Procedure : 2015/2685(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B8-0843/2015

Ingediende teksten :

B8-0843/2015

Debatten :

Stemmingen :

PV 10/09/2015 - 8.5
CRE 10/09/2015 - 8.5
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2015)0318

ONTWERPRESOLUTIE
PDF 136kWORD 66k
Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B8-0836/2015
7.9.2015
PE565.811v01-00
 
B8-0843/2015

naar aanleiding van een verklaring van de vicevoorzitter van de Commissie / hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid

ingediend overeenkomstig artikel 123, lid 2, van het Reglement


over de rol van de EU in het vredesproces in het Midden-Oosten (2015/2685(RSP))


Cristian Dan Preda, Arnaud Danjean, Elmar Brok, Mariya Gabriel, Andrej Plenković, Michèle Alliot-Marie, Lars Adaktusson, Gunnar Hökmark, Davor Ivo Stier, Tokia Saïfi, Tomáš Zdechovský namens de PPE-Fractie

Resolutie van het Europees Parlement over de rol van de EU in het vredesproces in het Midden-Oosten (2015/2685(RSP))  
B8-0843/2015

Het Europees Parlement,

–       gezien zijn eerdere resoluties over het vredesproces in het Midden-Oosten,

–       gezien de conclusies van de Raad Buitenlandse Zaken van 20 juli 2015 over het vredesproces in het Midden-Oosten,

–       gezien de verklaring van het Midden-Oostenkwartet van 8 februari 2015,

–       gezien de verklaringen van de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid (vv/hv), Federica Mogherini, van 10 december 2014 over de dood van de Palestijnse minister Abu Ein, van 20 december 2014 over de stemming in de VN-Veiligheidsraad over het vredesproces in het Midden-Oosten, van 6 januari 2015 over de situatie in Israël en Palestina, van 19 januari 2015 over het besluit beroep aan te tekenen tegen het vonnis inzake Hamas, van 11 februari 2015 naar aanleiding van haar ontmoeting met president Mahmoud Abbas, van 18 maart 2015 over de algemene verkiezingen in Israël en van 7 mei 2015 over de vorming van de nieuwe Israëlische regering,

–       gezien de verklaring van de ministers van Buitenlandse Zaken van de G7 van 15 april 2015,

–       gezien artikel 123, lid 2, van zijn Reglement,

A.     overwegende dat de EU herhaaldelijk haar steun heeft uitgesproken voor de tweestatenoplossing op basis van de grenzen van 1967, met Jeruzalem als de hoofdstad van beide staten, waarbij de veilige staat Israël en een onafhankelijke, democratische, aaneengesloten en levensvatbare staat Palestina zij aan zij leven in vrede en veiligheid, en dat zij heeft opgeroepen tot de hervatting van rechtstreekse vredesbesprekingen tussen Israël en de Palestijnse Autoriteit;

B.     overwegende dat vrede in het Midden-Oosten een belangrijke prioriteit blijft voor de internationale gemeenschap en onontbeerlijk is voor regionale stabiliteit en veiligheid;

C.     overwegende dat na de algemene verkiezingen van 17 maart 2015 op 6 mei 2015 een nieuwe Israëlische regering werd gevormd met Benjamin Netanyahu als premier; overwegende dat de EU klaar staat om samen met de nieuwe Israëlische regering te werken aan de voor beide partijen gunstige bilaterale betrekkingen en aan belangrijke regionale en mondiale kwesties van gemeenschappelijk belang;

D.     overwegende dat de vv/hv op 30 december 2014 heeft verklaard dat de EU inspanningen om op basis van de tweestatenoplossing tot een blijvende vrede te komen zou bevorderen en ondersteunen; overwegende dat de vv/hv de leiders van het Kwartet op 8 februari 2015 in München heeft bijeengeroepen;

E.     overwegende dat het Kwartet zich actief zal blijven inzetten voor een hervatting van het vredesproces in de nabije toekomst, waarbij het ook de Arabische staten regelmatig rechtstreeks benadert;

1.      herhaalt zijn krachtige steun voor de tweestatenoplossing op basis van de grenzen van 1967, met Jeruzalem als de hoofdstad van beide staten, waarbij de veilige staat Israël en een onafhankelijke, democratische, aaneengesloten en levensvatbare staat Palestina zij aan zij leven in vrede en veiligheid op basis van het recht op zelfbeschikking en volledige eerbiediging van het internationaal recht; onderstreept dat geweldloosheid en eerbiediging van de mensenrechten en het internationaal humanitair recht de enige manier zijn om tot een duurzame oplossing en een rechtvaardige en blijvende vrede tussen Israëli's en Palestijnen te komen;

2.      beklemtoont dat de partijen de onderhandelingen zo spoedig mogelijk moeten hervatten om tot een rechtvaardige, duurzame en alomvattende vrede te komen; roept beide partijen op zich te onthouden van acties die het conflict verder kunnen doen escaleren, waaronder unilaterale maatregelen die de resultaten van de onderhandelingen kunnen ondergraven en de levensvatbaarheid van de tweestatenoplossing in het gedrang kunnen brengen;

3.      toont zich verheugd dat de EU de partijen op actieve wijze zal steunen bij het herstellen van het wederzijds vertrouwen en het creëren van een gunstig klimaat, hetgeen noodzakelijk is om zo spoedig mogelijk zinvolle onderhandelingen te kunnen voeren; onderstreept dat de EU klaar staat om te gaan samenwerken met regionale partners op basis van het Arabisch vredesinitiatief, en verheugd is over de inspanningen die het Kwartet op dat gebied levert;

4.      is verheugd dat de EU toezegt zich actief te zullen inzetten voor een hernieuwde multilaterale benadering van het vredesproces, in overleg met alle betrokken partijen, waaronder de partners van het Kwartet en inzonderheid de Verenigde Staten, de regionale partners en de VN-Veiligheidsraad; merkt op dat de EU meent dat de instelling van een internationale steungroep hiertoe kan bijdragen en dat de Raad de vv/hv heeft verzocht om na te gaan hoe dit initiatief in samenwerking met regionale en internationale partners ten uitvoer kan worden gelegd en om hierover begin september 2015 verslag uit te brengen; verzoekt de vv/hv haar bevindingen ook aan het Parlement voor te leggen;

5.      prijst het werk dat de politie en rechtsstaatmissies (EUPOL, COPPS) in het kader van het gemeenschappelijk veiligheids- en defensiebeleid (GVDB) in de Palestijnse gebieden hebben verricht om de Palestijnse Autoriteit bij te staan bij het uitbouwen van de instellingen van een toekomstige Palestijnse staat op politieel en strafrechtelijk gebied; vraagt dat de GVDB-missie voor bijstandverlening inzake grensbeheer (EUBAM Rafah) opnieuw wordt geactiveerd, met een ruimer mandaat en afdoende financiële en personele middelen om een concrete rol te kunnen spelen bij de controle van de grenzen van de Gazastrook met Egypte en Israël;

6.      dringt aan op spoedige verbetering van de humanitaire situatie in Gaza; is ingenomen met de recente stappen die Israël heeft ondernomen om de aan Gaza opgelegde beperkingen te versoepelen; onderstreept het belang van verdere positieve maatregelen – rekening houdend met de legitieme veiligheidszorgen van Israël – voor het faciliteren van volwaardige humanitaire hulpverlening, heropbouw en economisch herstel; onderstreept dat de recente raketbeschietingen door militante groepen onaanvaardbaar zijn en wijst op het gevaar voor escalatie; dringt erop aan dat de donoren de financiële toezeggingen die zij op de Internationale Conferentie van Caïro over Palestina ("Gaza wederopbouwen") op 12 oktober 2014 hebben gedaan zo spoedig mogelijk na te komen;

7.      wijst erop dat verzoening tussen de Palestijnen belangrijk is voor het verwezenlijken van de tweestatenoplossing; steunt daarom de oproep van de EU aan de Palestijnse facties om verzoening en de terugkeer van de Palestijnse Autoriteit naar Gaza als absolute prioriteit te behandelen; onderstreept dat de Palestijnse Autoriteit in dit verband een grotere verantwoordelijkheid op zich moet nemen en haar regeringsfunctie in de Gazastrook moet opnemen, onder meer wat betreft beveiliging en burgerlijk bestuur en door haar aanwezigheid bij de grensovergangen in Gaza;

8.      verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de regeringen en de parlementen van de lidstaten, de speciale vertegenwoordiger van de EU voor het vredesproces in het Midden-Oosten, de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, de vertegenwoordiger van het Midden-Oostenkwartet, de secretaris-generaal van de Arabische Liga, de Knesset en de regering van Israël, de president van de Palestijnse Autoriteit en de Palestijnse Wetgevende Raad.

Juridische mededeling