Procedure : 2014/2845(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B8-0140/2014

Ingediende teksten :

B8-0140/2014

Debatten :

Stemmingen :

PV 18/09/2014 - 10.8
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2014)0029

ONTWERPRESOLUTIE
PDF 223kWORD 52k
Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B8-0117/2014
16.9.2014
PE537.042v01-00
 
B8-0140/2014

naar aanleiding van een verklaring van de vicevoorzitter van de Commissie / hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid

ingediend overeenkomstig artikel 123, lid 2, van het Reglement


over Israël en Palestina na de Gazaoorlog en de rol van de EU (2014/2845(RSP))


Charles Tannock, Bas Belder, Ryszard Antoni Legutko, Ryszard Czarnecki, Tomasz Piotr Poręba, Geoffrey Van Orden, Zdzisław Krasnodębski namens de ECR-Fractie

Resolutie van het Europees Parlement over Israël en Palestina na de Gazaoorlog en de rol van de EU (2014/2845(RSP))  
B8‑0140/2014

Het Europees Parlement,

–       gezien artikel 123, lid 2, van zijn Reglement,

A.     overwegende dat het geweld tussen Gaza en Israël 50 dagen heeft geduurd, wat langer is dan operatie "Cast Lead" in 2008/2009 en operatie "Pillar of Defence" in 2012;

B.     overwegende dat de oorlog tussen Israël en Hamas in de ruimere context van het Israëlisch-Arabisch conflict bezien moet worden;

C.     overwegende dat Hamas door de EU is aangemerkt als terroristische organisatie en in de internationale media te boek staat als een organisatie die onschuldige burgers gebruikt als menselijk schild;

D.     overwegende dat uit de cijfers van de VN blijkt dat bij het geweld 72 mensen uit Israël zijn omgekomen, onder wie 1 kind, dat 450 militairen en 80 burgers gewond zijn geraakt, en dat 2 139 Palestijnen, onder wie 490 kinderen, zijn omgekomen, dat 500 000 inwoners van Gaza ontheemd zijn, en dat 20 000 huizen in Gaza zijn vernield;

E.     overwegende dat Hamas meer dan 3 700 raketten op Israël heeft afgevuurd;

F.     overwegende dat de EU de eerste handelspartner van Israël is, waarbij in 2012 in totaal voor circa 33 miljard EUR handel is gedreven;

G.     overwegende dat in de zomer van 2014 in verscheidene Europese steden, waaronder in Londen en Parijs, een aantal antisemitische confrontaties en rellen hebben plaatsgevonden die een direct gevolg zijn van het conflict tussen Israël en Gaza;

H.     overwegende dat er een aantal cruciale spelers zijn binnen de groeperingen in het conflict tussen Gaza en Israël, waaronder de Arabische landen, de Europese Unie, de Verenigde Staten, Japan, internationale instellingen (VN-organen), EU-lidstaten en andere landen;

1.      spreekt zijn lof uit voor de snelheid waarmee de Israëlische militaire procureur-generaal zijn onderzoek is gestart naar een aantal door de Israëlische strijdkrachten uitgevoerde luchtaanvallen, in het bijzonder omdat Israël vecht tegen Hamas, een door de EU als terroristisch aangemerkte organisatie;

2.      benadrukt dat het dringend noodzakelijk is dat de EU hulp verleent bij de samenwerking tussen de Palestijnse Autoriteit en Israël wat betreft de wederopbouw van de Gazastrook, zodat erop toegezien kan worden dat humanitaire hulp niet wordt misbruikt voor terroristische doeleinden tegen onschuldige burgers; merkt op dat de Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever en in de Gazastrook één van de bevolkingsgroepen zijn die de meeste hulp ter wereld ontvangen;

4.      verlangt dat EU-beleid wordt ontwikkeld ten behoeve van en financiële hulp wordt verstrekt aan de burgers van Zuid-Israël die economische verliezen hebben geleden en wier infrastructuur beschadigd is door raketaanvallen uit Gaza;

5.      onderstreept dat alle EU-instellingen de Palestijnse Autoriteit en de Israëlische regering moeten blijven steunen om bij hun vredesonderhandelingen de grenzen van een mogelijke toekomstige Palestijnse staat vast te leggen; herinnert eraan dat de EU graag wil dat Gaza onder leiding van de Palestijnse autoriteit de orde handhaaft en de democratische waarden en beginselen naleeft;

6.      erkent en looft de rol die Egypte heeft gespeeld door te bemiddelen over een staakt-het-vuren; ondersteunt de Egyptische autoriteiten bij hun voortdurende samenwerking met de Israëli's en de Palestijnen met het oog op de totstandkoming van een duurzaam staakt-het-vuren; is verheugd over de recente berichten dat de Egyptenaren weldra besprekingen over een permanent staakt-het-vuren zullen aanvatten;

7.      onderstreept dat het dringend noodzakelijk is dat de Palestijnse autoriteit, de EU, Egypte en Jordanië op degelijke wijze samenwerken, zodat terroristische groeperingen in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever zich niet kunnen herbewapenen en niet terugvallen in het smokkelen van wapens, de fabricage van raketten en het bouwen van tunnels;

8.      wijst er nogmaals op dat de EU vastbesloten is ondersteuning te bieden bij de tenuitvoerlegging van de praktische onderdelen die voortvloeien uit alle door de Palestijnse Autoriteit en Israël bereikte overeenkomsten, waaronder de bemanning van grensovergangen en het houden van toezicht op de in- en uitvoer van goederen van en naar Gaza;

9.      verzoekt de EU een positieve rol te spelen en zo het vinden van een oplossing voor het Israëlisch-Palestijns conflict en het grotere Israëlisch-Arabisch conflict met vreedzame en constructieve middelen te vergemakkelijken, waarmee de EU-belangen op het gebied van veiligheid, stabiliteit en voorspoed in het Midden-Oosten zijn gediend; verzoekt alle EU-instellingen om de betrekkingen op het gebied van handel, cultuur, wetenschap, energie, water en economie tussen Israël en zijn buren te stimuleren;

10.    verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de regeringen en de parlementen van de lidstaten, de speciale vertegenwoordiger van de EU voor het vredesproces in het Midden-Oosten, de voorzitter van de Algemene Vergadering van de VN, de regeringen en de parlementen van de leden van de VN-Veiligheidsraad, de afgezant van het Midden-Oostenkwartet, de Knesset en de regering van Israël, de president van de Palestijnse Autoriteit en de Palestijnse Wetgevende Raad, de regering van Egypte en de regering van het Koninkrijk Jordanië.

Juridische mededeling