Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2018/3004(DEA)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B8-0090/2019

Ingediende teksten :

B8-0090/2019

Debatten :

Stemmingen :

Aangenomen teksten :

P8_TA(2019)0101

Aangenomen teksten
PDF 126kWORD 48k
Woensdag 13 februari 2019 - Straatsburg Voorlopige uitgave
Geen bezwaar tegen een gedelegeerde handeling: datum waarop de clearingverplichting in werking treedt voor bepaalde soorten contracten
P8_TA-PROV(2019)0101B8-0090/2019

Besluit van het Europees Parlement om geen bezwaar te maken tegen de gedelegeerde verordening van de Commissie van 19 december 2018 tot wijziging van Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2205 van de Commissie, Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/592 van de Commissie en Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/1178 van de Commissie en tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de datum waarop de clearingverplichting in werking treedt voor bepaalde soorten contracten (C(2018)09122 – 2018/3004(DEA))

Het Europees Parlement,

–  gezien de gedelegeerde verordening van de Commissie (C(2018)09122),

–  gezien het schrijven van de Commissie van 19 december 2018, waarin zij het Parlement verzoekt te verklaren dat het geen bezwaar zal maken tegen de gedelegeerde verordening,

–  gezien het schrijven van de Commissie economische en monetaire zaken aan de voorzitter van de Conferentie van commissievoorzitters van 4 februari 2019,

–  gezien de mededeling van de Commissie van 19 december 2018 getiteld "Voorbereidingen treffen voor de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie op 30 maart 2019: uitvoering van het noodplan van de Commissie" (COM(2018)0890),

–  gezien artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende otc-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters(1), en met name de artikelen 5, lid 2, en artikel 82, lid 6,

–  gezien artikel 13 van Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor effecten en markten), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/77/EG van de Commissie(2),

–  gezien de op 8 november 2018 krachtens artikel 5, lid 2, van Verordening (EU) nr. 648/2012 door de Europese Autoriteit voor effecten en markten ingediende technische reguleringsnormen inzake de vernieuwing van contracten waarvoor de clearingverplichting nog niet in werking is getreden,

–  gezien de aanbeveling voor een besluit van de Commissie economische en monetaire zaken,

–  gezien artikel 105, lid 6, van zijn Reglement,

A.  overwegende dat de gedelegeerde handeling belangrijke regels met betrekking tot transacties omvat die worden gesloten tussen een in het Verenigd Koninkrijk gevestigde en een in de EU-27 gevestigde tegenpartij, en deel uitmaakt van het pakket noodmaatregelen in het geval van een no-dealbrexit;

B.  overwegende dat het Parlement onderschrijft dat het van belang is voor bevoegde autoriteiten en financiële markten om bepaalde transacties die voortvloeien uit een vernieuwing voor een beperkte periode van twaalf maanden vrij te stellen, indien de in het VK gevestigde tegenpartij wordt vervangen in een tegenpartij binnen de EU-27;

C.  overwegende dat het Parlement van oordeel is dat de technische reguleringsnormen die zijn aangenomen en het ontwerp van technische reguleringsnormen dat door de Europese toezichthoudende autoriteiten is ingediend niet "hetzelfde" zijn aangezien de Commissie wijzigingen heeft aangebracht in het ontwerp, en dat het van mening is dat het drie maanden de tijd heeft om bezwaar te maken tegen de technische reguleringsnormen (de "controleperiode"); overwegende dat het Parlement de Commissie aanspoort de controleperiode van één maand alleen toe te passen als de Commissie de ontwerpen van de Europese toezichthoudende autoriteiten zonder wijzigingen heeft aangenomen, d.w.z. als het ontwerp en de aangenomen technische reguleringsnormen "hetzelfde" zijn;

1.  verklaart geen bezwaar te maken tegen de gedelegeerde verordening;

2.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

(1) PB L 201 van 27.7.2012, blz. 1.
(2) PB L 331 van 15.12.2010, blz. 84.

Laatst bijgewerkt op: 14 februari 2019Juridische mededeling