Procedure : 2016/2934(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : RC-B8-1232/2016

Ingediende teksten :

RC-B8-1232/2016

Debatten :

Stemmingen :

PV 24/11/2016 - 8.13
CRE 24/11/2016 - 8.13
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2016)0456

GEZAMENLIJKE ONTWERPRESOLUTIE
PDF 292kWORD 84k
21.11.2016
PE593.662v01-00}
PE593.664v01-00}
PE593.665v01-00}
PE593.668v01-00}
PE593.672v01-00} RC1
 
B8-1232/2016}
B8-1233/2016}
B8-1234/2016}
B8-1237/2016}
B8-1240/2016} RC1

ingediend overeenkomstig artikel 123, leden 2 en 4, van het Reglement

ter vervanging van de ontwerpresoluties ingediend door de fracties:

Verts/ALE (B8-1232/2016)

S&D (B8-1233/2016)

PPE (B8-1234/2016)

ALDE (B8-1237/2016)

ECR (B8-1240/2016)


over de situatie in Belarus (2016/2934(RSP))


Bogdan Andrzej Zdrojewski, Jacek Saryusz-Wolski, Sandra Kalniete, Cristian Dan Preda, Elmar Brok, Jerzy Buzek, Michael Gahler, David McAllister, Tunne Kelam, Algirdas Saudargas, Jaromír Štětina, Lorenzo Cesa, Lars Adaktusson, Eduard Kukan, Alojz Peterle, Dubravka Šuica, Andrzej Grzyb, Laima Liucija Andrikienė, Andrey Kovatchev, Traian Ungureanu, Fernando Ruas, Julia Pitera, Barbara Kudrycka, Daniel Caspary, Agnieszka Kozłowska-Rajewicz namens de PPE-Fractie
Clara Eugenia Aguilera García, Nikos Androulakis, Maria Arena, Zigmantas Balčytis, Hugues Bayet, Brando Benifei, José Blanco López, Vilija Blinkevičiūtė, Biljana Borzan, Soledad Cabezón Ruiz, Nicola Caputo, Andrea Cozzolino, Andi Cristea, Viorica Dăncilă, Nicola Danti, Isabella De Monte, Monika Flašíková Beňová, Doru-Claudian Frunzulică, Enrico Gasbarra, Neena Gill, Michela Giuffrida, Sergio Gutiérrez Prieto, Cătălin Sorin Ivan, Liisa Jaakonsaari, Eva Kaili, Miapetra Kumpula-Natri, Krystyna Łybacka, Marlene Mizzi, Alessia Maria Mosca, Victor Negrescu, Vincent Peillon, Pina Picierno, Kati Piri, Miroslav Poche, Liliana Rodrigues, Daciana Octavia Sârbu, Siôn Simon, Tibor Szanyi, Claudia Țapardel, Elena Valenciano, Julie Ward, Carlos Zorrinho, Andrejs Mamikins, Knut Fleckenstein, Inmaculada Rodríguez-Piñero Fernández, Jens Nilsson namens de S&D-Fractie
Charles Tannock, Mark Demesmaeker, Anna Elżbieta Fotyga, Ryszard Antoni Legutko, Ryszard Czarnecki, Tomasz Piotr Poręba, Karol Karski, Angel Dzhambazki, Raffaele Fitto, Ruža Tomašić, Kazimierz Michał Ujazdowski, Marek Jurek, Zdzisław Krasnodębski namens de ECR-Fractie
Petras Auštrevičius, Beatriz Becerra Basterrechea, Izaskun Bilbao Barandica, Dita Charanzová, José Inácio Faria, Marielle de Sarnez, Gérard Deprez, María Teresa Giménez Barbat, Marian Harkin, Ivan Jakovčić, Petr Ježek, Ilhan Kyuchyuk, Louis Michel, Urmas Paet, Maite Pagazaurtundúa Ruiz, Jozo Radoš, Marietje Schaake, Jasenko Selimovic, Pavel Telička, Ramon Tremosa i Balcells, Hilde Vautmans, Paavo Väyrynen, Cecilia Wikström namens de ALDE-Fractie
Heidi Hautala, Rebecca Harms, Igor Šoltes namens de Verts/ALE-Fractie

Resolutie van het Europees Parlement over de situatie in Belarus (2016/2934(RSP))  

Het Europees Parlement,

–  gezien zijn eerdere resoluties en aanbevelingen over Belarus,

–  gezien de op 11 september 2016 gehouden parlementsverkiezingen en de op 11 oktober 2015 gehouden presidentsverkiezingen,

–  gezien de verklaring van de voorzitter van zijn Delegatie voor de betrekkingen met Belarus van 13 september 2016 over de recente parlementsverkiezingen in Belarus,

–  gezien de verklaring van de woordvoerder van de Europese Dienst voor extern optreden van 12 september 2016 over de parlementsverkiezingen in Belarus,

–  gezien de voorlopige verklaring van de OVSE/ODIHR, de Parlementaire Vergadering van de OVSE en de Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa (PACE) van 12 september 2016 over de parlementsverkiezingen in Belarus,

–  gezien de conclusies van de Raad over Belarus, met name die van 16 februari 2016 waarmee de sancties tegen 170 individuen en 3 Belarussische bedrijven worden opgeheven,

–  gezien het eindverslag van de OVSE van 28 januari 2016 over de presidentsverkiezingen in Belarus van 11 oktober 2015,

–  gezien de talrijke verklaringen van de Belarussische autoriteiten volgens welke een aantal van de aanbevelingen van de OVSE/ODIHR naar aanleiding van de presidentsverkiezingen van 2015 vóór de parlementsverkiezingen van 2016 ten uitvoer zou worden gelegd,

–  gezien het feit dat de Belarussische autoriteiten op 22 augustus 2015 zes politieke gevangenen hebben vrijgelaten, en de daaropvolgende verklaring van de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, Federica Mogherini, en de commissaris voor nabuurschapsbeleid en uitbreidingsonderhandelingen, Johannes Hahn, over de vrijlating van politieke gevangenen in Belarus op 22 augustus 2015,

–  gezien artikel 123, leden 2 en 4, van zijn Reglement,

A.  overwegende dat de OVSE/ODIHR in haar eindverslag over de presidentsverkiezingen in Belarus van 2015 in samenwerking met de Commissie van Venetië van de Raad van Europa een aantal aanbevelingen heeft opgesteld die Belarus vóór de parlementsverkiezingen van 2016 ten uitvoer moest leggen;

B.  overwegende dat de Belarussische autoriteiten, teneinde betere betrekkingen met het Westen op te bouwen, volgens de beoordeling van het ODIHR maatregelen hebben getroffen om het democratische oppositiepartijen gemakkelijker te maken om zich te registreren dan bij eerdere verkiezingen, en buitenlandse waarnemers betere toegang tot de telling van de stemmen hebben verschaft;

C.  overwegende dat de president van Belarus op 6 juni 2016 verkiezingen voor het Huis van afgevaardigden heeft afgekondigd; overwegende dat deze verkiezingen op 11 september 2016 hebben plaatsgevonden; overwegende dat meer dan 827 internationale waarnemers en 32 100 burgerwaarnemers bij de verkiezingen waren geaccrediteerd; overwegende dat op uitnodiging van het Belarussische Ministerie van Buitenlandse Zaken een verkiezingswaarnemingsmissie van de OVSE/ODIHR werd uitgestuurd om de verkiezingen te observeren;

D.  overwegende dat de parlementsverkiezingen van 2016 volgens de beoordeling door de OVSE/ODIHR efficiënt waren georganiseerd, maar dat er nog steeds sprake is van een aantal sinds lange tijd bestaande systemische tekortkomingen, waaronder beperkingen in het rechtskader voor politieke rechten en fundamentele vrijheden; overwegende dat er bij het tellen en het tabuleren sprake was van een aanzienlijk aantal procedurele onregelmatigheden en een gebrek aan transparantie;

E.  overwegende dat na lange tijd een democratische oppositie vertegenwoordigd zal zijn in het Belarussische parlement; overwegende dat volgens de speciale VN-rapporteur over de mensenrechtensituatie in Belarus de juridische en administratieve stelsels die ten grondslag liggen aan de beperkingen van de mensenrechten onveranderd blijven; overwegende dat twee onafhankelijke leden van het parlement naar verwachting als echte oppositie zullen optreden;

F.  overwegende dat er sinds 1994 in Belarus geen vrije en eerlijke verkiezingen zijn gehouden overeenkomstig een kieswet die aan de internationaal erkende OVSE/ODIHR-normen voldoet;

G.  overwegende dat de EU de meeste van haar beperkende maatregelen tegen Belarussische ambtenaren en rechtspersonen in februari 2016 heeft opgeheven, als een gebaar van goede wil om Belarus aan te moedigen om de stand van de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat in het land te verbeteren; overwegende dat de Raad in zijn conclusies over Belarus van 15 februari 2016 heeft benadrukt dat de samenwerking tussen de EU en Belarus moet worden versterkt op een aantal gebieden op het vlak van economie, handel en hulpverlening, waardoor het mogelijk is geworden voor Belarus om EIB- en EBWO-financiering aan te vragen; overwegende dat er enkele maatregelen zijn genomen om bepaalde langlopende problemen vóór de verkiezingen van 2016 aan te pakken, maar dat tegelijkertijd vele problemen in verband met het juridische en procedurele verkiezingskader nog altijd voortbestaan;

H.  overwegende dat de laatste verkiezingen volgens de twee Belarussische verkiezingswaarnemingsgroepen, Human Rights Defenders for Free Elections (HRD) en Right to Choose-2016 (R2C), niet voldeden aan een aantal belangrijke internationale normen en geen geloofwaardige uiting waren van de wil van de Belarussische burgers;

I.  overwegende dat de Belarussische waarnemingsgroepen tijdens de vijfdaagse periode voor vervroegd stemmen (6-10 september) en op de dag van de verkiezingen (11 september) concreet bewijs hebben gevonden voor massale inspanningen in het hele land om de opkomstcijfers op te krikken en overwegende dat het enige onafhankelijke enquêtebureau in Belarus (NISEPI) als gevolg van druk door de regering besloot zijn werkzaamheden tijdelijk te staken, waardoor het zeer moeilijk is om te beoordelen wat de werkelijke politieke voorkeuren van de Belarussen zijn;

J.  overwegende dat een deel van de Belarussische oppositiekrachten op 18 november 2015 voor het eerst een gemeenschappelijke samenwerkingsovereenkomst hebben gepresenteerd om bij de parlementsverkiezingen van 2016 een gezamenlijk front te vormen;

K.  overwegende dat de Delegatie van het Parlement voor de betrekkingen met Belarus op 18 en 19 juni 2015 voor het eerst sinds 2002 een bezoek aan Minsk heeft gebracht; overwegende dat het Europees Parlement momenteel geen officiële betrekkingen met het Belarussische parlement onderhoudt;

L.  overwegende dat Belarus een constructieve rol heeft gespeeld bij de totstandbrenging van de wapenstilstand in Oekraïne;

M.  overwegende dat de Russische agressie tegen Oekraïne en de illegale annexatie van de Krim door Rusland in de Belarussische maatschappij de vrees hebben aangewakkerd voor destabilisering van de interne situatie in geval van een machtswisseling; overwegende dat het Belarussische volk de hoop op grondige hervormingen en een vreedzame transformatie van het land niet heeft laten varen;

N.  overwegende dat de economie van Belarus al 20 jaar lang stagneert, waarbij belangrijke sectoren in handen van de staat blijven en onder administratief gezag en controle staan; overwegende dat de economische afhankelijkheid van Belarus van economische steun uit Rusland voortdurend toeneemt, en dat de economische prestaties van Belarus tot de laagste behoren van de landen van de Euraziatische Economische Unie, en dat bijvoorbeeld het bbp in 2015-2016 is gedaald met ruim 30 miljard USD;

O.  overwegende dat Belarus als enige land in Europa de doodstraf nog uitvoert; overwegende dat het Belarussische Hooggerechtshof op 4 oktober 2016 Sergej Vostrikov ter dood heeft veroordeeld en dat het hiermee voor de vierde keer in 2016 een doodvonnis heeft bekrachtigd;

P.  overwegende dat mensenrechtenorganisaties hebben gewezen op nieuwe methoden om de oppositie te intimideren; overwegende dat de Belarussische autoriteiten nog steeds repressieve methodes hanteren om hun politieke tegenstanders te dwarsbomen: vreedzame demonstranten worden nog altijd administratief aansprakelijk gesteld, andere civiele en politieke rechten worden beperkt en het aantal politieke gevangen in het land is toegenomen; overwegende dat de Belarussische autoriteiten geen maatregelen hebben genomen om systemische en kwalitatieve veranderingen door te voeren op het gebied van de mensenrechten, met name in de wetgeving;

Q.  overwegende dat een aanzienlijke verbetering van de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van de media, de eerbiediging van de politieke rechten van gewone burgers en oppositie-activisten en de volledige eerbiediging van de rechtsstaat en de grondrechten de randvoorwaarden zijn voor betere betrekkingen tussen de EU en Belarus; overwegende dat de Europese Unie zich onverminderd blijft inzetten voor de verdediging van de mensenrechten in Belarus, waaronder de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van de media;

R.  overwegende dat Belarus op 25 oktober 2016 zijn eerste nationale actieplan voor de mensenrechten heeft vastgesteld, dat was goedgekeurd met een resolutie van de ministerraad; overwegende dat dit plan volgens de Belarussische autoriteiten de voornaamste actiepunten omschrijft voor het uitvoeren van de voornemens van het land op het gebied van de mensenrechten;

S.  overwegende dat de deelname van Belarus aan het Oostelijk Partnerschap en zijn parlementaire tak Euronest mede tot doel heeft de samenwerking tussen het land en de EU te versterken; overwegende dat het parlement van Belarus geen officiële status heeft in de Parlementaire Vergadering Euronest;

T.  overwegende dat Belarus momenteel zijn eerste kerncentrale bouwt in Ostrovets, aan de grens met de EU; overwegende dat een land dat kernenergie gaat opwekken, zich strikt moet houden aan de internationale vereisten en normen op het gebied van nucleaire veiligheid en milieu; overwegende dat de regering van Belarus, die de exclusieve verantwoordelijkheid draagt voor de veiligheid en beveiliging van nucleaire installaties op haar grondgebied, moet voldoen aan haar verplichtingen ten opzichte van de eigen burgers, alsmede van de buurlanden; overwegende dat de beginselen van openheid en transparantie aan de basis moeten liggen van de ontwikkeling, exploitatie en ontmanteling van nucleaire installaties;

1.  blijft zich ernstig zorgen maken over de tekortkomingen die onafhankelijke internationale waarnemers hebben vastgesteld tijdens de presidentsverkiezingen van 2015 en de parlementsverkiezingen van 2016; erkent de pogingen om vooruitgang te boeken, die nog ontoereikend is; wijst erop dat er in het nieuw gekozen parlement één vertegenwoordiger van de oppositiepartij en één van de niet-gouvernementele sector zitting hebben; meent echter dat dit niet het resultaat is van de verkiezingsuitslag, maar eerder een politieke benoeming; merkt op dat de behandeling van de toekomstige wetgevingsvoorstellen van deze twee parlementsleden als een lakmoesproef zal dienen voor de politieke bedoelingen van de autoriteiten die aan hun benoeming ten grondslag liggen;

2.  verzoekt de Belarussische autoriteiten onverwijld verder te gaan met een algemene hervorming van het kiesstelsel in het kader van het bredere democratiseringsproces en in samenwerking met internationale partners; benadrukt dat de aanbevelingen van de OVSE/ODIHR tijdig vóór de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2018 ten uitvoer moeten worden gelegd en dat binnenlandse en internationale waarnemers toezicht moeten houden op de uitvoering ervan; benadrukt dat dit van essentieel belang is om de gewenste vooruitgang te boeken in de betrekkingen tussen de EU en Belarus;

3.  herhaalt zijn verzoek aan de Belarussische autoriteiten om onder alle omstandigheden te zorgen voor de eerbiediging van de democratische beginselen, de mensenrechten en de fundamentele vrijheden, overeenkomstig de Universele Verklaring van de rechten van de mens en de internationale en regionale mensenrechteninstrumenten die Belarus heeft geratificeerd;

4.  roept de Belarussische regering op de vrijgelaten politieke gevangenen te rehabiliteren en hun politieke en burgerrechten volledig terug te geven;

5.  maakt zich zorgen over het feit dat er sinds 2000 geen nieuwe politieke partijen in Belarus zijn geregistreerd; roept op alle beperkingen op dit vlak op te heffen; benadrukt dat alle politieke partijen onbeperkt politieke activiteiten moeten kunnen uitoefenen, met name tijdens een verkiezingscampagne;

6.  verwacht van de autoriteiten dat zij een einde maken aan het intimideren van onafhankelijke media om politieke redenen; dringt aan op beëindiging van de administratieve vervolging en het willekeurig gebruiken van artikel 22, lid 9, tweede deel, van de wet bestuursrecht tegen freelance journalisten omdat zij zonder accreditatie voor buitenlandse media werken, hetgeen het recht van vrije meningsuiting en de verspreiding van informatie beperkt;

7.  roept de Belarussische regering op tot onmiddellijke schrapping van artikel 193, lid 1, van het strafwetboek, dat de organisatie van en deelname aan activiteiten van niet-geregistreerde openbare verenigingen en organisaties strafbaar stelt, en om openbare verenigingen en organisaties toe staan hun activiteiten ten volle, vrij, ongehinderd en op legale wijze uit te oefenen; vestigt de aandacht van de Commissie met name op het feit dat er momenteel als gevolg van de toepassing van artikel 193, lid 1, en andere beperkende maatregelen ruim 150 Belarussische ngo's geregistreerd staan in Litouwen, Polen, de Tsjechische Republiek en elders;

8.  dringt bij de Belarussische autoriteiten aan op een herziening van het beleid waardoor op internationale steun aan de niet-gouvernementele sector in Belarus een hoge belasting wordt geheven;

9.  dringt er bij Belarus op aan zich, als enige land in Europa dat de doodstraf nog steeds toepast en dat sinds kort opnieuw executies uitvoert, achter een wereldwijd moratorium op de toepassing van de doodstraf te scharen, bij wijze van eerste stap naar definitieve afschaffing van de doodstraf; wijst er nogmaals op dat de doodstraf onmenselijk en onterend is, geen bewezen afschrikkend effect heeft en gerechtelijke fouten onomkeerbaar maakt; verzoekt de Europese Dienst voor extern optreden (EDEO) en de Commissie voorrang te geven aan bovengenoemde problemen bij de lopende mensenrechtendialoog tussen de EU en Belarus; verwelkomt in dit verband de goedkeuring door de ministerraad van Belarus van het actieplan voor de uitvoering van de aanbevelingen gedaan door de Werkgroep universele periodieke evaluatie van de VN-Mensenrechtenraad, en verwacht dat dit plan volledig zal worden uitgevoerd;

10.  verzoekt de EDEO en de Commissie hun steun aan maatschappelijke organisaties in Belarus en daarbuiten voort te zetten en te versterken; benadrukt in dit verband de noodzaak om alle onafhankelijke informatiebronnen voor de Belarussische maatschappij te steunen, met inbegrip van media die in de Belarussische taal uitzenden en media die vanuit het buitenland uitzenden;

11.  neemt er nota van dat in januari 2014 onderhandelingen zijn gestart over een soepelere visumregeling om de interpersoonlijke contacten te verbeteren en de ontwikkeling van het maatschappelijk middenveld te bevorderen; benadrukt dat de Commissie en de EDEO de nodige maatregelen moeten treffen om in dit verband sneller vooruitgang te boeken;

12.  steunt de EU in haar beleid van "kritische betrokkenheid" ten aanzien van de Belarussische autoriteiten en spreekt tevens zijn bereidheid uit om daaraan via zijn Delegatie voor de betrekkingen met Belarus een bijdrage te leveren; verzoekt de Commissie nauwlettend toe te zien op de wetgevingsinitiatieven en toezicht te houden op de tenuitvoerlegging ervan; herinnert eraan dat de EU erop moet toezien dat haar middelen niet worden gebruikt om maatschappelijke organisaties, mensenrechtenactivisten, freelance journalisten en oppositieleiders te onderdrukken;

13.  is bezorgd over de veiligheidsproblemen in verband met de bouw van de Belarussische kerncentrale in Ostrovets, minder dan 50 km van Vilnius, de hoofdstad van Litouwen, en dicht bij de grens met Polen; benadrukt de noodzaak van breed internationaal toezicht op de tenuitvoerlegging van dit project, teneinde te waarborgen dat het in overeenstemming is met de internationale vereisten en normen inzake nucleaire en milieuveiligheid, met inbegrip van de VN-Verdragen van Espoo en Aarhus; vraagt de Commissie de kwestie van veiligheid en transparantie met betrekking tot deze kerncentrale in aanbouw op te nemen in haar dialoog met Belarus en Rusland, aangezien ze door Rusland wordt gefinancierd en op Rosatom-technologie wordt gebaseerd, en aan het Parlement en de lidstaten, met name de lidstaten die aan Belarus grenzen, geregeld verslag uit te brengen;

14.  hecht groot belang aan en kijkt uit naar de toetreding van Belarus tot de Parlementaire Vergadering Euronest, overeenkomstig de oprichtingsakte daarvan, zodra aan de politieke voorwaarden is voldaan, omdat deze toetreding op natuurlijke wijze zou aansluiten bij de deelname van Belarus aan het multilaterale samenwerkingskader van het Oostelijk Partnerschap;

15.  herhaalt zijn toezegging om zich in te zetten voor de Belarussische bevolking, ondersteuning te bieden aan haar prodemocratische ambities en initiatieven, en een bijdrage te leveren aan een stabiele, democratische en voorspoedige toekomst voor het land;

16.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de vicevoorzitter van de Commissie / hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid (VV/HV), de Europese Dienst voor extern optreden, de Raad, de Commissie, de lidstaten, de OVSE/ODIHR, de Raad van Europa alsmede de Belarussische autoriteiten.

 

Juridische mededeling