Procedure : 2018/2754(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : RC-B8-0288/2018

Ingediende teksten :

RC-B8-0288/2018

Debatten :

PV 14/06/2018 - 4.1
CRE 14/06/2018 - 4.1

Stemmingen :

PV 14/06/2018 - 7.1

Aangenomen teksten :

P8_TA(2018)0259

GEZAMENLIJKE ONTWERPRESOLUTIE
PDF 293kWORD 51k
13.6.2018
PE621.686v01-00}
PE621.687v01-00}
PE621.688v01-00}
PE621.689v01-00}
PE621.694v01-00} RC1
 
B8-0288/2018}
B8-0289/2018}
B8-0290/2018}
B8-0291/2018}
B8-0296/2018} RC1

ingediend overeenkomstig artikel 135, lid 5, en artikel 123, lid 4, van het Reglement

ter vervanging van de volgende ontwerpresoluties:

B8‑0288/2018 (ECR)

B8‑0289/2018 (Verts/ALE)

B8‑0290/2018 (S&D)

B8‑0291/2018 (PPE)

B8‑0296/2018 (ALDE)


over Rusland, met name de zaak van de Oekraïense politieke gevangene Oleh Sentsov (2018/2754(RSP))


Cristian Dan Preda, Jaromír Štětina, Elmar Brok, Dariusz Rosati, Pavel Svoboda, Tomáš Zdechovský, Patricija Šulin, Ivan Štefanec, Marijana Petir, Eduard Kukan, Tunne Kelam, Csaba Sógor, Ramona Nicole Mănescu, Romana Tomc, David McAllister, Luděk Niedermayer, Agnieszka Kozłowska-Rajewicz, Milan Zver, Adam Szejnfeld, József Nagy, Bogdan Andrzej Zdrojewski, Brian Hayes, Anna Záborská, Inese Vaidere, Roberta Metsola, Deirdre Clune, Lars Adaktusson, Laima Liucija Andrikienė, Ivana Maletić, Sandra Kalniete, Stanislav Polčák, Jiří Pospíšil, Krzysztof Hetman, Róża Gräfin von Thun und Hohenstein, Dubravka Šuica namens de PPE-Fractie
Elena Valenciano, Victor Boştinaru, Soraya Post, Tibor Szanyi namens de S&D-Fractie
Charles Tannock, Karol Karski, Jan Zahradil, Roberts Zīle, Branislav Škripek, Ruža Tomašić, Monica Macovei, Jana Žitňanská, Zdzisław Krasnodębski namens de ECR-Fractie
Johannes Cornelis van Baalen, Petras Auštrevičius, Marietje Schaake, Beatriz Becerra Basterrechea, Gérard Deprez, Martina Dlabajová, Marian Harkin, Nadja Hirsch, Ivan Jakovčić, Petr Ježek, Valentinas Mazuronis, Louis Michel, Urmas Paet, Maite Pagazaurtundúa Ruiz, Jozo Radoš, Frédérique Ries, Robert Rochefort, Jasenko Selimovic, Ramon Tremosa i Balcells, Cecilia Wikström namens de ALDE-Fractie
Rebecca Harms, Heidi Hautala namens de Verts/ALE-Fractie

Resolutie van het Europees Parlement over Rusland, met name de zaak van de Oekraïense politieke gevangene Oleh Sentsov (2018/2754(RSP))  

Het Europees Parlement,

–  gezien zijn eerdere resoluties over Rusland, in het bijzonder zijn resolutie van 16 maart 2017 over Oekraïense gevangenen in Rusland en de situatie op de Krim (1),

–  gezien de verklaring van 25 mei 2018 van de woordvoerder van de Europese Dienst voor extern optreden (EDEO) over de zaken van diverse gevangenen op of uit de illegaal geannexeerde Krim en Sebastopol,

–  gezien de gedachtewisseling over Rusland in de Raad Buitenlandse Zaken van 16 april 2018,

–  gezien de beschikking van het Internationale Hof van Justitie van 19 april 2017 over het door Oekraïne ingediende verzoek om indicatie van voorlopige maatregelen in de zaak betreffende toepassing van het Internationaal Verdrag ter bestrijding van de financiering van terrorisme en van het Internationaal Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van rassendiscriminatie (Oekraïne tegen de Russische Federatie),

–  gezien artikel 5 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en artikel 7 van het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, die er beide in voorzien dat niemand mag worden onderworpen aan folteringen, noch aan een wrede, onmenselijke of onterende behandeling of bestraffing, en waarbij de Russische Federatie partij is,

–  gezien de VN-verklaring over mensenrechtenverdedigers, aangenomen door de Algemene Vergadering van de VN op 9 december 1998,

–  gezien het Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd,

–  gezien artikel 135, lid 5, en artikel 123, lid 4, van zijn Reglement,

A.  overwegende dat de Oekraïense filmmaker Oleh Sentsov, die zich verzette tegen de illegale annexatie door Rusland van het schiereiland de Krim, in mei 2014 is gearresteerd in verband met vermoedelijk op de Krim gepleegde handelingen; overwegende hij ondanks zijn Oekraïense staatsburgerschap als Russisch staatsburger is behandeld;

B.  overwegende dat er in het geval van Oleh Sentsov melding is gemaakt van foltering en ernstige mishandeling met als gevolg dat zij verklaringen hebben afgelegd waaraan vervolgens, ondanks het feit dat deze verklaringen op illegale wijze zijn verkregen, rechtskracht is toegekend;

C.  overwegende dat Oleh Sentsov op 25 augustus 2015 door een rechtbank wier bevoegdheid de EU niet erkent en in strijd met het internationaal recht en elementaire rechtsnormen veroordeeld is;

D.  overwegende dat Oleh Sentsov, die momenteel een straf uitzit in de meest noordelijke gevangenis van Rusland in Labytnangi, in het autonome gebied Jamalo-Nenets, op 14 mei 2018 heeft aangekondigd voor onbeperkte tijd in hongerstaking te gaan;

E.  overwegende dat het aantal politieke gevangenen in Rusland de afgelopen jaren aanzienlijk is toegenomen; overwegende dat het mensenrechtencentrum Memorial, dat in 2009 de Sacharovprijs kreeg toegekend, op 29 mei 2018 een lijst met de namen van 158 politieke gevangenen openbaar gemaakt heeft;

F.  overwegende dat Ojoeb Titijev, de Tsjetsjeense directeur van het mensenrechtencentrum Memorial, op 9 januari 2018 is gearresteerd door de plaatselijke politie op verdenking van drugsbezit; overwegende dat deze beschuldigen door de heer Titijev worden ontkend en door ngo's en andere mensenrechtenactivisten vals worden genoemd;

G.  overwegende dat de arrestatie van Ojoeb Titijev past in een zorgwekkende trend van arrestaties, aanvallen, intimidatie en het in diskrediet brengen van onafhankelijke journalisten en mensenrechtenactivisten;

H.  overwegende dat mensenrechtenactivisten en actoren uit het maatschappelijk middenveld, met name Krim-Tataren, geconfronteerd worden met bedreiging, intimidatie en arrestatie;

I.  overwegende dat diverse malen melding is gemaakt van foltering en wrede en vernederende behandeling; overwegende dat deze beschuldigingen tot nu toe niet goed zijn onderzocht; overwegende dat foltering is gebruikt om bekentenissen af te dwingen en vals bewijs van schuld te verkrijgen;

J.  overwegende dat veel gevangenen en gearresteerden onder harde en onmenselijke omstandigheden worden vastgehouden, resulterend in lichamelijke en geestelijke gezondheidsproblemen; overwegende dat sommige gevangenen hoogdringend medische verzorging en behandeling nodig hebben;

K.  overwegende dat de restrictieve Russische wetgeving inzake politieke en burgerrechten tot de tijdelijk bezette Krim is uitgebreid, hetgeen heeft geleid tot de drastische inperking van de vrijheden van vergadering, meningsuiting, vereniging, toegang tot informatie en godsdienst; overwegende dat betrouwbare bronnen melding maken van intimidatie, gedwongen verdwijningen en foltering;

L.  overwegende dat willekeurige arrestaties, gedwongen verdwijningen, censuur en het verbod op vreedzame bijeenkomsten een alledaagse realiteit zijn geworden op de Krim; overwegende dat diverse Krim-Tataren zijn gearresteerd, een onderzoek tegen hen loopt of vervolgd worden; overwegende dat ook juristen van de Krim die deze arrestanten juridische bijstand verlenen, en mensenrechtenactivisten die melding maken van gevallen van politiek gemotiveerde gedwongen verdwijningen op de Krim, alsook journalisten die over de situatie van Krim-Tataren berichten, tot doelwit zijn geworden;

M.  overwegende dat de bezettende autoriteiten op de Krim systematisch en met opzet de vrijheid van meningsuiting op de Krim onderdrukken, waarbij zij onafhankelijke media naar de marge dringen en professionele journalisten belemmeren bij hun werk; overwegende dat Nariman Memedeminov, een burgerjournalist en Krim-Tataarse activist die verslag deed van de wandaden van de bezettingsmacht, op 22 maart 2018 gevangengenomen is door Russische veiligheidstroepen en gearresteerd is op grond van valse beschuldigingen; overwegende dat de Russische veiligheidstroepen op 21 mei 2018 een andere burgerjournalist, Server Moestafajev, gevangengenomen hebben, met name op religieuze gronden, na doorzoeking van diens huis op de door Rusland bezette Krim;

N.  overwegende dat Rusland een groot aantal zaken die dienen bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens verliest en de uitspraken van het Hof naast zich neerlegt;

O.  overwegende dat de Russische Federatie een volwaardig lid is van de Raad van Europa, de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) en de Verenigde Naties en zich aldus heeft verplicht tot naleving van de democratische beginselen en de rechtsstaat en tot eerbiediging van de mensenrechten; overwegende dat er wegens een aantal ernstige schendingen van de rechtsstaat en de goedkeuring van beperkende wetten in de loop van de voorbije jaren grote twijfel is gerezen over de naleving door Rusland van zijn internationale en nationale verplichtingen; overwegende dat de Europese Unie herhaaldelijk aanvullende bijstand en expertise heeft aangeboden om Rusland te helpen met de modernisering en de naleving van zijn constitutionele en juridische stelsel, overeenkomstig de normen van de Raad van Europa;

P.  overwegende dat op grond van de Russische wet inzake "buitenlandse agenten" ngo's die financiering uit het buitenland ontvangen en zich bezighouden met "politieke activiteiten" zich verplicht moeten registreren op een speciale door de overheid bijgehouden lijst van buitenlandse agenten die worden onderworpen aan extra en intensieve controle door de overheid, en in al hun publicaties, persberichten en rapporten moeten vermelden dat deze zijn geproduceerd door een buitenlandse agent;

Q.  overwegende dat de EU, in reactie op de illegale inlijving van de Krim en de hybride oorlogvoering tegen Oekraïne door Rusland, een gefaseerde reeks beperkende maatregelen heeft genomen;

1.  verzoekt de Russische autoriteiten Oleh Sentsov onmiddellijk en onvoorwaardelijk in vrijheid te stellen, alsook de andere illegaal gedetineerde Oekraïense staatsburgers in Rusland en op het schiereiland de Krim; wijst erop dat zich thans in totaal meer dan 70(2) Oekraïense politieke gevangenen in Rusland en op de bezette Krim bevinden;

2.  verlangt de onmiddellijke en onvoorwaardelijke invrijheidstelling van Ojoeb Titijev, directeur van mensenrechtencentrum Memorial in de Tsjetsjeense Republiek, en van alle andere politieke gevangenen in de Russische Federatie;

3.  verzoekt de Russische autoriteiten de intimidatie en pesterijen van mensenrechtencentrum Memorial, zijn medewerkers en andere mensenrechtenactivisten te staken, en hen in staat te stellen hun werk op het gebied van mensenrechten te doen;

4.  onderstreept dat de behandeling van alle gevangenen in overeenstemming moet zijn met de internationale normen en dat alle gedetineerden toegang moeten hebben tot rechtsbijstand, tot hun familie, tot hun diplomatieke vertegenwoordigingen en tot medische behandeling; onderstreept dat de Russische autoriteiten en het justitiële personeel overeenkomstig het vierde Verdrag van Genève volledig verantwoordelijk zijn voor de veiligheid en het welzijn van gedetineerden, met name op de Krim;

5.  herinnert Rusland eraan hoe belangrijk het is dat het land zijn internationale juridische verplichtingen als lid van de Raad van Europa en de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa volledig naleeft, alsmede de fundamentele beginselen van de mensenrechten en de rechtsstaat zoals vastgelegd in het Europees Verdrag voor de rechten van de mens en het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten;

6.  benadrukt dat de vrijheid van vergadering in de Russische Federatie wordt gewaarborgd door artikel 31 van de Russische grondwet en door het Europees Verdrag voor de rechten van de mens dat door Rusland is ondertekend, hetgeen de Russische autoriteiten verplicht tot naleving van deze vrijheid;

7.  dringt erop aan dat de Russische autoriteiten op alle niveaus erkennen dat mensenrechtenactivisten een cruciale rol spelen als pijlers van de democratie en waakhonden van de rechtsstaat, en dat zij in het openbaar alle aanvallen op mensenrechtenactivisten, met name in de Republiek Tsjetsjenië, veroordelen;

8.  betuigt zijn solidariteit met de Oekraïense filmmaker, politiek activist en politiek gevangene Oleh Sentsov, die op 14 mei 2018 in hongerstaking is gegaan, waarmee hij de invrijheidstelling van illegaal gedetineerde landgenoten wil afdwingen, en toont zich bezorgd over de gevolgen van de hongerstaking voor Oleh Sentsov's gezondheid; herinnert eraan dat Oleh Sentsov kort nadat Rusland in 2014 de macht overnam op het schiereiland in de Zwarte Zee daar gearresteerd werd, vervolgens veroordeeld werd op grond van een door foltering verkregen getuigenis en momenteel op grond van meervoudige beschuldigingen van terrorisme een straf van 20 jaar uitzit in een streng beveiligd gevangenkamp in het autonome gebied Jamal Nenets, in het uiterste noorden van Rusland;

9.  betreurt het dat een andere veroordeelde in deze zaak, Olexander Koltsjenko, veroordeeld is tot tien jaar gevangenisstraf;

10.  wijst erop dat een andere illegaal gedetineerde Oekraïense staatburger, Volodymyr Baloech, sinds 19 maart in hongerstaking is;

11.  verzoekt de verantwoordelijke Russische autoriteiten en medische diensten deze gevangenen fatsoenlijke medische verzorging te bieden en de medische ethiek te eerbiedigen, onder meer door geen dwangvoeding of ongewenste behandeling op te leggen, hetgeen kan neerkomen op marteling en andere vormen van mishandeling;

12.  geeft uitdrukking aan zijn diepe bezorgdheid dat een groot aantal van de Oekraïense politieke gevangenen, zoals Mykola Karpijoek, Volodymyr Prysych, Olexij Chirnij en Jevhen Panov, ernstig gemarteld is;

13.  toont zich uiterst verontrust over de zorgwekkende trend van arrestaties, aanvallen, intimidatie en het in diskrediet brengen van onafhankelijke journalisten en mensenrechtenactivisten die in Rusland werken, met name in Tsjetsjenië; onderstreept hoe betekenisvol het maatschappelijk middenveld en organisaties als Memorial zijn, en hoe belangrijk de boodschap is dat activisten uit het maatschappelijk middenveld waar ook ter wereld ongehinderd de meest basale rechten van vrijheid van gedachte en van meningsuiting moeten kunnen uitoefenen; verzoekt de Tsjetsjeense en Russische autoriteiten de nationale wetgeving na te leven en hun internationale verplichtingen na te komen, en de rechtsstaat te handhaven;

14.  uit zijn ernstige bezorgdheid over het klimaat van straffeloosheid dat deze daden mogelijk heeft gemaakt, en vraagt dat er in samenwerking met het maatschappelijk middenveld juridische en andere maatregelen worden getroffen om dergelijk geweld te voorkomen, te monitoren en effectief te vervolgen; onderstreept dat Rusland en de Russische regering de uiteindelijke verantwoordelijkheid hebben om deze daden te onderzoeken, de daders te berechten en alle Russische burgers te beschermen tegen wederrechtelijke mishandeling;

15.  vraagt aandacht voor het feit dat de Russische autoriteiten op de bezette Krim in mei 2018 diverse Krim-Tataren gevangengenomen hebben, waaronder Sever Moestafajev, Edem Smailov en familieleden van politiek gevangene Noeri Primov;

16.  veroordeelt de schendingen van het internationaal recht op de bezette Krim door Rusland, waaronder het opleggen van Russische wetgeving, de zware militarisering van het schiereiland waarmee de regionale veiligheid in gevaar wordt gebracht, en de massieve en systematische schendingen van de mensenrechten op de Krim, met name gericht tegen etnische Oekraïners en Krim-Tataren;

17.  is ingenomen met de invrijheidstelling van de Krim-Tataarse leiders Achtem Chijgoz en Ilmi Oemerov, die door Russische rechtbanken in het tijdelijk bezette Oekraïense gebied de Krim in september 2017 veroordeeld waren tot gevangenisstraffen, en op 25 oktober 2017 toestemming kregen van de Russische autoriteiten om het schiereiland te verlaten; betuigt zijn dankbaarheid aan alle personen die zich hebben ingezet voor hun vrijlating, waaronder Russische mensenrechtenorganisaties als Memorial;

18.  herinnert de Russische autoriteiten eraan dat zij in hun de-factohoedanigheid van bezettingsmacht die effectieve controle over de Krim uitoefent, volledig verantwoordelijk zijn voor de bescherming van de burgers van de Krim tegen arbitraire rechterlijke of administratieve maatregelen en dat zij in deze hoedanigheid op grond van het internationaal humanitair recht verplicht zijn de bescherming van de mensenrechten op het schiereiland te garanderen;

19.  benadrukt dat de Russische rechtbanken, hetzij militaire hetzij civiele rechtbanken, niet bevoegd zijn om te oordelen over handelingen die buiten het internationaal erkende grondgebied van Rusland hebben plaatsgevonden, en wijst erop dat de gerechtelijke procedures in deze zaak niet als rechtsgeldig mogen worden beschouwd;

20.  herhaalt uiterst bezorgd te zijn over de wet inzake "buitenlandse agenten" en de wijze waarop deze wet ten uitvoer wordt gelegd; is van mening dat de definitie van "politieke activiteiten", ontplooid door ngo's die financiering uit het buitenland ontvangen, zo breed is dat de regering in de praktijk controle kan uitoefenen op praktisch iedere georganiseerde openbare activiteit;

21.  dringt er bij Rusland op aan te waarborgen dat internationale waarnemers voor de mensenrechten en monitoringsmissies onvoorwaardelijk en onbelemmerd toegang tot het land hebben; verzoekt internationale organisaties als de Verenigde Naties, de Raad van Europa en de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa de mensenrechtensituatie op de Krim intensiever te monitoren en passende maatregelen te nemen;

22.  verzoekt de speciaal vertegenwoordiger van de Europese Unie voor de mensenrechten voortdurend aandacht te besteden aan de mensenrechtensituatie op het schiereiland de Krim en in de gebieden in Oost-Oekraïne die niet onder het gezag van de Oekraïense overheid vallen;

23.  verzoekt de Raad en de EU-lidstaten zich vastberaden en eendrachtig te houden aan de overeengekomen sancties tegen Rusland en deze voort te zetten, en gerichte maatregelen te overwegen tegen de personen die verantwoordelijk zijn voor de gevangenhouding van en het proces tegen de politieke gevangenen;

24.  onderstreept hoe belangrijk het is dat de delegatie van de Europese Unie in Rusland en de ambassades van de EU-lidstaten de processen tegen mensenrechtenactivisten monitoren;

25.  verzoekt de voorzitters van de Raad en de Commissie, alsook de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de gevallen van niet-naleving van internationaalrechtelijke verplichtingen nauwgezet te blijven volgen en deze onderwerpen in verschillende vormen en tijdens verschillende ontmoetingen met Rusland aan de orde te stellen;

26.  herhaalt zijn oproep aan de VV/HV en aan de Europese Dienst voor extern optreden (EDEO) te waarborgen dat alle zaken met om politieke redenen vervolgde personen ter sprake worden gebracht bij het mensenrechtenoverleg tussen de EU en Rusland, wanneer dit hervat wordt, en dat de Russische vertegenwoordigers bij dit overleg formeel om reacties op elke zaak worden verzocht; vraagt om verslag uit te brengen bij het Parlement over de uitwisselingen met de Russische autoriteiten;

27.  dringt er bij de VV/HV en de EDEO op aan ervoor te zorgen dat de Unie bij elke gelegenheid, maar binnen de grenzen van de nationale Russische wetgeving, streeft naar contacten met en ondersteuning van Russische maatschappelijke organisaties, waaronder organisaties die zich inzetten voor de waarden van democratie, mensenrechten en rechtsstaat;

28.  verzoekt de EU een verklaring af te leggen waarin zij de schendingen van de mensenrechten in Rusland veroordeelt, alsook de pogingen deze te verdoezelen met behulp van de FIFA-Wereldbeker;

29.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de Raad, de Commissie, de regeringen en parlementen van de lidstaten, de Raad van Europa, de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa alsook de president, de regering en het parlement van de Russische Federatie.

 

(1)

Textes adoptés de cette date, P8_TA(2017)0087.

(2)

Op de lijst, die niet volledig is, staan onder meer: Teimur Abdullaiev, Uzeir Abdullaiev, Taliat Abdurakhmanov, Rustem Abiltarov, Zevri Abseitov, Muslim Aliiev, Refat Alimov, Kiazim Ametov, Ernes Ametov, Ali Asanov, Marlen Asanov, Volodymyr Balukh, Ali Bariev, Enver Bekirov, Memet Belialov, Oleksii Bessarabov, Rustem Vaitov, Resul Velilyaev, Valentyn Vygovskii, Pavlo Hryb, Mykola Dadeu, Konstatin Davydenko, Bekir Dehermendzhi, Mustafa Dehermendzhi, Emil Dzhemadenov, Arsen Dzhepparov, Dmitrii Dolgopolov, Volodymyr Dudka, Andriy Zakhtei, Ruslan Zeitullaiev, Server Zekiriaiev, Timur Ibragimov, Rustem Ismailov, Yevgenii Karakashev, Mykola Karpiuk, Stanislav Klykh, Andriy Kolomiiets, Oleksandr Kolchenko, Oleksandr Kostenko, Emir-Usein Kuku, Hennadii Limeshko, Serhii Litvinov, Enver Mamutov, Nariman Memedeminov, Remzi Memetov, Emil Minasov, Igor Movenko, Seiran Muradosilov, Seiran Mustafaiev, Server Mustafaiev, Yevhen Panov, Nuri Primov, Volodymyr Prisich, Ismail Ramazanov, Fevzi Sagandzhi, Ferat Saifullaiev, Aider Saledinov, Seiran Saliiev, Enver Seitosmanov, Oleg Sentsov, Oleksii Sizonovich, Vadym Siruk, Edem Smailov, Oleksandr Steshenko, Oleksii Stohniy, Renat Suleimanov, Anna Sukhonosova, Roman Sushchenko, Roman Ternovsky, Ruslan Ametov, Asan Chapukh, Oleksii Chirnii, Hlib Shablii, Mykola Shiptur, Dmytro Shtyblikov, Oleksandr Shumkov, Viktor Shur.

Laatst bijgewerkt op: 13 juni 2018Juridische mededeling