<Date>{21/03/2019}21.3.2019</Date>
<NoDocSe>B8‑0220/2019</NoDocSe>
PDF 125kWORD 48k

<TitreType>ONTWERPRESOLUTIE</TitreType>

<TitreRecueil>ingediend overeenkomstig artikel 133 van het Reglement</TitreRecueil>


<Titre>over werkgelegenheid en de Europese voorkeur bij overheidsopdrachten in Europa </Titre>


<Depute>Dominique Martin</Depute>


B8‑0220/2019

Ontwerpresolutie van het Europees Parlement over werkgelegenheid en de Europese voorkeur bij overheidsopdrachten in Europa

Het Europees Parlement,

 gezien artikel 133 van zijn Reglement,

A. overwegende dat de opdracht voor het leveren van trams aan Warschau (Polen) op 8 februari 2019 aan een Aziatische (Zuid-Koreaanse) leverancier is gegund[1];

B. overwegende echter dat de aankoop van deze trams gedeeltelijk door de Europese Unie zal worden gefinancierd, dat wil zeggen voornamelijk door de belastingen van Duitse, Franse en Italiaanse belastingbetalers uit lidstaten die nettobijdragers aan de Europese begroting zijn;

C. overwegende dat hierdoor banen bij Europese bedrijven, zoals Alstom, verloren gaan en dat er in de Europese Unie 17 miljoen mensen op zoek zijn naar een baan;

1. dringt erop aan dat opnieuw over de Verdragen wordt onderhandeld, opdat de Europese voorkeur bij overheidsopdrachten verplicht wordt, zolang de productie in Europa mogelijk is en geen volledige werkgelegenheid bestaat.

 

Laatst bijgewerkt op: 29 maart 2019Juridische mededeling