Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2016/2043(BUD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0182/2016

Ingediende teksten :

A8-0182/2016

Debatten :

Stemmingen :

PV 26/05/2016 - 6.2
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2016)0229

Aangenomen teksten
PDF 267kWORD 74k
Donderdag 26 mei 2016 - Brussel Definitieve uitgave
Beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering: EGF/2015/010 FR/MoryGlobal
P8_TA(2016)0229A8-0182/2016
Resolutie
 Bijlage

Resolutie van het Europees Parlement van 26 mei 2016 over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (aanvraag van Frankrijk – EGF/2015/010 FR/MoryGlobal) (COM(2016)0185 – C8-0136/2016 – 2016/2043(BUD))

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2016)0185) – C8-0136/2016),

–  gezien Verordening (EU) nr. 1309/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (2014-2020) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1927/2006(1) (EFG-verordening),

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(2), en met name artikel 12,

–  gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(3) (IIA van 2 december 2013), en met name punt 13,

–  gezien de trialoogprocedure als bedoeld in punt 13 van het IIA van 2 december 2013,

–  gezien de brief van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken,

–  gezien de brief van de Commissie regionale ontwikkeling,

–  gezien het verslag van de Begrotingscommissie (A8-0182/2016),

A.  overwegende dat de Unie wetgevings- en begrotingsinstrumenten in het leven heeft geroepen om extra steun te geven aan werknemers die de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen of de wereldwijde financiële en economische crisis ondervinden, en hen te helpen bij hun terugkeer op de arbeidsmarkt;

B.  overwegende dat financiële steun van de Unie aan ontslagen werknemers flexibel moet zijn en zo snel en efficiënt mogelijk ter beschikking moet worden gesteld, overeenkomstig de gezamenlijke verklaring van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie die is goedgekeurd tijdens het overleg van 17 juli 2008, en met inachtneming van het IIA van 2 december 2013 met betrekking tot het nemen van besluiten om gebruik te maken van het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG);

C.  overwegende dat de vaststelling van de EFG-verordening vorm geeft aan de overeenkomst tussen het Parlement en de Raad om het criterium "crisisafwijking" opnieuw in te voeren, de financiële bijdrage van de Unie te verhogen tot 60 % van de totale geraamde kosten van de voorgestelde maatregelen, de efficiëntie voor de behandeling van EFG-aanvragen in de Commissie en door het Parlement en de Raad te verhogen door de termijn voor beoordeling en goedkeuring te verkorten, de subsidiabele maatregelen en begunstigden uit te breiden door zelfstandigen en jongeren toe te voegen en stimuleringsmaatregelen voor de oprichting van een eigen bedrijf te financieren;

D.  overwegende dat Frankrijk aanvraag EGF/2015/010 FR/MoryGlobal heeft ingediend voor een financiële bijdrage van het EFG naar aanleiding van ontslagen in de economische sector die is ingedeeld in NACE herziening 2 - afdeling 49 (Vervoer te land en vervoer via pijpleidingen) en ook in NACE herziening 2 - afdeling 52 (Opslag en vervoerondersteunende activiteiten) in heel Europees Frankrijk, en dat 2 132 ontslagen werknemers die voor een EFG-bijdrage in aanmerking komen naar verwachting aan de maatregelen zullen deelnemen; overwegende dat het verzoek voortvloeit uit de gerechtelijke vereffening van MoryGlobal en een vervolg vormt op de eerdere aanvraag EGF/2014/017 FR/Mory-Ducros;

E.  overwegende dat de aanvraag is ingediend op grond van de criteria voor steunverlening van artikel 4, lid 1, onder a), van de EFG-verordening, die vereisen dat binnen een referentieperiode van vier maanden in een onderneming in een lidstaat ten minste 500 werknemers gedwongen zijn ontslagen, met inbegrip van werknemers die gedwongen zijn ontslagen bij leveranciers, respectievelijk downstreamproducenten en/of zelfstandigen die hun werkzaamheden hebben beëindigd;

1.  is het met de Commissie eens dat is voldaan aan de voorwaarden die zijn vastgelegd in artikel 4, lid 1, onder a), van de EFG-verordening en dat Frankrijk bijgevolg recht heeft op een financiële bijdrage uit hoofde van die verordening ter hoogte van 5 146 800 EUR, wat neerkomt op 60 % van de totale kosten van 8 528 000 EUR;

2.  stelt vast dat de Commissie de termijn van twaalf weken na de ontvangst van de aanvraag van de Franse autoriteiten op 19 november 2015 heeft gerespecteerd, aangezien zij haar beoordeling van de naleving van de voorwaarden voor het verlenen van een financiële bijdrage op 7 april 2016 heeft afgerond en haar beoordeling dezelfde dag aan het Parlement heeft toegezonden;

3.  is van mening dat de ontslagen bij MoryGlobal verband houden met de algemene daling van de fysieke output in Europa, die heeft geleid tot een afname van de hoeveelheid te vervoeren goederen en een prijzenoorlog in het wegvervoer, wat op zijn beurt heeft geresulteerd in een gestage afkalving van de exploitatiemarges en een aantal verliezen voor de sector in Frankrijk sinds 2007, gevolgd door een golf van faillissementen, waaronder dat van Mory-Ducros en later van MoryGlobal waar 2 107 voormalige werknemers van Mory-Ducros een nieuwe baan hadden gevonden;

4.  wijst erop dat de EFG-steun aan 2 513 voormalige werknemers van Mory-Ducros, goedgekeurd in april 2015(4), 6 052 200 EUR bedraagt;

5.  merkt op dat tot nu toe voor de sector "Vervoer te land en vervoer via pijpleidingen" twee andere EFG-aanvragen zijn ingediend: aanvraag EGF/2014/017 FR/Mory-Ducros en aanvraag EGF/2011/001 AT/Niederösterreich-Oberösterreich, die beide op de wereldwijde financiële en economische crisis waren gebaseerd, met betrekking tot 2 804 ontslagen in die sector; stelt vast dat meerdere maatregelen in de twee aanvragen soortgelijk zijn;

6.  merkt op dat de Franse autoriteiten reeds op 23 april 2015 zijn begonnen met het verlenen van de individuele diensten aan de getroffen werknemers, dus ruimschoots vóór de aanvraag tot toekenning van EFG-steun voor het voorgestelde gecoördineerde pakket;

7.  is ingenomen met het feit dat Frankrijk het sociaal plan heeft ingevoerd, waaraan MoryGlobal ook financieel bijdraagt, alvorens de extra steun uit het EFG te hebben aangevraagd; waardeert het dat de gevraagde steun uit het EFG geen maatregelen bevat op grond van artikel 7, lid 1, onder b), van de EFG-verordening, namelijk vergoedingen, maar gericht is op maatregelen met echte meerwaarde voor de herintegratie op de arbeidsmarkt van de ontslagen werknemers;

8.  merkt op dat de door het EFG medegefinancierde individuele dienstverlening bestaat uit advies en begeleiding door een team van deskundige adviseurs, die een aanvulling vormen op het sociaal plan en het Contrat de Sécurisation Professionnelle die door de Franse overheid worden gefinancierd om de werknemers aan een nieuwe baan te helpen; constateert dat de drie contractanten die het team consultants vormen, dezelfde consultants zijn die diensten verlenen aan de bij Mory-Ducros ontslagen werknemers; verwacht dat de Commissie en de Franse autoriteiten zich nauwgezet zullen houden aan het beginsel dat de betalingen aan deze bureaus moeten gebeuren op basis van de behaalde resultaten;

9.  merkt op dat de contractanten (BPI, Sodie en AFPA Transitions) de ontslagen werknemers zullen bijstaan en hen zullen helpen oplossingen te vinden om op de arbeidsmarkt te blijven en een nieuwe baan te vinden, door middel van individuele dienstverlening zoals collectieve en individuele informatiesessies, overgang naar een nieuwe baan en begeleiding bij de herintegratie op de arbeidsmarkt;

10.  is van mening dat werknemers in de leeftijdsgroep van 55 tot 64 jaar een groter risico lopen op langdurige werkloosheid en uitsluiting van de arbeidsmarkt, met sociale uitsluiting als mogelijk gevolg; is daarom van mening dat deze werknemers, die samen goed zijn voor ruim 19 % van de beoogde begunstigden van de voorgestelde maatregelen, specifieke behoeften hebben in verband met het aanbieden van individuele dienstverlening overeenkomstig artikel 7 van de EFG-verordening;

11.  constateert dat Frankrijk heeft aangegeven dat het gecoördineerde pakket van individuele dienstverlening werd opgesteld in overleg met de vertegenwoordigers van de werknemers voor wie steun wordt aangevraagd en de sociale partners;

12.  herinnert eraan dat in artikel 7 van de EFG-verordening is bepaald dat bij het samenstellen van het gecoördineerde pakket van individuele dienstverlening rekening moet worden gehouden met toekomstperspectieven op de arbeidsmarkt en de vereiste vaardigheden, en dat het gecoördineerde pakket gericht moet zijn op de overgang naar een grondstoffenefficiënte en duurzame economie; is ingenomen met het feit dat Frankrijk alle nodige garanties heeft geboden dat de voorgestelde maatregelen complementair zullen zijn met acties die door de structuurfondsen worden gefinancierd, als een gecombineerde maatregel ter aanpassing aan de mondiale uitdagingen teneinde te zorgen voor duurzame economische groei, zoals vermeld in de beoordeling van de uitvoering van het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering 2007-2014(5);

13.  constateert dat de contractanten die het team consultants vormen, dezelfde consultants zijn die diensten verlenen aan de bij Mory-Ducros ontslagen werknemers; verzoekt de Commissie een beoordeling te verstrekken van de kosten-/batenanalyse van de huidige steun voor de ontslagen werknemers van Mory-Ducros, aangezien deze aanvraag een vervolg vormt op de eerdere aanvraag EGF/2014/017 FR/Mory-Ducros, alsook van de individuele diensten die door dezelfde contractanten worden verleend;

14.  houdt rekening met het gevoelige karakter van deze specifieke arbeidsmarkt aangezien Frankrijk het grootste meerwaarde-aandeel van de EU-28 in de dienstensector "vervoer te land" heeft;

15.  wijst erop dat de Franse autoriteiten bevestigen dat voor de voorgestelde maatregelen geen financiële steun uit andere fondsen of financieringsinstrumenten van de Unie wordt ontvangen en dat de voorgestelde maatregelen complementair zijn met maatregelen die vanuit de structuurfondsen worden gefinancierd;

16.  herhaalt dat uit het EFG afkomstige steun een aanvulling vormt op nationale maatregelen en niet in de plaats mag komen van maatregelen waartoe lidstaten of ondernemingen verplicht zijn;

17.  waardeert de verbeterde procedure die de Commissie op verzoek van het Parlement in het leven heeft geroepen om de toekenning van subsidies te versnellen; wijst op de tijdsdruk die het nieuwe tijdschema met zich brengt, en op de mogelijke gevolgen voor de doeltreffendheid van de afhandeling van het dossier;

18.  herhaalt zijn oproep aan de Commissie ervoor te zorgen dat alle documenten in verband met EFG-zaken openbaar toegankelijk zijn;

19.  hecht zijn goedkeuring aan het bij deze resolutie gevoegde besluit;

20.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit samen met de voorzitter van de Raad te ondertekenen en zorg te dragen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie;

21.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie, met inbegrip van de bijlage, te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

(1) PB L 347 van 20.12.2013, blz. 855.
(2) PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.
(3) PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.
(4) Besluit (EU) 2015/738 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2015 betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (aanvraag van Frankrijk – EGF/2014/017 FR/Mory-Ducros) (PB L 117 van 8.5.2015, blz. 47).
(5) http://www.europarl.europa.eu/RegData/etudes/IDAN/2016/558763/EPRS_IDA(2016)558763_EN.pdf


BIJLAGE

BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering

(aanvraag van Frankrijk – EGF/2015/010 FR/MoryGlobal)

(De tekst van de bijlage wordt hier niet weergegeven, aangezien deze overeenkomt met de definitieve handeling: Besluit (EU) 2016/989.)

Juridische mededeling