Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2019/0901(NLE)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0148/2019

Ingediende teksten :

A8-0148/2019

Debatten :

Stemmingen :

PV 14/03/2019 - 11.10
CRE 14/03/2019 - 11.10

Aangenomen teksten :

P8_TA(2019)0212

Aangenomen teksten
PDF 126kWORD 48k
Donderdag 14 maart 2019 - Straatsburg Voorlopige uitgave
Benoeming van Sebastiano Laviola als nieuw lid van de Gemeenschappelijke Afwikkelingsraad
P8_TA-PROV(2019)0212A8-0148/2019

Besluit van het Europees Parlement van 14 maart 2019 over het voorstel van de Commissie tot de benoeming van een lid van de gemeenschappelijke afwikkelingsraad (N8-0021/2019 – C8-0042/2019 – 2019/0901(NLE))

(Goedkeuring)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie van 30 januari 2019 om de heer Sebastiano Laviola te benoemen als lid van de gemeenschappelijke afwikkelingsraad (N8-0021/2019),

–  gezien artikel 56, lid 6, van Verordening (EU) nr. 806/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 15 juli 2014 tot vaststelling van eenvormige regels en een eenvormige procedure voor de afwikkeling van kredietinstellingen en bepaalde beleggingsondernemingen in het kader van een gemeenschappelijk afwikkelingsmechanisme en een gemeenschappelijk afwikkelingsfonds en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 1093/2010(1),

–  gezien artikel 122 bis van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie economische en monetaire zaken (A8‑0028/2019),

A.  overwegende dat in artikel 56, lid 4, van Verordening (EU) nr. 806/2014 wordt bepaald dat de leden van de gemeenschappelijke afwikkelingsraad ("de afwikkelingsraad"), naar wie wordt verwezen in artikel 43, lid 1, onder b), van die verordening, worden benoemd op basis van verdienste, vaardigheden, kennis van bancaire en financiële aangelegenheden en ervaring die relevant is op het gebied van financieel toezicht en financiële regelgeving alsook bankafwikkeling;

B.  overwegende dat, ondanks de verplichtingen die zijn opgenomen in artikel 56, lid 4, van Verordening (EU) 806/2014 en in weerwil van het herhaaldelijk aandringen van het Parlement om bij de presentatie van een lijst van kandidaten op genderevenwicht te letten, het Parlement betreurt dat alle kandidaten mannen waren; overwegende dat het Parlement betreurt dat vrouwen in leidinggevende posities op het gebied van bancaire en financiële diensten nog steeds ondervertegenwoordigd zijn en overwegende dat het Parlement eist dat hier bij de volgende benoeming rekening mee wordt gehouden; overwegende dat alle Europese en nationale instellingen en organen concrete maatregelen moeten nemen om voor genderevenwicht te zorgen;

C.  overwegende dat de Commissie op 7 december 2018 overeenkomstig artikel 56, lid 6, van Verordening (EU) nr. 806/2014 een eerste lijst heeft vastgesteld van kandidaten voor de functie van lid van de afwikkelingsraad, waarnaar wordt verwezen in artikel 43, lid 1, onder b), van die verordening;

D.  overwegende dat overeenkomstig artikel 56, lid 6, van Verordening (EU) nr. 806/2014 de eerste lijst is toegezonden aan het Parlement;

E.  overwegende dat de Commissie op 30 januari 2019 een voorstel heeft goedgekeurd om de heer Sebastiano Laviola te benoemen als lid van de raad en als directeur Ontwikkeling en coördinatie van het afwikkelingsbeleid in de gemeenschappelijke afwikkelingsraad en dat voorstel heeft toegezonden aan het Parlement;

F.  overwegende dat de Commissie economische en monetaire zaken van het Parlement de kwalificaties van de voor de functie van lid van de gemeenschappelijke afwikkelingsraad voorgedragen kandidaat heeft onderzocht, met name met het oog op de vereisten in artikel 56, lid 4, van Verordening (EU) nr. 806/2014;

G.  overwegende dat de commissie de heer Sebastiano Laviola op 26 februari 2019 heeft gehoord, waarbij hij een openingsverklaring heeft afgelegd en vervolgens heeft geantwoord op vragen van commissieleden;

1.  hecht zijn goedkeuring aan het voorstel van de Commissie om de heer Sebastiano Laviola te benoemen als lid van de gemeenschappelijke afwikkelingsraad voor een termijn van vijf jaar;

2.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de Europese Raad, de Raad, de Commissie en de regeringen van de lidstaten.

(1) PB L 225 van 30.7.2014, blz. 1.

Laatst bijgewerkt op: 15 maart 2019Juridische mededeling