Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2015/2169(DEC)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0134/2016

Ingediende teksten :

A8-0134/2016

Debatten :

PV 27/04/2016 - 17
CRE 27/04/2016 - 17

Stemmingen :

PV 28/04/2016 - 4.48
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2016)0184

Aangenomen teksten
PDF 180kWORD 78k
Donderdag 28 april 2016 - Brussel Definitieve uitgave
Kwijting 2014: Europees Agentschap voor veiligheid en gezondheid op het werk (EU-OSHA)
P8_TA(2016)0184A8-0134/2016
Besluit
 Besluit
 Resolutie

1. Besluit van het Europees Parlement van 28 april 2016 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk voor het begrotingsjaar 2014 (2015/2169(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk voor het begrotingsjaar 2014,

–  gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk betreffende het begrotingsjaar 2014, vergezeld van de antwoorden van het Agentschap(1),

–  gezien de verklaring van de Rekenkamer(2) voor het begrotingsjaar 2014 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van 12 februari 2016 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2014 (05584/2016 – C8-0067/2016),

–  gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(3), en met name artikel 208,

–  gezien Verordening (EG) nr. 2062/94 van de Raad van 18 juli 1994 tot oprichting van een Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk(4), en met name artikel 14,

–  gezien Verordening (EG, Euratom) nr. 2343/2002 van de Commissie van 19 november 2002 houdende de financiële kaderregeling van de organen zoals bedoeld in artikel 185 van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen(5),

–  gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(6), en met name artikel 108,

–  gezien artikel 94 en bijlage V van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken (A8-0134/2016),

1.  verleent de directeur van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2014;

2.  formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;

3.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de directeur van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (serie L).

(1) PB C 409 van 9.12.2015, blz. 284.
(2) PB C 409 van 9.12.2015, blz. 284.
(3) PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.
(4) PB L 216 van 20.8.1994, blz. 1.
(5) PB L 357 van 31.12.2002, blz. 72.
(6) PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.


2. Besluit van het Europees Parlement van 28 april 2016 over de afsluiting van de rekeningen van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk voor het begrotingsjaar 2014 (2015/2169(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk voor het begrotingsjaar 2014,

–  gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk betreffende het begrotingsjaar 2014, vergezeld van de antwoorden van het Agentschap(1),

–  gezien de verklaring van de Rekenkamer(2) voor het begrotingsjaar 2014 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van 12 februari 2016 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2014 (05584/2016 – C8-0067/2016),

–  gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(3), en met name artikel 208,

–  gezien Verordening (EG) nr. 2062/94 van de Raad van 18 juli 1994 tot oprichting van een Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk(4), en met name artikel 14,

–  gezien Verordening (EG, Euratom) nr. 2343/2002 van de Commissie van 19 november 2002 houdende de financiële kaderregeling van de organen zoals bedoeld in artikel 185 van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen(5),

–  gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(6), en met name artikel 108,

–  gezien artikel 94 en bijlage V van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken (A8-0134/2016),

1.  stelt vast dat de definitieve jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk overeenkomt met de weergave in de bijlage bij het verslag van de Rekenkamer;

2.  hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk voor het begrotingsjaar 2014;

3.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de directeur van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (serie L).

(1) PB C 409 van 9.12.2015, blz. 284.
(2) PB C 409 van 9.12.2015, blz. 284.
(3) PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.
(4) PB L 216 van 20.8.1994, blz. 1.
(5) PB L 357 van 31.12.2002, blz. 72.
(6) PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.


3. Resolutie van het Europees Parlement van 28 april 2016 met de opmerkingen die een integrerend deel uitmaken van het besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk voor het begrotingsjaar 2014 (2015/2169(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk voor het begrotingsjaar 2014,

–  gezien artikel 94 en bijlage V van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken (A8-0134/2016),

A.  overwegende dat volgens de jaarrekening de begroting van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk ("het Agentschap") voor het begrotingsjaar 2014 17 256 026 EUR bedroeg, hetgeen een toename van 1,17 % ten opzichte van 2013 betekent;

B.  overwegende dat de bijdrage van de Unie aan de begroting van het Agentschap voor 2014 14 987 210 EUR bedroeg, hetgeen een afname van 4,02 % betekent ten opzichte van 2013;

C.  overwegende dat de Rekenkamer in haar verslag over de jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk voor het begrotingsjaar 2014 (hierna "het verslag van de Rekenkamer") verklaard heeft redelijke zekerheid te hebben gekregen dat de jaarrekening van de het Agentschap betrouwbaar is en de onderliggende verrichtingen wettig en regelmatig zijn;

Follow-up van de kwijting voor 2013

1.  maakt uit het verslag van de Rekenkamer op dat er naar aanleiding van twee in het verslag van de Rekenkamer van 2013 geformuleerde opmerkingen, corrigerende maatregelen zijn getroffen en dat beide opmerkingen nu als "n.v.t." aangemerkt zijn;

Financieel en begrotingsbeheer

2.  merkt op dat inspanningen op het gebied van begrotingstoezicht gedurende het begrotingsjaar 2014 hebben geresulteerd in een uitvoeringspercentage van de begroting van 98,65 % en dat het uitvoeringspercentage van de kredieten voor betalingen 75,59 % bedroeg;

Vastleggingen en overdrachten

3.  merkt op dat het niveau van de naar 2015 overgedragen vastgelegde kredieten, 443 412 EUR (34 %) bedroeg voor titel II (administratieve uitgaven); onderkent dat die overdrachten voornamelijk betrekking hebben op de geplande aanschaf van goederen en diensten aan het einde van het jaar in verband met de inrichting van het nieuwe kantoorgebouw van het Agentschap, de verlenging van jaarlijkse IT-contracten en de kosten van auditdiensten;

4.  merkt op dat 4 384 922 EUR uit het begrotingsjaar 2013 werd overgedragen; merkt met tevredenheid op dat slechts 1,96 % van de overdrachten uit 2013 werd geannuleerd;

Overschrijvingen

5.  merkt op dat zowel uit het jaarlijks activiteitenverslag als uit de controlebevindingen van de Rekenkamer blijkt dat het niveau en de aard van de overschrijvingen in 2014 net zoals het voorgaande jaar binnen de grenzen van de financiële voorschriften zijn gebleven;

Aanbestedings- en aanwervingsprocedures

6.  merkt op dat in 2014 het Agentschap vijf aanwervingsprocedures heeft afgerond, een lopende was en nog eens drie gepland waren voor 2015; onderkent dat alle huidige aanwervingen ofwel vervanging van vertrekkend personeel ofwel tijdelijke contracten betreffen om langdurige ziekte of ouderschapsverlof op te vangen; neemt er nota van dat de Rekenkamer in haar jaarverslag voor 2014 geen opmerkingen heeft gemaakt over de aanwervingsprocedures;

Preventie van en omgang met belangenconflicten en transparantie

7.  onderkent dat, naar aanleiding van de vaststelling van het beleid van het Agentschap inzake belangenconflicten in november 2014, geen belangenconflicten zijn geconstateerd;

8.  roept op tot een algehele verbetering van de preventie en bestrijding van corruptie door middel van een holistische benadering, te beginnen bij betere toegankelijkheid van documenten voor het publiek en striktere regels voor belangenconflicten, invoering of versterking van transparantieregisters en beschikbaarstelling van voldoende middelen voor wetshandhavingsmaatregelen, alsook door middel van verbeterde samenwerking tussen de lidstaten onderling en met betrokken derde landen;

9.  herinnert eraan dat de bestaande procedures ter voorkoming van belangenconflicten voor de personeelsleden van het Agentschap worden herzien en in 2015 zouden worden afgerond; stelt vast dat de herziening van de regels nog lopende is en verzoekt het Agentschap dat proces zo spoedig mogelijk af te ronden en de kwijtingsautoriteit van de resultaten op de hoogte te brengen;

10.  spoort het Agentschap voorts aan het beleid inzake belangenconflicten onder de aandacht van haar personeel te brengen, naast de lopende bewustmakingsactiviteiten en de opname van integriteit en transparantie als verplichte onderwerpen in aanwervingsprocedures en beoordelingsgesprekken;

Interne controles

11.  neemt er nota van dat in zijn jaarlijkse beheerplan voor 2014, het Agentschap instemt maatregelen te treffen om de effectiviteit van de internecontrolenormen (ICN) op verschillende terreinen te verbeteren; stelt vast dat, gezien de omvang van de aangewezen terreinen, een meerjarenplan is opgesteld; constateert voorts dat in juni 2014 de directeur van het Agentschap een beleid voor interne controle heeft vastgesteld dat een specifieke procedure voor ICN-zelfbeoordeling bevat, welke gebaseerd is op de gangbare praktijk bij het Agentschap, een overzicht biedt van de in gebruik zijnde internecontrolesystemen en een beschrijving van de taken en verantwoordelijkheden in verband met de uitvoering van de procedure;

Interne audit

12.  stelt vast dat de dienst Interne Audit (IAS) van de Commissie fungeert als de interne controleur van het Agentschap en audits verricht bij het Agentschap op basis van een strategisch plan voor interne controle (SIAP); stelt voorts vast dat in 2014 de IAS geen nieuwe audits heeft verricht en dat de volgende audit in het kader van het SIAP in april 2015 heeft plaatsgevonden;

Overige opmerkingen

13.  maakt uit het verslag van de Rekenkamer op dat, na de wijziging in 2004 door Verordening (EG, Euratom) nr. 723/2004 van de Raad(1), het Statuut van de ambtenaren bepalingen bevat dat de toekomstige bezoldiging van vóór 1 mei 2004 aangeworven ambtenaren niet minder mag bedragen dan krachtens het eerdere Statuut; merkt op dat uit de controle van de Rekenkamer bleek dat hier niet aan werd voldaan en dat dit bij een van de 26 toenmalige werknemers leidde tot onderbetaling van 5 300 EUR voor de periode 2005-2014; stelt vast dat het Agentschap de nodige maatregelen heeft genomen om deze kwestie op te lossen;

14.  constateert dat de verhuizing van het Agentschap naar het nieuwe kantoorgebouw eind 2013 is voltooid maar volledig is afgewikkeld in 2014; is ingenomen met het feit dat het nieuwe kantoorgebouw het personeel meer ruimte en betere werkomstandigheden biedt, en de bezoekers betere vergaderfaciliteiten verschaft; stelt tevreden vast dat met de verhuizing aanzienlijk bespaard wordt op huurkosten; verwelkomt het feit dat de zetelovereenkomst met de Spaanse autoriteiten de huisvesting van het Agentschap op lange termijn waarborgt;

15.  stelt dat de jaarverslagen van het Agentschap een belangrijke rol kunnen vervullen bij de naleving van de normen inzake transparantie, verantwoordingsplicht en integriteit; dringt er bij het Agentschap op aan in zijn jaarverslag een standaardhoofdstuk over deze punten op te nemen;

16.  erkent de belangrijke rol van het Agentschap voor de uitvoering van het strategisch EU-kader voor gezondheid en veiligheid op het werk 2014-2020;

17.  merkt op dat 2014 het eerste jaar was van het nieuwe strategisch meerjarenprogramma van het Agentschap voor de periode 2014-2020; waardeert de positieve signalen met betrekking tot de resultaten van het Agentschap in het eerste jaar van de strategie op de volgende prioritaire terreinen als omschreven in de strategie: inspelen op verandering, feiten en cijfers, instrumenten voor beheer inzake veiligheid en gezondheid op het werk, bewustmaking, netwerkvorming en bedrijfscommunicatie;

18.  verwelkomt de actieve samenwerking tussen het Agentschap en de desbetreffende autoriteiten van de lidstaten;

19.  complimenteert het Agentschap met zijn werkzaamheden voor de ontwikkeling van een interactief online-instrument voor risicobeoordeling, en met zijn inspanningen via de campagne voor een gezonde werkplek om de risicopreventie te verbeteren en de duurzaamheid en gezondheid op de werkplek te bevorderen;

o
o   o

20.  verwijst voor andere opmerkingen van horizontale aard bij het kwijtingsbesluit naar zijn resolutie van 28 april 2016(2) over het functioneren en het financiële beheer van en de controle op de agentschappen.

(1) Verordening (EG, Euratom) nr. 723/2004 van de Raad van 22 maart 2004 tot wijziging van het Statuut van de ambtenaren van de Europese Gemeenschappen en van de regeling die van toepassing is op de andere personeelsleden van deze Gemeenschappen (PB L 124 van 27.4.2004, blz. 1).
(2) Aangenomen teksten van die datum, P8_TA(2016)0159.

Juridische mededeling