Terug naar het Europarl-portaal

Choisissez la langue de votre document :

  • bg - български
  • es - español
  • cs - čeština
  • da - dansk
  • de - Deutsch
  • et - eesti keel
  • el - ελληνικά
  • en - English
  • fr - français
  • ga - Gaeilge
  • hr - hrvatski
  • it - italiano
  • lv - latviešu valoda
  • lt - lietuvių kalba
  • hu - magyar
  • mt - Malti
  • nl - Nederlands (huidige pagina)
  • pl - polski
  • pt - português
  • ro - română
  • sk - slovenčina
  • sl - slovenščina
  • fi - suomi
  • sv - svenska
Parlementaire vragen
PDF 103kWORD 16k
4 oktober 2016
E-007535-16
Vraag met verzoek om schriftelijk antwoord E-007535-16
aan de Commissie
Artikel 130 van het Reglement
Bart Staes (Verts/ALE)

 Betreft:  het LAW TRAIN-project (Horizon 2020)
 Schriftelijk antwoord 

Is bij de evaluatie van het LAW TRAIN-project rekening gehouden met het feit dat het Israëlische ministerie van Openbare Veiligheid en de Israëlische nationale politiediensten betrokken zijn bij ernstige schendingen van de mensenrechten, zoals onder meer marteling, mishandeling en onmenselijke en onterende behandeling?

Voor een aantal activiteiten in het kader van het project organiseert de Bar Ilan-universiteit in Ramat Gan (Israël), een van de projectdeelnemers, skypegesprekken, en het hoofdkantoor van de nationale politiediensten van Israël maakt deel uit van het illegale nederzettingenbeleid van Israël in Oost-Jeruzalem: heeft men er in het licht hiervan aan gedacht dat deze projectactiviteiten kunnen plaatsvinden in bezet Oost-Jeruzalem? Zo ja, tot welke slotsom is men dan gekomen?

In de context van de onderhandelingen over samenwerking tussen Interpol en Israël zijn verscheidene discussiepunten aan de orde gekomen, onder meer het verbod op het gebruik van informatie die is verkregen op een manier die ingaat tegen het internationale recht en de mensenrechten (zie bijvoorbeeld Besluit 2009/934/JBZ van de Raad van de EU van 30 november 2009). Deze kwestie houdt verband met de problematiek van de illegale ondervragingsmethodes van Israël en van Israëlische inlichtingen die hun oorsprong vinden in de bezette Palestijnse gebieden. Heeft men deze problemen in overweging genomen? Is er in een mechanisme voorzien waarmee wordt verhinderd dat in het project kennis (zij het inlichtingen of „ervaring”) wordt gebruikt die is verkregen op een wijze die het internationale recht en de mensenrechten schendt?

Oorspronkelijke taal van de vraag: EN 
Juridische mededeling