Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2015/0065(CNS)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0299/2015

Ingediende teksten :

A8-0299/2015

Debatten :

PV 26/10/2015 - 12
CRE 26/10/2015 - 12

Stemmingen :

PV 27/10/2015 - 5.3
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2015)0362

Aangenomen teksten
PDF 343kWORD 67k
Dinsdag 27 oktober 2015 - Straatsburg Definitieve uitgave
Belastingheffing op inkomsten uit spaargelden in de vorm van rentebetaling: intrekking van de spaarrichtlijn *
P8_TA(2015)0362A8-0299/2015

Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 27 oktober 2015 over het voorstel voor een richtlijn van de Raad tot intrekking van Richtlijn 2003/48/EG van de Raad (COM(2015)0129 – C8-0086/2015 – 2015/0065(CNS))

(Bijzondere wetgevingsprocedure – raadpleging)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan de Raad (COM(2015)0129),

–  gezien artikel 115 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het Parlement door de Raad is geraadpleegd (C8‑0086/2015),

–  gezien artikel 59 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie economische en monetaire zaken (A8-0299/2015),

1.  hecht zijn goedkeuring aan het Commissievoorstel, als geamendeerd door het Parlement;

2.  verzoekt de Commissie haar voorstel krachtens artikel 293, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie dienovereenkomstig te wijzigen;

3.  verzoekt de Raad, wanneer deze voornemens is af te wijken van de door het Parlement goedgekeurde tekst, het Parlement hiervan op de hoogte te stellen;

4.  wenst opnieuw te worden geraadpleegd ingeval de Raad voornemens is ingrijpende wijzigingen aan te brengen in het voorstel van de Commissie;

5.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

Door de Commissie voorgestelde tekst   Amendement
Amendement 1
Voorstel voor een richtlijn
Overweging 5
(5)  Het toepassingsgebied van Richtlijn 2014/107/EU is over het algemeen breder dan dat van Richtlijn 2003/48/EG en wanneer beide samenvallen, heeft Richtlijn 2014/107/EU voorrang. Er zijn nog enkele restgevallen waarin overigens alleen Richtlijn 2003/48/EG van toepassing zou zijn. Deze restgevallen zijn het gevolg van een enigszins verschillende aanpak in de twee richtlijnen en van verschillende specifieke vrijstellingen. Indien in die beperkte gevallen het toepassingsgebied van Richtlijn 2003/48/EG en dat van Richtlijn 2014/107/EU niet samenvallen, zouden de relevante bepalingen van Richtlijn 2003/48/EG van toepassing blijven, met als gevolg dubbele rapportagenormen binnen de Unie. De beperkte voordelen van dergelijke dubbele rapportage zouden niet opwegen tegen de kosten.
(5)  Het toepassingsgebied van Richtlijn 2014/107/EU is over het algemeen breder dan dat van Richtlijn 2003/48/EG en wanneer beide samenvallen, heeft Richtlijn 2014/107/EU voorrang. Er zijn nog enkele restgevallen waarin overigens alleen Richtlijn 2003/48/EG van toepassing zou zijn. Deze restgevallen zijn het gevolg van een enigszins verschillende aanpak in de twee richtlijnen en van verschillende specifieke vrijstellingen. Indien in die beperkte gevallen het toepassingsgebied van Richtlijn 2003/48/EG en dat van Richtlijn 2014/107/EU niet samenvallen, zouden de relevante bepalingen van Richtlijn 2003/48/EG van toepassing blijven, met als gevolg dubbele rapportagenormen binnen de Unie. Hoewel een dubbel rapportagesysteem niet aan een specifieke kosten-batenanalyse onderworpen is, zelfs niet voor een tijdelijke overgangsperiode waarin overgestapt wordt van de bestaande op de nieuwe norm, lijkt het logisch ervan uit te gaan dat de beperkte voordelen van dergelijke dubbele rapportage niet zouden opwegen tegen de kosten.
Amendement 2
Voorstel voor een richtlijn
Overweging 11 bis (nieuw)
(11 bis)  Bepalingen equivalent aan die van Richtlijn 2003/48/EG worden op dit moment toegepast via afzonderlijke bilaterale overeenkomsten tussen de Unie en vijf Europese landen die geen EU-lid zijn (Zwitserland, Liechtenstein, San Marino, Monaco en Andorra), alsook tussen elk van de lidstaten en twaalf afhankelijke of geassocieerde gebieden (de Kanaaleilanden, het eiland Man en de afhankelijke of geassocieerde gebieden in het Caraïbisch Gebied). Het is belangrijk dat al deze bilaterale overeenkomsten aangepast worden aan de nieuwe mondiale standaard van de OESO en aan Richtlijn 2014/107/EU. Het is ook cruciaal dat er bij het proces van het overstappen van de bestaande norm op de nieuwe norm geen lacunes of andere onvolkomenheden zijn. De Commissie beschikt over een duidelijk mandaat voor het voeren van onderhandelingen over de wijzigingen die aangebracht moeten worden aan de overeenkomsten met die vijf Europese landen die geen lid van de EU zijn, en ze dient, rekening houdend met haar expertise, een actieve rol te krijgen bij het scheppen van de voorwaarden voor en het bevorderen van de herzieningen van de overeenkomsten tussen de lidstaten en de afhankelijke of geassocieerde gebieden. Met het oog op eenvoud en doeltreffendheid dient de Commissie, in voorkomend geval en op voorwaarde dat de lidstaten daarmee instemmen, bij dergelijke onderhandelingen het voortouw te nemen.
Amendement 3
Voorstel voor een richtlijn
Artikel 1 – lid 3 bis (nieuw)
3 bis.  De Commissie dient ten laatste op 1 juli 2016 bij de Raad en het Europees Parlement een verslag in over de overstap van de rapportagenorm van Richtlijn 2003/48/EG op de nieuwe rapportagenorm van Richtlijn 2014/107/EU. In dit verslag wordt onder andere ingegaan op het risico van het ontstaan van lacunes of onvolkomenheden bij rapportages betreffende grensoverschrijdende belastingfraude en –ontduiking. In het verslag wordt ook aandacht besteed aan het hieraan gerelateerde proces van het herzien van de afzonderlijke bilaterale overeenkomsten tussen de Unie en vijf Europese landen die geen EU-lid zijn (Zwitserland, Liechtenstein, San Marino, Monaco en Andorra), alsook tussen elk van de lidstaten en twaalf afhankelijke of geassocieerde gebieden (de Kanaaleilanden, het eiland Man en de afhankelijke of geassocieerde gebieden in het Caraïbisch Gebied). De Commissie dient ten laatste op 1 oktober 2017 een follow-upverslag in, met het oog op een goede monitoring van de situatie. De verslagen worden, indien nodig, vergezeld van wetgevingsvoorstellen.
Juridische mededeling