Procedure : 2018/2838(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : O-000084/2018

Ingediende teksten :

O-000084/2018 (B8-0415/2018)

Debatten :

PV 24/10/2018 - 24
CRE 24/10/2018 - 23
CRE 24/10/2018 - 24

Stemmingen :

Aangenomen teksten :


Parlementaire vragen
PDF 7kWORD 19k
23 augustus 2018
O-000084/2018
Vraag met verzoek om mondeling antwoord O-000084/2018
aan de Commissie
Artikel 128 van het Reglement
Petra Kammerevert, namens de Commissie cultuur en onderwijs

 Betreft: Het bevorderen van automatische wederzijdse erkenning van diploma's
 Antwoord plenaire 

1. Wat is het standpunt van de Commissie met betrekking tot het vrij verkeer van lerenden met het oog op de verwezenlijking van de geplande "Europese onderwijsruimte" in 2025?

2. Welke concrete effecten verwacht de Commissie van een grotere leermobiliteit, met name wat beroepsonderwijs en -opleidingen betreft, en hoe kan deze leermobiliteit worden gestimuleerd?

3. Kan de Commissie meer details verstrekken over de vraag of er momenteel tussen de lidstaten formele bi- of multilaterale overeenkomsten van kracht zijn over wederzijdse en/of automatische erkenning van diploma's hoger middelbaar onderwijs en hoger onderwijs en van leerperioden in het buitenland, en zo ja, welke overeenkomsten, zowel op nationaal als op een lager niveau (bv. tussen universiteiten, die zich vaak genoodzaakt zien dergelijke overeenkomsten af te sluiten bij gebrek aan bi- en multinationale en Europese regelingen voor automatische erkenning)?

4. Welke erkenningsprocedures en -instrumenten voor diploma's en leerperioden in het buitenland zijn er reeds voorhanden in respectievelijk de sectoren van scholen, beroepsonderwijs en -opleidingen, en het hoger onderwijs, en wat zijn de sterktes en zwaktes van elk van deze regelingen? Is er eventueel sprake van verschillen tussen studierichtingen?

5. Is de Commissie op de hoogte van enige bi- of multilaterale projecten van de lidstaten die bedoeld zijn om belemmeringen voor mobiliteit op het gebied van onderwijs weg te werken buiten het Verdrag van Lissabon en het Bolognaproces om? Welke potentiële belemmeringen en problemen en welke oplossingen worden hierin genoemd?

6. Hoe ziet de Commissie de geplande samenwerking tussen een toekomstige "Europese onderwijsruimte" en de "Europese hogeronderwijsruimte" wat de erkenning van diploma's betreft?

7. Welke voordelen verwacht de Commissie van een voor de hele EU geldende regeling voor de automatische erkenning van diploma's hoger onderwijs en hoger middelbaar onderwijs en van leerperioden in het buitenland (met inbegrip van studieperioden in een school) en welke uitdagingen verwacht zij daarbij te ontmoeten?

8. Hoe kunnen de lidstaten ertoe worden aangespoord akkoord te gaan met een mogelijke toekomstige regeling voor automatische erkenning en hoe kan de angst die er heerst voor een steeds grotere "braindrain" worden weggenomen?

Oorspronkelijke taal van de vraag: EN
Laatst bijgewerkt op: 27 augustus 2018Juridische mededeling