Procedure : 2019/0076(NLE)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A9-0026/2019

Ingediende teksten :

A9-0026/2019

Debatten :

Stemmingen :

PV 18/12/2019 - 13.3

Aangenomen teksten :

P9_TA(2019)0098

<Date>{14/11/2019}14.11.2019</Date>
<NoDocSe>A9-0026/2019</NoDocSe>
PDF 181kWORD 59k

<TitreType>AANBEVELING</TitreType>     <RefProcLect>***</RefProcLect>

<Titre>over het ontwerp van besluit van de Raad betreffende de sluiting van de partnerschapsovereenkomst inzake duurzame visserij tussen de Europese Unie en de Republiek Gambia en van het protocol inzake de uitvoering van die partnerschapsovereenkomst</Titre>

<DocRef>(08974/2019 – C9-0106/2019 – 2019/0076(NLE))</DocRef>


<Commission>{PECH}Commissie visserij</Commission>

Rapporteur: <Depute>Carmen Avram</Depute>

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 ADVIES VAN DE BEGROTINGSCOMMISSIE
 PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het ontwerp van besluit van de Raad betreffende de sluiting van de partnerschapsovereenkomst inzake duurzame visserij tussen de Europese Unie en de Republiek Gambia en van het protocol inzake de uitvoering van die partnerschapsovereenkomst

(08974/2019 – C9-0106/2019 – 2019/0076(NLE))

(Goedkeuring)

Het Europees Parlement,

 gezien het ontwerp van besluit van de Raad (08974/2019),

 gezien de ontwerppartnerschapsovereenkomst inzake duurzame visserij tussen de Europese Unie en de Republiek Gambia (08984/2019),

 gezien het ontwerpprotocol tot uitvoering van de partnerschapsovereenkomst inzake duurzame visserij tussen de Europese Unie en de Republiek Gambia (09949/2019),

 gezien het verzoek om goedkeuring dat de Raad heeft ingediend krachtens artikel 43, artikel 218, lid 6, tweede alinea, onder a), v), en artikel 218, lid 7, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (C9-0106/2019),

 gezien artikel 105, leden 1 en 4, en artikel 114, lid 7, van zijn Reglement,

 gezien het advies van de Begrotingscommissie,

 gezien de aanbeveling van de Commissie visserij (A9-0026/2019),

1. hecht zijn goedkeuring aan de sluiting van de overeenkomst en van het protocol;

2. verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie, alsmede aan de regeringen en parlementen van de lidstaten en de Republiek Gambia.


TOELICHTING

Met een totale oppervlakte van 11 420 km2 en een bevolking van ongeveer 1,36 miljoen is de Republiek Gambia een van de kleinste landen in Afrika. Aan de westkant wordt het begrens door de Atlantische Oceaan. Het visserijpotentieel van het land is vrij groot. Het Gambiaanse deel van het continentaal plat heeft een oppervlakte van ongeveer 4 000 km2 en de exclusieve economische zone van het land beslaat bijna 10 500 km2; het land beschikt dan ook over een overvloed en diversiteit aan vissoorten en geniet terecht internationale faam als een van de rijkste visserijzones ter wereld met volgens deskundigen meer dan 500 mariene vissoorten.

Hoewel deze hulpbron veel zou kunnen betekenen voor de sociaal-economische ontwikkeling van Gambia, draagt de visserijsector maar weinig bij aan de economie. De sector is verdeeld in twee subsectoren (de ambachtelijke subsector, die sterk is verspreid over het hele land en waarin voornamelijk wordt gewerkt met kano’s met buitenboordmotoren, en de industriële subsector, die bestaat uit een relatief klein aantal trawlers, voornamelijk in buitenlandse handen). Volgens de begrotingsramingen van Gambia voor 2012 leverde de visserijsector een van de kleinste bijdragen aan de overheidsinkomsten - visvergunningen en registratiekosten maakten slechts 0,1 % van de totale overheidsinkomsten uit, zo bleek uit een verslag van de Verenigde Naties van 2014. Toch bekleedt de visserijsector volgens het departement Visserij van Gambia een belangrijke plaats in de voedselproductiesector, na de landbouw- en veeteeltsector. De visserij is voor de Gambianen van het grootste belang, omdat zij voor de bevolking de belangrijkste bron is van dierlijke eiwitten.

Voor wie de oorzaken van deze paradox nader onderzoekt, wordt vlug duidelijk dat deze situatie onder meer te wijten is aan onvoldoende duurzaam beheer van de visbestanden, aan het gebrek aan structurele steun en actueel wetenschappelijk onderzoek en aan de illegale, ongemelde en ongereglementeerde visserij (IOO). Deze factoren zijn niet in overeenstemming met de beginselen van het hervormde gemeenschappelijk visserijbeleid en dragen ertoe bij dat de Gambiaanse visserijsector wordt onderschat.

Daarom is dringend behoefte aan een partnerschapsovereenkomst inzake duurzame visserij tussen de Europese Unie en de Republiek Gambia om het land te helpen stap voor stap de controle over zijn visbestanden te verkrijgen en de weg van duurzaamheid in te slaan met het oog op de toekomst.

De bestaande overeenkomst is op 2 juni 1987 in werking getreden, maar is inmiddels verstreken. Zij wordt ingetrokken en vervangen bij de nieuwe overeenkomst, waarvoor de Raad de Europese Commissie heeft gemachtigd om namens de Europese Unie met Gambia te onderhandelen. Het nieuwe protocol heeft een looptijd van zes jaar die ingaat op de datum van voorlopige toepassing ervan en stilzwijgend kan worden verlengd. Het hoofddoel van de nieuwe overeenkomst is om een geactualiseerd kader te bieden waarin rekening wordt gehouden met de prioriteiten van het hervormde gemeenschappelijk visserijbeleid en de externe dimensie van dat beleid, door op grond van het beste beschikbare wetenschappelijke advies vangstmogelijkheden in de Gambiaanse wateren toe te kennen aan de vaartuigen van de Europese Unie en tegelijk een duurzaam visserijbeleid en een verantwoorde exploitatie van de visbestanden te bevorderen, in het belang van beide partijen.

De aan de vaartuigen van de Europese Unie toegekende vangstmogelijkheden hebben betrekking op enerzijds de over grote afstanden trekkende soorten – 28 vriesvaartuigen voor de tonijnvisserij met de zegen en 10 vaartuigen voor de visserij met de hengel – en anderzijds de demersale diepzeevis – 3 trawlers.

Overeenkomstig de strikte bepalingen van het “Protocol tot uitvoering van de partnerschapsovereenkomst inzake duurzame visserij tussen de Europese Unie en de Republiek Gambia” wordt de totale financiële tegenprestatie van de Unie voor de looptijd van zes jaar vastgesteld op 3 300 000 EUR, d.w.z. 550 000 EUR per jaar. De Europese Unie betaalt een jaarlijks bedrag van 275 000 EUR voor de toegang tot de visbestanden in de Gambiaanse visserijzone, wat overeenkomt met een referentiehoeveelheid voor over grote afstanden trekkende soorten van 3 300 ton per jaar, terwijl de andere helft van de jaarlijkse tegenprestatie wordt gebruikt als structurele steun ter versterking van het duurzame beheer van de visbestanden en de ontwikkeling van de Gambiaanse visserijsector. Deze steun strookt met de doelstellingen van het Gambiaanse nationale beleid op het gebied van het duurzame beheer van de continentale en maritieme visbestanden.

In de eerste plaats heeft de overeenkomst betrekking op de samenwerking in de strijd tegen IOO-visserij en op de bevordering van de blauwe economie, met inbegrip van de aquacultuur. Ook zal speciale steun worden verleend aan de ambachtelijke visserij, die nu moeilijke tijden doormaakt.

Ten tweede houdt de rapporteur er rekening mee dat Gambia zich ertoe heeft verbonden lid te worden van de Internationale Commissie voor de instandhouding van Atlantische tonijnen (ICCAT). Daarom moet er tussen de Europese Unie en de Republiek Gambia een zeer intensieve wetenschappelijke samenwerking betreffende verantwoorde visserij komen, met aandacht voor verkennende visserij en nieuwe vangstmogelijkheden, een goede samenwerking tussen de marktdeelnemers en de broodnodige elektronische gegevensuitwisseling, zodat Gambia belangrijke stappen kan zetten inzake de houding ten opzichte van duurzame visserij. Dit is een belangrijk onderdeel van het visserijbeleid en de regering van de Republiek Gambia heeft in de loop der jaren sterk de nadruk gelegd op internationale samenwerking, in het bijzonder met de Europese Unie. Gambia beschikt niet over de nodige financiële, personele en technische middelen om zelf wetenschappelijke inspecties te verrichten, maar is afhankelijk van de hulp van internationale instellingen en organisaties.

Tot slot is de rapporteur van mening dat deze structurele steun voor de Gambiaanse visserijsector het land zal helpen bij het uit de weg ruimen van hindernissen zoals een gebrek aan opslagfaciliteiten, hoge energiekosten en slecht beheer, die de laatste tijd tot het faillissement van een aantal visserijbedrijven hebben geleid. De EU gelooft in inclusie en het sluiten van overeenkomsten om derde landen die partners zijn dichter te brengen bij onze normen en de verwezenlijking van doelstellingen van gemeenschappelijk belang.

Op grond van al deze redenen beveelt de rapporteur aan dat het Parlement zijn goedkeuring hecht aan de sluiting van deze partnerschapsovereenkomst inzake duurzame visserij en het bijbehorende protocol, gezien het belang ervan voor zowel de Republiek Gambia als de EU-vloten die reeds actief zijn in de wateren van dat land.


 

 

 

 

ADVIES VAN DE BEGROTINGSCOMMISSIE (6.11.2019)

<CommissionInt>aan de Commissie visserij</CommissionInt>


<Titre>inzake het ontwerpbesluit van de Raad betreffende de sluiting van de partnerschapsovereenkomst inzake duurzame visserij tussen de Europese Unie en de Republiek Gambia en van het protocol inzake de uitvoering van die partnerschapsovereenkomst</Titre>

<DocRef>(08974/2019 – C9-0106/2019 – 2019/0076(NLE))</DocRef>

Rapporteur voor advies: <Depute>Olivier Chastel</Depute>

 

 

 

BEKNOPTE MOTIVERING

De Commissie heeft namens de Europese Unie een nieuwe partnerschapsovereenkomst inzake duurzame visserij tussen de Europese Unie en de Republiek Gambia en een nieuw protocol voor de uitvoering van de partnerschapsovereenkomst uitonderhandeld. Ter afronding van de onderhandelingen zijn op 19 oktober 2018 de partnerschapsovereenkomst en het protocol geparafeerd. De voorgaande overeenkomst die tussen de regering van de Republiek Gambia en de Europese Economische Gemeenschap was gesloten voor de visserij voor de Gambiaanse kust, is op 2 juni 1987 in werking getreden en wordt ingetrokken bij de partnerschapsovereenkomst.

De nieuwe overeenkomst is vooral bedoeld om een strategisch partnerschap op het gebied van visserij tussen de Europese Unie en de Republiek Gambia tot stand te brengen binnen een geactualiseerd kader waarin rekening wordt gehouden met de prioriteiten van het hervormd gemeenschappelijk visserijbeleid en de externe dimensie van dat beleid.

Het protocol heeft tot doel het voor de Europese Unie en de Republiek Gambia mogelijk te maken om nauwer samen te werken met het oog op de bevordering van een duurzaam visserijbeleid en een verantwoorde exploitatie van de visbestanden in de Gambiaanse wateren. Het protocol is er bovendien op gericht om binnen de grenzen van het beschikbare overschot vangstmogelijkheden in de Gambiaanse wateren toe te kennen aan de vaartuigen van de Europese Unie, met inachtneming van de beschikbare wetenschappelijke evaluaties, met name die van de Visserijcommissie voor het centraal-oostelijk deel van de Atlantische Oceaan (Cecaf) en met inachtneming van het beste beschikbare wetenschappelijke advies en de aanbevelingen van de Internationale Commissie voor de instandhouding van Atlantische tonijnen (ICCAT). Het protocol voorziet in vangstmogelijkheden in de volgende categorieën: 28 vaartuigen voor de tonijnvisserij met de zegen; 10 vaartuigen voor de visserij met de hengel; 3 trawlers (voor de visserij op zwarte heek, een demersale diepzeesoort).

De jaarlijkse financiële tegenprestatie bedraagt 550 000 EUR, berekend op basis van:

- een jaarlijks bedrag voor de toegang tot de visbestanden in de Gambiaanse visserijzone ten belope van 275 000 EUR per jaar voor een referentiehoeveelheid van 3 300 ton per jaar voor over grote afstanden trekkende soorten;

- steun voor de ontwikkeling van het sectorale visserijbeleid van de Republiek Gambia ten belope van 275 000 EUR per jaar. Deze steun strookt met de doelstellingen van het Gambiaanse nationale beleid op het gebied van het duurzame beheer van de continentale en maritieme visbestanden.

De onderhandelingen over een nieuwe partnerschapsovereenkomst inzake visserij met Gambia passen in het externe optreden van de Unie ten aanzien van de ACS-landen en houden met name rekening met de doelstellingen van de Unie op het gebied van de eerbiediging van de democratische beginselen en de mensenrechten. De nieuwe overeenkomst en het nieuwe protocol hebben een looptijd van zes jaar die ingaat op de datum van voorlopige toepassing ervan.

De Commissie zou gemachtigd zijn om namens de Unie haar goedkeuring te hechten aan wijzigingen van het protocol die worden aangenomen door de bij de partnerschapsovereenkomst opgerichte gemengde commissie.

******

De Begrotingscommissie verzoekt de bevoegde Commissie visserij het Parlement aan te bevelen zijn goedkeuring te hechten aan het ontwerpbesluit van de Raad betreffende de sluiting van de partnerschapsovereenkomst inzake duurzame visserij tussen de Europese Unie en de Republiek Gambia en van het protocol inzake de uitvoering van die partnerschapsovereenkomst.


PROCEDURE VAN DE ADVISERENDE COMMISSIE

Titel

Partnerschapsovereenkomst inzake duurzame visserij tussen de Europese Unie en de Republiek Gambia en het bijbehorende protocol

Document- en procedurenummers

08974/2019 – C9-0106/2019 – 2019/0076(NLE)

Bevoegde commissie

 

PECH

 

 

 

 

Advies uitgebracht door

 Datum bekendmaking

BUDG

16.9.2019

Rapporteur voor advies

 Datum benoeming

Olivier Chastel

23.7.2019

Behandeling in de commissie

14.10.2019

 

 

 

Datum goedkeuring

6.11.2019

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

25

1

9

Bij de eindstemming aanwezige leden

Rasmus Andresen, Clotilde Armand, Anna Bonfrisco, Jonathan Bullock, Olivier Chastel, Lefteris Christoforou, Paolo De Castro, José Manuel Fernandes, Eider Gardiazabal Rubial, Alexandra Geese, Valentino Grant, Elisabetta Gualmini, Francisco Guerreiro, Valerie Hayer, Niclas Herbst, John Howarth, Mislav Kolakušić, Moritz Körner, Joachim Kuhs, Zbigniew Kuźmiuk, Ioannis Lagos, Hélène Laporte, Pierre Larrouturou, Janusz Lewandowski, Margarida Marques, Jan Olbrycht, Dimitrios Papadimoulis, Karlo Ressler, Bogdan Rzońca, Nicolae Ştefănuță, Nils Ušakovs, Rainer Wieland, Angelika Winzig

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Erik Bergkvist, Monika Vana

 

 


HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE ADVISERENDE COMMISSIE

25

+

ECR

Zbigniew Kuźmiuk, Bogdan Rzońca

GUE/NGL

Dimitrios Papadimoulis

NI

Mislav Kolakušić

PPE

Lefteris Christoforou, José Manuel Fernandes, Niclas Herbst, Janusz Lewandowski, Jan Olbrycht, Karlo Ressler, Rainer Wieland, Angelika Winzig

RENEW

Clotilde Armand, Olivier Chastel, Valerie Hayer, Moritz Körner, Nicolae Ştefănuță

S&D

Erik Bergkvist, Paolo De Castro, Eider Gardiazabal Rubial, Elisabetta Gualmini, John Howarth, Pierre Larrouturou, Margarida Marques, Nils Ušakovs

 

1

-

NI

Jonathan Bullock

 

9

0

ID

Anna Bonfrisco, Valentino Grant, Joachim Kuhs, Hélène Laporte

NI

Ioannis Lagos

VERTS/ALE

Rasmus Andresen, Alexandra Geese, Francisco Guerreiro, Monika Vana

 

Verklaring van de gebruikte tekens:

+ : voor

- : tegen

0 : onthouding

 

 


 

PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE

Titel

Partnerschapsovereenkomst inzake duurzame visserij tussen de Europese Unie en de Republiek Gambia en het bijbehorende uitvoeringsprotocol

Document- en procedurenummers

08974/2019 – C9-0106/2019 – 2019/0076(NLE)

Datum raadpleging/verzoek om goedkeuring

26.8.2019

Bevoegde commissie
 Datum bekendmaking

PECH

16.9.2019

Adviserende commissies
 Datum bekendmaking

DEVE

16.9.2019

BUDG

16.9.2019

 

 

 

Geen advies
 Datum besluit

DEVE

24.9.2019

 

 

 

 

Rapporteurs
 Datum benoeming

Carmen Avram

23.7.2019

 

Behandeling in de commissie

23.7.2019

2.10.2019

 

 

 

Datum goedkeuring

12.11.2019

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

21

1

6

Bij de eindstemming aanwezige leden

Clara Aguilera, Christian Allard, Pietro Bartolo, François-Xavier Bellamy, Izaskun Bilbao Barandica, Rosanna Conte, Richard Corbett, Rosa D’Amato, Chris Davies, Filip De Man, Giuseppe Ferrandino, João Ferreira, Søren Gade, Francisco Guerreiro, Niclas Herbst, Pierre Karleskind, Francisco José Millán Mon, Cláudia Monteiro de Aguiar, Grace O’Sullivan, Manuel Pizarro, Annie Schreijer-Pierik, Ruža Tomašić, Peter van Dalen

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Carmen Avram, Isabel Carvalhais, Catherine Chabaud, Nicolás González Casares, Ivo Hristov, June Alison Mummery, Caroline Roose, Bert-Jan Ruissen, Annalisa Tardino, Javier Zarzalejos

Datum indiening

14.11.2019

 


 

HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

21

+

ECR

Bert-Jan Ruissen, Ruža Tomašić

GUE/NGL

João Ferreira

NI

Rosa D'Amato

PPE

François-Xavier Bellamy, Peter van Dalen, Niclas Herbst, Francisco José Millán Mon, Cláudia Monteiro de Aguiar, Annie Schreijer-Pierik, Javier Zarzalejos

RENEW

Izaskun Bilbao Barandica, Chris Davies, Søren Gade, Pierre Karleskind

S&D

Clara Aguilera, Pietro Bartolo, Richard Corbett, Giuseppe Ferrandino, Nicolás González Casares, Manuel Pizarro

 

1

-

NI

June Alison Mummery

 

6

0

ID

Rosanna Conte, Filip De Man, Annalisa Tardino

VERTS/ALE

Christian Allard, Francisco Guerreiro, Grace O'Sullivan

 

Verklaring van de gebruikte tekens:

+ : voor

- : tegen

0 : onthouding

 

 

Laatst bijgewerkt op: 12 december 2019Juridische mededeling