Procedure : 2015/2834(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B8-0866/2015

Ingediende teksten :

B8-0866/2015

Debatten :

Stemmingen :

PV 10/09/2015 - 8.6
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2015)0319

ONTWERPRESOLUTIE
PDF 136kWORD 66k
Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B8-0866/2015
8.9.2015
PE565.834v01-00
 
B8-0866/2015

naar aanleiding van een verklaring van de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid

ingediend overeenkomstig artikel 123, lid 2, van het Reglement


over de situatie in Belarus in het licht van de komende presidentsverkiezingen in 2015 (2015/2834(RSP))


Cristian Dan Preda, Arnaud Danjean, Bogdan Andrzej Zdrojewski, Jacek Saryusz-Wolski, Sandra Kalniete, Elmar Brok, Andrej Plenković, Gabrielius Landsbergis, Jerzy Buzek, Michael Gahler, Tunne Kelam, Andrzej Grzyb, David McAllister, Jaromír Štětina, Barbara Kudrycka, Agnieszka Kozłowska-Rajewicz, Jiří Pospíšil, Pavel Svoboda, Ramón Luis Valcárcel Siso namens de PPE-Fractie

Resolutie van het Europees Parlement over de situatie in Belarus in het licht van de komende presidentsverkiezingen in 2015 (2015/2834(RSP))  
B8-0866/2015

Het Europees Parlement,

–       gezien zijn eerdere resoluties en aanbevelingen over Belarus,

–       gezien het feit dat de Belarussische autoriteiten op 22 augustus 2015 zes politieke gevangenen hebben vrijgelaten,

–       gezien het feit dat er op 11 oktober 2015 presidentsverkiezingen zullen worden gehouden,

–       gezien artikel 123, lid 2, van zijn Reglement,

A.     overwegende dat er in Belarus, ondanks de intensivering van de contacten tussen het land en de EU en de Verenigde Staten, nog steeds geen positieve verandering ten aanzien van mensenrechten en democratie is waar te nemen;

B.     overwegende dat in Belarus nog steeds gevallen voorkomen waarbij mensenrechtenverdedigers onder druk gezet en geïntimideerd worden, met invallen van de politie en inbeslagname van materiaal van mensenrechtenorganisaties, evenals het onder dwang verwijderen van activisten uit Belarus, hetgeen nog dagelijks voorvalt;

C.     overwegende dat de overheid nog steeds zijn toevlucht neemt tot de administratieve vervolging van freelancejournalisten die samenwerken met buitenlandse media zonder accreditatie, waarvan in de voorbije maanden verscheidene gevallen zijn gedocumenteerd;

D.     overwegende dat Belarus als enige land in Europa de doodstraf uitvoert;

E.     overwegende dat President Loekasjenko op 2 april 2015 Decreet nr. 3 "betreffende het voorkomen van sociale afhankelijkheid" heeft ondertekend, waarin wordt bepaald dat werklozen verplichte arbeid moeten verrichten, onder bedreiging van de betaling van een bijzondere bijdrage aan de staatsbegroting of van administratieve aansprakelijkheid in de vorm van een boete of administratieve detentie;

F.     overwegende dat de EP-delegatie voor de betrekkingen met Belarus op 18 en 19 juni 2015 voor het eerst sinds 2002 een officieel bezoek aan Minsk heeft gebracht;

G.     overwegende dat er vooruitgang is geboekt in de sectorale samenwerking met Belarus, onder meer op het gebied van hoger onderwijs (het Bologna-proces), beroepsopleiding, de digitale markt, de energiesector, voedselveiligheid en cultuur;

H.     overwegende dat de betrokkenheid van Belarus als bemiddelaar bij de pogingen om een oplossing voor het conflict in Oekraïne te vinden een positieve indruk heeft achtergelaten;

1.      is nog steeds ernstig bezorgd over de situatie van de mensenrechten en de fundamentele vrijheden in het land, alsook over de tekortkomingen die onafhankelijke internationale waarnemers hebben gesignaleerd bij eerdere verkiezingen;

2.      is ingenomen met de vrijlating van de resterende politieke gevangenen en beschouwt dit als een mogelijke stap in de richting van het verbeteren van de relaties tussen de EU en Belarus; verzoekt de Belarussiche regering de vrijgelaten politieke gevangenen te rehabiliteren en hun hun burgerrechten en politieke rechten volledig terug te geven; herinnert eraan dat eerdere kansen voor het verbeteren van de betrekkingen niets hebben opgeleverd, aangezien de stappen die door de autoriteiten in Minsk werden gezet van strikt tactische aard waren; spreekt dan ook, met enige reserves, de hoop uit dat dit keer maatregelen zullen volgen die een gedegen basis vormen voor een doorbraak in de bilaterale betrekkingen;

3.      benadrukt dat Belarus bij de komende presidentsverkiezingen internationaal erkende normen moet naleven, de oppositie onbelemmerde toegang moet geven tot alle door de regering gecontroleerde communicatiemiddelen en haar in staat moet stellen op voet van gelijkheid aan de verkiezingen deel te nemen;

4.      verwacht van de autoriteiten dat zij het om politieke redenen treiteren van onafhankelijke media een halt toeroepen; dringt er bij hen op aan een einde te maken aan de administratieve vervolging en het willekeurig gebruik van artikel 22, lid 9, tweede deel, van het wetboek bestuursrecht tegen freelance journalisten omdat zij zonder accreditatie voor buitenlandse media werken, hetgeen het recht op vrijheid van meningsuiting en de verspreiding van informatie beperkt;

5.      brengt in herinnering dat de doodstraf sinds 2010 in Belarus bij tien mensen is voltrokken, met drie executies alleen al in 2014, terwijl op 18 maart 2015 opnieuw een doodvonnis werd uitgesproken; dringt er in dit verband bij Belarus op aan zich, als enige land in Europa dat nog steeds de doodstraf toepast, achter een wereldwijd moratorium op de toepassing van de doodstraf te scharen als een eerste stap naar definitieve afschaffing ervan;

6.      verzoekt de regering van Belarus de aanbevelingen na te leven van het VN-comité inzake economische, sociale en culturele rechten met betrekking tot de afschaffing van elementen van gedwongen arbeid in het land;

7.      dringt er bij de Belarussische autoriteiten op aan in alle omstandigheden te zorgen voor de eerbiediging van democratische beginselen, mensenrechten en fundamentele vrijheden, overeenkomstig de Universele Verklaring van de rechten van de mens en de internationale en regionale mensenrechteninstrumenten die Belarus heeft geratificeerd;

8.      verzoekt de Commissie nogmaals om de inspanningen van het Belarussische maatschappelijk middenveld, de onafhankelijke media en de niet-gouvernementele organisaties in het land om de democratische wensen van het Belarussiche volk te verwezenlijken, met financiële en politieke middelen te ondersteunen;

9.      erkent dat er vooruitgang is geboekt in de sectorale samenwerking met Belarus, onder meer op het gebied van hoger onderwijs (het Bologna-proces), beroepsopleiding, de digitale markt, de energiesector, voedselveiligheid en cultuur;

10.    onderkent de toename van het gebruik van de Belarussische taal in het openbare leven; neemt kennis van de plannen van het Ministerie van Onderwijs om het gebruik van de Belarussische taal in het onderwijs evenals de publicatie van wetgevingshandelingen door het grondwettelijk hof in zowel het Russisch als het Belarussisch te bevorderen;

11.    is vastbesloten te blijven bijdragen aan het EU-beleid van "kritische betrokkenheid" ten opzichte van Belarus, onder meer middels de EP-delegatie voor de betrekkingen met Belarus;

12.    verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid/vicevoorzitter van de Commissie (HV/VV), de EDEO, de Raad, de Commissie en de lidstaten.

Juridische mededeling