Procedure : 2018/2770(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : RC-B8-0315/2018

Ingediende teksten :

RC-B8-0315/2018

Debatten :

Stemmingen :

PV 05/07/2018 - 6.13
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2018)0313

GEZAMENLIJKE ONTWERPRESOLUTIE
PDF 289kWORD 58k
4.7.2018
PE621.741v01-00}
PE621.744v01-00}
PE621.745v01-00}
PE621.747v01-00}
PE621.748v01-00} RC1
 
B8-0315/2018}
B8-0316/2018}
B8-0317/2018}
B8-0319/2018}
B8-0320/2018} RC1

ingediend overeenkomstig artikel 123, leden 2 en 4, van het Reglement

ter vervanging van de ontwerpresoluties ingediend door de fracties:

B8‑0315/2018 (PPE)

B8‑0316/2018 (S&D)

B8‑0317/2018 (ECR)

B8‑0319/2018 (ALDE)

B8‑0320/2018 (EFDD)


over de migratiecrisis en de humanitaire situatie in Venezuela en aan de grenzen van het land met Colombia en Brazilië (2018/2770(RSP))


Agustín Díaz de Mera García Consuegra, José Ignacio Salafranca Sánchez‑Neyra, Cristian Dan Preda, Luis de Grandes Pascual, José Inácio Faria, Verónica Lope Fontagné, Gabriel Mato, David McAllister, Dubravka Šuica, Sandra Kalniete, Elmar Brok, cLorenzo Cesa, Michael Gahler, Francisco José Millán Mon, Tunne Kelam, Fernando Ruas, Laima Liucija Andrikienė, Eduard Kukan, Julia Pitera, Ivan Štefanec, Jaromír Štětina namens de PPE-Fractie
Elena Valenciano, Francisco Assis, Ramón Jáuregui Atondo namens de S&D-Fractie
Karol Karski, Monica Macovei, Ruža Tomašić, Charles Tannock, Jadwiga Wiśniewska, Anna Elżbieta Fotyga namens de ECR-Fractie
Beatriz Becerra Basterrechea, Dita Charanzová, Javier Nart, Petras Auštrevičius, Izaskun Bilbao Barandica, Gérard Deprez, Martina Dlabajová, María Teresa Giménez Barbat, Charles Goerens, Marian Harkin, Nadja Hirsch, Ivan Jakovčić, Ilhan Kyuchyuk, Patricia Lalonde, Valentinas Mazuronis, Louis Michel, Ulrike Müller, Urmas Paet, Maite Pagazaurtundúa Ruiz, Jozo Radoš, Frédérique Ries, Robert Rochefort, Marietje Schaake, Jasenko Selimovic, Pavel Telička, Ramon Tremosa i Balcells, Ivo Vajgl, Johannes Cornelis van Baalen, Hilde Vautmans, Cecilia Wikström namens de ALDE-Fractie
Ignazio Corrao, Laura Ferrara, Fabio Massimo Castaldo namens de EFDD-Fractie

Resolutie van het Europees Parlement over de migratiecrisis en de humanitaire situatie in Venezuela en aan de grenzen van het land met Colombia en Brazilië (2018/2770(RSP))  

Het Europees Parlement,

–  gezien zijn eerdere resoluties over Venezuela, met name die van 27 februari 2014 over de situatie in Venezuela(1), van 18 december 2014 over de vervolging van de democratische oppositie in Venezuela(2), van 12 maart 2015 over de situatie in Venezuela(3), van 8 juni 2016 over de situatie in Venezuela(4), van 27 april 2017 over de situatie in Venezuela(5), van 8 februari 2018 over de situatie in Venezuela(6), en van 3 mei 2018 over de presidentsverkiezingen in Venezuela(7),

–  gezien de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van 1948,

–  gezien het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten,

–  gezien het Internationaal Verdrag inzake economische, sociale en culturele rechten,

–  gezien het Statuut van Rome inzake het Internationaal Strafhof,

–  gezien de verklaring van 8 februari 2018 van de procureur-generaal van het Internationaal Strafhof, mevrouw Fatou Bensouda,

–  gezien de verklaring over Venezuela van de hoge commissaris voor de mensenrechten van de Verenigde Naties van 31 maart 2017,

–  gezien het verslag van het Bureau van de Hoge Commissaris voor de rechten van de mens van de VN (UNHCR) getiteld "Human Rights Violations in the Bolivarian Republic of Venezuela" van 22 juni 2018,

–  gezien de gezamenlijke verklaring van 28 april 2017 van de speciale VN-rapporteur voor buitengerechtelijke, standrechtelijke of willekeurige executies, de speciale VN-rapporteur voor de vrijheid van vreedzame vergadering en vereniging, de speciale VN-rapporteur voor de situatie van mensenrechtenactivisten, en de VN-werkgroep inzake willekeurige detentie,

–  gezien de verklaring van de leiders van de G7 van 23 mei 2018,

–  gezien de verklaringen van de Groep van Lima van 23 januari 2018, 14 februari 2018, 21 mei 2018, 2 juni 2018 en 15 juni 2018,

–  gezien de verklaring van 20 april 2018 van de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS) over de verslechterende humanitaire situatie in Venezuela,

–  gezien het rapport van het secretariaat-generaal van de OAS en het panel van onafhankelijke internationale deskundigen van 29 mei 2018 over de vermeende misdaden tegen de menselijkheid in Venezuela,

–  gezien het rapport van de Inter-Amerikaanse Commissie voor de rechten van de mens getiteld "Democratic Institutions, the Rule of Law and Human Rights in Venezuela" van 12 februari 2018, evenals haar resolutie van 14 maart 2018,

–  gezien de verklaringen van de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid (VV/HV) van 26 januari, 19 april en 22 mei 2018 over de laatste ontwikkelingen in Venezuela,

–  gezien de conclusies van de Raad van 13 november 2017, 22 januari 2018, 28 mei 2018 en 25 juni 2018,

–  gezien de verklaring van de EU-commissaris voor Humanitaire Hulp en Crisisbeheersing, Christos Stylianides, tijdens zijn werkbezoek aan Colombia in maart 2018,

–  gezien de verklaring van zijn Coördinatiegroep democratieondersteuning en verkiezingen van 23 april 2018,

–  gezien artikel 123, leden 2 en 4, van zijn Reglement,

A.  overwegende dat de situatie van de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat in Venezuela blijft verslechteren; overwegende dat Venezuela te kampen heeft met een ongekende politieke, sociale, economische en humanitaire crisis, gekenmerkt door onzekerheid, geweld, mensenrechtenschendingen, een verslechtering van de rechtsstaat, een gebrek aan geneesmiddelen en sociale diensten, een verlies aan inkomsten en toenemende armoede, met een steeds hoger aantal sterfgevallen en toenemende aantallen vluchtelingen en migranten tot gevolg;

B.  overwegende dat steeds meer mensen in Venezuela, en met name kwetsbare groepen, zoals vrouwen, kinderen en zieken, aan ondervoeding lijden als gevolg van de beperkte beschikbaarheid van kwalitatief hoogwaardige gezondheidszorgdiensten, geneesmiddelen, voedsel en water; overwegende dat 87 % van de Venezolaanse bevolking in armoede leeft, en 61,2 % in extreme armoede; overwegende dat de moedersterfte en kindersterfte met 60 % respectievelijk 30 % zijn toegenomen; overwegende dat malaria in 2017 is toegenomen met 69 % in vergelijking met een jaar eerder, wat de grootste stijging ter wereld is; overwegende dat andere ziekten, zoals tuberculose en mazelen, epidemieën dreigen te worden;

C.  overwegende dat hoewel de internationale gemeenschap heeft aangegeven klaar te staan om hulp te bieden, de Venezolaanse regering het probleem helaas hardnekkig blijft ontkennen en weigert de distributie van internationale humanitaire hulp openlijk te accepteren en te faciliteren;

D.  overwegende dat de economische situatie in het land sterk is verslechterd; overwegende dat de hyperinflatie in Venezuela volgens projecties van het Internationaal Monetair Fonds in 2018 zal oplopen tot 13 000 % (tegen naar schatting 2 400 % in 2017), waardoor de prijzen met gemiddeld bijna 1,5 % per uur zullen stijgen;

E.  overwegende dat er in het VN-mensenrechtenrapport van 22 juni 2018 op wordt gewezen dat de Venezolaanse autoriteiten er niet in slagen de daders van ernstige mensenrechtenschendingen, waaronder moorden, het gebruik van buitensporig geweld tegen demonstranten, willekeurige detentie, mishandeling en foltering, ter verantwoording te roepen; overwegende dat de straffeloosheid ook op grote schaal geldt voor de leden van de veiligheidstroepen die verdacht worden van de standrechtelijke executie van demonstranten;

F.  overwegende dat volgens het verslag dat op 29 mei 2018 is gepresenteerd door het "Panel of Independent International Experts" zoals benoemd door de OAS, ten minste sinds februari 2014 zeven misdaden tegen de menselijkheid in Venezuela zijn gepleegd en de regering zelf verantwoordelijk kan worden gesteld voor de huidige humanitaire crisis in de regio; overwegende dat de procureur-generaal van het Internationaal Strafhof heeft aangekondigd dat een preliminair onderzoek zal worden geopend naar de misdaden die sinds april 2017 in Venezuela bedreven zouden zijn;

G.  overwegende dat bij de verkiezingen van 20 mei 2018 niet is voldaan aan de internationale minimumnormen voor een geloofwaardig verkiezingsproces, politiek pluralisme, democratie, transparantie en de rechtsstaat, hetgeen de oplossing van de politieke crisis verder bemoeilijkt; overwegende dat dit het vinden van een oplossing voor de politieke crisis verder bemoeilijkt; overwegende dat de EU en andere democratische organen noch de verkiezingen zelf, noch de autoriteiten die middels dit onwettige proces aan de macht zijn gekomen, erkennen;

H.  overwegende dat de huidige multidimensionale crisis in Venezuela de grootste verplaatsing van bevolkingsgroepen in de geschiedenis van de regio heeft veroorzaakt; overwegende dat volgens de UNHCR en de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM) het aantal Venezolanen dat het land heeft verlaten dramatisch is toegenomen, van 437 000 in 2005 tot meer dan 1,6 miljoen in 2017; overwegende dat circa 945 000 Venezolanen tussen 2015 en 2017 het land hebben verlaten; overwegende dat het totale aantal mensen dat sinds 2014 het land heeft verlaten in 2018 meer dan 2 miljoen bedraagt; overwegende dat het aantal Venezolaanse staatsburgers dat wereldwijd asiel zoekt sinds 2014 met 2 000 % is gestegen en medio juni 2018 meer dan 280 000 bedroeg;

I.  overwegende dat 520 000 Venezolanen in de regio alternatief legaal verblijf hebben gevonden; overwegende dat meer dan 280 000 Venezolanen ergens ter wereld de vluchtelingenstatus hebben aangevraagd; overwegende dat het aantal verzoeken van Venezolanen om internationale bescherming in de EU tussen 2014 en 2017 met meer dan 3 500 % is toegenomen; overwegende dat geschat wordt dat meer dan 60 % van de Venezolanen zich in een irreguliere situatie bevindt;

J.  overwegende dat volgens het VN-Bureau voor de Coördinatie van Humanitaire Aangelegenheden (UNOCHA) het grootste deel van deze vluchtelingen wordt opgevangen door Colombia, waar meer dan 820 000 Venezolanen wonen; overwegende dat grote stromen vluchtelingen, vaak in dramatische gezondheid en sterk ondervoed, in de aan de grens met Venezuela gelegen plaatsen Cúcuta en Boa Vista aankomen; overwegende dat Peru, Chili, Argentinië, Panama, Brazilië, Ecuador, Mexico, de Dominicaanse Republiek, Costa Rica, Uruguay, Bolivia en Paraguay eveneens met grote aantallen vluchtelingen en migranten te kampen hebben; overwegende dat steeds meer mensen over zee het land verlaten, met name naar eilanden in het Caribisch gebied, zoals Aruba, Curaçao, Bonaire, Trinidad en Tobago en Guyana; overwegende dat ook Europa, en met name Spanje, Portugal en Italië, met steeds meer Venezolaanse vluchtelingen te maken krijgen; overwegende dat het verlenen van bijstand aan nieuwkomers een steeds grotere belasting vormt voor de gastlanden;

K.  overwegende dat de Colombiaanse nationale en lokale autoriteiten zich op prijzenswaardige wijze inzetten om ervoor te zorgen dat de vluchtelingen uit Venezuela fundamentele mensenrechten genieten, zoals toegang tot basisonderwijs en basisgezondheidsdiensten, ongeacht hun status; overwegende dat in Colombia lokale gemeenschappen, religieuze instellingen en gewone mensen allen Venezolaanse migranten verwelkomen in de geest van broederschap en blijk geven van grote veerkracht en solidariteit;

L.  overwegende dat de Commissie op 7 juni 2018 heeft aangekondigd een bedrag van 35,1 miljoen EUR aan nood- en ontwikkelingshulp te zullen vrijmaken om het Venezolaanse volk en de door de crisis getroffen buurlanden te ondersteunen; overwegende dat deze financiële bijdrage een aanvulling vormt op de 37 miljoen EUR die de EU reeds voor humanitaire hulp en samenwerkingsprojecten in het land heeft uitgetrokken; overwegende dat er op 13 juni 2018 een financieringskloof was van 56 % in verband met het aanvullende verzoek van het UNHCR voor 46,1 miljoen USD;

M.  overwegende dat er elke maand meer dan 12 000 Venezolanen de Braziliaanse deelstaat Roraima binnenkomen, waarvan er ongeveer 2 700 in Boa Vista blijven; overwegende dat deze Venezolanen momenteel 7 % van de inwoners van Boa Vista uitmaken en dat er, als dit tempo aanhoudt, tegen het eind van het jaar meer dan 60 000 Venezolanen in de stad zullen wonen; overwegende dat deze demografische instroom een enorme druk met zich meebrengt voor de overheidsdiensten van de stad, met name voor de volksgezondheid en het onderwijs; overwegende dat Roraima met zijn uiterst beperkte arbeidsmarkt en eenvoudige economie een van de armste deelstaten van Brazilië is, wat de integratie van de migranten en vluchtelingen nog meer belemmert;

N.  overwegende dat het Parlement van 25 t/m 30 juni 2018 een ad-hocdelegatie naar de grens van Venezuela met Colombia en Brazilië heeft gestuurd om de gevolgen van de crisis ter plaatse te bestuderen;

1.  maakt zich ernstige zorgen over en is geschokt door de rampzalige humanitaire situatie in Venezuela, resulterend in grote aantallen doden en een ongekende instroom van migranten en vluchtelingen in de buur- en andere landen; spreekt zijn solidariteit uit met alle Venezolanen die gedwongen zijn hun land te verlaten als gevolg van het gebrek aan fundamentele voorzieningen zoals voedsel, drinkwater, gezondheidszorgdiensten en geneesmiddelen;

2.  spoort de Venezolaanse autoriteiten aan te erkennen dat er sprake is van een humanitaire crisis, te voorkomen dat de situatie verder verslechtert, en zich in te zetten voor politieke en economische oplossingen die zorgen voor veiligheid voor alle burgers en voor stabiliteit voor het land en de regio;

3.  roept de Venezolaanse autoriteiten op humanitaire hulp met spoed en ongehinderd tot het land toe te laten, om een verslechtering van de humanitaire en volksgezondheidscrisis te voorkomen, en met name te vermijden dat ziekten als de mazelen, malaria, difterie, en mond- en klauwzeer opnieuw de kop opsteken, en daarbij onbelemmerde toegang te verschaffen aan internationale organisaties die bijstand willen verlenen aan alle getroffen sectoren van de samenleving; dringt er met klem op aan op korte termijn maatregelen te nemen voor het aanpakken van de ondervoeding bij de meest kwetsbare groepen, zoals vrouwen, kinderen en zieken; is uitermate bezorgd over het aanzienlijke aantal niet-begeleide kinderen dat de grenzen oversteekt;

4.  prijst de Colombiaanse regering ervoor dat zij zo snel steun aan alle naar het land komende Venezolanen ter beschikking heeft gesteld; prijst verder Brazilië en de andere landen in de regio, met name Peru, en de regionale en internationale organisaties, particuliere en publieke entiteiten, de katholieke kerk, alsook de burgers van de hele regio voor hun actieve hulp voor en solidariteit met de Venezolaanse vluchtelingen en migranten; verzoekt de lidstaten onmiddellijk actie te ondernemen om Venezolaanse migranten die zich op hun grondgebied bevinden te beschermen, onder meer aan de hand van humanitaire visa, speciale verblijfsregelingen of andere regionale migratiekaders en door de nodige beschermingswaarborgen te bieden; roept de Venezolaanse autoriteiten ertoe op de afgifte en verlenging van identiteitsdocumenten aan de onderdanen van het land, in en buiten Venezuela, te faciliteren en te versnellen;

5.  verzoekt de internationale gemeenschap, waaronder de EU, een gecoördineerde, alomvattende en regionale reactie op de crisis te formuleren, en hun financiële en materiële bijstand aan de begunstigde landen op te voeren door zich aan hun toezeggingen te houden; is ingenomen met de humanitaire hulp die de EU tot nu toe heeft toegekend en dringt aan op snel meer humanitaire ondersteuning, die in het bijzonder ter beschikking moet worden gesteld via noodfondsen, om tegemoet te komen aan de snel groter wordende behoeften van de mensen in de buurlanden die met de gevolgen van de crisis in Venezuela worden geconfronteerd;

6.  herhaalt dat de huidige humanitaire crisis het gevolg is van een politieke crisis; dringt er met klem bij de Venezolaanse autoriteiten op aan onmiddellijk een eind te maken aan alle mensenrechtenschendingen en aan alle aanvallen op burgers, en alle mensenrechten en fundamentele vrijheden, waaronder de vrijheid van meningsuiting, de persvrijheid en de vrijheid van vergadering, volledig te eerbiedigen; dringt er bij de Venezolaanse autoriteiten op aan alle democratische verkozen instellingen, en dan met name de Nationale Vergadering, te respecteren, alle politieke gevangenen vrij te laten, en de democratie, de rechtsstaat en de mensenrechten te eerbiedigen; verzoekt de Europese Dienst voor Extern Optreden (EDEO) al het mogelijke te doen om de internationale bemiddelingspogingen te faciliteren die nodig zijn om ruimte vrij te maken voor een levensvatbare oplossing voor de huidige humanitaire en politieke crisis;

7.  dringt aan op nieuwe presidentsverkiezingen met inachtneming van de internationaal erkende democratische normen en de Venezolaanse grondwet, binnen een transparant, gelijk en eerlijk kader dat ruimte biedt voor internationale waarneming, waarin geen beperkingen worden opgelegd met betrekking tot de deelnemende politieke partijen en kandidaten, en waarin de politieke rechten van alle Venezolanen volledig worden geëerbiedigd; benadrukt dat de wettige regering die na deze verkiezingen zal aantreden de huidige economische en sociale crisis in Venezuela dringend moet aanpakken en zich moet inzetten voor verzoening in het land;

8.  herinnert eraan dat alle mogelijke sancties door de internationale gemeenschap gericht en omkeerbaar moeten zijn, en geen enkele schade mogen berokkenen aan de bevolking van Venezuela; is verheugd over de snelle aanneming van aanvullende, gerichte en omkeerbare sancties en het wapenembargo dat in november 2017 is ingesteld; herhaalt dat deze sancties opgelegd zijn aan hooggeplaatste functionarissen vanwege ernstige schendingen van de mensenrechten, het ondermijnen van de democratie en de rechtsstaat in Venezuela en het houden van onwettige verkiezingen op 20 mei 2018, die niet internationaal erkend werden en die plaatsvonden zonder overeenstemming over de datum en de voorwaarden, in omstandigheden die het onmogelijk maakten dat alle politieke partijen er op voet van gelijkheid aan konden deelnemen; herinnert aan de mogelijkheid om deze uit te breiden tot diegenen die de verantwoordelijkheid dragen voor de toegenomen politieke, maatschappelijke, economische, en humanitaire crisis, in het bijzonder president Nicolás Maduro, in overeenstemming met zijn eerdere resoluties;

9.  herinnert eraan dat zij die verantwoordelijk zijn voor ernstige schendingen van de mensenrechten ter verantwoording moeten worden geroepen; staat volledig achter het preliminaire onderzoek van het Internationaal Strafhof (ICC) naar de talrijke misdaden van en gevallen van repressie door het Venezolaanse regime, en vraagt de EU in dit verband een actieve rol te spelen; steunt volledig de oproep van het "Panel of Independent International Experts" zoals benoemd door de secretaris-generaal van de OAS en de Hoge Commissaris van de VN voor de rechten van de mens tot de instelling van een commissie van onderzoek naar de situatie in Venezuela en tot een grotere rol voor het ICC;

10.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de regering en Nationale Vergadering van de Bolivariaanse Republiek Venezuela, de regering en het parlement van de Republiek Colombia, van de Republiek Brazilië en van de Republiek Peru, de Euro-Latijns-Amerikaanse Parlementaire Vergadering en de secretaris-generaal van de Organisatie van Amerikaanse Staten en de Groep van Lima.

 

 

(1)

PB C 285 van 29.8.2017, blz. 145.

(2)

PB C 294 van 12.8.2016, blz. 21.

(3)

PB C 316 van 30.8.2016, blz. 190.

(4)

Aangenomen teksten, P8_TA(2016)0269.

(5)

Aangenomen teksten, P8_TA(2017)0200.

(6)

Aangenomen teksten, P8_TA(2018)0041.

(7)

Aangenomen teksten, P8_TA(2018)0199.

Laatst bijgewerkt op: 4 juli 2018Juridische mededeling