEU-financiering.

Ten slotte hebben de commissiecoördinatoren dit voorstel beoordeeld en hebben zij mij verzocht u schriftelijk te laten weten dat deze commissie voorstander is van een wijziging van de verordening betreffende het Solidariteitsfonds van de Europese Unie, zoals voorgesteld door de Commissie.

Hoogachtend,

 

 

 

Johan Van Overtveldt


 

PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE

Titel

Financiële steun te verlenen aan lidstaten om de ernstige financiële lasten te dragen als gevolg van een terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie zonder akkoord

Document‑ en procedurenummers

COM(2019)0399 – C9-0111/2019 – 2019/0183(COD)

Datum indiening bij EP

5.9.2019

 

 

 

Bevoegde commissie

 Datum bekendmaking

REGI

16.9.2019

 

 

 

Adviserende commissies

 Datum bekendmaking

BUDG

16.9.2019

 

 

 

Rapporteurs

 Datum benoeming

Younous Omarjee

3.10.2019

 

 

 

Datum goedkeuring

21.10.2019

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

33

0

4

Bij de eindstemming aanwezige leden

Pascal Arimont, Adrian-Dragoş Benea, Isabel Benjumea Benjumea, Tom Berendsen, Erik Bergkvist, Franc Bogovič, Andrea Cozzolino, Corina Crețu, Rosa D’Amato, Tamás Deutsch, Christian Doleschal, Francesca Donato, Cristian Ghinea, Peter Jahr, Manolis Kefalogiannis, Ondřej Knotek, Constanze Krehl, Elżbieta Kruk, Cristina Maestre Martín De Almagro, Pedro Marques, Andżelika Anna Możdżanowska, Niklas Nienaß, Andrey Novakov, Younous Omarjee, Alessandro Panza, Tsvetelina Penkova, Caroline Roose, Susana Solís Pérez, Valdemar Tomaševski, Monika Vana, Julie Ward

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

François Alfonsi, Vlad-Marius Botoş, Daniel Buda, Barbara Ann Gibson, Jan Olbrycht, Mauri Pekkarinen

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 209, lid 7)

Bill Newton Dunn

Datum indiening

21.10.2019

 


 

HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

33

+

ECR

Elżbieta Kruk, Andżelika Anna Możdżanowska, Valdemar Tomaševski

PPE

Pascal Arimont, Isabel Benjumea Benjumea, Tom Berendsen, Franc Bogovič, Daniel Buda, Tamás Deutsch, Christian Doleschal, Peter Jahr, Manolis Kefalogiannis, Andrey Novakov, Jan Olbrycht

GUE

Younous Omarjee

RENEW

Vlad-Marius Botoş, Cristian Ghinea, Ondřej Knotek, Bill Newton Dunn, Mauri Pekkarinen, Susana Solís Pérez

S&D

Adrian-Dragoş Benea, Erik Bergkvist, Corina Crețu, Constanze Krehl, Cristina Maestre Martín De Almagro, Pedro Marques, Tsvetelina Penkova, Julie Ward

VERTS/ALE

François Alfonsi, Niklas Nienaß, Caroline Roose, Monika Vana

 

 

0

-

 

 

 

4

0

ID

Francesca Donato, Alessandro Panza

NI

Rosa D'Amato

S&D

Andrea Cozzolino

 

Verklaring van de gebruikte tekens:

+ : voor

- : tegen

0 : onthouding

 

 

 

Laatst bijgewerkt op: 22 oktober 2019Juridische mededeling