Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2018/2246(INI)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0074/2019

Ingediende teksten :

A8-0074/2019

Debatten :

PV 12/03/2019 - 22
CRE 12/03/2019 - 22

Stemmingen :

PV 13/03/2019 - 11.24
CRE 13/03/2019 - 11.24
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2019)0188

Aangenomen teksten
PDF 143kWORD 54k
Woensdag 13 maart 2019 - Straatsburg Voorlopige uitgave
Associatieovereenkomst tussen de EU en Monaco, Andorra en San Marino
P8_TA-PROV(2019)0188A8-0074/2019

Aanbeveling van het Europees Parlement van 13 maart 2019 aan de Raad, de Commissie en de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid over de associatieovereenkomst tussen de EU en Monaco, Andorra en San Marino (2018/2246(INI))

Het Europees Parlement,

–  gezien Besluit (EU) 2014/... van de Raad van 22 december 2014 tot machtiging van de Europese Commissie om namens de lidstaten te onderhandelen over de onder de bevoegdheid van de lidstaten vallende bepalingen van een of meerdere associatieovereenkomst(en) met het Vorstendom Andorra, het Vorstendom Monaco en de Republiek San Marino,

–  gezien artikel 218 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien artikel 8 van het Verdrag betreffende de Europese Unie en de Verklaring ad artikel 8 van het Verdrag betreffende de Europese Unie, waarin staat dat de Unie rekening houdt met de bijzondere situatie van de landen met een klein grondgebied die specifieke nabuurschapsbetrekkingen met haar onderhouden,

–  gezien de mededeling van de Commissie van 20 november 2012 over EU-betrekkingen met het Vorstendom Andorra, het Vorstendom Monaco en de Republiek San Marino —Mogelijkheden voor nauwere integratie met de EU (COM(2012)0680),

–  gezien het werkdocument van de diensten van de Commissie van 20 november 2012 over de belemmeringen voor de toegang van Andorra, Monaco en San Marino tot de interne markt van de EU en over samenwerking op andere gebieden (SWD(2012)0388),

–  gezien het verslag van de Commissie van 18 november 2013 over EU-betrekkingen met het Vorstendom Andorra, het Vorstendom Monaco en de Republiek San Marino — Mogelijkheden voor hun deelname aan de interne markt (COM(2013)0793),

–  gezien de conclusies van de Raad van 11 december 2018 over een homogene uitgebreide interne markt en over EU-betrekkingen met West-Europese landen die geen lid zijn van de EU,

–  gezien artikel 113 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie buitenlandse zaken (A8‑0074/2019),

A.  overwegende dat het Vorstendom Andorra (Andorra), het Vorstendom Monaco (Monaco) en de Republiek San Marino (San Marino) van oudsher soevereine staten zijn; overwegende dat zij de geschiedenis van Europa mee hebben gevormd en hechte en duurzame politieke, economische, sociale en culturele betrekkingen hebben met de lidstaten in hun onmiddellijke nabijheid en met de EU als geheel; overwegende dat het partnerschap van de EU met deze landen gestoeld is op onze gemeenschappelijke politieke en culturele waarden;

B.  overwegende dat Andorra, Monaco en San Marino blijk hebben gegeven van een sterke politieke, economische en culturele Europese ambitie en zij een sterke wens hebben om nauwere politieke, economische en culturele betrekkingen met de Europese Unie te onderhouden; overwegende dat tijdig positief gereageerd moet worden op deze ambitie, zowel in het belang van Andorra, Monaco en San Marino als in het belang van de EU, en dat de onderhandelingen over de nieuwe associatieovereenkomst, die het nieuwe referentiekader zal vormen voor de betrekkingen tussen de EU en deze landen, spoedig afgerond moeten worden;

C.  overwegende dat het ook in het belang is van de lidstaten die van oudsher nauwe historische, politieke en economische banden hebben met Andorra, Monaco en San Marino om de betrekkingen van deze landen met de Europese Unie als geheel te verdiepen en te verduidelijken; overwegende dat het in dit verband van essentieel belang is rekening te houden met de bijzondere bilaterale betrekkingen die deze lidstaten al met Andorra, Monaco en San Marino hebben, met name met het oog op de rechtszekerheid;

D.  overwegende dat Andorra, Monaco en San Marino van oudsher de standpunten van de Europese Unie bij de Verenigde Naties steunen;

E.  overwegende dat Andorra, Monaco en San Marino alle drie relevante economische partners voor de lidstaten in hun onmiddellijke nabijheid zijn, en werkgelegenheid bieden aan een aanzienlijk aantal EU-burgers; overwegende dat een nauwere band tussen de EU en Andorra, Monaco en San Marino alle partijen een mogelijkheid zou bieden voor verdere economische ontwikkeling, met een positief economisch overloopeffect op de regio's van de lidstaten in de onmiddellijke nabijheid, onder meer door extra arbeidsmogelijkheden en de versterking van internationale professionele vaardigheden;

F.  overwegende dat het van belang is bij de onderhandelingen over de associatieovereenkomst ten volle rekening te houden met de specifieke kenmerken van Andorra, Monaco en San Marino als kleinere staten overeenkomstig verklaring 3 over artikel 8 van het Verdrag betreffende de Europese Unie; overwegende dat, derhalve, het beperkte grondgebied en het lage bevolkingsaantal van Andorra, Monaco en San Marino in aanmerking genomen moeten worden, evenals de gevolgen daarvan voor de handhaving van adequate sociaal-economische toegang en inclusie voor de burgers van deze landen; overwegende dat deze toegang en inclusie essentieel zijn voor het behoud van de eigen cultuur, tradities en waarden van deze drie gemeenschappen; overwegende dat het, zonder specifieke toegangs- en inclusiemechanismen, voor sommige burgers moeilijk kan zijn om de nodige middelen te vinden om in hun land van herkomst te leven; overwegende dat het derhalve cruciaal is om het politieke, sociaal-economische, culturele en identitaire weefsel van Andorra, Monaco en San Marino te behouden, onder meer door adequate bepalingen in de associatieovereenkomst op te nemen, en deze aan te passen aan de realiteit van de Europese integratie;

G.  overwegende dat Andorra, Monaco en San Marino elk duurzame bilaterale overeenkomsten met hun respectieve buurlanden hebben gesloten over onderwerpen van wederzijds belang, waarin rekening wordt gehouden met de specifieke kenmerken en gevoeligheden van de drie landen en met de noodzaak om de levensvatbaarheid van deze staten te handhaven; overwegende dat deze specifieke kenmerken en gevoeligheden zijn erkend door de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa;

H.  overwegende dat Andorra, Monaco en San Marino alle drie belangrijke hervormingen hebben doorgevoerd en voor convergentie van de regelgeving met de EU hebben gezorgd, in het bijzonder wat de regelgeving van de bancaire en financiële sector betreft;

I.  overwegende dat de Raad tijdens zijn vergadering van 4 december 2018 besloten heeft Andorra en San Marino te schrappen uit bijlage II bij de conclusies van de Raad van 5 december 2017, wat bevestigt dat zij voldaan hebben aan alle resterende toezeggingen in verband met transparantie, eerlijke belastingheffing en BEPS-bestrijdingsmaatregelen (tegen grondslaguitholling en winstverschuiving); overwegende dat Monaco nooit in deze bijlage heeft gestaan, en dat de Raad al op 5 december 2017 heeft geconstateerd dat Monaco volledig aan deze toezeggingen had voldaan; overwegende dat het Mondiaal Forum inzake transparantie en uitwisseling van inlichtingen voor belastingdoeleinden van de OESO op zijn bijeenkomsten in april en juli 2018 heeft verklaard dat Monaco en San Marino voldoen aan de internationale normen inzake de uitwisseling van informatie op verzoek;

J.  overwegende dat Andorra met betrekking tot de financiële regelgeving belangrijke hervormingen heeft doorgevoerd en voor een geleidelijke aanpassing aan de EU-wetgeving heeft gezorgd, en dat dit moet worden geprezen; overwegende dat de EU en Andorra een gunstige overeenkomst hebben gesloten over tabak; overwegende dat Andorra nu gemakkelijker zal kunnen overgaan naar een meer gediversifieerde economie; overwegende dat dit langetermijnproces de nodige problemen met zich zal meebrengen en dat er derhalve adequate bescherming nodig is voor werknemers in Andorra wanneer het land overgaat naar een meer gediversifieerde economie; overwegende dat een bredere toegang tot de interne markt de economische ontwikkeling op de lange termijn zal ondersteunen en nieuwe economische groei en werkgelegenheid in Andorra zal creëren;

K.  overwegende dat San Marino momenteel kampt met moeilijkheden om te exporteren naar andere EU-lidstaten dan Italië vanwege de aanvullende btw-documentatie die vereist wordt; overwegende dat de associatieovereenkomst de mogelijkheid moet bieden om een gelijk speelveld in de EU te creëren, wat zeer waardevol zou zijn voor de exporteurs in San Marino; overwegende dat de associatieovereenkomst de banken van Andorra en San Marino toegang moet geven tot het paspoortsysteem van de EU voor banken en aanbieders van financiële diensten;

L.  overwegende dat de burgers van Monaco in hun eigen land een minderheid vormen en dat de onroerendgoedmarkt en de arbeidsmarkt dusdanig zijn dat actieve ondersteuning van de burgers van Monaco essentieel is om ervoor te zorgen dat zij in het land kunnen blijven wonen; overwegende dat de bepalingen over de vereenvoudigde toegang tot de werkgelegenheid zowel gelden voor de burgers van Monaco als voor degenen die woonachtig zijn in de omringende steden buiten het grondgebied van Monaco; overwegende dat 92 % van de werknemers in Monaco EU-burgers zijn;

M.  overwegende dat de associatieovereenkomst met de EU de mogelijkheid biedt om op gebieden van wederzijds belang samen te werken en deel te nemen aan horizontale beleidsmaatregelen op bepaalde beleidsterreinen, zoals onderzoek, milieu en onderwijs (Erasmus+);

N.  overwegende dat de associatieovereenkomst pas in werking kan treden als deze is goedgekeurd door het Parlement;

1.  beveelt de Raad, de Commissie en de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid het volgende aan:

   (a) de onderhandelingen over de associatieovereenkomst aan te grijpen om de waarde van nauwere betrekkingen en integratie met de EU aan te tonen – aan de publieke opinie in zowel Andorra, Monaco en San Marino als de EU — en nogmaals te bevestigen dat deze landen op langere termijn in de EU-organen en -beleidsmaatregelen opgenomen moeten worden;
   (b) het risico te beperken dat de associatieovereenkomst na afronding van de onderhandelingen afgewezen wordt; hernieuwde inspanningen te leveren om de burgers in Andorra, Monaco en San Marino die zich kwetsbaar voelen, informatie te bieden over de associatieovereenkomst: in totale transparantie en in samenwerking met de overheden van de drie landen aan dit deel van de bevolking het toepassingsgebied, de voordelen en eventuele tekortkomingen van de overeenkomst uit te leggen, met het oog op politieke eenheid en een zo breed mogelijk maatschappelijk draagvlak in elk van de drie staten; Andorra, Monaco en San Marino aan te moedigen hetzelfde te doen, en hen hierbij te ondersteunen;
   (c) rekening te houden met de beperkte territoriale dimensies en administratieve middelen, in relatieve zin, van Andorra, Monaco en San Marino, en in het onderhandelingsproces de vereiste overname en tenuitvoerlegging van het acquis communautaire daaraan aan te passen, teneinde buitensporige druk op hun begrotingen zoveel mogelijk te beperken, omdat dergelijke druk negatief zou uitpakken voor de publieke opinie en de beschikbare begrotingsmiddelen; waar nodig, Andorra, Monaco en San Marino hulp te bieden bij het opbouwen van de administratieve capaciteit om te zorgen voor een snelle, dynamische en uniforme omzetting van het acquis communautaire;
   (d) in elk van de drie landen aan te dringen op de totstandbrenging van een samenhangend, efficiënt en effectief institutioneel kader voor de tenuitvoerlegging van de associatieovereenkomst, teneinde een dynamische omzetting van het acquis communautaire door de drie landen te verzekeren, alsook een uniforme toepassing en consistente interpretatie van de bepalingen van de overeenkomst, die een overlegforum en een regeling voor de beslechting van geschillen moet omvatten;
   (e) Andorra, Monaco en San Marino te wijzen op het belang van de algehele integriteit en homogeniteit van de interne markt en van de eerbiediging van alle fundamentele aspecten van de vier vrijheden van de interne markt; te herinneren aan de verdiensten en economische voordelen van volledige toegang, inclusief de toegang van producten en diensten, tot de interne markt en de noodzaak om in de interne markt te zorgen voor een gelijk speelveld en sterke, schokbestendige en effectieve institutionele fundamenten ten voordele van iedereen;
   (f) te voorzien in voldoende EU-steun voor Andorra, Monaco en San Marino, in verband met hun capaciteit om het acquis communautaire op langere termijn volledig aan te nemen en ten uitvoer te leggen, onder meer door nauwere institutionele samenwerking met de lidstaten in hun onmiddellijke nabijheid; toegang te krijgen tot EU-financiering voor specifieke projecten en de mogelijkheid te krijgen om een beroep te doen op de bestaande administratieve organen in de lidstaten die zich bezighouden met de tenuitvoerlegging van het acquis communautaire;
   (g) de capaciteit voor de adequate aanneming en tenuitvoerlegging van het acquis communautaire uit te breiden door middel van terbeschikkingstelling van functionarissen van de overheidsdiensten van Andorra, Monaco en San Marino aan relevante EU-instellingen en -organen en instellingen van de lidstaten;
   (h) aangezien de vrijheid van vestiging die in de associatieovereenkomst beoogd wordt, verzoend moet worden met de nationale bepalingen in Andorra, Monaco en San Marino inzake het behoud van de sociaal-economische inclusie van hun burgers, te overwegen om tijdelijke afwijkingen toe te staan op grond van een beoordeling van de reële behoeften van de drie landen en op basis van herzieningsclausules, aan de hand van specifieke sociaal-economische criteria voor elk van deze landen en aangepast aan het tijdskader dat nodig is om, in elk land, geleidelijk te zorgen voor een werkelijk gelijk speelveld en een adequaat vermogen tot mededinging voor werknemers en bedrijven; in acht te nemen dat de omvang van deze landen zodanig gering is dat de impact van tijdelijke afwijkingen op het acquis communautaire verwaarloosbaar is;
   (i) de associatieovereenkomst ten baat te nemen om verdere samenwerking met Andorra, Monaco en San Marino in het kader van Richtlijn (EU) 2015/849 van 20 mei 2015 inzake de voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld of terrorismefinanciering(1) te stimuleren;
   (j) de vereisten om in het kader van de associatieovereenkomst statistische gegevens te verstrekken aan te passen aan de omvang van Andorra, Monaco en San Marino;
   (k) na te gaan of het haalbaar en opportuun is om, gelijktijdig met de onderhandelingen over de associatieovereenkomst, de toegang tot Eurosysteemliquiditeiten te verzekeren voor Andorra en San Marino, teneinde de veerkracht en stabiliteit van hun respectieve nationale bankstelsels in het geval van een interne of externe systeemschok te bevorderen en daarbij te zorgen voor passend toezicht door de Europese Centrale Bank; Andorra en Monaco aan te moedigen lid te worden van het Internationaal Monetair Fonds en hun daartoe zo nodig technische bijstand te verlenen; Andorra, Monaco en San Marino aan te moedigen om goede inspanningen te blijven leveren met het oog op de convergentie met de EU op het gebied van financiële regelgeving, fiscale governance en de strijd tegen witwassen;
   (l) voortgang te maken bij de onderhandelingen over de associatieovereenkomst met Andorra, Monaco en San Marino en tijdig de nodige institutionele en beleidsspecifieke steun te verstrekken aan de onderhandelende partijen, met inbegrip van beoordelingen en expertise van de bevoegde directoraten-generaal van de Commissie, zodat de onderhandelingen zo snel mogelijk en in elk geval binnen de komende twee jaar kunnen worden afgerond;
   (m) vóór het einde van de huidige zittingsperiode een gezamenlijke politieke verklaring met Andorra, Monaco en San Marino af te leggen in het kader van de associatieovereenkomst, om de vorderingen bij de onderhandelingen in kaart te brengen en te behouden, zodat de nieuwe Commissie en de Europese Dienst voor extern optreden de balans kunnen opmaken, kunnen voortbouwen op wat al overeengekomen is, en de onderhandelingen kunnen voortzetten;
   (n) de onderhandelingen over de associatieovereenkomst te beschouwen als een gelegenheid om maatregelen te treffen voor gezamenlijke investeringen in infrastructuur van gemeenschappelijk belang, alsmede maatregelen die erop gericht zijn het gezamenlijke academische onderzoek van Andorra, Monaco, San Marino en de EU-lidstaten te bevorderen;

2.  is van mening dat de volgende zittingsperiode van het Europees Parlement aangegrepen kan worden om een nieuwe interparlementaire delegatie op te richten die gewijd is aan de interparlementaire dialoog en samenwerking met Andorra, Monaco en San Marino; is voorts van mening dat het Parlement een nauwe samenwerking tot stand moet brengen tussen zijn diensten en de betrokken diensten van de parlementen van Andorra, Monaco en San Marino, en regelmatig jonge politieke, zakelijke en maatschappelijke leiders uit deze drie landen moet uitnodigen om het positieve verhaal van hechtere politieke, economische en beleidscontacten met de EU in het kader van de onderhandelingen over de associatieovereenkomst te versterken; is van mening dat het Parlement periodieke gedachtewisselingen met de nationale parlementaire delegaties van Andorra, Monaco en San Marino gedurende de onderhandelingen moet bevorderen; is van mening dat er gedachtewisselingen tussen het Europees Parlement en de nationale parlementaire delegaties van Andorra, Monaco en San Marino moeten plaatsvinden over onderwerpen die worden behandeld door het Europees Parlement, en die directe gevolgen kunnen hebben voor de economieën van deze landen, hun relatie met de EU, en de effectiviteit van de associatieovereenkomst;

3.  verzoekt zijn Voorzitter deze aanbeveling te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de co-prinsen, regering en Algemene Raad van Andorra, de prins, premier en Nationale Raad van Monaco, en de kapitein-regenten, regering en Opper- en Algemene Raad van San Marino.

(1) PB L 141 van 5.6.2015, blz. 73.

Laatst bijgewerkt op: 14 maart 2019Juridische mededeling