Procedure : 2014/2973(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B8-0288/2014

Ingediende teksten :

B8-0288/2014

Debatten :

PV 26/11/2014 - 20
CRE 26/11/2014 - 20

Stemmingen :

PV 27/11/2014 - 10.8
CRE 27/11/2014 - 10.8
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :


ONTWERPRESOLUTIE
PDF 169kWORD 74k
24.11.2014
PE539.011v01-00
 
B8-0288/2014

naar aanleiding van een verklaring van de Commissie

ingediend overeenkomstig artikel 123, lid 2, van het Reglement


over de digitale interne markt (2014/2973(RSP)(RSP))


Dita Charanzová, Pavel Telička, Javier Nart, Antanas Guoga, Gérard Deprez, Juan Carlos Girauta Vidal namens de ALDE-Fractie

Resolutie van het Europees Parlement over de digitale interne markt (2014/2973(RSP)(RSP))  
B8‑0288/2014

Het Europees Parlement,

–       gezien artikel 3, lid 3, en artikel 6 van het Verdrag betreffende de Europese Unie,

–       gezien de artikelen 9, 10, 12, 14, 16, 26, 114, lid 3, en 169, lid 1, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–       gezien het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie en met name gelet op de artikelen 7, 8, 11, 21, 38 en 52 daarvan,

–       gezien het werkdocument van de Commissie van 23 april 2013 getiteld "E-commerce Action plan 2012-2015 – State of play 2013" (SWD(2013)0153),

–       gezien het Scorebord van de interne markt 26 van de Commissie van 18 februari 2013,

–       gezien het Scorebord voor de digitale agenda 2014 van de Commissie,

–       gezien de mededeling van de Commissie van 11 januari 2012 met de titel "Een coherent kader voor een groter vertrouwen in de digitale eengemaakte markt voor elektronische handel en onlinediensten" (COM(2011)0942),

–       gezien zijn resolutie van 11 juni 2013 over een nieuwe agenda voor het Europese consumentenbeleid(1),

–       gezien zijn resolutie van 4 februari 2014 over de toepassing van Richtlijn 2005/29/EG over oneerlijke handelspraktijken(2),

–       gezien zijn resolutie van 10 december 2013 over het aanboren van het potentieel van cloud computing in Europa(3),

–       gezien zijn resolutie van 4 juli 2013 inzake het voltooien van de digitale interne markt(4),

–       gezien zijn resolutie van 11 december 2012 inzake het voltooien van de digitale interne markt(5),

–       gezien zijn resolutie van 22 mei 2012 over een strategie ter versterking van de rechten van kwetsbare consumenten(6),

–       gezien zijn resolutie van 20 april 2012 met als titel "Een concurrerende digitale interne markt - e-overheid als speerpunt"(7),

–       gezien zijn resolutie van 15 november 2011 over een nieuwe strategie voor het consumentenbeleid(8),

–       gezien zijn resolutie van 12 maart 2014 over het surveillanceprogramma van de NSA in de VS, toezichthoudende instanties in verschillende lidstaten en gevolgen voor de grondrechten van EU-burgers en voor de trans-Atlantische samenwerking op het gebied van justitie en binnenlandse zaken(9),

–       gezien de studie van 2013 door zijn beleidsondersteunende afdeling A over de opbouw van een alomtegenwoordige digitale samenleving in de EU,

–       gezien de studie van 2013 door zijn beleidsondersteunende afdeling A over de discriminatie van consumenten op de digitale interne markt,

–       gezien de studie van 2013 door zijn beleidsondersteunende afdeling A “De bijdrage van Entertainment x.0 aan het versnellen van de uitrol van breedband”,

−      gezien het arrest van het Hof van Justitie van 8 april 2014 in de gevoegde zaken C-293/12 en C-594/12, waarin de richtlijn gegevensbewaring ongeldig werd verklaard,

−      gezien zijn standpunt over een voorstel voor een verordening tot vaststelling van maatregelen inzake de Europese interne markt voor elektronische communicatie en om een connectief continent tot stand te brengen(10),

–       gezien artikel 123, lid 2, van zijn Reglement,

A.     overwegende dat de voorzitter van de Commissie, Jean-Claude Juncker, voor 2015 10 prioriteiten heeft vastgesteld en de wens heeft geuit om bij de opstelling van het jaarlijkse werkprogramma van de Commissie nauwer samen te werken met de Europese instellingen;

B.     overwegende dat de tweede prioriteit verband houdt met een connectieve digitale interne markt die moet bestaan uit een pakket voor de digitale interne markt;

C.     overwegende dat de voltooiing van de Europese digitale interne markt miljoenen banen zou opleveren waardoor het bbp van Europa tegen 2020 met 4% zou kunnen stijgen;

D.     overwegende dat een toename van de breedbandpenetratie met 10 procentpunten naar schatting zal resulteren in een stijging van het jaarlijks bbp per capita van 0,9 tot 1,5 procentpunt;

E.     overwegende dat alleen al de app-economie zijn inkomsten in de periode 2013-2018 zal zien verdrievoudigen, en dat er in diezelfde periode 3 miljoen banen zullen worden gecreëerd;

F.     overwegende dat het Parlement heeft laten uitzoeken hoeveel het zou kosten wanneer Europa niet intervenieert op de digitale interne markt, wat aangeeft hoe belangrijk het is om digitale oplossingen te zien als een kans voor consumenten, burgers en het bedrijfsleven en niet als een dreiging;

G.     overwegende dat de Unie de massale invoering van cloud computing in Europa moet stimuleren, omdat het de groei van de Europese economie zal aanjagen; overwegende dat het onderzoek aantoont dat er aanzienlijke winst kan worden behaald wanneer cloud computing snel wordt ontwikkeld;

H.     overwegende dat het feit dat inlichtingendiensten zich toegang hebben verschaft tot persoonsgegevens van gebruikers van onlinediensten, het vertrouwen van de burgers in dergelijke diensten ernstig heeft geschaad en zodoende een negatief effect heeft op investeringen van het bedrijfsleven in de ontwikkeling van nieuwe diensten die gebruik maken van "big data" of nieuwe toepassingen, zoals het "internet van de dingen";

I.      overwegende dat de obstakels die de deelname van de consumenten aan de digitale interne markt belemmeren verband houden met discriminerende praktijken, zoals de beperking van bepaalde providers tot bepaalde landen of territoria, een simpel verbod om te verkopen, automatisch rerouting, en ongerechtvaardigde diversificatie van de verkoopsvoorwaarden;

J.      overwegende dat veilige, efficiënte, concurrerende en innoverende mobiele betalingen en e-betalingen van cruciaal belang zijn, willen consumenten optimaal kunnen genieten van de voordelen van de interne markt;

K.     overwegende dat er onder consumenten een gebrek aan kennis bestaat over de alternatieven voor de nationale postdiensten, of dat de consumenten de neiging hebben te denken dat de dienstverlening van de beschikbare alternatieven van mindere kwaliteit is;

L.     overwegende dat de bescherming van persoonsgegevens en van de persoonlijke levenssfeer, alsmede cyberveiligheid en de veiligheid van de elektronische verbindingen en netwerken van prioritair belang zijn in de digitale interne markt, omdat dit fundamentele voorwaarden zijn voor het functioneren ervan en om ervoor te zorgen dat het vertrouwen van de burgers en de consumenten niet wordt beschaamd;

M.    overwegende dat netneutraliteit vereist is om innovatie op het internet te beschermen;

N.     overwegende dat de culturele sector ernstig door de crisis wordt geraakt; overwegende dat de ontwikkeling van nieuwe digitale technologieën moet worden geïntegreerd in het wetgevingskader voor auteursrecht, en dat gewaarborgd moet worden dat de rechthebbenden op passende wijze worden vergoed; overwegende dat de ontwikkeling van internet, sociale netwerken en connected TV een enorme uitdaging blijft en niet beschouwd mag worden als schadelijk voor onze culturele en creatieve industrie, die banen creëert en een aanzienlijke bijdrage levert aan het bbp;

O.     overwegende dat de EU achterstand heeft opgelopen ten opzichte van zijn belangrijkste concurrenten, zoals de VS, met het doen van ICT-investeringen, het uitrollen van breedband en digitale innovatie, hoofdzakelijk vanwege de versnippering van de digitale interne markt;

P.     overwegende dat er voldoende spectrumcapaciteit beschikbaar moet worden gesteld om tegemoet te komen aan de exponentiële groei aan mobiele data en te voldoen aan de toenemende vraag;

Q.     overwegende dat het voor de sociale en economische groei, het concurrentievermogen, de sociale inclusie en de interne markt belangrijk is dat over heel Europa een wijdverbreide, hogesnelheids-, en veilige snelle internettoegang en digitale diensten van openbaar belang beschikbaar zijn;

R.     overwegende dat de ontwikkeling van hogesnelheidsbreedbandnetwerken baat zal hebben bij Europese technische normen; overwegende dat, wil de Europese Unie een belangrijke rol in de telecommunicatiesector spelen, er op EU-niveau onderzoeks- en ontwikkelingsprogramma’s moeten worden ontwikkeld en standaardiseringsprocedures nauwer moeten worden gevolgd;

S.     overwegende dat onderzoek, ontwikkeling en innovatie in de digitale economie ertoe zullen bijdragen dat Europa op de middellange en langere termijn concurrerend zal blijven;

T.     overwegende dat een snelle toepassing van snelle breedbandnetwerken cruciaal is voor de groei van de Europese productiviteit en voor de opkomst van nieuwe en kleine ondernemingen die een leidende rol kunnen spelen in verschillende sectoren, zoals de gezondheidszorg, de productie en de dienstensector;

U.     overwegende dat de private sector het voortouw moet nemen bij het uitrollen en moderniseren van breedbandnetwerken, ondersteund door een regelgevingskader dat concurrentie en investeringen bevordert;

V.     overwegende dat de EU-instellingen veel meer moeten doen om openbare diensten digitaal beschikbaar te stellen;

Prioritaire initiatieven voor 2015

1.      dringt er bij de Commissie op aan om in het in 2015 goed te keuren digitale interne markt-pakket een reeks wetgevende en niet-wetgevende initiatieven (hierna, ‘de initiatieven’) op te nemen die gericht zijn op het verhogen van het consumentenvertrouwen in onlinediensten en de regelgeving inzake onlineverkoop te vereenvoudigen;

Eén regelgevende instantie voor de Europese telecomsector

2.      verzoekt de Commissie een initiatief in te dienen inzake de oprichting van één regelgevende Europese instantie voor de telecomsector, die moet zorgen voor ‘ontsnippering’ van de huidige digitale interne markt;

Aanleggen van een digitale infrastructuur en dichten van de investeringskloof

3.      dringt er bij de Commissie op aan initiatieven goed te keuren om, via de particuliere sector, te zorgen voor een aanzienlijke verhoging van de financiering voor projecten die bijdragen tot het uitrollen van ultra-hogesnelheidsbreedbandnetwerken, het ontwerpen en invoeren van productiviteitsverhogende digitale diensten te bevorderen, de digitale kloof in plattelandsgebieden voor de toegang tot hogesneldheidsverbindingen te dichten, en de veiligheid en veerkracht van ICT-netwerken en toepassingen te verhogen door investeringen in digitale infrastructuur in de EU-ruimte;

4.      is van mening dat de initiatieven ook een herziene toekomstgerichte digitale agenda-doelstelling voor 2020 moeten bevatten om ervoor te zorgen dat alle huishoudens toegang kunnen hebben tot breedbandverbindingen met een capaciteit van 100 MB/s, terwijl 50% van de huishoudens een verbinding heeft van 1Gb/s of meer;

Bevordering van digitaal ondernemerschap en digitale vaardigheden

5.      verzoekt de Commissie om met een initiatief te komen voor digitaal ondernemerschap, aangezien dit van cruciaal belang is voor het creëren van nieuwe werkgelegenheid en innovatieve ideeën, inclusief maatregelen om ervoor te zorgen dat nieuwe digitale ondernemers gemakkelijker toegang krijgen tot financiering (bijvoorbeeld door crowdsourcing) en ondernemers die failliet zijn gegaan een tweede kans te geven;

Cloud computing

6.      is van mening dat de initiatieven met name een wetgevingsvoorstel moeten bevatten op het gebied van cloud computing, om iets te doen aan het gebrek aan verantwoordelijkheid van providers van cloud computing en de inconsistentie van transnationale wet- en regelgeving;

7.      benadrukt dat als cloud-diensten alleen worden verleend door een beperkt aantal grote providers, er steeds grotere hoeveelheden informatie zullen terechtkomen in de handen van die providers; wijst er verder op dat er aan cloud computing ook risico’s kleven voor gebruikers, met name kleine bedrijven, vooral waar het gaat om gevoelige gegevens en handelsgeheimen;

8.      merkt op dat het vertrouwen in cloud computing en cloud-providers in de VS door de massale toezichtspraktijken negatief is beïnvloed; onderstreept daarom het belang van de ontwikkeling van clouds en IT-oplossingen als essentieel onderdeel voor groei en werkgelegenheid en vertrouwen in cloud computing-diensten en -providers en voor de waarborging van een hoog niveau van bescherming van persoonsgegevens;

9.      dringt er bij de Commissie op aan het voortouw te nemen bij het bevorderen van de ontwikkeling van Europese normen en specificaties voor cloud computing en bij de internationale bevordering ervan, waardoor er privacy-vriendelijke, betrouwbare, in hoge mate interoperabele, veilige en energie-efficiënte cloud-diensten kunnen worden geleverd als een integraal onderdeel van een toekomstig industrieel beleid van de Unie; benadrukt dat betrouwbaarheid, veiligheid en bescherming van de gegevens noodzakelijk zijn voor het vertrouwen van de consument en voor het concurrentievermogen;

Roaming

10.    herhaalt zijn opvatting dat de roamingkosten allang hadden moeten zijn afgeschaft; benadrukt dat het onaanvaardbaar zou zijn wanneer dat uitgesteld wordt tot na 15 december 2015 en wanneer mensen die binnen de EU reizen nog steeds extra kosten kunnen worden aangerekend;

Discriminatie van online consumenten

11.    betreurt dat consumenten worden gediscrimineerd wanneer zij online winkelen; is van mening dat de discriminerende praktijken in de initiatieven daarom horizontaal moeten worden aangepakt, ongeacht of ze plaatsvinden op grond van nationaliteit of woonplaats, wat op veel verschillende terreinen van het EU-recht gebeurt;

12.    stelt vast dat, hoewel het de groei van e-handel toejuicht, in sommige lidstaten slechts een paar actoren een dominante positie hebben bij de rechtstreekse verkoop van fysieke goederen of als een op de markt gebaseerd platform voor anderen om fysieke goederen te verkopen; benadrukt dat er op Europees niveau toezicht moet worden uitgeoefend op misbruik van een dergelijke dominante positie in termen van beschikbaarheid van goederen en de kosten die in rekening worden gebracht bij het MKB voor het gebruik van dergelijke op de markt gebaseerde platforms en dat dit misbruik moet worden voorkomen;

Zoekmachines en prijsvergelijkingssites

13.    is verheugd over de aankondiging van de Commissaris voor mededinging dat er meer onderzoek zal worden gedaan door de Commissie naar de praktijken van zoekmachines en de digitale markt in het algemeen;

14.    stelt vast dat de markt voor online zoeken en de prijsvergelijkingssites van bijzonder belang zijn als men voor behoorlijke mededingingsvoorwaarden op de digitale interne markt wil zorgen, aangezien zij tot "gatekeepers" kunnen worden ontwikkeld en de secundaire exploitatie van vergaarde informatie voor commerciële doeleinden kan worden gebruikt; dringt er derhalve bij de Commissie op aan strenger toezicht uit te oefenen op de zogenoemde ‘first mover’-voordelen en netwerkeffecten in de digitale sector die al gauw misbruik en dominante posities in de hand werken, en EU-mededingingsregels krachtig te handhaven, op basis van de input van alle relevante belanghebbenden en rekening houdend met de gehele structuur van de digitale interne markt om ervoor te zorgen dat de oplossingen werkelijk ten goede komen aan de consumenten, internetgebruikers en online ondernemingen;

15.    dringt er verder bij de Commissie op aan op korte termijn mogelijke oplossingen te overwegen die gericht zijn op een afgewogen, eerlijke en open structuur voor het zoeken op internet;

16.    benadrukt dat bij het gebruik van zoekmachines en prijsvergelijkingssites, het zoekproces en de zoekresultaten objectief moeten zijn om ervoor te zorgen dat het zoeken op internet non-discriminatoir blijft, dat er meer concurrentie en meer keuzevrijheid voor gebruikers en consumenten is en dat de diversiteit van de informatiebronnen wordt gehandhaafd; merkt derhalve op dat indexering, evaluatie, presentatie en volgorde objectief en transparant moeten zijn, terwijl de zoekmachines en prijsvergelijkingssites volledige transparantie moeten waarborgen voor onderling gekoppelde diensten wanneer de resultaten worden getoond; dringt er bij de Commissie op aan misbruik te voorkomen bij de marketing van onderling gekoppelde diensten;

 

Mobiele betalingen en e-betalingen

17.    dringt er bij de Commissie en de lidstaten op aan de regelgevingskaders op EU- en nationaal niveau verder te ontwikkelen en te implementeren om te zorgen voor een geïntegreerde, veilige en innoverende markt voor mobiele betalingen, waarbij de bescherming van gegevens van consumenten en klanten wordt gewaarborgd; dringt in dit verband aan op de duidelijke inventarisatie van de respectieve rechten en plichten van alle partijen, inclusief overige providers; benadrukt dat er duidelijke en transparante regels in wetgeving moeten worden vastgelegd om nieuwe technologische ontwikkelingen op te nemen en te bevorderen;

18.    betreurt het dat er tussen de lidstaten zeer uiteenlopende handelspraktijken bestaan ten aanzien van mobiele betalingen en betreurt de buitensporige kosten voor het maken van grensoverschrijdende betalingen, waardoor de markt niet sneller groeit;

19.    benadrukt dat onlinebetalingssystemen verder in SEPA moeten worden geïntegreerd; verzoekt de Commissie haar werkzaamheden op het gebied van het betalen met een kaart, via internet en mobiele betalingen te versnellen om op dit gebied Europese normen te ontwikkelen, en in de context van de initiatieven concrete voorstellen te doen, waarbij ervoor gezorgd moet worden dat nieuwe marktpartijen niet mogen worden uitgesloten en dat innovatie niet mag worden ontmoedigd;

Pakketbezorging

20.    is van mening dat zelfregulering op het gebied van post- en pakketbezorging in de initiatieven moet worden aangemoedigd om de aanzienlijke informatiekloof te dichten die er bestaat ten aanzien van de beschikbaarheid van verschillende bezorgdiensten en aanverwante bezorgopties, zowel voor consumenten als voor e-detailhandelaren;

21.    benadrukt dat snelle, betrouwbare en betaalbare deur-tot-deurbezorgdiensten van essentieel belang zijn voor het concurrentievermogen van kleine e-detailhandelaren; dringt er bij de Commissie op aan actie te ondernemen om te zorgen voor verbeterde douaneafhandelingsprocedures, geharmoniseerde verzendregelingen en verhoogde minimumdrempels voor douanerechten;

Beperkingen voor onlinedistributie

22.    dringt bij de Commissie aan op bestrijding van discriminerende praktijken op het gebied van onlinedistributie welke onder de verordening betreffende de algemene groepsvrijstelling voor verticale afspraken (Verordening (EU) nr. 330/2010 van de Commissie) valt, opdat distributeurs in staat blijven innoverende distributiemethodes te gebruiken en een groter aantal en meer uiteenlopende klanten te bereiken;

Het internet van de dingen

23.    dringt er bij de Commissie op aan om in de initiatieven ambitieuze voorstellen op te nemen voor het internet van de dingen en normen voor machine-tot-machinecommunicatie en om proefprojecten voor te bereiden; benadrukt dat Europese bedrijven en instellingen een grotere rol moeten spelen bij het creëren van internationale normen voor het internet van de dingen; is van mening dat Europa zou kunnen pleiten voor sterke gegevensbeschermingsprotocollen op dit gebied en onderstreept dat het internet van de dingen moet worden beschermd tegen misbruik, manipulatie of cyberaanvallen; dringt er in dit verband op aan dat er specifieke maatregelen moeten worden goedgekeurd om ervoor te zorgen dat eindapparatuur compatibel is met het recht van gebruikers om hun persoonsgegevens te controleren en te beschermen, en te zorgen voor een hoog veiligheidsniveau van de telecommunicatienetwerken en –diensten;

24.    verzoekt de Commissie duidelijke regels vast te stellen zodat gebruikers hun toestemming moeten geven (‘opt-in’) alvorens hardwaregegevens voor gezondheids-, oefen- of andere traceringsdoeleinden mogen worden gebruikt voor reclame-, marketing- of levensstijldoeleinden; benadrukt dat gebruikers dergelijke praktijken eenvoudig moeten kunnen laten stopzetten zonder hun toegang tot andere functies van de hardware of eraan gerelateerde software te verliezen;

25.    verzoekt ondernemingen die nieuwe diensten verlenen die gebruikmaken van "big data" en nieuwe toepassingen, zoals het "internet van de dingen", reeds in de ontwikkelingsfase gegevensbeschermingsmaatregelen in te bouwen teneinde een hoog vertrouwensniveau onder de burgers in stand te houden;

Netneutraliteit

26.    brengt in herinnering dat netneutraliteit van het grootste belang is om ervoor te zorgen dat er geen discriminatie bestaat tussen internetdiensten en dat de concurrentie volledig wordt gewaarborgd;

27.    is van mening dat netneutraliteit duidelijk moet worden gedefinieerd in overeenstemming met de definities van het Parlement en moet worden gewaarborgd en zorgvuldig in wetgeving moet worden verankerd om kleine en middelgrote bedrijven, non-gouvernementele organisaties en overige sociaal-economische actoren in staat te stellen optimaal te profiteren van de kansen van de digitale markt;

28.    verzoekt de Commissie, normalisatie-instellingen en Enisa veiligheids- en privacynormen en richtsnoeren te ontwikkelen voor IT-systemen, -netwerken en -diensten, inclusief cloud computingdiensten, om de persoonsgegevens van EU-burgers en de integriteit van alle IT-systemen beter te beschermen; is van mening dat dergelijke normen de maatstaf voor nieuwe mondiale normen kunnen worden en in een open en democratisch proces moeten worden vastgesteld;

Intellectuele eigendomsrechten en auteursrecht

29.    dringt er bij de Commissie op aan de bestaande wetgeving op het gebied van intellectuele eigendomsrechten (IER’s) zorgvuldig te inventariseren en met een voorstel betreffende IER’s te komen waarin de belangen van zowel consumenten als rechthebbenden worden afgewogen; dringt er verder bij de Commissie op aan een grensoverschrijdend geïntegreerd en geharmoniseerd EU-systeem voor auteursrecht te ontwerpen waarin de inherente waarde en waardering van creatieve en artistieke content wordt afgewogen tegen de rechten van de consument; benadrukt dat de creatieve industrie de meest bloeiende sector in de EU is, die groei en banen oplevert maar ook innovatie steunt in overeenstemming met de Europa 2020-strategie; herinnert eraan dat het Parlement een werkgroep voor de hervorming van intellectuele eigendomsrechten en auteursrecht heeft opgericht om oplossingen op dit gebied naderbij te brengen en een dergelijke hervorming te helpen doorvoeren;

30.    verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

(1)

Aangenomen teksten, P7_TA(2013)0239.

(2)

Aangenomen teksten, P7_TA(2014)0063.

(3)

Aangenomen teksten, P7_TA(2013)0535.

(4)

Aangenomen teksten, P7_TA(2013)0327.

(5)

Aangenomen teksten, P7_TA(2012)0468.

(6)

PB C 264 E, 13.9.2013, blz. 11.

(7)

PB C 258 E, 07.09.2013, blz. 64.

(8)

PB C 153 E, 31.05.2013, blz. 25.

(9)

Aangenomen teksten, P7_TA(2014)0230.

(10)

Aangenomen teksten, P7_TA(2014)0281.

Juridische mededeling