Procedure : 2015/2833(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B8-0832/2015

Ingediende teksten :

B8-0832/2015

Debatten :

Stemmingen :

PV 10/09/2015 - 8.4
CRE 10/09/2015 - 8.4
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2015)0317

ONTWERPRESOLUTIE
PDF 166kWORD 71k
Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B8-0832/2015
7.9.2015
PE565.800v01-00
 
B8-0832/2015

naar aanleiding van verklaringen van de Raad en de Commissie

ingediend overeenkomstig artikel 123, lid 2, van het Reglement


over migratie en vluchtelingen in Europa (2015/2833(RSP))


Monika Hohlmeier, Roberta Metsola, Esteban González Pons, Elissavet Vozemberg, Elmar Brok, Cristian Dan Preda, Davor Ivo Stier, Mariya Gabriel, Frank Engel, Agustín Díaz de Mera García Consuegra, Lara Comi, Elisabetta Gardini, Rachida Dati, Axel Voss, Anna Maria Corazza Bildt, Alessandra Mussolini, Carlos Coelho, Jeroen Lenaers, Emil Radev, Ivo Belet, Barbara Matera, Milan Zver, Romana Tomc, Ramón Luis Valcárcel Siso, Jaromír Štětina namens de PPE-Fractie

Resolutie van het Europees Parlement over migratie en vluchtelingen in Europa (2015/2833(RSP))  
B8-0832/2015

Het Europees Parlement,

–       gezien het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie,

–       gezien het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden,

–       gezien de Universele Verklaring van de rechten van de mens van 1948,

–       gezien het Verdrag van Genève van 1951 en het protocol daarbij,

–       gezien de Europese agenda voor migratie van de Commissie van 13 mei 2015,

–       gezien het voorstel van de Commissie voor een besluit van de Raad tot vaststelling van voorlopige maatregelen op het gebied van internationale bescherming ten gunste van Italië en Griekenland (COM(2015)02862015/0125(NLE)), en de Aanbeveling van de Commissie over een Europese hervestigingsregeling voor 20 000 mensen van buiten de EU die duidelijk internationale bescherming nodig hebben, zoals vastgesteld door de Hoge Commissaris voor vluchtelingen van de VN (C(2015)3560),

–       gezien de door de Commissie opgestelde richtsnoeren voor vingerafdrukken (SWD(2015)150), waarin een aanpak gebaseerd op beste praktijken wordt geformuleerd voor het afnemen van vingerafdrukken van net aangekomen personen die om internationale bescherming verzoeken, en gezien het voornemen van de Commissie om een nieuwe "hotspot"-benadering te gaan hanteren,

–       gezien het Besluit (GBVB) 2015/972 van de Raad van 22 juni 2015 tot aanvang van de militaire operatie van de Europese Unie in het zuidelijke deel van het centrale Middellandse Zeegebied met als doel om vaartuigen en hulpmiddelen die door migrantensmokkelaars of -handelaars worden gebruikt op te sporen, te onderscheppen en te vernietigen,

–       gezien het jaarverslag 2014 van het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken (EASO) over de asielsituatie in de Europese Unie,

–       gezien het debat over migratie en vluchtelingen in Europa dat op 9 september 2015 in het Parlement plaatsvond,

–       gezien zijn resolutie van 29 april 2015 over de recente tragedies in de Middellandse Zee(1),

–       gezien de conclusies van de Raad van 20 juli 2015 en het 10‑puntenplan inzake migratie van de gezamenlijke Raad van ministers van Buitenlandse en Binnenlandse Zaken van 20 april 2015,

–       gezien artikel 123, lid 2, van zijn Reglement,

A.     overwegende dat volgens de International Organisation for Migration (IOM) het aantal migranten en asielzoekers dat Europa over zee in 2015 is binnengekomen de kwart miljoen nadert, en overwegende dat volgens Frontex het aantal illegale grensoverschrijdingen tussen januari en juli 2015 via de westelijke Balkanroute 102 342 bedroeg, waarmee het overduidelijk is dat de migratiedruk een uitdaging vormt van Europese omvang, waarvoor een Europees antwoord geformuleerd moet worden;

B.     overwegende dat Frontex voor de eerste zeven maanden van 2015 in totaal 340 000 gevallen van irreguliere binnenkomst heeft vastgesteld (langs alle routes, zowel over land- als zeegrenzen), vergeleken met 123 500 in dezelfde periode vorig jaar, en 280 000 in heel 2014;

C.     overwegende dat sinds begin 2015 560 000 asielaanvragen zijn ingediend, tegenover 660 000 in heel 2014;

D.     overwegende dat ondanks het moedige werk van reddingsteams van de lidstaten en het ongekend hoge aantal Frontex-operaties, waarmee meer dan 110 000 levens zijn gered, nog altijd migranten worden uitgebuit door gewetenloze smokkelaars, die de levens van de migranten in gevaar brengen met hun onmenselijke en afschuwelijke praktijken, uitsluitend gericht op het eigen financiële gewin;

E.     overwegende dat de politieke instabiliteit in Libië, Syrië en Irak zorgt voor ideale omstandigheden voor de criminele activiteiten van mensensmokkelaars en ‑handelaars, en overwegende dat de snelle opmars van IS/Daesh in naburige conflictgebieden gevolgen heeft voor de massale instroom van migranten en de stroom van ontheemden;

F.     overwegende dat de Duitse bondskanselier Angela Merkel en de Franse president François Hollande op 3 september 2015 overeengekomen zijn dat er een permanente en bindende regeling moet komen voor de toewijzing van vluchtelingen over alle lidstaten;

G.     overwegende dat de president van de Europese Raad Donald Tusk er op 3 september 2015 op heeft aangedrongen dat er ten minste 100 000 vluchtelingen worden herverdeeld;

1.      betreurt het tragische verlies van levens van migranten die Europa probeerden te bereiken en is diep getroffen door de hartverscheurende beelden van kinderen die zijn aangespoeld op de kusten van de EU, voornamelijk als gevolg van de criminele handelingen van mensensmokkelaars, die een gewetenloze handel drijven waarmee de levens van wanhopige mensen in gevaar worden gebracht; dringt er bij de Europese Unie en de lidstaten op aan alles te doen om verder verlies van mensenlevens op zee of op land te voorkomen;

2.      wijst erop dat de huidige gemeenschappelijke regels van de EU op consistente wijze uitgevoerd moeten worden en is van mening dat er een nieuwe set basismaatregelen getroffen moet worden om personen die in nood verkeren te beschermen en solidariteit en verantwoordelijkheid te tonen tegenover de Europese landen die het grootste aantal vluchtelingen en asielzoekers ontvangen, in absolute dan wel proportionele zin; herinnert er in dit verband aan dat de Commissie tegen 17 lidstaten inbreukprocedures heeft gestart wegens het niet ten uitvoer leggen van de regelgeving betreffende het CEAS; is verheugd over de opmerkelijke bereidheid van Duitsland om, als reactie op de dramatische omvang van de crisis, duizenden vluchtelingen op te nemen die bij de grenzen van het land aankomen;

3.      verwelkomt de recente voorstellen van de Commissie over herplaatsing en hervestiging, alsmede het nieuwe voorstel voor noodherplaatsing van een toegenomen aantal asielzoekers die internationale bescherming nodig hebben, dat betrekking heeft op Griekenland, Italië en Hongarije;

4.      doet nogmaals de oproep om tegemoet te komen aan de onmiddellijke behoefte aan een bindende, permanente herverdelingsregeling voor personen die internationale bescherming genieten, die in werking treedt zodra een bepaalde drempel is bereikt; herinnert er tevens aan dat het hervestigingsprogramma voor mensen die internationale bescherming nodig hebben gegarandeerd en verder versterkt moet worden door lidstaten die toegang tot bescherming bieden, zonder dat vluchtelingen overgeleverd zijn aan netwerken van illegale migratie of mensensmokkel, en dat lidstaten ook de mogelijkheid moeten hebben de opvang te verzorgen van mensen die internationale bescherming nodig hebben;

5.      verwelkomt het voorstel van de Commissie om haar "hotspot"-benadering ogenblikkelijk uit te voeren en verder te versterken, waarbij het Europees ondersteuningsbureau voor asielzaken, Frontex en Europol ter plaatse samenwerken met de lidstaten die momenteel te maken hebben met de grootste migratiedruk, om arriverende migranten snel te identificeren, te registeren en hun vingerafdrukken te nemen; roept de lidstaten op de juridische, financiële en opvangvoorwaarden te standaardiseren en benadrukt dat in alle lidstaten soortgelijke opvangfaciliteiten ingericht moeten worden, om de aanvragers waardige levensomstandigheden te kunnen bieden;

6.      acht het noodzakelijk om de veiligheid aan de EU-grenzen ogenblikkelijk te versterken door de grenscontroles te land en ter zee in de zuidelijke Middellandse Zeeregio, de Egeïsche Zee en langs de "Balkanroute" te intensiveren en het functioneren van Frontex en EASO te verbeteren; herinnert aan de specifieke verplichting op dit gebied van de lidstaten aan de buitengrenzen en herhaalt zijn gehechtheid aan de handhaving van open grenzen binnen de Schengenzone; verzoekt de lidstaten solidariteit en betrokkenheid te blijven tonen door hun bijdragen aan de begroting en operaties van Frontex en EASO te verhogen; verbindt zich ertoe deze agentschappen met de nodige middelen (personeel en uitrusting) te voorzien zodat zij met behulp van de EU-begroting en de desbetreffende fondsen hun verplichtingen kunnen nakomen;

7.      verzoekt de Commissie voorrang te geven aan het houden van toezicht op de tenuitvoerlegging van de Terugkeerrichtlijn, met een sneller terugkeersysteem dat gepaard gaat met naleving van de procedures en normen die Europa in staat stellen een humane en waardige behandeling van teruggekeerde migranten te waarborgen, in overeenstemming met het beginsel van non-refoulement; dringt er bij de lidstaten op aan de Terugkeerrichtlijn toe te passen en moedigt de versterking en wijziging aan van de rechtsgrondslag van Frontex, zodat dit agentschap een grotere coördinerende rol kan spelen bij terugkeeroperaties;

8.      stemt in met het voorstel van de Commissie om de "veilig land van herkomst"-bepaling van de Richtlijn asielprocedures te versterken door een gezamenlijke EU-lijst van veilige landen van herkomst op te stellen om asielsystemen te ontlasten, wat een belangrijke stap is in de richting van het concentreren van onze asiel- en ontvangstcapaciteiten op personen die werkelijk bescherming nodig hebben;

9.      herinnert eraan dat de lidstaten strenge strafrechtelijke sancties moeten vaststellen tegen mensensmokkel zowel naar als binnen de EU, en tevens ten aanzien van personen en groepen die kwetsbare migranten in de EU uitbuiten;

10.    benadrukt dat de grondoorzaken van de massale migratiestromen dringend aangepakt moeten worden, onder meer door duurzame oplossingen te vinden voor de conflicten in onze buurregio's, en in het bijzonder voor het islamistische terrorisme van groepen als IS/Daesh, die grote delen van Afrika en het Midden-Oosten terroriseert en op vastberaden wijze moet worden bestreden; benadrukt dat de Europese Unie samen met de Verenigde Staten en andere internationale partners langs diplomatieke weg andere landen in de regio, zoals Turkije, Saoedi-Arabië en de golfstaten, waaronder Iran, ervan moet overtuigen dat zij hun verantwoordelijkheid moeten nemen bij de aanpak van deze wereldwijde uitdaging;

11.    acht het noodzakelijk om zo dicht mogelijk bij de plaatsen van herkomst veiligheid en humanitaire hulp te bieden door veilige zones en initiële opvangcentra op te zetten in derde landen waar de asielprocedure kan worden gestart, om mensen die in nood verkeren manieren te bieden om Europa veilig binnen te komen en het gevaar te verkleinen dat ze in handen vallen van gewetenloze mensensmokkelaars; de EU moet daarnaast meer financiële steun bieden ter ondersteuning van lokale inspanningen;

12.    benadrukt dat er een nieuwe benadering voor Afrika nodig is, met betere kansen voor handel en ontwikkeling en mogelijkheden voor economische groei, en is van mening dat onze samenwerking met landen van herkomst en doorreis op het gebied van irreguliere migranten, mensensmokkel en terugkeerprocedures versterkt moet worden door middel van de ontwikkelingshulp van de EU; verwelkomt in dit verband de ad hoc‑top die in november 2015 in Valletta zal plaatsvinden;

13.    dringt er bij de EU, haar lidstaten en andere internationale donoren op aan de toezeggingen gedaan op de conferentie over ontwikkelingsfinanciering in juli 2015 in Addis Abeba zo snel mogelijk na te komen, en benadrukt dat het ontwikkelingsbeleid meer gericht moet worden op het opbouwen van vreedzame samenlevingen, de bestrijding van corruptie en de bevordering van goed bestuur, zoals geformuleerd in doelstelling 16 inzake duurzame ontwikkeling van het mondiaal ontwikkelingskader voor de periode na 2015;

14.    verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie, alsmede aan de regeringen en parlementen van de lidstaten.

(1)

Aangenomen teksten, P8_TA(2015)0176.

Juridische mededeling