Procedure : 2018/2994(DEA)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B8-0215/2019

Ingediende teksten :

B8-0215/2019

Debatten :

Stemmingen :

PV 27/03/2019 - 18.13

Aangenomen teksten :

P8_TA(2019)0312

<Date>{20/03/2019}20.3.2019</Date>
<NoDocSe>B8‑0215/2019</NoDocSe>
PDF 128kWORD 51k

<TitreType>ONTWERPRESOLUTIE</TitreType>

<TitreRecueil>ingediend overeenkomstig artikel 105, lid 3, van het Reglement</TitreRecueil>


<Titre>over de gedelegeerde verordening van de Commissie van 14 december 2018 tot wijziging van bijlage II bij Verordening (EU) nr. 515/2014 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling, als onderdeel van het Fonds voor interne veiligheid, van het instrument voor financiële steun voor de buitengrenzen en visa</Titre>

<DocRef>(C(2018)08465 – 2018/2994(DEA))</DocRef>


<Depute>Birgit Sippel</Depute>

<Commission>namens de {LIBE}Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken</Commission>


B8‑0215/2019

Resolutie van het Europees Parlement over de gedelegeerde verordening van de Commissie van 14 december 2018 tot wijziging van bijlage II bij Verordening (EU) nr. 515/2014 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling, als onderdeel van het Fonds voor interne veiligheid, van het instrument voor financiële steun voor de buitengrenzen en visa

(C(2018)08465 – 2018/2994(DEA))

 

Het Europees Parlement,

 gezien de gedelegeerde verordening van de Commissie (C(2018)08465),

 gezien artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

 gezien Verordening (EU) nr. 515/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 tot vaststelling, als onderdeel van het Fonds voor interne veiligheid, van het instrument voor financiële steun voor de buitengrenzen en visa en tot intrekking van Beschikking nr. 574/2007/EG [1], en met name artikel 7, lid 2, en artikel 17, lid 5,

 gezien de ontwerpresolutie van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken,

 gezien artikel 105, lid 3, van zijn Reglement,

A. overwegende dat in artikel 1 van de gedelegeerde verordening van de Commissie wordt voorgesteld bijlage II van Verordening (EU) nr. 515/2014 te wijzigen door toevoeging van een specifieke actie met betrekking tot "oprichting, ontwikkeling en inwerkingstelling (met inbegrip van de levering van diensten zoals identificatie, registratie en eerste opvang) van hotspotgebieden...";

B. overwegende dat in de gedelegeerde verordening van de Commissie wordt voorgesteld in deze nieuwe specifieke actie het concept "gecontroleerde centra" op te nemen en daarmee te voorzien in financiering van de lidstaten, zodat zij in deze "gecontroleerde centra" diensten kunnen leveren;

C. overwegende dat het concept "gecontroleerde centra" controversieel is en dat de wettigheid ervan betwijfeld kan worden; overwegende dat dit concept niet voorkomt in de Uniewetgeving en evenmin is goedgekeurd door de medewetgevers;

D. overwegende dat het Parlement van mening is dat een dergelijk concept niet gefinancierd moet worden tenzij en totdat het binnen het juiste, door de medewetgevers vastgestelde wetgevingsinstrument naar behoren is gedefinieerd, waarbij een specifieke omschrijving wordt gegeven van de rechtsgrond, de aard en de doelstelling van een dergelijk concept;

1. maakt bezwaar tegen de gedelegeerde verordening van de Commissie;

2. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Commissie en haar ervan in kennis te stellen dat de gedelegeerde verordening niet in werking kan treden;

3. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en aan de regeringen en parlementen van de lidstaten.

 

[1] PB L 150 van 20.5.2014, blz. 143.

Laatst bijgewerkt op: 22 maart 2019Juridische mededeling