Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2015/2566(RSO)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B8-0169/2015

Ingediende teksten :

B8-0169/2015

Debatten :

Stemmingen :

Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2015)0039

Aangenomen teksten
PDF 124kWORD 185k
Donderdag 12 februari 2015 - Straatsburg Definitieve uitgave
Instelling van een bijzondere commissie fiscale rulings en andere maatregelen van vergelijkbare aard of met vergelijkbaar effect
P8_TA(2015)0039B8-0169/2015

Besluit van het Europees Parlement van 12 februari 2015 over de instelling, de bevoegdheden, het aantal leden en de duur van het mandaat van de Bijzondere Commissie fiscale rulings en andere maatregelen van vergelijkbare aard of met vergelijkbaar effect (2015/2566(RSO))

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Conferentie van voorzitters,

–  gezien het besluit van de Europese Commissie om de praktijk inzake fiscale rulings in alle lidstaten te toetsen aan de EU-regels inzake staatssteun,

–  gezien de verplichting van alle lidstaten krachtens de belastingregels van de EU om spontaan inlichtingen over belastingen met andere lidstaten uit te wisselen, met name als in een andere lidstaat een derving van belasting bestaat of als er belastingbesparing ontstaat door een kunstmatige verschuiving van winsten binnen een groep van ondernemingen,

–  gezien artikel 197 van zijn Reglement,

1.  besluit tot instelling van een Bijzondere Commissie fiscale rulings en andere maatregelen van vergelijkbare aard of met vergelijkbaar effect, die moet onderzoeken hoe de staatssteun- en belastingwetgeving van de EU in de praktijk wordt toegepast met betrekking tot fiscale rulings en andere maatregelen van de lidstaten van vergelijkbare aard of met vergelijkbaar effect, als het kennelijk om een praktijk van een lidstaat of de Commissie gaat;

2.  besluit dat de bijzondere commissie de volgende bevoegdheden krijgt:

   a) analyseren en onderzoeken hoe artikel 107, lid 1, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) sinds 1 januari 1991 in de praktijk is toegepast met betrekking tot fiscale rulings en andere maatregelen van vergelijkbare aard of met vergelijkbaar effect;
   b) analyseren en beoordelen hoe de Commissie in de praktijk overeenkomstig artikel 108 VWEU de in de lidstaten bestaande steunregelingen aan een voortdurend onderzoek onderwerpt, de lidstaten de dienstige maatregelen voorstelt welke de geleidelijke ontwikkeling of de werking van de interne markt vereist, controleert of een door een staat genomen of met staatsmiddelen bekostigde steunmaatregel verenigbaar is met de interne markt en of van deze steunmaatregel geen misbruik wordt gemaakt, besluit dat de betrokken staat die steunmaatregel binnen een bepaalde termijn moet opheffen of wijzigen, en, indien deze staat dat besluit niet nakomt, de zaak aanhangig maakt bij het Hof van Justitie van de Europese Unie, aangezien deze praktijk vermoedelijk heeft geresulteerd in een groot aantal fiscale rulings die onverenigbaar zijn met de staatssteunregels van de EU;
   c) analyseren en onderzoeken of de lidstaten sinds 1 januari 1991 voldoen aan de verplichtingen van Verordening (EG) nr. 659/1999 van de Raad van 22 maart 1999 tot vaststelling van nadere bepalingen voor de toepassing van artikel 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie(1), wat betreft de verplichting om samen te werken en alle noodzakelijke stukken te verstrekken;
   d) analyseren en onderzoeken of er wordt voldaan aan de verplichtingen van Richtlijn 77/799/EEG van de Raad van 19 december 1977 betreffende de wederzijdse bijstand van de bevoegde autoriteiten van de lidstaten op het gebied van de directe belastingen en heffingen op verzekeringspremies(2) en Richtlijn 2011/16/EU van de Raad van 15 februari 2011 betreffende de administratieve samenwerking op het gebied van de belastingen en tot intrekking van Richtlijn 77/799/EEG(3), wat betreft de spontane uitwisseling door de lidstaten, sinds 1 januari 1991, van inlichtingen over fiscale rulings;
   e) analyseren en beoordelen of de Commissie in de praktijk de Richtlijnen 77/799/EEG en 2011/16/EU correct toepast wat betreft de spontane uitwisseling door de lidstaten van inlichtingen over fiscale rulings;
   f) analyseren en onderzoeken of de lidstaten voldoen aan de in artikel 4, lid 3, van het Verdrag betreffende de Europese Unie vastgelegde beginselen van loyale samenwerking, zoals de vervulling van de taak van de Unie vergemakkelijken en zich onthouden van alle maatregelen die de verwezenlijking van de doelstellingen van de Unie in gevaar kunnen brengen, aangezien lidstaten vermoedelijk op grote schaal agressieve fiscale planning hebben gefaciliteerd en aangezien dit waarschijnlijk aanzienlijke gevolgen heeft gehad voor de overheidsfinanciën van en in de EU;
   g) de derdelanddimensie van agressieve fiscale planning door ondernemingen die in de lidstaten gevestigd zijn of als vennootschap erkend zijn, alsook de uitwisseling van inlichtingen met derde landen hierover, analyseren en onderzoeken;
   h) ter zake aanbevelingen doen als zij dit nuttig acht;

3.  besluit dat de bijzondere commissie 45 leden zal tellen;

4.  besluit dat de ambtstermijn van de bijzondere commissie ingaat op de datum waarop dit besluit wordt vastgesteld en zes maanden zal duren;

5.  acht het passend dat de bijzondere commissie een verslag indient dat door twee co-rapporteurs wordt opgesteld.

(1) PB L 83 van 27.3.1999, blz. 1.
(2) PB L 336 van 27.12.1977, blz. 15.
(3) PB L 64 van 11.3.2011, blz. 1.

Juridische mededeling