Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2018/0186(CNS)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0433/2018

Ingediende teksten :

A8-0433/2018

Debatten :

Stemmingen :

PV 16/01/2019 - 21.4

Aangenomen teksten :

P8_TA(2019)0027

Aangenomen teksten
PDF 149kWORD 51k
Woensdag 16 januari 2019 - Straatsburg Definitieve uitgave
EU-noodreisdocument *
P8_TA(2019)0027A8-0433/2018

Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 16 januari 2019 over het voorstel voor een richtlijn van de Raad tot vaststelling van een EU-noodreisdocument en tot intrekking van Besluit 96/409/GBVB (COM(2018)0358 – C8-0386/2018 – 2018/0186(CNS))

(Bijzondere wetgevingsprocedure – raadpleging)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan de Raad (COM(2018)0358),

–  gezien artikel 23, lid 2 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het Parlement door de Raad is geraadpleegd (C8-0386/2018),

–  gezien artikel 78 quater van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken (A8‑0433/2018),

1.  hecht zijn goedkeuring aan het Commissievoorstel, als geamendeerd door het Parlement;

2.  verzoekt de Commissie haar voorstel krachtens artikel 293, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie dienovereenkomstig te wijzigen;

3.  verzoekt de Raad, wanneer deze voornemens is af te wijken van de door het Parlement goedgekeurde tekst, het Parlement hiervan op de hoogte te stellen;

4.  wenst opnieuw te worden geraadpleegd ingeval de Raad voornemens is ingrijpende wijzigingen aan te brengen in het voorstel van de Commissie;

5.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad, de Commissie en de nationale parlementen.

Door de Commissie voorgestelde tekst   Amendement
Amendement 1
Voorstel voor een richtlijn
Overweging 19
(19)  Overeenkomstig de punten 22 en 23 van het Interinstitutioneel Akkoord over beter wetgeven24 dient de Commissie voor deze richtlijn een evaluatie uit te voeren, met name op basis van via specifieke monitoringregelingen verzamelde informatie, om de effecten van de verordening en de behoefte aan verdere acties na te gaan.
(19)  Overeenkomstig de punten 22 en 23 van het Interinstitutioneel Akkoord over beter wetgeven24 dient de Commissie voor deze richtlijn een evaluatie uit te voeren, met name op basis van via specifieke monitoringregelingen verzamelde informatie, om de effecten van de verordening, met inbegrip van de gevolgen voor de grondrechten, en de behoefte aan verdere acties na te gaan. De evaluatie moet ter beschikking worden gesteld aan het Europees Parlement, de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming en het Bureau voor de grondrechten.
_________________
_________________
24 Interinstitutioneel Akkoord tussen het Europees Parlement, de Raad van de Europese Unie en de Europese Commissie van 13 april 2016 over beter wetgeven (PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1).
24 Interinstitutioneel Akkoord tussen het Europees Parlement, de Raad van de Europese Unie en de Europese Commissie van 13 april 2016 over beter wetgeven (PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1).
Amendement 5
Voorstel voor een richtlijn
Overweging 20
(20)  Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad25 is van toepassing op de verwerking van persoonsgegevens door de lidstaten in het kader van deze richtlijn. Voor de werking van het EU-NRD-systeem moeten de persoonsgegevens worden verwerkt die nodig zijn om de identiteit van de aanvrager te verifiëren, de EU-NRD-sticker te drukken en de reis van de betrokkene te vergemakkelijken. Er dient nader te worden gespecificeerd welke waarborgen op de verwerkte persoonsgegevens van toepassing zijn, bijvoorbeeld ten aanzien van de maximale bewaringstermijn voor de verzamelde persoonsgegevens. Om misbruik te voorkomen, moet worden voorzien in een maximale bewaringstermijn van drie jaar. Het wissen van persoonsgegevens van aanvragers mag geen afbreuk doen aan de capaciteit van de lidstaten om toezicht te houden op de toepassing van deze richtlijn.
(20)  Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad25 is van toepassing op de verwerking van persoonsgegevens door de lidstaten in het kader van deze richtlijn. Voor de werking van het EU-NRD-systeem moeten de persoonsgegevens worden verwerkt die nodig zijn om de identiteit van de aanvrager te verifiëren, de EU-NRD-sticker te drukken en de reis van de betrokkene te vergemakkelijken. Er dient nader te worden gespecificeerd welke waarborgen op de verwerkte persoonsgegevens van toepassing zijn, bijvoorbeeld ten aanzien van de maximale bewaringstermijn voor de verzamelde persoonsgegevens. Om misbruik te voorkomen, moet worden voorzien in een maximale bewaringstermijn. Deze termijn moet evenredig zijn en mag niet meer bedragen dan 90 dagen na het verstrijken van de geldigheidsduur van het afgegeven EU-NRD. Het anonimiseren of wissen van persoonsgegevens van aanvragers mag geen afbreuk doen aan de capaciteit van de lidstaten om toezicht te houden op de toepassing van deze richtlijn.
__________________
__________________
25 Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming) (PB L 119 van 4.5.2016, blz. 1).
25 Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming) (PB L 119 van 4.5.2016, blz. 1).
Amendement 2
Voorstel voor een richtlijn
Artikel 4 – lid 3
3.  Binnen 36 uur na ontvangst van de in lid 2 bedoelde informatie antwoordt de lidstaat van nationaliteit op de raadpleging overeenkomstig artikel 10, lid 3, van Richtlijn (EU) 2015/637 en bevestigt hij of de aanvrager zijn onderdaan is. Na bevestiging van de nationaliteit van de aanvrager verstrekt de bijstandverlenende lidstaat de aanvrager een EU-NRD uiterlijk op de werkdag na die waarop het antwoord van de lidstaat van nationaliteit is ontvangen.
3.  Binnen 24 uur na ontvangst van de in lid 2 bedoelde informatie antwoordt de lidstaat van nationaliteit op de raadpleging overeenkomstig artikel 10, lid 3, van Richtlijn (EU) 2015/637 en bevestigt hij of de aanvrager zijn onderdaan is. Na bevestiging van de nationaliteit van de aanvrager verstrekt de bijstandverlenende lidstaat de aanvrager een EU-NRD uiterlijk op de werkdag na die waarop het antwoord van de lidstaat van nationaliteit is ontvangen.
Amendement 3
Voorstel voor een richtlijn
Artikel 4 – lid 4
4.  In uitzonderlijke, naar behoren gemotiveerde gevallen mogen de lidstaten de in de leden 1 en 3 vastgestelde termijnen overschrijden.
4.  In uitzonderlijke, naar behoren gemotiveerde gevallen mogen de lidstaten de in de leden 1 en 3 vastgestelde termijnen inkorten of overschrijden.
Amendement 6
Voorstel voor een richtlijn
Artikel 9 – alinea 1 – letter b
b)  aanvullende veiligheidskenmerken en -vereisten, met inbegrip van strengere normen ter voorkoming van vervalsing en namaak;
b)  aanvullende niet-biometrische veiligheidskenmerken en -vereisten, met inbegrip van strengere normen ter voorkoming van vervalsing en namaak;
Amendement 7
Voorstel voor een richtlijn
Artikel 13 – lid 4
4.  De bijstandverlenende lidstaat en de lidstaat van nationaliteit bewaren de persoonsgegevens van een aanvrager niet langer dan drie jaar. Bij het verstrijken van de bewaringstermijn worden de persoonsgegevens van de aanvrager gewist.
4.  De bijstandverlenende lidstaat en de lidstaat van nationaliteit bewaren de persoonsgegevens van een aanvrager niet langer dan 90 dagen na het verstrijken van de geldigheidsduur van het afgegeven EU-NRD. Bij het verstrijken van de bewaringstermijn worden de persoonsgegevens van de aanvrager gewist. Indien nodig voor de monitoring en evaluatie van deze verordening, mogen geanonimiseerde gegevens worden bewaard.
Amendement 4
Voorstel voor een richtlijn
Artikel 15 – lid 1
1.  Op zijn vroegst vijf jaar na de datum van omzetting van deze richtlijn verricht de Commissie een evaluatie van de richtlijn en brengt zij aan het Europees Parlement en de Raad verslag uit over de belangrijkste bevindingen, onder meer wat de geschiktheid van het niveau van beveiliging van de persoonsgegevens betreft.
1.  Op zijn vroegst drie jaar na de datum van omzetting van deze richtlijn verricht de Commissie een evaluatie van de richtlijn en brengt zij aan het Europees Parlement en de Raad verslag uit over de belangrijkste bevindingen, onder meer wat de geschiktheid van het niveau van beveiliging van de persoonsgegevens en de mogelijke gevolgen voor de grondrechten betreft.
Laatst bijgewerkt op: 13 december 2019Juridische mededeling