Procedure : 2018/2840(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : RC-B8-0364/2018

Ingediende teksten :

RC-B8-0364/2018

Debatten :

Stemmingen :

PV 13/09/2018 - 10.1

Aangenomen teksten :

P8_TA(2018)0344

GEZAMENLIJKE ONTWERPRESOLUTIE
PDF 282kWORD 55k
12.9.2018
PE624.073v01-00}
PE624.074v01-00}
PE624.076v01-00}
PE624.077v01-00}
PE624.081v01-00}
PE624.087v01-00} RC1
 
B8-0364/2018}
B8-0365/2018}
B8-0367/2018}
B8-0368/2018}
B8-0372/2018}
B8-0378/2018} RC1

ingediend overeenkomstig artikel 135, lid 5, en artikel 123, lid 4, van het Reglement

ter vervanging van de volgende ontwerpresoluties:

B8‑0364/2018 (ECR)

B8‑0365/2018 (Verts/ALE)

B8‑0367/2018 (S&D)

B8‑0368/2018 (GUE/NGL)

B8‑0372/2018 (PPE)

B8‑0378/2018 (ALDE)


over Oeganda, de arrestatie van oppositieparlementariërs (2018/2840(RSP))


Cristian Dan Preda, Joachim Zeller, Elmar Brok, José Ignacio Salafranca Sánchez‑Neyra, Jaromír Štětina, Laima Liucija Andrikienė, Krzysztof Hetman, Eduard Kukan, Patricija Šulin, Tomáš Zdechovský, Marijana Petir, Tunne Kelam, Elisabetta Gardini, Roberta Metsola, Csaba Sógor, Željana Zovko, Romana Tomc, Ramona Nicole Mănescu, Cristian‑Silviu Buşoi, Giovanni La Via, Pavel Svoboda, Ivan Štefanec, Bogdan Brunon Wenta, József Nagy, Adam Szejnfeld, Stanislav Polčák, Tadeusz Zwiefka, Michaela Šojdrová, Sandra Kalniete, Francis Zammit Dimech, David McAllister, Seán Kelly, Ivana Maletić, Deirdre Clune, Dubravka Šuica, Andrey Kovatchev, Anna Záborská, Milan Zver, László Tőkés, Inese Vaidere namens de PPE-Fractie
Elena Valenciano, Soraya Post, Norbert Neuser namens de S&D-Fractie
Karol Karski, Charles Tannock, Monica Macovei, Branislav Škripek, Ruža Tomašić, Pirkko Ruohonen‑Lerner namens de ECR-Fractie
Marietje Schaake, Petras Auštrevičius, Beatriz Becerra Basterrechea, Izaskun Bilbao Barandica, Dita Charanzová, Gérard Deprez, Martina Dlabajová, Nadja Hirsch, Filiz Hyusmenova, Ivan Jakovčić, Petr Ježek, Ilhan Kyuchyuk, Patricia Lalonde, Valentinas Mazuronis, Louis Michel, Javier Nart, Urmas Paet, Maite Pagazaurtundúa Ruiz, Carolina Punset, Jozo Radoš, Frédérique Ries, Robert Rochefort, Ramon Tremosa i Balcells, Ivo Vajgl, Johannes Cornelis van Baalen, Hilde Vautmans, Cecilia Wikström namens de ALDE-Fractie
Lola Sánchez Caldentey, Merja Kyllönen, Marie‑Christine Vergiat, Patrick Le Hyaric, Kateřina Konečná, Jiří Maštálka, Tania González Peñas, Xabier Benito Ziluaga, Estefanía Torres Martínez, Barbara Spinelli, Miguel Urbán Crespo namens de GUE/NGL-Fractie
Pascal Durand, Maria Heubuch, Bodil Valero namens de Verts/ALE-Fractie
Ignazio Corrao, Piernicola Pedicini, Fabio Massimo Castaldo namens de EFDD-Fractie

Resolutie van het Europees Parlement over Oeganda, de arrestatie van oppositieparlementariërs (2018/2840(RSP))  

Het Europees Parlement,

–  gezien zijn eerdere resoluties over Oeganda,

–  gezien de gezamenlijke plaatselijke verklaring van 17 augustus 2018 van de delegatie van de Europese Unie, de missiehoofden van Oostenrijk, België, Denemarken, Frankrijk, Duitsland, Ierland, Italië, Nederland, Zweden en het Verenigd Koninkrijk en de missiehoofden van Noorwegen en IJsland over de tussentijdse verkiezingen in de gemeente Arua,

–  gezien de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van 10 december 1948, die Oeganda heeft ondertekend,

–  gezien het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten van 1966, dat op 21 juni 1995 door Oeganda is geratificeerd,

–  gezien het Verdrag van de Verenigde Naties tegen foltering en andere wrede, onmenselijke of onterende behandeling of bestraffing van 1984,

–  gezien het Afrikaans Handvest inzake democratie, verkiezingen en bestuur (ACDEG),

–  gezien de verklaring van de Oegandese mensenrechtencommissie over mensenrechtenkwesties die zich in het land voordoen sinds de tussentijdse verkiezingen van 15 augustus 2018 in de gemeente Arua,

–  gezien het verslag over Oeganda van de werkgroep universele periodieke doorlichting van de VN-Mensenrechtenraad,

–  gezien de ACS-EU-partnerschapsovereenkomst ("de Overeenkomst van Cotonou"), met name artikel 8, lid 4, over non-discriminatie,

–  gezien de grondwet van de Republiek Oeganda van 1995, zoals gewijzigd in 2005,

–  gezien artikel 135, lid 5, en artikel 123, lid 4, van zijn Reglement,

A.  overwegende dat de tussentijdse verkiezingen van 15 augustus 2018 in Arua in Noordwest-Oeganda, die resulteerden in de verkiezing van de onafhankelijke oppositiekandidaat Kassiano Wadri, in het teken stonden van geweld;

B.  overwegende dat de president van Oeganda, Yoweri Museveni, en de onafhankelijke premier Robert Kyagulanyi Ssentamu, ook bekend als Bobi Wine, samen met verschillende andere politici, op 13 augustus 2018 in Arua campagne voerden in het kader van zeer beladen tussentijdse verkiezingen, nadat in juni een parlementslid was vermoord;

C.  overwegende dat Bobi Wine, een bekende muzikant, een invloedrijke tegenstander van president Museveni is geworden sinds hij in 2017 een zetel heeft bemachtigd in het Oegandese parlement;

D.  overwegende dat de chauffeur van Bobi Wine, Yasin Kawuma, op 13 augustus 2018 aan het einde van de dag onder onduidelijke omstandigheden werd neergeschoten, en dat aanhangers van Kassiano Wadri de auto van president Museveni met stenen zouden hebben bekogeld toen hij wegreed uit Arua;

E.  overwegende dat de politie twee journalisten van het tv-kanaal NTV Uganda, Herbert Zziwa en Ronald Muwanga, heeft gearresteerd toen zij live verslag uitbrachten vanuit de plaats waar de heer Kawuma werd vermoord;

F.  overwegende dat zowel de heer Wine als de heer Wadri, samen met verschillende anderen, kort hierna werden gearresteerd; overwegende dat de heer Wine werd beschuldigd van het bezit van vuurwapens;

G.  overwegende dat 33 mensen, waaronder de heer Wadri en vier parlementsleden (Robert Kyagulanyi, Francis Zaake, Gerald Karuhanga en Paul Mwiru), de dag na de verkiezingen werden beschuldigd van verraad, en de heer Wine door een militaire rechtbank werd beschuldigd van het bezit van illegale vuurwapens;

H.  overwegende dat de protesten die deze arrestaties veroorzaakten in Arua, Kampala en Mityana met geweld door de Oegandese veiligheidsdiensten de kop in werden gedrukt; overwegende dat naar verluidt gebruik is gemaakt van traangas en scherpe munitie;

.  overwegende dat James Akena, een fotograaf die voor Reuters de politieke protesten #freeBobiWine in Kampala in beeld bracht, op 20 augustus 2018 door soldaten in elkaar werd geslagen en enkele uren werd opgesloten;

J.  overwegende dat de heer Wine en anderen naar verluidt in hechtenis zijn gefolterd; overwegende dat de autoriteiten deze berichten in eerste instantie ontkenden maar vervolgens beloofden er onderzoek naar te doen;

K.  overwegende dat de heer Wine later door een civiele rechtbank werd beschuldigd van verraad, nadat de militaire rechtbank had besloten de aanklacht van illegaal vuurwapenbezit te laten vallen;

L.  overwegende dat de heer Wine vervolgens op borgtocht werd vrijgelaten, en Oeganda heeft verlaten om zich in de VS te laten behandelen;

M.  overwegende dat de Hoge Commissaris van de VN voor de Mensenrechten, Zeid Ra'ad al-Hussein, de Oegandese regering heeft aangespoord tot een grondig, onafhankelijk en onpartijdig onderzoek naar de ernstige beschuldigingen van mensenrechtenschendingen, met inbegrip van buitengerechtelijke executies, buitensporig gebruik van geweld en foltering en andere vormen van mishandeling, en tot een berechting van de verantwoordelijken;

N.  overwegende dat Kizza Besigye, leider van het Forum for Democratic Change (FDC) en viervoudig presidentskandidaat, tussen 2001 en 2017 meerdere malen (voor het laatst op 25 september 2017) door de politie of militairen is opgesloten;

O.  overwegende dat leden van de politieke oppositie in Oeganda regelmatig worden gearresteerd en geïntimideerd;

1.  maakt zich grote zorgen over de arrestatie van oppositieparlementariërs in verband met de tussentijdse verkiezingen in Arua;

2.  benadrukt dat het voor de Oegandese democratie van cruciaal belang is dat de president en regering van Oeganda de onafhankelijkheid van het Oegandese parlement als instelling eerbiedigen, evenals de onafhankelijkheid van het mandaat van de parlementsleden, en dat zij erop toezien dat alle parlementsleden hun gekozen functie vrij kunnen uitoefenen;

3.  verzoekt de Oegandese autoriteiten de ogenschijnlijk valse aanklachten tegen Bobi Wine te laten vallen en te stoppen met de onderdrukking van leden van de politieke oppositie en hun aanhangers;

4.  verzoekt de Oegandese autoriteiten met klem onmiddellijk een doeltreffend, onpartijdig en onafhankelijk onderzoek in te stellen naar de moord op Yasin Kawuma en de meldingen van sterfgevallen en buitensporig gebruik van geweld tijdens de protesten; verwacht dat er spoedig een onafhankelijk onderzoek komt naar de meldingen van foltering en mishandeling van degenen die in Arua werden gearresteerd; onderstreept dat de verantwoordelijken voor de rechter moeten worden gebracht;

5.  herhaalt dat het toegewijd is aan vrijheid van meningsuiting, en wijst andermaal op de belangrijke rol van de media in een democratische samenleving; merkt met bezorgdheid op dat journalisten die verslag uitbrachten over de demonstraties en opstanden samen met de deelnemers in elkaar zijn geslagen, en dat er twee journalisten zijn gearresteerd; verzoekt de Oegandese autoriteiten een klimaat te scheppen waarin journalisten hun werk, namelijk het informeren over politieke ontwikkelingen in het land, zonder belemmering kunnen uitvoeren;

6.  herinnert de Oegandese autoriteiten eraan dat zij verplicht zijn de grondrechten – met inbegrip van de civiele en politieke rechten van burgers, zoals de vrijheid van meningsuiting en vereniging – te waarborgen, beschermen en bevorderen;

7.  herinnert de regering van Oeganda aan haar internationale verplichtingen, met name wat betreft de eerbiediging van de fundamentele vrijheden en de rechtsstaat en de afhandeling van rechtszaken, vooral met betrekking tot het recht op een eerlijk en onpartijdig proces;

8.  spoort wetshandhavingsinstanties ertoe aan de fundamentele vrijheden zonder enige vorm van intimidatie te beschermen en daarbij te voldoen aan artikel 24 van de Oegandese grondwet, waarin wordt bepaald dat niemand mag worden onderworpen aan enige vorm van foltering of wrede, onmenselijke of onterende behandeling of bestraffing;

9.  verzoekt de Oegandese veiligheidsdiensten met terughoudendheid op te treden tijdens demonstraties, niet met scherp te schieten, rechtmatig te handelen, de mensenrechtenwetgeving volledig in acht te nemen en journalisten toe te staan hun werkzaamheden op het gebied van informatievoorziening vrijelijk uit te oefenen;

10.  roept demonstranten er tegelijkertijd toe op zich aan de wet te houden en hun rechten en vrijheden op een gezagsgetrouwe manier uit te oefenen;

11.  dringt er bij de EU op aan gebruik te maken van de politieke hefboom die geboden wordt door de ontwikkelingshulpprogramma's, en dan met name de programma's voor begrotingsondersteuning, om de mensenrechten in Oeganda te verdedigen en te bevorderen;

12.  looft het werk van de Oegandese mensenrechtencommissie na de arrestaties, moorden en gevallen van foltering die volgden op de tussentijdse verkiezingen in Arua, waarbij zij niet alleen zorgde voor verslaglegging, maar ook bezoeken bracht aan detentiecentra, onderzoek deed naar de verblijfplaats van vermiste personen en tussenbeide kwam om de rechten van gevangenen, onder meer op medische zorg en familiebezoeken, te waarborgen;

13.  verzoekt de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid de situatie in Oeganda nauwlettend te volgen; benadrukt dat het Europees Parlement op de hoogte moet worden gesteld van verdere aanwijzingen dat de oppositieleden van het Oegandese parlement worden belemmerd in het uitoefenen van hun werk als wetgevers;

14.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de president van de Republiek van Oeganda, de voorzitter van het Oegandese parlement en de Afrikaanse Unie en haar instellingen.

 

 

Laatst bijgewerkt op: 12 september 2018Juridische mededeling