Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Notulen
Maandag 7 september 2015 - StraatsburgDefinitieve uitgave

12. Interpretaties van het Reglement

De Voorzitter stelt het Parlement overeenkomstig artikel 226, lid 3, van het Reglement in kennis van de volgende interpretatie van artikel 130, lid 3, van het Reglement van de Commissie constitutionele zaken, waarnaar de toepassing van deze bepaling was verwezen:

De uitdrukking " bij uitzondering" wordt in die zin geïnterpreteerd dat de aanvullende vraag een dringende aangelegenheid betreft en de indiening ervan niet kan wachten tot de daaropvolgende maand. Daarnaast moet het aantal van de uit hoofde van artikel 130, lid 3, tweede alinea, ingediende vragen onder de norm van vijf vragen per maand liggen.

Indien deze interpretatie niet vóór de goedkeuring van de notulen door een fractie of ten minste veertig leden (artikel 226, lid 3, van het Reglement) wordt betwist, wordt zij geacht te zijn goedgekeurd. Mocht dit wel het geval zijn, dan wordt de zaak ter beslissing aan het Parlement voorgelegd.

De Voorzitter stelt het Parlement overeenkomstig artikel 226, lid 3, van het Reglement in kennis van de volgende interpretatie van artikel 130, lid 3, van het Reglement van de Commissie constitutionele zaken, waarnaar de toepassing van deze bepaling was verwezen:

Wanneer een motie tot onderbreking of sluiting van de vergadering wordt ingediend, wordt de procedure om hierover te stemmen onmiddellijk in gang gezet. Om de stemming aan te kondigen wordt van de gebruikelijke middelen gebruikgemaakt en overeenkomstig de gangbare praktijk krijgen de leden voldoende tijd om zich naar de plenaire vergaderzaal te begeven.

Naar analogie van het bepaalde in artikel 152, lid 2, tweede alinea, kan een dergelijke motie, wanneer deze is verworpen, niet nogmaals op dezelfde dag worden ingediend. Overeenkomstig de interpretatie bij artikel 22, lid 1, heeft de Voorzitter de bevoegdheid om een halt toe te roepen aan de excessieve indiening van moties uit hoofde van dit artikel.”

Indien deze interpretatie niet vóór de opening van de vergadering van morgen, dinsdag 8 september 2015, door een fractie of ten minste veertig leden (artikel 226, lid 3, van het Reglement) wordt betwist, wordt zij geacht te zijn goedgekeurd. Mocht dit wel het geval zijn, dan wordt de zaak ter beslissing aan het Parlement voorgelegd.

Juridische mededeling