Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2013/0451(NLE)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0176/2015

Ingediende teksten :

A8-0176/2015

Debatten :

PV 09/07/2015 - 9
CRE 09/07/2015 - 9

Stemmingen :

PV 09/07/2015 - 12.2
CRE 09/07/2015 - 12.2
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2015)0267

Aangenomen teksten
PDF 233kWORD 185k
Donderdag 9 juli 2015 - Straatsburg Definitieve uitgave
Maximaal toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting ten gevolge van een nucleair ongeval ***I
P8_TA(2015)0267A8-0176/2015
Resolutie
 Geconsolideerde tekst

Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 9 juli 2015 over het voorstel voor een verordening van de Raad tot vaststelling van maximaal toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting van levensmiddelen en diervoeders ten gevolge van een nucleair ongeval of ander stralingsgevaar (COM(2013)0943 – C7-0045/2014 – 2013/0451(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan de Raad (COM(2013)0943),

–  gezien de artikelen 31 en 32 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, op grond waarvan het Parlement door de Raad is geraadpleegd (C7‑0045/2014),

–  gezien het advies van de Commissie juridische zaken inzake de voorgestelde rechtsgrond,

–  gezien artikel 294, lid 3, artikel 168, lid 4, onder b) en artikel 114 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité van 25 maart 2014(1),

–  gezien de artikelen 59 en 39 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid (A8-0176/2015),

1.  stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;

2.  verzoekt de Commissie haar voorstel krachtens artikel 293, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie dienovereenkomstig te wijzigen;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie.

(1)PB C 226 van 16.7.2014, blz. 68.


Standpunt van het Europees Parlement in eerste lezing vastgesteld op 9 juli 2015 met het oog op de vaststelling van Verordening (EU) 2015/… van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van maximaal toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting van levensmiddelen en diervoeders ten gevolge van een nucleair ongeval of ander stralingsgevaar [Am. 1. Dit amendement is van toepassing op de gehele tekst]
P8_TC1-COD(2013)0451

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie betreffende de werking van de Europese Unie, en met name op de artikelen 31 en 32 artikel 168, lid 4, onder b), en artikel 114, [Am. 2]

Gezien het voorstel van de Europese Commissie, opgesteld na advies van een groep personen, aangewezen door het Wetenschappelijk en Technisch Comité uit wetenschappelijke deskundigen van de lidstaten(1),

Gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité(2),

Gezien het advies van het Europees Parlement (3) Handelend volgens de gewone wetgevingsprocedure(4), [Am. 3]

Overwegende hetgeen volgt:

(1)  Bij Richtlijn 96/29 2013/59/Euratom van de Raad(5) zijn basisnormen vastgesteld voor de bescherming van de gezondheid der bevolking en der werkers tegen de gevaren die zijn verbonden aan de blootstelling aan ioniserende straling verbonden gevaren. [Am. 4]

(1 bis)  Volgens artikel 168 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) moet bij de bepaling en de uitvoering van elk beleid en elk optreden van de Unie een hoog niveau van bescherming van de menselijke gezondheid worden verzekerd. [Am. 5]

(2)  Bij het ongeval van de kerncentrale van Tsjernobyl op 26 april 1986 zijn aanzienlijke hoeveelheden radioactief materiaal vrijgekomen in de lucht, waardoor levensmiddelen en diervoeders in verscheidene Europese landen werden besmet tot uit gezondheidsoogpunt significante niveaus die uit gezondheidsoogpunt significant waren. Er werden toen, met levensbedreigende ziekten en gezondheidsaandoeningen als gevolg. Ook nu nog is er sprake van een hoog niveau van radioactieve besmetting. Aangezien het radioactieve materiaal terecht is gekomen in de lucht, het water, de bodem en planten, zijn er maatregelen vastgesteld om ervoor te zorgen dat bepaalde landbouwproducten slechts in de Unie mochten alleen mogen worden binnengebracht met inachtneming van gemeenschappelijke regels ter bescherming van de volksgezondheid, waarbij de eenheid van de markt niet in het gedrang wordt gebracht en verlegging van het handelsverkeer wordt voorkomen. [Am. 6]

(2 bis)  De lidstaten zijn verantwoordelijk voor het toezicht op de naleving van de in de verordening vastgelegde niveaus, met name door de veiligheidsnormen voor levensmiddelen en diervoeders te bewaken. Artikel 168, lid 4, onder b), VWEU omvat de vaststelling van gemeenschappelijke maatregelen op veterinair gebied die rechtstreeks gericht zijn op de bescherming van de volksgezondheid. In artikel 114 wordt voorts een passende harmonisatie gewaarborgd voor een goede werking van de interne markt. [Am. 7]

(2 ter)  Het is bewezen dat hogere doses straling een schadelijk en destructief effect op lichaamscellen hebben en kanker kunnen veroorzaken. [Am. 8]

(2 quater)  Het is belangrijk om lage drempels vast te stellen voor de maximaal toegestane niveaus aan radioactieve besmetting van levensmiddelen om rekening te houden met de hogere cumulatieve dosis die het gevolg is van het gedurende langere tijd nuttigen van besmette levensmiddelen. [Am. 9]

(3)  Bij Verordening (Euratom) nr. 3954/87 van de Raad(6), zoals gewijzigd door Verordening (Euratom) nr. 2218/89 van de Raad(7), zijn maximaal toelaatbare niveaus vastgesteld van radioactieve besmetting van levensmiddelen en diervoeders ten gevolge van een nucleair ongeval of ander stralingsgevaar dat waarschijnlijk zal leiden of heeft geleid tot de radioactieve besmetting van levensmiddelen en diervoeders. Deze maximaal toegelaten niveaus zijn nog steeds in overeenstemming met het laatste wetenschappelijke advies als momenteel internationaal beschikbaar en moeten periodiek worden geëvalueerd en bijgewerkt om rekening te houden met nieuw wetenschappelijk bewijs. De maximaal toelaatbare niveaus uit de bijlagen I tot III zijn herzien en worden beschreven in de Publicatie Stralingsbescherming nr. 105 van de Internationale Commissie, en zijn met name gebaseerd op een referentieniveau van 1 mSv per jaar voor de toename in de individuele dosis door consumptie en in de veronderstelling dat 10 % van het jaarlijks geconsumeerde voedsel is besmet. [Am. 10]

(4)  Na het ongeval van de kerncentrale van Fukushima op 11 maart 2011 werd de Commissie ervan op de hoogte gesteld dat de radionuclideniveaus in bepaalde voedingsproducten met Japanse oorsprong de in Japan geldende activiteitsniveaus drempelniveaus voor levensmiddelen overschreden. Een dergelijke besmetting kan een bedreiging vormen voor de volksgezondheid en de gezondheid van dieren in de Unie en er werden dus maatregelen vastgesteld waarbij speciale voorwaarden werden opgelegd in verband met de invoer van diervoeders en levensmiddelen van oorsprong uit of verzonden uit Japan, overeenkomstig het advies van het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid. Ook moeten er maatregelen worden vastgesteld om het risico van consumptie van voedingsproducten uit landen die worden getroffen door de radioactieve neerslag van een nucleair ongeval in een ander land te monitoren en te minimaliseren. [Am. 11]

(5)  Er is behoefte aan een systeem dat de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie Unie in staat stelt na een nucleair ongeval of een ander geval van stralingsgevaar dat waarschijnlijk zal leiden of heeft geleid tot een significante radioactieve besmetting van levensmiddelen en diervoeders, maximaal toegelaten niveaus van radioactieve besmetting vast te stellen met het oog op een hoog niveau van de bescherming van de bevolking volksgezondheid. [Am. 12]

(6)  Er moeten maximaal toegelaten toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting gelden voor levensmiddelen en diervoeders van oorsprong uit de Unie of ingevoerd uit derde landen, naargelang van de locatie en de omstandigheden van het nucleair ongeval of het stralingsgevaar, rekening houdend met het effect van natuurlijke en cumulatieve straling naarmate deze verder doordringt in de voedselketen. Deze niveaus moeten periodiek worden herzien. [Am. 13]

(7)  De Commissie moet over een nucleair ongeval of over ongewoon hoge niveaus van radioactiviteit worden geïnformeerd op grond van Besluit 87/600/Euratom(8) of van het IAEA-Verdrag inzake vroegtijdige kennisgeving van een nucleair ongeval van 26 september 1986.

(8)  Om rekening te houden met de aanzienlijk variërende voedingspatronen van zuigelingen gedurende de eerste zes maanden van hun leven, alsmede met onzekerheden bij het metabolisme van zuigelingen gedurende die eerste zes levensmaanden, is het nuttig de toepassing van lagere maximaal toelaatbare radioactiviteitsniveaus voor levensmiddelen voor zuigelingen te verlengen tot de hele duur van de eerste twaalf levensmaanden. Voor zwangere vrouwen en vrouwen die borstvoeding geven moeten lagere maximaal toelaatbare niveaus voor levensmiddelen gelden. [Am. 14]

(9)  Om de vaststelling van maximaal toelaatbare niveaus te vergemakkelijken, met name rekening houdend met de wetenschappelijke kennis, moeten de procedures voor de vaststelling van en de technische vooruitgang op internationaal niveau, moet de Commissie bij het Europees Parlement en de Raad een nieuw voorstel indienen om de maximaal toegelaten toelaatbare niveaus de raadpleging omvatten van de in artikel 31 van het Verdrag bedoelde groep van deskundigen aan te passen. [Am. 15]

(9 bis)  Teneinde de aanpassing van maximaal toelaatbare niveaus te vereenvoudigen, dienen procedures te worden vastgesteld voor het regelmatig raadplegen van deskundigen. De Commissie moet een groep deskundigen instellen aan de hand van wetenschappelijke en deontologische criteria. Zij moet de samenstelling van deze groep alsmede de belangenverklaringen van de leden ervan openbaar maken. Bij de aanpassing van de maximaal toelaatbare niveaus moet de Commissie ook deskundigen van internationale instanties op het gebied van stralingsbescherming raadplegen. [Am. 16]

(9 ter)  De groep van deskundigen dient ook een schatting te maken van het cumulatieve effect van de radioactieve besmetting. [Am. 17]

(9 quater)  De maximaal toelaatbare niveaus moeten openbaar zijn en regelmatig worden herzien om terdege rekening te houden met de jongste wetenschappelijke vooruitgang en gegevens die internationaal beschikbaar zijn, om de noodzaak in aanmerking te nemen de bevolking gerust te stellen en van een hoog beschermingsniveau te verzekeren, en om verschillen in de internationale regelgeving te voorkomen. [Am. 18]

(10)  Om ervoor te zorgen dat levensmiddelen en diervoeders die hogere dan de maximaal toelaatbare niveaus bevatten, niet in de EU Unie in de handel worden gebracht, moet de naleving van deze niveaus door de lidstaten en de Commissie grondig passend worden gecontroleerd; bij niet-naleving moeten sancties worden opgelegd en moet het publiek daarover worden geïnformeerd. [Am. 19]

(10 bis)  De normen voor het controleren van de naleving van de voorschriften die gericht zijn op het voorkomen, wegnemen of tot een aanvaardbaar niveau terugbrengen van de besmettingsrisico's voor mens en dier zijn vastgelegd in Verordening (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad(9). [Am. 20]

(11)  Teneinde uniforme voorwaarden voor de tenuitvoerlegging van deze verordening te waarborgen, wat betreft het toepasselijk maken van deze van tevoren vastgestelde maximaal toegelaten niveaus, moeten aan de Commissie uitvoeringsbevoegdheden worden toegekend. Deze bevoegdheden moeten worden uitgeoefend overeenkomstig Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad(10).

(12)  De onderzoeksprocedure moet worden gebruikt voor de vaststelling van wetshandelingen die vooraf vastgestelde maximaal toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting van levensmiddelen en diervoeders toepasselijk maken. Het is echter bij ieder nucleair ongeval of bij ieder ander stralingsgevaar noodzakelijk rekening te houden met de bijzondere omstandigheden van ieder ongeval, en daarom moet een procedure worden vastgesteld voor de snelle neerwaartse aanpassing van deze van tevoren vastgestelde maximaal toelaatbare niveaus en zonodig voor de vaststelling van maximaal toelaatbare niveaus voor overige radio-isotopen (met name tritium) die bij het ongeval zijn vrijgekomen, om een zo hoog mogelijk niveau van bescherming van de bevolking te garanderen. De maatregelen en de maximumniveaus moeten onverwijld aan de bevolking worden meegedeeld. [Am. 21]

(12 bis)  De Commissie wordt bijgestaan door het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders opgericht bij Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad(11). De lidstaten moeten erop toezien dat hun vertegenwoordigers in dit comité een gedegen kennis hebben van stralingsbescherming. [Am. 22]

(13)  De Commissie moet onmiddellijk toepasselijke uitvoeringshandelingen vaststellen wanneer, in naar behoren gerechtvaardigde gevallen in verband met bepaalde gevallen van stralingsgevaar die waarschijnlijk zullen leiden tot of hebben geleid tot significante radioactieve besmetting van levensmiddelen en diervoeders, dwingende redenen van urgentie dergelijke handelingen noodzakelijk maken. De maatregelen en de maximumniveaus moeten onverwijld aan de bevolking worden meegedeeld. [Am. 23]

(13 bis)  Bij de vaststelling van de maximaal toelaatbare niveaus van de huidige verordening moet worden uitgegaan van de beschermingsvereisten voor de meest kritieke en kwetsbare leden van de bevolking, met name kinderen en mensen die geografisch geïsoleerd of zelfvoorzienend zijn. De maximaal toelaatbare niveaus moeten dezelfde zijn voor de gehele bevolking en moeten gebaseerd zijn op de laagste niveaus. [Am. 24]

(13 ter)  Wanneer levensmiddelen of diervoeder afkomstig uit de Unie of geïmporteerd uit derde landen, een ernstig risico vormen voor de gezondheid van mens, dier of milieu, stelt de Europese Commissie door middel van uitvoeringshandelingen aanvullende maatregelen vast in overeenstemming met Verordening (EG) nr. 178/2002 om een hoog beschermingsniveau van de gezondheid van mens en dier te waarborgen. Indien mogelijk worden de maximaal toelaatbare niveaus en de aanvullende noodmaatregelen geïntegreerd in één uitvoeringsverordening. [Am. 25]

(13 quater)  De Commissie dient bij het opstellen en herzien van uitvoeringshandelingen voornamelijk met de volgende omstandigheden rekening te houden: de plaats, de aard en het bereik van het nucleaire ongeval of ander stralingsgevaar; de aard en het bereik van de lozing van radioactieve stoffen in de lucht, het water en de grond, en in levensmiddelen en diervoeders, zowel binnen als buiten de Unie; de geconstateerde of potentiële risico's op radioactieve besmetting van levensmiddelen en diervoeders en de daaruit voortkomende stralingsdoses; de soort en hoeveelheid besmette levensmiddelen en diervoeders die in de handel van de Unie terecht kunnen komen, en de maximaal toelaatbare niveaus voor besmette levensmiddelen en diervoeders in derde landen. [Am. 26]

(13 quinquies)  Het is bij een nucleair ongeval of ander stralingsgevaar waarbij de maximaal toelaatbare niveaus moeten worden toegepast, noodzakelijk de bevolking op de hoogte te stellen van de geldende niveaus, zowel door de Commissie als door iedere lidstaat. Bovendien moet aan de bevolking worden meegedeeld welke levensmiddelen en diervoeders een hogere concentratie radioactiviteit kunnen bevatten. [Am. 27]

(13 sexies)  Op het aanhouden van de maximaal toelaatbare niveaus moeten de nodige controles worden uitgevoerd en er moeten de nodige sancties worden getroffen bij de opzettelijke uitvoer, invoer of verkoop van levensmiddelen die een besmettingsniveau hebben dat hoger ligt dan de maximaal toelaatbare niveaus. [Am. 28]

HEBBEN DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Bij deze verordening worden de maximaal toelaatbare niveaus vastgesteld voor de radioactieve besmetting van levensmiddelen, als neergelegd in bijlage I, voor de radioactieve besmetting van minder belangrijke levensmiddelen, als neergelegd in bijlage II, en voor de radioactieve besmetting van diervoeders, als neergelegd in bijlage III, die in de handel mogen worden gebracht na een nucleair ongeval of een ander geval van stralingsgevaar dat waarschijnlijk kan leiden of heeft geleid tot significante radioactieve besmetting van levensmiddelen en diervoeders, gepaard aan de procedures om deze maximaal toelaatbare niveaus toepasselijk te maken. [Am. 54]

Artikel 2

Definities

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

1)  "levensmiddel": alle stoffen en producten, verwerkt, gedeeltelijk verwerkt of onverwerkt, die bestemd zijn om door de mens te worden geconsumeerd of waarvan kan worden verwacht dat zij door de mens worden geconsumeerd, inclusief drank, kauwgom alsmede iedere stof, daaronder begrepen water, die opzettelijk tijdens de vervaardiging, de bereiding of de behandeling aan het levensmiddel is toegevoegd. Onder "levensmiddel" wordt niet verstaan: die voldoen aan de definitie die is vastgelegd in artikel 2 van Verordening (EG) nr. 178/2002;

(a)  diervoeders;

(b)  levende dieren, tenzij bereid om in de handel te worden gebracht voor menselijke consumptie;

(c)  planten vóór de oogst;

(d)  geneesmiddelen in de zin van artikel 1, lid 2, van Richtlijn 2001/83/EG van het Europees Parlement en de Raad(12);

(e)  cosmetische producten in de zin van artikel 2, lid 1, onder a), van Verordening (EG) nr. 1223/2009 van het Europees Parlement en de Raad(13);

(f)  tabak en tabaksproducten in de zin van Richtlijn 2001/37/EG van het Europees Parlement en de Raad(14);

(g)  verdovende middelen en psychotrope stoffen in de zin van het Enkelvoudig Verdrag van de Verenigde Naties inzake verdovende middelen van 1961 en het Verdrag van de Verenigde Naties inzake psychotrope stoffen van 1971;

(h)  residuen en contaminanten. [Am. 29].

2)  "minder belangrijk levensmiddel": een levensmiddel met beperkt voedingsbelang, dat slechts een marginale bijdrage levert aan de consumptie van levensmiddelen door de bevolking; [Am. 55]

3)  "diervoeders": alle stoffen en producten, inclusief additieven, verwerkt, gedeeltelijk verwerkt of onverwerkt, die bestemd zijn om te worden gebruikt voor orale vervoedering aan dieren als bedoeld in artikel 3 van Verordening (EG) nr. 178/2002; [Am. 30]

4)  "in de handel brengen": het voorhanden hebben van levensmiddelen of diervoeders met het oog op de verkoop, met inbegrip van het ten verkoop aanbieden, of enige andere vorm van al dan niet gratis overdracht, alsmede de eigenlijke verkoop, distributie en andere vormen van overdracht zelf alle activiteiten als bedoeld in artikel 3 van Verordening (EG) nr. 178/2002; [Am. 31]

4 bis)  "materialen die in contact staan met levensmiddelen/diervoeders": verpakkingen en andere materialen die bestemd zijn om in contact te komen met levensmiddelen; [Am. 32]

4 ter)  "stralingsgevaar": een ongebruikelijke gebeurtenis waarbij een stralingsbron is betrokken en die onmiddellijk ingrijpen vereist om ernstige bedreigingen voor de gezondheid of de veiligheid of negatieve gevolgen voor de kwaliteit van het leven, eigendommen of het milieu te beperken, of die een gevaar vormt dat tot dergelijke negatieve gevolgen kan leiden. [Am. 33]

Artikel 2 bis

Het is niet toegestaan om levensmiddelen met hogere concentraties dan de maximaal toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting van levensmiddelen en diervoeders te vermengen met levensmiddelen die niet of slechts in beperkte mate zijn besmet om zo producten te verkrijgen die aan de regels vastgesteld in deze verordening, voldoen. [Am. 34]

Artikel 3

1.  Wanneer de Commissie, met name in het kader van het systeem van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie voor snelle uitwisseling van informatie in het geval van stralingsgevaar dan wel krachtens het IAEA-Verdrag van 26 september 1986 inzake vroegtijdige kennisgeving van een nucleair ongeval, officiële informatie heeft ontvangen over ongevallen of ander stralingsgevaar waaruit blijkt dat de maximaal toelaatbare niveaus voor levensmiddelen, minder belangrijke levensmiddelen of diervoeders zullen worden bereikt of zijn bereikt dat tot een besmetting van levensmiddelen en diervoeders leidt, stelt zij, wanneer de omstandigheden dit nodig maken, zo spoedig mogelijk een uitvoeringsverordening uitvoeringshandeling vast waarbij deze maximaal toelaatbare niveaus worden toegepast met maximaal toelaatbare niveaus van radioactiviteit die niet hoger mogen zijn dan de in de bijlagen van deze verordening vervatte niveaus. Deze uitvoeringshandeling wordt vastgesteld overeenkomstig de in artikel 5, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure. [Am. 35]

1 bis.  De maximaal toelaatbare niveaus zijn openbaar en worden regelmatig herzien om rekening te houden met de jongste wetenschappelijke vooruitgang en gegevens die momenteel internationaal beschikbaar zijn, om de noodzaak in aanmerking te nemen de bevolking gerust te stellen en van een hoog beschermingsniveau te verzekeren, en om verschillen met de internationale regelgeving die de beste bescherming biedt, te voorkomen. [Am. 36]

2.  Om goed gerechtvaardigde dwingende redenen van urgentie in verband met de omstandigheden van het nucleair ongeval of het stralingsgevaar, stelt de Commissie een onmiddellijk toepasselijke uitvoeringsverordening uitvoeringshandeling vast overeenkomstig de in artikel 5, lid 3, bedoelde procedure. [Am. 37]

3.  Bij de opstelling van de in de leden 1 en 2 van dit artikel bedoelde ontwerpuitvoeringshandeling uitvoeringshandelingen en de bespreking daarvan met het in artikel 5 bedoelde comité houdt de Commissie rekening met de basisnormen als vastgesteld krachtens de artikelen 30 en 31 van het Verdrag Richtlijn 2013/59/Euratom, met inbegrip van het beginsel dat elke blootstelling zo beperkt moet worden gehouden als redelijkerwijs mogelijk is, met inachtneming van waarbij, bij wijze van prioriteit, rekening wordt gehouden met de bescherming van de volksgezondheid en van sociale en economische factoren in overweging worden genomen, voornamelijk ten aanzien van de meest kwetsbare bevolkingsgroepen. De Commissie wordt bij de voorbereiding van deze handeling bijgestaan door een onafhankelijke groep van deskundigen op het gebied van de volksgezondheid, die worden geselecteerd op grond van hun kennis en expertise op het gebied van stralingsbescherming en voedselveiligheid ("groep van deskundigen"). De Commissie maakt de samenstelling van de groep van deskundigen openbaar, evenals de belangenverklaringen van de comitéleden. [Am. 38]

3 bis.  De in de leden 1 en 2 omschreven uitvoeringshandelingen worden vastgesteld in overeenstemming met de aard en het bereik van de straling en kunnen zo vaak worden herzien als gezien het verloop van de besmetting noodzakelijk is. De Commissie verbindt zich ertoe de eerste herziening uiterlijk binnen een maand na het nucleair ongeval of het stralingsgevaar uit te voeren met het oog op de aanpassing, indien noodzakelijk, van de maximaal toelaatbare niveaus van radioactiviteit en van de lijst van radio-isotopen. [Am. 39]

Artikel 4

1.  Zodra de Commissie een uitvoeringsverordening uitvoeringshandeling vaststelt die maximaal toelaatbare niveaus toepasselijk maakt, worden levensmiddelen of diervoeders die niet in overeenstemming zijn met die maximaal toelaatbare niveaus, niet langer in de handel gebracht. [Am. 40]

De Commissie stelt een regeling inzake nucleaire aansprakelijkheid in om tegemoet te komen aan de zorgen van alle lidstaten die de gevolgen van een nucleair ongeval zouden kunnen ondervinden. Die regeling voorziet in een passende compensatie in geval van nucleaire ongevallen. [Am. 41]

Voor de toepassing van deze verordening worden uit derde landen ingevoerde levensmiddelen of diervoeders beschouwd als in de handel gebracht indien zij op het douanegebied van de Unie onderworpen worden aan een andere douaneprocedure dan een doorvoerprocedure. [Am. 42]

De lidstaten houden toezicht op de inachtneming van de maximaal toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting op hun grondgebied. Daartoe onderhouden de lidstaten een systeem van officiële controles op levensmiddelen en diervoeders en andere op de situatie afgestemde activiteiten, met inbegrip van de communicatie met het publiek over de veiligheid en de risico's van levensmiddelen en diervoeders, overeenkomstig artikel 17 van Verordening (EG) nr. 178/2002. [Am. 43]

2.  Elke lidstaat verstrekt de Commissie alle gegevens over de toepassing van deze verordening, in het bijzonder over: gevallen van overschrijding van de maximaal toelaatbare niveaus.

a)  de periodieke planning van de controles van de maximaal toelaatbare niveaus op nationaal grondgebied;

b)  gevallen van overschrijding van de maximaal toelaatbare niveaus;

c)  de vaststelling van de nationale bevoegde diensten die belast zijn met de controles.

De Commissie doet deze gegevens zo spoedig mogelijk toekomen aan de andere lidstaten.

In gevallen van overschrijding van de maximaal toelaatbare niveaus, wordt daarvan melding gemaakt via het systeem voor snelle waarschuwing uit hoofde van Verordening (EG) nr. 178/2002.

De Commissie legt sancties op aan lidstaten die zelf geen sancties opleggen wanneer levensmiddelen of diervoeders waarvan de besmetting de maximaal toelaatbare niveaus overschrijdt, in de handel worden gebracht of uitgevoerd. [Am. 44]

3.  De lidstaten verstrekken het publiek informatie, voornamelijk via een online dienst, over de maximaal toelaatbare niveaus, noodsituaties en gevallen van overschrijding van de maximaal toelaatbare niveaus. Het publiek wordt eveneens geïnformeerd over levensmiddelen die een hogere concentratie radioactiviteit kunnen bevatten, en met name over de aard van het product, het merk, de herkomst en de datum van analyse. [Am. 45]

4.  De maximaal toelaatbare niveaus die zijn vastgelegd in de bijlagen bij deze verordening, houden rekening met het effect van het gedeeltelijke verval van radioactieve isotopen gedurende de periode waarin de geconserveerde levensmiddelen worden opgeslagen. De radioactiviteit van geconserveerde levensmiddelen afhankelijk van het soort besmetting, bijv. besmetting met jodiumisotopen, wordt voortdurend bewaakt. [Am. 46]

5.  De Commissie brengt uiterlijk op 31 maart 2017 verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de wenselijkheid van een mechanisme dat ertoe dient om schadevergoeding te betalen aan landbouwers wier levensmiddelen boven de vastgestelde maximaal toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting zijn besmet en hierdoor niet in de handel kunnen worden gebracht. Een dergelijk mechanisme moet gebaseerd zijn op het beginsel "de vervuiler betaalt". Het verslag gaat zo nodig vergezeld van een wetgevingsvoorstel ter instelling van een dergelijk mechanisme. [Am. 47]

Artikel 4 bis

1.  De Commissie brengt uiterlijk op 31 maart 2017 verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de geschiktheid van de maximaal toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting die in de bijlagen zijn vastgesteld.

2.  In dat verslag wordt nagegaan of de maximaal toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting ervoor zorgen dat de daadwerkelijke dosis voor het publiek niet hoger is dan 1 mSv/jaar en dat de dosis in de schildklier aanzienlijk lager is dan de referentiewaarde van 10 mGy die door de WHO wordt aangeraden voor de toediening van stabiel jodium aan kritieke groepen.

3.  In het verslag wordt de mogelijkheid in aanmerking genomen om de indeling van de radio-isotopen te herzien en om tritium en koolstof-14 in de bijlagen bij deze verordening op te nemen. Bij de beoordeling van deze maximaal toelaatbare niveaus richt het verslag zich op de bescherming van de meest kwetsbare bevolkingsgroepen, met name kinderen, en onderzoekt of het niet geschikt is om op die basis maximaal toelaatbare niveaus voor alle bevolkingscategorieën vast te stellen. [Am. 48]

Artikel 5

1.  De Commissie wordt bijgestaan door het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders, opgericht bij artikel 58, lid 1, van Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad(15). Dat comité wordt beschouwd als een comité in de zin van Verordening (EU) nr. 182/2011. [Am. 49]

2.  Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel 5 van Verordening (EU) nr. 182/2011 van toepassing.

3.  Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel 8 van Verordening (EU) nr. 182/2011, juncto artikel 5 daarvan, van toepassing.

Artikel 6

Om te waarborgen dat bij de in de bijlagen I, II en III van deze verordening neergelegde maximaal toelaatbare niveaus rekening is gehouden met alle nieuwe of aanvullende gegevens die beschikbaar komen, met name op basis van de nieuwste wetenschappelijke kennis, worden aanpassingen van die bijlagen voorgesteld door dient de Commissie een verslag in bij het Parlement en de Raad, in voorkomend geval vergezeld van een voorstel tot aanpassing van die bijlagen en, indien noodzakelijk, tot herziening van de lijst van radio-isotopen, na raadpleging van de in artikel 31 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie artikel 3, lid 3, bedoelde groep van deskundigen. [Am. 50]

Artikel 6 bis

Bij een nucleair ongeval of ander stralingsgevaar dat leidt tot de besmetting van levensmiddelen en diervoeders dient de Commissie een verslag in bij het Europees Parlement en de Raad met de overeenkomstig deze verordening aangenomen maatregelen en de op grond van artikel 4, lid 2, meegedeelde gegevens. [Am. 51]

Artikel 7

Verordening (Euratom) nr. 3954/87, zoals gewijzigd bij Verordening (Euratom) nr. 2218/1989, en Verordeningen (Euratom) nr. 944/89(16) en nr. 770/90(17) van de Commissie worden hierbij ingetrokken.

Verwijzingen naar de ingetrokken verordeningen worden beschouwd als verwijzingen naar deze verordening en worden gelezen volgens de concordantietabel in bijlage V.

Artikel 8

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te …,

Voor het Europees Parlement Voor de Raad

De voorzitter De voorzitter

BIJLAGE I

MAXIMAAL TOEGELATEN NIVEAUS VAN RADIOACTIEVE BESMETTING VAN LEVENSMIDDELEN

De maximaal toegelaten niveaus die gelden voor levensmiddelen, zijn de volgende:

Levensmiddel (Bq/kg)(18)

 Babyvoeding(19)

Zuivelproducten(20)

Andere levensmiddelen behalve minder belangrijke levensmiddelen(21)

Vloeibare levensmiddelen(22)

Isotopen van strontium, met name

Sr-90

75

125

750

125

Isotopen van jodium, met name I-131

150

500

2 000

500

Alfastraling uitzendende isotopen van plutonium en transplutoniumelementen, met name

Pu-239 en Am-241

1

20

80

20

Alle andere nucliden met een halveringstijd van meer dan 10 dagen, met name

Cs-134 en Cs-137(23)

400

1 000

1 250

1 000

BIJLAGE II

MAXIMAAL TOEGELATEN NIVEAUS VAN RADIOACTIEVE BESMETTING VAN MINDER BELANGRIJKE LEVENSMIDDELEN

1.  Lijst van minder belangrijke levensmiddelen

GN-code

Beschrijving

0703 20 00

Knoflook (vers of gekoeld)

0709 59 50 

Truffels (vers of gekoeld)

0709 99 40

Kappers (vers of gekoeld)

0711 90 70 

Kappers (voorlopig verduurzaamd, doch als zodanig niet geschikt voor dadelijke consumptie)

ex 0712 39 00

Truffels (gedroogde, ook indien in stukken of in schijven gesneden, dan wel fijngemaakt of in poedervorm, doch niet op andere wijze bereid)

0714

Maniokwortel, arrowroot (pijlwortel), salepwortel, aardperen, bataten (zoete aardappelen) en dergelijke wortels en knollen met een hoog gehalte aan zetmeel of aan inuline, vers, gekoeld, bevroren of gedroogd, ook indien in stukken of in pellets; merg van de sagopalm

0814 00 00

Schillen van citrusvruchten en van meloenen (watermeloenen daaronder begrepen), vers, bevroren, gedroogd, dan wel in water waaraan, voor het voorlopig verduurzamen, zout, zwavel of andere stoffen zijn toegevoegd

0903 00 00

Maté

0904

Peper van het geslacht Piper; vruchten van de geslachten Capsicum en Pimenta, gedroogd, fijngemaakt of gemalen

0905 00 00

Vanille

0906

Kaneel en kaneelknoppen

0907 00 00

Kruidnagels, moernagels en kruidnagelstelen

0908

Muskaatnoten, foelie, amomen en kardemom

0909

Anijszaad, steranijszaad, venkelzaad, korianderzaad, komijnzaad en karwijzaad; jeneverbessen

0910

Gember, saffraan, kurkuma, tijm, laurierbladeren, kerrie en andere specerijen

1106 20 

Meel, gries en poeder, van sago en van wortels of knollen bedoeld bij post 0714

1108 14 00

Maniokzetmeel (cassave)

1210

Hopbellen, vers of gedroogd, ook indien fijngemaakt, gemalen of in pellets; lupuline

1211

Planten, plantendelen, zaden en vruchten, van de soort hoofdzakelijk gebruikt in de reukwerkindustrie, in de geneeskunde of voor insecten- of parasietenbestrijding of voor dergelijke doeleinden, vers of gedroogd, ook indien gesneden, gebroken of in poedervorm

1301

Gomlak (schellak); gommen, harsen, gomharsen en oleoharsen (bijvoorbeeld balsems), van natuurlijke oorsprong

1302

Plantensappen en plantenextracten; pectinestoffen, pectinaten en pectaten; agaragar en andere uit plantaardige producten verkregen plantenslijmen en bindmiddelen, ook indien gewijzigd

1504

Vetten en oliën, van vis of van zeezoogdieren, alsmede fracties daarvan, ook indien geraffineerd, doch niet chemisch gewijzigd

1604 31 00 

Kaviaar

1604 32 00

Kaviaarsurrogaten

1801 00 00

Cacaobonen, ook indien gebroken, al dan niet gebrand

1802 00 00

Cacaodoppen, cacaoschillen, cacaovliezen en andere afvallen van cacao

1803

Cacaopasta, ook indien ontvet

2003 90 10

Truffels, op andere wijze bereid of verduurzaamd dan in azijn of azijnzuur

2006 00 

Groenten, vruchten, vruchtenschillen en andere plantendelen, gekonfijt met suiker (uitgedropen, geglaceerd of uitgekristalliseerd)

2102

Gist, ook indien inactief; andere eencellige micro-organismen, dood (andere dan de vaccins bedoeld bij post 3002); samengesteld bakpoeder

2936

Provitaminen en vitaminen, natuurlijke of door synthese gereproduceerd (natuurlijke concentraten daaronder begrepen), alsmede derivaten daarvan, die hoofdzakelijk als vitaminen worden gebruikt, ook indien deze stoffen onderling zijn vermengd of in oplossing zijn gebracht

3301

Etherische oliën (ook indien daaruit de terpenen zijn afgesplitst), vast of vloeibaar; harsaroma’s; door extractie verkregen oleoharsen; geconcentreerde oplossingen van etherische oliën in vet, in vette oliën, in was of in dergelijke stoffen, verkregen door enfleurage of door maceratie; terpeenhoudende bijproducten, afgesplitst uit etherische oliën; gedistilleerd aromatisch water en waterige oplossingen van etherische oliën

2.  De maximaal toegestane niveaus die gelden voor de in afdeling 1 genoemde minder belangrijke levensmiddelen zijn de volgende:

(Bq/kg)

Isotopen van strontium, met name Sr-90

7 500

Isotopen van jodium, met name I-131

20 000

Alfastraling uitzendende isotopen van plutonium en transplutoniumelementen, met name Pu-239 en

Am-241

800

Alle andere nucliden met een halveringstijd van meer dan 10 dagen, met name Cs-134 en Cs-137(24)

12500

[Am. 57]

BIJLAGE III

Maximaal toegestane niveaus van radioactieve besmetting van diervoeders

De maximaal toegestane niveaus voor cesium–134 en cesium–137 zijn de volgende:

Dier

Bq/kg(25), (26)

Varkens

1 250

Pluimvee, lammeren, kalveren

2 500

Andere

5 000

BIJLAGE IV

Ingetrokken verordeningen

Verordening (Euratom) nr. 3954/87 van de Raad

(PB L 371 van 30.12.1987, blz. 11)

Verordening (Euratom) nr. 2218/89 van de Raad

(PB L 211 van 22.7.1989, blz. 1)

Verordening (Euratom) nr. 944/89 van de Commissie

(PB L 101 van 13.4.1989, blz. 17)

Verordening (Euratom) nr. 770/90 van de Commissie

(PB L 83 van 30.3.1990, blz. 78)

BIJLAGE V

CONCORDANTIETABEL

Verordening (Euratom) nr. 3954/87

Verordening (Euratom) nr. 944/89

Verordening (Euratom) nr. 770/90

Deze verordening

Artikel 1, lid 1

Artikel 1

Artikel 1

Artikel 1

Artikel 1, lid 2

Artikel 2

Artikel 2, lid 1

Artikel 3, lid 1 en lid 2

Artikel 2, lid 2

-

Artikel 3, lid 1

-

Artikel 3, lid 2

Artikel 3, lid 3

Artikel 3, lid 3 en lid 4

-

Artikel 4

-

Artikel 5, lid 1

Artikel 6

Artikel 5, lid 2

-

Artikel 6, lid 1

Artikel 4, lid 1

Artikel 6, lid 2

Artikel 4, lid 2

Artikel 2

Bijlage II, afdeling 2

---

---

Artikel 1

---

Bijlage III

Artikel 5

Artikel 7

-

---

---

---

Artikel 7

Artikel 8

Artikel 8

Bijlage

Bijlage I

Bijlage

Bijlage II, afdeling 1

Bijlage

Bijlage III

---

---

---

Bijlage IV

---

---

---

Bijlage V

(1) PB C ... , blz. .
(2)PB C … , blz. .
(3)PB C … , blz. .
(4) Standpunt van het Europees Parlement van 9 juli 2015 (nog niet in het Publicatieblad bekendgemaakt) en standpunt van de Raad van ... .
(5)Richtlijn 96/29 2013/59/Euratom van de Raad van 13 mei 1996 5 december 2013 tot vaststelling van de basisnormen voor de bescherming van de gezondheid der bevolking en der werkers tegen de gevaren verbonden aan de blootstelling aan ioniserende straling verbonden gevaren , en houdende intrekking van de Richtlijnen 89/618/Euratom, 90/641/Euratom, 96/29/Euratom, 97/43/Euratom en 2003/122/Euratom (PB L 13 van 17.1.2014, blz. 1).
(6)Verordening (Euratom) nr. 3954/87 van de Raad van 22 december 1987 tot vaststelling van maximaal toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting van levensmiddelen en diervoeders ten gevolge van een nucleair ongeval of ander stralingsgevaar (PB L 371 van 30.12.1987, blz. 11).
(7) Verordening (Euratom) nr. 2218/89 van de Raad van 18 juli 1989 tot wijziging van Verordening (Euratom) nr. 3954/87 tot vaststelling van maximaal toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting van levensmiddelen en diervoeders ten gevolge van een nucleair ongeval of ander stralingsgevaar (PB L 211 van 22.7.1989, blz. 1).
(8)Beschikking 87/600/Euratom van de Raad van 14 december 1987 inzake communautaire regelingen voor snelle uitwisseling van informatie in geval van stralingsgevaar (PB L 371 van 30.12.1987, blz. 76).
(9) Verordening (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 inzake officiële controles op de naleving van de wetgeving inzake diervoeders en levensmiddelen en de voorschriften inzake diergezondheid en dierenwelzijn (PB L 165 van 30.4.2004, blz. 1).
(10)Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 tot vaststelling van de algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie controleren (PB L 55 van 28.2.2011, blz. 13).
(11) Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden (PB L 31 van 1.2.2002, blz. 1).
(12)Richtlijn 2001/83/EG van de het Europees Parlement en de Raad van 6 november 2001 tot vaststelling van een communautair wetboek betreffende geneesmiddelen voor menselijk gebruik (PB L 311 van 28.11.2001, blz. 67).
(13)Verordening (EG) nr. 1223/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 30 november 2009 betreffende cosmetische producten (PB L 342 van 22.12.2009, blz. 59).
(14)Richtlijn 2001/37/EG van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2001 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten inzake de productie, de presentatie en de verkoop van tabaksproducten (PB L 194 van 18.7.2001, blz. 26).
(15)Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden (PB L 31 van 1.2.2002, blz. 1).
(16) Verordening (Euratom) nr. 944/89 van de Commissie van 12 april 1989 tot vaststelling van maximaal toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting in minder belangrijke levensmiddelen na een nucleair ongeval of ander stralingsgevaar (PB L 101 van 13.4.1989, blz. 17).
(17) Verordening (Euratom) nr. 770/90 van de Commissie van 29 maart 1990 tot vaststelling van maximaal toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting van diervoeders ten gevolge van een nucleair ongeval of ander stralingsgevaar (PB L 83 van 30.3.1990, blz. 78).
(18)Het niveau voor geconcentreerde of gedroogde producten moet worden berekend op basis van het gereconstitueerde gebruiksklare product. De lidstaten kunnen aanbevelingen doen voor de wijze waarop door aanlenging kan worden gewaarborgd dat de bij deze verordening vastgestelde maximaal toelaatbare niveaus in acht worden genomen.
(19)Als babyvoeding worden aangemerkt zuigelingenvoeding, waaronder flesvoeding, opvolgzuigelingenvoeding en gelijkwaardige levensmiddelen die speciaal zijn bestemd voor zuigelingen jonger dan twaalf maanden, die op zichzelf voldoen aan de voedingsbehoeften van deze categorie personen en in de detailhandel verkrijgbaar zijn in gemakkelijk herkenbare verpakkingen voorzien van het etiket met één van de volgende benamingen: "volledige zuigelingenvoeding", "opvolgzuigelingenvoeding", "volledige zuigelingenvoeding op basis van melk" of "zuigelingenmelk" en "opvolgmelk", overeenkomstig de artikelen 11 en 12 van Richtlijn 2006/141/EG van de Commissie.
(20)Als zuivelproducten worden aangemerkt de producten die vallen onder de volgende GN-codes, en, in voorkomend geval, onder de aanpassingen die later daarin kunnen worden aangebracht: 0401, 0402 (behalve 0402 29 11).
(21)Minder belangrijke levensmiddelen en de daarop toe te passen overeenkomstige maximaal toelaatbare niveaus zijn opgenomen in bijlage II.
(22)Vloeibare levensmiddelen als gedefinieerd in GN-code 2009 en in hoofdstuk 22 van de gecombineerde nomenclatuur. De waarden worden berekend met inachtneming van het verbruik van kraanwater en dezelfde waarden moeten worden toegepast voor de drinkwatervoorziening.
(23)Koolstof-14, tritium en kalium-40 worden niet hiertoe gerekend.
(24)Koolstof-14, tritium en kalium-40 worden niet hiertoe gerekend.
(25)Met deze maximaal toelaatbare niveaus wordt beoogd bij te dragen tot de inachtneming van de maximaal toegelaten niveaus voor levensmiddelen; op zichzelf garanderen zij niet de inachtneming ervan onder alle omstandigheden, noch betekenen zij dat de noodzaak van controle op besmettingsniveaus in voor menselijke consumptie bestemde dierlijke producten geringer is.
(26)Deze niveaus gelden voor diervoeders die voor rechtstreeks verbruik zijn bestemd.

Juridische mededeling