Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2014/2126(DEC)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0085/2015

Ingediende teksten :

A8-0085/2015

Debatten :

PV 28/04/2015 - 16
CRE 28/04/2015 - 16

Stemmingen :

PV 29/04/2015 - 10.28
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2015)0137

Aangenomen teksten
PDF 177kWORD 78k
Woensdag 29 april 2015 - Straatsburg Definitieve uitgave
Kwijting 2013: Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken (EASO)
P8_TA(2015)0137A8-0085/2015
Besluit
 Besluit
 Resolutie

1.Besluit van het Europees Parlement van 29 april 2015 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken voor het begrotingsjaar 2013 (2014/2126(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken voor het begrotingsjaar 2013,

–  gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken voor het begrotingsjaar 2013 tezamen met de antwoorden van het Bureau(1),

–  gezien de verklaring van de Rekenkamer(2) voor het begrotingsjaar 2013 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van 17 februari 2015 betreffende de aan het Bureau te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2013 (05304/2015 – C8-0054/2015),

–  gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad van 25 juni 2002 houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen(3),

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(4), en met name artikel 208,

–  gezien Verordening (EU) nr. 439/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 19 mei 2010 tot oprichting van een Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken(5), en met name artikel 35,

–  gezien Verordening (EG, Euratom) nr. 2343/2002 van de Commissie van 19 november 2002 houdende de financiële kaderregeling van de organen zoals bedoeld in artikel 185 van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen(6),

–  gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(7), en met name artikel 108,

–  gezien artikel 94 en bijlage V van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken (A8-0085/2015),

1.  verleent de uitvoerend directeur van het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Bureau voor het begrotingsjaar 2013;

2.  formuleert zijn opmerkingen in onderstaande resolutie;

3.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (serie L).

(1) PB C 442 van 10.12.2014, blz. 102.
(2) PB C 442 van 10.12.2014, blz. 102.
(3) PB L 248 van 16.9.2002, blz. 1.
(4) PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.
(5) PB L 132 van 29.5.2010, blz. 11.
(6) PB L 357 van 31.12.2002, blz. 72.
(7) PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.


2.Besluit van het Europees Parlement 29 april 2015 over de afsluiting van de rekeningen van het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken voor het begrotingsjaar 2013 (2014/2126(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken voor het begrotingsjaar 2013,

–  gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken voor het begrotingsjaar 2013 tezamen met de antwoorden van het Bureau(1),

–  gezien de verklaring van de Rekenkamer(2) voor het begrotingsjaar 2013 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van 17 februari 2015 betreffende de aan het Bureau te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2013 (05304/2015 – C8-0054/2015),

–  gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad van 25 juni 2002 houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen(3),

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(4), en met name artikel 208,

–  gezien Verordening (EU) nr. 439/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 19 mei 2010 tot oprichting van een Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken(5), en met name artikel 35,

–  gezien Verordening (EG, Euratom) nr. 2343/2002 van de Commissie van 19 november 2002 houdende de financiële kaderregeling van de organen zoals bedoeld in artikel 185 van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen(6),

–  gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(7), en met name artikel 108,

–  gezien artikel 94 en bijlage V van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken (A8-0085/2015),

1.  stelt vast dat de definitieve jaarrekening van het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken overeenkomt met de weergave in de bijlage bij het verslag van de Rekenkamer;

2.  hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken voor het begrotingsjaar 2013;

3.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (serie L).

(1) PB C 442 van 10.12.2014, blz. 102.
(2) PB C 442 van 10.12.2014, blz. 102.
(3) PB L 248 van 16.9.2002, blz. 1.
(4) PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.
(5) PB L 132 van 29.5.2010, blz. 11.
(6) PB L 357 van 31.12.2002, blz. 72.
(7) PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.


3.Resolutie van het Europees Parlement 29 april 2015 met de opmerkingen die een integrerend deel uitmaken van het besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken voor het begrotingsjaar 2013 (2014/2126(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken voor het begrotingsjaar 2013,

–  gezien artikel 94 en bijlage V van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken (A8-0085/2015),

A.  overwegende dat volgens de jaarrekening de begroting van het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken (hierna: "het Bureau") voor het begrotingsjaar 2013 10 500 000 EUR bedroeg; overwegende dat de begroting van het Bureau volledig wordt gefinancierd met middelen van de begroting van de Unie;

B.  overwegende dat de Rekenkamer in haar verslag over de jaarrekening van het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken voor het begrotingsjaar 2013 (hierna "het verslag van de Rekenkamer") verklaard heeft redelijke zekerheid te hebben gekregen dat de jaarrekening van het Bureau betrouwbaar is en de onderliggende verrichtingen wettig en regelmatig zijn;

Follow-up van de kwijting voor 2012

1.  maakt uit het verslag van de Rekenkamer op dat de Rekenkamer met betrekking tot de 12 in het kwijtingsverslag 2012 geformuleerde opmerkingen er twee als "voltooid", een als "in uitvoering", acht als "niet van toepassing" en een als "nog uit te voeren" heeft aangemerkt;

2.  onderkent dat het Bureau een materiële inventarisatie heeft uitgevoerd die aan het eind van 2013 is afgerond;

3.  onderkent dat het Bureau informatie over impact van zijn activiteiten op de burgers van de Unie beschikbaar heeft gesteld op de website via de jaarlijkse publicatie van documenten, waaronder persberichten, maandelijkse nieuwsbrieven en de directe respons op verzoeken van burgers van de Unie;

Opmerkingen over de betrouwbaarheid van de rekeningen

4.  merkt met bezorgdheid op dat de grondslag voor een voorziening ten belope van 40 400 EUR in verband met vergoedingen en toelagen voor personeelsleden die in 2013 in dienst traden, tijdens de controle niet beschikbaar werd gesteld; verneemt van het Bureau dat de voorziening een schatting was in afwachting van de bevestiging van alle rechten die het personeel moest ontvangen;

Opmerkingen over de wettigheid en regelmatigheid van de verrichtingen

5.  merkt op dat het boekhoudsysteem van het Bureau daadwerkelijk door de rekenplichtige is gevalideerd;

Begrotings- en financieel beheer

6.  merkt op dat inspanningen op het gebied van begrotingstoezicht gedurende het begrotingsjaar 2013 hebben geresulteerd in een uitvoeringspercentage van de begroting van 87,34 % en dat het uitvoeringspercentage van de betalingskredieten 87,18 % bedroeg; onderstreept dat het Ondersteuningsbureau de uitvoeringsgraad van zijn betalingskredieten aanmerkelijk heeft verbeterd ten opzichte van het voorgaande jaar;

Vastleggingen en overdrachten

7.  merkt met bezorgdheid op in het verslag van de Rekenkamer dat de budgettaire behoeften met 13 % zijn overschat en dat de overgedragen vastgelegde kredieten 24 % van de totale vastgelegde kredieten bedroegen, waarvan 13 % niet was gedekt door een juridische verplichting;

8.  merkt op dat de overdrachten van de vastgelegde kredieten vooral betrekking hebben op begrotingslijnen van titel II en titel III en meestal zijn bedoeld voor facturen die aan het einde van het jaar nog niet betaald of ontvangen zijn of waar de betreffende diensten niet zijn geleverd;

9.  neemt nota van de maatregelen die het Bureau heeft genomen om het niveau van de overgedragen vastleggingskredieten te verminderen en te waarborgen, zoals de maandelijkse rapportages over de uitvoering van de begroting, jaarlijkse tussentijdse herziening van de begroting en de goedkeuring van zijn nieuwe financiële regelgeving;

10.  merkt op dat er nog steeds behoorlijke verbeteringen mogelijk zijn in de budgettaire planning, hoewel er belangrijke verbeteringen zijn gerealiseerd ten opzichte van het begrotingsjaar 2012, waarin het Bureau financieel onafhankelijk werd; vraagt het Bureau zijn financiële planning in de toekomst verder te verbeteren;

Aanbestedings- en aanwervingsprocedures

11.  constateert met bezorgdheid dat de aanwervingsprocedures niet transparant zijn; onderschrijft de opmerking van de Rekenkamer dat het opstellen van de vragen voor sollicitatiegesprekken en schriftelijke proeven na het onderzoek van de sollicitaties het risico verhoogt dat de vragen worden beïnvloed door individuele sollicitaties; merkt voorts op dat er in een aanwervingsprocedure een verschil is geconstateerd tussen een criterium dat was aangegeven in de kennisgeving van de vacature en het overeenkomstige selectiecriterium; roept het Bureau op om de kwijtingsautoriteit op de hoogte te stellen van de maatregelen die genomen zijn om soortgelijke situaties in de toekomst te voorkomen;

Preventie en beheer van belangenconflicten en transparantie

12.  onderkent dat het Bureau voldoet aan de opmerkingen van de Rekenkamer en de verklaring inzake belangenconflicten voor de selectiecommissies heeft gewijzigd en een professionele relatie als een potentieel belangenconflict heeft opgenomen;

13.  verneemt van het Bureau dat in 2013 een beleidsverklaring inzake preventie en beheer van belangenconflicten is ondertekend en dat zijn raad van bestuur in 2013 deze heeft bekrachtigd; merkt bovendien op dat de leden van de raad van bestuur en de uitvoerend directeur belangenconflictverklaringen hebben ondertekend in overeenstemming met dat nieuwe beleid; verzoekt het Bureau om zowel zijn beleid inzake belangenconflicten als de belangenconflictverklaringen van de leden van de raad van bestuur en de uitvoerend directeur publiekelijk beschikbaar te maken;

Interne-controlemaatregelen

14.  constateert met bezorgdheid dat 18 % van de totale betalingen werden gedaan na het verstrijken van de termijnen die in het financieel reglement van het Bureau zijn bepaald; verneemt van het Bureau dat het aantal late betalingen weliswaar medio 2013 was gedaald maar in het laatste kwartaal van 2013 weer vaker voorkwamen, als gevolg van een aanzienlijke toename van de werklast aan het einde van het jaar; is verheugd over de nieuwe procedures die zijn ingevoerd door het Bureau om het aantal late betalingen te verlagen; vraagt het Bureau dit knelpunt zo spoedig mogelijk te verhelpen en de kwijtingsautoriteit te informeren over de resultaten van de genomen maatregelen;

15.  verneemt van het Bureau dat de dienst Interne audit (IAS) van de Commissie in 2013 een beperkte evaluatie heeft uitgevoerd van de uitvoering van 16 internecontrolenormen (ICN) die de raad van bestuur heeft vastgesteld; merkt op dat op basis van de resultaten van die evaluatie en gezien de huidige status van de interne controle van de operationele activiteiten en administratieve ondersteunende functies van het Bureau, de IAS 18 adviezen heeft uitgebracht, waarvan 6 aangemerkt als "zeer belangrijk" en 12 als "belangrijk";

16.  neemt er kennis van dat het Bureau zelf een evaluatie heeft uitgevoerd van de stand van uitvoering van de ICN in maart 2013, waarmee het blijk heeft gegeven van zijn vaste wil om een geldig interne controle-omgeving te doorgronden en in te voeren;

17.  maakt op uit het verslag van de Rekenkamer dat 6 van de 16 ICN niet volledig zijn geïmplementeerd; erkent dat de implementatie ervan is en verzoekt het Bureau de kwijtingsautoriteit verslag uit te brengen over de resultaten ervan;

o
o   o

18.  verwijst voor andere, horizontale opmerkingen bij zijn kwijtingsbesluit naar zijn resolutie van 29 april 2015(1) over de prestaties en het financiële beheer van en de controle op de agentschappen.

(1) Aangenomen teksten van die datum, P8_TA(2015)0130.

Juridische mededeling - Privacybeleid