Procedure : 2019/2523(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B8-0075/2019

Ingediende teksten :

B8-0075/2019

Debatten :

Stemmingen :

Aangenomen teksten :

P8_TA(2019)0059

<Date>{23/01/2019}23.1.2019</Date>
<NoDocSe>B8‑0075/2019</NoDocSe>
PDF 171kWORD 52k

<TitreType>ONTWERPRESOLUTIE</TitreType>

<TitreRecueil>ingediend overeenkomstig artikel 106, leden 2 en 3, van het Reglement</TitreRecueil>


<Titre>over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde mais MON 87403 (MON-874Ø3-1) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad</Titre>

<DocRef>(D059691/02 – 2019/2523(RSP))


</DocRef><Commission>{ENVI}Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid</Commission>

Verantwoordelijk lid: <Depute>Bart Staes</Depute>

<Depute>Guillaume Balas, Lynn Boylan, Eleonora Evi, Sirpa Pietikäinen, Valentinas Mazuronis</Depute>


B8‑0075/2019

Resolutie van het Europees Parlement over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde mais MON 87403 (MON-874Ø3-1) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad

(D059691/02 – 2019/2523(RSP))

 

Het Europees Parlement,

 gezien het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde mais MON 87403 (MON-874Ø3-1) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (D059691/02),

 gezien Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders[1], en met name artikel 7, lid 3, en artikel 19, lid 3,

 gezien de stemming van 3 december 2018 in het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid als bedoeld in artikel 35 van Verordening (EG) nr. 1829/2003, die geen advies heeft opgeleverd,

 gezien de artikelen 11 en 13 van Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 tot vaststelling van de algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie controleren[2],

 gezien het advies dat op 8 maart 2018 door de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) is goedgekeurd en op 28 maart 2018 is gepubliceerd[3],

 gezien het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EU) nr. 182/2011 tot vaststelling van de algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie controleren (COM(2017)0085, COD(2017)0035),

 gezien zijn eerdere resoluties waarin bezwaar wordt gemaakt tegen het verlenen van vergunningen voor genetisch gemodificeerde organismen[4],

 gezien de ontwerpresolutie van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid,

 gezien artikel 106, leden 2 en 3, van zijn Reglement,

A. overwegende dat Monsanto Europe SA/NV op 26 juni 2015 namens Monsanto Company, Verenigde Staten, bij de bevoegde nationale instantie van België en in overeenstemming met de artikelen 5 en 17 van Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad een aanvraag heeft ingediend voor het in de handel brengen van levensmiddelen, levensmiddeleningrediënten en diervoeders die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde mais MON 87403 ("de aanvraag"), en overwegende dat de aanvraag eveneens betrekking had op het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit genetisch gemodificeerde mais MON 87403 voor andere toepassingen dan als levensmiddel of als diervoeder, met uitzondering van de teelt;

B. overwegende dat mais MON 87403 genetisch werd gemodificeerd om de biomassa en de opbrengst van de kolven te vergroten (om vervolgens als maisspil te worden geoogst) door een van een andere plantensoort (Arabidopsis thaliana) afgeleide getrunkeerde gensequentie in te brengen; overwegende dat hierdoor een eiwit tot expressie komt (AtHB17Δ113) dat een vergelijkbaar natuurlijk eiwit – verantwoordelijk voor de genregulatie en de groei van de planten – moet tegenwerken;

C. overwegende dat de bevoegde instanties gedurende de overlegperiode van drie maanden talrijke kritische opmerkingen hebben ingediend[5]; overwegende dat in deze opmerkingen onder meer wordt aangevoerd dat de experimentele gegevens de bewering van een grotere opbrengst voor genetisch gemodificeerde mais MON 87403 niet ondersteunen, dat er geen conclusies mogelijk zijn over de veiligheid van de reproductieve of ontwikkelingseffecten op lange termijn van de volledige levensmiddelen- en/of diervoederketen, dat het voorstel van de aanvrager voor een milieumonitoringplan niet voldoet aan de doelstellingen als gedefinieerd in bijlage VII bij Richtlijn 2001/18/EG van het Europees Parlement en de Raad[6] en – erg cruciaal – dat de verstrekte bewijzen ontoereikend worden geacht om de consument te kunnen verzekeren van de veiligheid van genetisch gemodificeerde mais MON 87403;

D. overwegende dat de EFSA weliswaar groen licht geeft in verband met de veiligheid van genetisch gemodificeerde mais MON 87403, maar dat uit een onafhankelijke analyse van de evaluatie van de EFSA blijkt dat er nog weinig inzicht is in de exacte moleculaire mechanismen van de expressie van AtHB17Δ113 en de wijze waarop dit resulteert in de vermeende beoogde effecten en eventuele neveneffecten, en dat dit verder moet worden onderzocht[7]; overwegende dat het zonder volledig inzicht in de genetische modificatie niet mogelijk is de daarmee samenhangende risico's volledig te beoordelen;

E. overwegende dat uit resultaten van door de aanvrager uitgevoerde veldproeven blijkt dat de waargenomen effecten van de beoogde eigenschap, meer bepaald een grotere biomassa en opbrengst van de kolven, niet alleen erg gering zijn, maar ook onsamenhangend; overwegende dat het panel van de EFSA voor genetisch gemodificeerde organismen (het ggo-panel van de EFSA) erkent dat bekend is dat de verandering die is toe te schrijven aan de beoogde eigenschap van geringe omvang is [...] hetgeen doet vermoeden dat de uiting van de eigenschap kan afhangen van omgevingsomstandigheden tijdens de veldproeven[8];

F. overwegende dat de veldproeven alleen in de Verenigde Staten hebben plaatsgevonden; overwegende dat genetisch gemodificeerde mais MON 87403 met een vergunning om in de Unie in te voeren mogelijk zal worden geteeld in een groot aantal maisproducerende landen met erg diverse klimatologische en agronomische omstandigheden en bijkomende stressfactoren als beperkte watervoorraden of droogte; overwegende dat de effecten van deze stressfactoren en omstandigheden, waarvan het ggo-panel van de EFSA erkent dat ze een invloed kunnen hebben op de uiting van de eigenschap (en dus ook op eventuele onbedoelde effecten), onvoldoende aan bod zijn gekomen;

G. overwegende dat het ggo-panel van de EFSA paradoxaal genoeg concludeert dat uit de analyse van de samenstelling (de vergelijking van de samenstelling van genetisch gemodificeerde mais MON 87403 met een niet-genetisch gemodificeerde comparator op basis van de resultaten van de veldproeven) geen problemen aan het licht komen die verder moeten worden beoordeeld met betrekking tot de veiligheid van levensmiddelen en diervoeders en de milieueffecten, maar zich tegelijk ook afvraagt of de samenstellingsgegevens die zijn verkregen uit de veldproeven wel een grondige risicobeoordeling mogelijk maken;

H. overwegende dat de potentiële risico's van deze genetisch gemodificeerde mais voor de gezondheid van mens en dier en voor het milieu niet voldoende werden onderzocht door het ggo-panel van de EFSA; overwegende dat het voorstel van de Commissie om op basis van het EFSA-advies een vergunning te verlenen voor deze genetisch gemodificeerde mais onaanvaardbaar is;

I. overwegende dat een van de studies waarnaar wordt verwezen in het EFSA-advies een studie betreft waarvan de auteurs een lid van het ggo-panel van de EFSA en een wetenschapper in dienst van Syngenta zijn[9]; overwegende dat werd vastgesteld dat elke verwijzing naar deze studie vervolgens werd verwijderd uit het EFSA-advies en dat de EFSA hierover opmerkt dat de verwijdering ervan geen wezenlijke invloed heeft op de inhoud of de resultaten[10];

J. overwegende dat het Parlement verheugd is over het nieuws dat de uitvoerend directeur van de EFSA heeft verklaard ervoor te zullen zorgen dat EFSA-personeelsleden in de toekomst geen medeauteur meer mogen zijn van wetenschappelijke publicaties die zijn opgesteld in samenwerking met wetenschappers die banden met de industrie hebben, om te vermijden dat de perceptie van ongepaste nabijheid tot de industrie ontstaat en om het vertrouwen van de consument in het voedselveiligheidssysteem van de Unie te vergroten[11]; overwegende dat het van uiterst groot belang is dat alle door de EFSA bij haar werkzaamheden gebruikte studies duidelijk worden vermeld in de lijst van bronnen;

K. overwegende dat de stemming van 3 december 2018 in het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid als bedoeld in artikel 35 van Verordening (EG) nr. 1829/2003 geen advies heeft opgeleverd, wat betekent dat er voor het verlenen van een vergunning geen gekwalificeerde meerderheid van de lidstaten werd gevonden;

L. overwegende dat de Commissie zowel in de toelichting van haar wetgevingsvoorstel van 22 april 2015 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1829/2003 wat betreft de mogelijkheid voor de lidstaten om het gebruik van genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders op hun grondgebied te beperken of te verbieden, als in de toelichting van het wetgevingsvoorstel van 14 februari 2017 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 182/2011, haar ongenoegen heeft laten blijken over het feit dat vergunningsbesluiten sinds de inwerkingtreding van Verordening (EG) nr. 1829/2003 worden vastgesteld door de Commissie zonder gesteund te worden door het advies van het Comité van lidstaten, en dat de terugzending van het dossier naar de Commissie met het oog op een definitief besluit, bedoeld als uitzondering voor de procedure in zijn geheel, de norm is geworden voor de besluitvorming rond het verlenen van vergunningen voor genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders; overwegende dat Commissievoorzitter Juncker meermaals zijn ongenoegen heeft geuit over het povere democratisch gehalte van die werkwijze[12];

M. overwegende dat het Parlement het wetgevingsvoorstel van 22 april 2015 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1829/2003 op 28 oktober 2015 in eerste lezing heeft verworpen[13], en de Commissie heeft verzocht het voorstel in te trekken en een nieuw voorstel in te dienen;

1. is van mening dat het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie een overschrijding inhoudt van de uitvoeringsbevoegdheden waarin is voorzien in Verordening (EG) nr. 1829/2003;

2. is van mening dat het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie niet in overeenstemming is met het recht van de Unie, doordat het niet verenigbaar is met het doel van Verordening (EG) nr. 1829/2003 om overeenkomstig de algemene beginselen die in Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad[14] zijn vastgesteld de basis te leggen voor het waarborgen van een hoog beschermingsniveau voor het leven en de gezondheid van de mens, de gezondheid en het welzijn van dieren, het milieu en de belangen van de consument met betrekking tot genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders, waarbij de goede werking van de interne markt wordt gewaarborgd;

3. verzoekt de Commissie haar ontwerp van uitvoeringsbesluit in te trekken;

4. herhaalt zich te willen inzetten om vooruitgang te boeken met betrekking tot het voorstel van de Commissie tot wijziging van Verordening (EU) nr. 182/2011; vraagt de Raad dringend werk te maken van zijn behandeling van dat Commissievoorstel;

5. verzoekt de Commissie elk uitvoeringsbesluit met betrekking tot vergunningsaanvragen voor ggo's op te schorten totdat de vergunningsprocedure zodanig is herzien dat de tekortkomingen van de huidige procedure, die inadequaat is gebleken, zijn weggewerkt;

6. verzoekt de Commissie voorstellen voor ggo-vergunningen in te trekken als het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid geen advies uitbrengt, zowel voor gebruik in de teelt als voor gebruik als levensmiddel en diervoeder;

7. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie, alsmede aan de regeringen en parlementen van de lidstaten.

 

[1] PB L 268 van 18.10.2003, blz. 1.

[2] PB L 55 van 28.2.2011, blz. 13.

[3] Beoordeling van de genetisch gemodificeerde mais MON 87403 met het oog op gebruik als levensmiddel en diervoeder, invoer en verwerking overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 (aanvraag EFSA‐GMO‐BE‐2015‐125), https://efsa.onlinelibrary.wiley.com/doi/full/10.2903/j.efsa.2018.5225

[4] – Resolutie van 16 januari 2014 over het voorstel voor een besluit van de Raad betreffende het in de handel brengen voor de teelt, overeenkomstig Richtlijn 2001/18/EG van het Europees Parlement en de Raad, van een maisproduct (Zea mays L., lijn 1507), genetisch gemodificeerd met het oog op resistentie tegen bepaalde schadelijke schubvleugelige insecten (PB C 482 van 23.12.2016, blz. 110).

– Resolutie van 16 december 2015 over Uitvoeringsbesluit (EU) 2015/2279 van de Commissie van 4 december 2015 tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais NK603 × T25 (PB C 399 van 24.11.2017, blz. 71).

– Resolutie van 3 februari 2016 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde soja MON 87705 × MON 89788 (PB C 35 van 31.1.2018, blz. 19).

– Resolutie van 3 februari 2016 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde soja MON 87708 × MON 89788 (PB C 35 van 31.1.2018, blz. 17).

– Resolutie van 3 februari 2016 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde soja FG72 (MST-FGØ72-2) (PB C 35 van 31.1.2018, blz. 15).

– Resolutie van 8 juni 2016 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais Bt11 × MIR162 × MIR604 × GA21, en genetisch gemodificeerde maïssoorten die bestaan uit een combinatie van twee of drie van die "events" (PB C 86 van 6.3.2018, blz. 108).

– Resolutie van 8 juni 2016 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie betreffende het in de handel brengen van een genetisch gemodificeerde anjer (Dianthus caryophyllus L., lijn SHD-27531-4) (PB C 86 van 6.3.2018, blz. 111).

– Resolutie van 6 oktober 2016 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie betreffende de verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen voor aanplanting van zaad van de genetisch gemodificeerde mais MON 810 (PB C 215 van 19.6.2018, blz. 76).

– Resolutie van 6 oktober 2016 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten van de genetisch gemodificeerde mais MON 810 (PB C 215 van 19.6.2018, blz. 80).

– Resolutie van 6 oktober 2016 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie betreffende het in de handel brengen voor aanplanting van zaad van de genetisch gemodificeerde mais Bt11 (PB C 215 van 19.6.2018, blz. 70).

– Resolutie van 6 oktober 2016 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie betreffende het in de handel brengen voor aanplanting van zaad van de genetisch gemodificeerde mais 1507 (PB C 215 van 19.6.2018, blz. 73).

– Resolutie van 6 oktober 2016 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerd katoen 281-24-236 × 3006-210-23 × MON 88913 (PB C 215 van 19.6.2018, blz. 83).

– Resolutie van 5 april 2017 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais Bt11 × 59122 × MIR604 × 1507 × GA21, en genetisch gemodificeerde maïssoorten die bestaan uit een combinatie van twee, drie of vier van de "events" Bt11, 59122, MIR604, 1507 en GA21, ingevolge Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders (PB C 298 van 23.8.2018, blz. 34).

– Resolutie van 17 mei 2017 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais DAS-40278-9, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders (PB C 307 van 30.8.2018, blz. 71).

– Resolutie van 17 mei 2017 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde katoen GHB119 (BCS-GHØØ5-8), overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 307 van 30.8.2018, blz. 67).

– Resolutie van het Europees Parlement van 13 september 2017 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde soja DAS-68416-4, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders (PB C 337 van 20.9.2018, blz. 54).

– Resolutie van 4 oktober 2017 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde soja FG72 × A5547-127, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders (PB C 346 van 27.9.2018, blz. 55).

– Resolutie van 4 oktober 2017 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde soja DAS-44406-6, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders (PB C 346 van 27.9.2018, blz. 60).

– Resolutie van 24 oktober 2017 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie betreffende de verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde mais 1507 (DAS-Ø15Ø7-1), overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders (PB C 346 van 27.9.2018, blz. 122).

– Resolutie van 24 oktober 2017 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde soja 305423 × 40-3-2 (DP-3Ø5423-1 × MON-Ø4Ø32-6), overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders (PB C 346 van 27.9.2018, blz. 127).

– Resolutie van 24 oktober 2017 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerd koolzaad MON 88302 × Ms8 × Rf3 (MON-883Ø2-9 × ACSBNØØ5-8 × ACS-BNØØ3-6), MON 88302 × Ms8 (MON-883Ø2-9 × ACSBNØØ5-8) en MON 88302 × Rf3 (MON-883Ø2-9 × ACS-BNØØ3-6), overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders (PB C 346 van 27.9.2018, blz. 133).

– Resolutie van 1 maart 2018 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie betreffende de verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde mais 59122 (DAS-59122-7), overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders (Aangenomen teksten, P8_TA(2018)0051).

– Resolutie van 1 maart 2018 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais MON 87427 × MON 89034 × NK603 (MON-87427-7 × MON-89Ø34-3 × MON-ØØ6Ø3-6), en genetisch gemodificeerde mais die bestaat uit een combinatie van twee van de "events" MON 87427, MON 89034 en NK603, en tot intrekking van Besluit 2010/420/EU (Aangenomen teksten, P8_TA(2018)0052).

– Resolutie van 3 mei 2018 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie betreffende de verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van levensmiddelen en diervoeders die zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde suikerbiet H7-1 (KM-ØØØH71-4), overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders (Aangenomen teksten, P8_TA(2018)0197).

– Resolutie van 30 mei 2018 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie betreffende de verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais GA21 (MON-ØØØ21-9), overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders (Aangenomen teksten, P8_TA(2018)0221).

– Resolutie van 30 mei 2018 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais 1507 × 59122 × MON 810 × NK603, en genetisch gemodificeerde maissoorten die bestaan uit een combinatie van twee of drie van de "events" 1507, 59122, MON 810 en NK603, en tot intrekking van Beschikkingen 2009/815/EG, 2010/428/EU en 2010/432/EU, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders (Aangenomen teksten, P8_TA(2018)0222).

– Resolutie van 24 oktober 2018 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais NK603 × MON 810 (MON-ØØ6Ø3-6 × MON-ØØ81Ø-6) krachtens Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (Aangenomen teksten, P8_TA(2018)0416).

– Resolutie van 24 oktober 2018 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais MON 87427 × MON 89034 × 1507 × MON 88017 × 59122 en genetisch gemodificeerde mais die twee, drie of vier van de transformatiestappen MON 87427, MON 89034, 1507, MON 88017 en 59122 combineert, en tot intrekking van Besluit 2011/366/EU (Aangenomen teksten, P8_TA(2018)0417).

 

[6] Richtlijn 2001/18/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 maart 2001 inzake de doelbewuste introductie van genetisch gemodificeerde organismen in het milieu en tot intrekking van Richtlijn 90/220/EEG van de Raad (PB L 106 van 17.4.2001, blz. 1).

[7] Commentaar van Testbiotech over het wetenschappelijk advies van het ggo-panel van de EFSA inzake de beoordeling door Monsanto van genetisch gemanipuleerde mais MON 87403 met het oog op gebruik als levensmiddel en diervoeder, invoer en verwerking, 2018: https://www.testbiotech.org/node/2210

[9] Voor de details, zie het commentaar van Testbiotech over het wetenschappelijk advies van het ggo-panel van de EFSA inzake de beoordeling door Monsanto van genetisch gemanipuleerde mais MON 87403 met het oog op gebruik als levensmiddel en diervoeder, invoer en verwerking, 2018: https://www.testbiotech.org/node/2210

[12] Hij deed dit onder meer in zijn openingstoespraak voor de plenaire zitting van het Europees Parlement, opgenomen in de politieke beleidslijnen voor de volgende Europese Commissie (Straatsburg, 15 juli 2014) of in zijn State of the Union van 2016 (Straatsburg, 14 september 2016).

[13] PB C 355 van 20.10.2017, blz. 165.

[14] PB L 31 van 1.2.2002, blz. 1.

Laatst bijgewerkt op: 7 mei 2019Juridische mededeling