Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2015/2711(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Kies een document :

Ingediende teksten :

RC-B8-0469/2015

Debatten :

PV 21/05/2015 - 5.2
CRE 21/05/2015 - 5.2

Stemmingen :

PV 21/05/2015 - 7.2

Aangenomen teksten :

P8_TA(2015)0211

Aangenomen teksten
PDF 168kWORD 70k
Donderdag 21 mei 2015 - Straatsburg Definitieve uitgave
De benarde positie van de Rohingya-vluchtelingen, alsmede de massagraven in Thailand
P8_TA(2015)0211RC-B8-0469/2015

Resolutie van het Europees Parlement van 21 mei 2015 over het lot van Rohingya-vluchtelingen, met inbegrip van massagraven in Thailand (2015/2711(RSP))

Het Europees Parlement,

–  gezien zijn eerdere resoluties over Myanmar/Birma en de Rohingya's, in het bijzonder die van 20 april 2012(1), 13 september 2012(2), 22 november 2012(3) en 13 juni 2013(4) , en zijn resolutie van 23 mei 2013 over hernieuwde toegang van Myanmar/Birma tot het stelsel van algemene tariefpreferenties(5),

–  gezien zijn resolutie van 5 februari 2009 over de situatie van Birmaanse vluchtelingen in Thailand(6),

–  gezien de verklaring van het VN-Bureau voor vluchtelingen (UNHCR) van 6 mei 2015 betreffende massagraven van Rohingya's in Thailand,

–  gezien de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van 10 december 1948,

–  gezien het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (ICCPR) van 1966,

–  gezien het VN-verdrag van 1951 betreffende de status van vluchtelingen en het aanvullende protocol hierbij van 1967,

–  gezien de mensenrechtenverklaring van de Associatie van Zuidoost-Aziatische staten (ASEAN), met name paragraaf 13, 15, 16 en 18,

–  gezien de oproep van UNHCR van 15 mei 2015 aan regionale overheden om opsporings- en reddingsoperaties uit te voeren, waarin het waarschuwt voor "een mogelijke humanitaire ramp",

–  gezien artikel 135, lid 5, en artikel 123, lid 4, van zijn Reglement,

A.  overwegende dat in een escalerende regionale crisis volgens schattingen duizenden Rohingya's en andere vluchtelingen zich nog steeds op boten in de Andamanse Zee en de Straat van Malakka bevinden, dat sommigen van hen door mensenhandelaars zijn achtergelaten met weinig voedsel en water, en dat zij opnieuw de zee op worden geduwd wanneer hun boten de territoriale wateren binnenvaren;

B.  overwegende dat op 1 en 4 mei 2015 de militaire politie de lichamen van ten minste 30 etnische Rohingya-moslims heeft gevonden in een verdacht mensenhandelkamp in de regio Sadao, gelegen in de provincie Songkhla, dicht bij de grens tussen Thailand en Maleisië; overwegende dat een paar dagen later een ander kamp met ten minste vijf andere graven is gevonden;

C.  overwegende dat Rohingya's nog altijd worden vervolgd en gediscrimineerd, en dat hun nog altijd op arbitraire wijze het staatsburgerschap wordt ontnomen in Myanmar/Birma, waardoor zij statenloos worden; overwegende dat de Birmese regering op 1 april 2015 hun tijdelijke identiteitskaarten heeft ingetrokken waardoor zij hun stemrecht hebben verloren; overwegende dat misdrijven of wreedheden tegen hen nog altijd in de regel onbestraft blijven;

D.  overwegende dat Rohingya's Myanmar/Birma in groten getale hebben verlaten sinds de gewelduitbraak in 2012, die heeft geleid tot de verwoesting van buurten en tot honderden sterfgevallen; overwegende dat velen van hen die wisten te ontsnappen, in de handen zijn gevallen van smokkelbendes die actief zijn in de Golf van Bengalen;

E.  overwegende dat volgens het periodieke UNHCR-verslag van 8 mei 2015 ongeveer 25 000 Rohingya's en Bengalezen tussen januari en maart 2015 aan boord van smokkelboten zijn gegaan; overwegende dat dit bijna het dubbele is van het aantal personen die dit hebben gedaan in dezelfde periode in 2014;

F.  overwegende dat enkele duizenden Rohingya's over zee zijn gevlucht om aan vervolging te ontkomen, en overwegende dat honderden van hen om het leven zijn gekomen door zinkende boten of doordat zij weer de zee opgejaagd werden;

G.  overwegende dat sinds het optreden mensenhandelaars zeeroutes zijn gaan gebruiken; overwegende dat mensenhandelaars migranten steeds vaker op zee achterlaten;

H.  overwegende dat duizenden Rohingya's en andere migranten nog altijd via Thailand en uit andere landen in de regio worden gesmokkeld door mensenhandelaars, waaronder in bepaalde gevallen corrupte plaatselijke Thaise autoriteiten, en onder onmenselijke omstandigheden worden gevangengehouden in junglekampen in Zuid-Thailand, waar zij worden gefolterd, uitgehongerd en doodgeslagen voor losgeld van hun gezinnen en familieleden, of worden verkocht als slaven;

I.  overwegende dat UNHCR heeft opgeroepen tot gezamenlijke actie na de ontdekking van de massagraven van Rohingya's in Thailand, en landen in de regio heeft aangespoord hun samenwerking op te voeren bij het nemen van maatregelen ter bestrijding van mensensmokkel en ‑handel, en te zorgen voor bescherming van slachtoffers;

J.  overwegende dat het Rohingya-vraagstuk niet is besproken tijdens de kort gelden gehouden 26e ASEAN-top (26‑28 april 2015) in Maleisië;

K.  overwegende dat van 2010 tot 2015 het directoraat-generaal Humanitaire Hulp en Civiele Bescherming (ECHO) van de Commissie ongeveer 57,3 miljoen EUR aan humanitaire hulp heeft verstrekt aan kwetsbare personen in de deelstaat Rakhine; overwegende dat ECHO in 2015 projecten in de deelstaat Rakhine financiert om in te spelen op enkele van de meest urgente behoeften van de Rohingya's in de noordelijke gemeenten, waaronder voedsel en voeding, basisgezondheidsdiensten en andere huishoudelijke basisartikelen, en om de sinds 2012 verplaatste bevolking te ondersteunen;

L.  overwegende dat ECHO sinds 2013 325 000 EUR heeft toegewezen aan de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM), voor de verstrekking van voedsel, huishoudelijke basisartikelen, gezondheidszorg en bescherming aan ongeveer 3 000 Rohingya's (mannen, vrouwen en kinderen) die worden vastgehouden in Thailand;

1.  spreekt zijn diepste bezorgdheid uit over het lot van de Rohingya-vluchtelingen en de humanitaire crisis die zich momenteel afspeelt op volle zee en in de territoriale wateren tussen Myanmar/Birma, Bangladesh, Thailand en Indonesië, en is geschokt over de bevindingen na de recente opgraving van tientallen lichamen uit massagraven in de buurt van mensenhandelkampen in Zuid-Thailand; betuigt zijn deelneming aan de nabestaanden van de slachtoffers;

2.  roept de Thaise autoriteiten op tot het instellen van een onmiddellijk, volledig en geloofwaardig strafrechtelijk onderzoek naar de massagraven van Rohingya-moslims, indien nodig met ondersteuning van de VN, om ervoor te zorgen dat degenen die hiervoor verantwoordelijk zijn worden berecht;

3.  is verheugd over het feit dat de Thaise regering het probleem van de mensenhandel in Thailand en de rest van de regio heeft erkend, evenals de medeplichtigheid van bepaalde corrupte autoriteiten bij de mensensmokkel; roept de Thaise regering en zijn functionarissen op om een einde te maken aan elke vorm van medewerking met de criminele bendes die verantwoordelijk zijn voor de smokkel van Rohingya's en andere migranten in Thailand;

4.  roept alle landen in de regio op om hun samenwerking op te voeren bij het nemen van maatregelen ter bestrijding van mensensmokkel en ‑handel, en te zorgen voor bescherming van slachtoffers; onderstreept de belangrijke rol die de ASEAN op dit gebied kan spelen; moedigt de regeringen van de landen in de regio aan om deel te nemen aan de komende regionale bijeenkomst over de situatie van migranten, op uitnodiging van Thailand, op 29 mei 2015 in Bangkok; is verheugd over het feit dat wordt gewerkt aan een ASEAN-verdrag ter bestrijding van mensenhandel, in het bijzonder vrouwenhandel en kinderhandel (ACTIP), dat door de ASEAN-leiders in de loop van 2015 zou moeten worden goedgekeurd;

5.  roept alle landen in de regio ertoe op het VN-verdrag betreffende de status van vluchtelingen te ondertekenen en te ratificeren en Rohingya-asielzoekers ten minste tijdelijke bescherming te bieden, en tegelijkertijd de Birmese regering te ondersteunen bij het vinden van duurzame, rechtvaardige oplossingen voor de onderliggende problemen;

6.  roept de regering van Myanmar/Birma er verder toe op zijn beleid te wijzigen en alle noodzakelijke maatregelen te treffen om een einde te maken aan de vervolging en discriminatie van de Rohingya-minderheid; herhaalt zijn eerdere oproepen om de wet op het staatsburgerschap van 1982 te wijzigen of in te trekken, om ervoor te zorgen dat de Rohingya's gelijke toegang hebben tot het staatsburgerschap van Myanmar/Birma;

7.  is verheugd over de langverwachte verklaring van 18 mei 2015 van de woordvoerder van de oppositiepartij van Aung San Suu Kyi, de Nationale Liga voor Democratie, volgens welke de regering van Myanmar/Birma het staatsburgerschap aan de Rohingya-minderheid moet verlenen;

8.  spoort de leiders van Indonesië, Maleisië en Thailand aan om het redden van de levens van de migranten en vluchtelingen die vastzitten op schepen in de Golf van Bengalen en de Andamanse Zee tot een topprioriteit te maken, en is verheugd over de verklaring van Maleisië en Indonesië van 20 mei 2015 volgens welke zij tijdelijk asiel zullen verlenen aan op zee onderschepte migranten;

9.  is verheugd over steun van de Europese Unie en internationale organisaties zoals UNHCR aan de Rohingya's in Myanmar/Birma en Thailand, en de humanitaire steun van de EU aan binnenlands ontheemden in de deelstaat Arakan/Rakhine, aan Rohingya's zonder documenten en kwetsbare gastgemeenschappen in Bangladesh en aan Rohingya- en Bengaalse migranten die momenteel vastzitten in detentiecentra voor immigranten (mannen) en socialezekerheidscentra (vrouwen en kinderen) in Thailand;

10.  verzoekt de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid deze kwestie op het hoogst mogelijke politieke niveau aan te kaarten bij haar ontmoetingen met vertegenwoordigers van Thailand en Myanmar/Birma en andere ASEAN-landen;

11.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de regeringen en de parlementen van de lidstaten, de regering en het parlement van Myanmar/Birma, de regering en het parlement van Thailand, de secretaris-generaal van de Associatie van Zuidoost-Aziatische staten (ASEAN), de intergouvernementele commissie voor de mensenrechten van de ASEAN, de speciale vertegenwoordiger van de VN voor de mensenrechten in Myanmar/Birma, de Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen van de VN, de VN-Raad voor de mensenrechten en de regeringen en parlementen van andere landen in de regio.

(1) PB C 258 E van 7.9.2013, blz. 79.
(2) PB C 353 E van 3.12.2013, blz. 145.
(3) Aangenomen teksten, P7_TA(2012)0464.
(4) Aangenomen teksten, P7_TA(2013)0286.
(5) Aangenomen teksten, P7_TA(2013)0228.
(6) PB C 67 E van 18.3.2010, blz. 144.

Juridische mededeling