Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2018/0251(NLE)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0413/2018

Ingediende teksten :

A8-0413/2018

Debatten :

PV 16/01/2019 - 34
CRE 16/01/2019 - 34

Stemmingen :

PV 17/01/2019 - 10.3
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2019)0035

Aangenomen teksten
PDF 174kWORD 56k
Donderdag 17 januari 2019 - Straatsburg Definitieve uitgave
Bijstandsprogramma voor de ontmanteling van de kerncentrale van Ignalina in Litouwen *
P8_TA(2019)0035A8-0413/2018

Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 17 januari 2019 over het voorstel voor een verordening van de Raad tot vaststelling van het bijstandsprogramma voor de ontmanteling van de kerncentrale van Ignalina in Litouwen (het Ignalina-programma) en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1369/2013 van de Raad (COM(2018)0466 – C8-0394/2018 – 2018/0251(NLE))

(Raadpleging)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan de Raad (COM(2018)0466),

—  gezien de Toetredingsakte van 2003, en met name artikel 3 van het daaraan gehechte Protocol nr. 4,

–  gezien het verzoek om advies van de Raad (C8-0394/2018),

—  gezien artikel 78 quater van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie industrie, onderzoek en energie (A8-0413/2018),

1.  hecht zijn goedkeuring aan het Commissievoorstel zoals geamendeerd door het Parlement;

2.  verzoekt de Commissie haar voorstel krachtens artikel 293, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie dienovereenkomstig te wijzigen;

3.  verzoekt de Raad, wanneer deze voornemens is af te wijken van de door het Parlement goedgekeurde tekst, het Parlement hiervan op de hoogte te stellen;

4.  wenst opnieuw te worden geraadpleegd ingeval de Raad voornemens is ingrijpende wijzigingen aan te brengen in het voorstel van de Commissie;

5.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

Door de Commissie voorgestelde tekst   Amendement
Amendement 1
Voorstel voor een verordening
Overweging 1
(1)  Volgens Protocol nr. 4 bij de Toetredingsakte van 2003 betreffende de kerncentrale van Ignalina1, heeft Litouwen zich ertoe verbonden de eenheden 1 en 2 van de kerncentrale van Ignalina uiterlijk op respectievelijk 31 december 2004 en 31 december 2009 te sluiten en deze eenheden vervolgens te ontmantelen.
(1)  Volgens Protocol nr. 4 bij de Toetredingsakte van 2003 betreffende de kerncentrale van Ignalina1, heeft Litouwen zich ertoe verbonden de eenheden 1 en 2 van de kerncentrale van Ignalina uiterlijk op respectievelijk 31 december 2004 en 31 december 2009 te sluiten en deze eenheden vervolgens te ontmantelen. Protocol nr. 4 blijft de rechtsbasis voor het Ignalina-programma.
_____________
_________________
1 PB L 236 van 23.9.2003, blz. 944.
1 PB L 236 van 23.9.2003, blz. 944.
Amendement 2
Voorstel voor een verordening
Overweging 2
(2)  In overeenstemming met de verplichtingen van het toetredingsverdrag en met steun van de Unie heeft Litouwen de beide eenheden binnen de respectieve termijnen gesloten en aanzienlijke vooruitgang geboekt met de ontmanteling ervan. De werkzaamheden om het niveau van stralingsrisico nog verder naar beneden te brengen moeten worden voortgezet. Op basis van de beschikbare ramingen zijn voor dit doel na 2020 extra financiële middelen nodig.
(2)  In overeenstemming met de verplichtingen van het toetredingsverdrag en met steun van de Unie heeft Litouwen de beide eenheden binnen de respectieve termijnen gesloten en aanzienlijke vooruitgang geboekt met de ontmanteling ervan. De werkzaamheden om het niveau van stralingsrisico nog verder naar beneden te brengen moeten worden voortgezet. Op basis van de beschikbare ramingen en de geplande datum van definitieve sluiting in 2038 zijn voor dit doel na 2020 aanzienlijke financiële middelen nodig. Om het ontmantelingsplan voor 2038 te kunnen afronden, moet het financieringstekort van 1 548 miljoen EUR worden gedicht.
Amendement 3
Voorstel voor een verordening
Overweging 3
(3)  De activiteiten die onder deze verordening vallen, moeten in overeenstemming zijn met de toepasselijke wetgeving van de Unie en de lidstaten. De ontmanteling van de kerncentrale die onder deze verordening valt, moet worden uitgevoerd overeenkomstig de wetgeving inzake nucleaire veiligheid, namelijk Richtlijn 2009/71/Euratom van de Raad1, en de wetgeving inzake afvalbeheer, namelijk Richtlijn 2011/70/Euratom van de Raad.2 Litouwen blijft de eindverantwoordelijkheid dragen voor de nucleaire veiligheid en het veilige beheer van verbruikte splijtstof en kernafval.
(3)  De activiteiten die onder deze verordening vallen, moeten in overeenstemming zijn met de toepasselijke wetgeving van de Unie en de lidstaten. De ontmanteling van de kerncentrale die onder deze verordening valt, moet worden uitgevoerd overeenkomstig de wetgeving inzake nucleaire veiligheid, namelijk Richtlijn 2009/71/Euratom van de Raad1, en de wetgeving inzake afvalbeheer, namelijk Richtlijn 2011/70/Euratom van de Raad.2 Litouwen blijft de eindverantwoordelijkheid dragen voor de nucleaire veiligheid en het veilige beheer van verbruikte splijtstof en kernafval. Richtlijn 2011/70/Euratom staat evenwel toe dat de Unie bijdraagt aan een reeks ontmantelingsprojecten, inclusief de opslag en berging van verbruikte splijtstof en radioactief afval. Hoewel in Richtlijn 2011/70/Euratom wordt gesteld dat de kosten voor het beheer van verbruikte splijtstof en radioactief afval ten laste komen van degene die deze materialen hebben geproduceerd, kan deze bepaling niet met terugwerkende kracht op Litouwen worden toegepast. Litouwen heeft de kerncentrale van Ignalina gesloten vóór de vaststelling van de richtlijn en had dus niet de mogelijkheid om voldoende financiële middelen bijeen te brengen voor de opslag en berging van verbruikte splijtstof en radioactief afval.
_____________
_________________
1 Richtlijn 2009/71/Euratom van de Raad van 25 juni 2009 tot vaststelling van een communautair kader voor de nucleaire veiligheid van kerninstallaties (PB L 172 van 2.7.2009, blz. 18).
1 Richtlijn 2009/71/Euratom van de Raad van 25 juni 2009 tot vaststelling van een communautair kader voor de nucleaire veiligheid van kerninstallaties (PB L 172 van 2.7.2009, blz. 18).
2 Richtlijn 2011/70/Euratom van de Raad van 19 juli 2011 tot vaststelling van een communautair kader voor een verantwoord en veilig beheer van verbruikte splijtstof en radioactief afval (PB L 199 van 2.8.2011, blz. 48).
2 Richtlijn 2011/70/Euratom van de Raad van 19 juli 2011 tot vaststelling van een communautair kader voor een verantwoord en veilig beheer van verbruikte splijtstof en radioactief afval (PB L 199 van 2.8.2011, blz. 48).
Amendement 4
Voorstel voor een verordening
Overweging 4
(4)  In Protocol nr. 4 is bepaald dat de Unie zich er rekenschap van geeft dat het vervroegd sluiten en vervolgens ontmantelen van de kerncentrale van Ignalina - die is uitgerust met twee van de voormalige Sovjet-Unie geërfde reactoren van het RBMK-type met een vermogen van 1 500 MW - een ongekend grootscheepse onderneming is die voor Litouwen uitzonderlijke financiële lasten met zich meebrengt die niet in verhouding staan tot de omvang en de economische draagkracht van het land en dat zij haar via het Ignalina-programma verleende steun na 2006 ononderbroken moet voortzetten en verlengen voor de periode van de volgende financiële vooruitzichten.
(4)  In Protocol nr. 4 is bepaald dat de Unie zich er rekenschap van geeft dat het vervroegd sluiten en vervolgens ontmantelen van de kerncentrale van Ignalina, die is uitgerust met twee van de voormalige Sovjet-Unie geërfde reactoren van het RBMK-type (grafietgemodereerd, kanaaltype) – vergelijkbaar met die in Chernobyl werden gebruikt – met een vermogen van 1 500 MW, een ongekend grootscheepse onderneming is, aangezien er nergens ter wereld ooit eerder een reactor van dit type is ontmanteld, die voor Litouwen uitzonderlijke financiële lasten met zich meebrengt die niet in verhouding staan tot de omvang en de economische draagkracht van het land en dat zij haar via het Ignalina-programma verleende steun na 2006 ononderbroken moet voortzetten en verlengen voor de periode van de volgende financiële vooruitzichten tot de definitieve sluitingsdatum die momenteel gepland staat voor 2038.
Amendement 5
Voorstel voor een verordening
Overweging 10
(10)  Het programma moet ook zorgen voor de verspreiding over alle lidstaten van de kennis die in het kader van het programma is vergaard, in samenwerking en in synergie met het andere relevante programma van de Unie voor ontmantelingswerkzaamheden in Bulgarije, Slowakije en het Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek van de Commissie, aangezien dergelijke maatregelen de grootste toegevoegde waarde van de Unie met zich meebrengen.
(10)  Het programma moet ook zorgen voor de verspreiding over alle lidstaten van de kennis die in het kader van het programma is vergaard, in samenwerking en in synergie met het andere relevante programma van de Unie voor ontmantelingswerkzaamheden in Bulgarije, Slowakije en het Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek van de Commissie. De financiering van kennisverspreiding moet niet plaatsvinden in het kader van de financiering van de ontmantelingswerkzaamheden, maar moet afkomstig zijn uit andere financieringsbronnen van de Unie, zodat de maatregelen de grootste toegevoegde waarde voor de Unie met zich meebrengen.
Amendement 6
Voorstel voor een verordening
Overweging 11
(11)  Bij de ontmanteling van de kerncentrale van Ignalina dient gebruik te worden gemaakt van de beste technische expertise die beschikbaar is, rekening houdend met de aard en de technische specificaties van de te ontmantelen installaties, zodat de veiligheid en de grootst mogelijke doeltreffendheid worden gewaarborgd en internationale beste praktijken in acht worden genomen.
(11)  Bij de ontmanteling van de kerncentrale van Ignalina dient gebruik te worden gemaakt van de beste technische expertise die beschikbaar is, rekening houdend met de aard en de technische specificaties van de te ontmantelen installaties, zodat de veiligheid en de grootst mogelijke doeltreffendheid worden gewaarborgd en internationale beste praktijken in acht worden genomen, waarbij moet worden gezorgd voor marktconforme salarissen voor gekwalificeerd personeel.
Amendement 7
Voorstel voor een verordening
Overweging 12
(12)  De Commissie en Litouwen moeten voor een effectieve monitoring en controle van het verloop van het ontmantelingsproces zorgen om de grootste meerwaarde voor de Unie van de in het kader van deze verordening toegewezen financiering te waarborgen, ook al ligt de eindverantwoordelijkheid voor de ontmanteling bij Litouwen. Dit omvat doeltreffende metingen van de voortgang en de prestatie en de vaststelling van corrigerende maatregelen, indien nodig.
(12)  De Commissie en Litouwen moeten voor een effectieve monitoring en controle van het verloop van het ontmantelingsproces zorgen om de grootste meerwaarde voor de Unie van de in het kader van deze verordening toegewezen financiering te waarborgen. Dit omvat een effectieve monitoring van de voortgang en de prestatie en, indien nodig, de vaststelling van corrigerende maatregelen in samenspraak met Litouwen en de Unie.
Amendement 8
Voorstel voor een verordening
Overweging 16
(16)  Het programma moet worden uitgevoerd met een gezamenlijke financiële inspanning van de Unie en van Litouwen. Er moet een maximumdrempel voor medefinanciering door de Unie worden vastgesteld in overeenstemming met de medefinanciering in het kader van de voorgaande programma’s. Rekening houdend met de praktijk van vergelijkbare programma's van de Unie en de sterkere Litouwse economie sinds het begin van het ontmantelingsprogramma van Ignalina tot het einde van de uitvoering van de maatregelen die in het kader van deze verordening worden gefinancierd, moet het medefinancieringspercentage van de Unie niet hoger liggen dan 80 % van de in aanmerking komende kosten. De resterende medefinanciering moet door Litouwen en uit andere bronnen dan de begroting van de Unie worden verstrekt, met name internationale financiële instellingen en andere donoren.
(16)  Het programma moet worden uitgevoerd met een gezamenlijke financiële inspanning van de Unie en van Litouwen. In Protocol nr. 4 van het toetredingsverdrag uit 2003 is bepaald dat de bijdrage van de Unie in het kader van het Ignalina-programma voor bepaalde maatregelen 100 % van de totale kosten kan bedragen. Er moet een drempel voor medefinanciering door de Unie worden vastgesteld in overeenstemming met de medefinanciering in het kader van de voorgaande programma’s. Rekening houdend met de bevindingen van het verslag van de Commissie betreffende de evaluatie en uitvoering van de programma's ter ondersteuning van de ontmanteling van de kerncentrales in Bulgarije, Slowakije en Litouwen en de politieke toezegging van Litouwen om minimaal 14 % van de totale ontmantelingskosten voor zijn rekening te nemen, moet het medefinancieringspercentage van de Unie, van het begin van het ontmantelingsprogramma van Ignalina tot het einde van de uitvoering van de maatregelen die in het kader van deze verordening worden gefinancierd, 86 % van de in aanmerking komende kosten bedragen. De resterende medefinanciering moet door Litouwen en uit andere bronnen dan de begroting van de Unie worden verstrekt. Er moet naar gestreefd worden financiering uit andere bronnen, met name internationale financiële instellingen en andere donoren, aan te trekken.
Amendement 9
Voorstel voor een verordening
Overweging 16 bis (nieuw)
(16 bis)   Buiten de werkingssfeer van het Ignalina-programma om blijft Litouwen eindverantwoordelijk voor de ontwikkeling van en investeringen in de Ignalina-regio, die wordt gekenmerkt door lage inkomens en de hoogste werkloosheidspercentages van het land, hoofdzakelijk als gevolg van de sluiting van de kerncentrale van Ignalina, die de grootste werkgever van de regio was.
Amendement 10
Voorstel voor een verordening
Overweging 19
(19)  Het programma valt binnen de werkingssfeer van het nationale programma van Litouwen op grond van Richtlijn 2011/70/Euratom van de Raad.
(19)  Het programma valt binnen de werkingssfeer van het nationale programma van Litouwen op grond van Richtlijn 2011/70/Euratom van de Raad, en kan onverminderd de bepalingen van deze richtlijn bijdragen aan de uitvoering van het nationale programma.
Amendement 11
Voorstel voor een verordening
Overweging 23 bis (nieuw)
(23 bis)   Financiële ondersteuning door de Unie van de ontmanteling van de kernreactor van Ignalina is om historische redenen volledig gerechtvaardigd, maar het programma moet geen precedent scheppen voor de aanwending van Uniemiddelen bij de ontmanteling van andere kernreactoren. Iedere lidstaat heeft de ethische plicht ervoor te zorgen dat toekomstige generaties geen onnodige last ondervinden van de verbruikte splijtstof en het radioactief afval noch van het radioactief afval dat de ontmanteling van bestaande kerninstallaties naar verwachting zal meebrengen. Nationaal beleid moet gebaseerd zijn op het beginsel "de vervuiler betaalt".
Amendement 12
Voorstel voor een verordening
Overweging 23 ter (nieuw)
(23 ter)   Aanbeveling 2006/851/Euratom van de Commissie luidt dat overeenkomstig het beginsel "de vervuiler betaalt" nucleaire exploitanten gedurende de periode dat kerninstallaties in bedrijf zijn voldoende financiële middelen opzij moeten leggen met het oog op ontmantelingskosten in de toekomst.
Amendement 13
Voorstel voor een verordening
Artikel 3 – lid 1
1.  De algemene doelstelling van het programma is om Litouwen te steunen bij de ontmanteling van de kerncentrale van Ignalina, waarbij speciaal de nadruk wordt gelegd op het beheer van uitdagingen op het gebied van de nucleaire veiligheid in verband met de ontmanteling van de kerncentrale van Ignalina en waarbij wordt gezorgd voor de ruime verspreiding van de daarbij opgedane kennis over de ontmanteling van kerninstallaties onder alle EU-lidstaten.
1.  De algemene doelstelling van het programma is om Litouwen op adequate wijze bij te staan bij de veilige ontmanteling van de kerncentrale van Ignalina, waarbij speciaal de nadruk wordt gelegd op het beheer van uitdagingen op het gebied van de nucleaire veiligheid bij de ontmanteling van de kerncentrale van Ignalina, en waarbij ook de veiligheid van de tussentijdse opslag van verbruikte splijtstof moet worden gewaarborgd.
Amendement 14
Voorstel voor een verordening
Artikel 3 – lid 2
2.  Het programma heeft als specifieke doelstelling om de ontmanteling en de ontsmetting van de reactorschachten overeenkomstig het ontmantelingsplan uit te voeren, het veilige beheer van afval van de ontmanteling en afval uit het verleden voort te zetten en de opgedane kennis onder belanghebbenden in de EU te verspreiden.
2.  Het programma heeft als belangrijkste doelstelling om de ontmanteling en de ontsmetting van de reactorschachten overeenkomstig het ontmantelingsplan uit te voeren en het veilige beheer van afval van de ontmanteling en afval uit het verleden voort te zetten.
Amendement 15
Voorstel voor een verordening
Artikel 3  lid 2 bis (nieuw)
2 bis.  Het programma heeft bovendien de aanvullende doelstelling om te zorgen voor de ruime verspreiding van de opgedane kennis over de ontmanteling van kerninstallaties onder alle lidstaten. De aanvullende doelstelling wordt gefinancierd uit het programma voor financiële bijstand voor de ontmanteling van nucleaire faciliteiten en het beheer van kernafval (COM(2018)0467).
Amendement 16
Voorstel voor een verordening
Artikel 3 – lid 3
3.   De specifieke doelstelling wordt nader beschreven in bijlage I. De Commissie kan bijlage I door middel van uitvoeringshandelingen wijzigen overeenkomstig de in artikel 12, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure.
3.   De belangrijkste doelstelling wordt nader beschreven in bijlage I.
Amendement 17
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 1
1.  De financiële middelen voor de uitvoering van het programma voor de periode 2021-2027 bedragen 552 000 000 EUR in lopende prijzen.
1.  De financiële middelen voor de uitvoering van het programma voor de periode 2021-2027 bedragen 780 000 000 EUR in lopende prijzen voor de verwezenlijking van de belangrijkste doelstelling van het programma (ontmantelingsactiviteiten).
Amendement 18
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – alinea 1
Het algehele maximale medefinancieringspercentage van de Unie dat van toepassing is in het kader van het programma, bedraagt 80 %. De resterende financiering wordt door Litouwen en uit andere bronnen dan de begroting van de Unie verstrekt.
Het algehele medefinancieringspercentage van de Unie dat van toepassing is in het kader van het programma, bedraagt 86 %. De resterende financiering wordt door Litouwen en uit andere bronnen dan de begroting van de Unie verstrekt.
Amendement 19
Voorstel voor een verordening
Bijlage I – punt 4
4.  Belangrijke radiologische veiligheidsproblemen in de financieringsperiode 2021-2027 worden aangepakt door middel van activiteiten in het kader van de punten P.1, P.2 en P.4. Met name de ontmanteling van de reactorkernen wordt in punt P.2 behandeld. Kleinere probleempunten worden aangepakt in punt P.3, terwijl de punten P.0 en P.5 betrekking hebben op activiteiten ter ondersteuning van de ontmanteling.
4.  Belangrijke radiologische veiligheidsproblemen in de financieringsperiode 2021-2027 worden aangepakt door middel van activiteiten in het kader van de punten P.1, P.2, P.3 en P.4. Met name de ontmanteling van de reactorkernen wordt in punt P.2 behandeld. De punten P.0 en P.5 betrekking hebben op activiteiten ter ondersteuning van de ontmanteling.
Amendement 20
Voorstel voor een verordening
Bijlage I – punt 5 – tabel 1 – item P.3

Door de Commissie voorgestelde tekst

TABEL 1

#

Post

Prioriteit

P.3

Behandeling van de bestraalde splijtstof

II

Amendement

TABEL 1

#

Post

Prioriteit

P.3

Behandeling van de bestraalde splijtstof

I

Amendement 21
Voorstel voor een verordening
Bijlage I – punt 7
7.  De berging van verbruikte splijtstof en radioactief afval in een diepe geologische bergingsplaats valt buiten het toepassingsgebied van het programma en de plannen daarvoor moeten door Litouwen in zijn nationale programma voor het beheer van verbruikte splijtstof en radioactief afval worden uitgewerkt, zoals op grond van Richtlijn 2011/70/Euratom van de Raad is vereist.
7.  Aangezien de berging van verbruikte splijtstof en radioactief afval in een diepe geologische bergingsplaats buiten het toepassingsgebied van het programma voor de periode 2021-2027 valt, moeten Litouwen en de Unie tijdig overleg plegen over de mogelijke opname van deze activiteiten in het werkingsgebied van het programma in het kader van het volgende meerjarig financieel kader.
Laatst bijgewerkt op: 13 december 2019Juridische mededeling